Bijlage 2 Toelichting.pdf
Tekst van het document
Toelichting “Buitengebied Oude IJsselstreek, locatie Hiddinkdijk 27A, Heelweg”
Herziening Buitengebied Oude IJsselstreek, locatie Hiddinkdijk 27A, Heelweg NL.IMRO.1509.BP000183VA01
INHOUDSOPGAVE 1 Inleiding .................................................................................................................................... 3 1.1 Aanleiding .................................................................................................................. 3 1.2 Planlocatie .................................................................................................................. 5 1.3 Geldende planologische regeling ................................................................................. 7 1.4 Leeswijzer ................................................................................................................... 8 2 Het plan .................................................................................................................................... 9 2.1 Historie....................................................................................................................... 9 2.2 Huidige situatie planlocatie ......................................................................................... 9 2.3 Toekomstige situatie planlocatie ............................................................................... 12 3 Beleid ......................................................................................................................................
14 3.1 Rijksbeleid ................................................................................................................ 14 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening .............................................. 15 3.1.3 Ladder duurzame verstedelijking ................................................................ 15 3.2 Provinciaal beleid...................................................................................................... 15 3.2.1 Omgevingsvisie Gaaf Gelderland ................................................................. 15 3.2.2 Omgevingsverordening Gelderland ............................................................. 16 3.3 Regionaal beleid ....................................................................................................... 16 3.3.1 Regionale Structuurvisie Achterhoek 2012 .................................................. 16 3.3.2 Regionale woonagenda Achterhoek 2015-2025 ........................................... 17 3.3.3 Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek .............. 17 3.4 Gemeentelijk beleid .................................................................................................. 19 3.4.1. Toekomstvisie Oude IJsselstreek ................................................................
19 3.4.2 Structuurvisie Oude IJsselstreek 2025 ......................................................... 19 3.4.3. Woonvisie gemeente Oude IJsselstreek ..................................................... 20 3.4.4 Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek ............................. 20 3.4.5 Visie op landschap, natuur en groene kernen .............................................. 21 4 Omgevingsaspecten ................................................................................................................. 22 4.1 Bodem ...................................................................................................................... 22 4.2 Archeologie en cultuurhistorie .................................................................................. 22 4.3 Erfopzet en landschappelijke inpassing ...................................................................... 24
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
1
4.4 Flora en Fauna .......................................................................................................... 24 4.4.1 Gebiedsbescherming Natura2000 ............................................................... 24 4.4.2 Gebiedsbescherming Gelders Natuurnetwerk ............................................. 25 4.4.1 Soortenbescherming .................................................................................. 25 4.5 Geluid ....................................................................................................................... 26 4.6 Luchtkwaliteit ........................................................................................................... 26 4.7 Bedrijven- en milieuzonering ..................................................................................... 27 4.8 Externe veiligheid ..................................................................................................... 29 4.9 Water ....................................................................................................................... 31 4.10 Verkeer en parkeren ............................................................................................... 32 4.11 Kabels en leidingen .................................................................................................
32 4.12 Milieueffectrapportage ........................................................................................... 33 5 Juridische planbeschrijving ...................................................................................................... 34 5.1 Algemeen ................................................................................................................. 34 5.2 Inleidende regels ...................................................................................................... 34 5.3 Bestemmingsregels ................................................................................................... 34 5.3.1 Opbouw bestemmingen ............................................................................. 34 5.3.2 Bestemmingen ........................................................................................... 35 5.4 Algemene regels ....................................................................................................... 35 5.5 Overgangs- en slotregels ........................................................................................... 36 6 uitvoerbaarheid ....................................................................................................................... 37 6.1. Economische uitvoerbaarheid ..................................................................................
37 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid ............................................................................ 37 7 Procedure................................................................................................................................ 38 7.1 Algemeen ................................................................................................................. 38 7.2 Overleg ..................................................................................................................... 38 7.3 Ontwerpbestemmingsplan ........................................................................................ 38 7.4 Vastgesteld bestemmingsplan ................................................................................... 38 Bijlagen ...................................................................................................................................... 39 1. 2. 3. 4. 5.
Verkennend bodem – en asbestonderzoek Quickscan Flora en Fauna Notitie uitgangspunten en randvoorwaarden 2020 Stikstofparagraaf Advies geluid
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
2
1 INLEIDING 1.1 Aanleiding Er zijn plannen om de bestaande locatie aan de Hiddinkdijk 27a te Heelweg te herontwikkelen. Het plan betreft een voormalig agrarisch bedrijf waar in het verleden vleeskuikens zijn gehouden. De agrarische bedrijfsvoering is al gestaakt.
Figuur 1 situatie perceel met kadastrale grens (bron: kadastralekaart.com)
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
3
Figuur 2 ver aanzicht planlocatie
Bij de laatste algehele herziening van het bestemmingsplan “Buitengebied Oude IJsselstreek 2017’ is het perceel al gewijzigd naar de bestemming ‘Wonen’, echter staan de voormalige pluimveestallen er nog wel. In het verleden is er een nieuwe woning gebouwd ter vervanging van de oude bedrijfswoning. De oude bedrijfswoning staat er nog maar is destijds buiten gebruik gesteld. De wens is om deze oude bedrijfswoning met deze wijziging van het bestemmingsplan weer te bestemmen tot woning. De 2 voormalige stallen zullen worden gesloopt. Het gaat hierbij om circa 1670m2. De wens is om hiervoor één nieuwe woning terug te bouwen en de voormalige bedrijfswoning te legaliseren. In totaal zullen er uiteindelijk drie woningen met ieder een eigen bijgebouw van maximaal 150m2 op het perceel aanwezig zijn.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
4
Figuur 3 te slopen stallen
Op 23 december 2020 is er door het Gelders Genootschap een rapport opgemaakt waarin de uitgangspunten en randvoorwaarden vermeld staan. Deze is samen met initiatiefnemer en de gemeente tot stand gekomen en dient als basis voor de welstandadvisering en vergunningverlening. De locatie grenst aan het buurtperceel Hiddinkdijk 27, welke ook is bestemd voor wonen, maar valt echter buiten dit plangebied.
1.2 Planlocatie De planlocatie Hiddink 27a te Heelweg is gelegen buiten de bebouwde kom in het buitengebied van gemeente Oude IJsselstreek. De Hiddinkdijk 27a is gelegen op circa 500 meter vanaf de kern Heelweg-Oost, circa 1 km vanaf HeelwegWest en circa 2 km vanaf Varsseveld.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
5
Heelweg-West
Heelweg-Oost
Varsseveld
Figuur 4 luchtfoto met ligging t.o.v. woonkernen Heelweg-West, Heelweg-Oost en Varsseveld (bron: ruimtelijkeplannen)
Het terrein van de planlocatie is kadastraal bekend als Varsseveld, sectie H, nummers 3512, 3279, 3280 en 3672. In figuur 5 is de planlocatie weergegeven met haar ligging t.o.v. haar directe omgeving.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
6
Figuur 5 ligging t.o.v. directe omgeving (bron: ruimtelijkeplannen)
1.3 Geldende planologische regeling De planlocatie ligt binnen het bestemmingsplan “Buitengebied Oude IJsselstreek 2017” (onherroepelijk vastgesteld op 28 juni 2018) en heeft enkelbestemming “Wonen” en aan de noordzijde van het plangebied deels de enkelbestemming “Agrarisch met waarden” met daarbij de gebiedsaanduidingen ‘overige zone – houtwal’, ‘overige zone – reliëf’ en ‘overige zone- zandwegen’. Ter plekke van deze enkelbestemming “Wonen” aan de Hiddinkdijk 27a is een bouwvlak van ca 3720 m2 opgenomen.
Wonen
Agrarisch met waarden
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
7
Figuur 6 uitsnede bestemmingsplankaart "Buitengebied Oude IJsselstreek 2017" (bron: ruimtelijkeplannen)
Geconcludeerd moet worden dat de realisatie van 2 nieuwe woningen (nieuwbouw en in gebruik name oude bedrijfswoning) niet past binnen de kaders van het vigerende bestemmingsplan Buitengebied Oude IJsselstreek 2017. Om tot realisatie te komen dient het bestemmingsplan te worden herzien. Voorwaarde is onder meer dat het plan niet in strijd is met een ‘goede ruimtelijke ordening’. In deze Toelichting op het bestemmingsplan wordt aangetoond dat hieraan wordt voldaan.
1.4 Leeswijzer In dit hoofdstuk is een eerste algemene indruk van de planlocatie geschetst en is de aanleiding voor het bestemmingsplan beschreven. In hoofdstuk 2 van deze toelichting wordt de huidige en toekomstige situatie van de planlocatie beschreven. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 de haalbaarheid voor wat betreft beleid behandeld. In hoofdstuk 4 worden de relevante omgevingsaspecten nader toegelicht. Hoofdstuk 5 handelt over de juridische planbeschrijving en hoofdstuk 6 gaat in op de uitvoerbaarheid van het plan. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de te volgen procedure van het plan. Daarachter zijn de bijlagen bij de toelichting opgenomen.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
8
2 HET PLAN 2.1 Historie Op historische kaarten is te zien dat de eerste bebouwing al voor het jaar 1900 aanwezig was. De voormalige bedrijfswoning dateert uit 1920.
Figuur 7 kaart van 1900 (bron:topotijdreis.nl)
De pluimveestallen dateren van het bouwjaar 1959 en 1962. In 2012 is er een nieuwe woning op het perceel bijgebouwd.
Figuur 8 situatie in 2011 en 2012 na de bouw van de woning (bron: topotijdreis.nl)
2.2 Huidige situatie planlocatie De planlocatie is gelegen in het buitengebied van gemeente Oude IJsselstreek, op geruime afstand van kernen Heelweg-Oost, Heelweg-West en Varsseveld (respectievelijk circa 500 meter, 1 km en 2 km).
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
9
Figuur 9 ligging t.o.v. omliggende kernen (bron: ruimtelijkeplannen)
De locatie ligt direct aangrenzend aan de Hiddinkdijk 27 en 27b (gesplitste woning). De omliggende percelen betreffen voornamelijk woonpercelen en agrarische percelen.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
10
Agrarisch
Wonen
Figuur 10 bestaand plangebied t.o.v. omliggende functies (bron: ruimtelijkeplannen)
Op het perceel staat momenteel een woning met het bouwjaar 2012 (A), de voormalige bedrijfswoning en schuur (B) en een tweetal stallen met het bouwjaar 1962 (C). De overige bebouwing (X) valt buiten het plangebied.
Figuur 11 weergave bestaande bebouwing (bron: bagviewer)
C
C A X B X
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
X
11
2.3 Toekomstige situatie planlocatie Het is de wens van initiatiefnemers om op de planlocatie Hiddinkdijk 27a te Heelweg een drietal woningen (2 bestaand, 1 nieuwbouw) te realiseren elk met een eigen bijgebouw van maximaal 150m2. In onderstaande illustratie een schetsimpressie van de toekomstige situatie.
Figuur 12 opzet nieuwe erf met 2 bestaande woningen en 1 nieuwbouw woning en 3 bijgebouwen
De woonbestemming wordt in beperkte mate aangepast. Aan de noordwestzijde vervalt een deel van de woonbestemming en deze krijgt de bestemming ‘Agrarisch met waarden’. De toegangsweg valt in de nieuwe situatie in de bestemming ‘Wonen’. De ontsluiting vindt plaats via een gezamenlijke toegang welke aansluit op de Hiddinkdijk. De bestaande aansluiting op de Hiddinkdijk blijft gehandhaafd. De toegangsweg op eigen terrein wijzigt wel en zal worden verwijdert op de huidige locatie. Waar deze in de bestaande situatie tussen de bestaande woningen doorliep zal deze nu om de woningen heen komen te liggen en aansluiten op een gemeenschappelijk erf. De nieuwe en bestaande woningen zijn daardoor bereikbaar via dit gemeenschappelijk erf. Alle woningen krijgen een eigen bijgebouw. Op de verbeelding is binnen de woonbestemming een bouwvlak opgenomen waar de woningen mogen worden gerealiseerd. Dit geldt ook voor de bijgebouwen welke binnen de woonbestemming in een daartoe aangewezen bouwvlak voor bijgebouwen mogen worden gerealiseerd. Tevens krijgen de bijgebouwen de bouwaanduiding ‘bijgebouwen’. Deze in figuur 12 weergegeven invulling van de Hiddinkdijk 27a is tot stand gekomen na overleg met gemeente en de welstandcommissie.
Het volledige advies van het Gelders Genootschap is bijgevoegd als bijlage 3 (Notitie uitgangspunten en randvoorwaarden 2020 door Gelders Genootschap, datum 23 december 2020).
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
12
De sloop van de stallen en de landschappelijke inpassing zijn als een voorwaardelijke verplichting in de regels van het bestemmingsplan opgenomen.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
13
3 BELEID 3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI)Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld als structuurvisie. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft de landelijke overheid richting aan de grote opgaven, zoals het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. De NOVI schetst een duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving in Nederland in 2050: • Een klimaatbestendige delta, waarbij Nederland beschermd is tegen de negatieve gevolgen van klimaatverandering, waterveiligheid (ook voor de laaggelegen gebieden in het westen) gegarandeerd is en voldoende zoetwater beschikbaar is van goede kwaliteit; • Duurzaam, concurrerend en circulair: een toekomstbestendige en volledig circulaire economie zonder vervuilende manieren van produceren en consumeren, met een uitstekend vestigingsklimaat en een hoge quality of life, met een zo goed mogelijke inpassing van duurzame energie in onze leefomgeving en slimme combinaties van functies zonder de risico's en milieunadelen te vergroten.
Een economie die veel maatschappelijke winst oplevert in termen van banen, innovatie en nieuwe bedrijvigheid en exportmogelijkheden; • Kwaliteit van leven in stad en dorp: met een aantrekkelijke woon- en leefomgeving en een goede verbondenheid van stad en land. De ontwikkelingen zijn gericht op kwaliteit, met gecontroleerde en doordachte groei waar dat nodig is, waardoor diversiteit in wonen, een stedelijk netwerk, prettige woonmilieus, met rust en ruimte maar ook vitale en leefbare regio's ontstaan. • Nabijheid en betrouwbare verbindingen: een uitstekende bereikbaarheid wordt met een goede en betrouwbare infrastructuur gegarandeerd, waarbij wordt ingespeeld op locatiekeuzes voor wonen en werken (nabijheid). De infrastructuur is onderdeel van een mobiliteitssysteem dat een meer divers patroon van mobiliteit veilig, robuust en duurzaam afhandelt. Luchthavens blijven belangrijk voor een sterk internationaal netwerk voor de lange afstanden. De uitdaging is om het vliegverkeer net als het goederenvervoer op een zo veilige, efficiënte en duurzame manier vorm te geven. • Veilig en gezond, herkenbaar en natuurlijk: een veilig en gezond leven voor iedereen staat voorop. De leefomgeving nodigt uit om te bewegen, elkaar te ontmoeten en te ontspannen.
Daarbij horen een goede milieukwaliteit, robuuste natuur, klimaatbestendigheid en voor iedereen goede toegang tot wonen, werken en voorzieningen. Het realiseren van een fysieke leefomgeving die dit toekomstperspectief mogelijk maakt, is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle overheden. In de NOVI benoemt het Rijk 21 nationale belangen voor het omgevingsbeleid, inclusief de opgaven en de rol van het Rijk in het realiseren van deze opgaven. Deze opgaven komen samen in vier prioriteiten. Deze prioriteiten vormen complexe, omvangrijke en dringende opgaven die voortkomen uit of samenhangen met grote transities. Deze prioriteiten zijn: 1. Naar een ruimte voor klimaat adaptatie en energietransitie; 2. Naar een duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Naar sterke en gezonde steden en regio's; 4. Naar een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied;
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
14
Deze vier opgaven kunnen alleen in samenhang verder worden gebracht wanneer aandacht is voor thema's die hier dwars doorheen lopen, zoals omgevingskwaliteit, gezondheid, cultuurhistorie, klimaatadaptatie, water, bodem, (nationale) veiligheid en milieukwaliteit. Planspecifiek De NOVI gaat niet concreet in op kleinschalige lokale ontwikkelingen zoals de beoogde woningbouw op de Heelweg. In het NOVI zijn geen belemmeringen benoemd ten aanzien van de planontwikkeling. In algemene zin draagt het project bij aan de kwaliteit van het leven in stad en land, doordat gericht wordt op een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) geeft richtlijnen voor de inhoud van een bestemmingsplan voor zover het gaat om ruimtelijke ontwikkelingen van nationaal belang. De gebieden van nationaal belang zijn in het Barro op kaarten aangegeven. Planspecifiek De planlocatie ligt niet een gebied van nationaal belang. 3.1.3 Ladder duurzame verstedelijking In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (oktober 2012) is “de ladder voor duurzame verstedelijking” geïntroduceerd. De Ladder voor duurzame verstedelijking (ladder) is toegevoegd aan artikel 3.1.6 Besluit ruimtelijke ordening en is een instrument voor efficiënt ruimtegebruik.
Het bevoegd gezag moet voldoen aan een motivatievereiste als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Op 1 juli 2017 is de gewijzigde ladder in werking getreden. Met betrekking tot woningbouw is sprake van een ladder-plichtige stedelijke ontwikkeling vanaf 12 woningen. Planspecifiek In het onderhavige plan is geen sprake van de ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Omdat er binnen dit plan slechts sprake is van 1 nieuwe woningen en de legalisatie van de voormalige bedrijfswoning wordt zonder meer voldaan aan de het criterium efficiënt ruimtegebruik. Deze invulling kan niet worden gezien als een stedelijke ontwikkeling.
3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Op 19 december 2018 is de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland vastgesteld De omgevingsvisie richt zich formeel op de komende tien jaar, maar wil ook een doorkijk bieden aan Gelderland voor een langere termijn. Veel maatschappelijke vraagstukken zijn zo complex dat alleen een gezamenlijke inzet succesvol kan zijn. In de omgevingsvisie zijn de opgaven voor Gelderland daarom in een nauwe samenwerking met partners uitgedacht. Daarbij kijken de provincies en partners vanuit een integraal en internationaal perspectief naar Gelderland. Met deze bestuurlijke strategie kunnen voor Gelderland toekomstbestendige keuzes gemaakt worden. Met betrekking tot woningbouw spreekt provincie Gelderland in haar omgevingsvisie de volgende ambities uit:
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
15
•
• •
Gelderland heeft een aanbod aan woningtypen en woonmilieus passend bij de diversiteit aan woningvraag; voor ieder een passende, duurzame woning. We benutten de bestaande bebouwde omgeving optimaal met voldoende ruimte voor klimaatadaptieve maatregelen. Alle nieuwbouw wordt aardgasloos aangelegd en zoveel mogelijk circulair gebouwd. In 2035 zijn alle (bestaande) wijken van het aardgas. Woningen in Gelderland zijn in 2050 klimaatneutraal.
De provincie beschrijft haar aanpakt in de omgevingsvisie als volgt: • We gaan in gesprek met de Gelderse regio’s en maken regionale afspraken over een goede balans tussen de vraag en het aanbod van woningen. We hebben specifieke aandacht voor de gemeentegrens overstijgende woonvraagstukken. • We stimuleren innovaties in woonwijken op het vlak van duurzaamheid en het omvormen van bestaande gebouwen tot woonruimte.
Planspecifiek Het initiatief om een nieuwe woning te creëren, en een bestaande voormalige bedrijfswoning te legaliseren sluit aan bij de doelstellingen om voldoende passend en duurzaam woningaanbod in de provincie te garanderen dat aansluit bij de wensen van de inwoners. 3.2.2 Omgevingsverordening Gelderland De Omgevingsverordening vormt de juridische doorwerking in regels van het beleid uit de Omgevingsvisie. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Planspecifiek In de verordening wordt aangegeven dat nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen slechts zijn toegestaan wanneer dit past in het vigerende door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda.
Voor meer informatie over deze regionale woonagenda en de gemeentelijke uitwerking zie de volgende paragrafen. Hierin wordt onderbouwd dat de ontwikkeling binnen de betreffende kaders past.
3.3 Regionaal beleid 3.3.1 Regionale Structuurvisie Achterhoek 2012 De regionale structuurvisie is een actualisatie van de regionale structuurvisie uit 2004. Er is gekozen voor een actualisatie, omdat er zich een aantal relevante en ingrijpende economische en maatschappelijke ontwikkelingen hebben voorgedaan, zoals: 6. energietransitie en het inspelen op de gevolgen van de klimaatveranderingen; 7. bevolkingsverandering, krimp, vergrijzing en ontgroening en 8. de veranderingen in de landbouw en het landelijk gebied.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
16
De visie gaat ervan uit dat deze ontwikkelingen gevolgen kunnen hebben voor de manier waarop er nu gewoond, geleefd en gewerkt wordt in de regio Achterhoek. Ze hebben invloed op de wijze waarop geld verdiend wordt in de regio. Wijzigingen hierin kunnen ruimtelijke consequenties hebben. De geactualiseerde visie wil richting geven aan het regionaal ruimtelijk beleid om de transitieopgaven op juiste wijze te kunnen faciliteren. Dit door belangrijke ruimtelijke thema's te agenderen en hierop afstemming tussen gemeenten te zoeken. Het doel hiervan is om ook in de toekomst te kunnen spreken van een vitale, regionale economie en een zeer prettige omgeving om in te wonen en te recreëren. De visie gaat uit van waardeontwikkeling door het toevoegen van kwaliteit als motor achter ruimtelijke ontwikkelingen. Flexibiliteit is nodig om het kwalitatieve aanbod en vraag goed op elkaar af te kunnen stemmen. De ruimtelijke visie richt zich niet op een ruimtelijk eindbeeld, maar streeft juist flexibiliteit na. Het leidende principe is een omslag 'van sturen naar begeleiden'. Dit om kansen te pakken en tegelijkertijd te werken aan behoud en versterking van ruimtelijke kwaliteit. Met de visie wordt regionale afstemming beoogd in de keuzes in de ruimtelijke ontwikkeling op lokaal niveau. Dit door het benoemen van ruimtelijke speerpunten.
Als regionale speerpunten worden genoemd: bevolkingsdaling, transitie van het platteland en duurzaamheid/energietransitie. Feit is dat er in de Achterhoek geen sprake meer is van bevolkingsdaling, maar juist van groei. Vooral hierom is er behoefte aan extra woningen. Door een transformatie van een voormalig agrarisch erf wordt ruimtelijke kwaliteit toegevoegd doordat de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing wordt gesloopt en het nieuwe erf landschappelijk wordt ingepast. Dit is nader beschreven in het beleidsdocument Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek (zie hierna).
3.3.2 Regionale woonagenda Achterhoek 2015-2025 De regionale woonagenda 2015-2025 is begin 2015 tot stand is gekomen in samenspraak tussen beleidsmedewerkers, bestuurders, burgers, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Na vaststelling door de zeven gemeenteraden, alsmede door de besturen van de woningcorporaties en GS van de provincie, vormt dit document het kader voor de uitvoering en dient het tevens als uitgangspunt voor de vraag aan de samenleving om ideeën en plannen. Samen met organisaties, ondernemers en bewonersorganisaties willen gemeenten, woningcorporaties en provincie in partnerschap aan de slag met het realiseren van de ambities, doelen en kansen uit deze agenda. Ten aanzien van wonen wordt in de Regionale woonagenda Achterhoek 2015-2025 vooral ingezet op minder nieuwe woningen. Dit in verband met de krimp. Feit is dat er in de achterhoek geen sprake meer is van krimp, maar juist van groei. Er is dus behoefte aan extra woningen. Dit is nader beschreven in het beleidsdocument Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek (zie hierna).
3.3.3 Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek De Thematafel Wonen en Vastgoed van de regio Achterhoek heeft op 20 juni 2019 een regionaal kader afgestemd en omarmd over de toe te voegen woningbouw in de Achterhoek. Het beleidsdocument “Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek” beschrijft dit regionale kader en is vastgesteld op 26 september 2019 door de gemeenteraad. Naast het regionale kader beschrijft het beleidsdocument de te hanteren werkwijze en het monitoren van nieuwe woningbouwinitiatieven. Het
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
17
vervangt een deel van hoofdstuk 5 van de Regionale Woonagenda Achterhoek 2015-2025 die in 2015 is vastgesteld. Aanleiding van de ‘Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek’ is het Achterhoeks Woonwensen- en Leefbaarheidsonderzoek 2017 (AWLO), dat laat zien dat er kwalitatieve tekorten en overschotten zijn tussen vraag en aanbod van woningen (mismatch) in de regio Achterhoek. De groei van het aantal huishoudens in de regio houdt langer aan dan eerder voorzien en dat betekent dat er extra woningen moeten komen boven op het aantal dat in afspraken is vastgelegd in de Regionale Woonagenda Achterhoek 2015-2025. De ‘Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek’ geeft ruimte aan de bouw van extra woningen, maar met prioriteit voor woningen waar behoefte aan is en waarvan een duidelijk tekort in de markt te zien valt. De behoefte bestaat voornamelijk uit woningen voor starters en senioren. Drie kwaliteitscriteria worden benoemd waar woningbouwinitiatieven aan moeten voldoen: 1. Behoefte is aangetoond: Per cluster/kern wordt bepaald welke woningtypes en prijssegmenten nodig zijn. 2. Voorrang voor transformatie van leegstand vastgoed: Bouwen op locaties met leegstaand vastgoed gaat voor bouwen op andere locaties binnen de bebouwde kom. In het buitengebied kan het gaan om vrijkomende agrarische bebouwing. 3.
Inbreiding gaat voor uitbreiding: Op uitleglocaties wordt in principe niet gebouwd. De Ladder voor Duurzame Verstedelijking wordt hier gevolgd. Verder is in het beleidsdocument een 4e (niet kwalitatief) criterium opgenomen, namelijk de realisatietermijn van goedgekeurde plannen om zo actiever te sturen op veranderende marktomstandigheden. Daarnaast wordt het effect van dit beleid in beeld gebracht met een monitor die zowel de kwalitatieve als kwantitatieve effecten laat zien.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
18
3.4 Gemeentelijk beleid 3.4.1. Toekomstvisie Oude IJsselstreek De gemeente Oude IJsselstreek heeft zichzelf zeven opgaven gesteld waarmee ze een antwoord kan bieden op maatschappelijke uitdagingen en waarmee de gemeente en de gemeenschap verder kunnen groeien. Een van die zeven opgaven betreft goed wonen. Het Achterhoeks Woonwensen- en Leefbaarheidsonderzoek (2017) geeft een helder advies over de bouwopgave: blijf bouwen voor starters en creëer geschikt aanbod waar (actieve) senioren naar kunnen doorstromen. Dit wordt verder versterkt door de herontdekking van het platteland door mensen uit het westen, positieve migratiestroom en de banengroei. De kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek stellen voorwaarden aan nieuwe initiatieven voor woningbouw. De lokale kwaliteitscriteria is hier aan toegevoegd. Hiermee wordt ruimte gegeven aan woningbouwinitiatieven. Planspecifiek Het plan voldoet aan de visie die de gemeente Oude IJsselstreek stelt ten aanzien van goed wonen. 3.4.2 Structuurvisie Oude IJsselstreek 2025 De gemeenteraad van Oude IJsselstreek heeft op 12 mei 2011 de Structuurvisie Oude IJsselstreek 2025 vastgesteld. De Structuurvisie geeft richting aan het ruimtelijke, economische en maatschappelijke beleid van de gemeente en laat in grote lijnen zien hoe de gemeente Oude IJsselstreek zich tot het jaar 2025 zal gaan ontwikkelen.
De gemeente Oude IJsselstreek wil zich graag verder ontwikkelen als een dynamische gemeente. Deze boodschap blijft voor de komende jaren een belangrijk uitgangspunt voor het gemeentelijke woonbeleid. Naast het motto “de juiste woning op de juiste plaats”, spelen onder andere kwaliteit van de leefomgeving en leefbaarheid hierbij een belangrijke rol. In deze structuurvisie is voor de Heelweg onder meer het volgende opgenomen: Heelweg heeft circa 1.030 inwoners en ligt ten noorden van Varsseveld. Heelweg is opgedeeld in een oostelijk en een westelijk deel. Ten aanzien van de historie kan worden vermeld, dat Heelweg al in een oorkonde uit het jaar 828 wordt genoemd. In vergelijking met de overige kleine kernen in de gemeente is in Heelweg minder duidelijk kernvorming opgetreden. Heelweg Oost kenmerkt zich door woningen verspreid in het landschap. Heelweg West ligt als lint van bebouwing langs de weg. Het dorp wordt gekenmerkt door een duidelijke landschappelijke opbouw met een zeer eigen karakter. Er staan veel bomen in en om het dorp. De bebouwing bestaat uit verschillende typen vrijstaande woningen met grote tuinen. Heelweg kent een basisschool, en enkele bedrijven. De kern is vooral bekend om uitgaanscentrum De Radstake. Verder bevat Heelweg geen voorzieningen.
In Heelweg worden enkele belangrijke evenementen georganiseerd, zoals de oktoberfeesten, motorcross en het Hippisch Festijn. Met betrekking tot “wonen” is in de structuurvisie voor “Oude IJsselstreek 2025” opgenomen: De kleine kernen en de buurtschappen ontwikkelen zich naar eigen behoefte passend bij de aard, maat en schaal van de betreffende kern. Rustig en ruim wonen staat voorop. Sterke inbreiding of grootschalige uitbreidingen zijn niet gewenst. Gestreefd wordt naar het behoud van de karakteristieke dorpse elementen in de bebouwingsstructuur. Daar waar mogelijk worden wegen ingericht conform Duurzaam Veilig. In kleine kernen is de detailhandel nagenoeg verdwenen. De oude winkelpanden worden vooral als
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
19
woning gebruikt. Karakteristieke panden in de oude dorpslinten houden de mogelijkheid voor een detailhandelsfunctie (naast wonen). 3.4.3. Woonvisie gemeente Oude IJsselstreek De Woonvisie 2018 is vastgesteld in de gemeenteraad van 14 december 2017. Met de Woonvisie wordt een lokale uitwerking van de Regionale Woonagenda geformuleerd, waar mogelijk gebruik makend van de nieuwste inzichten uit het in 2017 uitgevoerde AWLO (Achterhoeks Woonwensen en LeefbaarheidsOnderzoek). De belangrijkste onderwerpen van deze Woonvisie zijn: • De sociale huurvoorraad • Woonzorg • Verduurzaming • Woningvoorraad en waarde behoud Planspecifiek In de woonvisie wordt een tekort geconstateerd aan woningen, met name voor starters en senioren. Om aan de toekomstige vraag in de gemeente te voldoen wil de gemeente ruimte bieden aan nieuwe initiatieven. In dit geval betreft het de realisatie van een extra woning en de legalisatie van een bestaande bedrijfswoning in het buitengebied welke aansluit op de belangrijkste onderwerpen in de woonvisie.
3.4.4 Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek De ‘Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek’ is een aanvulling op het beleidsdocument ‘Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek’ voor het toetsen van woningbouwplannen. Het beleidsdocument is door de gemeenteraad vastgesteld op 20 februari 2020 (geactualiseerd in april 2021) en dient als een instrument om te kunnen sturen op gewenste ontwikkelingen op de woningmark. Dit betekent de bouw van de ‘juiste’ woningen, van voldoende kwaliteit, in de juiste hoeveelheden en op de juiste locaties. De woningbehoefte binnen de gemeente bestaat voornamelijk uit levensloopbestendige woningen en betaalbare woningen voor de startersdoelgroep. Vier typen woningbouwplannen zijn te onderscheiden waarvoor de lokale kwaliteitscriteria een kader biedt: • Bouwen op onbenutte inbreidingslocaties ‘van binnen naar buiten’. • Buitengebied: woningsplitsing van bestaande woningen. • Buitengebied: functieverandering en hergebruik vrijkomende agrarische bebouwing (VAB’s). • Buitengebied: landgoederen met verplichte natuurcompensatie. De ruimtelijke kwaliteitswinst bij functieverandering en hergebruik vrijkomende agrarische bebouwing (VAB’s) bestaat uit het slopen van de buiten gebruik geraakte agrarische bedrijfsbebouwing.
Het toestaan van woningbouw in de plaats van de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing vormt een (economische) impuls op deze ‘op te ruimen’. Planspecifiek De planlocatie voldoet aan de kwaliteitscriteria ten aanzien van VAB die worden gesteld in de lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
20
3.4.5 Visie op landschap, natuur en groene kernen Met de Visie op Landschap, Natuur en Groene Kernen geeft de gemeente richting aan de gewenste en noodzakelijke ontwikkeling van de groene (landschaps)structuren in zowel het buitengebied als in de kernen. Het behouden van de bestaande basiskwaliteit aan landschap en groen in de kernen staat daarbij voorop. De visie gaat in op de wijze waarop de kenmerkende landschappen binnen de gemeente voor de toekomst weer verder versterkt kunnen worden, in samenhang met de ontwikkelingen die de komen - de jaren op dit landschap afkomen. Eveneens gaat de visie in op de gewenste vergroening in de kernen en de wijze waarop groen een rol kan spelen in het vergroten van de leefbaarheid. Planspecifiek In de planontwikkeling is rekening gehouden met het behoud en verbetering van het landschap welke zijn verwerkt in het erfinpassingsplan.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
21
4 OMGEVINGSASPECTEN
4.1 Bodem Uit het uitgevoerde bodemonderzoek (zie hiervoor bijlage 1: verkennend bodem – en asbestonderzoek door Montferlandmilieu, datum 02-06-2021, nummer NM21074) kan het volgende worden geconcludeerd: 9. De boringen A01, A02, A09, A10 en A12 zijn in de bovengrond matig baksteenhoudend. Boring A03 is van 0,15 tot 0,50 m -mv volledig baksteenhoudend. In de overige boringen zijn in de bovengrond slechts sporen baksteen waargenomen. 10. De aangetroffen licht verhoogde gehalten in de bovengrond en in het grondwater vormen geen belemmering voor het toekomstige gebruik. 11. In geen van de geanalyseerde parameters in zowel grond als grondwater is de waarde voor nader onderzoek (tussenwaarde) en/of de interventiewaarde overschreden. 12. Uit de onderzoeksresultaten kan geconcludeerd worden dat er op de locatie geen ernstige bodem- of grondwaterverontreinigingen aanwezig zijn. De vastgestelde waarden overschrijden enkel de achtergrond- en/ of streefwaarde, wat duidt op enkel lichte (natuurlijke) verontreiniging. 13. De tevoren gestelde hypothese ‘De gehele onderzoekslocatie kan op basis van het vooronderzoek als niet-verdacht worden beschouwd’ dient formeel gezien te worden verworpen. De verhogingen in de grond en in het grondwater zijn echter gering en kunnen als niet significant beschouwd worden. 14.
Het verkennend asbestonderzoek (druppelzone) zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In de grove fractie van de bodem is geen asbest aangetroffen. In één van de mengmonsters van de fijne fractie is een gehalte van 9,6 mg/kg d.s. aangetoond. Het mengmonster bevindt zich onder het criterium voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s.) en een nader onderzoek is derhalve niet noodzakelijk. 15. De tevoren gestelde hypothese “verdacht” op basis van het vooronderzoek voor de onverharde afwateringszones wordt verworpen. 16. Uit milieukundig oogpunt is er naar onze mening geen bezwaar tegen de voorgenomen bestemmingsplanwijziging en nieuwbouw, aangezien de vastgestelde verontreinigingen geen risico's voor de volksgezondheid opleveren. De bodem wordt geschikt geacht voor het huidige en toekomstige gebruik (wonen met tuin). Concluderend: Ten aanzien van het aspect bodem is er, na sanering, sprake van een goed woon- en leefklimaat. Het aspect bodem vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.
4.2 Archeologie en cultuurhistorie Bescherming van archeologische- en cultuurhistorische waarden is een wettelijke verplichting. De gemeenteraad van Oude IJsselstreek heeft op 5 maart 2015 de archeologische- en cultuurhistorische waardenkaart vastgesteld, alsmede de erfgoedverordening. Voor de projectlocatie geldt een lage archeologische verwachting.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
22
planlocatie Figuur 13 uitsnede kaart archeologische waarden en verwachtingen
De archeologische verwachtingswaarde van de ondergrond van de gemeente Oude IJsselstreek is vastgelegd in de verbeelding en de regels, opgenomen in het vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied Oude IJsselstreek 2017’.
Figuur 14 uitsnede bestemmingsplan 'buitengebied Oude IJsselstreek 2017'(bron: ruimtelijkeplannen.nl)
De planlocatie heeft in het vigerende bestemmingsplan geen nadere aanduiding ten aanzien van archeologie of cultuurhistorie. Daarbij betreft het een ruimtelijk plan van beperkte aard en omvang. Onderzoek naar archeologische waarden is niet noodzakelijk. Mocht tijdens graafwerkzaamheden toch archeologische waarden worden aangetroffen, dan dienen deze conform de erfgoedwet 2016 artikel 5.14 bij de minister gemeld te worden. In de praktijk kan de vinder terecht bij de Regioarcheoloog of de Rijksdienst voor het cultureel erfgoed zodat de vondst geregistreerd wordt in het centraal archeologisch informatiesysteem. Uiteraard wordt bij aantreffen van archeologische waarden ook de gemeente geïnformeerd.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
23
Concluderend: De aspecten archeologie en cultuurhistorie vormen geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.
4.3 Erfopzet en landschappelijke inpassing De nieuwe woning met bijgebouw wordt gerealiseerd op een perceel met een bestaande en voormalige woning. Hierbij wordt m.b.t. de landschappelijke erfinpassing aansluiting gezocht bij landschapselementen welk passend zijn bij het Heide-ontginningslandschap. Het erfinpassingsplan is als bijlage bij de regels van dit bestemmingsplan toegevoegd. Tevens zal het landschapsinrichtingsplan als voorwaardelijke verplichting worden opgenomen.
4.4 Flora en Fauna Met de beoogde ontwikkeling mogen beschermde soorten flora en fauna niet worden gefrustreerd. Een Quickscan Flora en Fauna is als bijlage 2 (Quickscan Flora en Fauna door Natuurbank Overijssel, datum 2904-2021, nummer 3335 versie 1.0) toegevoegd. Tevens moet beoordeeld worden in hoeverre beschermde gebieden (negatief) worden beïnvloed. Het wettelijk kader hieromtrent is de Wet natuurbescherming. 4.4.1 Gebiedsbescherming Natura2000 Natura-2000 gebieden bevinden zich niet op korte afstand van de planlocatie. Het dichtstbijgelegen Natura-2000 gebied is het Korenburgerveen en bevindt zich op een afstand van circa 11,28 kilometer. Gezien de grote afstand, tussenliggende verstorende elementen (zoals wegen en woningen) en de beperkte omvang van het voorgenomen plan aan de Hiddinkdijk 27a te Heelweg, is het uitgesloten dat de beoogde ontwikkeling een negatief effect zal hebben op de natuurwaarden van Natura-2000 gebieden. Dit blijkt ook uit de Handreiking Woningbouw en Aerius, gemaakt door Rijksoverheid en gepubliceerd in januari 2020. Bij een afstand van meer dan 8 kilometer resulteert zelfs de realisatie en de aanwezigheid (gebruik) van 50 woningen nog niet in een depositiebijdrage ter hoogte van het natura-2000 gebied.
Figuur 10: Tabel indicatieve depositie versus de afstand tussen woningen en N-2000 (bron: Handreiking en Aerius)
Stikstof Uit de berekeningen met Aerius-calculator (zie hiervoor bijlage 4 Stikstofparagraaf door Locis Adviseurs, datum 19 mei 2021) blijkt dat er ter hoogte van kwetsbare habitattypen in de Natura-2000, ten gevolge van de stikstofuitstoot binnen dit planproject, geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jaar zijn.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
24
Daarmee staat op voorhand vast dat de activiteiten, nodig voor de aanlegfase en gebruiksfase van het gewenste plan, geen nadelig effecten hebben op de instandhoudingsdoelstellingen van de omliggende beschermde Natura-2000 gebieden. De stikstofdepositie ten gevolge van de activiteiten ter realisatie en gebruik van het plan vormt daarmee geen belemmering. 4.4.2 Gebiedsbescherming Gelders Natuurnetwerk De planlocatie is niet gelegen binnen of nabij de begrenzingen van het Gelders Natuurnetwerk waardoor negatieve effecten hierop zijn uit te sluiten.
Figuur 11 Ligging t.o.v. Gelders Natuurnetwerk (bron: provincie Gelderland)
4.4.1 Soortenbescherming De inrichting en het gevoerde beheer maken het plangebied tot een ongeschikte groeiplaats voor beschermde plantensoorten, en tot een weinig geschikt functioneel leefgebied voor beschermde dieren. Mogelijk benutten sommige algemene en weinig kritische vleermuis-, amfibieën-, vogel- en grondgebonden zoogdiersoorten het plangebied als foerageergebied, en bezetten grondgebonden zoogdiersoorten er een vaste rust- en voortplantingsplaats, nestelen er vogels en bezetten amfibieën er een vaste (winter)rustplaats. Vleermuizen bezetten geen verblijfplaats in het plangebied. Van de in het plangebied nestelende vogelsoorten, is uitsluitend het bezette nest beschermd, niet het oude nest of de nestplaats. Bezette vogelnesten zijn beschermd en mogen niet verstoord, beschadigd of vernield worden. Gelet op de aard van de werkzaamheden kan geen ontheffing verkregen worden voor het beschadigen of vernielen van bezette vogelnesten. Voor de beschermde grondbonden zoogdieren en amfibieën die een (winter)rust- en/of voortplantingslocatie in het plangebied bezetten, geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen ‘vangen’ en het ‘beschadigen en vernielen van rust- en voortplantingslocaties. Grondgebonden zoogdieren en amfibieën mogen niet gedood worden als gevolg van het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten.
Wel geldt een vrijstelling voor het beschadigen en vernielen van rust- en voortplantingslocaties. Deze vrijstelling is van toepassing omdat er sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling. Door uitvoering van de voorgenomen activiteiten neemt de betekenis van het plangebied als foerageergebied voor de in het plangebied foeragerende grondgebonden zoogdieren, vleermuizen, amfibieën en vogels niet af.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
25
4.5 Geluid Afgewogen moet worden of er in en om de geluidgevoelige objecten een goed woon- en leefklimaat blijft gegarandeerd. Op 30 augustus 2021 is er hiervoor door de Omgevingsdienst Achterhoek een advies uitgebracht. Deze is als bijlage 5 bij deze toelichting gevoegd. Dit aspect speelt wanneer geluidgevoelige objecten en geluid producerende objecten als bedrijven en wegen in elkaars nabijheid worden gerealiseerd. Om hierover een goed oordeel te kunnen vormen dient te worden bepaald wanneer sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Wanneer een gemeente geluidbeleid heeft vastgesteld kunnen daarin geluidnormen zijn opgenomen. Voor rail- en wegverkeerslawaai kan aansluiting worden gezocht bij de normen in de Wet geluidhinder. Ook als er sprake is van een industrieterrein in of rond een plangebied kent de Wet geluidhinder normen. Voor het overige lawaai van bedrijven kennen de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Activiteitenbesluit en de Handleiding Industrielawaai en vergunningverlening regels en normen. Uit vaste jurisprudentie blijkt dat bij ruimtelijke plannen verder moet worden gekeken dan de normen uit de diverse wetten. De VNG-publicatie “bedrijven en milieuzonering” is hiervoor een hulpmiddel. Wanneer aan de richtafstanden van deze publicatie wordt voldaan is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
Wordt niet voldaan aan de richtafstanden dan dient de situatie akoestisch te worden bepaald en afgewogen. Omdat in dit geval ruimschoots wordt voldaan aan de richtafstanden, zoals uitgewerkt is in bijlage 5 bij deze toelichting, uit de VNG-brochure en de woningen ook niet worden belast vanwege andere geluidsbronnen zal voor het aspect geluid sprake zijn van een goed woon- en leefklimaat. De gemeente Oude IJsselstreek heeft geen geluidbeleid. De gemeente past de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening toe voor de vergunningverlening en het bepalen van een goed woon- en leefklimaat in het kader van de ruimtelijke ordening. Gezien de grote afstand tot de omliggende bedrijven, waarbij ruimschoots aan de richtafstanden uit de VNG-brochure kan worden voldaan, is geen nader akoestisch onderzoek nodig om eventuele belemmeringen voor de omliggende bedrijven of het woon- en leefklimaat te beoordelen. Concluderend: Gezien het feit dat ruimschoots voldaan wordt aan de richtafstanden voor het aspect geluid uit de VNGbrochure en geen sprake is van andere geluidsbronnen is de beoogde erftransformatie aan de Hiddinkdijk 27a in Heelweg akoestisch inpasbaar in de omgeving.
4.6 Luchtkwaliteit Op 15 november 2017 is de Titel 5.2 van de Wet milieubeheer (luchtkwaliteitseisen) in werking getreden. Ten aanzien van de kwaliteit van de buitenlucht gelden uitsluitend bepalingen uit deze Titel. In bijlage 5 van de Wet milieubeheer zijn grenswaarden opgenomen voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofdioxiden, fijnstof (PM10), lood, benzeen en koolmonoxide. Bestuursorganen moeten er bij het uitoefenen of toepassen van hun bevoegdheden, waaronder het vaststellen van een bestemmingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning, voor zorgen dat deze grenswaarden niet (verder) worden overschreden. Tegelijkertijd met het in werking treden van de luchtkwaliteitseisen in hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer is ook het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) (hierna: NIBM) in werking getreden. In dit besluit is geregeld dat (nu er een plan is bekendgemaakt, zoals wordt bedoeld
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
26
in artikel 5.12 van de Wet milieubeheer, namelijk het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) van 10 juli 2009) uitbreidingen zijn toegestaan wanneer aannemelijk is gemaakt dat de concentratie in de buitenlucht van fijnstof ten gevolge van de uitbreiding niet de 3% grens overschrijdt. De 3% grens is 3% van de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van fijnstof (PM10). 3% van de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie is 1,2 µg fijnstof (PM10 per m³). Met de komst van de 1 extra woning en de legalisatie van de voormalige bedrijfswoning neemt de verkeersbeweging licht toe. Per woning wordt uitgegaan van 8 (auto)verkeersbewegingen per werkdagetmaal (norm crow.nl). Door middel van de NIBM-tool is berekend of het extra verkeer invloed heeft op de luchtkwaliteit. De NIBM-tool is een rekentool waarmee de bijdrage van kleinere ruimtelijke plannen en verkeersplannen aan de luchtkwaliteit kan worden vastgesteld. Met de NIBM-tool kan op een eenvoudige en snelle manier bepaald worden of een plan niet-in-betekende-mate bijdraagt (NIBM). In de figuur hieronder is de berekening van de NIBM-tool weergegeven. Geconcludeerd is dat de toename van het verkeer niet-in-betekende-mate bijdraagt.
Figuur 15 NIBM-tool (bron: infomil.nl)
Concluderend: Ten aanzien van het aspect luchtkwaliteit is sprake van een goed woon- en leefklimaat. Tevens draagt het plan niet in betekenende mate bij aan de heersende luchtkwaliteit. Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.
4.7 Bedrijven- en milieuzonering De VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (editie 2009) is een hulpmiddel voor de beoordeling van de toelaatbaarheid van ruimtelijke ontwikkelingen bij en rondom bedrijven. De in deze uitgave voor bedrijven opgenomen richtafstanden gelden ten opzichte van een rustig woongebied of een rustig buitengebied. De richtafstanden zijn voor drukkere gebieden (gemengd gebied) naar beneden bij te stellen. Bij het voldoen aan de richtafstanden is in beginsel sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en worden omliggende bedrijven niet onevenredig benadeeld in hun mogelijkheden. Aanvullend milieuonderzoek kan uitwijzen dat kleinere afstanden dan de richtafstanden mogelijk zijn. Verder hebben wettelijke afstanden voorrang op de richtafstanden.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
27
Figuur 16 richtafstanden tabel Bedrijven en milieuzonering (bron: infomil.nl)
In de directe omgeving is een aantal (agrarische) bedrijven gelegen. In onderstaande tabel zijn de relevante bedrijven vermeld. De afstanden in de tabel zijn gemeten vanuit de rand van de bouwvlakken tot op de (geprojecteerde) gevels van de woningen.
Het dichtstbijzijnde agrarische bedrijf betreft een rundveebedrijf welke is gelegen op een afstand van 57 meter, gemeten vanuit het geldende bestemmingsvlak. Het andere rundveebedrijf ligt op een afstand van 124 meter. De richtafstand voor het onderdeel geur blijft buiten beschouwing voor veehouderijen, omdat hiervoor wettelijke minimumafstanden en geurnormen gelden. Voor de rundveehouderijen uit bovenstaande tabel geldt voor geur een wettelijke minimumafstand van 50 meter. Aan die minimumafstand wordt voldaan. Voor de overige milieuaspecten (geluid, stof en gevaar) geldt een richtafstand van maximaal 30 meter, zodat ook hieraan wordt voldaan. De afstand tot de pluimveehouderij is zodanig groot en de omvang van het bedrijf zodanig beperkt dat op voorhand duidelijk is dat kan worden voldaan aan de hier geldende geurnorm van 14 odour units/m3. Aan de voor dit bedrijf op grond van overige milieuaspecten geldende richtafstand van maximaal 50 meter wordt eveneens voldaan. Concluderend: De afstand van de nieuwe woningen ten opzichte van andere omliggende (agrarische) bedrijven is dusdanig groot dat ruimschoots aan de richtafstanden wordt voldaan. Gezien de omliggende functies en de aard en omvang daarvan mag ter plaatse van de woningen worden uitgegaan van een goed woon- en leefklimaat. Omliggende bedrijven worden bovendien niet belemmerd door de ontwikkeling.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
28
4.8 Externe veiligheid Externe veiligheid betreft het risico dat aan bepaalde activiteiten verbonden is voor niet bij de activiteit betrokken personen. Hoe moet worden omgegaan met risico's voor mensen in de omgeving van risicobronnen is in verschillende wet- en regelgeving opgenomen. Hierna wordt kort ingegaan op deze regelgeving. Besluit en Regeling externe veiligheid inrichtingen Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) en de Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi)regelen hoe de veiligheidsafstanden en het plaatsgebonden risico en het groepsrisico rond inrichtingen wordt vastgesteld. Besluit en Regeling externe veiligheid buisleidingen Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) geeft onder andere veiligheidsafstanden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen aan. De normstelling is in lijn met het Bevi. De risicoafstanden en de manier van risicoberekening staan net als bij het Bevi in een regeling (Revb). Besluit en Regeling externe veiligheid Transportroutes Vanaf 1 juni 2015 is het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) in werking. Voor de uitwerking en toepassing van de risiconormen is zoveel mogelijk aangesloten bij Bevi en Revi. Besluit risico's zware ongevallen Het Besluit risico's zware ongevallen 2015 (Brzo) is de vertaling in Nederlandse wetgeving van de Europese Seveso III-richtlijn.
Het Brzo integreert wet- en regelgeving op het gebied van arbeidsveiligheid, externe veiligheid en rampbestrijding in één juridisch kader. Doelstelling is het voorkomen en beheersen van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen. Het Brzo stelt hiertoe eisen aan de meest risicovolle bedrijven in Nederland. Een Brzo- bedrijf is ook automatisch een Bevi-bedrijf. Vuurwerkbesluit Het Vuurwerkbesluit is van rechtswege van toepassing op inrichtingen voor het opslaan of bewerken van vuurwerk en pyrotechnische artikelen voor theatergebruik. Vanuit het Vuurwerkbesluit gelden externe veiligheidsafstanden. Circulaire ontplofbare stoffen voor civiel gebruik In deze circulaire zijn regels opgenomen voor onder andere de opslag van zwart buskruit, en ontplofbare stoffen die worden gebruikt bij slopen, seismische onderzoek. Rond iedere opslagplaats voor ontplofbare stoffen geldt een veiligheidsafstand. Besluit ruimte Het beleid voor de externe veiligheid rond munitiecomplexen is vastgelegd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Besluit ruimte). Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen drie veiligheidszones rondom die complexen, waarbinnen voor activiteiten of objecten bepaalde beperkingen gelden. Activiteitenbesluit
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
29
Het Activiteitenbesluit schrijft voor bepaalde typen opslagen en installaties externe veiligheidsafstanden voor. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om gasdrukmeet- en – regelinstallaties, propaantanks (met een inhoud van maximaal 13 m3) en vuurwerk (tot 10.000 kilogram consumentenvuurwerk). Het externe veiligheidsbeleid richt zich op het voorkomen en beheersen van risicovolle bedrijfsactiviteiten en van risicovol transport (onder andere van gevaarlijke stoffen). Het gaat daarbij om de bescherming van individuele burgers en groepen tegen ongevallen met gevaarlijke stoffen of omstandigheden. Risicobronnen kunnen onderscheiden worden in risicovolle inrichtingen (onder andere lpg-tankstations) en vervoer van gevaarlijke stoffen en leidingen (onder andere aardgas, vloeibare brandstof en elektriciteit). Om voldoende ruimte te scheppen tussen risicobron en de personen of objecten die risico lopen (kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten) moeten vaak afstanden in acht worden genomen. Ook ontwikkelingsmogelijkheden die ingrijpen in de personendichtheid kunnen om onderzoek vragen. Uit de Risicokaart blijkt dat op korte afstand van de planlocatie geen (stationaire) risicobronnen, ondergronds gastransportleidingen of wegen aanwezig zijn die zijn aangewezen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen.
Figuur 17 kaartuitsnede (bron: risicokaart.nl)
Concluderend: Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.
Toelichting bestemmingsplan Hiddinkdijk 27a Heelweg
30
4.9 Water Het waterbeleid van Rijk en provincie is gericht op een veilig en goed bewoonbaar land met gezonde, duurzame watersystemen. De planlocatie ligt in het beheersgebied van het waterschap Rijn en IJssel. In het waterbeheerplan 2016-2021 van Waterschap Rijn en IJssel laat het waterschap zien welke ontwikkelingen voor het waterbeheer van belang zijn en welke accenten zij in de samenwerking met haar partners willen leggen. Vanuit die omgevingsverkenning is vervolgens het beleid voor de planperiode 2016-2021 beschreven voor primaire taakgebieden van het waterschap: • Bescherming tegen overstromingen en werken aan veiligheid: Veilig water • Zorgen voor de juiste hoeveelheid water en passende waterpeilen: Voldoende water • Zorgen voor een goede waterkwaliteit die nodig is voor mens, plant en dier: Schoon water • Verwerken van afvalwater en het benutten van energie en grondstoffen daaruit: Afvalwater • Zorgen voor goede randvoorwaarden voor beroepsvaart op de Oude IJssel: Vaarwegbeheer Waterschap Rijn en IJssel heeft een watertoetstabel ontwikkeld waarmee met een aantal vragen in beeld te brengen is welke wateraspecten relevant zijn en met welke intensiteit het watertoetsproces doorlopen dient te worden. De vragen zijn gericht op de locatie van de ruimtelijke ontwikkeling en welke veranderingen er mogelijk worden gemaakt.
De intensiteit van het watertoetsproces is afhankelijk van de antwoorden op de vragen. Als er op een categorie 2 vraag een ‘ja’ is geantwoord, is een uitbreide watertoets noodzakelijk. Als er alleen met ‘nee’ is geantwoord, dan is het RO-plan waterhuishoudkundig niet van belang en hoeft er geen wateradvies bij het waterschap gevraagd te worden. Navolgend is de watertoetstabel opgenomen. De relevante waterthema’s voor de ontwikkeling worden door middel van de watertoetstabel geselecteerd en vervolgens beschreven (wanneer de toetsvraag met ‘ja’ is beantwoord). Thema
Toetsvraag
Veiligheid
1. Ligt in of binnen 20 meter vanaf het plangebied een waterkering? (Primaire waterkering, regionale waterkering of kader) 2. Ligt het plangebied in een waterbergingsgebied of winterbed van een rivier? 1. Is de toename van het afvalwater (DWA) groter dan 1 m³/uur? 2. Ligt in het plangebied een persleiding van WRIJ? 3. Ligt in of nabij het plangebied een RWZI of rioolgemaal van het waterschap? 1. Is er sprake van toename van het verhard oppervlak met meer dan 2.500 m²? 2. Is er sprake van toename van het verhard oppervlak met meer dan 500 m²? 3. Zijn er kansen voor het afkoppelen van bestaand verhard oppervlak? 4. In of nabij het plangebied bevinden zich natte en laaggelegen gebieden, beekdalen, overstromingsvlaktes? 1. Wordt vanuit het plangebied (hemel)water op oppervlaktewater geloosd? 1. Is in het plangebied sprake van slecht doorlatende lagen in de ondergrond? 2. Is in het plangebied sprake van kwel? 3. Beoogt het plan dempen van perceelsloten of andere wateren? 4. Beoogt het plan aanleg van drainage?