Bijlage 11 Project-m.e.r.-beoordeling.pdf
Tekst van het document
*Er dient rekening te worden gehouden met de specifieke zorgplicht.
20
Quickscan flora en fauna
6.
Conclusie
6.1
Gebiedsbescherming
Buro Ontwerp & Omgeving
Er is onderzoek gedaan naar de mogelijke effecten op beschermde gebieden. Natura 2000 Het plangebied ligt buiten de Natura 2000-gebieden. Aangezien het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied op ca. 4,5 km afstand ligt zijn negatieve effecten als oppervlakteverlies, versnippering, verontreiniging, verdroging, optische verstoring en verstoring door trilling, geluid en mechanische effecten uitgesloten. Door het gebruik van werktuigen en voertuigbewegingen kunnen er wel gevolgen zijn door stikstofdepositie vanuit de lucht. Om de eventuele effecten van stikstofdepositie inzichtelijk te maken wordt aangeraden om een AERIUS-berekening (voortoets stikstof) uit te laten voeren voor zowel de realisatiefase als gebruiksfase. Negatieve effecten op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden kunnen worden uitgesloten als uit de AERIUS-berekening blijkt dat er geen toename van stikstofdepositie groter dan 0,00 mol N/ha/jr plaatsvindt. Gelders Natuurnetwerk en Groene Ontwikkelingszone Het plangebied ligt op ca. 200 m. afstand van het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en op ca. 280 m. afstand van de Groene Ontwikkelingszone (GO). Gezien de ligging buiten deze gebieden worden de kernkwaliteiten en ontwikkelingsdoelen van het GNN en de GO bij de werkzaamheden niet aangetast.
Houtopstanden De groenvoorzieningen in het plangebied vallen niet onder de definitie houtopstanden, zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet. De eventueel te kappen bomen en/of struiken bevinden zich binnen de bebouwingscontour houtkap. De rijksregels over het vellen van houtopstanden zijn daarom niet van toepassing (artikel 11.111, Bal). Indien er houtopstanden worden geveld dient echter rekening te worden gehouden met de aanvraag van een Omgevingsvergunning bij het Omgevingsloket. Er wordt geadviseerd om een Vergunningcheck uit te voeren, alvorens wordt besloten om groenvoorzieningen te verwijderen.
6.2
Soortbescherming Er is onderzoek gedaan naar de mogelijke effecten op beschermde soorten.
6.2.1 Jaarrond beschermde soorten Van een aantal soorten is de aanwezigheid in het plangebied niet uit te sluiten. Hieronder wordt per soort ingegaan op de bescherming en de mogelijke effecten die zij kunnen ondervinden door de werkzaamheden.
21
Quickscan flora en fauna
Buro Ontwerp & Omgeving
Vleermuizen Tijdens het veldbezoek zijn invliegopeningen aangetroffen in het hoofdgebouw, het kleine bijgebouw, de overdekte fietsenstallingen en de gymzaal die vleermuizen toegang kunnen bieden tot potentiële verblijfplaatsen. Het gaat bijvoorbeeld om openingen langs dakranden, open stootvoegen, achter regenpijpen en bij de zonnewering, gevelbekleding en loodslabben. Alle vleermuissoorten zijn beschermd op grond van de Habitatrichtlijn. Het is daarom verboden om de soorten opzettelijk te doden of vangen (artikel 11.46 lid 1a, Bal), opzettelijk te verstoren (artikel 11.46 lid 1b, Bal) of de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen te beschadigen of vernielen (artikel 11.46 lid 1d, Bal). De werkzaamheden kunnen leiden tot overtreding van het Bal als er sprake is van een rust- of voortplantingsplaats van vleermuizen. Nader onderzoek moet uitwijzen of er vleermuizen aanwezig zijn en wat de functie van de bebouwing is. Gierzwaluw Het hoofdgebouw en de gymzaal in het plangebied zijn geschikt als nestlocatie voor de gierzwaluw, vanwege de aanwezigheid van diverse openingen. De gierzwaluw is beschermd op grond van de Vogelrichtlijn.
Het is daarom verboden om de soort opzettelijk te doden of vangen (artikel 11.37 lid 1a, Bal), de nestlocaties, rustplaatsen en eieren opzettelijk te beschadigen of vernielen (artikel 11.37 lid 1b, Bal) en de soort opzettelijk te storen (artikel 11.37 lid 1d, Bal). De werkzaamheden kunnen leiden tot overtreding van het Bal als er sprake is van een rust- of nestplaats van de soort. De aanwezigheid van de gierzwaluw moet daarom nader worden onderzocht. Huismus De bebouwing in het plangebied is geschikt als nestlocatie voor de huismus. Zowel het hoofdgebouw als de gymzaal beschikken over de aanwezigheid van diverse openingen die toegankelijk zijn voor de soort. Bovendien kunnen de stroken bosschages dienen als functioneel leefgebied. De huismus is beschermd op grond van de Vogelrichtlijn. Het is daarom verboden om de soort opzettelijk te doden of vangen (artikel 11.37 lid 1a, Bal), de nestlocaties, rustplaatsen en eieren opzettelijk te beschadigen of vernielen (artikel 11.37 lid 1b, Bal) en de soort opzettelijk te storen (artikel 11.37 lid 1d, Bal). De werkzaamheden kunnen leiden tot overtreding van het Bal als er sprake is van een rust- of nestplaats van de soort en als blijkt dat er functioneel leefgebied verloren gaat. De aanwezigheid van de huismus moet daarom nader worden onderzocht.
Potentieel noodzakelijk (indien de stroken bosschages (gedeeltelijk) verdwijnen): Bunzing, hermelijn, wezel en steenmarter De stroken bosschages in het plangebied bieden genoeg dekking voor de bunzing, hermelijn, wezel en steenmarter. Hierdoor kunnen negatieve effecten op een rust- of voortplantingsplaats van deze soorten niet worden uitgesloten. De marters zijn soorten van nationaal belang en zijn in de provincie Gelderland niet vrijgesteld. Het is daarom verboden om de soorten opzettelijk te doden of vangen (artikel 11.54 lid 1a, Bal) en hun vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of vernielen (artikel 11.54 lid 1b, Bal). Eventuele werkzaamheden in de stroken bosschages kunnen leiden tot overtreding van het Bal als er sprake is van een rust- of voortplantingsplaats van de soorten. De aanwezigheid van de bunzing, hermelijn, wezel en steenmarter moet daarom nader worden onderzocht indien de stroken bosschages (gedeeltelijk) verdwijnen. 22
Quickscan flora en fauna
Buro Ontwerp & Omgeving
6.2.2 Algemene diersoorten Het kan zijn dat er tijdens de werkzaamheden algemene broedvogels en andere diersoorten in en rond het plangebied voorkomen. Bij het uitvoeren van de werkzaamheden moet de specifieke zorgplicht in acht worden genomen (artikel 11.27, Bal). Handelingen die nadelige effecten hebben moeten zoveel mogelijk worden voorkomen. Indien dit niet mogelijk is moeten passende preventieve maatregelen worden genomen om nadelige effecten te beperken of ongedaan te maken. Bovendien moet zowel tijdens als na het verrichten van de activiteit worden nagegaan of de getroffen maatregelen de beoogde effecten hebben. Het verrichten van de activiteit wordt gestaakt als de nadelige gevolgen toch niet worden voorkomen. Passende herstelmaatregelen moeten worden getroffen als het staken van de activiteit redelijkerwijs niet meer mogelijk is. Tevens dienen de werkzaamheden (ruim) buiten het indicatieve vogelbroedseizoen plaats te vinden, omwille de aanwezigheid van algemene broedvogelsoorten (15 maart - 15 juli). 6.2.3 Rode lijst-soorten Tijdens de quickscan werden geen rode lijst soorten met de status (ernstig) bedreigd binnen het plangebied waargenomen. 6.2.4 Invasieve exoten Planten en dieren op de Unielijst Er zijn tijdens de quickscan geen waarnemingen van invasieve exoten gedaan. Omtrent invasieve exoten hoeft geen melding te worden gedaan bij het bevoegd gezag.
Aziatische duizendknopen Er zijn tijdens de quickscan geen waarnemingen van Aziatische duizendknopen gedaan. Er hoeven daarom geen aanvullende stappen te worden ondernomen omtrent de Aziatische duizendknopen. 6.2.5 Verlichting Maak in de actieve periode van vleermuizen ’s avonds en ’s nachts geen of zo min mogelijk gebruik van bouwverlichting. Uitstraling naar groen en bomen moet worden voorkomen. Indien verlichting in de permanente situatie noodzakelijk is wordt aangeraden om gebruik te maken van vleermuisvriendelijke, amberkleurige verlichting. Zodoende kan eventuele verstoring tot een minimum worden beperkt. Er mag geen gebruik worden gemaakt van blauw en ultraviolet licht. Waar verlichting noodzakelijk is, dienen de lichtstralen gebundeld te zijn en op de grond te worden gericht.
6.3
Nader onderzoek Gelet op de geschiktheid van het plangebied voor gebouwbewonende vleermuizen, gierzwaluw en huismus is nader onderzoek noodzakelijk om de daadwerkelijke functie van het plangebied voor deze soorten te kunnen bepalen. Indien er werkzaamheden plaatsvinden in de stroken bosschages, waardoor deze (gedeeltelijk) verdwijnen, is er ook nader onderzoek noodzakelijk naar de bunzing, hermelijn, wezel en steenmarter. Deze informatie is benodigd om vast te kunnen stellen of overtredingen van het Bal aan de orde zijn. 23
Quickscan flora en fauna
Buro Ontwerp & Omgeving
Vleermuizen Het nader onderzoek naar vleermuizen dient te worden uitgevoerd conform het vleermuisprotocol 2021 (Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus & Zoogdiervereniging, 2021). Voor gebouwbewonende soorten worden de onderzoeksmethoden van de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, watervleermuis en laatvlieger aangehouden, waarmee ook andere vleermuissoorten kunnen worden aangetoond. Er dient rekening te worden gehouden met een mogelijke functie als zomerverblijf, kraamverblijf, paarverblijf en massawinterverblijf. Hierdoor zijn in totaal vijf vleermuisinventarisaties noodzakelijk rond observatiepunten bij de bebouwing. Van deze onderzoeken dienen per observatiepunt drie rondes te worden uitgevoerd in de zomer- en kraamperiode (15 mei t/m 15 juli), waarvan twee avondrondes en één ochtendronde. Twee andere rondes dienen te worden uitgevoerd in het paarseizoen (15 augustus t/m 15 september). Omdat de aanwezigheid van een massawinterverblijf (van de gewone dwergvleermuis) niet op voorhand kan worden uitgesloten (groot gebouw met de nodige warmtebuffering), dient echter ook deze functie in het najaar te worden onderzocht. Zwermende gewone dwergvleermuizen kunnen worden aangetroffen bij massawinterverblijfplaatsen in de periode 1 augustus t/m 10 september.
Onderzoek naar paaren massawinterverblijven kunnen daarom gecombineerd worden uitgevoerd indien het onderzoek plaatsvindt in de periode 15 augustus t/m 10 september. Gierzwaluw Het nader onderzoek naar de gierzwaluw moet worden uitgevoerd tussen 1 juni en 15 juli conform het kennisdocument van BIJ12. Dit is de periode waarin gierzwaluwen gebruik maken van de nestlocaties. In deze periode moeten er drie veldbezoeken worden afgelegd met een tussenperiode van tenminste tien dagen. Hiervan moet tenminste één van de veldbezoeken plaatsvinden tussen 1 juni en 30 juni en tenminste één van de veldbezoeken tussen 1 juli en 15 juli. De inventarisaties duren van anderhalf uur voor zonsondergang tot een half uur na zonsondergang (BIJ12, 2023a). Huismus Het nader onderzoek naar de huismus moet worden uitgevoerd tussen 1 april en 15 mei conform het kennisdocument van BIJ12. In deze periode moeten twee veldbezoeken worden afgelegd met een tussenliggende periode van minimaal tien dagen. Gedurende één uur moet worden gekeken of er zingende mannetjes aanwezig zijn en of er gebruik wordt gemaakt van invliegopeningen naar nestlocaties (BIJ12, 2023b).
24
Quickscan flora en fauna
Buro Ontwerp & Omgeving
Potentieel noodzakelijk (indien de stroken bosschages (gedeeltelijk) verdwijnen): Bunzing, hermelijn en wezel Het nader onderzoek naar de bunzing, hermelijn en wezel moet worden uitgevoerd tussen 1 juni en 15 november conform het kennisdocument van BIJ12 (BIJ12, 2024). In deze periode is de trefkans het grootst aangezien populatieaantallen hier het hoogst zijn en omdat in deze periode dispersie plaatsvindt. Een onderzoeksperiode dient minimaal acht aaneengesloten weken te duren. Om binnen de geschikte periode te blijven moet het nader onderzoek uiterlijk half september starten. Onderzoek naar de kleine marters vindt plaats aan de hand van een combinatie van onderzoeksmethoden, namelijk door middel van cameravallen, sporenbuizen en/of marterboxen. Hierbij geldt de minimale inzet van één cameraval of marterbox per 0,25 hectare geschikt leefgebied. Voor sporenbuizen geldt dat een grotere inzet nodig is, waarbij het toepassen van 10 sporenbuizen gelijk staat aan één cameraval of marterbox. Elk meetpunt dient elke te onderzoeken soort te dekken. Binnen de onderzoeksperiode van acht weken bestaat de mogelijkheid om na vier weken het onderzoeksmateriaal te verplaatsen om meer meetpunten te creëren. De bunzing, hermelijn en wezel kunnen voor de camera gelokt worden met een sterk geurende lokstof. Steenmarter Voor de steenmarter is geen onderzoeksprotocol beschikbaar.
Om onderzoek naar de steenmarter te doen kan echter gebruik worden gemaakt van de onderzoeksmethoden naar kleine marterachtigen, zoals gehanteerd in het kennisdocument van BIJ12 (BIJ12, 2024). Hiermee kan ook de steenmarter worden vastgesteld.
25
Quickscan flora en fauna
7.
Literatuurlijst
7.1
Referenties
Buro Ontwerp & Omgeving
Arntzen, J.W. & Smit, G.F.J. (2009). Amfibieën en reptielen: Kamsalamander. Natuur van Nederland, 9(1), 105-113. BIJ12 (2017a). Kennisdocument Roek (versie 1.0, juli 2017). Utrecht, Nederland: BIJ12 BIJ12 (2017b). Kennisdocument Levendbarende hagedis (versie 1.0, juli 2017). Utrecht, Nederland: BIJ12 BIJ12 (2017c). Kennisdocument Rugstreeppad (versie 1.0, juli 2017). Utrecht, Nederland: BIJ12 BIJ12 (2023a). Kennisdocument Gierzwaluw (versie 2.0, juli 2023). Utrecht, Nederland: BIJ12. BIJ12 (2023b). Kennisdocument Huismus (versie 2.1, februari 2023). Utrecht, Nederland: BIJ12. BIJ12 (2024). Kennisdocument kleine marterachtigen (versie 1.0, januari 2024). Utrecht, Nederland: BIJ12 Bos, F. (2006). Dagvlinders: Grote vos Nymphalis polychloros. Natuur van Nederland, 7(1), 268271. Deijk, J. van (2018). Een nieuwe standvlinder: De teunisbloempijlstaart. Vlinders, 33(4), 15-15. Geerling, R. & Oosterveen, N. (2007). Maatwerk voor de kleine ijsvogelvlinder. Vlinders, 22(1), 20-21. NDFF & FLORON (2024). Aphanes arvensis L. Geraadpleegd op 28 november 2024 via https://www.verspreidingsatlas.nl/0074 Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit [NVWA] (2021). Factsheet Japanse duizendknoop. Geraadpleegd op 28 november 2024 via https://www.nvwa.nl/documenten/plant/plantenin-de-natuur/exoten/risicobeoordelingen/factsheet-japanse-duizendknoop Provincie Gelderland (2018).
Omgevingsvisie Gaaf Gelderland. Arnhem, Nederland: Provincie Gelderland. Provincie Gelderland (2024). Omgevingsverordening Gelderland. Arnhem, Nederland: Provincie Gelderland. Vliegenthart, A. (2020). De iepenpage is terug in Nederland. Vlinders, 35(4), 18-20. Vogelbescherming Nederland (2024a). Sperwer. Geraadpleegd op 18 november 2024 via https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-overvogels/vogelgids/vogel/sperwer 26
Quickscan flora en fauna
Buro Ontwerp & Omgeving
Vogelbescherming Nederland (2024b). Ransuil. Geraadpleegd op 18 november 2024 via https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-overvogels/vogelgids/vogel/ransuil Vogelbescherming Nederland (2024c). Roek. Geraadpleegd op 26 november 2024 via https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-overvogels/vogelgids/vogel/roek Zoogdiervereniging (2024a). Steenmarter. Geraadpleegd op 18 https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/steenmarter
november
2024
via
Zoogdiervereniging (2024b). Boommarter. Geraadpleegd op 18 november 2024 via https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/boommarter Zoogdiervereniging (2024c). Eekhoorn. Geraadpleegd op 18 november 2024 via https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/eekhoorn
7.2
Gebruikte websites www.floron.nl www.pdok.nl www.ravon.nl www.verspreidingsatlas.nl www.waarneming.nl www.zoogdiervereniging.nl www.gelderland.nl
7.3
Overige geraadpleegde bronnen Dietz, C. & Kiefer, A. (2016). Bats of Britain and Europe. Londen, Verenigd Koninkrijk: Bloomsbury Publishing. Jędrzejewski, W. & Sidorovich, V. (2010). The art of tracking animals. Białowieża, Polen: Mammal Research Institute Polish Academy of Sciences Białowieża. Svensson, L., Mullarney, K. & Zetterström, D. (2009). Birds of Europe (2e ed.). Londen, Verenigd Koninkrijk: HarperCollins Publishers. Tolman, T. & Lewington, R. (2008). Collins Butterfly Guide: The Most Complete Guide to the Butterflies of Britain and Europe. Londen, Verenigd Koninkrijk: HarperCollins Publishers. Vogelbescherming Nederland & Stichting Veldonderzoek Flora en Fauna (2007). Topografische atlas voor flora en fauna van Nederland (1e ed.). Papendrecht, Nederland: Mouthaan Grafisch Bedrijf
27
Project-mer-beoordeling
Buro Ontwerp & Omgeving
Bijlage 2
8
MEMO Aan:
Gemeente Oude IJsselstreek
Van:
Buro Ontwerp & Omgeving
Projectnr.:
4068.01
Datum:
08-09-2025
Betreft:
Voortoets stikstofdepositie IKC Pastoor Bluemersplein 5 te Silvolde
1. Inleiding In opdracht van de gemeente Oude IJsselstreek heeft Buro Ontwerp & Omgeving onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op nabijgelegen kwetsbare natuurgebieden ten gevolge van de realisatie van een integraal kindcentrum (IKC) en zes woningen aan het Pastoor Bluemersplein 5 te Silvolde. Op de onderstaande afbeelding is de globale ligging van het plangebied weergegeven (Figuur 1).
Figuur 1. Luchtfoto van het plangebied te Silvolde (rood kader).
Ligging Natura 2000 In Nederland zijn 162 Natura 2000-gebieden aangewezen. Dit zijn gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn gevoelig voor stikstofdepositie. Het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied betreft het Duitse ‘NSG Hetter-Millinger Bruch, mit Erweiterung’ dat op een afstand van ca. 6,9 km ten zuiden van het plangebied ligt. Nederlandse Natura 2000gebieden liggen op meer dan 10 km afstand van het plangebied. Op de navolgende kaart is de ligging van het plangebied ten opzichte van de Natura 2000-gebieden weergegeven (Figuur 2).
1
Figuur 2. Ligging plangebied ten opzichte van omliggende Natura 2000-gebieden in Nederland (geel, groen en blauw) en in Duitsland (paars).
Volgens de Omgevingswet moet worden uitgesloten dat significante negatieve effecten kunnen optreden in Natura 2000-gebieden. Bij negatieve effecten wordt de ontwikkeling gedefinieerd als een Natura 2000-activiteit, welke vergunningplichtig is. Stikstofdepositie kan verslechterende gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden waarvoor een Natura 2000gebied is aangewezen. Deze gevolgen kunnen significant zijn wanneer een plan, project of andere handeling leidt tot een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden die overbelast zijn. Een verdere toename van de stikstofdepositie is alleen toegestaan met een passende beoordeling. Daarom dient voor nieuwe plannen en projecten onderzocht te worden of er sprake is van een significante depositie van stikstof op relevante Natura 2000-gebieden. Daarbij geldt echter de nuance dat onderzoek niet noodzakelijk is wanneer van tevoren vaststaat dat de ontwikkeling geen significante gevolgen kan hebben. Doelstelling van het onderzoek De voortoets stikstofdepositie heeft tot doel de NOx-emissies (stikstofoxiden) en NH3-emissies (ammoniak) naar de lucht door het voornemen inzichtelijk te maken en de toename van stikstofdepositie als gevolg hiervan op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden te berekenen.
De voortoets wordt afgesloten met conclusies waarbij duidelijk wordt of in het kader van de Omgevingswet significante effecten kunnen worden uitgesloten.
2
2. Werkwijze Algemeen Op basis van de berekende NOx- en NH3-emissies die een project of andere handeling van een plan uitstoot wordt met een verspreidingsmodel de stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitats en leefgebieden in Natura 2000-gebieden berekend. Er wordt gebruik gemaakt van AERIUS voor wat betreft informatie over de actuele stikstofdepositie en kritische depositiewaarde (KDW) van stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden in de Natura 2000-gebieden. Depositieberekeningen zijn uitgevoerd met de meest recente versie van AERIUS Calculator. Significante effecten kunnen worden uitgesloten als door het project, andere handeling of planologische mogelijkheden geen toename in stikstofdepositie plaatsvindt op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden van Natura 2000-gebieden. Hiervan is sprake als de berekende toename in stikstofdepositie niet groter is dan 0,00 mol N/ha/jr. Indien dit het geval is, is er geen passende beoordeling nodig voor wat betreft stikstof. Extra beoordeling voor gebieden met een hersteldoel Verschillende provincies hebben voor een aantal natuurgebieden zogenoemde 'hexagonen met een hersteldoel' vastgesteld. Dit zijn habitats die op dit moment in bepaalde delen van het gebied niet meer aanwezig zijn, maar waarvan het doel is om deze op dezelfde locatie terug te brengen.
Bij de AERIUS Calculator actualisatie van 1 oktober 2024 (versie 2024) zijn extra hexagonen toegevoegd op deze gebieden. Bij berekeningen met de geactualiseerde AERIUS Calculator worden twee bestanden gegenereerd. De resultaten zoals in de voorgaande alinea’s in dit hoofdstuk zijn besproken in een PDF zoals deze voorheen al bestond, en een PDF met de resultaten van deze extra beoordeling. In voorliggend onderzoek zijn beide resultaten, per berekening, meegenomen. Onderzoeksopzet In dit onderzoek zijn de NOx- en NH3-emissies gedurende de realisatiefase (hoofdstuk 3) en de gebruiksfase (hoofdstuk 4) onderzocht. In hoofdstuk 5 wordt met deze gegevens berekend of er een toename van stikstofdepositie plaatsvindt op nabijgelegen Natura 2000-gebieden.
3
3. Emissie realisatiefase Mobiele werktuigen Tijdens de realisatiefase ontstaan NOx-emissies door de inzet van mobiele werktuigen, auto’s en vrachtwagens. De inzet van de mobiele werktuigen en motorvoertuigbewegingen (mvb) is ingeschat aan de hand van de werkelijk verwachte inzet voor de sloop van het bestaande gebouw, gevolgd door de realisatie van een gebouw bestaande uit 2 bouwlagen, met een bvo van 1.990 m², een terreininrichting van ca. 3.100 m² en zes rijwoningen van een enkele bouwlaag plus kap. Er is gerekend met de volgende realisatiefasen: -
Sloop bestaande bebouwing en bouwrijp maken; Leveren elementen; Aanbrengen elementen en afbouw; Gebruiksklaar maken (inclusief terreinafwerking);
Voor de aanvoer met licht verkeer, middelzwaar vrachtverkeer en zwaar vrachtverkeer zijn de totale mvb in beeld gebracht. De realisatiefase bedraagt circa één jaar. In onderstaande tabel is het overzicht van mobiele werktuigen en mvb weergegeven tijdens de realisatiefase. Overzicht mobiele werktuigen en motorvoertuigbewegingen tijdens de realisatiefase (rekenjaar 2026) Bouwfase
Werktuig
Brandstof
Sloop bestaande bebouwing en bouwrijp maken
Shovel Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja Graafmachine Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja Boorstelling Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja Mixerpomp Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer Leveren elementen Mobiele hijskraan Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja Ruwterrein heftruck Stage V, >= 2019, <= 56 kW, diesel, SCR: nee Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer Aanbrengen elementen en Mixerpomp Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja afbouw Mobiele hijskraan Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja Hoogwerker Elektrisch Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer Aantal motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer Gebruiksklaar maken Mobiele hijskraan Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, diesel, SCR: ja (inclusief (Kleine) graafmachine Stage V, >= 2019, <= 56 kW, diesel, SCR: nee terreinafwerking) Ruwterrein heftruck Stage V, >= 2019, <= 56 kW, diesel, SCR: nee Trilplaat Werktuig op benzine, 4-Takt Bouwlift Elektrisch Hoogwerker Elektrisch Aantal motorvoertuigbewegingen licht verkeer Aantal
motorvoertuigbewegingen middelzwaar vrachtverkeer Aantal motorvoertuigbewegingen zwaar vrachtverkeer
Vermogen (kW) 100 105 150 200
181 18
200 181 n.v.t.
181 7,6 18 10 n.v.t. n.v.t.
Brandstof- Brandstof- AdBlueverbruik verbruik verbruik (l/uur) (l/jr) (l/jr) 105 12,73 1.337 80 210 15,78 3.314 199 70 18,83 1.318 79 53 20,39 1.070 64 totaal/jr 900 totaal/jr 60 totaal/jr 200 70 23,47 1.643 99 105 3,01 316 n.v.t. totaal/jr 210 totaal/jr 90 totaal/jr 90 70 20,39 1.427 86 560 23,47 13.143 789 420 n.v.t. n.v.t. n.v.t. totaal/jr 3.000 totaal/jr 160 totaal/jr 20 420 23,47 9.857 591 560 1,95 1.092 n.v.t. 350 3,01 1.054 n.v.t. 210 1,95 410 n.v.t. 280 n.v.t. n.v.t. n.v.t. 455 n.v.t. n.v.t. n.v.t. totaal/jr 3.380 totaal/jr 360 totaal/jr 30
Draaiuren (uur/jr)
Figuur 3. Uitgangspunten realisatiefase.
4
Voor de bepaling van de emissie is uitgegaan van de volledige uitvoering van de realisatiefase in het jaar 2026. Naast emissie door mobiele werktuigen gaat het om 7.490 mvb met licht verkeer, 670 mvb met middelzwaar vrachtverkeer en 340 mvb met zwaar vrachtverkeer. Uitgangspunten stationair draaien verkeer De stationaire emissies van het vrachtverkeer zijn bepaald conform de “Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024.1”. 1 Volgens bijlage 1 uit deze handleiding zijn de stationaire emissies voor zwaar vrachtverkeer 0,00090 kg NH3 per uur en 0,09103 kg NOx per uur in 2026. De stationaire emissies voor middelzwaar vrachtverkeer zijn in datzelfde jaar 0,00072 kg NH3 per uur en 0,06278 kg NOx per uur. Om tot een berekening te komen is uitgegaan van 0,2 uur voor laden en lossen per twee voertuigbewegingen vrachtverkeer. Dit levert een stationaire emissie op van [((340 ÷ 2) × 0,2 × 0,00090) + ((670 ÷ 2) × 0,2 × 0,00072) =] 0,07876 kg NH3 per jaar en [((340 ÷ 2) × 0,2 × 0,09103) + ((670 ÷ 2) × 0,2 × 0,06278) =] 7,30129 kg NOx per jaar. Deze emissies zijn meegenomen in de AERIUSberekening.
Uitgangspunten brandstofverbruik Voor de bepaling van het specifieke brandstofverbruik van elk mobiele werktuig is er gebruik gemaakt van publicatie 34638932 bij rapport TNO 2021 R12305 AUB.2 Met dit hulpmiddel wordt het specifieke brandstofverbruik berekend op basis van het vermogen en het bouwjaar van het desbetreffende werktuig. Om tot een volledige uitkomst te komen dient er echter ook rekening te worden gehouden met de typische motorbelastingen op basis van aandrijfconfiguratie en inzet (continu, stationair, stand-by) van de desbetreffende werktuigen.3 Tabel 5 uit rapport TNO 2021 R12305 AUB biedt gemiddelde motorbelastingen aan de hand van deze aspecten. Door deze gemiddelde motorbelastingen toe te passen bij het bepalen van het specifiek brandstofverbruik is het stationair of stand-by draaien van mobiele werktuigen automatisch onderdeel van de AERIUS-berekening. Uitgangspunten AdBlue-verbruik Conform de “Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024.1” is voor mobiele werktuigen de AUB-methode gehanteerd, waarbij rekening is gehouden met AdBlue-verbruik, het aantal uren en brandstofverbruik. 4 Het brandstofverbruik en verbruik van AdBlue is berekend op basis van het aantal draaiuren. Het verbruik van AdBlue in SCR-installaties varieert echter. Ook de belasting van de motor speelt hierin een grote rol.
Conform de handreiking wordt uitgaan van de waarde 6% (Stage IV 56 - 560 kW en Stage V 56 - 560 kW) van het dieselverbruik.
1 BIJ12 (2025). Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024.1 2 https://publications.tno.nl/publication/34638932/J5ZV26/TNO-2021-R12305-tab.xlsx 3 TNO. (2021). AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen (2021 R12305) 4 BIJ12 (2024). Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024.
5
Uitgangspunten verkeersafwikkeling De gevolgen voor het milieu van het af- en aanrijdend verkeer worden niet meer aan het onderhavige project toegerekend wanneer dit verkeer kan worden geacht te zijn opgenomen in het heersende verkeersbeeld 5. Volgens de Raad van State is dit het geval op het moment dat het aan- en afrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet dan wel niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt 6. Daarnaast wordt in de Instructie gegevensinvoer AERIUS Calculator aangegeven dat de verhouding tussen de hoeveelheid verkeer dat door de voorgenomen ontwikkeling wordt aangetrokken en het reeds op de weg aanwezige verkeer meeweegt in de vraag of het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. De provincie Gelderland heeft hiervoor een vuistregel opgesteld, waarbij binnen de bebouwde kom een lengte van minimaal 50 meter voor personenauto’s en 150 m voor vrachtverkeer geldt7. Vanuit het plangebied rijdt het bouwverkeer via het Pastoor Bluemersplein, de Lichtenbergseweg en de Boterweg tot aan de Ulftseweg over een totale lengte van ca. 500 m. Hiermee wordt ruim aan de vuistregel van de provincie voldaan.
Uitgangspunten koude start Bij de versie 2024 van de AERIUS Calculator (actualisatie van 1 oktober 2024) is de ‘koude start’ van (motor)voertuigen als verkeersemissie toegevoegd, aanvullend op de al bestaande vervoersbewegingen in de calculator. Volgens de definitie van BIJ12 betreft een ‘koude start’ het fenomeen dat voertuigen met een koude motor meer emissie uitstoten dan voertuigen met een warme motor. De koude start heeft een overgang richting warme motor die van korte duur is 8. Hierbij is het uitgangspunt dat er sprake is van een koude start na twee uur geparkeerd staan. Voor de realisatiefase is de koude start gemodelleerd over bestaande parkeerterreinen en de te realiseren kiss&ride locatie. Van het licht verkeer is 100% van de voertuigen als koude start opgenomen, van het middelzwaar en zwaar verkeer is 0% opgenomen als koude start. Hierbij is het uitgangspunt geweest dat van het bouwverkeer het licht verkeer bestaat uit de voertuigen waarmee werknemers de locatie bezoeken voor volle werkdagen. Het middelzwaar en zwaar verkeer bestaat uit aan- en afvoer van bouwmaterieel en onderdelen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat slechts de helft van de (lichte) voertuigbewegingen dat is gemodelleerd in het verkeersnetwerk een koude start zal hebben.
De bewegingen in het verkeersnetwerk zijn immers aankomst én vertrek van de locatie, echter wordt het voertuig alleen bij vertrek (koud) gestart.
5 https://www.infomil.nl/vaste-onderdelen/uitgebreid-zoeken/@89887/wanneer_is_het/ 6 Uitspraak Raad van State, ECLI:NL:RVS:2001:AB2320, 20 juni 2001 7 Provincie Gelderland (2022). Checklist aanvraagvereisten vergunningaanvragen Wet natuurbescherming, Bijlage 1 Vuistregel lengte van lijnbronnen ‘wegverkeer’ in AERIUS 8 BIJ12 Expertiseteam Stikstof en Natura 2000, Handreiking Koude Start 2024
6
4. Emissie gebruiksfase Programma De nieuwbouw bestaat uit een integraal kind centrum (IKC) van ca. 1.990 m² bvo (verdeeld over twee verdiepingen) en zes grondgebonden woningen. Het IKC bestaat uit een basisschool en een kinder-/peuter-/buitenschoolse opvang. Het geheel wordt gasloos opgeleverd. Navolgende afbeelding geeft een weergave van de beoogde nieuwbouw.
Figuur 4. Beoogde nieuwbouw.
Verkeersaantrekkende werking De verkeersgeneratie is bepaald met behulp van CROW-publicatie 799 “Parkeerkencijfers, basis voor parkeernormering” (2024) en “Demografische kerncijfers per gemeente” van het CBS. De verkeersaantrekkende werking is afhankelijk van de stedelijkheid van de gemeente, de ligging t.o.v. het centrum en het woningtype. Silvolde is gelegen in de gemeente Oude IJsselstreek. Het CBS typeert de gemeente Oude IJsselstreek als een ‘weinig stedelijke gemeente’.
Figuur 5. Stedelijkheidsgraad Oude IJsselstreek.
7
Echter geeft de CROW publicatie voor basisscholen alleen kencijfers voor de parkeerbehoefte, niet de verkeerstoename. Daarom is de verkeerstoename voor de basisschool berekend op basis van het aantal kinderen en personeel. Hierbij is worstcase ervan uitgegaan dat alle 250 kinderen elke schooldag gebracht en gehaald worden met de auto. Verder is uitgegaan van 12 leraren en 5 overige personeelsleden die elke werkdag met de auto de locatie bezoeken. Volgens het CROW kan de ligging van het projectgebied worden getypeerd als ‘rest bebouwde kom’ aangezien de locatie in de bebouwde kom van een relatief kleine kern binnen de gemeente ligt. De verkeersaantrekkende werking voor de ontwikkeling is daarmee als volgt:
Overzicht motorvoertuigbewegingen gebruik (rest bebouwde kom, weinig stedelijk, 2027) Verkeersgeneratie woningen en kinder-/peuteropvang o.b.v. CROW: Parkeerkencijfers 2024 Functie Aantal * Norm (min) Koop, huis, tussen/hoek Kinderdagverblijf (crèche)
6 4
Norm (max) 7,0 33,0
7,8 38,0 Totaal per jaar
* Bij woningen geldt de norm per woning, bij het kinderdagverblijf geldt dit per 100 m² bvo.
Aandeel vrachtverkeer Vrachtverkeer per woning Totaal vrachtverkeer per jaar
Bewegingen per weekdag (max) 47 152 72.562
0,018 39
Verkeersgeneratie basisschool o.b.v. maximale invulling leerlingen en personeel Functie
Aantal leerlingen
Onderwijs: basisschool onder- en bovenbouw Verkeersverdeling Type verkeer Motorvoertuigbewegingen licht verkeer Motorvoertuigbewegingen middelzwaar verkeer Gebouwgebonden emissies Emissies (bron) Sfeerhaarden en bbq's Totale emissie per jaar
Personeel 250
Aantal keer de locatie Motorvoertuigbewegin bezocht per werkdag gen per weekdag 17 517 481 Totaal per jaar 175.496
Aantal (per jaar) 248.018 39
Type woning Grondgebonden woning
Aantal
Emissiekental NOx in kg/jaar/woning (Tauw/BIJ12) 6
0,44 2,64
Figuur 6. Uitgangspunten gebruiksfase.
De verkeersaantrekkende werking van het plan is maximaal 680 mvb per etmaal. Op jaarbasis zijn dit [680 × 365 =] 248.058 mvb. In de CROW-publicatie is het volgende over vrachtverkeer opgenomen: “het vrachtverkeer naar en van woongebieden is doorgaans verwaarloosbaar, maar is wel in de cijfers verwerkt. Als gemiddelde kan worden gehanteerd: 0,02 vrachtautobewegingen per woning per werkdagetmaal”. Voor het IKC is geen vrachtverkeer in de AERIUS berekening opgenomen. Een werkdag kan naar weekdag worden omgerekend door te delen met 1,11. Per weekdagetmaal zijn er dus [0,02 ÷ 1,11 =] 0,018 vrachtverkeerbewegingen per woning. Op jaarbasis is er met zes woningen sprake van een toename van [(0,018 × 6) × 365 =] 39 mvb met middelzwaar vrachtverkeer. Het aantal mvb licht verkeer is dus [248.058 – 39 =] 248.018 per jaar.
8
Uitgangspunten verkeersafwikkeling Vanuit het plangebied rijdt het bouwverkeer vanaf het te realiseren parkeerterrein voor de nieuwbouwwoningen via het Pastoor Bluemersplein een volledige ronde over de kiss & ride straat binnen het terrein van het IKC (zie ook figuur 3), vanaf daar weer het Pastoor Bluemersplein op en via de Lichtenbergseweg en de Boterweg tot aan de Ulftseweg over een totale lengte van ca. 700 m. Hiermee wordt ruim aan de vuistregel van de provincie voldaan. Uitgangspunten koude start Voor de gebruiksfase is de koude start ruim gemodelleerd ter plaatse parkeerplaatsen langs het Pastoor Bluemersplein en over de kiss & ride straat als vlakbron. Binnen de gemodelleerde gronden zijn verschillende parkeervoorzieningen aanwezig. Enkel de mvb afkomstig van het personeel op werkdagen en de nieuwbouwwoningen is als koude start opgenomen. Immers blijven voertuigen bij het brengen en halen niet langer dan 2 uur geparkeerd staan. Gebouwgebonden emissies Conform de gegevensset ‘kentallen Ruimtelijke plannen’ van RIVM/EZ, behorende bij de AERIUSfactsheet ‘Ruimtelijke plannen – Emissiefactoren’ is de NH3-emissie van huishoudens voor nieuwbouwwoningen 0 kg/jr. Ook de NOx-emissie is verwaarloosbaar, aangezien de geplande nieuwbouw gasloos wordt opgeleverd (Emissiefactor = 0 kg/jr).
Tauw heeft in 2018 in opdracht van BIJ12 emissiekentallen NOx voor huishoudens bepaald vanwege sfeerhaarden en barbecues. Voor een grondgebonden woning wordt uitgegaan van een emissiefactor van 0,44 kg NOx per jaar. Voor de woningen binnen het projectgebied is deze emissie in de berekening meegenomen.
9
5. AERIUS-berekening Uitgangspunten berekeningen Met de meest recente versie van AERIUS Calculator zijn de eerdergenoemde emissiebronnen gemodelleerd, waarbij wordt opgemerkt dat: • • •
Het wegverkeer is gemodelleerd als lijnbron voor de mvb en als vlakbron voor de koude start en het stationair draaiend vrachtverkeer; AERIUS hanteert een minimum van 1,0 voertuig; De mobiele werktuigen en gebouwgebonden emissies zijn gemodelleerd als vlakbron.
Rekenresultaten realisatiefase De verspreidingsberekeningen zijn uitgevoerd met AERIUS Calculator voor het jaar ‘2026’, aangezien dit het eerste jaar is waarin de werkzaamheden theoretisch gezien kunnen worden uitgevoerd. In de AERIUS Calculator zijn zwaardere emissies voor eerdere rekenjaren opgenomen, waardoor de berekening voor dit rekenjaar een worstcase-benadering betreft. Uit de rekenresultaten blijkt dat op verschillende stikstofgevoelige leefgebieden en habitattypen van Natura 2000-gebieden geen toename aan stikstofdepositie groter dan 0,00 mol N/ha/jr plaatsvindt. Op gebieden met een hersteldoel zijn ook geen rekenresultaten groter dan 0,00 mol N/ha/jr. De rekenresultaten voor de realisatiefase zijn als bijlage 1 en 2 bij deze memo gevoegd. Rekenresultaten gebruiksfase De verspreidingsberekeningen zijn uitgevoerd met AERIUS Calculator voor het rekenjaar ‘2027’, aangezien dit het eerste jaar is waarin de nieuwbouw theoretisch gezien in gebruik kan worden genomen. Uit de rekenresultaten blijkt dat op verschillende stikstofgevoelige leefgebieden en habitattypen van Natura 2000-gebieden geen stikstofdepositie groter dan 0,00 mol N/ha/jr plaatsvindt. Op gebieden met een hersteldoel zijn ook geen rekenresultaten groter dan 0,00 mol N/ha/jr. De rekenresultaten voor de gebruiksfase zijn als bijlage 3 en 4 bij deze memo gevoegd.
Conclusie Uit de uitgevoerde voortoets stikstofdepositie blijkt dat de beoogde ontwikkeling van het IKC te Silvolde niet leidt tot een toename aan stikstofdepositie groter dan 0,00 mol N/ha/jr op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van Natura 2000-gebieden. Met betrekking tot stikstofdepositie kan worden opgemerkt dat er geen significante effecten zijn op Natura 2000gebieden. De ontwikkeling betreft dus geen Natura 2000-activiteit zoals beschreven in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), waardoor de aanvraag van een omgevingsvergunning niet aan de orde is.
10
Bijlagen Bijlage 1 AERIUS-berekening realisatiefase Bijlage 2 Extra beoordeling realisatiefase Bijlage 3 AERIUS-berekening gebruiksfase Bijlage 4 Extra beoordeling gebruiksfase
11
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura 2000gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .
handleidingen op onze website
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Gemeente Oude IJsselstreek Pastoor Bluemersplein 5, 7064 BK Silvolde Voortoets stikstofdepositie IKC Pastoor Bluemersplein 5 te Silvolde Berekend door J. Maarse
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RiJAaCQPpaQQ 02 september 2025, 14:11 OwN2000-rekengrid incl. eigen rekenpunten
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Realisatiefase 2026 - Beoogd Realisatiefase 2026 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
2026 -
8,3 kg/j
254,1 kg/j
2/8
Projectberekening
Realisatiefase 2026 (Beoogd), rekenjaar 2026 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Werktuigen 3 Anders... | Anders... | Stationair draaien vrachtverkeer 4 Verkeer | Koude start: overig | Koude start bouwverkeer Verkeersnetwerk
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
8,0 kg/j 78,8 g/j 0,2 kg/j 92,0 g/j
242,4 kg/j 7,3 kg/j 1,0 kg/j 3,4 kg/j
3/8
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
© OSM & Kadaster Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
4/8
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Realisatiefase 2026" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave.
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
5/8
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
1 2 3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
Naam
Klevsche Landwehr, Anholt. Issel, Feldschlaggr. u. Regnieter Bach (4 km) NSG Hetter-Millinger Bruch, mit Erweiterung (7 km)
Coördinaat
X:224754 Y:431688 X:221148 Y:429563 Vogelschutzgebiet 'Unterer Niederrhein' (7 km) X:221146 Y:429562 NSG Bienener Altrhein, Millinger u. Hurler Meer u. NSG X:220653 Empeler M. (10 km) Y:426232 NSG Grietherorter Altrhein (12 km) X:219424 Y:425028 Dornicksche Ward (12 km) X:216766 Y:426369 Rhein-Fischschutzzonen zwischen Emmerich und Bad X:218462 Honnef (12 km) Y:424895 Kalflack (13 km) X:213993 Y:426704 NSG Emmericher Ward (13 km) X:212418 Y:428330 Wisseler Dünen (16 km) X:218655 Y:420755 NSG Altrhein Reeser Eyland, mit Erweiterung (16 km) X:225708 Y:419667 NSG Salmorth, nur Teilfläche (17 km) X:208333 Y:428199 NSG Kellener Altrhein, nur Teilfläche, mit Erweiterung (17 X:209610 km) Y:426081 NSG Reeser Schanz (17 km) X:225147 Y:418726 NSG Sonsfeldsche Bruch, Hagener Meer und Düne, mit X:230086 Erweiterung (18 km) Y:419568 NSG Lohwardt/Reckerfeld, Hübsche Grändort, nur Teilfl., X:226273 mit Erw. (20 km) Y:416324 NSG Gut Grindt u. NSG Rheinaue zw. Km 830,7 - 833,2 , nur X:225673 Teilfl. (22 km) Y:414434 Diersfordter Wald/ Schnepfenberg (23 km) X:233422 Y:415161 Grosses Veen (24 km) X:235601 Y:415188 Burlo-Vardingholter Venn und Entenschlatt (24 km) X:247821 Y:435824 Uedemer Hochwald (24 km) X:223441 Y:411653
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
0,01 -
6/8
Projectberekening
Realisatiefase 2026, Rekenjaar 2026 1
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte Naam
Werktuigen X:223597,18 Y:436065,04 1,08 ha
NOₓ NH₃
Stageklasse
242,4 kg/j 8,0 kg/j
Brandstofverbruik
Draaiuren AdBlue verbruik
Stage-V, >= 2019 , <= 56 kW, diesel, SCR: nee
2462 l/j
1015 u/j
Werktuig op benzine, 4-Takt alle werktuigen op benzine, 4takt
410 l/j
Stage V, >= 2019, 75 - 560 kW, Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 33110 l/j diesel, SCR: ja diesel, SCR: ja Stage V, >= 2019, <= 56 kW, diesel, SCR: nee
2 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bouwverkeer Locatie X:223690,44 Y:436101,29 Lengte 591,56 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Maximum snelheid
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
3
Anders... | Anders...
4
Verkeer | Koude start: overig
Naam Stationair draaien Uittreedhoogte vrachtverkeer Warmteinhoud Locatie X:223554,47 Spreiding Y:436118,61 Oppervlakte 0,14 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Zwaar Verkeer Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig
Koude start bouwverkeer X:223536,12 Y:436080,04 0,27 ha
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
0,5 m 0,000 MW 0m
1558 u/j 1987 l/j
Stof Emissie
NOₓ
186,4 kg/j NH₃ 7,9 kg/j NOₓ 54,3 kg/j NH₃ 18,5 g/j NOₓ 1,6 kg/j NH₃ 3,1 g/j
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ 3,4 kg/j - NO₂ 0,7 kg/j - NH₃ 92,0 g/j
-
-
Aantal voertuigbewegingen
In file
7.490,0 /jaar 670,0 /jaar 340,0 /jaar 0,0 /jaar
5,0 % 5,0 % 5,0 % 0,0 %
NOₓ NH₃
7,3 kg/j 78,8 g/j
NOₓ NH₃
1,0 kg/j 0,2 kg/j
Koude starts
3.745,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
7/8
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.2.1_20250507_5b5649d2ba Database versie 2024.2.1_5b5649d2ba_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
8/8
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel AERIUS kenmerk Projectberekening: RiJAaCQPpaQQ
Dit document is een bijlage, behorende bij een Projectberekening uitgevoerd met AERIUS Calculator. De bijlage is een hulpmiddel bij het beoordelen van projecten waar sprake is van hexagonen met een hersteldoel. De bijlage bevat daartoe een overzicht van de maximale bijdrage per gebied. Voor meer uitleg over 'hexagonen met een hersteldoel' in AERIUS, zie het handboek Calculator.
Overzicht Resultaten Deze PDF is geen digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS, maar alleen een bijlage. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .
op onze website
handleidingen
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Bijbehorende projectberekening
Gemeente Oude IJsselstreek Pastoor Bluemersplein 5, 7064 BK Silvolde
Omschrijving projectberekening AERIUS kenmerk projectberekening Datum projectberekening
Voortoets stikstofdepositie IKC Pastoor Bluemersplein 5 te Silvolde RiJAaCQPpaQQ 02 september 2025, 14:11
Totale emissie
Rekenjaar
Realisatiefase 2026 - Beoogd
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
2026
Emissie NH₃
8,3 kg/j
Emissie NOₓ
254,1 kg/j
2/4
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel
Resultaten hexagonen met hersteldoel situatie "Realisatiefase 2026" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave.
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
3/4
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.2.1_20250507_5b5649d2ba Database versie 2024.2.1_5b5649d2ba_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website
RiJAaCQPpaQQ (02 september 2025)
4/4
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura 2000gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .
handleidingen op onze website
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Gemeente Oude IJsselstreek Pastoor Bluemersplein 5, 7064 BK Silvolde Voortoets stikstofdepositie IKC Pastoor Bluemersplein 5 te Silvolde Berekend door J. Maarse
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RVYeVcqHc62a 04 september 2025, 11:48 OwN2000-rekengrid incl. eigen rekenpunten
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Gebruiksfase 2027 - Beoogd Gebruiksfase 2027 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
2027 -
3,9 kg/j
49,1 kg/j
2/7
Projectberekening
Gebruiksfase 2027 (Beoogd), rekenjaar 2027 Emissiebronnen 2 3
Verkeer | Koude start: overig | Koude start Wonen en Werken | Woningen | Gebouwgebonden emissies Verkeersnetwerk
RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
1,7 kg/j 2,2 kg/j
10,9 kg/j 2,6 kg/j 35,5 kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
© OSM & Kadaster Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase 2027" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave.
RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
5/7
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
1 2 3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21
RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
Naam
Klevsche Landwehr, Anholt. Issel, Feldschlaggr. u. Regnieter Bach (4 km) NSG Hetter-Millinger Bruch, mit Erweiterung (7 km)
Coördinaat
X:224754 Y:431688 X:221148 Y:429563 Vogelschutzgebiet 'Unterer Niederrhein' (7 km) X:221146 Y:429562 NSG Bienener Altrhein, Millinger u. Hurler Meer u. NSG X:220653 Empeler M. (10 km) Y:426232 NSG Grietherorter Altrhein (12 km) X:219424 Y:425028 Dornicksche Ward (12 km) X:216766 Y:426369 Rhein-Fischschutzzonen zwischen Emmerich und Bad X:218462 Honnef (12 km) Y:424895 Kalflack (13 km) X:213993 Y:426704 NSG Emmericher Ward (13 km) X:212418 Y:428330 Wisseler Dünen (16 km) X:218655 Y:420755 NSG Altrhein Reeser Eyland, mit Erweiterung (16 km) X:225708 Y:419667 NSG Salmorth, nur Teilfläche (17 km) X:208333 Y:428199 NSG Kellener Altrhein, nur Teilfläche, mit Erweiterung (17 X:209610 km) Y:426081 NSG Reeser Schanz (17 km) X:225147 Y:418726 NSG Sonsfeldsche Bruch, Hagener Meer und Düne, mit X:230086 Erweiterung (18 km) Y:419568 NSG Lohwardt/Reckerfeld, Hübsche Grändort, nur Teilfl., X:226273 mit Erw. (20 km) Y:416324 NSG Gut Grindt u. NSG Rheinaue zw. Km 830,7 - 833,2 , nur X:225673 Teilfl. (22 km) Y:414434 Diersfordter Wald/ Schnepfenberg (23 km) X:233422 Y:415161 Grosses Veen (24 km) X:235601 Y:415188 Burlo-Vardingholter Venn und Entenschlatt (24 km) X:247821 Y:435824 Uedemer Hochwald (24 km) X:223441 Y:411653
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
-
6/7
Projectberekening
Gebruiksfase 2027, Rekenjaar 2027
1 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Verkeersgeneratie Locatie X:223638,22 Y:436165,32 Lengte 756,90 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Maximum snelheid
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Verkeer | Koude start: overig
Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig
Koude start X:223536,12 Y:436080,04 0,27 ha
Wonen en Werken | Woningen
Naam Gebouwgebonden Uittreedhoogte emissies Warmteinhoud Locatie X:223589,75 Spreiding Y:436021,15 Oppervlakte 0,15 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
Aantal voertuigbewegingen
In file
248.018,0 /jaar 39,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
5,0 % 5,0 % 5,0 % 0,0 %
NOₓ NH₃
10,9 kg/j 1,7 kg/j
Koude starts
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 3
Links Rechts NOₓ 35,5 kg/j Type scherm - - NO₂ 4,5 kg/j Hoogte - - NH₃ 2,2 kg/j Afstand tot de weg - -
40.682,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar 5,0 m 0,002 MW 1m
NOₓ
2,6 kg/j
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.2.1_20250507_5b5649d2ba Database versie 2024.2.1_5b5649d2ba_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
7/7
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel AERIUS kenmerk Projectberekening: RVYeVcqHc62a
Dit document is een bijlage, behorende bij een Projectberekening uitgevoerd met AERIUS Calculator. De bijlage is een hulpmiddel bij het beoordelen van projecten waar sprake is van hexagonen met een hersteldoel. De bijlage bevat daartoe een overzicht van de maximale bijdrage per gebied. Voor meer uitleg over 'hexagonen met een hersteldoel' in AERIUS, zie het handboek Calculator.
Overzicht Resultaten Deze PDF is geen digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS, maar alleen een bijlage. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .
op onze website
handleidingen
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Bijbehorende projectberekening
Gemeente Oude IJsselstreek Pastoor Bluemersplein 5, 7064 BK Silvolde
Omschrijving projectberekening AERIUS kenmerk projectberekening Datum projectberekening
Voortoets stikstofdepositie IKC Pastoor Bluemersplein 5 te Silvolde RVYeVcqHc62a 04 september 2025, 11:48
Totale emissie
Rekenjaar
Gebruiksfase 2027 - Beoogd
RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
2027
Emissie NH₃
3,9 kg/j
Emissie NOₓ
49,1 kg/j
2/4
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel
Resultaten hexagonen met hersteldoel situatie "Gebruiksfase 2027" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave.
RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
3/4
Bijlage projectberekening Hulpmiddel beoordeling hexagonen met een hersteldoel
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.2.1_20250507_5b5649d2ba Database versie 2024.2.1_5b5649d2ba_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website
RVYeVcqHc62a (04 september 2025)
4/4