CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Diverse bodemonderzoeken.pdf

Raadsvergadering 26 januari 2023, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 1: Bestemmingsplan Fietspad Ulft-Silvolde27.938 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Klei, ondergrond

‐

AW

PFAS MM104

102 (0,70 ‐ 1,00), 103 (0,70 ‐ 1,00), 104 (0,50 ‐ 1,00), 105 (0,50 ‐ 1,00), 107 (0,30 ‐ 0,80), 108 (0,50 ‐ 1,00), 114 (0,70 ‐ 1,00), 124 (0,50 ‐ 1,00), 127 (0,50 ‐ 1,00), 128 (0,30 ‐ 0,80)

Zand, ondergrond

‐

AW

PFAS MM105

116 (0,50 ‐ 0,80), 117 (0,30 ‐ 0,80), 117 (0,80 ‐ 1,00), 118 (0,80 ‐ 1,00), 119 (0,80 ‐ 1,00), 121 (0,70 ‐ 1,00)

Veen, ondergrond

‐

AW

<

: aangetroffen gehaltes kleiner dan achtergrondwaarde

Bbk

: de indicatieve beoordeling Bbk geldt voor de situatie "Grond, toepassing op landbodem"

AW Wonen Industrie NT

: overal toepasbaar (voldoet aan Achtergrondwaarde) : toepasbaar (bodemkwaliteitsklasse wonen) : toepasbaar (bodemkwaliteitsklasse industrie) : niet toepasbaar

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

29

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

Tabel 15 bevat de analyse‐ en de toetsingsresultaten voor grondwater bij toetsing aan streef‐ en interventiewaarden. Tabel 15

Analyse‐ en toetsingsresultaten grondwater met concentraties in µg/l

Monstercode

Traject (m ‐mv)

Gemeten verhoogde parameters (μg/l) > S‐waarde

> T‐waarde

> I‐waarde

2018 12‐1‐1

12 (1,0‐2,0)

Barium (180), Kwik (0,052)

21‐1‐1

21 (2,5‐3,5)

<

2020 108‐1‐1

1,5‐2,5

Barium (120)

119‐1‐1

1,5‐2,5

Barium (89)

120‐1‐1

1,5‐2,5

Barium (61)

124‐1‐1

1,5‐2,5

<

A2‐1‐1

2,1‐3,1

<

A1‐1‐1

2,0‐3,0

Zink (260) Xylenen (0,31)

Wbb: <

: aangetroffen gehaltes kleiner dan streef‐, tussen‐ en interventiewaarde

>S‐waarde

: aangetroffen gehalte groter dan streefwaarde

>T‐waarde

: aangetroffen gehalte groter dan tussenwaarde

>I‐waarde

: aangetroffen gehalte groter dan interventiewaarde

Tabel 16 geeft een overzicht van de ijzerconcentratie en de concentratie onopgeloste bestand‐ delen (lozingsparameters) van het grondwater en de toetsing aan het lozen van grondwater bij ontwatering uit het Besluit lozen buiten inrichtingen. Tabel 16 Monster‐ code

Analyse‐ en toetsingsresultaten lozingsparameters grondwater Situering

Concentratie ijzer‐totaal (in mg/l)

Concentratie onopgeloste bestanddelen (in mg/l)

Toetsing besluit lozen buiten inrichtingen Lozen van grondwater bij ontwatering Voldoet aan lozen in oppervlakte‐ waterlichaam Max. 50 mg/l onopgeloste bestandsdelen

Voldoet aan lozen in voorziening voor inzameling en transport van afvalwater niet zijnde vuilwaterriool Max. 50 mg/l onopgeloste bestandsdelen Max. 5 mg/l ijzer

Voldoet aan lozen in vuilwaterriool Max. 300 mg/l onopgeloste bestandsdelen

2018 12‐1‐2

Middendeel

0,076

6,8

ja

ja

ja

21‐1‐2

Marktstraat

0,15

31

ja

ja

ja

108‐1‐2

Noordelijk deel

13

32

Ja

Nee

Ja

119‐1‐2

Middendeel

2,2

20

Ja

Ja

Ja

2020

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

30

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Monster‐ code

4.7

Situering

Buro Ontwerp & Omgeving

Concentratie ijzer‐totaal (in mg/l)

Concentratie onopgeloste bestanddelen (in mg/l)

Toetsing besluit lozen buiten inrichtingen Lozen van grondwater bij ontwatering Voldoet aan lozen in oppervlakte‐ waterlichaam Max. 50 mg/l onopgeloste bestandsdelen

Voldoet aan lozen in voorziening voor inzameling en transport van afvalwater niet zijnde vuilwaterriool Max. 50 mg/l onopgeloste bestandsdelen Max. 5 mg/l ijzer

Voldoet aan lozen in vuilwaterriool Max. 300 mg/l onopgeloste bestandsdelen

120‐1‐2

Middendeel

0,51

11

Ja

Ja

Ja

124‐1‐2

Zuidelijk deel

1,3

79

nee

Nee

Ja

Interpretatie resultaten buiten tracé 2020 Een aantal boringen/analyses welke in 2018 zijn verricht vallen buiten het tracé dat in 2020 is vastgesteld. Het betreft de boringen 08 tot en met 12, 19 tot en met 22 en 23 tot en met 25. De boven‐ en plaatselijk ondergrond van de boringen 20, 21, 22 en 24, welke allemaal buiten het nieuwe tracé liggen, bevat baksteen (sporen tot zwak) en/of puin (zwak). In het samengestelde mengmonster van deze bodemlagen (MM2) is een licht verhoogd gehalte lood aangetoond. Gezien de tracéwijziging heeft ter plaatse van de puinhoudende grond geen asbest in grond onderzoek plaatsgevonden. Van de zintuiglijk schone klei uit de ondergrond van de boringen 19, 23, 24 en 25, allen buiten het nieuwe tracé, is mengmonster MM4 samengesteld welke een licht verhoogd gehalte molybdeen en een sterk verhoogd gehalte arseen bevat. De overig samengestelde mengmonsters zijn overwegend samengesteld uit boringen welke zowel binnen als buiten het nieuwe tracé vallen en zijn onderstaand beschreven onder de interpretatie van het tracé 2020. In het grondwater uit de peilbuizen 12 en 21, welke zich beide buiten het nieuwe tracé bevinden zijn respectievelijk licht verhoogde concentraties barium en kwik en geen verhoogde concentraties gemeten.

Zowel de ijzerconcentraties als de concentraties onopgeloste bestandsdelen voldoen aan de eisen voor het lozen in een oppervlaktewaterlichaam, aan het lozen in een voorziening voor inzameling en transport van afvalwater niet zijnde een vuilwaterriool als aan de eisen voor het lozen in een vuilwateriool uit het besluit lozen buiten inrichtingen.

4.8

Interpretatie tracé 2020 Grond Tijdens de uitvoering van het bodemonderzoek is zintuiglijk waargenomen dat de grond plaatselijk brokken puin en brokken baksteen bevat (boring 101). Ter plaatse heeft in 2018 reeds een asbestonderzoek plaatsgevonden, zie hoofdstuk 5. De grond uit de boringen 127 en 128 bevat sporen en brokken baksteen en puin, ter plaatse is een verkennend asbestonderzoek

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

31

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

uitgevoerd, zie hoofdstuk 5. Verder is in één van de boringen resten metaalafval waargenomen en zijn rond het midden van het tracé slib lagen met veen, veenlagen met slib en kleilagen met slib aangetroffen. In het gebied komen van nature verhoogde gehalten arseen voor. De resultaten met betrekking tot arseen zijn, gezien de aparte status, onder aan deze paragraaf separaat beschreven. De resultaten met betrekking tot de overig onderzochte parameters zijn onderstaand weergegeven. Uit het uitgevoerde bodemonderzoek blijkt dat in de klei uit de bovengrond licht verhoogde gehalten cadmium en/of PAK zijn gemeten (MM1 en MM102). Het zand uit de bovengrond bevat over het algemeen geen verhoogde gehalten (MM5, MM101 M109.1, MM107) en plaatselijk een licht verhoogd gehalte cadmium (MM106). De klei uit de ondergrond bevat geen verhoogde gehalten (MM104), een licht verhoogd gehalte zink (MM113) of een licht verhoogd gehalte molybdeen (MM108). In het zand uit de ondergrond (MM6, MM103 en MM109) zijn geen van de parameters uit het standaardpakket in verhoogde gehalten aangetoond. Het veen en slib/veen uit de ondergrond bevat geen verhoogde gehalten (MM3, MM105, MM111) en tot een licht verhoogd gehalte molybdeen (MM110) of een licht verhoogd gehalte kobalt (MM112). Arseen Het tracé bevindt zich in een gebied waar van nature verhoogde gehalten arseen voorkomen.

Uit het uitgevoerde onderzoek blijkt dat met name de klei‐ en veenlagen sterk verhoogde gehalten arseen bevatten. In de veenlagen en slib/veenlagen zijn plaatselijk licht tot matig verhoogde gehalten arseen aangetoond. Het onderzochte zand bevat overwegend licht en plaatselijk een matig verhoogd gehalte of geen verhoogd gehalte arseen. Omdat de gehalten arseen van nature verhoogd aanwezig zijn is de Wet bodembescherming niet van toepassing. Hergebruik Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit valt bijna alle grond in de bodemkwaliteitsklasse Industrie of Niet toepasbaar op basis van het gehalte arseen. Uit de Nota Bodembeheer van onder andere de gemeente Oude IJsselstreek blijkt echter dat wanneer het gemiddelde arseengehalte onder de Sanscrit‐waarde blijft (< 430 mg/kg.ds), toepassing mag plaatsvinden, mits voldaan wordt aan de (humane) risicowaarde. Op basis van de overig onderzochte parameters voldoet bijna alle grond aan de Achtergrondwaarde, dit op de klei uit de bovengrond van 2 boringen na welke Wonen betreft.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

32

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

In de praktijk betekent dit dat alle onderzochte grond, op de klei met Klasse Wonen na, overal mag worden toegepast, behalve ter plaatse van moes‐/volkstuinen. Een deel van de grond (al het zand en een deel van de klei/veen) voldoet wel aan de (humane) risicowaarde voor moes/volkstuinen (< 97 mg/kg.ds) en kan ook hier worden toegepast. De klei met indicatie klasse Wonen mag alleen niet worden toegepast in een zone waar AW als toepassingseis geldt en in verband met arseen niet ter plaatse van moes‐/volkstuinen. Veiligheid Met behulp van de berekeningssystematiek van de CROW publicatie 400 (Werken in of met verontreinigde bodem) is, gezien er sprake is van de aanwezigheid arseen boven de 75%SRC arbo, getoetst of er een veiligheidsklasse van toepassing is. In bijlage 6 is de bepaling van de voorlopige veiligheidsklasse opgenomen. Uit de bepaling blijkt dat de voorlopige veiligheidsklasse voor de gehalten arseen boven de 152,25 mg/kg ds Oranje Niet Vluchtig betreft. In dit geval gaat het om de grond uit MM113. Voor de overige grond is geen voorlopige veiligheidsklasse van toepassing. Hierbij dient opgemerkt te worden dat bij de werkzaamheden een veiligheidskundige betrokken dient te zijn om de definitieve veiligheidsklasse te bepalen en de veiligheidsmaatregelen vast te leggen.

Grondwater In het grondwater uit de peilbuizen 108, 119 en 120 zijn licht verhoogde concentraties barium gemeten. Het grondwater uit peilbuis 124 bevat geen van de onderzochte parameters in verhoogde concentraties ten opzichte van de achtergrondwaarde. Getoetst aan de eisen uit het Besluit Lozen Buiten Inrichtingen voldoen de concentraties ijzer en onopgeloste bestandsdelen in het grondwater uit alle peilbuizen aan de eisen voor het lozen in een vuilwaterriool. Op basis van de concentraties ijzer en onopgeloste bestandsdelen mag het grondwater uit peilbuis 108, 119 en 120 tevens geloosd worden in een oppervlaktewaterlichaam en het grondwater uit peilbuis 119 en 120 tevens op een voorziening voor inzameling en transport van afvalwater niet zijnde een vuilwaterriool. 4.9

Interpretatie resultaten stort In het grondwater uit peilbuis A2, welke aan de zuidzijde van de stort op circa 37 meter van het tracé is gesitueerd, zijn geen van de onderzochte parameters in verhoogde gehalten ten opzichte van de achtergrondwaarde aangetoond. Het grondwater uit peilbuis A1 welke aan de noordoostkant van de stort is gesitueerd bevalt licht verhoogde gehalten zink en xylenen.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

33

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

5

Buro Ontwerp & Omgeving

VERKENNEND ONDERZOEK ASBEST Tijdens de locatie inspectie in 2018 is waargenomen dat op het tracé ter plaatse van de aansluiting op de weg ‘Over de IJssel’ en een gedeelte van het kavelpad sprake is van de aanwezigheid van een halfverharding bestaande uit puin, baksteen en metselpuin. Deze halfverharding is verdacht voor de aanwezigheid van asbest en destijds onderzocht op de aanwezigheid van asbest. Tijdens het verkennend bodemonderzoek in 2020 zijn in de bovengrond van boring 101 brokken puin waargenomen. Deze boring is echter gesitueerd ter nabij het kavelpad. In 2018 is tevens waargenomen dat de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 m‐mv van boring 21 zwak puinhoudend is. Gezien dit deel van de locatie buiten het tracé 2020 valt is ter plaatse geen verkennend asbestonderzoek uitgevoerd. Tijdens de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek in 2020 is waargenomen dat de bovengrond van boring 127 sporen puin en sporen baksteen bevat. De bovengrond van boring 128 bevat brokken puin en brokken baksteen. Deze grond is verdacht voor de aanwezigheid van asbest en op asbest onderzocht.

5.1 Onderzoeksopzet 2018 Vanwege de aangetroffen halfverharding is, ter plaatse van halfverharding, gelijktijdig met het verkennend bodemonderzoek een verkennend onderzoek asbest in puin conform de NEN 5897 uitgevoerd. Het asbestonderzoek is uitgevoerd volgens de strategie voor halfverhardingslagen. 2020 Vanwege de aangetroffen puinbijmengingen is, ter plaatse van puinbijmengingen, aansluitend aan het verkennend bodemonderzoek een verkennend onderzoek asbest in grond conform de strategie voor een diffuus belaste locatie met een heterogeen verdeelde asbestverontreiniging op schaal van monsterneming uitgevoerd. 5.2 Veldwerkzaamheden 2018 De veldwerkzaamheden ten behoeve van het verkennend onderzoek asbest in puin zijn op 31 mei 2018 uitgevoerd. Het asbestonderzoek is in combinatie met het verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Het onderzoek is verricht door de erkende veldwerker, de heer M. van Diek van Bodem Expert te Huissen. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen kritieke afwijkingen opgetreden van de protocollen beschreven in de BRL SIKB 2000. Tabel 17 geeft een overzicht van de uitgevoerde veldwerkzaamheden. Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

34

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Tabel 17

Buro Ontwerp & Omgeving

Uitgevoerde veldwerkzaamheden onderzoek asbest in halfverharding Terreindeel

Protocol

Aantal gaten

Boornummers

Aansluiting + gedeelte kavelpad (circa 800 m2)

NEN 5897

6 gaten (30x30 cm); dikte verhardingslaag

01 t/m 06

De asbestinspectiegaten (01 t/m 06) zijn handmatig gegraven tot een diepte van circa 0,15 m‐ mv (onderzijde halfverharding) en hebben een lengte en breedte van ten minste circa 0,3 meter. Het uitgegraven materiaal is per inspectiegat, gezeefd (20 mm) en beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Alle inspectiegaten zijn na het uitvoeren van het veldwerk gedicht met uitkomende grond/puin. Bij alle asbestinspectiegaten is het vrijgekomen materiaal zintuiglijk beoordeeld op textuur, kleur en zintuiglijk waarneembare veront‐ reinigingen. De situering van de gaten is aangegeven op tekening 1 in bijlage 1.2. De gegevens van de monsterpunten zijn verwerkt tot boorprofielen, welke zijn opgenomen in bijlage 2. 2020 De veldwerkzaamheden ten behoeve van het verkennend onderzoek asbest in grond zijn 3 juli 2020 uitgevoerd door de erkende veldwerker, de heer M. Scholten van Bodem Expert te Huissen. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen kritieke afwijkingen opgetreden van de protocollen beschreven in de BRL SIKB 2000. Tabel 18 geeft een overzicht van de uitgevoerde veldwerkzaamheden. Tabel 18

Uitgevoerde veldwerkzaamheden onderzoek asbest in grond

Terreindeel

Protocol

Aantal gaten

Boornummers

Noordelijke aansluiting Paasberglaan (circa 100‐ 500 m2)

NEN 5707

4 gaten (30x30x50 cm) waarvan 1 gat wordt doorgeboord tot 2 m‐mv

129 t/m 132

De asbestinspectiegaten (129 t/m 132) zijn handmatig gegraven tot een diepte van 0,5 m‐mv en hebben een lengte en breedte van circa 0,3 meter. Gat 132 is met een boor met een grote diameter (rond 12 cm) doorgeboord tot 2 m‐mv. Het uitgegraven materiaal is per inspectiegat, gezeefd (20 mm) en beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Alle inspectiegaten zijn na het uitvoeren van het veldwerk gedicht met uitkomende grond. Bij alle asbestinspectiegaten is het vrijgekomen materiaal zintuiglijk beoordeeld op textuur, kleur en zintuiglijk waarneembare verontreinigingen. De situering van de gaten is aangegeven op tekening 1 in bijlage 1.2. De gegevens van de monsterpunten zijn verwerkt tot boorprofielen, welke zijn opgenomen in bijlage 2.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

35

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

5.3 Maaiveldinspectie en zintuiglijke waarnemingen 2018 Ter plaatse van de aansluiting op de weg ‘Over de IJssel’ en een gedeelte van het kavelpad is sprake van een open halfverhardinglaag. De halfverharding bestaat uit een sterk puin‐, sterk baksteen‐ en matig metselpuinhoudende laag van circa 15 cm dikte. Voorafgaand aan het veldwerk is het maaiveld ter plaatse van de halfverharding geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Hierbij zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Het uitgegraven materiaal is per inspectiegat gezeefd (20 mm) en afzonderlijk beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen in de fractie >20 mm. Ook hierbij zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. In de onderliggende bodem zijn eveneens geen asbestverdachte materialen waargenomen. In bijlage 7 is het asbest monsternemingsformulier ten tijde van de veldwerkzaamheden opgenomen. 2020 Voorafgaand aan het veldwerk is het maaiveld geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest‐ verdachte materialen. Hierbij zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Het uitge‐ graven materiaal is per inspectiegat gezeefd (20 mm) en afzonderlijk beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen in de fractie >20 mm. Ook hierbij zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen.

In bijlage 7 is het asbest monsternemingsformulier ten tijde van de veldwerkzaamheden opgenomen. 5.4 Laboratoriumonderzoek Ten behoeve van het analyseprogramma is rekening gehouden met de resultaten van de zintuig‐ lijke waarnemingen. Tabel 19 geeft een overzicht van de onderzochte monsters en de analyse‐ pakketten. De asbestmonsters zijn op locatie samengesteld van het uitgezeefde materiaal (fractie < 20 mm). Tabel 19

Overzicht mengmonsters

Terreindeel

Matrix

Monstercode

Deelmonsters (incl. traject in m ‐mv)

Analysepakket

Aansluiting + gedeelte kavelpad (halfverharding)

Puin

ASB‐MM01

01 t/m 06 (0‐0,15)

Asbest in puin

Grond

ASB MM101

129 en 132 (0‐0,5)

Asbest in grond

2018

2020 Noordelijke aansluiting Paasberglaan

Asbest: serpentijns asbest (chrysotiel) en amfibool asbest (amosiet, crocidoliet, anthophylliet, tremoliet en actinoliet).

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

36

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

5.5 Toetsingskader De interventiewaarde voor asbest in grond, zoals vastgesteld in de Circulaire bodemsanering 2013, bedraagt 100 mg/kg d.s. gewogen. De maximale samenstellingswaarde voor asbest in bouwstoffen (Regeling bodemkwaliteit (bijlage A, tabel 2) bedraagt eveneens 100 mg/kg ds gewogen. Gewogen wil zeggen dat de totale asbestconcentratie, de concentratie serpentijnasbest vermeerderd met 10 maal de concentratie amfibool asbest is. Het resultaat van het verkennend onderzoek is een uitspraak over de mogelijke verontreiniging van de bodem op basis van verzamelde stukken asbesthoudend materiaal en (meng)monsters van de grond. Aan de hand van het verkregen indicatieve gehalte aan asbest wordt nagegaan of nader onderzoek al dan niet noodzakelijk is. Door de lagere onderzoeksintensiteit van het verkennend onderzoek kan in deze fase niet direct worden getoetst aan de interventiewaarde. In het verkennend onderzoek wordt het gehalte getoetst aan de interventiewaarde gecorrigeerd met een factor 2. Deze correctiefactor is een maat voor de betrouwbaarheid van het verkennend onderzoek in relatie tot het nader onderzoek. Indien het asbestgehalte kleiner is dan de helft van de interventiewaarde, dus kleiner dan 50 mg/kg ds. gewogen, is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de interventiewaarde niet zal worden overschreden.

In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. 5.6

Analyseresultaten De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3.2. De analyseresultaten van de fractie < 20 mm zijn in onderstaande Tabel 20 weergegeven. Tabel 20 Monstercode

Analyseresultaten asbest in de grond in mg/kg ds gewogen Deelmonsters (incl. traject in m ‐mv)

Zintuilijk

Gewogen gehalte asbest in mg/kg ds gewogen

Type asbest

Hechtgebonden

Sterk puin, sterk baksteen, matig metselpuin (halfverharding)

<1,6

nvt

nvt

Zand, sterk baksteen, brokken puin

<0,4

nvt

nvt

2018 Aansluiting + gedeelte kavelpad (halfverharding) ASB‐MM01

01 t/m 06 (0‐0,15)

2020 Noordelijke aansluiting Paasberglaan ASB MM101

129 en 132 (0‐0,5)

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

37

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

5.7

Buro Ontwerp & Omgeving

Interpretatie Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden is zintuiglijk waargenomen dat zich binnen het tracé 2020 zowel een asbestverdachte halfverharding (zuidkant tracé) als asbestverdachte grond (noordkant tracé) bevindt. Ter plaatse van beide locatie is een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd. Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden zijn zowel op het maaiveld als in de opgegraven grond/puin geen asbestverdachte materialen (>20 mm) waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat zowel de onderzochte halfverhardingslaag (ASB MM01) als de onderzochte grond (ASB MM101) eveneens geen asbesthoudende materialen bevat in de fractie <20 mm.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

38

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

6

CIVIELTECHNISCH BODEMONDERZOEK HERBRUIKBAARHEID

6.1

Onderzoeksopzet 2018 Uit een eerste screening van het lutum en organisch stofgehalte en de boorprofielen van het in 2018 uitgevoerde verkennend bodemonderzoek blijkt dat de volgende zandlagen mogelijk geschikt zijn voor civieltechnisch hergebruik: - Matig siltig, matig tot zwak humeus, zeer fijn zand; globaal traject: 0,0 tot 0,5 m ‐mv - Matig siltig, zeer fijn zand; globaal traject: 0,7 tot 1,2 m ‐mv 2020 Uit een eerste screening van het lutum en organisch stofgehalte en de boorprofielen van het in 2020 uitgevoerde verkennend bodemonderzoek blijkt dat de volgende zandlagen mogelijk geschikt zijn voor civieltechnisch hergebruik:  Middenterrein: zand, matig fijn tot matig grof, zwak siltig, plaatselijk sporen grind, plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen plantenresten; globaal traject 0,3 tot 1,5 m‐mv  Noordelijk terrein: zand, matig fijn tot matig grof, zwak tot matig siltig, plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen grind, plaatselijk sporen plantenresten; globaal traject 0,7 tot 1,5 m‐mv. Het zand uit de bovengrond van het in 2020 onderzochte tracé bevat te veel lutum en organisch stof om het civieltechnisch gezien te hergebruiken.

6.2

Veldwerkzaamheden Voor het onderzoek is gebruik gemaakt van de tijdens de verkennend bodemonderzoeken in 2018 en 2020 verkregen grondmonsters.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

39

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

6.3

Buro Ontwerp & Omgeving

Laboratoriumonderzoek De monsters zijn ter analyse aangeboden aan het milieulaboratorium van Eurofins Analytico te Barneveld. Tabel 21 geeft een overzicht van de mengmonsters. Tabel 21

Overzicht mengmonsters

Onderzoekslocatie

Monstercode

Tracé fietspad 2018

Tracé fietspad 2020

6.4

Deelmonsters (incl. traject in m ‐mv)

Textuur

Z1

03 (0,15 ‐ 0,65), 04 (0,15 ‐ 0,65), 05 (0,15 ‐ 0,65), 06 (0,15 ‐ 0,65), 07 (0,00 ‐ 0,50), 08 (0,00 ‐ 0,50), 09 (0,00 ‐ 0,50), 10 (0,00 ‐ 0,50)

Zand, zeer fijn, matig siltig, matig tot zwak humeus

Z2

03 (0,70 ‐ 1,20), 04 (0,70 ‐ 1,20), 05 (0,70 ‐ 1,20), 06 (0,70 ‐ 1,20), 07 (0,70 ‐ 1,20), 08 (0,70 ‐ 1,20), 09 (0,70 ‐ 1,20), 10 (1,00 ‐ 1,25), 11 (0,50 ‐ 1,00)

Zand, zeer fijn, matig siltig

CIV MM101

107 (0,30 ‐ 0,80), 107 (0,80 ‐ 1,00), 107 (1,00 ‐ 1,50), 108 (0,50 ‐ 1,00), 108 (1,00 ‐ 1,50), 110 (1,00 ‐ 1,50), 114 (0,70 ‐ 1,00), 118 (1,20 ‐ 1,50)

Zand, matig fijn tot matig grof, zwak siltig, plaatselijk sporen grind, plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen plantenresten

CIV MM102

121 (1,00 ‐ 1,50), 123 (1,00 ‐ 1,50), 125 (0,70 ‐ 1,00), 127 (1,00 ‐ 1,50)

zand, matig fijn tot matig grof, zwak tot matig siltig, plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen grind, plaatselijk sporen plantenresten

Toetsingskader De resultaten van de korrelverdelingsanalyse zijn getoetst aan de artikelen 22.06.01 "zand in aanvulling of ophoging", 22.06.02 "draineerzand", 22.06.03 "zand in zandbed" en 83.16.01 "straatzand" uit de Standaard RAW‐bepalingen 2015 en 2020.

6.5

Analyseresultaten Tabel 22 geeft een overzicht van de analyseresultaten in relatie tot de civieltechnische eisen. Bijlage 3.3 bevat het analysecertificaat. Tabel 22

Civieltechnische eisen en analyseresultaten

Bodemkundige analyses (% (m/m) ds)

22.06.01

22.06.02

22.06.03

83.16.01

Z1

Z2

CIV MM101

CIV MM102

Korrelgrootte < 2 µm

≤ 8%

‐

‐

‐

5,3

4,4

2,0

5,6

Korrelgrootte < 63 µm

≤ 50%

‐

‐

‐

13,3

9,2

6,3

13,3

% op zeef 63 µm

‐

‐

‐

≥ 95%

86,7

90,8

93,7

86,7

% op zeef 250 µm

‐

≥ 50%

‐

‐

42,2

47,1

69,1

38,2

2,7

4,9

6,5

14,0

% op zeef 2 mm

‐

‐

‐

≤ 10%

8,4

3,5

% <63 µm t.o.v. materiaal door zeef 2 mm

‐

≤ 5%

≤ 15% (*A)

‐

14,5

9,5

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

40

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Bodemkundige analyses (% (m/m) ds)

Buro Ontwerp & Omgeving

22.06.01

22.06.02

22.06.03

83.16.01

% <20 µm t.o.v. materiaal door zeef 2 mm

Z1

Z2

10

7,8

CIV MM101

CIV MM102 9,5

5

Fijnheidsgetal

‐

‐

‐

1,0‐2,5

1,5

1,5

1,8

1,4

Gloeiverlies

‐

≤ 3%

≤ 3%

≤ 3%

4,3

1,3

4,3

3,0

(*A)

Indien het gehalte <63 µm zich tussen 10 en 15% bevindt, dient het gehalte <20 µm <3% te zijn.

Op basis van de onderzoeksresultaten is in de onderstaande tabel aangegeven voor welke toepassing het betreffende materiaal geschikt is. Tabel 23

Civieltechnische hergebruiksmogelijkheden

Monstercode

Deelmonsters (m ‐mv)

Textuur

22.06.01 zand in aan‐ vulling of ophoging

22.06.02 draineerzand

22.06.03 zand in zandbed

83.16.01 straatzand

Z1

03 (0,15 ‐ 0,65), 04 (0,15 ‐ 0,65), 05 (0,15 ‐ 0,65), 06 (0,15 ‐ 0,65), 07 (0,00 ‐ 0,50), 08 (0,00 ‐ 0,50), 09 (0,00 ‐ 0,50), 10 (0,00 ‐ 0,50)

Matig siltig, matig tot zwak humeus, zeer fijn zand

Voldoet

Voldoet niet

Voldoet niet

Voldoet niet

Z2

03 (0,70 ‐ 1,20), 04 (0,70 ‐ 1,20), 05 (0,70 ‐ 1,20), 06 (0,70 ‐ 1,20), 07 (0,70 ‐ 1,20), 08 (0,70 ‐ 1,20), 09 (0,70 ‐ 1,20), 10 (1,00 ‐ 1,25), 11 (0,50 ‐ 1,00)

Matig siltig, zeer fijn zand

Voldoet

Voldoet niet

Voldoet

Voldoet niet

CIV MM101

107 (0,3 ‐ 0,8), 107 (0,8 ‐ 1,0), 107 (1,0 ‐ 1,5), 108 (0,5 ‐ 1,0), 108 (1,0 ‐ 1,5), 110 (1,0 ‐ 1,5), 114 (0,7 ‐ 1,0), 118 (1,2 ‐ 1,5)

Zand, matig fijn tot matig grof, zwak siltig, plaatselijk sporen grind, plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen plantenresten

Voldoet

Voldoet niet

Voldoet niet

Voldoet niet

CIV MM102

121 (1,0 ‐ 1,5), 123 (1,0 ‐ 1,5), 125 (0,7 ‐ 1,0), 127 (1,0 ‐ 1,5)

zand, matig fijn tot matig grof, zwak tot matig siltig, plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen grind, plaatselijk sporen plantenresten

Voldoet

Voldoet niet

Voldoet niet

Voldoet niet

Het matig siltige en matig tot zwak humeuze, zeer fijne zand uit de bovengrond voldoet alleen aan "zand in aanvulling of ophoging". Dit geldt ook voor het matig fijne tot matige grove zand Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

41

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

met plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen grind en plaatselijk sporen plantenresten uit de ondergrond. Het matig siltige, zeer fijne zand uit de ondergrond voldoet aan "zand in aanvulling of ophoging" en aan "zand in zandbed”.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

42

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

7

Buro Ontwerp & Omgeving

CIVIELTECHNISCH BODEMONDERZOEK VEENLAGEN Tijdens het eerder uitgevoerde bodemonderzoek is waargenomen dat diverse veenlagen aanwezig zijn. Het is van belang dat de veenlagen binnen het onderzoeksgebied (binnen het dwarsprofiel) in beeld worden gebracht.

7.1

Onderzoeksopzet Onderstaande tabel geeft een overzicht van de tijdens het in 2018 uitgevoerde verkennend onderzoek aangetroffen veenlagen en de voorgestelde afperkende boringen. Tevens wordt gebruik gemaakt van de boringen welke geplaatst zijn ten behoeve van het verkennend bodemonderzoek. Tabel 24

Veenlagen fase 1

Boring

Diepte m‐mv

Aantal boringen

Analyses

12

0‐0,8

Breedte (noordelijk): 3 boringen tot 3 m‐mv Overig afhankelijk van boringen verkennend onderzoek

In overleg

13

0,5‐1,3

Breedte: 2 boringen tot 3 m‐mv

In overleg

14

0,5‐1,3

‐

15

0,5‐1,3

Breedte: 2 boringen tot 3 m‐mv

16

0,5‐1,3

‐

17

0,5‐1,1 1,6‐2,5

Breedte: 2 boringen tot 3 m‐mv

In overleg

18

0,8‐2,0

Vervolg tracé: 1 boring van het VO op circa 12 meter van boring 18 Breedte: 2 boringen tot 3 m‐mv

In overleg

In overleg

Op basis van de resultaten van bovenstaand onderzoek en het verkennend bodemonderzoek zijn de veenlagen tijdens een tweede fase onderzoek verder in beeld gebracht. De opzet voor fase 2 is in onderstaande tabel weergegeven. Tabel 25

Veenlagen fase 2

Oude Boring

Diepte m‐mv

Aantal boringen

Analyses

122A

1,5‐2,5

Breedte: 2 boringen tot 3 m‐mv (122B,122C)

In overleg

116

0,5‐0,8

Breedte: 2 boringen tot 3 m‐mv (116A en 116B)

In overleg

116

Lengte: 1 boring tot 3 m‐mv (133)

In overleg

116

Lengte: 1 boring tot 3 m‐mv (134) Breedte: 2 boringen tot 3 m‐mv (134A, 134B)

In overleg

116

Lengte1 boring tot 3 m‐mv (135)

In overleg

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

43

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

7.2

Buro Ontwerp & Omgeving

Veldwerkzaamheden De veldwerkzaamheden ten behoeve van fase 1 van het onderzoek zijn op 2 en 3 juli 2020 uitgevoerd door de erkende veldwerker, de heer M. Scholten van Bodem Expert te Huissen. Naar aanleiding van de zintuiglijke waarnemingen zijn op 17 juli 2020 aanvullende boringen geplaatst, eveneens door de heer M. Scholten. Tabel 26 geeft een overzicht van de uitgevoerde veldwerkzaamheden. Tabel 26

Uitgevoerde veldwerkzaamheden onderzoek civieltechnisch onderzoek veenlagen

Terreindeel

Protocol

Aantal gaten

Boornummers

maatwerk

10x 3,0 m‐mv

12A, B, C 13A 15A, B 17A, B 18A, B

maatwerk

9x 3,0 m‐mv

122B, 122C 116A, 116B 133 134, 134A. 134B 135

Fase 1 veenlagen

Fase 2 Veenlagen

7.3

Zintuiglijke waarnemingen Tabel 27 geeft een overzicht van de aanwezige veenlagen vanaf het zuidoosten richting het noordwesten. De locaties van de veenlagen zijn aangegeven op de tekening in bijlage 1.2. Tabel 27

Veenlagen

Boring

Diepte m‐mv

107

‐

108

‐

110

‐

135

‐

Beschrijving

134

0,5‐1,0

134‐A

0,5‐0,8

134‐B

0,8‐1,1

133

‐

116

0,5‐0,8

116‐A

0,5‐0,8

116‐B

0,5‐0,8

117/117‐A

0,3‐1,5

De breedte van de veenlaag is ter plaatse niet bepaald, gezien boring 12 wordt verwacht dat deze aanwezig is over de gehele breedte van het tracé

12

0‐0,8

12A

0,3‐0,8

De veenlaag bevind zich over de gehele breedte van het tracé en heeft ter plaatse van het tracé een gemiddelde dikte van 0,53 meter

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

De veenlaag bevindt zich over de gehele breedte van het tracé en heeft een gemiddelde dikte van 0,36 m

De veenlaag bevindt zich over de gehele breedte van het tracé en een gemiddelde dikte van 0,3 m

44

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Boring

Diepte m‐mv

12B

0,6‐1,0

12C

0,3‐1,0

118

0,8‐1,2

De breedte van de veenlaag is ter plaatse niet bepaald, gezien boring 12 en 13 wordt verwacht dat deze aanwezig is over de gehele breedte van het tracé

13

0,5‐1,3

13A

0,3‐0,8

De veenlaag bevind zich over de gehele breedte van het tracé en heeft ter plaatse van het tracé een gemiddelde dikte van 0,5 meter

119

0,8‐1,0

14

0,5‐1,3

De breedte van de veenlaag is ter plaatse niet bepaald

15

0,5‐1,3

De veenlaag bevindt zich alleen ter plaatse van boring 15

15A

Geen veen

15B

Geen veen

16

0,5‐1,3

120

0,9‐1,3

De veenlaag bevindt zich naar verwachting over de gehele breedte van het tracé en een gemiddelde dikte van 0,6 m

17

0,5‐1,1 1,6‐2,5

De veenlaag bevindt zich over de gehele breedte van het tracé en heeft incl. de slib/veenlaag een gemiddelde dikte van 1,63 m

17A

0,5‐1,0 1,0‐1,8 (slib/veen)* 1,8‐2,2

17B

0,5‐1,0 1,0‐1,8(veen/slib)* 1,8‐2,2

18

0,8‐2,0

18A

1,1‐2,0 (slib)* 2,0‐3,0

18B

2,0‐2,8

121

0,7‐1,0 2,0‐2,5

De breedte van de veenlaag is ter plaatse niet bepaald, gezien boring 18 wordt verwacht dat deze aanwezig is over de gehele breedte van het tracé

122‐A

1,5‐2,5

122‐B

0,8‐1,2

De veenlaag bevindt zich over de gehele breedte van het tracé en heeft een gemiddelde dikte van 0,9 m

122‐C

1,2‐2,5

123

‐

124

‐

125

‐

126

‐

127 *

Buro Ontwerp & Omgeving

Beschrijving

De veenlaag bevindt zich over de gehele breedte van het tracé en heeft incl. de sliblaag een gemiddelde dikte van 1,3 m

‐ Om een indicatie te verkrijgen van de bodemkwaliteit zijn deze monsters eveneens geanalyseerd, zie verkennend bodemonderzoek zie hoofdstuk 4.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

45

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

7.4

Buro Ontwerp & Omgeving

Interpretatie Uit het uitgevoerde onderzoek naar de aanwezigheid van veenlagen blijkt dat zich tussen de boringen 123 en 135, over een lengte van circa 360 meter, veenlagen in de bodem bevinden. De veenlagen zijn overwegend over de gehele breedte van het tracé waargenomen. Alleen ter plaatse van de boringen 15/15A/15B betreft het niet de gehele breedte van het tracé. De veenlagen verschillen in diepte en dikte. Plaatselijk is veen vanaf het maaiveld aanwezig, het veen is tot een maximale diepte van 3 m‐mv aangetroffen. De gemiddelde dikte van het veen betreft 0,86 meter. Er van uitgaande dat het veen over de gehele breedte van het tracé aanwezig is (circa 10 meter) betreft het circa 3.100 m3 veen.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

46

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

8

Buro Ontwerp & Omgeving

VERKENNEND WATERBODEMONDERZOEK Het waterbodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5720:2017 "Bodem ‐ Waterbodem ‐ Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch onderzoek".

8.1

Onderzoeksstrategie Het in 2018 vastgestelde tracé doorkruist, globaal in het midden van het tracé, een watergang (watergang 1). Het voorkeurstracé uit 2018 doorkruist daarnaast de watergang ‘De Stoerstrank’ (watergang 2). Het in 2020 vastgestelde tracé doorkruist eveneens ‘watergang 1’ maar net iets oostelijker dan het tracé uit 2018. Tabel 28 bevat de gehanteerde onderzoeksstrategie. Tabel 28

Onderzoekstrategie Terreindeel

Lengte

Verwachte stoffen

Strategie

Watergang 1 (midden onderzoekslocatie)

± 15 m

‐

LN

Watergang 2 (De Stoerstrank)

± 15 m

‐

LN

± 15 m

‐

LN

2018

2020 Watergang 1 (midden onderzoekslocatie

Onderzoeksstrategie volgens NEN 5720: LN : Lintvormig water, normale onderzoeksinspanning

8.2

Veldwerkzaamheden 2018 De veldwerkzaamheden ten behoeve van het verkennend waterbodemonderzoek zijn op 31 mei 2018 uitgevoerd door de erkende veldwerker, de heer M. van Diek van Bodem Expert te Huissen. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen kritieke afwijkingen opgetreden van de protocollen beschreven in de BRL 2003. Tabel 29 geeft een overzicht van de uitgevoerde veldwerkzaamheden. Het te onderzoeken deel van de Stoerstrank betreft een betonnen constructie, welke aanwezig is op de bodem en het talud van de watergang. Ter plaatse van deze constructie is geen slib of vaste waterbodem aanwezig om te bemonsteren.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

47

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Tabel 29

Buro Ontwerp & Omgeving

Uitgevoerde veldwerkzaamheden waterbodemonderzoek 2018 Lengte

Aantal boringen

Boornummers

Watergang 1 (midden onderzoekslocatie)

± 15 m

10 x 0,5 m ‐waterbodem

W01 t/m W10

Watergang 2 (De Stoerstrank)

± 15 m

Terreindeel

Geen boringen kunnen verrichten ivm betonnencontructie

Bij alle boringen is de vrijgekomen waterbodem zintuiglijk beoordeeld op textuur, kleur en zintuiglijk waarneembare verontreinigingen. De gegevens van de monsterpunten zijn verwerkt tot boorprofielen, welke zijn opgenomen in bijlage 2. De situering van de boringen is aangegeven op tekening 1 in bijlage 1.2. 2020 De veldwerkzaamheden ten behoeve van het verkennend waterbodemonderzoek zijn 2 juli 2020 uitgevoerd door de erkende veldwerker, de heer A. Beunk van Bodem Expert te Huissen. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen kritieke afwijkingen opgetreden van de protocollen beschreven in de BRL 2003. Tabel 30 geeft een overzicht van de uitgevoerde veldwerkzaamheden. Tabel 30

Uitgevoerde veldwerkzaamheden waterbodemonderzoek 2020 Terreindeel

Watergang 1 (midden onderzoekslocatie)

Lengte ± 15 m

Aantal boringen 10 x 0,5 m ‐waterbodem*(A)

Boornummers W101 t/m W110

*(A) om voldoende monstermateriaal te verkrijgen is 4 keer gestoken per monsternamepunt

Bij alle boringen is de vrijgekomen waterbodem zintuiglijk beoordeeld op textuur, kleur en zintuiglijk waarneembare verontreinigingen. De gegevens van de monsterpunten zijn verwerkt tot boorprofielen, welke zijn opgenomen in bijlage 2. De situering van de boringen is aangegeven op tekening 1 in bijlage 1.2. 8.3

Zintuiglijke waarnemingen 2018 In het onderzochte deel van de watergang is geen slib aangetroffen. De waterbodem bestaat voornamelijk uit zwak humeus, sterk siltig, zeer fijn zand. De waterbodem is tevens zwak hout‐ en plantenresten houdend. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de waterbodem geen asbestverdachte materialen aangetroffen. 2020 Ter plaatse van het gehele onderzochte deel van de watergang is slib aanwezig. De dikte varieert van circa 5 tot circa 30 cm. Ter plaatse van de boringen W101, W102, W103, W104, W107 en W108 bevindt zich een kleilaag met een dikte tussen de circa 10 en 30 cm onder het slib. Hieronder begint de zandlaag.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

48

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

8.4 Laboratoriumonderzoek Ten behoeve van het analyseprogramma is rekening gehouden met de resultaten van de zintuig‐ lijke waarnemingen. Tabel 31 geeft een overzicht van de onderzochte monsters en het analyse‐ pakket. Tabel 31

Analyseprogramma

Monstercode

Boring/monster (m ‐waterspiegel)

Textuur en zint. waarnemingen

Analyses

W01 (0,18 ‐ 0,50), W02 (0,19 ‐ 0,50), W03 (0,17 ‐ 0,50), W04 (0,17 ‐ 0,50), W05 (0,20 ‐ 0,50), W06 (0,20 ‐ 0,50), W07 (0,18 ‐ 0,50), W08 (0,19 ‐ 0,50), W09 (0,17 ‐ 0,50), W10 (0,19 ‐ 0,50)

Zwak humeus, sterk siltig, zeer fijn zand (hout‐ en planten resten houdend)

Standaard analysepakket waterbodem en arseen

2018, watergang 1 SMM1

2020, watergang 1

8.5

S MM101

W101 (0,39 ‐ 0,50), W102 (0,17 ‐ 0,29), W103 (0,18 ‐ 0,38), W104 (0,17 ‐ 0,50), W105 (0,25 ‐ 0,48), W106 (0,24 ‐ 0,48), W107 (0,30 ‐ 0,50), W108 (0,25 ‐ 0,34), W109 (0,30 ‐ 0,50), W110 (0,30 ‐ 0,34)

Slib

Standaard analysepakket waterbodem en arseen

S MM102

W101 (0,50 ‐ 0,60), W102 (0,29 ‐ 0,39), W103 (0,38 ‐ 0,50), W104 (0,50 ‐ 0,60), W107 (0,50 ‐ 0,80), W108 (0,34 ‐ 0,55)

Klei, siltig, zandig, sporen plantenresten

Standaard analysepakket waterbodem en arseen

PFAS S MM101

W101 (0,39 ‐ 0,50), W102 (0,17 ‐ 0,29), W103 (0,18 ‐ 0,38), W104 (0,17 ‐ 0,50), W105 (0,25 ‐ 0,48), W106 (0,24 ‐ 0,48), W108 (0,25 ‐ 0,34), W109 (0,30 ‐ 0,50) W110 (0,30 ‐ 0,34)

Slib

PFAS en organische stof

PFAS S MM102

W101 (0,50 ‐ 0,60), W102 (0,29 ‐ 0,39), W103 (0,38 ‐ 0,50), W104 (0,50 ‐ 0,60), W107 (0,50 ‐ 0,80), W108 (0,34 ‐ 0,55)

Klei, siltig, zandig, sporen plantenresten

PFAS en organische stof

Standaardanalysepakket waterbodem:

droge stof, lutum, organische stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PCB, PAK en minerale olie.

PFAS:

PFAS uit de advieslijst d.d. 12‐07‐2019

Toetsingskader De analyseresultaten van de waterbodem zijn getoetst aan de normwaarden voor toepassen van grond of baggerspecie op of in de bodem (Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1), VROM, 2007). Voor toepassing in oppervlaktewater zijn de analyseresultaten getoetst aan de in bijlage B, tabel 2 van de Regeling bodemkwaliteit gestelde, normwaarden voor het toepassen van grond en baggerspecie in oppervlaktewater en voor de bodem of oever van een oppervlaktewater. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in "bodemkwaliteitsklasse A" en "bodemkwaliteitsklasse B". De

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

49

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

bovengrens van bodemkwaliteitsklasse B is de interventiewaarde. De ondergrens van bodemkwaliteitsklasse A is de achtergrondwaarde. Bij toepassing van vrijkomend waterbodemmateriaal op landbodems wordt een andere indeling in kwaliteitsklassen gehanteerd, gerelateerd aan de bodemfunctie (Achtergrondwaarde / Wonen / Industrie binnen het generieke kader of locatie specifiek toetsingskader). De boven‐ grens voor toepassing is de maximale waarde voor de functie Industrie. Deze ligt voor een aantal stoffen lager dan de interventiewaarde (landbodem). De interventiewaarde voor landbodems ligt bovendien lager dan die voor waterbodem. Daarmee is er binnen oppervlaktewater meer hergebruik mogelijk dan op landbodems. Bij de Achtergrondwaarden is er geen verschil tussen land‐ en waterbodems. Tevens is een toetsing (msPAF) uitgevoerd ten behoeve van de vaststelling van de verspreid‐ baarheid van de baggerspecie over de aangrenzende percelen. De analyseresultaten met betrekking tot PFAS zijn indicatief getoetst aan het de Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op landbodem boven grondwaterniveau, in oppervlaktewater en verspreidbaarheid aangrenzend perceel boven grondwaterniveau uit het Tijdelijk handelingskader. 8.6 Analyseresultaten De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3.4.

Het resultaat van de toetsing is in bijlage 4.2 numeriek weergegeven voor de toetsing aan het Bbk. Tabel 32 bevat de analyse‐ en de toetsingsresultaten. Tevens is aangegeven of het materiaal verspreidbaar is over het aangrenzend perceel. Tabel 32 Monster‐ code

Analyse‐ en toetsingsresultaten waterbodem Boring/monster (m –waterbodem)

Toepassing op landbodem (BoToVa T1/tijdelijk handelingskader PFAS) Bodemfunctie‐klasse Bbk

Toepassing in oppervlakte‐ water (BoToVa T3/tijdelijk handelingskader)) Klasse‐indeling waterbodem Bbk

Verspreid‐ baarheid aangrenzend perceel (BoToVa T5)

2018 SMM1

W01 (0,18 ‐ 0,50), W02 (0,19 ‐ 0,50), W03 (0,17 ‐ 0,50), W04 (0,17 ‐ 0,50), W05 (0,20 ‐ 0,50), W06 (0,20 ‐ 0,50), W07 (0,18 ‐ 0,50), W08 (0,19 ‐ 0,50), W09 (0,17 ‐ 0,50), W10 (0,19 ‐ 0,50)

Industrie (obv arseen) Anders AW Geen PFAS onderzocht

B (obv arseen) Anders AW

Verspreidbaar

W101 (0,39 ‐ 0,50), W102 (0,17 ‐ 0,29), W103 (0,18 ‐ 0,38), W104 (0,17 ‐ 0,50), W105 (0,25 ‐ 0,48), W106 (0,24 ‐ 0,48), W107 (0,30 ‐ 0,50), W108 (0,25 ‐ 0,34), W109 (0,30 ‐ 0,50), W110 (0,30 ‐ 0,34)

Industrie (obv arseen) Anders AW

B (obv arseen) Anders AW

Verspreidbaar

AW

Toepasbaar

nvt

W101 (0,50 ‐ 0,60), W102 (0,29 ‐ 0,39), W103 (0,38 ‐ 0,50), W104 (0,50 ‐ 0,60), W107 (0,50 ‐ 0,80), W108 (0,34 ‐ 0,55)

AW

AW

Verspreidbaar

AW

Toepasbaar

nvt

2020 S MM101 PFAS S MM101 S MM102 PFAS S MM102

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

50

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

8.7 Interpretatie Interpretatie resultaten buiten tracé 2020 In 2018 is in de te kruisen watergang geen slib waargenomen. De waterbodem bestond uit zwak humeus, sterk siltig, zeer fijn zand (hout‐ en planten restenhoudend). De onderzochte waterbodem is verspreidbaar op het aangrenzende perceel. De waterbodem valt bij toepassing op land in de Klasse Industrie op basis van het gehalte arseen (43 mg/kg ds). Uit de Nota Bodembeheer van onder andere de gemeente Oude IJsselstreek blijkt echter dat wanneer het gemiddelde arseengehalte onder de Sanscrit‐waarde blijft (< 430 mg/kg.ds), toepassing mag plaatsvinden, mits voldaan wordt aan de (humane) risicowaarde. Gezien het gemeten gehalte arseen en het feit dat de overige parameters voldoen aan de achtergrondwaarde betekent dat de onderzochte waterbodem op basis van de bodemkwaliteitskaart overal op landbodem mag worden toegepast. De waterbodem valt bij toepassing op waterbodem in Klasse B. Interpretatie resultaten tracé 2020 Ter plaatse van het gehele onderzochte deel van de watergang is slib aanwezig. De dikte varieert van circa 5 tot circa 30 cm. Ter plaatse van de boringen W101, W102, W103, W104, W107 en W108 bevindt zich een kleilaag met een dikte tussen de circa 10 en 30 cm onder het slib. Hieronder begint de zandlaag. Zowel het slib als het zand zijn tevens onderzocht op PFAS.

Zowel het onderzochte slib als het onderliggende zand is verspreidbaar over het aangrenzende perceel. Het slib valt bij toepassing op land in de Klasse Industrie op basis van het gehalte arseen (22 mg/kg ds). Uit de Nota Bodembeheer van onder andere de gemeente Oude IJsselstreek blijkt echter dat wanneer het gemiddelde arseengehalte onder de Sanscrit‐waarde blijft (< 430 mg/kg.ds), toepassing mag plaatsvinden, mits voldaan wordt aan de (humane) risicowaarde. Gezien het gemeten gehalte arseen en het feit dat de overige parameters voldoen aan de achtergrondwaarde houdt in dat het onderzochte slib op basis van de bodemkwaliteitskaart overal op landbodem mag worden toegepast. Het slib valt bij toepassing op waterbodem in Klasse B. De gemeten gehaltes PFAS vormen geen belemmeringen voor de toepassingen. Het onderzochte zand is vrij toepasbaar op zowel het land als in oppervlaktewater. De concentraties PFAS vormen geen belemmeringen voor de toepassing.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

51

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

9

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

9.1

Algemeen

Buro Ontwerp & Omgeving

In opdracht van gemeente Oude IJsselstreek zijn door Buro Ontwerp & Omgeving in 2018 en 2020 diverse onderzoeken uitgevoerd ten behoeve van de aanleg van het nieuwe fietspad van Ulft naar Silvolde. Het Almende College ter plaatse van de locatie ‘Isala’ op de Paasberg wordt uitgebreid door de samenvoeging van twee andere schoollocaties. Hiertoe is het wenselijk de bereikbaarheid van de school te vergroten. Met de aanleg van een nieuw fietspad wordt onder andere de bereikbaarheid vergroot. In mei 2018 zijn door Buro Ontwerp en Omgeving diverse onderzoeken uitgevoerd ten behoeve van de civieltechnische voorbereiding. Hierbij zijn zowel een voorkeurstracé als een alternatieve route onderzocht. De gemeente heeft de procedure daarna stilgelegd omdat er nog werd gewerkt aan het ontwerp en de grondverwerving. In 2020 is het definitieve tracé vastgesteld en willen ze de bestemmingsplanprocedure vervolgen. Het nieuwe tracé wijkt deels af van het in 2017 onderzochte tracé. Bovendien wordt nog een stuk grond aangekocht. Onderhavig rapport heeft betrekking op zowel de in 2018 als de in 2020 uitgevoerde onderzoeken. De uitgevoerde onderzoeken betreffen:  Verkennend bodemonderzoek incl.

PFAS;  Verkennend onderzoek asbest in halfverharding;  Verkennend onderzoek asbest in grond;  Civieltechnisch bodemonderzoek herbruikbaarheid zand;  Civieltechnisch bodemonderzoek veenlagen;  Verkennend waterbodemonderzoek. 9.2

Conclusies Milieuhygiënische kwaliteit grond Uit de uitgevoerde onderzoeken voor alle opties van het tracé kan worden geconcludeerd dat over het algemeen maximaal licht verhoogde gehalten metalen in de grond zijn gemeten. Uitzondering hierop vormen de sterk verhoogde gehalten arseen in de klei‐ en veenlagen. Gezien er geen antropogene bronnen bekend zijn welke de verhoogde gehalten arseen kunnen hebben veroorzaakt, het aantreffen van roest en het feit dat het kenmerkend is voor een groot deel van de achterhoek dat arseen verhoogd voorkomt wordt er vanuit gegaan dat het arseen van nature verhoogd is. De Wet bodembescherming is dan ook niet van toepassing waardoor er geen sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

52

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

Wel dient bij gehalten arseen boven de 152,25 mg/kg ds rekening te worden gehouden met de voorlopige veiligheidsklasse Oranje Niet Vluchtig. In dit geval gaat het om de grond uit MM113 (ondergrond, klei, uit middendeel tracé). Voor de overige grond is geen voorlopige veiligheidsklasse van toepassing. Hierbij dient opgemerkt te worden dat bij de werkzaamheden een veiligheidskundige betrokken dient te zijn om de definitieve veiligheidsklasse te bepalen en de veiligheidsmaatregelen vast te leggen. Milieuhygiënische en civieltechnische hergebruiksmogelijkheden grond In de praktijk betekent dit dat alle onderzochte grond, op de klei met Klasse Wonen na, overal mag worden toegepast, behalve ter plaatse van moes‐/volkstuinen. Een deel van de grond (al het zand en een deel van de klei/veen) voldoet wel aan de (humane) risicowaarde voor moes/volkstuinen (< 97 mg/kg.ds) en kan ook hier worden toegepast. De klei met indicatie klasse Wonen (welke voorkomt in de bovengrond van boring 113 en 115) mag alleen niet worden toegepast in een zone waar AW als toepassingseis geldt en in verband met arseen niet ter plaatse van moes‐/volkstuinen. Het matig siltige en matig tot zwak humeuze zeer fijne zand uit de bovengrond voldoet alleen aan "zand in aanvulling of ophoging".

Dit geldt ook voor het matig fijne tot matige grove zand met plaatselijk sporen klei, plaatselijk sporen grind en plaatselijk sporen plantenresten uit de ondergrond. Het matig siltig zeer fijne zand uit de ondergrond voldoet aan "zand in aanvulling of ophoging" en aan "zand in zandbed”. Grondwater In het grondwater zijn maximaal licht verhoogde concentraties metalen aangetoond. Het grondwater kan over het algemeen geloosd worden op zowel oppervlaktewater, een voorziening voor inzameling en transport van afvalwater niet zijnde een vuilwaterriool als een vuilwaterriool. Uitzondering hierop zijn het grondwater van het noordelijk deel dat gezien het hoge ijzergehalte niet voor lozing op een voorziening voor inzameling en transport van afvalwater niet zijnde een vuilwaterriool in aanmerking komt en het grondwater aan de zuidkant van de locatie dat gezien de hoge concentratie onopgeloste bestanddelen alleen voldoet aan de eisen voor lozen in vuilwaterriool. In het grondwater uit peilbuis A2, welke aan de zuidzijde van de stort op circa 37 meter van het tracé is gesitueerd, zijn geen van de onderzochte parameters in verhoogde concentratie ten opzichte van de streefwaarde aangetoond. Het grondwater uit peilbuis A1 welke aan de noordoostkant van de stort is gesitueerd bevalt licht verhoogde gehalten zink en xylenen.

Asbest In de aangetroffen halfverhardingslaag en in de grond met bijmengingen met puin is geen asbest aangetoond.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

53

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

Waterbodem De in 2018 onderzochte waterbodem is verspreidbaar over het aangrenzende perceel. De onderzochte waterbodem mag op basis van de bodemkwaliteitskaart overal op landbodem worden toegepast. De waterbodem valt bij toepassing op waterbodem in Klasse B. Zowel het in 2020 onderzochte slib als het zand is verspreidbaar over het aangrenzende perceel. Het onderzochte slib mag op basis van de bodemkwaliteitskaart overal op landbodem worden toegepast. Het slib valt bij toepassing op waterbodem in Klasse B. De gehaltes PFAS vormen geen belemmeringen voor de toepassing. Het onderzochte zand is vrij toepasbaar op zowel het land als in oppervlaktewater. De gehaltes PFAS vormen geen belemmeringen voor de toepassing. Veenlagen Uit het uitgevoerde onderzoek naar de aanwezigheid van veenlagen blijkt dat zich tussen de boringen 123 en 135, over een lengte van circa 360 meter, veenlagen in de bodem bevinden. De veenlagen zijn overwegend over de gehele breedte van het tracé waargenomen. Alleen ter plaatse van de boringen 15/15A/15B betreft het niet de gehele breedte van het tracé. De veenlagen verschillen in diepte en dikte. Plaatselijk is veen vanaf het maaiveld aanwezig, het veen is tot een maximale diepte van 3 m‐mv aangetroffen. De gemiddelde dikte van het veen betreft 0,86 meter.

Er van uitgaande dat het veen over de gehele breedte van het tracé aanwezig is (circa 10 meter) betreft het circa 3.100 m3 veen. 9.3 Aanbevelingen In het kader van de Wet bodembescherming geven de resultaten van het uitgevoerde ver‐ kennend bodemonderzoek onzes inziens geen aanleiding tot het uitvoeren van een aanvullend of nader onderzoek. Op basis van het uitgevoerde verkennend onderzoek zien wij geen milieuhygiënische belemmering voor de voorgenomen aanleg van het fietspad. Wel dient bij de bemaling rekening te worden gehouden met de grondwaterverontreiniging ter plaatse van de stort. Aanbevolen wordt een bemalingsplan op te stellen waarbij de invloed van de onttrekking wordt bepaald. 9.4 Opmerkingen Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen. Desondanks dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef, waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses wordt uitgevoerd. Niet geheel uitgesloten kan worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is, die bij dit onderzoek niet is aangetroffen.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

54

2406.05

Diverse (milieu)onderzoeken

Buro Ontwerp & Omgeving

Tevens dient opgemerkt te worden dat het verkennend bodemonderzoek volgens de NEN 5740 niet is bedoeld voor beoordeling van de kwaliteit van de grond bij afvoer. De genoemde bodem‐ kwaliteitsklassen betreffen een indicatie. Voor afvoer van grond is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, waarover u informatie kunt inwinnen bij Buro Ontwerp & Omgeving of de betreffende gemeente.

Fietspad Ulft‐Silvolde te Silvolde

55

2406.05

Bijlagen

Bijlage 1 Situatietekeningen

Bijlage 1.1 Regionale ligging

Regionale Ligging

Bron: https://www.pdok.nl/viewer/

Hier bevindt zich de onderzoekslocatie

Bijlage 1.2 Situatietekening met boorpunten

B De 56

23 WIS00 E 3911

W F IS 36 00 77

X

WIS00 E 3339 A 23

1/N WIS00 001 E 2172

X

125

7

5

WIS00 E 4576

WIS00 E 3335

WIS00 E 3336

26

5

WIS00 WIS00 E 5162 E 5161

21

2

X X

WIS00 E 2152

X

X

A1

X

2-2A

3

3A

1

WIS00 E 2415

WIS00 E 1576

E

WIS00 E 5045

in

WIS 0 E 16 0 23

W IS 40 00 28

WIS00 E 3539

00 WIS 47 0 E5

X

WIS00 E 2007

WIS00 E 4206

WIS00 E 526

1A -1 1E1 4092

Clara-ple E

3

WIS00 E 4205

7 WIS00 E95349

WIS00 E 5042 15

1 3B

5

4

WIS00 E 5043

WIS00 E 3718

9

4

3

straat

2A

Markt

5

WIS00 E 3318

ard Prins Bernh

15 11

7

WIS00 E 3947

WIS00 E 1245 13

WIS 0 E 24 0 48

X

18A

22

-20 11

5-5F

WIS00 E 4023

9

WIS00 E 4705

1

WIS00 E 1856

WIS00 0 1 E 1655 9 WIS00 E 4995 WIS00 E 1657 8

WIS00 E 1408 7

WIS00 E8 1609WIS00 6 E 1610

18B

W IS 50 00 46

4 WIS00 E 2414

6A

1 WIS00 E 3909

WIS00 E 5734

WIS00 E 5735

WIS00 E 5044

4A

aat

1-13

nstr

ke Ker

WIS00 E 5048

9

WIS00 E 1615

5

6

X

18

WIS00 E 4052

12

WIS00 E 4889

121

21

WIS00 E 2857

WIS0 0 E 23 65

00 IS 8 W 564 E

WIS00 E 4706

19

17

WIS00 E 2604

4

WIS 0 E 23 0 64

14

10

WIS00 E 4781

19

WIS0 0 E 49 51

16

WIS00 E 451

21A

WIS00 E 4782

GDG00 T 7424

X

t

WIS 0 E 24 0 47

23

traa

18

WIS00 E 2856

16

6

WIS00 E 5067

WIS00 E 5320

1A

20

21B

WIS00 E 2439

WIS00 E 4845

WIS00 E 4993

WIS00 E 2399

WIS00 E 3910

WIS0 0 E 984

X X

WIS0 0 E 45 98

122A 122 122C 122B

rkts

WIS 0 E 24 0 50

WIS 0 E9 0 83

WIS 00 E WI 3314 S0 E1 0 516

X

X

WIS00 E 1010

WIS00 E 1009

20

Ma

23

WIS 0 E 24 0 49

X X

WIS00 E 1517

WIS00 F 3673

22

27

WIS00 E 4992

WIS00 E 2361

WIS0 E 23 0 54 WIS00 E 4952

WIS0 E 23 0 53

31 29

WIS00 E 3315

123

28

WIS 0 E 24 0 46

X

X

30

33

WIS 0 E 50 0 14 WIS00 E 4022

oek

37

1

WIS00 E 5647

11

rsh

X 32

WIS00 F 3674

9

7

WIS00 WIS00 E 5145 E 5146

WIS00 E 4780

WIS00 E 3586

WIS00 E 3587

WIS00 E 3954

t

15

13 WIS00 E 4934

rbe

X

WIS00 E 2370

WIS00 E 4936

Ha

X

WIS00 E 5209

WIS00 E 4333

4A

WIS00 E 4933

WIS00 E 4570

1-23

WIS00 E 2348

17

WIS00 E 4935

raa

WIS00 E 4332

3

24

124

sst

WIS00 E 3584 WIS00 E 3585

6

1B

25

21

Bo

WIS00 E 3950

WIS00 E 3641

WIS00 E 4204

WIS00 E 3952

WIS 0 E 52 0 10

X

X

22 WIS00 F 3675

WIS0 0 E 379 2

19

WIS00 E 4932

WIS00 E 4571

WIS00 E 4886

laa n

WIS00 E 4203

WIS0 0 E 379 3

WIS00 E 4657

X

25

21

erg

11-11D

4

WIS 0 E 53 0 93

asb

9

WIS00 E 4573

WIS00 E 4574

WIS E 2 00 349

X

00 IS 5 W 280

X

Pa

126

WIS00 E 3912

WIS00 E 3642

2

4A 9A

E

WIS00 F 3676

6

11

WIS E 5 00 394

131

13

WIS 0 E 45 0 96

Bosst raat 00 WIS 35 4 E3

X

WIS00 F 3672

00 IS 6 W 144 E

129

00 IS 5 W 486 E

X

130

WIS0 0 E 395 5

WIS00 E 4575

15 WIS00 E 1325

WIS 0 E 52 0 11 WIS 0 E 51 0 00

128

17 WIS00 E 1513

WIS00 E 4658

00 WIS 66 8 E4

WIS00 E 4931

13

WIS00 E 3248

21

WIS00 E 3710

WIS00 E 3643

WIS00 E 5022

WIS00 E 3949

WIS00 E 3709

WIS00 E 4386

WIS00 E 2408

8

127

001 00 WIS00 2/N WIS 21 E 3331 0 5 E

WIS00 E 4041

WIS00 E 4385

WIS00 E 4202

WIS00 E 4879 52

10

WIS00 E 5074

WIS0 0 E 51 01

WIS00 F 3680

23

Terborgseweg

WIS00 E 5678

132

00 WIS 4 8 E 43

WI E 4 S00 02 7

14A

16

0 S0 WI 26 3 E3

12

14

WIS00 E 2667

15

WIS00 E 3639

WIS00 E 3788

WIS00 E 3789

18

54

00 WIS 3 8 E 43

Thorbeckestraat

WIS00 E 5684

WIS00 E 3247

WIS00 E 3694

25

15A

WIS00 E 2407

WIS00 E 3787

WIS00 E 2839

0 S0 WI 249 E5

WIS00 E 4849

59

WIS00 E 3700

50

F 3 IS00 67 8

E 3107

WIS00 E 3693

WIS00 E 4659

WIS00 E 5683

WIS00 E 3786

63

00 WIS 94 5 E4

Laan van S WIS0 chuylenbu 0 rch E 52

aa nla an W

WIS00 E 5072

17

WIS00 E 5073

e reid

WIS00 E 411 X

GDG00 T 7425

17

6-8 WIS00 E 4927

WIS00 E 410

X

WIS00 F 3661

17B 17A

X

WIS00 E 4926

WIS00 E 3422

ke

r Ke

X

14

X

WIS00 E 4660

WIS00 E 5192

WIS00 E161896

WIS00 E 4914

17

15

WIS00 E 3224

WIS00 E 5579

WIS00 E 4924

20

WIS00 E 4489

X

X

WIS00 E 5023

30 WIS00 WIS00 WIS00E 4813 E 3719 E 4814

WIS00 E 3965

WIS00 E 3265

2G

WIS00 E 4492

15B WIS00 E 4925

WIS00 E 5025

WIS00 32 E 2185 WIS00 E 5641 WIS00

D

7-7

WIS00 E 4485

X

E 5642 34 WIS00 E 5643

26 X

A2

2H WIS00 E 5024

WIS00 E 4490

3

00 IS 1 W 570 E

WIS00 E 4488

4

WIS00 E 4491 2

WIS00 E 3491

15A 15

10 8 6

WIS00 E 4784

X

rh ste

o Klo

WIS00 E 3490

16

WIS00 E 4487

of

18

WIS00 E 3489

X

WIS00 E 1616

g

120

4A -1

WIS00 WIS00 E 3715 E 3713

WIS00 14 E 1895

we

16

WIS00 E 3802

00 IS W 067 3 E

WIS00 E 4783

E 5191

tse Ulf

WIS00 E 4683

Globale situering stort

ns

00 IS W 717 3 E WIS00 13 E 3066

WIS00 E 5576

WIS00 E 1534

WIS00 10 E 1561

00 WIS 578 E5 00 WIS 62 2 E3

GDG00 T 7039

atWIS00 tra

0 S0 WI 052 E5

13

WIS00 E 4710

24

WIS00 E 4928

36

13

A

15

WIS00 E 5020

WIS00 E 5019

WIS00 E 4663

WIS00 E 5012

17

38

X

X

14

00 IS W 049 5 E

X

19

WIS00 E 1916

WIS00 E 3966

WIS00 E 4929

X

13

13A

21

WIS00 E 3813

WIS00 E 3967

119

WIS00 E 5386

40

-23

X

A

23

42

X

118

25

12C

WIS00 E 3781

X

117/117A

44

X

X

eg ew

12

ts Ulf

12B 12A

GDG00 T 7041

116

115

46

116B

X

116A

114

WIS00 E 3782

WIS00 E 3971

133 48

X

11

112

113 134B

WIS00 E 4217

X

134 134A

GDG00 T 2609

135

A 50

X

111

WIS00 E 2373

110 X

WIS00 E 4215

WIS00 E 3974

WIS00 E 4216

X

10

WIS00 E 2485

WIS00 E 3969 WIS00 E 3970

109

WIS00 E 5247

WIS00 E 3972 WIS00 E 3973

WIS00 E 5248

X

GDG00 T 2608

108 X X

09

WIS00 E 2057

GDG00 T 7037

GDG00 T 7773

107 X

WIS0001 0 E 3080 /N 58

00 IS 7 W 318 S00 1 I E W 487 E

WIS00 E 3081

X

08

WIS00 E 4218

WIS00 E 3079

GDG00 T 5874

WIS00 E 5110

X

106 X

105

X

GDG00 T 3263

2A

07

GDG00 T 7490

X

X

WIS00 E 4888

WIS00 E 3975

X

X X X

X X

WIS00 E 3976

GDG00 T 7771

06

104

X

X WIS00 E 4976

GDG00 T 7980

X X

X X

05

X

X

WIS00 E 4977

X

GDG00 T 7772

X

103

X

X GDG00 T 2596

X

X

WIS00 E 399

04

X

X

X

IJss

el

X X

102 GDG00 T 2601

GDG00 T 7981

r de

X

X

03

Ove

X X

X

X

X X

X GDG00 T 2602

X X

X

X

01

101 WIS00 E 3982

02

X

X X

10

X

20

30

40

50 meter

GDG00 T 2603

X

W02

W01

X

X

Pa as be rgl

GDG00 T 2604

W04 W03 W06 W05

GDG00 T 3261

W08 GDG00 T 7474

W09

W07

X

GDG00 T 7473

W10

GDG00 T 2605

X

LEGENDA

W110

W101

Bebouwing (buitenmuur)

W109

W103

14

W108 W107

W102 W104

W105

Grondoverdracht: particulier > gemeente

Perceelsgrens (Kadaster)

X

Locatie:

Fietspad Ulft-Silvolde te Silvolde

Type:

Diversen onderzoeken

Omschrijving:

Situatietekening boorpunten en asbestinspectiegaten

Projectnr:

P2406.05

Schaal:

1 : 1000

Datum:

22-07-2020 T 3260

Boring >0,5 m-mv < 3 m-mv 2020

Getekend:

MT

Boring ≤ 0,5 m-mv 2020 Asbestinspectiegat 2020 Boring tot 0,5 m-wb

Tekeningnr:

01

Huisnummer

Boring met peilbuis 2018

Onderzoekslocatie 2018

Boring tot 3 m-mv 2018 Boring tot 2 m-mv ASB 2018

Voormalig tracé fietspad

Boring tot 1,25 m-mv 2018 Onderzoekslocatie 2020

Asbestinspectiegat 2018

aanbrengen fietspad van beton C28/35

W106

aanbrengen grasbetontegels 400x600x120 mm

Boring tot 0,5 m-wb 2018 W01 t/m W10

afwerken terrein, inzaaien gras, intensief maaien

GDG00 T 7680

greppel natuurlijk groen bloemrijk mengsel watergang X

GDG00 T 7770

Detail waterbodem 1:100

X

plaatsen afrastering plaatsen landhek aanbrengen inspectieput en duiker beton Ø 600 mm

Boring met peilbuis 2020 Boring tot 3 - 3,5 m-mv 2020

W101 t/m W110

Formaat:

A1

GDG00

Bestandsnaam: 2406.05-03

N

E 3487

E 4063

13 WIS00 E 5677

WIS00 E 5071

67

re eB

WIS00 E 3700

14A

00 WIS 66 8 E4

X

25

ber

21

gla

23

an

WIS00 E 3911

WIS00 F 3675

1/N WIS00 001 E 2172

X

125 X

F

W IS 36 00 77

2

WIS00 E 3339 A 3

WIS0 0 E 379 2

7

WIS00 E 3952

5

WIS00 E 4576

WIS00 E 3335

WIS00 E 2370

X

26

WIS0 E 45 0 98

23 X

122A 122 122C 122B

WIS00 WIS00 E 5162 E 5161

21

X

X

WIS00 0 1 E 1655 9 WIS00 E 4995 WIS00 E 1657 8

Markt

X

4

3B

WIS00 E 2415

WIS00 E 1576

WIS00 E 2414

WIS00 E 3909

WIS00 E 5734

WIS00 E 5735

E

WIS00 E 5045

7

2A W IS 0 40 0 28

WIS00 E 3539

W IS 50 00 46

4

6A

1

WIS00 E 3910

WIS00 E 2152

X

X

WIS00 E 2007

A1

WIS00 E 526 1

3

WIS00 E 4205

5

4

WIS00 E 5042 15

2-2A

3

3A

3

t

ardstraa Prins Bernh

1

5

WIS00 E 3318

WIS00 E 3947

E

9

11

7

1

WIS00 E 5043

WIS00 E 3718

WIS00 E 4023

9

WIS00 E 4706

15

WIS00 E 4206

X

22

-20

5-5F

WIS00 E 5067

WIS00 E 4705

WIS00 E 1245 13

WIS 0 E 50 0 14

00 WIS 47 0 E5

X

WIS00 E 5044

4A

Ke

WIS00 E 5048

traa

ns rke

t WIS00 E 1615

5

6

X

18

WIS00 E 4845

WIS00 E 1856

19

18B 18A

21

11

WIS00 E 1408 7

WIS00 E 4889

121

16

WIS00 E 4052

12

WIS00 E8 1609WIS00 6 E 1610

WIS00 E 2856

WIS00 E 2857

WIS0 0 E 23 65

2 17

WIS00 E 2604

4

11

WIS00 E 4022

5

WIS00 E 2399

WIS 0 E 23 0 64

WIS0 0 E 49 51

14

21A

WIS00 E 4781

19

WIS00 E 451

WIS00 E 3586

WIS00 E 3587

WIS00 E 4993

6

10

WIS00 E 4782

GDG00 T 7424

16

21B

WIS00 E 2439

WIS 0 E 24 0 48

X

WIS0 0 E 984

X

20

18

WIS 0 E 24 0 50

WIS 0 E9 0 83

WIS 00 E WI 3314 S E 1 00 516

X

X

WIS00 E 1010

WIS00 E 1009

9

1A

20

Ma rkts traa t

23

WIS 0 E 24 0 49

X X

WIS00 E 1517

WIS00 F 3673

22

27

WIS00 E 4992

WIS00 E 2361

WIS 0 E 23 0 54 WIS00 E 4952

WIS0 E 23 0 53

31 29

WIS00 E 3315

123

28

WIS 0 E 24 0 47

33

WIS 0 E 24 0 46

X

X

WIS00 F 3674

30

WIS00 E 4934

k

32

37

1

15

13

WIS00 E 4570

7

WIS00 WIS00 E 5145 E 5146

WIS00 E 4780

WIS00 E 4933

WIS00 E 4936

oe rsh rbe Ha

X X

WIS00 E 4333

4A

24

124

6

1-23

WIS00 E 2348 WIS00 E 5209

t

WIS00 E 4332

3

17

WIS00 E 3954

traa

WIS00 E 3584 WIS00 E 3585

WIS00 E 4935

Bo ss

WIS00 E 3950

WIS00 E 3336

WIS00 E 3641

WIS00 E 4204

19

WIS00 E 4932

WIS00 E 4571

1B

25

21

WIS00 E 4203

WIS0 0 E 379 3

WIS 0 E 52 0 10

X

X

22

11-11D

4

WIS 0 E 53 0 93

X X

Pa as

126

9

WIS00 E 4573

WIS00 E 4574

WIS00 E 3642

2 4A

9A WIS00 E 3912

00 IS 5 W 2 80 E

WIS00 F 3676

WIS00 E 4931

13

WIS00 E 3248

6

11

WIS E 5 00 394

131

13

WIS00 E 5022

WIS00 E 3949

WIS 0 E 45 0 96

Bosst raat 00 WIS 35 4 E3

X

WIS00 F 3672

00 IS 6 W 144 E

129

X

130

00 IS 5 W 486 E

WIS0 0 E 395 5

WIS00 E 4575

15 WIS00 E 1325

WIS E 2 00 349

128

17 WIS00 E 1513

WIS 0 E 52 0 11 WIS 0 E 51 0 00

127

WIS00 E 3710

WIS00 E 3643 WIS00 E 2408

8

WIS00 E 3709

WIS00 E 4386

1

00 00 WIS00 2/N WIS 21 E 3331 0 E5

10

WIS00 E 5074

WIS0 0 E 51 01

WIS00 F 3680

WIS00 E 4202

WIS00 E 4879 2 5

WIS00 E 4041

WIS00 E 4385

Terborgseweg

WIS00 E 5678

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4512/documents/25487