ADA - Motie opschorting onderhandelingen AZD.pdf
Tekst van het document
Onderwerp: Motie Opschorting onderhandelingen asielzoekersdorp Motie op grond van art. 36 Reglement van orde. Indiener(s): Richard de Lange (ADA) De gemeenteraad van Oude IJsselstreek, in vergadering bijeen op 26 februari 2026, Constaterende dat: 1. De raad op 17 april 2025 het geamendeerde Koersdocument huisvesting vluchtelingen heeft vastgesteld, met strikte voorwaarden voor een asielzoekersdorp, waaronder maximering van 448 opvangplekken (waarvan maximaal 368 voor asielzoekers en maximaal 80 voor statushouders); 2. De raad bij amendement van diezelfde datum nadrukkelijke voorwaarden heeft gesteld over veiligheidsvoorzieningen, flankerende voorzieningen, volledige kostendekking door het COA inclusief jeugdzorg- en politiekosten, en dat deze voorwaarden in een bij de rechter afdwingbare overeenkomst moeten worden vastgelegd; 3. De realisatie van een asielzoekersdorp in het buitengebied een bestemmingsplanwijziging vereist, waarvoor de raad de bevoegdheid heeft (artikel 147 Gemeentewet), zodat geen enkele overeenkomst uitvoerbaar is zonder raadsbesluit; 4. Het college nog geen voorstel aan de raad heeft voorgelegd met een concept-overeenkomst waarin de raadsvoorwaarden zijn verankerd en een en ander zal moeten worden vastgelegd in een dischtgetimmerde privaatrechtelijke overeenkomst, zo mogelijk versterkt in publiekrechtelijke vergunningsvoorwaarden; 5.
De gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden op 19 maart 2026 en kiezers een recht hebben te weten waar de verschillende fracties staan ten aanzien van het asielzoekersdorp; 6. Het COA tot op heden niet schriftelijk heeft bevestigd dat zij de door de raad vastgestelde voorwaarden van 17 april 2025 accepteert en naleeft; Overwegende dat: •
Het college, door onderhandelingen voort te zetten zonder schriftelijke COA-acceptatie van de raadsvoorwaarden, het risico loopt dat de raad uiteindelijk geconfronteerd wordt met een overeenkomst die niet voldoet aan de door de raad gestelde eisen;
•
De door de raad gestelde voorwaarden niet afhankelijk zijn van de exacte locatie van het voorziene asielzoekerscentrum zijn, en daarom reeds thans door het COA geaccepteerd kunnen en moeten worden, ongeacht waar de locatie van het asielzoekersdorp uiteindelijk komt te liggen;
•
Het lange tijdsverloop sinds 17 april 2025 onwenselijk en onverklaarbaar is en onze inwoners in het ongewisse laat over de daadwerkelijke voorwaarden die lokaal worden gesteld;
•
Ervaringen in andere gemeenten laten zien dat asielzoekerscentra aanzienlijke onvoorziene kosten met zich mee kunnen brengen (jeugdzorg, politie, infrastructuur). Op 17 april 2025 is weliswaar de raad in algemene termen voorgehouden dat Oude IJsselstreek niet geconfronteerd zou worden met hoge kosten, omdat deze voor rekening van het COA zouden komen, maar inmiddels is duidelijk, dat dit een onvolledig beeld is en dat er in andere gemeenten zeer aanzienlijke kosten in verband extra jeugdzorg voor rekening van die gemeenten is gekomen en de opname van “Doetinchemse” asielzoekers die kosten nog meer voor rekening van Oude IJsselstreek zouden doen komen.
•
Nader onderzoek nodig is naar de vraag of het geraden is om het aantal in Oude IJsselstreek op te vangen asielzoekers hoger te doen zijn dan 211 en dat te doen afhangen van de uitkomst van een heroverweging die de gemeenteraad aan de hand van een door het college voor 30 april 2026 te geven toelichting kan maken.
Spreekt uit: Dat voortzetting van onderhandelingen met het COA zonder voorafgaande schriftelijke bevestiging door het COA van de raadsvoorwaarden en zonder voorlegging van een concept-overeenkomst aan de raad vóór de verkiezingen van 19 maart 2026, in strijd is met de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad; En verzoekt het college: 1. De onderhandelingen met het COA over het asielzoekersdorp op te schorten totdat het COA, schriftelijk en ondubbelzinnig, heeft bevestigd dat zij akkoord gaat met alle door de raad op 17 april 2025 vastgestelde voorwaarden, waaronder: a) Maximering tot 448 opvangplekken (waarvan maximaal 368 asielzoekers en maximaal 80 statushouders); b) Veiligheidsvoorzieningen conform raadseisen; c) Volledige dekking van jeugdzorgkosten door het COA of het Rijk; d) Volledige dekking van politiekosten door het COA of het Rijk; e) Vastlegging van alle voorwaarden in een bij de rechter afdwingbare overeenkomst; 2. Pas na ontvangst van deze schriftelijke COA-bevestiging, de onderhandelingen te hervatten en vervolgens voordat bindende afspraken over een locatie zijn gemaakt, een conceptovereenkomst aan de raad voor te leggen; 3. De raad maandelijks schriftelijk te informeren over alle contacten en correspondentie met het COA, de provincie en andere betrokken partijen over dit dossier;
4. De raad uiterlijk op 30 april 2026 te informeren over: a) Welke feiten en omstandigheden Oude IJsselstreek binden aan het invullen van de 157 opvangplaatsen die volgens het raadsbesluit van 17 april 2025 zijn gebaseerd op de taakstelling van Doetinchem, gelet op het feit dat de spreidingswet voor Oude IJsselstreek een indicatieve verdeling van 211 opvangplaatsen voor asielzoekers vaststelt; b) Welke juridische en feitelijke mogelijkheden er bestaan om, binnen de door de raad gestelde eisen op de overige punten (veiligheid, jeugdzorg, politie, afdwingbare overeenkomst), van het koersdocument af te wijken en het aantal opvangplaatsen te beperken tot de voor Oude IJsselstreek volgens de spreidingswet voorziene 211 opvangplaatsen voor asielzoekers (plus maximaal 80 voor statushouders, totaal 291), in plaats van 368 asielzoekers (plus maximaal 80 statushouders, totaal 448); c) Of de bestuurlijke afspraken in het Regionaal plan huisvesting vluchtelingen Achterhoek van oktober 2024 over samenwerking met gemeente Doetinchem voor de raad bindend zijn, of dat de raad kan besluiten hiervan af te wijken.
TOELICHTING 1. Het raadsbesluit van 17 april 2025 Op 17 april 2025 heeft de gemeenteraad het Koersdocument huisvesting vluchtelingen vastgesteld. Op diezelfde datum is een amendement aangenomen dat strikte voorwaarden stelt aan een eventueel asielzoekersdorp in de gemeente. De belangrijkste voorwaarden zijn: •
Maximering tot 448 opvangplekken, waarvan maximaal 368 voor asielzoekers en maximaal 80 voor statushouders
•
Veiligheidsvoorzieningen: duidelijke afspraken over veiligheid, geen ruimte voor overlastgevers
•
Flankerende voorzieningen: kwalitatieve inpassing, bereikbaarheid, voorzieningen op of bij de locatie
•
Kostendekking: alle kosten worden gedekt door het COA, het Rijk of andere overheden
Het amendement bepaalde expliciet dat deze voorwaarden moeten worden vastgelegd in een bij de rechter afdwingbare overeenkomst met het COA. 2. Location-independence van de raadsvoorwaarden Een cruciaal punt is dat de door de raad gestelde voorwaarden niet locatie-afhankelijk zijn. Of het asielzoekersdorp nu in het noorden, oosten, zuiden of westen van de gemeente komt te liggen: •
Het maximum van 448 plekken geldt altijd
•
Veiligheidsvoorzieningen zijn altijd vereist
•
Jeugdzorgkosten moeten altijd door het COA worden gedekt
•
Politiekosten moeten altijd door het COA worden gedekt
•
Een afdwingbare overeenkomst is altijd noodzakelijk
Het college kan daarom niet aangeven dat eerst de locatie bekend moet zijn voordat deze voorwaarden door het COA kunnen worden geaccepteerd. Deze voorwaarden gelden ongeacht de locatie en kunnen dus nu reeds schriftelijk door het COA worden bevestigd. 3. Planologische noodzaak raadsbesluit De realisatie van een asielzoekersdorp in het buitengebied vereist vrijwel zeker een bestemmingsplanwijziging. Deze bevoegdheid ligt bij de gemeenteraad (artikel 147 Gemeentewet). Dit betekent dat: •
Het college geen uitvoerbare overeenkomst kan sluiten zonder instemming van de raad
•
De raad het eindoordeel heeft over de haalbaarheid van het project
•
Onderhandelingen zonder heldere raadskaders juridisch riskant zijn
Het is daarom essentieel dat het COA vooraf schriftelijk de raadsvoorwaarden accepteert, voordat het college verder onderhandelt over een overeenkomst die de raad later via de bestemmingsplanprocedure zou kunnen blokkeren. 4. Democratische legitimiteit en verkiezingen Op 19 maart 2026 vinden gemeenteraadsverkiezingen plaats. Kiezers hebben het recht te weten waar de verschillende fracties staan ten aanzien van het asielzoekersdorp. Door geen tijdig raadsvoorstel voor te leggen: •
Kunnen fracties geen duidelijk standpunt innemen vóór de verkiezingen
•
Worden kiezers onthouden van essentiële informatie voor hun stemgedrag
•
Kan een nieuwe raad na de verkiezingen geconfronteerd worden met een voldongen feit
Het coalitieprogramma 2022-2026 beloofde “maximale transparantie” en “raadsbrede toekomstvisie”. Het uitstellen van raadsbetrokkenheid tot na de verkiezingen is hiermee in strijd. 5. Ervaringen in andere gemeenten en kostenrisico’s Uit ervaringen in andere gemeenten blijkt dat asielzoekerscentra aanzienlijke onvoorziene kosten met zich mee kunnen brengen: •
Jeugdzorg: alleenstaande minderjarige vreemdelingen vallen onder gemeentelijke jeugdzorgverantwoordelijkheid, wat tot miljoenenkosten kan leiden
•
Politie: extra inzet voor veiligheid en handhaving wordt niet altijd door het Rijk vergoed
•
Infrastructuur: aanpassingen aan wegen en voorzieningen komen voor rekening van de gemeente
Deze risico’s rechtvaardigen de eis dat het COA vooraf schriftelijk bevestigt dat alle kosten door het COA of het Rijk worden gedragen. Zonder deze schriftelijke waarborg loopt de gemeente het risico op structurele meerkosten die ten laste komen van de gemeentelijke begroting. 6. Rechtszekerheid en afdwingbaarheid Het raadsbesluit van 17 april 2025 eiste dat voorwaarden in een bij de rechter afdwingbare overeenkomst worden vastgelegd. Dit is geen bureaucratische formaliteit, maar een essentiële waarborg: •
Zonder schriftelijke vastlegging zijn afspraken niet juridisch afdwingbaar
•
Mondelinge toezeggingen tijdens onderhandelingen binden het COA niet
•
Bij geschillen moet de gemeente kunnen aantonen wat is afgesproken
Het vragen van schriftelijke COA-acceptatie vóórdat onderhandelingen worden voortgezet, is daarom geen obstructie maar juist een verantwoorde werkwijze die de belangen van de gemeente en haar inwoners beschermt.
7. Verzoek om onderzoek naar taakstelling en bindende afspraken Het amendement van 17 april 2025 maximeert het aantal asielzoekersplekken tot 368. Het amendement vermeldt expliciet dat dit aantal is gebaseerd op: •
De taakstelling van Oude IJsselstreek: 211 opvangplaatsen
•
De taakstelling van Doetinchem: 157 opvangplaatsen
De motie verzoekt het college te onderzoeken of Oude IJsselstreek juridisch en feitelijk verplicht is ook de 157 Doetinchem-plaatsen in te vullen, of dat het mogelijk is het aantal te beperken tot de voor Oude IJsselstreek voorziene 211 plaatsen. Dit onderzoek is relevant omdat: •
Het Besluit gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (de “spreidingswet”) spreekt van een indicatieve verdeling per gemeente, niet van een bindende verplichting
•
Het Regionaal plan huisvesting vluchtelingen Achterhoek van oktober 2024 een bestuurlijke afspraak bevat, geen wettelijke verplichting
•
De raad zelf in april 2025 het aantal 448 heeft vastgesteld, maar kan besluiten dit te herzien, b.v. als Oude IJsselstreek moet opdraaien voor de Jeugdzorg-kosten in verband met de 157 “Doetinchemse” asielzoekers. Ook kan de verkiezingsuitslag aanleiding zijn om tot heroverweging te komen. De kern van de democratie is immers dat, als de kiezers voor andere meerderheden zorgen, dat , ook tot ander beleid kan leiden.
Het college wordt gevraagd de raad duidelijkheid te verschaffen over de juridische status van deze afspraken en de mogelijkheden om het aantal te beperken tot de eigen spreidingswet-taakstelling van 211 plaatsen voor asielzoekers (plus maximaal 80 voor statushouders). 8. Conclusie Het college heeft de raad op 17 april 2025 beloofd dat geen voorstel aan de raad zou worden voorgelegd dat niet aan de vastgestelde voorwaarden voldoet, maar treuzelt om die voorwaarden ook vast te doen leggen. De motie vraagt het college deze belofte waar te maken door: 1. Eerst schriftelijke COA-acceptatie van alle raadsvoorwaarden te verkrijgen 2. Vervolgens de raad een concept-bestuursovereenkomst voor te leggen 3. De raad maandelijks te informeren over de voortgang 4. De raad te informeren over de juridische en feitelijke mogelijkheden om het aantal plaatsen te beperken tot de eigen taakstelling Dit waarborgt dat de raad haar kaderstellende en controlerende rol kan uitoefenen en dat kiezers geïnformeerd naar de stembus kunnen.
Indiener: Richard de Lange, fractievoorzitter Achterhoeks Democratisch Alternatief (ADA)