6m - FL - Raadsvoorstel Tarieven afvalstoffenheffing 2024.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum raadsvergadering
: 21 september 2023
Zaaknummer
: 606374
Onderwerp:
: Tarieven afvalstoffenheffing en reinigingsrecht 2024
De raad wordt voorgesteld 1. Om de afvalstoffenheffing 2024 als volgt vast te stellen en deze tarieven te verwerken in de ‘Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2024’: € 170,40 vastrecht voor een perceel dat wordt gebruikt door één persoon; € 220,80 vastrecht voor een perceel dat wordt gebruikt door een meerpersoonshuishouding; € 2,50 voor het aanbieden van een zak restafval (60 liter) aan de ondergrondse container; € 8,50 voor het aanbieden van de kleine container restafval (140 liter) per keer; € 14,75 voor het aanbieden van de grote container restafval (240 liter) per keer. 2. Om het reinigingsrecht vanaf 2024 gelijk te trekken met de afvalstoffenheffing en deze tarieven te verwerken in de ‘Verordening op de heffing en de invordering van reinigingsrechten 2024’: € 220,80 (excl. BTW) voor het periodiek verwijderen van afvalstoffen van beperkte omvang of hoeveelheid € 8,50 (excl. BTW) voor het aanbieden van de kleine container restafval (140 liter) per keer; € 14,75 (excl. BTW) voor het aanbieden van de grote container restafval (240 liter) per keer. 3. Om kwijtschelding van (enkel) het vastrecht te verlenen aan huishoudens die in aanmerking komen voor kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen en deze te verwerken in de ‘Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2024’.
Aanleiding Met de implementatie van het Beleidsplan VANG, dat op 29 september 2022 door de raad is vastgesteld, willen we inwoners stimuleren om hun afval beter te scheiden en daarmee minder restafval aan te bieden. Uit het onderzoek ‘Oude IJsselstreek Spreekt’ uit 2022 blijkt dat er draagvlak is voor een financieel prikkel aan het scheiden van afval. Met de keuze om een tarief voor restafval in te voeren gaan inwoners betalen voor het aantal keren dat ze restafval aanbieden. Daarnaast betalen ze een vast bedrag voor het inzamelen en verwerken van de overige deelstromen zoals GFT, PBD, papier/karton, glas, textiel, luiers, apparaten, grofvuil, KCA en luiers. Om dit mogelijk te maken, moeten nieuwe tarieven voor de afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht worden vastgesteld. De afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht is vanaf 2024 opgebouwd uit een vast deel dat iedereen betaalt en een deel dat afhankelijk is van het aanbod van restafval (een bedrag per lediging of inworp). Om inwoners met medisch afval te compenseren voor hun extra afvalkosten heeft het college een Beleidsregel vastgesteld (zie bijlage). Wat wordt met beslissing bereikt 1. Bijdragen aan de circulaire economie door meer hergebruik van grondstoffen vanwege betere afvalscheiding en minder verbranden van restafval. 2.
Realiseren van de doelstellingen op het gebied van afvalscheiding, zoals opgenomen in het VANG-beleid.
1
Argumenten om in te stemmen met voorgestelde beslissing(en) 1.1. Met de introductie van een tarief voor restafval zetten we in één keer een grote stap om de milieu-ambities te realiseren. Het invoeren van een tarief voor restafval is een succesvol systeem om meer recyclebare grondstoffen en minder restafval te verkrijgen. In januari 2021 concludeerde IPR Normag in haar onafhankelijk onderzoek ‘Diftar als beleidsinstrument bij huishoudelijk afvalbeheer’ dat het gemiddelde verschil tussen gemeenten met en zonder een tariefsysteem in 2019 bijna 88 kilo (fijn) restafval per inwoner was. 1.2. De nieuwe tarieven geven invulling aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. Alle eenpersoonshuishoudens betalen hetzelfde vastrecht en dat geldt ook voor alle meerpersoonshuishoudens. Het tarief voor restafval hangt af van het aantal keren dat de grijze container voor restafval aan de straat wordt gezet en het volume van de container of van het aantal keren dat er afval in de ondergrondse container gestort wordt. Zo betalen mensen die goed scheiden en dus weinig restafval overhouden minder heffing dan degenen die minder goed scheiden. 1.3. De financiële prikkel is groot genoeg om bij te dragen aan een halvering van de hoeveelheid restafval. De ambitie van het VANG-beleid 2022 is om in 2025 nog maar 50 kilo restafval per persoon in te zamelen.
Dat is meer dan een halvering ten opzichte van de huidige situatie. Deze ambitie vraagt om een flinke financiële prikkel om afvalscheiding te stimuleren. De voorgestelde tarieven voor restafval zijn naar verwachting hoog genoeg om de omslag te realiseren die nodig is om de stap te zetten richting een circulaire economie in 2050. 1.4. De nieuwe tarieven beperken het financieel risico dat gepaard gaat met het invoeren van een tarief voor restafval. De geraamde opbrengsten uit het tarief voor restafval zijn 19% van de geraamde totale opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht. Als dit variabel deel hoger wordt, dan wordt ook het financiële risico voor de gemeente groter. Inwoners kunnen hun restafval namelijk minder vaak of juist vaker aan de weg zetten dan verwacht. In dit voorstel is 81% van de geraamde opbrengsten afkomstig uit het vastrecht. Dit beperkt het financiële risico, omdat het de kans op de zogeheten ‘diftar-paradox’ verkleint. Dit is een situatie waarin inwoners hun afval veel beter scheiden dan verwacht, waardoor het aanbod van restafval en dus ook de opbrengsten uit het tarief voor restafval - lager is dan verwacht. De opbrengsten dekken de kosten dan niet meer en de tarieven moeten het jaar daarna verhoogd worden.
Dit geeft een ongewenst signaal af: inwoners hebben hun best gedaan om afval te scheiden en worden 'gestraft' met een tariefstijging. 1.5. De tarieven voor vastrecht voor een eenpersoons- en meerpersoonshuishouden zorgen voor een soepele overgang van de oude naar de nieuwe situatie. De bedoeling is om het vastrecht voor de eenpersoons- en meerpersoonshuishouden jaarlijks naar elkaar toe te laten groeien. Zouden we in 2024 echter één vastrecht voor alle huishoudens invoeren, dan leidt dit tot een verhoging ten opzichte van 2023 van ongeveer € 25 van het vastrecht voor de eenpersoonshuishoudens met een kleine grijze container of ondergrondse container. Het gaat om 31% van alle huishoudens. In 2023 is het vaste tarief voor deze eenpersoonshuishoudens € 180,00. Voor 2024 is een vastrecht voor eenpersoonshuishoudens van € 170,00 voorgesteld en daarnaast betaalt elk huishouden voor de ledigingen en inworpen van het restafval.
De tarieven voor 2023 zijn: 2
Tarieven 2023
Eenpersoons
Meerpersoons
Kleine grijze container
€ 180,00
€ 240,00
Grote grijze container
€ 238,80
€ 343,80
1.6. Naar verhouding is een inworp in de ondergrondse container goedkoper dan het legen van een grijze container. De verhouding van de tarieven voor restafval is: Per inworp of lediging
Inhoud
Tarief
Per liter
Ondergrondse container
60 liter (afvalzak)
€ 2,50
€ 0,042
Kleine grijze container
140 liter
€ 8,50
€ 0,061
Grote grijze container
240 liter
€ 14,75
€ 0,061
Met het lagere tarief voor de ondergrondse containers worden bewoners van de gestapelde bouw financieel gecompenseerd voor hun woonsituatie. Vaak is het door gebrek aan ruimte in huis en het ontbreken van buitenruimte in de meeste woningen moeilijker om bakken en zakken voor afvalscheiding te plaatsen. Bovendien gooien bewoners in de praktijk hun afvalzakken niet altijd helemaal vol weg: - afvalzakken kunnen te zwaar worden om te tillen, vooral voor mensen die minder goed ter been zijn; - in huis of op het balkon bewaren van restafvalzakken kan, met name in de zomer, mogelijk overlast (geur of vliegjes) veroorzaken. Overigens is deze overlast grotendeels te voorkomen door alle etensresten goed te scheiden en bij het GFT+e te doen. 2.1. Het gelijktrekken van de tarieven voor huishoudens en KWD-bedrijven is eerlijk. Momenteel liften ongeveer 150 KWD-bedrijven mee met de inzameling van huishoudelijk afval. KWD staat voor Kantoren, Winkels en Diensten. Bij deze bedrijven ontstaat afval dat qua aard, samenstelling en hoeveelheid vergelijkbaar is met huishoudelijk afval. Voor het afvoeren van hun restafval gebruiken deze bedrijven een kleine of grote grijze container. Deze kunnen zij aanbieden tijdens de reguliere ophaalrondes van het huishoudelijk afval. Het reinigingsrecht voor KWD-bedrijven is de afgelopen jaren ongewijzigd.
Daardoor is het reinigingsrecht op dit moment lager dan de afvalstoffenheffing. Voor het gebruik van een kleine of grijze container betaalt een bedrijf in 2023 € 196,00 resp. € 260,00 (excl. 21% BTW). 2.2. Het gelijktrekken van de tarieven voor huishoudens en KWD-bedrijven voorkomt ontwijkgedrag. Als bedrijven een lager tarief betalen dan huishoudens, dan kan dat ertoe leiden dat inwoners hun restafval goedkoper gaan aanbieden via de inzameling van het bedrijfsafval. 2.3. Het invoeren van een tarief voor restafval bij KWD-bedrijven stimuleert afvalscheiding. Als bedrijven een vast tarief blijven betalen voor het reinigingsrecht, dan hebben zij geen financiële prikkel voor het goed scheiden van hun bedrijfsafval. 3.1. Om de financiële prikkel voor afvalscheiding te behouden, betalen huishoudens die in aanmerking komen voor kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen, voor hun aanbod aan restafval. Het voorstel is om enkel het vastrecht kwijt te schelden. Als ook (een deel van) de ledigingen of inworpen kwijtgescholden zouden worden, dan stimuleert dit niet om afval te scheiden.
Kanttekeningen a. Om praktische redenen vindt de afrekening van het tarief voor restafval jaarlijks achteraf plaats en wordt een 3
wisseling van vastrecht gedurende het jaar niet verrekend. Gemeente Oude IJsselstreek gaat het tarief voor restafval jaarlijks achteraf verrekenen via de aanslag van de gemeentelijke belastingen. Deze wordt elk jaar in februari verstuurd. De meeste gemeenten hebben dit op deze manier georganiseerd. Halfjaarlijks afrekenen van de ledigingen en inworpen of werken met een voorschot leidt tot extra werk en hogere kosten. De tijd die het kost om de aanslagen op te leggen en om geld terug te geven of te innen bij het werken met een voorschot zou minimaal verdubbelen. Dat geldt ook voor de kosten die gemaakt worden voor het koppelen van gegevens, het verzenden van de aanslagen en het versturen van naheffingen of teruggaven. Daarnaast leidt vaker afrekenen tot meer vragen over of bezwaren op de aanslagen. Tot slot maakt een voorschot het verlenen van kwijtschelding complex; er mag alleen kwijtschelding worden verleend op een definitieve aanslag en niet op een voorlopige aanslag. Huishoudens kunnen gedurende het jaar wisselen van samenstelling: van een eenpersoonshouden naar meerspersoonshuishouden of andersom. Om de administratieve lasten te beperken, verrekenen we het vastrecht alleen in overeenstemming met de situatie op 1 januari van het belastingjaar. Bij een overlijden waarbij niemand in de woning achterblijft en bij verhuizingen buiten de gemeente, wordt vastrecht wel verrekend.
b. Bescherming van persoonsgegevens. De gemeente Oude IJsselstreek verwerkt persoonsgegevens bij het inzamelen van afval en vanaf 2024 ook bij het opleggen van een tarief voor restafval. Iedere verwerking van persoonsgegevens valt onder de privacyregelgeving, zoals de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Persoonsgegevens mogen alleen worden verwerkt wanneer daarvoor een welbepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd doel voor bestaat. De AVG kent een verantwoordingsplicht. Dat betekent dat de gemeente in het kader van de afvalinzameling moet kunnen aantonen dat aan de basisbeginselen van rechtmatigheid, behoorlijkheid en transparantie is voldaan. We houden rekening met de privacy door een selectie te maken van de gegevens die strikt noodzakelijk zijn voor het doel en niet alle beschikbare informatie in alle applicaties te verwerken. In de memo in de bijlage is aangegeven hoe de gemeente hier invulling aan geeft.
4
Kosten, baten, dekking Het vaststellen van de voorgestelde tarieven maakt de begroting voor de afvalinzameling in 2024 sluitend. De gemaakte opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht dekken de kosten voor de afvalinzameling. Geraamde opbrengsten afvalstoffenheffing en reinigingsrecht 2024 * Opbrengsten uit vastrecht (81%)
€ 3.525.000
* waarvan tarief eenpersoons
€ 907.000
* waarvan tarief meerpersoons
€ 2.618.000
17.181 adressen, rekening houdend met leegstand 5.322 woonadressen á € 170,40 11.709 woonadressen + 150 KWD-bedrijven á € 220,80
Opbrengsten uit tarief voor restafval (19%)
€ 805.000
* waarvan ondergrondse container restafval
€ 79.000
31.441 inworpen á € 2,50 door 2.224 pashouders **
* waarvan kleine container restafval
€ 655.000
77.061 ledigingen á € 8,50 van 14.556 containers **
* waarvan grote container restafval
€ 71.000
4.817 ledigingen á € 14,75 van 1.275 containers **
Totale opbrengsten (100%)
€ 4.330.000
* Afgerond op € 1.000. ** Het aantal ledigingen en inworpen is verminderd met het verwachte aantal gebruikers van de regeling medisch afval (gratis ledigingen en inworpen) en het verwachte aantal ‘nulaanbieders’ (adressen die geen restafval aanbieden; uit ervaringscijfers van andere gemeenten blijkt dat het gemiddeld om 3,5% van de adressen gaat).
Wanneer inwoners meer of minder restafval aanbieden van verwacht, dan ontstaat een overschot of tekort op de opbrengsten uit het tarief voor restafval. Eventuele overschotten of tekorten komen ten bate of laste van de egalisatiereserve afval. Uitvoering Planning De tarieven worden opgenomen in de ‘Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2024’ en in de ‘Verordening op de heffing en de invordering van reinigingsrechten 2024’, die in november 2023 aan de raad ter vaststelling zal worden aangeboden. De nieuwe tarieven gelden vanaf 1 januari 2024. Inwoners ontvangen in februari 2024 de aanslag gemeentelijke belastingen met daarop het vastrecht voor 2024. In februari 2025 volgt de afrekening van het daadwerkelijk geregistreerde aantal ledigingen en inworpen over het jaar 2024. Op dezelfde aanslag staat het vastrecht voor 2025. Personeel N.v.t. Communicatie/participatie Voor de uitvoering van het VANG-beleid is een Communicatiestrategie vastgesteld. Op basis daarvan is een Actieplan communicatie uitgewerkt. Alle bewoners en KWD-bedrijven die reinigingsrecht betalen worden geïnformeerd over de invoering van de nieuwe tarieven via een brief, direct na het vaststellen van de tarieven door de gemeenteraad. Evaluatie/verantwoording We monitoren de effectiviteit van het VANG-beleid regelmatig, wat kan leiden tot een bijstelling van het beleid.
De raad stelt elk jaar de tarieven vast voor het daaropvolgend jaar. Bijlagen 5
1. Beleidsregel medisch afval 2. Memo bescherming van persoonsgegevens
Burgemeester en wethouders,
Ron Frerix
Otwin van Dijk
Secretaris
Burgemeester
Raadsvergadering d.d. ☐
conform voorstel
☐
zonder hoofdelijke stemming
☐
met algemene stemmen
☐
……stemmen voor……stemmen tegen
☐
aangenomen
☐
aangenomen met amendement…………
☐
aangehouden
☐
verworpen
☐
ter vergadering uitgereikt bij agendapunt
☐
in handen van B&W gesteld
☐
opmerkingen/toezeggingen……………….
☐
……………………………………………….
6
Raadsvergadering d.d. 21 september 2023
De raad van de gemeente Oude IJsselstreek, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 20 juni 2023 gelet op het bepaalde in artikel 15.33 Wet milieubeheer en artikel 229, eerste lid, onder a en b, Gemeentewet
BESLUIT: 1. Om de afvalstoffenheffing 2024 als volgt vast te stellen en deze tarieven te verwerken in de ‘Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2024’: € 170,40 vastrecht voor een perceel dat wordt gebruikt door één persoon; € 220,80 vastrecht voor een perceel dat wordt gebruikt door een meerpersoonshuishouding; € 2,50 voor het aanbieden van een zak restafval (60 liter) aan de ondergrondse container; € 8,50 voor het aanbieden van de kleine container restafval (140 liter) per keer; € 14,75 voor het aanbieden van de grote container restafval (240 liter) per keer. 2. Om het reinigingsrecht vanaf 2024 gelijk te trekken met de afvalstoffenheffing en deze tarieven te verwerken in de ‘Verordening op de heffing en de invordering van reinigingsrechten 2024’: € 220,80 (excl. BTW) voor het periodiek verwijderen van afvalstoffen van beperkte omvang of hoeveelheid; € 8,50 (excl. BTW) voor het aanbieden van de kleine container restafval (140 liter) per keer; € 14,75 (excl. BTW) voor het aanbieden van de grote container restafval (240 liter) per keer. 3. Om kwijtschelding van (enkel) het vastrecht te verlenen aan huishoudens die in aanmerking komen voor kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen en deze te verwerken in de ‘Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2024’.
Aldus besloten door de raad van de gemeente Oude IJsselstreek in zijn openbare vergadering van 21 september 2023
De griffier,
de voorzitter,
M.B.J. Looman
O.E.T. van Dijk
7