CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Reactie VNOG op zienswijze kadernota OIJ.pdf

Raadsvergadering 30 juni 2025, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 6: VNOG - programmabegroting 2026-20291.150 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad van de gemeente Oude IJsselstreek Aan het college van de gemeente Oude IJsselstreek

Datum Ons kenmerk Behandeld door Onderwerp

: 17 maart 2025 Uw brief van : 24-69754/25-099031/AM Uw kenmerk : F. Starke Bijlage(n) : reactie op zienswijzen op Concept Kadernota 2026-2029

Postbus 234 7300 AE Apeldoorn 088 310 4000 info@vnog.nl www.vnog.nl

: : : Overzicht zienswijzen

Geachte raad en geacht college, Op 12 december 2024 hebben wij u, conform de Gemeenschappelijke regeling VNOG, de concept Kadernota 2026-2029 ter zienswijze aangeboden. In de wet staat dat het dagelijks bestuur schriftelijk en gemotiveerd reageert op ingekomen zienswijzen, alvorens het algemeen bestuur een besluit neemt. Met deze brief ontvangt u onze reactie op de zienswijzen. Wij danken de raden voor hun input. We beseffen dat de reactietijd beperkt was (ook vanwege de feestdagen), maar gelet op het vervolgproces konden we niet meer tijd inruimen dan de acht weken die we in de Gemeenschappelijke Regeling VNOG hiervoor samen hebben afgesproken. Dank u voor uw begrip. Als u de afgelopen weken niet in de gelegenheid was om een zienswijze in te dienen, krijgt u komende tijd nog een nieuwe mogelijkheid. De Kadernota wordt verwerkt in de concept begroting 2026-2029. Voor de concept begroting krijgt u minimaal 12 weken de tijd voor het opstellen van een eventuele zienswijze. Een zienswijze op de Kadernota is niet verplicht en een extra optie die VNOG aanvullend biedt, bovenop de wettelijke vereisten, op verzoek van een aantal raden. Vervolgproces Het algemeen bestuur stelt de Kadernota op 27 maart a.s. definitief vast. U ontvangt daarna nog een afschrift van de definitieve Kadernota. Deze moeten wij vóór 30 april met u delen.

Zoals aangegeven, de Kadernota wordt verwerkt in de concept begroting 2026-2029. Op 3 april behandelt het dagelijks bestuur deze concept begroting. Daarna gaat de begroting ter zienswijze naar de raden toe. Conform de wet staat hier 12 weken voor. We hebben gehoor gegeven aan wensen van raden om deze zienswijzenperiode zo te plannen dat hij voor het zomerreces is afgerond. Zo kunnen de raden van de volle 12 weken gebruik maken. Het dagelijks bestuur zal naar verwachting begin juli reageren op de ingekomen zienswijzen.

Het algemeen bestuur stelt vervolgens de begroting definitief vast in haar eerste vergadering na de zomer (11 september a.s.). De begroting moeten wij voor 15 september hebben vastgesteld. Wij zullen u daarna informeren over het besluit van het algemeen bestuur en u dan ook de definitieve begroting toesturen. Reactie op de zienswijzen – algemeen Een totaaloverzicht van alle ingediende zienswijzen en onze reactie daarop treft u bijgevoegd aan. Dit overzicht zullen wij op 27 maart ook aan het AB voorleggen. Wij hebben de Kadernota niet verder aangepast. Wij leggen de Kadernota nu ter vaststelling aan het algemeen bestuur voor (27 maart). Meerdere gemeenten roepen op tot verdere matiging. Wij hebben begrip voor deze reactie, maar we zien geen mogelijkheden om hier verder aan bij te dragen. Dat heeft diverse redenen. Wij hebben met ingang van 2026 al € 1,9 mln. uit de begroting geschrapt en het lijkt er sterk op dat het Rijk ons een korting van 10% op onze Rijksbijdrage (de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding, BDuR; voor VNOG gaat het om € 1,1 mln.) oplegt. In 2020 is met de Toekomstvisie gekozen voor het basisscenario voor VNOG. Wij hebben daar een sobere bedrijfsvoering tegenover gezet, zo is er geen budget voor inhuur. Deze situatie in de context van de inhoudelijke (o.a.

weerbaarheid) en genoemde financiële uitdagingen en risico’s die de komende jaren op ons pad liggen, maakt dat VNOG moet waken om financieel gezond te blijven. Reactie op uw zienswijze In reactie op de specifiek door u ingediende zienswijze: U spreekt uw waardering uit voor de wijze waarop de concept Kadernota tot stand is gekomen. Dank daarvoor. U vraagt aandacht voor de financiële positie van gemeenten, waar de gemeenschappelijke regelingen een bijdrage aan moeten leveren. U erkent en waardeert hierin onze reeds gerealiseerde bijdrage. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland.

Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. U doet een tweetal suggesties waar eventueel structureel ruimte in de kadernota te vinden zou zijn. Deze gaan we bij langs: 1. De post Onvoorzien is inmiddels afgeraamd naar het minimumbedrag van € 250.000. Dit minimum is, in afstemming met alle gemeenten, vastgelegd in de Financiële Verordening van VNOG. Deze aframing is onderdeel van de € 1,9 miljoen aan demping.

2

2. Een loonsombegroting op medewerkersniveau zou leiden tot jaarlijkse fluctuaties die de deelnemers van een gemeenschappelijke regeling voor ongewenste verrassingen kunnen plaatsen. Relatief veel personeelsleden van VNOG zitten aan het einde van hun salarisschaal in verband met de leeftijdsopbouw, dat betekent dat het baseren op werkelijke loonkosten betrekkelijk weinig financieel oplevert. Wel nemen de risico’s toe gezien de begroting van een gemeenschappelijke regeling als VNOG zo ver van tevoren wordt vastgelegd. Tenslotte draagt u ons met klem op om, naast uw suggesties, actief en doortastend aanvullende bezuinigingsopties te onderzoeken. We verwijzen hierbij naar de bovenstaande antwoorden. Daarenboven gaat VNOG de komende jaren verder met de doorontwikkeling van haar bedrijfsvoering, waarbij we ook kijken naar de strategische personeelsplanning (komende pensioneringen, veranderde behoeften qua toekomstige type vaardigheden, nieuwe automatiseringsstappen) en of hier mogelijkheden tot besparingen liggen. Eerdere onderzoeken hebben overigens laten zien dat de overheadkosten van VNOG in relatie tot andere veiligheidsregio’s beperkt zijn. Als onderdeel van de doorgevoerde demping is de bedrijfsvoering op onderdelen reeds gestroomlijnd. Er zijn de afgelopen jaren echter ook nieuwe opgaven en taken bij gekomen.

Bovendien leven we in tijden van snelle verandering die soms vragen om versterking van bedrijfsvoeringaspecten en/of nieuwe accenten. We moeten hier ook rekening mee houden. VNOG moet waakzaam blijven om de bedrijfsvoering niet te ver uit te hollen, want dat kan onverantwoorde risico’s met zich meebrengen. We komen hier in de jaarrekening en begroting ook op terug. Tenslotte Wij danken u hartelijk voor de betrokkenheid bij VNOG. Met vriendelijke groet, Namens het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland,

drs. D.G.L. Kransen secretaris

A.J.M. Heerts voorzitter

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4981/documents/31603