CConstaterende datOude Ijsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

3.Toelichting.pdf

Raadsvergadering 23 mei 2024, gemeente Oude IjsselstreekBij agendapunt: 6: Bestemmingsplan Veldstraat ongenummerd, Ulft15.165 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Toelichting

Ontwerpbestemmingsplan ‘Veldstraat ongenummerd Ulft’ Locatie: plangebied afgesplitst van percelen Bongersstraat 60 en Veldstraat 31B.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

1

Inhoudsopgave 1. Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Geldende plannen 1.4 Leeswijzer 2. Beschrijving van het plan 2.1 Bouwgeschiedenis en ruimtelijke structuur 2.2 Huidige situatie 2.3 Toekomstige situatie 3. Beleid 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid 4. Haalbaarheid 4.1 Bodem 4.2 Archeologie & Cultuurhistorie 4.3 Flora en fauna & stikstofdepositie 4.4 Geluid 4.5 Luchtkwaliteit 4.6 Bedrijven en milieuzonering 4.7 Externe veiligheid 4.8 Water 4.9 Parkeren en verkeer 4.10 Kabels en leidingen 4.11 Milieueffectrapportage 5. Juridische planopzet 5.1 Algemeen 5.2 Dit bestemmingsplan 6. Uitvoerbaarheid van het plan 6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

3 3 3 4 5 6 6 8 9 12 12 15 19 21 28 28 28 28 31 32 33 34 35 39 40 40 42 42 43 45 45 45

Bijlagen: Bodemonderzoeken, bureau Lycens, rapportnr. 2020-0382 d.d. 13 01 2021 en 2022-0513 d.d. 07 09 2022; Quickscans flora en fauna, Staring Advies, rapportnr. 2179 d.d. 18 12 2020 en 2483 d.d. 03 10 2022; Nader onderzoek flora en en fauna, bureau Lycens, rapportnr. 2023-0138 d.d. 10 11 2023; Archeologisch onderzoek, bureau Hamaland, rapportnr. 202965, fase 1, d.d. 06 10 2020 en fase 2, d.d. 17 10 2022; Akoestisch onderzoek, K+ adviesgroep, rapportnr. Rm200655aaA0.quro d.d. 25 11 2020; Stikstofberekening, bureau Lycens, rapportnr. 2023-0138 d.d. 23 10 2023; Onderzoek parkeerbalans, Planburo Oosterink, rapportnr PBO230509.1 d.d. 09 05 2023; Erfinrichtingsplan/Basisgroen-plankaart A3, Planburo Oosterink, 13 03 2023. Reactienota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen.

Colofon Opdrachtgever Project Datum IMRO Rapportnummer

: Particulier (PM) : Bestemmingsplan Veldstraat ongenummerd Ulft : 21 februari 2024 : NL.IMRO.1509.BP000217-VA01 Ulft, Veldstraat ongenummerd : PBO22092901.5

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

2

Toelichting Bestemmingsplan Veldstraat ong., Ulft

1.

Inleiding

1.1

Aanleiding

Aanleiding is het verzoek van twee particulieren voor de realisatie van twee levensloopbestendige woningen (LLB woningen) aan de Veldstraat. Dit is in strijd met het vigerende bestemmingsplan ‘De Wesenthorst 2005’ . Het college van Burgemeester en Wethouders heeft besloten in principe mee te werken aan de bouw van twee levensloopbestendige woningen. Hiervoor is het onderhavige bestemmingsplan ‘Ulft, Veldstraat ongenummerd’ opgesteld. Deze toelichting beschrijft waarom de plannen inpasbaar zijn volgens de Wet ruimtelijke ordening (Wro).

1.2

Ligging Plangebied:

Het plangebied ligt aan de Veldstraat/Bongersstraat 60 in Ulft, kadastraal nummer 8276 sectie T. Het betreft een gedeelte van de tuin achter nr. 60, af te splitsen en te ontsluiten vanaf de Veldstraat (west) én een afgesplitst deel van Veldstraat 31b, kadastraal perceel 8281. Het plangebied ligt tussen de huisnummers 31 a en b.

Plangebied

`

Lokale situering plangebied Veldstraat ong. Ulft

Bron: Google Maps.

Het plangebied ligt in de woonbuurt Ulft-Oost ten zuiden van het centrum van Ulft.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

3

Plangebied

Veldstraat 31b Bongersstraat 60

Lokale situering Plangebied Veldstraat ong. Ulft

Bron: Google Maps

Het plangebied betreft een af te splitsen gedeelte van de achtertuin van Bongersstraat 60 in Ulft aan de Veldstraat (west) én een tuindeel ten noorden van Veldstraat 31b.

1.3

Geldende plannen:

Het plangebied valt in het bestemmingsplan “Wesenthorst 2005”, geheel onherroepelijk d.d. 23 november 2005.

Plangebied

Uitsnede vigerend bestemmingsplan

Bron: Ruimtelijke Plannen

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

4

Het plangebied heeft de bestemming “Groenvoorziening”. Dit suggereert een openbaar groengebied, het betreft echter een achtertuin behorend bij de percelen Bongersstraat 60 en een tuindeel ten noorden van Veldstraat 31b. Deze percelen zijn in particulier eigendom.

Uitsnede regels bestemmingsplan ‘De Wesenthorst 2005’

Bron: Ruimtelijke Plannen

In de bestemming “Groenvoorziening” is woningbouw niet toegestaan. Conclusie: De initiatieven voor 2 woningen voor het plangebied Veldstraat zijn op basis van het vigerende bestemmingsplan niet toegestaan in de bestemming “Groenvoorziening”. Het college van Burgemeester en Wethouders is bereid haar medewerking te verlenen aan de procedure en zal het ontwerpbestemmingsplan aanbieden aan de gemeenteraad voor vaststelling.

1.4

Leeswijzer:

In deze toelichting worden achtereenvolgens beschreven:    

Hoofdstuk 2, een beschrijving van het plan, zowel bestaande als nieuwe situatie; Hoofdstuk 3, beleid van de verschillende overheden en de toetsing aan dit beleid; Hoofdstuk 4, de omgevingsaspecten met milieuonderzoeken en toetsing; Hoofdstuk 5, de onderbouwing van de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

5

2.

Beschrijving van het plan

2.1

Bouwgeschiedenis en ruimtelijke structuur

Plangebied

Situatie 1925

Villa Berghuis

Bron: Tijdreis (kadaster)

Bron: Drimble

Het plangebied ligt aan de Veldstraat direct ten zuiden van de voormalige villa “Berghuis” op de hogere oeverwal met rivierduin van de Oude IJssel. De oeverwal lag ca. 4 m. hoger dan de omgeving. Op de oeverwal was een bosachtige beplanting aanwezig. De Bongersstraat en de Veldstraat (randweg langs de velden van de Wesenthorst) zijn nog herkenbaar als oorspronkelijke linten van ontsluiting richting Gendringen en lopen aan weerszijden van de duintop op de oeverwal. De villa “Berghuis” is geleidelijk in verval geraakt en rond 1974 gesloopt. _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

6

Op de oeverwal werden vanaf de twintiger jaren van de vorige eeuw meer villa’s gebouwd voor de “gegoede burgerij”. Ook de villa “ Nieuw Bijdorp” van Bongersstraat 60 werd in die periode gebouwd (1923). De bosachtige aanplant op de oeverwal is geleidelijk ongevormd tot tuinen. Deels oude monumentale bomen zijn hier nog restanten van. Ook langs de Bongersstraat staan oude beuken.

Villa “Nieuw Bijdorp” Bongersstraat 60 (af te splitsen kaveldeel)

Bron: Streetview

Het “ijzerdorp” Ulft heeft in de zeventiger jaren een forse groei doorgemaakt waarin het agrarische dorp met ijzerindustrie samen met buurdorp Gendringen en buurtschap Oer is gegroeid tot een verstedelijkte zone langs de Oude IJssel.

Plangebied

Situatie 1955

Bron: Tijdreis (kadaster)

Rond 1955 is de oudste dorpsuitbreiding Wesenthorst ten westen van het plangebied gerealiseerd. Dit was een strakke rechtlijnige blokverkaveling. In de tachtiger jaren vond verdere uitbreiding plaats aan de Dierenriem en omgeving en met nieuwbouwbuurten langs de nieuwe dorpsontsluitingsweg Debbeshoek door de lager gelegen velden van de Wesenthorst tussen Ulft en Gendringen. _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

7

Plangebied

Situatie 1990

2.2

Bron: Tijdreis (kadaster)

Huidige situatie:

Het plangebied betreft het westelijke deel van de bostuin van Villa “Nieuw Bijdorp” welke doorloopt tot aan de Veldstraat én een deel ten noorden van de woning Veldstraat 31b. Aan weerszijden van deze tuinen staan woningen in een lint langs de Veldstraat. Dit deel van de tuinen is deels begroeid met bomen en sierheesters (veelal laurier en hulst). De bomen staan vooral in de rand (zie ook paragraaf 2.3).

Plangebied

Het plangebied ligt in de woonwijk Wesenthorst. Het is een woongebied met gemengde inrichting van rijen woningen ten westen van het plangebied uit de vijftiger jaren en villa’s op de oude hogere oeverwal tussen Veldstraat en Bongersstraat. Rond het plangebied waren oorspronkelijk bedrijfsactiviteiten zoals de voormalige ijzergieterij van Beckers en Bongers tussen Oude IJssel en de oeverwal. Dit gebied is inmiddels al decennia omgevormd tot woongebied. Alleen ten noorden van _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

8

het plangebied zijn nog restanten van bedrijvigheid aanwezig. Het grondgebruik rond het plangebied is geheel woongebied, woningen en tuinen en openbare ruimte met wegen, parkeren en groen.

2.3

Toekomstige situatie:

Het initiatief betreft bouwplannen voor twee levensloopbestendige woningen in gedeelten van de tuinen met bestemming “Groenvoorziening”. Deze tuindelen worden als kadastraal perceel afgesplitst.

Verbeelding bestemmingsplan Veldstraat ong. Ulft (verkleind)

bron: Planburo Oosterink

De gemeente Oude IJsselstreek zet in op meer variatie in woningaanbod en levensloopbestendige woningen hebben daartoe de prioriteit. Op die wijze geeft een woonsituatie geen aanleiding tot verhuizen voor bewoners op latere leeftijd. De kavels in dit plan zijn relatief beschouwd groot. Om die reden worden de bouwmogelijkheden in dit plan beperkt middels opname van een bestemming ‘Tuin’ waarin bebouwing wordt uitgesloten. De woningen voegen zich in het lint van woningen langs de Veldstraat en de rooilijn van belendende woningen. De woningen worden ontworpen als ‘levensloop bestendige woningen’ waarbij sprake is van een compleet woonprogramma op de begane grond (incl bad- en slaapkamer). De aard van de woningen is geregeld in de regels bij dit bestemmingsplan. Het voetoppervlak van de woningen is gebaseerd op het woonprogramma en mede afgestemd op schaal en oppervlakte van belendende woningen langs de Veldstraat. De woningen worden primair ontwikkeld voor de doelgroep senioren. Het woonconcept is gebaseerd op gebruiksgemak en toegankelijkheid. Parkeren vindt plaats op eigen terrein. Door de aanleg van de inritten komen 2 parkeerplaatsen in de straat te vervallen. Dit vormt geen belemmering gelet op de beschikbare parkeerruimte in de straat (zie ook paragraaf parkeren 4.10).

De woningen worden ingepast centraal op de af te splitsen delen van de tuinen met behoud van de waardevolste bomen en heesterbeplantingen in de rand van het perceel (zie verkleinde kaart hierna _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

9

en bijlage basisgroen-plankaart). Het behoud van de waardevolle bomen is een voorwaardelijke verplichting in dit bestemmingsplan en dit regelt dat de beeldbepalende bomen in de rand van het plangebied blijven behouden alsmede de groene setting van de kavels als geheel.

Erfinrichtingsplan/Basisgroen-plankaart inpassing tuinpercelen (verkleinde plankaart) bron: Planburo Oosterink (A3 1 op 500 op bijlage)

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

10

Hiervoor zijn ook behalve quickscan flora en fauna een nader onderzoek uitgevoerd ten aanzien van bewoning en gebruik van de bomen voor vleermuizen en roofvogels. Daarmee is sprake van een zorgvuldige inpassing met aandacht voor de historische situatie op de beboste oeverwal. De gemeentelijke bomen in de berm van de Veldstraat blijven staan. Het perceel wordt opgeschoond van diverse onderstandige opslag van esdoorns en laurier. Langs de weg wordt het oude gaaswerk vervangen door een lage haag. Door de aanplant op de perceelgrens en de open, hogere ligging van de woning op de oeverwal ontstaat een accent voor de geomorfologische situatie met reliëf in het plangebied. Conclusie: De herbestemming van het tuinperceel en de inpassing van de bouwplannen voor het plangebied Veldstraat tussen bestaande woningen langs de Veldstraat passen in een goede ruimtelijke ordening met inpassing op de hogere oeverwal in een groene tuinkavel met behoud van waardevolle opstanden en in de lijn van het stedenbouwkundige patroon langs de Veldstraat.

Huidige situatie met dicht begroeide plangrens langs de Veldstraat met gaashek (in rood de nieuwe inritten)

bron: Google streetview

Fragment uit parkeeronderzoek

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

11

3.

Beleidskader

3.1

Rijksbeleid:

Nationale Omgevingsvisie (NVOI) Per januari 2021 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) van kracht. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen, geeft het richting op de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. Want niet alles kan overal. Deze visie is ontwikkeld in nauwe samenwerking met provincies, gemeenten, waterschappen, maatschappelijke instellingen en burgers. De NOVI is vastgesteld op grond van de geldende regelgeving omdat de Omgevingswet nog niet in werking is. De NOVI voldoet tevens aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet.

Met de komst van de NOVI komen meerdere nationale beleidsstukken te vervallen, waaronder de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Strategisch relevante delen van de SVIR en het Barro worden echter opgenomen in de NOVI en blijven daarmee ook na inwerkingtreding van de NOVI gelden. Dit bestemmingsplan zal daarom ook aan dit beleid worden getoetst. De NOVI benoemt een aantal aspecten van nationaal ruimtelijk belang. Het betreft de bescherming van de waterveiligheid aan de kust en rond de grote rivieren, bescherming en behoud van de Waddenzee en enkele werelderfgoederen, de uitoefening van defensietaken, het Natuurnetwerk Nederland (voorheen de ecologische hoofdstructuur), de elektriciteitsvoorziening, de toekomstige uitbreiding van het hoofd(spoor)wegennet en de veiligheid rond rijksvaarwegen. Toetsing Voor de ontwikkeling van het bouwplan voor het onderhavige plangebied, staat (indirect) in de NVOI het volgende wat van invloed is: De provincie is samen met de gemeente verantwoordelijk voor het woningbouwprogramma. In onderhavig geval gaat het dan om de Regionale woonagenda 20152025 en aanpassing daarvan als gevolg van de regionale notitie kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek.

3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Barro voorziet in de juridische borging van het nationaal ruimtelijk beleid. Het bevat regels die de beleidsruimte van andere overheden ten aanzien van de inhoud van ruimtelijke plannen inperken, daar waar nationale belangen dat noodzakelijk maken. In het Barro zijn regels opgesteld waarmee deze gebiedsbescherming juridisch verankerd is richting lagere overheden. Via het Besluit ruimtelijke ordening en het Besluit omgevingsrecht zijn deze regels aanvullend vastgelegd. Strategisch relevante delen van het Barro zijn opgenomen in de NOVI en blijven daarmee ook na inwerkingtreding van de NOVI gelden. _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

12

De Nationale belangen in het Barro zijn: 

Rijksvaarwergen;

Project Mainportontwikkeling Rotterdam;

Kustfundament;

Grote rivieren;

Waddenzee en waddengebied;

Defensie;

Hoofdwegen en landelijke spoorwegen;

Elektriciteitsvoorziening;

Buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen;

Natuurnetwerk Nederland;

Primaire waterkeringen buiten het kustfundament;

IJsselmeergebied;

Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde;

Ruimtereservering parallelle Kaagbaan.

Beoordeling initiatief: Het initiatief voor de bouw van twee woningen beïnvloedt geen van deze Nationale belangen. Het inpassen van een woning binnen bestaand bebouw gebied is de verantwoordelijkheid van provincie en gemeente. Conclusie: Ten aanzien van het Barro zijn er geen voorwaarden voor het initiatief. 3.1.3 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) bevat regels gesteld voor ruimtelijke projecten. Artikel 3.16 lid 2 gaat over de Ladder voor duurzame verstedelijking. Het doel van de Ladder is dat een goede ruimtelijke ordening plaatsvindt door optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de Ladder wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. De wettekst van artikel 3.16 lid 2 Bro is per 1 juli 2017 aangepast, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. De drietrapsstructuur is losgelaten en de termen ‘actueel’ en ‘regionaal’ uit de voormalige eerste trede zijn geschrapt.

Artikel 3.16 lid 2 Bro, oftewel de Ladder voor duurzame verstedelijking, luidt als volgt: De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Het begrip 'stedelijke ontwikkeling' staat centraal in de uitspraak van de Afdeling _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

13

bestuursrechtspraak van de Raad van State 1 op 23 april 2014. De Afdeling noemt in de uitspraak de uitgangspunten die zij hanteert voor de beoordeling of een voorziene ontwikkeling voldoende substantieel is om als stedelijke ontwikkeling te kunnen gelden. Op 28 juni 2017 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een overzichtsuitspraak2 gedaan over de Ladder voor duurzame verstedelijking. Ook hier is het begrip ‘stedelijke ontwikkeling’ nader gespecificeerd: “Wanneer een ruimtelijke ontwikkeling voorziet in niet meer dan 11 woningen die gelet op hun onderlinge afstand als één woningbouwlocatie als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, Bro, kunnen worden aangemerkt, kan deze ontwikkeling in beginsel niet als een stedelijke ontwikkeling worden aangemerkt”. Beoordeling initiatief: 1. Is sprake van een 'nieuwe stedelijke ontwikkeling' Conform actuele jurisprudentie wordt een ontwikkeling van twaalf woningen of meer gezien als stedelijke ontwikkeling (Ontwikkeling tot en met 11 woningen geen nieuwe stedelijke ontwikkeling. ABRvS 16 09 2015: ECLI:NL:RVS:2015:2921 Dorpskern Annen). Aangezien het de ontwikkeling van twee woningen betreft is geen sprake van een stedelijke ontwikkeling zoals dit in het Bro wordt gedefinieerd. Het verder doorlopen van de ladder is daarmee niet noodzakelijk.

Conclusie Het initiatief voor twee woningen op het plangebied Veldstraat is geen nieuwe stedelijke ontwikkeling waardoor de ladder niet verder hoeft te worden doorlopen. Het bestemmingsplan wordt niet beperkt of bepaald door de regels in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). 3.1.4 Nationale Woon- en Bouwagenda In de Nationale Woon- en Bouwagenda worden de oorzaken van de wooncrisis, de doelstellingen en de programmatische aanpak voor de komende jaren geschetst. Het doel van de Nationale Woon- en Bouwagenda is het bevorderen van de beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van het woningaanbod in Nederland. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties constateert dat er een enorme schaarste aan huizen is en wil de bouw bevorderen en sturing daarin geven. Het tekort aan woningen is in 2021 geraamd op 279.000 woningen, oftewel 3,5 procent van de woningvoorraad. Voor Gelderland zijn er netto 28.300 woningen tekort in 2031 zonder uitbreiding van de bouwplannen. Hierin is ook het bevorderen van duurzaam bouwen noodzakelijk: schoon en emissieloos, circulair, klimaatadaptief en natuurinclusief. Dat laatste betekent ook dat er ook aandacht is voor een natuurlijke groene omgeving, waarin mensen zich prettig voelen en kunnen bewegen, maar die ook verkoelend kan werken of water kan opvangen in het kader van klimaatverandering.

Tegelijkertijd kan een goede inrichting van het groen eraan bijdragen dat de aanwezigheid van beschermde diersoorten in de gebouwde omgeving weer op een acceptabel niveau komt.

1 2

ECLI:NL:RVS:2014:1442 Wierden ECLI:NL:RVS:2017:1724

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

14

Beoordeling initiatief: Het initiatief voor de bouw van twee woningen past in de ambitie om extra woningen te bouwen en in een groene setting en in duurzame bouw met aandacht voor klimaatadaptatie. Conclusie: Het initiatief past binnen de kaders van de Nationale Woon- en Bouwagenda.

3.2

Provinciaal beleid:

3.2.1 Omgevingsvisie Gaaf Gelderland De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is op 19 december 2018 door Provinciale Staten van Gelderland vastgesteld en in werking getreden op 1 maart 2019. De visie beschrijft de lange termijn ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving in Gelderland. Samen met de Omgevingsverordening heeft de provincie al vooruit gelopen op de Omgevingswet. Deze wet biedt meer ruimte voor initiatieven en ontwikkelingen in het fysieke domein, in samenspraak met de omgeving. De provincie streeft naar een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Dit wil de provincie bereiken door de focus te leggen op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Hiervoor zijn zeven ambities benoemd om richting te geven: 1. Energietransitie; 2. Klimaatadaptatie; 3. Circulaire economie; 4. Biodiversiteit; 5. Bereikbaarheid; 6. Vestigingsklimaat; 7. Woon- en leefklimaat. Met vier 'spelregels' of 'doe-principes' - doen, laten, zelf en samen - wordt er werking aan gegeven. Dit is het kader waarbinnen de provincie wil werken en afwegingen wil maken. Energietransitie Gelderland is in 2050 klimaatneutraal. Dit bereiken we door grootschalige besparing en opwekking uit verschillende duurzame bronnen van energie, zoals wind, zon, waterkracht, biomassa en bodemenergie. Innovatie en het uitrollen van bewezen technieken wordt gestimuleerd.

Als tussendoel realiseert Gelderland in 2030 55% broeikasgasreductie. Klimaatadaptatie Gelderland is in 2050 klimaatbestendig. We zijn goed voorbereid en toegerust op de gevolgen van klimaatverandering: wateroverlast, droogte, hittestress en overstromingsgevaar. In 2020 heeft de provincie, samen met partners, de risico's en kansen van het veranderen klimaat in beeld gebracht en strategieën opgesteld die leidraad zijn voor ons handelen. Circulaire economie Gelderland wordt de eerste afval-loze provincie in Nederland. Afval bestaat niet meer; er zijn alleen nog grondstoffen die blijvend hun waarde behouden in de schone industrie. Om dit te bereiken is in 2030 het gebruik van primaire grondstoffen in Gelderland met 50% teruggebracht. Biodiversiteit _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

15

In 2050 gaat het goed met de biodiversiteit in Gelderland. Er wordt natuur-inclusief gewerkt. Biodiversiteit wordt overals waar mogelijk versterkt en ingepast, óók buiten de specifiek als natuur aangewezen gebieden. In 2030 is 75% van de Europese doelen van de vogel- en habitatrichtlijn behaald. Bereikbaarheid In 2050 is de groei van de mobiliteit op een slimme manier opgevangen en verplaatsen mensen in Gelderland zich veilig, snel, betaalbaar en klimaatneutraal. Snel en veilig internet fungeert daarbij als alternatief voor fysieke verplaatsingen. In 2050 is het netwerk voor goederenvervoer in Gelderland toegankelijk, duurzaam en klimaatneutraal. In 2030 is al ons busvervoer zonder uitstoot en is 35% van het totaal aantal verplaatsingen met de fiets. Vestigingsklimaat De concurreerde positie van Gelderland binnen het internationale stedelijke netwerk van Amsterdam, Brussel en Keulen wordt verder versterkt. Om onderscheidend te blijven, halen we in 2050 maximaal profijt uit de unieke combinatie van stedelijke en groene kwaliteiten. In 2050 zijn alle werklocaties in Gelderland duurzaam ingericht qua energie, klimaatbestendigheid en logistieke en productiestromen. Gelderland is hierin koploper van Nederland. Woon- en leefomgeving Gelderland heeft een aanbod aan woningtypen en woonmilieus passend bij de diversiteit aan woningvraag; voor ieder een passende, duurzame woning.

We benutten de bestaande bebouwde omgeving optimaal met voldoende ruimte voor klimaatadaptieve maatregelen. Alle nieuwbouw wordt aardgasloos aangelegd en zoveel mogelijk circulair gebouwd. In 2035 zijn alle (bestaande) wijken van het aardgas. Woningen in Gelderland zijn in 2050 klimaatneutraal. Themakaarten Bij de visie zijn een aantal themakaarten aanwezig. Deze hebben betrekking op de volgende hoofdonderwerpen:  ruimtelijk beleid;  waterbeleid;  milieubeleid;  natuur- en landschapsbeleid. Daarmee is voor een aantal onderwerpen specifiek beleid vastgelegd. Op de themakaart milieubeleid staan geen aspecten die betrekking hebben op de gemeente Oude IJsselstreek. Bij 'onderzoek en conclusie' is de verdere toetsing aan deze themakaarten verwoord. Uitvoering beleid In het kader van de uitvoering van de visie, zijn ook drie beleidsdocumenten vastgesteld:  Regionaal waterprogramma;  Handreiking plussenbeleid;  Beleidslijn windenergie. Het voorliggende bouwplan heeft betrekking op Woon- en leefomgeving. Bij 'onderzoek en conclusie' is de toetsing aan dit beleid verwoord.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

16

Beoordeling initiatief De ontwikkeling waarvoor dit bestemmingsplan is opgesteld sluit aan op de volgende onderdelen van de visie:  De woon- en leefomgeving. Het initiatief zal duurzaam en circulair worden gebouwd, aardgasloos, energieneutraal en met aandacht voor klimaatadaptieve maatregelen zoals, groene daken, vergroening perceel, warmtepomp en zonnepanelen. (zie ook paragraaf 2.2 en 3.2.3). Conclusie Het bestemmingsplan Veldstraat past in de ambities en beleid van de Omgevingsvisie Gelderland voor een duurzame inrichting van de bestaande bebouwde omgeving en met aandacht voor klimaatadaptieve maatregelen. 3.2.2 Omgevingsverordening Gelderland De Omgevingsverordening wordt ingezet voor juridische waarborg van de doorwerking van onderwerpen van beleid. De Omgevingsverordening is met de nieuwe omgevingsvisie Gaaf Gelderland opgeschoond, aangepast en aangevuld. Met betrekking tot Wonen wordt in artikel 2.2. vermeld dat in een bestemmingsplan nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen slechts worden toegestaan wanneer dit past in het vigerende door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda. Zie ook paragraaf 3.4.

Voor zover een bestemmingsplan een nieuwe activiteit of ontwikkeling mogelijk maakt, bevat de toelichting bij het bestemmingsplan een beschrijving van de maatregelen of voorzieningen die worden getroffen om de risico’s van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Beoordeling initiatief: Het initiatief voor woningen op het plangebied Veldstraat is niet in strijd met de Omgevingsverordening. Het bouwplan is besproken met de buren en kent geen bezwaren. Waardevolle bomen blijven behouden en de tuinen blijven groen ingericht op basis van een Erfinrichtingsplan/Basis-groenplan (zie paragraaf 2.2). Het initiatief wordt ingepast met aandacht voor klimaatadaptatie, waterveiligheid, wateroverlast, droogte en hitte (zie paragraaf 4.4). Conclusie De bouwplannen passen in de uitgangspunten van de Omgevingsverordening Gelderland en de eisen ten aanzien van klimaatadaptatie. 3.2.3 Klimaatadaptatie: Op basis van actualisatie 8 van de provinciale Omgevingsverordening (artikel 2.65b) wordt als instructie gegeven de maatregelen die worden getroffen ten aanzien van de risico’s van klimaatverandering. Op basis van de klimaatatlas gemeente Oude IJsselstreek is in beeld gebracht welke risico's zich kunnen voordoen in het plangebied als gevolg van klimaatverandering. •

Wateroverlast. Gelet op de ligging op de hogere delen van de oeverwallen van de Oude IJssel is er geen kans op wateroverlast.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

17

•

•

•

Hittestress. Uit de kaartbeelden die horen bij het onderdeel hittestress is op te maken dat de temperatuur in het plangebied warm zal zijn (niet extra koeler of extra warmer) op warme dagen. Dit is naar waarschijnlijkheid gebaseerd op de huidige situatie. Het plangebied ligt op een historische oeverwal met veel opgaand groen. Droogte. De bijbehorende kaartbeelden laten wat betreft grondwaterstanden en droogtegevoeligheid in 2050 weinig verandering zien ten opzichte van de huidige situatie. Daarmee is en blijft in het plangebied sprake van lagere grondwaterstanden en van beperkte droogtegevoeligheid. Door het hemelwater binnen het plangebied te bergen en te laten infiltreren blijft het hemelwater ook in het gebied zelf. Het plangebied ligt niet in een gebied waar een grotere kans op natuurbranden is bij langdurige droogte. Op basis van voorgaande wordt geconcludeerd dat in voorliggend plan voldoende wordt ingezet op het voorkomen of beperken van mogelijke risico's door droogte als gevolg van klimaatverandering. Overstroming. De bijbehorende kaartbeelden laten zien dat er geen dijken en watergangen in nabijheid van de planlocatie liggen. Daarbij vormt overstroming geen risico vormt voor het plangebied.

Plangebied

Fragment klimaatatlas Oude IJsselstreek, overstroming

bron: klimaatatlas Oude IJsselstreek

Beoordeling initiatief: In het onderhavige plan worden de volgende maatregelen getroffen: Bouwmaatregelen: De woningen worden voorzien van een optimale isolatie ten behoeve van energiebesparing alsmede verhoging van het woongenot ter voorkoming van overlast bij perioden van hitte en koude. Tevens worden hierbij passende ventilatietechnieken toegepast (uit te werken in het bouwplan en vergunningtraject). De woningen worden “All Electric” (dus gasloos) gerealiseerd en voorzien van warmtepomp en zonnepanelen. De positie van de woningen is afgestemd op de locatie van waardevolle te behouden bomen op en rond het plangebied. Conclusie Bij het initiatief worden passende maatregelen getroffen om de risico’s van klimaatverandering te voorkomen. _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

18

3.3

Regionaal beleid

3.3.1 Regionale Structuurvisie Achterhoek 2012 Als basis voor ruimtelijk beleid zijn er een aantal speerpunten voor de regio benoemd. Dat zijn:  omgaan met de krimp;  externe relaties;  veranderingen in het landelijk gebied;  overstap naar duurzame energie. Huidige kwaliteit als basis voor de toekomst Landschap: De verschillen in landschaptypen zijn een belangrijkste identiteitsdrager van de Achterhoek. De Achterhoekse gemeenten willen die kenmerken en landschappelijke verschillen in de toekomst behouden, versterken of herstellen. Het gaat er daarbij niet om terug te keren naar het verleden, maar om het opdoen van inspiratie uit het verleden bij de toekomstige inpassing van nieuwe ontwikkelingen. De karakteristieken van deze landschapstypen bieden aanknopingspunten voor de inpassing van nieuwe ontwikkelingen. Het Achterhoekse landschap kan veel functies absorberen. De 'landschapstypekaart' (bijlage 5 van de structuurvisie) geeft het regionale kader weer. De aanbevelingen met betrekking tot lokale wijze van inpassing staat hier ook verder beschreven. Toetsing Het plangebied ligt in een bestaand woongebied en heeft geen invloed op het omliggende landschap buiten de woonwijk. De woningen worden ingepast met aandacht voor de groene setting op de oude oeverwal en de bestaande groenvoorzieningen. Infrastructuur: Bereikbaarheid van en in de regio is van groot belang.

De infrastructuur is derhalve wel functioneel van belang. Deze is voor de toekomst maar zeer beperkt ruimtelijk ordenend, niet meer dan het nu al is. Toetsing: Het bouwplan ligt niet nabij de spoorlijn Arnhem-Doetinchem-Winterswijk en andere hoofdinfrastructuur en heeft hier ook geen invloed op. Het bouwplan voegt zich in het historische lint van de wegenstructuur (Veldstraat) tussen Ulft en Gendringen. Dorpenlandschap: Voorzieningen worden in een bepaalde mate geconcentreerd in bestaande grotere kernen, te weten Doetinchem, Winterswijk, Vorden, Hengelo, Borculo, Eibergen, Ruurlo, Neede, Lichtenvoorde, Groenlo, Aalten, Dinxperlo, Varsseveld, Gendringen, Steenderen , Wehl, Didam, 's-Heerenberg, Zelhem, Ulft /Gendringen en Silvolde/Gaanderen/Terborg. Dit betekent echter niet dat overal hetzelfde voorzieningenniveau wordt nagestreefd. In eerste instantie bepalen lokale behoefte en initiatief het niveau van de voorzieningen. Regionaal wordt afstemming gezocht om overaanbod en/of concurrentie door nabijheid te voorkomen. Het uitkristalliseren van deze afstemming is nog in voorbereiding. Toetsing De initiatieven voegen zich in bestaand woongebied Wesenthorst en de bebouwing op de oeverwal.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

19

De toekomstige bewoners maken gebruik van het lokale voorzieningenniveau. Conclusie: De initiatieven voor plangebied Veldstraat passen in de Regionale Structuurvisie Achterhoek 2012 3.3.2 Regionale woonagenda Achterhoek 2023-2030 Binnen de kernen en gemeenschappen in de Achterhoek staat sterke sociale verbondenheid Naoberschap - hoog in het vaandel. Tel daarbij de ruime, groene en gezonde leefomgeving op en het resultaat is een regio die hoog scoort op ranglijsten rondom Brede Welvaart. De gemeenten willen de positie als gelukkige regio verder versterken en voor iedereen toegankelijk houden of maken. Daarom investeren ze als marktpartijen, maatschappelijke organisaties, provincie en gemeenten samen met inwoners en andere organisaties continu in de kwaliteit van de woningvoorraad en de leefomgeving. Daarbij zien de gemeenten zich de komende jaren gesteld voor een aantal uitdagende opgaven. De Achterhoekse aanpak De gemeenten werken samen aan de woonopgaven. Dit door samenwerking tussen overheden, woningcorporaties, maatschappelijke organisaties, de markt en de inwoners. Dit gebeurt langs vier regionale programmalijnen met regionale beleidsdoelen en aanpak: 

1. vergroten woningvoorraad en versnelling productie;

2. investeren in kwaliteit bestaande woningvoorraad;

3. de Achterhoek, een plek voor iedereen;

4. wonen als integrale gebiedsopgave.

De gemeenten hebben de ambitie om 11.500 extra woningen te realiseren in de Achterhoek. Hiermee wordt de woningvoorraad flink en versneld uitbreiden. De regionale productie lag de afgelopen jaren gemiddeld op circa 600 woningen netto per jaar. Het streven is ernaar dit aantal te verdubbelen naar ruim 1.200 woningen per jaar. De gemeenten, de provincie en het Rijk maken in de Regionale Woondeal onder voorwaarden afspraken om tot en met 2030 in ieder geval 8.390 woningen te bouwen in de Achterhoek (zie bijlage 1 voor de aantallen per gemeente). De gestelde voorwaarden voor deze afspraken zijn: (1) investeringen in bereikbaarheid, (2) financiering van onrendabele toppen van huur- en koopwoningen, (3) voldoende ambtelijke capaciteit en (4) voldoende stikstofruimte. Beoordeling initiatief De bouwplannen voor het plangebied Veldstraat voldoen aan de lokale behoefte van levensloopbestendige woningen en betreffen een inbreidingsplan van twee woningem in een betaalbare uitvoering. Het initiatief past ook in de woondeal Achterhoek (zie paragraaf 3.4.5). Conclusie: Het bouwplan past in de Regionale woonagenda 2023-2030 en de woondeal Achterhoek.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

20

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1 Structuurvisie De gemeente Oude IJsselstreek heeft op 12 mei 2011 de Structuurvisie 2025 vastgesteld. Dit is een doorkijk voor het ruimtelijke beleid tot 2025.

Plangebied

Structuurvisie 2025, fragment Ulft e.o.

bron: gemeente Oude IJsselstreek

Een van de beleidspunten is de dooradering van groen in de woonomgeving, de duurzame scheiding van functies zoals wonen en bedrijvigheid en de relatie met het buitengebied. Het plangebied is onderdeel van het woongebied (geel) zonder specifieke beleidsontwikkeling. Toetsing De bouwplannen voegen zich in de wijkstructuur Wesenthorst en de overige bebouwing op de oeverwal. De plannen zijn daarmee ruimtelijk aanvaardbaar en inpasbaar. Conclusie: De plannen voor het plangebied Veldstraat passen in de Structuurvisie 2025. 3.4.2 Toekomstvisie Oude IJsselstreek Gezond oud worden én gezond jong zijn Oude IJsselstreek is de plek waar mensen zich kunnen ontplooien, gezond kunnen leven en regie op hun eigen leven hebben. In de basis benut de gemeente vooral de kracht van de maatschappij om een plek te maken waar mensen hun leven lang fijn en gezond kunnen wonen. Om de kracht uit de samenleving optimaal te benutten biedt de gemeente voldoende aanleidingen voor ontmoeting, duurzaam gedrag, leren, spel en bewegen. Het Achterhoeks Woonwensen- en Leefbaarheidsonderzoek (2017) geeft een helder advies over de bouwopgave: blijf bouwen voor starters en creëer geschikt aanbod waar (actieve) senioren naar kunnen doorstromen. Dit wordt verder versterkt door de herontdekking van het platteland door mensen uit het westen, positieve migratiestroom en de banengroei.

Waar nodig en mogelijk wil de gemeente hierop regie nemen. Zorgpartners vragen naar aanleiding van het rapport Vraag en _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

21

aanbod wonen en zorg Oude IJsselstreek (2020) ook aandacht voor beter passende woonvormen voor senioren in plaats van meer verpleeg- en verzorgingshuizen. Beoordeling initiatief: Het initiatief betreft de realisatie van twee levensloopbestendige woningen voor doorstroming van generaties. Het maatwerk plan voor de ouderen past daarom in de toekomstvisie van de gemeente. Conclusie Het initiatief past in de toekomstvisie van de gemeente. 3.4.3 Woonvisie 2018, gemeente Oude IJsselstreek In de woonvisie 2018 heeft de gemeente haar visie ontwikkeld op de verandering in behoefte voor woningen, de woonwensen en de verduurzaming van de woningvoorraad. Daarbij ook aandacht voor krimp van de bevolking en de veranderende wensen en eisen. De ambitie is dat de gemeente in 2030 energieneutraal is. Senioren dienen te worden gefaciliteerd in hun zoektocht naar beter passende woonruimte wanneer de bestaande woning en tuin te groot worden of in aard niet passend zijn. Ten aanzien van bestaande woningen gaat het ook om het toekomst-gereedmaken van de bestaande voorraad en voorkomen van waardeverlies door het stimuleren van verduurzaming en levensloopbestendigheid. Beoordeling initiatief Het initiatief betreft de realisatie van twee toekomstbestendige woningen en dus in beginsel bestemd voor senioren.

Conclusie: Het initiatief past in de woonvisie 2018 door de ontwikkeling van een aangepaste woonvorm voor senioren en verduurzaming bestaande woningvoorraad. 3.4.4 Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek De groei van het aantal huishoudens in de regio Achterhoek houdt langer aan dan eerder voorzien. Dit betekent dat er extra woningen moeten komen om te kunnen voorzien in de kwalitatieve behoefte die er nu en in de toekomst is. Daarom is in regionaal verband vanuit de thematafel Wonen en Vastgoed de notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek' opgesteld en door alle Achterhoekse gemeenteraden vastgesteld. Op basis van deze notitie wordt onder voorwaarden ruimte gegeven aan de bouw van extra woningen in de regio Achterhoek. Nieuwe plannen voor het toevoegen van woningen in ieder geval worden getoetst aan de volgende drie voorwaarden/kwaliteitscriteria: 1. de behoefte is aangetoond; 2. voorrang voor transformatie van leegstaand vastgoed (verbouw of nieuwbouw na sloop); 3. inbreiding gaat voor uitbreiding. De notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek' is door de provincie Gelderland vastgesteld als wijziging op een aantal passages van de Regionale woonagenda Achterhoek 20152025.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

22

Beoordeling initiatief Het initiatief voor het plangebied Veldstraat voldoet aan de lokale behoefte van levensloopbestendige woningen voor ouderen en betreft een inbreidingsplan van twee woningen in een betaalbare uitvoering. Conclusie: Het bouwplan past in de toetsingscriteria voor woningbouw in de Achterhoek. 3.4.5 Regionale Woondeal 2022-2030 Achterhoek De gemeente Oude IJsselstreek heeft samen met de andere gemeenten in de regio, het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland en de minister voor Volkshuisvesting en ruimtelijke Ordening, getekend voor de regionale woondeal. Met de provincie Gelderland zijn op basis van het provinciaal bod van 29 september 2022 afspraken gemaakt over het Gelderse aandeel in de nationale opgaven. Deze afspraken zijn ondertekend op 13 oktober 2022. Het gaat daarbij om de realisatie van totaal 100.000 woningen in de periode tot en met 2030, waarvan minimaal 60% betaalbaar inclusief minimaal 28% sociale huurwoningen. Aan deze aantallen zijn randvoorwaarden verbonden op het vlak van investeringen in bereikbaarheid, dekking van onrendabele toppen, ambtelijke capaciteit en stikstofruimte. In deze woondeal worden afspraken gemaakt over de bouw van 8.390 woningen. De regio Achterhoek heeft voor de lange termijn een achterliggend geambieerd doel van 11.500 woningen.

De 3.110 woningen die leiden tot het geambieerde doel zullen worden ontwikkeld middels adaptieve programmering en met vergelijkbare aandelen betaalbare woningen. Bij goede vordering van afspraken in deze deal en gebleken behoefte aan deze extra woningen in de regio zal het gesprek over het adaptieve deel gevoerd worden, onder meer tijdens de jaarlijkse gesprekken in het kader van monitoring. In deze regionale woondeal wordt een doorvertaling naar gemeenten gemaakt van deze afspraken tussen Rijk en provincie. De gemeenten zetten zich, in samenwerking met corporaties en marktpartijen, in voor de realisatie van de opgave in tabel 1. Het gaat in de Achterhoek om de realisatie van in totaal 8.390 huizen in de periode tot en met 2030 als bijdrage aan de provinciale en nationale opgave, waarvan minimaal 60% betaalbaar en inclusief minimaal 28% sociale huurwoningen.

Opgave woningbouw.

bron: regionale woondeal

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

23

Beoordeling initiatief Voor de gemeente Oude IJsselstreek zijn tot 2030, 1500 nieuwe woningen voorzien. Deze te bouwen in een constructie met aandacht voor betaalbaarheid en maatwerk voor doelgroepen. Het initiatief voor twee levensloopbestendige woningen past in de woondeal. Er wordt gebouwd voor eigen ouderen en in een aangepast programma. Conclusie: Het initiatief past in de woondeal. 3.4.6 Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek De gemeente Oude IJsselstreek heeft haar woningbouwbeleid uitgewerkt op basis van de provinciale omgevingsverordening en de regionale woonagenda Achterhoek 2015-2025. Het gemeentelijke beleid is vertaald in de ‘Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJselstreek’. Er zijn 5 typen woningbouwplannen te onderscheiden: 

Bouwen op onbenutte inbreidingslocaties ‘van binnen naar buiten’;

Bouwen op uitleglocaties aan de rand van de grote kernen ;

Buitengebied: woningsplitsing;

Buitengebied: functieverandering en hergebruik vrijkomende agrarische bebouwing (VAB’s);

Buitengebied: landgoederen.

Het onderhavige plangebied betreft een inbreidingslocatie. Hiermee wordt gedoeld op niet bebouwde locaties binnen de bestaande bebouwde omgeving (Kom-bestemmingsplannen), te weten:   

verdichting op een bestaand perceel met de bestemming ‘wonen’, het inpassen van woning(en) naast reeds bestaande woning(en); woningbouw in ‘gat’ in de bestaande stedenbouwkundige structuur; woningbouw op een locatie met een ‘rode’ bestemming, d.w.z. een bestemming die momenteel al bebouwing toestaat.

Het betreft hier het bouwen in een ‘gat’ van de bestaande stedenbouwkundige structuur en verdichting op een bestaand perceel met de bestemming ‘wonen’ . De komende jaren is er binnen de gemeente behoefte aan circa 100 tot 150 nieuwbouw woningen per jaar. De meesten hiervan zijn bestemd voor starters en senioren. Voor de startersdoelgroep speelt vooral de betaalbaarheid van de woningen een belangrijke rol. Ook is er als gevolg van de vergrijzing behoefte aan meer levensloopbestendige woningen. De gemeente biedt graag ruimte aan woningbouwplannen waarin deze woningtypen gebouwd worden. Beoordeling initiatief: De bouwplannen voor het onderhavige plangebied zijn voor een inbreidingslocatie in het stedenbouwkundige lint van woningen (‘gat in de structuur’) en in verdichting op bestaande tuinpercelen. Kavels voor levensloopbestendige woningen zijn in beginsel relatief klein. In dit geval zijn het grotere kavels en wordt daarom om die reden de mogelijkheid voor vergunning-vrije _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

24

bebouwing buiten het bouwvlak beperkt middels de bestemming ‘Tuin’ en een verbod om hierin te bouwen. Het plan is levensloopbestendig ten aanzien van aard en inrichting, de woningen hebben alle voorzieningen op vloerpeil waardoor bewoners langer zelfstandig kunnen blijven wonen. De woningen passen in de behoefte van 100-150 nieuwbouw woningen per jaar voor de gemeente Oude-IJsselstreek. Conclusie: Het initiatief voor plangebied Veldstraat past in het gemeentelijke woningbouwbeleid en het programma voor levensloopbestendige woningen. 3.4.7 Visie wonen en zorg 55+ Het aantal ouderen in Oude IJsselstreek neemt snel toe. Hun behoeften, wensen en beelden over ouder worden en wonen zijn divers. De meeste ouderen genieten van het ouder worden en worden ouder zonder te (willen) verhuizen. Ze zijn gehecht aan hun woning, buurt en woonplaats. Een deel van hen heeft intensieve zorg nodig in een verpleeghuis omdat het thuis niet langer gaat. Een deel wil nog een keer hun woondroom waarmaken en voorbereid zijn voor de volgende levensfase. In de visie leidt dit tot de volgende opgave voor de samenwerkende partners in Oude IJsselstreek: 

Investeer in de bestaande woningvoorraad en in buurten en wijken waar het goed oud worden is (duurzaam, levensloopgeschikt, toegankelijk, veilig, ontmoeting, voorzieningen). De aanpassing, veilig maken en verduurzamen van de bestaande woningvoorraad is de grootse opgave in de komende 20 jaar.

o

Ontwikkel meer woonvariaties in mix koop en huur, grondgebonden diverse prijsklassen en betaalbare appartementen met aandacht voor behoeften (zoals ontmoeting, er toe doen, veiligheid, groen). De nieuwbouwopgave richt zich op de ouderen die: 1. 2. 3. 4.

Zelf verhuizen naar een meer geschikte woning; Verhuizen naar nieuwe woonvormen zoals geclusterd wonen; Zoveel zorg nodig hebben dat de huidige woning echt ongeschikt wordt; 24-uurszorg nodig hebben.

Ambitie: Ouderen kunnen zo zelfstandig mogelijk hun eigen leven blijven leiden en deel uit blijven maken van de gemeenschap. Beoordeling initiatief: Het initiatief betreft geschikte – levensloopbestendige - woningen voor oudere bewoners die daarmee zo lang als mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen omdat alle voorzieningen zoals slaapkamer, toilet en badkamer op de beganegrond zijn voorzien. Conclusie: Het initiatief past in het beleid visie wonen en zorg 55+. 3.4.8 Visie op landschap, natuur en groene kernen Met de Visie op Landschap, Natuur en Groene Kernen geeft de gemeente richting aan de gewenste en noodzakelijke ontwikkeling van de groene (landschaps)structuren in zowel het buitengebied als in de kernen. Het behouden van de bestaande basiskwaliteiten van landschap en groen staan daarbij _______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

25

voorop. De visie gaat in op de wijze waarop de kenmerkende landschappen binnen de gemeente voor de toekomst versterkt kunnen worden, in samenhang met de ontwikkelingen die in de komende jaren op dit landschap afkomen. De visie gaat ook in op de gewenste vergroening in de kernen en de wijze waarop groen een rol kan spelen in het vergroten van de leefbaarheid. Op het voorliggende plangebied blijven de waardevolle bomen en heesters in de rand van het perceel behouden en vormen daarmee de basis voor een groene inpassing op de beboste oude oeverwal. Zie hiervoor ook de basisgroen-plankaart in paragraaf 2.3. Toetsing: De bouwplannen voor het onderhavige plangebied worden met zorg ingepast op de tuinpercelen waarbij alleen de belemmerende onderstandige bomen worden gekapt. Waardevolle bomen en heesters blijven behouden en daarmee het groene karakter van de tuinen op de oude oeverwal. De plannen belemmeren of beïnvloeden geen groene wijkstructuren. Het erfinrichtingsplan/basisgroenplan (zie bijlage en paragraaf 2.3) en de uitvoering en instandhouding hiervan, is als voorwaardelijke verplichting opgenomen in de regels van dit bestemmingsplan. Conclusie: De bouwplannen passen in de visie op landschap, natuur en groene kernen. 3.4.9 Oude IJsselstreek Klimaatbestendig – Klimaatagenda 2022-2026 Het klimaat in Nederland verandert.

Het KNMI verwacht hogere temperaturen, nattere winters, hevigere regenbuien en kans op drogere zomers. Dit verhoogt het risico op wateroverlast, grondwaterproblemen en hittestress in dorpen, steden en in het landelijk gebied. Dat levert risico’s op voor onze economie, gezondheid en veiligheid. Het is belangrijk dat we ons aanpassen aan deze veranderingen. In het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie hebben rijk, provincies, gemeenten en waterschappen als mijlpaal bepaald dat in 2050 sprake moet zijn van een klimaatbestendige inrichting van de omgeving. Hierin hebben overheden, maatschappelijke organisaties, bedrijven en inwoners ieder hun eigen verantwoordelijkheid. "De klimaatatlas” helpt bij het bepalen hoe we klimaatbestendig kunnen worden. Waar kan Oude IJsselstreek droogte, wateroverlast en hittestress verwachten in 2050? Om goed voorbereid te zijn op toekomstige weersextremen hebben gemeente Oude IJsselstreek en waterschap Rijn en IJssel de klimaatatlas samengesteld. Deze atlas brengt de verwachte klimaateffecten voor 2050 op het gebied van wateroverlast, overstroming, droogte en hitte in kaart. Op basis hiervan gaat de gemeente samen met inwoners, bedrijven en andere betrokkenen aan de slag om er voor te zorgen dat Oude IJsselstreek in de toekomst voorbereid is op deze weersextremen.

Op basis van de klimaatatlas gemeente Oude IJsselstreek is in beeld gebracht welke risico's zich kunnen voordoen in het plangebied als gevolg van klimaatverandering. • •

Wateroverlast. Gelet op de ligging op de hogere delen van de oeverwal van de Oude IJssel is er slechts een kleine kans op wateroverlast; Hittestress. Uit de kaartbeelden die horen bij het onderdeel hittestress is op te maken dat de temperatuur in het plangebied warm zal zijn (niet extra koeler of extra warmer) op warme dagen. Dit is naar waarschijnlijkheid gebaseerd op de huidige situatie. Het projectgebied

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

26

•

•

wordt met een nader tuinplan verder vergroend en de bestaande opgaande beplantingen geborgd; Droogte. De bijbehorende kaartbeelden laten wat betreft grondwaterstanden en droogtegevoeligheid in 2050 weinig verandering zien ten opzichte van de huidige situatie. Daarmee is en blijft in het plangebied sprake van lagere grondwaterstanden en van beperkte droogtegevoeligheid. Door het hemelwater binnen het plangebied te bergen en te laten infiltreren blijft het hemelwater ook in het gebied zelf. Het plangebied ligt niet in een gebied waar een grotere kans op natuurbranden is bij langdurige droogte. Op basis van voorgaande wordt geconcludeerd dat in voorliggend plan voldoende wordt ingezet op het voorkomen of beperken van mogelijke risico's door droogte als gevolg van klimaatverandering. Overstroming. De ligging op de hogere oeverwal voorkomt een grote kans op overstroming.

De toetsing en getroffen maatregelen worden beschreven in hoofdstuk 4. Conclusie Het initiatief kent, mede gelet op de hogere ligging op de oeverwal van de Oude IJssel en het uit te voeren vergroeningsplan geen of zeer beperkte risico’s ten aanzien van klimaatverandering. 3.4.10 Welstandsnota Het welstandstoezicht is een belangrijk instrument voor de gemeente in de zorg voor de kwaliteit van de gebouwde omgeving. Om het welstandsbeleid voor burgers meer inzichtelijk en transparant te maken wordt het welstandsbeleid uitgevoerd aan de hand van een welstandsnota. In de nota worden algemene criteria aangegeven waar bouwwerken aan behoren te voldoen en wordt beschreven op welke wijze de procedure voor welstandsadvisering verloopt. Voor uiteenlopende gebieden zijn specifieke criteria vastgesteld. Per gebied is een welstandsbeleid op maat uitgewerkt. Omdat de welstandsnota van de gemeente al weer dateert van 2007 is in 2010 een begin gemaakt met een evaluatie van de nota. Praktijkervaringen, wijzigingen in landelijke regelgeving en gewijzigde inzichten hebben er toe geleid, dat de nota op diverse punten is aangepast. Door de hele nota heen is dit gepaard gegaan met administratieve aanpassingen. In hoofdlijn gaat de aanpassing van de nota om:   

wijzigingen als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht (Wabo) aanpassing van het proces van kwaliteitsborging en uitbreiding van de bijzondere thema’s binnen het deelgebied buitengebied.

Met de aanpassingen van de nota beschikt de gemeente Oude IJsselstreek weer over een stevig fundament voor een transparant en opener welstandstoezicht. Beoordeling initiatief: Bouwplannen voor het onderhavige plangebied worden uitgewerkt op basis van de actuele welstandseisen en getoetst door ‘Het Gelders Genootschap’. Conclusie: De bouwplannen worden uitgewerkt en vergund op basis van de welstandseisen.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

27

4. Haalbaarheid 4.1

Bodem

Op basis van de Woningwet en het Bouwbesluit mag niet worden gebouwd op verontreinigde grond. Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning moet vaak een bodemonderzoek worden geleverd. Dit is een verplichting uit de Woningwet om de gezondheid en veiligheid te garanderen van mensen die wonen, werken of verblijven in het gebouw waarvoor vergunning wordt aangevraagd. Een bodemonderzoek is noodzakelijk wanneer:  er meer dan twee uur per dag mensen in verblijven;  als het bouwwerk de grond raakt en;  als er na sloop wordt herbouwd. Onderzoek Het onderhavige plangebied is door buro Lycens onderzocht. De rapporten met nummer 2020-0382 d.d. 13 januari 2021 en 2022-0513 d.d. 7 september 2022 zijn als bijlage toegevoegd aan deze ruimtelijke onderbouwing. In de bovengrond van het noordelijke deel van het plangebied is een licht verhoogd gehalte lood aangetroffen. Dit vormt geen belemmering voor de geplande planologische procedure. In verband met de diepte van het grondwater (5,5 – mv) is deze conform geldende normen en protocollen niet onderzocht. Dan is de situatie grondwater ook niet bepalend voor de geplande activiteiten. Ook is de situatie onderzocht ten aanzien van PFAS. In het zuidelijke plangebied zijn geen verontreinigingen aangetroffen. Conclusie Er zijn geen bodemkundige belemmeringen voor het plangebied aan de Veldstraat.

4.2 Archeologie & cultuurhistorie Archeologie:

De gemeente Oude IJsselstreek voert een actief beleid ten aanzien van cultuurhistorie en archeologie. Op 5 maart 2015 heeft de gemeenteraad de archeologische waardenkaart, cultuurhistorische waardenkaart en de erfgoedverordening vastgesteld. Ruimtelijke plannen dienen te worden getoetst aan de waardenkaarten. De locatie ligt in een zone met een hoge archeologische verwachting 4 (zie bestemmingsplan, paragraaf 1.3. Op basis van artikel 5.10 van de Erfgoedwet zijn mogelijke (toevals)vondsten bij het verrichten van werkzaamheden in de bodem altijd beschermd. Er geldt een meldingsplicht bij het vinden van (mogelijke) waardevolle zaken. Het plangebied Veldstraat is onderzocht met een bureau- en verkennend booronderzoek door bureau Hamaland Advies. Het rapport met projectnummer 202965 d.d. 6 oktober 2020 (fase 1) en aangevuld met fase 2, projectnummer 224084, d.d 17 oktober 2022 is als bijlage toegevoegd aan deze toelichting.

_______________________________________________________________________________________________ Planburo Oosterink, Adviseurs voor Ruimtelijke Inrichting en Beheer, Gaanderen www.oosterinkplanburo.nl

28

Op basis van het booronderzoek is een verstoorde bovengrond aangetoond en is de kans dat behoudenswaardige archeologische vindplaatsen verloren gaan nihil. Op basis van de onderzoeksresultaten is vervolgonderzoek niet nodig. Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij Onze minister. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Daarnaast dient ook de verantwoordelijk beleidsambtenaar van de gemeente Oude IJselstreek c.q. van de Omgevingsdienst Achterhoek hiervan direct in kennis te worden gesteld. Monumenten: Rond het plangebied zijn geen monumenten aanwezig. Het bouwplan schaadt dus ook geen monumenten. Conclusie: De initiatieven voor het plangebied passen in de woonomgeving. Er zijn geen belemmeringen voor de initiatieven ten aanzien van monumenten, cultuurhistorie en archeologische waarden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4738/documents/29203