CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

25004d - Was-wordt lijst verordening 2025.pdf

Raadscommissie Maatschappelijke Ontwikkeling (MO) 6 februari 2025, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 5: Vervoer naar school in Verordening Sociaal Domein3.454 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt lijst (inhoudelijke wijzigingen) NB.: wijzigingen in de nummering als gevolg van het toevoegen of verwijderen van artikelen zijn niet meegenomen in deze lijst. Dit geldt ook voor puur tekstuele wijzigingen. Was

Wordt

Toelichting

Algemeen Daar waar reeds bestaande artikelen voortaan ook van toepassing zijn voor het leerlingenvervoer is dit toegevoegd als LLV en staat dit tussen haakjes onder de kop van het betreffende hoofdstuk of artikel. De tekst van deze artikelen wordt hier niet herhaald. Dit betreft:

(3 De hulpvraag) 3.1.1 Indienen hulpvraag bij de gemeente 3.1.2 Doel en procedure bij de gemeente 3.1.3 Gegevens 3.2.1 Uitnodiging voor gesprek 3.2.2 Doel en procedure gesprek 3.2.3 Inhoud gesprek 3.2.4 Ondersteuningsplan/Indicatieadvies 3.3.1 Aanvraag 3.3.2 Aanvraag voor maatwerkvoorziening 3.3.3 Advisering 3.3.4 Beoordelen aanvraag 3.3.5 Eigen kracht 3.3.6 Criteria voor beoordeling van de eigen kracht 3.3.8 Beslistermijn 3.4 Beslissing 3.5.2 Dringende situaties (6 De vorm van de hulp) 6.1 Hulp in natura 6.2 Hulp in geld

(10 Afspraken tussen inwoner en gemeente) 10.1.1 Rol gemeente en Buurtzorg Jong en Samen Sterker Thuis 10.1.2 De rol van de inwoner 1.2.1 Beëindiging maatwerkvoorziening 10.3.1 Controle 10.3.2 Voorkomen van oneigenlijk gebruik 10.3.3 Privacy bij controle op oneigenlijk gebruik 10.3.4 Toezichthouder (11 Inspraak en inwonersparticipatie) 11.1 Inspraak van de inwoners 11.2 Hulp van de gemeente bij inspraak 11.3 Inspraak bij zorgaanbieders en leveranciers 12 Niet eens met de uitvoering (13 Kwaliteit en aanbesteding) 13.1 Kwaliteit 13.3 Inkoop en aanbesteding

Specifieke wijzigingen

Collectief taxivervoer: vervoer van deur tot deur, op afroep en met een deeltaxi, waarbij ritten gecombineerd kunnen worden LLV: een afkorting voor het woord “leerlingenvervoer” die we gebruiken om te verwijzen naar de drie onderwijswetten W.P.O./W.E.C./W.V.O. die ondersteuning bij het vervoer naar school regelen.

Definitie toegevoegd Taxivervoer kan worden toegekend op grond van de Wmo, Jeugdwet of als vervoer naar school. De definities zijn hierop aangepast. Deze afkorting komt terug in de kopjes bij artikelen en hoofdstukken die ook op vervoer naar school van toepassing zijn.

School: een school voor primair onderwijs, speciaal onderwijs of voortgezet onderwijs, zoals geregeld in de W.P.O/W.E.C./W.V.O.

De definitie toegevoegd

Schoolafstand: de afstand tussen de woning en een bepaalde school, gemeten langs de kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige weg.

De definitie toegevoegd

Schoolsoort: indeling van de school naar het soort onderwijs dat er wordt gegeven. We kennen de volgende schoolsoorten: -Bo: regulier basisonderwijs op grond van de W.P.O. (niet zijde S.B.O.) -S.B.O: speciaal basisonderwijs op grond van de W.P.O. -S.O.: speciaal onderwijs op grond van de W.E.C. -V.S.O.: voortgezet speciaal onderwijs op grond van de W.E.C. -V.O.: voortgezet onderwijs op grond van de W.v.O. (inclusief PrO) -PrO: praktijkonderwijs op grond van de W.V.O.

De definitie toegevoegd

Taxivervoer (anders dan collectief taxivervoer): taxivervoer zoals bedoeld in de Wet Personenvervoer 2000.

De defintie toegevoegd.

W.P.O/W.E.C./W.V.O: de Wet op het Primair Onderwijs, de Wet op de Experisecentra en de Wet Voortgezet Onderwijs 2000. In deze wetten staan bepalingen over vervoer naar school

De definitie toegevoegd

(leerlingenvervoer) die in deze verordening verder uitgewerkt worden. 2.1 Waarom deze regels?

2.1 Waarom deze regels?

In de gemeente Oude IJsselstreek vinden we het belangrijk dat: • mensen actief mee kunnen doen aan het maatschappelijk leven; • mensen een eigen huishouding kunnen voeren en voor zichzelf kunnen zorgen; • mensen een geschikte en schone woonruimte hebben, waarin zij zelfstandig en veilig kunnen wonen;

In de gemeente Oude IJsselstreek vinden we het belangrijk dat: • mensen actief mee kunnen doen aan het maatschappelijk leven; • mensen een eigen huishouding kunnen voeren en voor zichzelf kunnen zorgen; • mensen een geschikte en schone woonruimte hebben, waarin zij zelfstandig en veilig kunnen wonen; • kinderen gezond en veilig kunnen opgroeien en veilig naar school kunnen gaan die bij hen past

Het is de taak van de gemeente om haar inwoners daarbij te helpen. De wetgever heeft wetten gemaakt om dit te bereiken. Het gaat om de: • Participatiewet (PW), de IOAZ en de IOAW; • De Wet gemeentelijk schuldhulpverlening (W); • De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015); • Wet inburgering (Wi 2021); • De Jeugdwet; • Algemene Wet bestuursrecht (Awb) • De Gemeentewet; • De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG 2018) […] 3.1.1 A Indienen hulpvraag bij de gemeente

Het is de taak van de gemeente om haar inwoners daarbij te helpen. De wetgever heeft wetten gemaakt om dit te bereiken. Het gaat om de: • Participatiewet (PW), de IOAZ en de IOAW; • De Wet gemeentelijk schuldhulpverlening (W); • De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015); • Wet inburgering (Wi 2021); • De Jeugdwet; • De Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs • Algemene Wet bestuursrecht (Awb) • De Gemeentewet; • De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG 2018) […] 3.1.1 A Indienen hulpvraag bij de gemeente

Volwassen inwoners die hulp nodig hebben kunnen zich melden bij de gemeente. De inwoner of een persoon namens de inwoner kan deze melding op de volgende manieren doen: […]

Volwassen inwoners die hulp nodig hebben kunnen zich melden bij de gemeente. Dit geldt ook als de inwoner hulp zoekt voor vervoer naar school voor een leerling. De inwoner of een persoon namens de inwoner kan deze melding op de volgende manieren doen: […]

3.3.3 Advisering De gemeente zorgt ervoor dat de medewerker die een melding of aanvraag behandelt voldoende weet en kan om deze melding of aanvraag goed te kunnen behandelen. Als de medewerker onvoldoende weet en kan, zorgt de gemeente ervoor dat een onafhankelijk persoon met de juiste kennis een advies uitbrengt. Dit advies (deskundig oordeel) betrekt de gemeente bij het beoordelen van de aanvraag.

3.3.3 Advisering De gemeente zorgt ervoor dat de medewerker die een melding of aanvraag behandelt voldoende weet en kan om deze melding of aanvraag goed te kunnen behandelen. Als de medewerker onvoldoende weet en kan, zorgt de gemeente ervoor dat een onafhankelijk persoon met de juiste kennis een advies uitbrengt. Dit advies (deskundig oordeel) betrekt de gemeente bij het beoordelen van de aanvraag. De gemeente vraagt in beginsel niet zelf het advies op. Want de inwoner is zelf als eerste aan zet om uit te leggen waarom hij hulp of ondersteuning nodig heeft. Bovendien kan de gemeente veel adviezen vanwege de privacywetgeving (AVG) alleen opvragen als de inwoner vooraf toestemming heeft gegeven. En zijn er veel deskundigen die deze toestemming rechtstreeks van de inwoner willen ontvangen. Daarom vertelt de gemeente aan de inwoner welke informatie nodig is en van welke deskundigen deze informatie gevraagd kan worden. Als dat handig is voor iedereen, geeft de gemeente de inwoner een formulier dat de deskundige kan invullen. Het formulier is zo opgesteld dat de inwoner de deskundige toestemming kan geven om het advies rechtstreeks aan de gemeente te sturen, óf om het advies alleen aan de inwoner zelf te sturen. In uitzonderlijke gevallen kan de gemeente de inwoner oproepen voor een medische keuring van de inwoner, de

Verdere uitwerking van hoe de gemeente advies vraagt. Deze is voor meerdere voorzieningen van toepassing, bij leerlingenvervoer komt het opvragen van onderbouwing (bijv. verklaring van school) relatief vaak voor.

4. Gezond en veilig opgroeien […] Daarbij staat het versterken van de eigen kracht van de jeugdige en het versterken van wat het gezin en de sociale omgeving zelf kunnen doen om de zorg te bieden of het probleem op te lossen voorop. Met jeugdigen bedoelen we in deze verordening kinderen en jeugdigen tot 18 jaar en jongvolwassenen van 18 tot 23 die al jeugdhulp ontvingen toen zij 18 waren en die deze hulp vanaf hun 18e nog nodig hebben. Dit zijn de jeugdigen zoals beschreven in artikel 1.1 van de Jeugdwet. Kernwaarden: • De jeugdige moet gezond en veilig kunnen opgroeien. • […]

jeugdige of de leerling. Dit doet de gemeente als een beperking of aandoening bepalend is voor het recht op de voorziening die de inwoner vraagt en de inwoner niet voldoende onderbouwing kan aanleveren. 4. Gezond en veilig opgroeien […] Daarbij staat het versterken van de eigen kracht van de jeugdige en het versterken van wat het gezin en de sociale omgeving zelf kunnen doen om de zorg te bieden of het probleem op te lossen voorop. Bij opgroeien hoort ook naar school gaan. Meestal gaan kinderen zelfstandig naar school of worden ze door hun ouders gebracht. In bepaalde gevallen draagt de gemeenten bij in de kosten. Als de leerling niet zelf kan reizen én de ouders niet zelf kunnen brengen, zet de gemeente aangepast vervoer in. Dit speelt vooral als de leerling is aangewezen op een vorm van speciaal onderwijs, omdat die scholen meestal op grote afstand van huis zijn. Met jeugdigen bedoelen we in deze verordening kinderen en jeugdigen tot 18 jaar en jongvolwassenen van 18 tot 23 die al jeugdhulp ontvingen toen zij 18 waren en die deze hulp vanaf hun 18e nog nodig hebben. Dit zijn de jeugdigen zoals beschreven in artikel 1.1 van de Jeugdwet. Een voorziening voor vervoer naar school kan worden verstrekt vanaf de start van het basisonderwijs en stopt bij het einde van het voortgezet onderwijs, ongeacht de leeftijd.

Kernwaarden: • De jeugdige moet gezond en veilig kunnen opgroeien en naar school kunnen gaan.

Reizen naar school beschouwen we als onderdeel van gezond en veilig opgroeien. Het hoofdstuk Gezond en veilig opgroeien was tot zover uitsluitend gericht op ondersteuning op grond van de Jeugdwet. Daar komt nu dus ondersteuning bij reizen naar school bij en daarmee ook een extra wettelijk kader.

• […] 4.3 Maatwerkvoorziening […] De gemeente kan voor vervoer naar school de volgende mogelijkheden aanbieden: -bekostiging van eigen vervoer, openbaar vervoer en/of carpoolen -aangepast vervoer (collectief taxivervoer of touringcarvervoer) -een andere oplossing, als de kosten voor de gemeente lager zijn. 4.6 Bijzondere bepalingen vervoer naar school 6.5 Eigen bijdrage bij vervoer naar school 14.3 Intrekken oude verordeningen [Gemeentewet] De verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2023, zoals vastgesteld op 25 mei 2023, wordt ingetrokken met ingang van de datum waarop deze verordening ingaat.

14.3 Intrekken oude verordeningen [Gemeentewet] De verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2025, zoals vastgesteld op 12 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de datum waarop deze verordening ingaat. De verordening Leerlingenvervoer gemeente Oude IJsselstreek 2021, zoals vastgesteld op 22 april 2021, wordt ingetrokken met ingang van 1 augustus 2025.

Toevoeging.

Toegevoegd. In verband met de leesbaarheid is deze bepaling onder de tabel als geheel opgenomen. Toegevoegd. In verband met de leesbaarheid is deze bepaling onder de tabel als geheel opgenomen. Dit artikel verandert logischerwijs bij elke nieuwe versie van de verordening.

14.4 Intrekken oude verordeningen [Overgangsrecht]

14.5 Ingangsdatum en naam[Gemeentewet] 1. Deze verordening wordt genoemd: Verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2025. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2025 en vervangt de Verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2023

Een aanvraag voor vervoer naar school die betrekking heeft op het schooljaar 2024/2025 wordt afgehandeld beoordeeld volgens de ingetrokken verordening Leerlingenvervoer gemeente Oude IJsselstreek 2021. Een aanvraag voor vervoer naar school die betrekking heeft op het schooljaar 2025/2026 en verder wordt beoordeeld volgens deze verordening. 14.5 Ingangsdatum en naam [Gemeentewet] 1.Deze verordening wordt genoemd: Verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2025. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2025 en vervangt de Verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2025 en de Verordening Leerlingenvervoer gemeente Oude IJsselstreek 2021.

Toevoeging, die ervoor zorgt dat de spelregels voor deze voorziening niet veranderen tijdens het lopende schooljaar.

Er is bij punt 2 de verordening leerlingenvervoer gemeente Oude IJsselstreek 2021 toegevoeg omdat in de nieuwe verordening het leerlingenvervoer een onderdeel van is.

4.6 Bijzondere bepaling voor vervoer naar school [LLV]

4.6.1 Ouders en leerling 1. De ouders zijn verantwoordelijk om te zorgen dat de leerling naar school gaat. Met “de ouders” bedoelen we degenen die met het gezag over de leerling zijn belast. Meestal zijn dat de moeder en vader, soms zijn het de voogd(en) of de verzorger(s). 2. De ouders doen de aanvraag voor vervoer naar school. Als de ouders op verschillende adressen wonen en de leerling deels bij beide ouders woont, doet iedere ouder apart een aanvraag voor het vervoer van en naar het eigen adres. 3. Als de leerling meerderjarig en handelingsbekwaam is, beslist de leerling zelf. In dat geval bedoelen we in deze verordening “de leerling”op alle plekken waar wordt gesproken over “de ouder”.

4.6.2 Passende school dichtbij 1. De gemeente vergoedt of verstrekt vervoer naar de passende school dichtbij. Dit is de school met de kortste schoolafstand die de leerling feitelijk het onderwijs kan bieden waarop de leerling is aangewezen. 1. Als de ouders voor een school kiezen op grond van godsdienst of levensbeschouwing beschouwt de gemeente dit als de passende school dichtbij.

2. Als een vervoersvoorziening naar een andere school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen, kan de gemeente die voorziening verstrekken als de ouders daar vooraf schriftelijk mee instemmen.

4.6.3 Passende vervoerswijze 1. Kinderen jonger dan 11 jaar kunnen doorgaans niet zelfstandig naar school reizen. Het is de verantwoordelijkheid van ouders om te zorgen dat de leerling de school bezoekt. 2. Van een leerling van 11 jaar of ouder wordt verwacht dat hij zelfstandig naar school kan reizen met openbaar vervoer of fiets. Voor zover de leerling dit nog niet kan, brengen en halen de ouders de leerling. 3. Voor sommige leerlingen is openbaar vervoer geen optie voor het schoolgaan. Dit is van belang voor de keuze van de passende vervoerswijze en voor de vraag of er sprake is van een eigen bijdrage. Openbaar vervoer is voor een leerling geen optie: a. vanwege de reistijd voor de leerling. Dit geldt als de enkele reistijd langer is dan 90 minuten en deze met 50% of meer kan worden ingekort met een andere voor de leerling passende vervoerswijze. b. vanwege een beperking van de leerling. De beperking kan uitsluitend de reden hiervoor zijn als de school vanaf de woning met openbaar vervoer of de fiets bereikbaar en als de leerling 11 jaar of ouders is en als gevolg van de beperking niet zelfstandig met openbaar vervoer of de fiets naar de school kan reizen. Of jonger dan 11 jaar is en als gevolg van de beperking in het geheel niet met openbaar vervoer of de fiets naar de school kan reizen, ook niet als de ouders de leerling zouden begeleiden.

4.6.4 Vergoeding van kosten Ouders betalen in beginsel zelf de kosten van het vervoer naar school. 1. De gemeente vergoedt de kosten vanaf een schoolafstand van 6 kilometer. Dit geldt alleen als de leerling naar de passende school dichtbij gaat. Als de leerling naar een VO-school gaat is er helemaal geen vergoeding. 2. De gemeente vergoedt ook de kosten tot maximaal 6 kilometer: a. als het inkomen van de ouders onder het wettelijk drempelbedrag ligt. De gemeente berekent jaarlijks het actuele drempelbedrag. b. als de leerling een school voor S.B.O. bezoekt op een loopafstand van meer dan 6 kilometer. c. als de leerling een school S.O. of V.S.O. op een loopafstand van meer dan 6 kilometer. d. als openbaar vervoer geen optie is voor het schoolgaan, vanwege een beperking van de leerling, zoals beschreven in 4.6.3.b (passende vervoerswijze). In deze situatie is er ook vergoeding voor vervoer naar een V.O school. 3. Bij een vervoersvoorziening naar een B.O school komen de kosten van vervoer voorbij een schoolafstand van 20 kilometer voor rekening van de ouders. Dit geldt echter niet: a. als het inkomen van de ouders onder een drempelbijdrage ligt. Het college stelt dit drempelbedrag jaarlijks vast. b.

als de leerling vanwege een uitzonderlijke onderwijsbehoefte is aangewezen op een specifiek onderwijsaanbod en er geen scholen met een kortere schoolafstand zijn die dit onderwijsaanbod feitelijk kunnen bieden of

c. als openbaar vervoer geen optie is voor het schoolgaan, vanwege een beperking van de leerling, zoals beschreven in 4.6.3 (passende vervoerswijze).

4.6.5 Aangepast vervoer 1. Voor zover de leerling niet zelfstandig naar school kan reizen én de ouders niet kunnen brengen en halen, zet het college aangepast vervoer in. De gemeente stelt aan de hand van de artikelen over eigen kracht (artikel 3.3.5 en 3.3.6) vast welke inzet redelijkerwijs van de ouders verlangd kan worden. 2. De leerling maakt gebruik van het aangepast vervoer vanaf een opstapplaats op maximaal 1000 meter van de woning. De ouders zijn verantwoordelijk dat de leerling tijdig op de opstapplaats is en dat de leerling veilig van huis naar de opstapplaats en terug reist.

4.6.6 Weekend- en vakantievervoer 1. Als een leerling doordeweeks in een internaat of pleeggezin verblijft vanwege het bezoek van een S.O.- of V.S.O-school ver van huis, verstrekt de gemeente een vervoersvoorziening voor de reis van en naar huis voor de weekeinden en vakanties. 2. De aanvraag wordt beoordeeld volgens dezelfde uitgangspunten als een aanvraag voor vervoer naar school, rekening houdend met de volgende bijzonderheden: a. de ouders hebben doordeweeks niet de zorg voor de leerling. Dit betekent in algemene zin dat zij geacht worden de leerling zelf te vervoeren van en naar het internaat of pleeggezin; b. een eventuele voorziening voor vervoer naar school is een zaak van de gemeente waar het internaat of het pleeggezin is gevestigd; c. wanneer de leerling in een internaat of pleeggezin verblijft om een andere reden (bijvoorbeeld een uithuisplaatsing) is deze regeling niet van toepassing.

4.6.7 Tijdelijk verblijf buiten de gemeente Als een leerling die in de gemeente Oude IJsselstreek woont door een crisissituatie tijdelijk op een ander verblijft en naar dezelfde school blijft gaan, wordt door het college gedurende maximaal zes weken: 1. de school beschouwd als de passende school dichtbij, ook al woont de leerling tijdelijk dichter bij andere scholen die passend onderwijs bieden; 2. met spoed een andere voorziening toegekend voor vervoer vanaf het tijdelijke adres, ook als dit in een andere gemeente is; 3. de eigen kracht van leerling en ouders op dezelfde wijze getoetst als bij een gewone aanvraag, rekening houdend met de crisissituatie.

4.6.8 Bijzondere situaties De gemeente stelt beleidsregels op voor het vervoer naar school. Die beleidsregels leggen uit hoe de regels in deze verordening worden uitgelegd en toegepast in allerlei specifieke situaties. Daarbij besteedt het college in ieder geval aandacht aan: 1. vervoer naar stage; 2. vervoer van en naar B.S.O. in plaats van de opstapplaats

3. andere voorzieningen voor vervoer naar school

6.5 Eigen bijdrage bij vervoer naar school [LLV] 1. Als de ouders een voorziening ontvangen voor vervoer naar school en de kosten van het vervoer tot 6 kilometer voor rekening komen van ouders, brengt de gemeente hiervoor een bijdrage in rekening. Deze noemen we de “eigen bijdrage tot 6 kilometer”. 2. Als de ouders een voorziening ontvangen en het vervoer over de afstand voorbij 20 kilometer voor rekening komt van ouders, brengt de gemeente een eigen bijdrage in rekening. Deze noemen we de “eigen bijdrage vanaf 20 kilometer”. 3. De eigen bijdrage wordt in mindering gebracht op de vergoeding die ouders ontvangen. Als ouders een voorziening in natura ontvangen (zoals een ov-abonnement of aangepast vervoer), wordt de eigen bijdrage in rekening gebracht bij ouders. 4. Beide eigen bijdragen kunnen tegelijk van toepassing zijn op een voorziening voor één leerling. Als ouders voor meerdere leerlingen voorzieningen ontvangen, worden eventuele eigen bijdragen in rekening gebracht voor ieder leerling apart. 5. De eigen bijdrage tot 6 kilometer wordt als volgt bepaald: a. de basis van de eigen bijdrage zijn de kosten die de ouders zouden maken om de leerling met de auto te vervoeren over een afstand van 6 kilometer; b.

het bedrag onder a mag niet hoger zijn (maar wel lager) dan de kosten die de ouders zouden maken voor het schoolgaan van de leerling met openbaar vervoer over een afstand van 6 kilometer, zo nodig met een begeleider; c. het college kan bij nadere regels één bedrag vaststellen dat in alle gevallen voor de eigen bijdrage wordt gerekend. De hoogte van de eigen bijdrage voorbij 20 kilometer is afhankelijk van de schoolafstand en van het inkomen van de ouders. De inkomensgrenzen en bedragen worden door het college bij nadere regels vastgesteld, zo nodig op basis van het jaarlijkse advies van de VNG hierover.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4844/documents/30590