CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

21-414 College - herijking onderdeel inburgering Thema 5.pdf

Raadscommissie Maatschappelijke Ontwikkeling (MO) 2 december 2021, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 1: Herijking verordening Sociaal Domein Thema 5 inburgering3.371 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VERORDENING SOCIAAL DOMEIN Herijking onderdeel inburgering

Versie: 19-11- 2021 Status: bespreekdocument commissie MO 02-12-2021

Pagina 2 van 12

1 Inleiding 1.1 aanleiding Sinds 1 januari 2021 voert de gemeente Oude IJsselstreek samen met STOER de Participatiewet uit. In dat kader heeft de gemeenteraad op 21 januari 2021 de Verordening Sociaal Domein 2021 vastgesteld. Destijds is er voor gekozen om de bepalingen vanuit de toenmalige zeven Participatiewet verordeningen beleidsarm op te nemen. Tevens is er voor gekozen om 2021 te gebruiken om deze bepalingen te herijken en aan te laten sluiten bij de visie “Naar het hart van de beweging”, “Transformatie in de kijk op werk” en de bestuursopdracht. De raadscommissie Maatschappelijke Ontwikkeling heeft ingestemd met het voorstel om de bepalingen die betrekking hebben op de Participatiewet themagewijs te bespreken aan de hand van het “dakpan-principe” waarbij op basis van een inhoudelijke discussie over uitgangspunten eventueel gekomen wordt tot een wijziging van de bestaande verordening. Voor de behandeling van de thema’s hanteren we de volgende planning: Thema

Thematische bespreking

Voorstel verordening

Loopbaanbegeleiding

Commissie Juni 2021

Commissie september 2021

Inwonersparticipatie

Commissie september 2021

Commissie oktober 2021

Inkomensbegeleiding

Commissie oktober 2021

Commissie november 2021

Handhaving en naleving

Commissie november 2021

Commissie december 2021

Inburgering

Commissie december 2021

Commissie januari 2022

Vaststelling verordening door gemeenteraad januari 2022 In deze notitie beschrijven we de uitgangspunten in het kader van de nieuwe Wet inburgering 2022 en de relatie die deze wet heeft met de Participatiewet en de Verordening Sociaal Domein.

1.2 Thema 5. Inburgering Op 1 januari 2022 treedt de nieuwe inburgeringswetgeving in werking. Merendeel van de statushouders moeten in eerste instantie een beroep doen op een gemeentelijke inkomensvoorziening. Vandaar dat er ook een sterke verbondenheid is met de Participatiewet en daarmee ook met de vier thema’s die we de afgelopen commissievergaderingen behandeld hebben. De gemeenteraad heeft een jaar geleden het nieuwe inburgeringsbeleid vastgesteld. Vandaar dat in dit document ingezoomd wordt op de effecten van het nieuwe

Pagina 3 van 12 inburgeringsstelsel op de thema’s zoals we die in het kader van de herijking van de Verordening Sociaal Domein hebben besproken.

1.3 Leeswijzer Dit document start met een beschrijving van de kaders waar rekening mee dient te worden gehouden bij de herijking. Vervolgens worden de hoofdlijnen rondom het thema beschreven. Omdat de huidige verordening geen bepalingen kent die een verbondenheid hebben met de inburgering, is er geen bijlage met teksten uit de huidige verordening. In bijlage 1 zijn die teksten uit de nieuwe Inburgeringswet opgenomen die een link hebben naar de Participatiewet en daarmee ook naar de Verordening Sociaal Domein.

Pagina 4 van 12

2 Inburgering vanuit de kaders 2.1 Visie1 Iedereen doet mee in de gemeente Oude IJsselstreek. Dat geldt ook voor de inwoners die hun land van herkomst hebben moeten ontvluchten (statushouders) en de inwoners die vanwege de liefde vanuit het buitenland in onze gemeente zijn komen wonen (gezinsmigranten). Daarbij maken wij geen onderscheid tussen de nieuwe inwoners die al in onze gemeente wonen (oudkomers) en de inwoners die na de wijziging van het inburgeringsstelsel in onze gemeente komen wonen (nieuwkomers). De wijziging van het inburgeringsstelsel sluit aan bij de transformatie in het sociaal domein. Ons doel is dat de nieuwe inwoners, net als alle andere inwoners, snel, goed en volwaardig meedoen. We sluiten aan bij de leefwereld van onze nieuwe inwoners en zorgen er voor dat zij zich welkom voelen. We maken daarbij gebruik van de kennis en ervaring van de nieuwe inwoners die al langer in onze gemeente wonen en de inzet van cultuurverbinders en sleutelpersonen. Onze aanpak is gebaseerd op de volgende drie pijlers: a. Voldoende beheersing van de Nederlandse taal; b. Meedoen door betaald werk of een andere zinvolle dagbesteding; c. Positieve gezondheid. We vinden het belangrijk dat aangesloten wordt bij het perspectief en leefwereld van de nieuwe inwoners en dat er daarbinnen sprake is van een combinatie van intensief taalonderwijs met praktijkleren.

We willen daarbij dat de nieuwe inwoners zoveel mogelijk taalcontact hebben waarin geoefend kan worden met de Nederlandse taal. Werk, in welke vorm dan ook. Daarnaast stimuleren we deelname aan het sport- en verenigingsleven en contactmomenten met (taal)maatjes en andere vrijwilligers. We vinden het verder belangrijk dat de nieuwe inwoners financieel zelfredzaam zijn. We ondersteunen hen bij het leren omgaan met en beheren van de eigen financiën. We vinden het belangrijk dat ook de nieuwe inwoners in staat zijn om te gaan met hun fysieke, emotionele en sociale problemen, veelal veroorzaakt door hetgeen zij in het land van herkomst hebben doorgemaakt. We sluiten daarbij aan bij het uitgangspunt van normaliseren dat we in het brede sociaal domein hanteren. Normaliseren betekent in dit kader ook dat voor wat betreft de ondersteuning aan de nieuwe inwoners, voor zover passend gebruik wordt gemaakt van die ondersteuning die ook voor onze andere inwoners beschikbaar is.

1

Beleidsnotitie Inburgering gemeente Oude IJsselstreek november 2020

Pagina 5 van 12

2.2 Strategische agenda Het college heeft in de Strategische agenda Transformatie Werk en Inkomen 2021 de ambities voor 2021 bepaald. Voor het onderdeel: “Iedereen doet mee” luidt de ambitie als volgt: Samen met onze ondernemers en maatschappelijke organisaties zorgen we er voor dat er voor iedereen een baan is. Ook voor de mensen waarvoor de arbeidsmarkt niet (meer) passend is of die vanwege taal of een andere beperking meer moeite hebben om een baan te vinden. Deze ambitie is vervolgens vertaald in de volgende acties: a) b) c) d)

We organiseren maandelijkse bijeenkomsten waar werkgevers en werkzoekenden elkaar kunnen ontmoeten (Meedoen Werkt); We faciliteren samen met werkgevers branche georiënteerde projecten; We ontwikkelen een helder pakket aan faciliterende in- en doorstroomvoorzieningen; We organiseren dienstverbanden voor inwoners waarvoor de arbeidsmarkt niet (meer) passend is (maatschappelijke banen).

De ambities in de strategische agenda sluiten aan bij de ambities en acties in het kader van de Wet inburgering.

2.3 Huidige Wet inburgering De gemeente heeft binnen het huidige inburgeringsstelsel een beperkte rol. De inburgeraar krijgt vanuit DUO de inburgeringsplicht opgelegd en moet zichzelf vervolgens voorbereiden op het behalen van het inburgeringsexamen. Als de inburgeraar de kosten niet zelf kan betalen, kan hij een eenmalige lening aanvragen bij DUO van maximaal 10.000 euro. Voor de inburgeraar met een vluchtelingenstatus geldt dat hij de lening niet hoeft af te lossen als hij het inburgeringsexamen heeft behaald of aantoonbaar voldoende inspanningen heeft geleverd. Toezicht en handhaving ligt volledig bij DUO. Doel van het huidige inburgeringssysteem is het behalen van het inburgeringsexamen op A-2 niveau. Indien blijkt dat iemand dit niveau niet kan halen, wordt hij vrijgesteld en eindigt de inburgeringsverplichting.

2.4 Nieuwe Wet inburgering 2022 Algemeen De nieuwe inburgeringswet is een “voorschrijvende wet” waarbij de beleidsvorming en regievoering bij de landelijke overheid blijft. Er wordt dan ook weinig ruimte geboden voor beleidsvrijheid, anders dan wat betreft de invulling van het inburgeringsaanbod en de bepaling van de hoogte van een deel van de boetes (zie kopje handhaving en naleving).

Pagina 6 van 12 Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden Op basis van de nieuwe wet hebben we de taak: 1. te zorgen voor maatschappelijke begeleiding gericht op praktische hulp bij het regelen van basisvoorzieningen en voorlichting over basisvoorzieningen. 2. een brede intake af te nemen bestaande uit een leerbaarheidstoets, een onderzoek naar gevolgd onderwijs en werkervaring in land van herkomst en een verkenning naar de persoonlijke omstandigheden met het oog op het bieden van maatwerk tijdens het inburgeringstraject; 3. een persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP) op te stellen bestaande uit activiteiten die de inwoner in het kader van zijn inburgerings- en participatietraject uit gaat voeren; 4. te zorgen voor een inburgeringsaanbod ten behoeve van de onderwijsroute, de B1route en de Zelfredzaamheidsroute; 5. te zorgen voor de benodigde ondersteuning en begeleiding. Statushouders en gezinsmigranten De doelgroep bestaat in grote lijnen uit de nieuwe inwoners met een vluchtelingenachtergrond (statushouders) en nieuwe inwoners die vanwege de liefde naar onze gemeente gekomen zijn (gezinsmigranten). De eerder genoemde taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn met name van toepassing op de statushouders. Voor de gezinsmigranten heeft STOER de taak om een PIP op te stellen en de voortgang te bewaken. STOER hoeft geen inburgeringsaanbod te regelen.

Zij dienen dit namelijk zelf te regelen, al dan niet met een lening via DUO. STOER kan hen hier wel in adviseren en begeleiden. Naar verwachting zullen in 2022 rond de 30 statushouders starten met hun inburgeringsprogramma en 5 gezinsmigranten. Leerroutes Het inburgeringsaanbod dient te worden georganiseerd rondom de drie leerroutes zoals die in de nieuwe inburgeringswet zijn opgenomen: a) onderwijsroute: leerroute gericht op doorstroom naar een reguliere vervolgopleiding (>VMBO); b) B1-route: leerroute gericht op het behalen van het inburgeringsexamen op B1-/A-2 niveau c) Zelfredzaamheidsroute: leerroute bestaande uit een maximale inspanning om een zo hoog mogelijke beheersing van de NL-taal te realiseren in combinatie met een praktijkcomponent om het Nederlands ook in de praktijk toe te kunnen passen. Handhaving en naleving De Participatiewet kent het systeem van verlagingen (van de inkomensvoorziening) op het moment dat iemand zijn medewerkingsverplichting niet nakomt en boetes als iemand zijn informatieplicht niet nakomt. De nieuwe inburgeringswet kent alleen een systeem van boetes. Zo bestaat de verplichting om een boete op te leggen als de inburgeraar niet meewerkt aan de brede intake of zijn inburgeringstraject. Maar ook de Minister/DUO kan boetes opleggen op het moment dat onderdelen van het inburgeringstraject niet tijdig worden behaald.

Pagina 7 van 12 Koppeling met de Participatiewet De meeste statushouders zijn op het moment dat zij zich in onze gemeente vestigen aangewezen op een gemeentelijke inkomensvoorziening. Daardoor krijgen zij niet alleen te maken met de bepalingen van de inburgeringswet, maar ook met de bepalingen van de Participatiewet. Vanuit de nieuwe Wet inburgering 2022 worden ook directe linken gelegd naar de Participatiewet. Zo treedt op 1 januari 2022 het nieuwe artikel 56 a Pw in werking. Die bepaalt dat de statushouder verplicht is er aan mee te werken dat gedurende zes maanden de betaling van huur, gas, water en stroom en de verplichte zorgverzekering rechtstreeks vanuit de uitkering wordt gedaan. Daarnaast wordt er ook een link gelegd naar de handhavende taak in het kader van de Participatiewet (art 27 Wi 2022). Indien voor dezelfde gedraging de inkomensvoorziening al is verlaagd, kan niet nogmaals een boete worden opgelegd. Daarbij wordt specifiek de link gelegd naar de medewerkingsverplichting (art 18 Pw) en de verplichting om zich in te spannen om de Nederlandse taal voldoende te beheersen (art 18b Pw /Wet taaleis).

2.5 Ontwikkelingen a) We zijn al gestart Ten tijde van de vaststelling van het beleidsplan inburgering (01-2021) is besloten om 2021 te gebruiken om zoveel als mogelijk te werken volgens de nieuwe wet. Zo bezoeken de loopbaanbegeleiders de statushouders in het AZC in het kader van de brede intake en stellen ze samen met de nieuwe inwoner een Participatie en Inburgeringsplan op. Over de voortgang bent u recentelijk door het college geïnformeerd (memo voortgang veranderopgave inburgering). . b) Aanbevelingen van de huidige/voormalige inburgeraars In samenwerking met Vluchtelingenwerk heeft op 27 oktober 2021 een gesprek plaatsgevonden met een 10-tal inwoners die momenteel inburgeren of recentelijk hun inburgeringsprogramma hebben afgerond. Hen is gevraagd naar wat voor hen belangrijk is in het inburgeringsprogramma en hoe zij daarbij geholpen kunnen worden. De belangrijkste aanbevelingen waren: 1. Blijf ons helpen om onze doelen te bereiken. Men is erg positief over de benaderwijze en ondersteuning van de loopbaanbegeleiders van STOER. 2. Zorg voor groepen met eenzelfde taalniveau en snelheid van leren zodat iedereen in zijn eigen tempo door kan en niet opgehouden wordt door deelnemers die minder snel gaan. 3. Het is belangrijk om zoveel mogelijk in contact te zijn met Nederlands sprekende mensen om zo steeds te blijven oefenen.

Werk en vrijwilligerswerk is daarbij heel belangrijk. 4. Er moet tijdens de lessen meer aandacht zijn voor het spreken en minder voor de grammatica. Spreken hebben zij nodig om zich in het dagelijkse leven te kunnen redden. 5. Zorg voor een intensief programma. De drie dagdelen onder de huidige inburgeringswet zorgt er voor dat de inburgeraar niet volgens eigen tempo vooruit kan. 6. Zorg voor een goed kwalitatief inburgeringsaanbod. Geen lessen die met name door vrijwilligers worden gegeven.

Pagina 8 van 12 7. Zorg er voor dat (vrijwilligers)werk en de lessen Nederlands gecombineerd kunnen worden. Daardoor kunnen ze praktijk en theorie beter combineren. 8. Zorg voor werk- en stageplekken die aansluiten bij onze doelen. 9. Maak de overgang van inkomensvoorziening naar werk en eventueel weer terug, makkelijker (simpel switchen). De wijze waarop de aanbevelingen verwerkt zijn/worden in onze aanpak is terug te vinden in hoofdstuk 3. c) Inburgeringsaanbod Het regionale inkooptraject ten behoeve van de Nederlandse taallessen is afgerond. De onderwijsroute is gegund aan de HAN Universiteit en het Graafschapcollege. De B1 route en de Z-route zijn gegund aan Toptaal en Interbeek. Momenteel worden gesprekken gevoerd om de samenwerking met deze nieuwe aanbieders zowel regionaal als lokaal vorm te geven. Daarnaast zijn de gesprekken gaande over de praktijkcomponent met (werkgevers en Sociaal Werk OIJ) en over de maatschappelijke begeleiding en het financieel ontzorgen met Vluchtelingenwerk.

Pagina 9 van 12

3 Herijking onderdeel inburgering 3.1 Inleiding De gemeente heeft binnen het huidige inburgeringsstelsel een beperkte rol. Vandaar dat er in de huidige verordening ook geen bepalingen zijn opgenomen die direct betrekking hebben op de inburgering. Hoewel de gemeente binnen het nieuwe inburgeringsstelsel een centrale rol heeft, biedt de nieuwe inburgeringswet weinig beleidsruimte. Vandaar dat in de verordening alleen een artikel opgenomen hoeft te worden dat bepaalt welke wetgeving (Pw of Wi2022) prefereert in het kader van handhaving (zie 3.6).

3.2 Statushouder Op het moment dat duidelijk is dat de nieuwe inwoner op termijn zich in onze gemeente gaat vestigen starten we met het in kaart brengen van zijn kansen en mogelijkheden. We doen dit door de inwoner te bezoeken in het AZC of via een digitale verbinding. We stimuleren hen om in de tussentijd gebruik te maken van het taalonderwijs dat binnen het AZC wordt aangeboden. Op het moment dat de nieuwe inwoner binnen de gemeente gevestigd is starten tegelijk drie trajecten: a) Maatschappelijke begeleiding: begeleiding van de nieuwe inwoner bij vestiging en integratie in onze gemeente (vrijwilligers Vluchtelingenwerk); b) Inburgeringstraject: beheersing van de Nederlandse taal en kennis van maatschappij en arbeidsmarkt en normen en waarden (taalaanbieder) aan de hand van een van de drie leerroutes; c) Participatietraject: begeleiding naar werk of een andere zinvolle dagbesteding (loopbaanbegeleiders STOER). De loopbaanbegeleider van STOER fungeert als aanspreekpunt voor de nieuwe inwoner en zorgt samen met de nieuwe inwoner dat de drie trajecten worden samengevoegd tot één plan. Ook voor de huidige statushouders is de loopbaanbegeleider het centrale aanspreekpunt. We zijn in contact met de huidige taalaanbieders om zo ook voor hen de drie hiervoor genoemde trajecten beter op elkaar af te kunnen stemmen en de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren.

3.3 Inburgering in relatie tot thema 1. loopbaanbegeleiding Dualiteit (praktijk in combinatie met de Nederlandse lessen) staat centraal. De (voormalige) inburgeraars gaven aan dat zij zo snel mogelijk willen werken of vrijwilligerswerk willen doen. Om dit te stimuleren wordt in het nieuwe inburgeringsaanbod ook meer de nadruk

Pagina 10 van 12 gelegd op het spreken van de Nederlandse taal en zijn we samen met Sociaal Werk OIJ aan het kijken hoe we het contact tussen de nieuwe inwoners en de Nederlands sprekende inwoners kunnen bevorderen. Samen met de werkgever, de werknemer en de taalaanbieder kijken we wat nodig is om de werkplek voor de medewerker te behouden en van daaruit door te groeien. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan extra aandacht voor vaktaal of taal op de werkplek, inzet van loonkostensubsidie om eventuele lagere productiviteit in het begin op te vangen of extra begeleiding van werkgever en werknemer. Doen wat nodig is, is het uitgangspunt van handelen. Een deel van de nieuwe inwoners had in het land van herkomst een eigen zaak. Vandaar dat we de mogelijkheden van het opzetten van een eigen bedrijf ook voor deze groep willen onderzoeken en mogelijk maken.

3.4 Inburgering in relatie tot thema 2. Inwonersparticipatie Bij de behandeling van thema 2. Inwonersparticipatie hebben we aangegeven in contact te willen staan met de inwoners en hen actief te betrekken bij de beleidsvorming en de uitvoeringspraktijk. Vandaar dat we (voormalige) inburgeraars naar hun mening gevraagd hebben (zie 2.5.b.). Daarnaast zijn we bezig om samen met Sociaal Werk OIJ te bepalen op welke wijze sleutelpersonen een duidelijkere rol in de begeleiding kunnen krijgen en het aantal sleutelpersonen uit te breiden. Ook wordt via regionale samenwerking het aantal en de verscheidenheid van sleutelpersonen uit te breiden.

3.5 Inburgering in relatie tot thema 3. Inkomensbegeleiding Hetgeen is afgesproken bij de bespreking van thema 2. Inkomensbegeleiding geldt ook voor de inburgeraars met een gemeentelijke inkomensvoorziening. Zo dienen de inspanningen van de inburgeraars (financieel) te worden beloond. We sluiten daarbij aan bij de tijdens dit thema besproken instrumenten (o.a. STOER-box, bloemetje, aandacht, spaarsysteem, opstartpremie). Ook wordt vanaf de zomer tegemoet gekomen aan de wens van de (voormalige) inburgeraars om de overgang van inkomensvoorziening naar werk en terug, makkelijker te maken. STOER houdt gedurende drie maanden de inkomensvoorziening aan waardoor iemand geen nieuwe uitkering aan hoeft te vragen als hij zijn proeftijd niet doorkomt. Met de komst van het nieuwe inburgeringsstelsel worden gemeenten verplicht om gedurende de eerste zes maanden, de vaste lasten (huur, gas, licht water en ziektekostenverzekering) in te houden op de inkomensvoorziening en door te betalen aan de leveranciers. Daarnaast worden de statushouders gedurende die maanden begeleid

Pagina 11 van 12 zodat zij na die periode zelf de vaste lasten kunnen betalen. Vluchtelingenwerk zal de inburgeraars begeleiden naar financiële zelfredzaamheid.

3.6 Inburgering in relatie tot thema 4.handhaving en naleving Binnen het thema handhaving en naleving hebben we gesproken over hoe we kunnen voorkomen dat inwoners (onbedoeld) de verkeerde dingen doen en hoe we om willen gaan met de kleine groep mensen die – ondanks al onze inspanningen – willen en wetens niet meewerken en/of verkeerde informatie verstrekken. Hetgeen we hebben afgesproken in het kader van de Participatiewet (preventie, menselijke maat bij toepassing en rechtszekerheid) passen we ook op dezelfde manier toe met betrekking tot de nieuwe inburgeringswet. Dat betekent bijvoorbeeld dat we de nieuwe inwoners bij de start informeren in hun eigen taal (brochure) en op het moment dat we het gaan hebben over rechten en plichten, gebruik maken van een beëdigde tolk. Ook betekent het dat we onze medewerkers trainen in cultuursensitiviteit. De nieuwe Wet inburgering en de Participatiewet kennen ieder hun eigen handhavingsbepalingen. In het geval dat zowel de Participatiewet als ook de Wet inburgering van toepassing is, dient een keuze te worden gemaakt welke wet dan voor gaat. Vanwege het feit dat de Participatiewet meer ruimte biedt voor interpretatie en maatwerk wordt deze voorkeur als apart artikel opgenomen in de te wijzigen verordening.

Pagina 12 van 12

Bijlage 1. Wijzingen Participatie wet o.b.v. Wet inburgering 2022 A. Artikel 18b, tweede lid, onderdeel b, (Wet taaleis) komt te luiden: b. geen diploma voor het inburgeringsexamen dan wel de onderwijsroute, bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Wet inburgering 20.. kan overleggen; en B. Artikel 56a. Ontzorgen 1. Dit artikel is van toepassing op de belanghebbende die: a. inburgeringsplichtig is op grond van de Wet inburgering 20..; en b. verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000. 2. Het college verbindt aan de bijstand van de belanghebbende de verplichting om gedurende een periode van zes maanden, gerekend vanaf de dag waarop het recht op bijstand ontstaat, mee te werken aan het door het college in naam van de belanghebbende verrichten van betalingen uit de toegekende bijstand van huur, gas, water en stroom en de verplichte zorgverzekering. C In de artikelen 64, eerste lid, onderdeel p, en 67, eerste lid, onderdeel h, wordt ‘Wet inburgering’ vervangen door ‘de Wet inburgering 20..’. D Na artikel 67 wordt een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 67a. Gebruik van gegevens Wet inburgering 20.. Het college is bevoegd de gegevens die zij heeft verkregen voor de uitvoering van de taken die bij of krachtens de Wet inburgering 20..

aan het college zijn opgedragen, ook te verwerken voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van deze wet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4324/documents/22699