CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

v1-21-11-10 DEF TransitieVisie Wartme Oss.PDF

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente OssBij agendapunt: B Transitievisie Warmte Oss27.081 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Transitievisie Warmte Oss 2021

De eerste stappen op weg naar aardgasloos Oss

2 Transitievisie Warmte Oss 2021

Inhoudsopgave Inleiding

4

Voorwoord

6

Adviesnota gemeente Oss

10

Uitvoeringsagenda Warmtetransitie 2022

22

Bijlagen

32

Bijlage 1

33

Bijlage 2

73

Bijlege 3

75

Bijlage 3B

77

Bijlage 4

78

Bijlage 5

80

Bijlage 6

84

Bijlage 7

86

Bijlage 8

87

3 Transitievisie Warmte Oss 2021

Inleiding – de opdracht Hierbij presenteren wij onze Transitievisie Warmte die volgens landelijke voorschriften in 2021 moet worden vastgesteld. In het Klimaatakkoord van 28 juni 2019 is opgenomen dat gemeenten, met betrokkenheid van stakeholders, uiterlijk in 2021 hun Transitievisie Warmte moeten hebben vastgesteld. Daarin moeten zij het tijdpad bepalen voor de stapsgewijze aanpak richting een aardgasvrije gebouwde omgeving in 2050. Ook het planmatig isoleren van woningen en andere gebouwen kan onderdeel uitmaken van deze aanpak. Enkele kerncijfers Warmte vormt in Nederland verreweg het grootste aandeel van het totale energiegebruik: 42%. Ter vergelijking: elektriciteit is 15 %. Electriciteit (15%)

Warmte (42%) Grondstoffen (21%)

Mobiliteit (22%)

De industrie is veruit de grootste energiegebruiker : 44 %. In de Warmtevisies die de gemeenten moeten maken, gaat het om de Gebouwde omgeving die 28% van de energie gebruikt. Warm water (18%)

Koken (2%)

Apparaten en verlichting (18%) Verwarming (62%)

Van het particuliere aardgasgebruik gaat ca 80 % op aan verwarming, koken en warm water. Landbouw (6%) Mobiliteit (22%) Industrie (44%)

Gebouwde omgeving (28%)

Bron : CBS 2020

4 Transitievisie Warmte Oss 2021

Wijkgerichte aanpak In de eerste TransitieVisie Warmte moet in ieder geval voor wijken die tot en met 2030 gepland zijn, worden opgenomen: − hoeveel woningen en andere gebouwen tot en met 2030 aardgasvrij of gereed voor aardgasvrij worden gemaakt; − welke alternatieve warmtevoorzieningen kansrijk zijn; − welk warmtealternatief de laagste nationale kosten heeft. Onze gedachten hebben we gevormd in samenspraak met diverse stakeholders en een externe adviseur: WarmteTransitieMakers. Zie daarvoor de bijlage 1 met het rapport dat de analyses bevat die we vanuit de Rijksopdracht moeten maken en dat tezamen met de daarin gedane suggesties mede de basis vormt voor onze keuzes voor onze ambitie en aanpak. We hebben al publieksactiviteiten opgestart. Daar hebben we ook gehoord wat leeft over de warmtetransitie. Onderdeel van onze TransitieVisie Warmte is de participatie van inwoners. Als we de hoofdrichting hebben bepaald, gaan we daar verdergaand mee aan de slag.

5 Transitievisie Warmte Oss 2021

Voorwoord De energietransitie is cruciaal voor het terugdringen van de opwarming van de aarde. Maar ondanks alle wereldwijde afspraken, zorgwekkende klimaatverschijnselen, alarmerende rapporten en ambitieuze overheidsplannen blijkt het heel moeilijk te zijn om tot concreet resultaat te komen. Nederland onderscheidt zich daarbij niet in positieve zin. Integendeel! Ook voor ons land is de energietransitie als het ware een expeditie waarbij doel en aankomsttijd zijn bepaald maar we daarnaar toe zelf onze weg moeten zoeken door onbekend terrein vol moeilijkheden en belemmeringen. Nederland zet vanuit het Klimaatakkoord zwaar in op de regierol van gemeenten. Op regionaal niveau via de Regionale Energiestrategie (RES) en op gemeentelijk niveau via de Transitievisie Warmte en het Wijkuitvoeringsplan. In het najaar wordt duidelijk in hoeverre de RES-aanpak daadwerkelijk uitzicht op succes biedt. En voor het eind van dit jaar moet elke gemeente haar TransitieVisie Warmte vaststellen. Ik ben benieuwd naar de uitkomst daarvan. Ik zie gemeenten en hun bestuurders worstelen. Wij in Oss ervaren zelf hoe weerbarstig het is om meters te maken. Energiebesparing gaat langzaam. Opwekkingsinitiatieven roepen heel veel weerstand op en kennen moeilijke juridische hindernissen. Dezelfde ervaringen zien we bij gemeenten die vooroplopen met de warmtetransitie.

Realistische ambitie Tegen die achtergrond moeten wij dit jaar onze ambitie met betrekking tot de warmtetransitie bepalen. Daarbij wetend hoeveel er op ons afkomt in het sociale en in het ruimtelijke domein en wat dat voor onze middelen en organisatie betekent. Door onze samenstelling als stadteland raakt de samenloop van opgaven Oss extra hard, zeker ook in het ruimtelijke domein. Dat dwingt ons tot scherpere prioritering. Daarom kiezen wij voor een realistische en pragmatische aanpak van de warmtetransitie. In Oss nemen we onze verantwoordelijkheid voor en bijdrage aan de klimaataanpak al langer uiterst serieus. Die hebben wij in 2016 vertaald van “veilig ver weg naar concreet dichtbij”. Dat was en is het vertrekpunt van onze aanpak. Ook nu van de warmtetransitie. We volstaan dus net zomin als bij de RES met mooi opgeschreven beloftes. De analyse die wordt verlangd, vertalen we tegelijkertijd naar een Uitvoeringsagenda 2022 met een globale doorkijk naar de langere termijn.

6 Transitievisie Warmte Oss 2021

Olifant in de kamer Nieuwbouw is inmiddels verplicht aardgasloos sinds juli 2018. Daarop wordt verschillend ingespeeld. Soms met collectieve oplossingen, vaak met individuele technieken. Waarbij energiebesparing door o.a. isolatie, verwarmings- en kookapparatuur de basis vormt en met name door zonnepanelen in eigen energieopwekking wordt voorzien. Gasloos kan dus wel. Maar voor de bestaande bebouwing ligt dat anders. Daarvoor is deze pijler van de energietransitie de olifant in de kamer. De consequenties hiervan landen namelijk direct op iedere individuele keukentafel en elk bestuurdersbureau. Het vraagt bewustzijn van de noodzaak en actiebereidheid, het raakt het comfort waaraan men gewend is, brengt kosten met zich mee, moet technisch mogelijk zijn, heeft gevolgen voor de openbare ruimte en de ondergrond en zo meer. Bovendien worden daaraan eisen gesteld zoals woonlastenneutraliteit. De eerste ervaringen van gemeenten die aan de slag zijn gegaan o.a. met warmtenetten zijn voor wat betreft de maatschappelijke kosten-batenanalyse weinig bemoedigend. Nieuwe context Van-het- gas- af leek lang ver weg van de keuken- en bestuurstafel. Maar dat is dit najaar drastisch veranderd. De gasprijs is de pan uit gevlogen. Het is dagelijks in de media en onderwerp van vele gesprekken.

Waarbij ook de zorg doorklinkt over de in jaren gegroeide afhankelijkheid van gasproducerende landen zoals Rusland. Energiearmoede is een actueel thema geworden. Voor het Kabinet was dit aanleiding tot crisisberaad en maatregelen. Bedrijven zien hun kosten fors oplopen en energiebedrijven komen in de problemen. Daarmee is de warmtetransitie concreet dichtbij gekomen. Dit gaat ongetwijfeld een plaats krijgen in het nieuwe regeerakkoord. Voor onze opgave betekent dit dat de awareness van de noodzaak van de warmtetransitie in korte tijd sterk is toegenomen. Parallelaanpak De verplichting voor het opstellen van de TransitieVisie Warmte is vastgelegd in het Klimaatakkoord. Die betreft de Gebouwde Omgeving waarvoor moet worden uitgewerkt welke wijken wanneer van de gasaansluiting worden losgekoppeld. Dat vraagt ver vooruitkijken. Gegeven de impact, de lange termijnplanning en de huidige omstandigheden van de energietransitie ligt hierin het risico dat we een papieren werkelijkheid creëren. Daarom zien wij het tijdspad dat we voor de wijkaanpak moeten aangeven als een eerste oriënterende verkenning die nader moet worden uitgewerkt en regelmatig geactualiseerd moet worden.

7 Transitievisie Warmte Oss 2021

Om geen tijd te verliezen met de concrete aanpak van de warmtetransitie kiezen we voor een parallelle aanpak. Voor de wijkaanpak hanteren we een stapsgewijze benadering waarbij we voortbouwen op opgedane ervaringen. Zo kunnen we tevens inspelen op nieuwe inzichten. Daarnaast zetten we erop in om beweging te creëren bij individuele eigenaren en gebruikers van gebouwen. Waarbij we aanhaken op bestaande initiatieven gericht op energiebesparing en faciliteiten bieden om stappen te zetten naar minder gasgebruik. Het bedrijfsleven nemen we daarin mee. Daarbij sturen we op de samenhang van de 3 verschillende onderdelen: energiebesparing, energieopwekking en warmtetransitie. Zij zijn met elkaar verweven. Hoe meer energie wij besparen, hoe minder wij hoeven op te wekken en hoe minder vraag er is naar gas. Daarentegen betekent de vervanging van gas door elektriciteit dat we meer duurzame elektriciteit moeten opwekken. Rol van de rijksoverheid Zoals ik al vaker heb aangegeven, vraagt de energietransitie naar mijn mening een veel zwaardere regierol van de rijksoverheid. Om tot het gewenste resultaat te komen, zal ook de industrie als grootste gebruiker van warmte tot actie moeten worden aangezet, zal de boodschap indringender moeten zijn en zullen er betere randvoorwaarden moeten worden gecreëerd. Dat is en wordt ook door de VNG en G40 krachtig verwoord richting onze regering.

Daarvoor lobbyen wij vanuit Oss in onze sa-menwerkingsverbanden. Gevraagd naar wat wij als gemeenten nodig hebben, heb ik daarvoor mijn 8 M’en– oproep gedaan: minder machteloos met meer middelen, mankracht, mandaat en medewerking. Als dit van hoger-hand niet beter wordt ingevuld, staan wij, ook in Oss, voor een onmogelijke opgave en blijven we ver af van de doelstellingen die we onszelf hebben opgelegd. Optimisme Mijn optimisme schuilt erin dat de nieuwe regering, gestimuleerd door de nieuwe context, haar ogen voor de dagelijkse praktijk niet langer kan sluiten. Het Rijk zal een zwaardere regierol moeten nemen. En waar zij gemeenten met de uitvoering belast, horen daar de benodigde faciliteiten bij. Coördinatie, standaardisatie en schaalgrootte zijn nodig om tempo te maken en kosten te beperken. Ondanks de grote verschillen kan de gastransitie van de jaren ’60 daarbij ter inspiratie dienen. Uiteraard vertaald naar de huidige tijd en context. Dat zal ook aanvullend wetgeving vragen. De techniek staat niet stil: nieuwe technische oplossingen zullen zich aandienen. En de energietransitie biedt nieuwe economische kansen. Ik verwacht dat de combinatie van deze factoren maakt dat wij als gemeenten in de komende jaren beter toegerust zullen zijn voor onze opgave met betrekking tot de warmtetransitie.

Om daarop flexibel in te kunnen spelen, zullen we onze aanpak jaarlijks opnieuw bepalen.

8 Transitievisie Warmte Oss 2021

Tenslotte Met gemeenteraadsverkiezingen in aantocht is het niet gepast om te grote voorschotten te nemen op toekomstig beleid. Maar feit is dat wij dit jaar onze TransitieVisie Warmte moeten vaststellen. Met deze visie voldoen we hieraan. Hiermee geven we een eerste richting aan de aanpak van het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving in onze gemeente. En tegelijkertijd maken we een begin met de uitvoering. Verdergaande keuzes, inclusief het opzetten en vaststellen van de wijkuitvoerings plannen, moeten in de eerstkomende jaren worden gemaakt. Met deze visie is de warmtetransitie tevens geagendeerd als onderwerp voor de nieuwe College- en Raadsperiode. Om zo ook op dit onderdeel van de klimaatmaatregelen met elkaar te bepalen waar we in Oss de komende periode voor gaan en staan en wat we van onze inwoners verwachten. In het belang van ons in het nu en dat van de generaties na ons. mr J. van der Schoot Wethouder Duurzaamheid c.s.

9 Transitievisie Warmte Oss 2021

Adviesnota gemeente Oss Uitgangspunten van onze aanpak 1. Onze ambitie is leidend In Oss nemen we onze bijdrage aan de klimaataanpak uiterst serieus. Onze aanpak hebben wij in 2016 vertaald van ‘veilig ver weg naar concreet dichtbij’ in onze Duurzaamheidscirkel. Dat was en is het vertrekpunt van onze klimaataanpak. Voor wat betreft de energietransitie hebben wij onze ambitie in stappen geconcretiseerd en bijgesteld op basis van opgedane ervaringen en politiek maatschappelijke haalbaarheid. Recent heeft onze Gemeenteraad nogmaals bevestigd dat ons aandeel in RES NOB 1.0 onze huidige minimum- en maximumambitie is: − − − −

Reductie CO2-emissie: 49% in 2030 in vergelijking tot 1990; Besparing: 11% in 2030 in vergelijking tot 2017; Grootschalige opwekking: 0,93 PJ duurzame energie in 2030; vergund in 2025; Volledig energieneutraal in 2050.

Op grond van het Klimaatakkoord is het streven in het kader van de Warmtetransitie •

7.500 Aardgasvrije woningen in 2030 en volledig afgekoppeld van het gasnet in 2050

2. Onze aanpak is realistisch We realiseren ons dat we nog maar aan het begin staan van een maatschappelijk ingrijpende verandering. De voedingsbodem bij inwoners, bedrijven en instellingen was tot voor kort weinig ontvankelijk voor de warmtetransitie. Door de torenhoge stijging van de gasprijs met alle consequenties van dien voor inwoners en bedrijven is dat in enkele weken sterk veranderd. De consequenties zijn inmiddels op de keuken-

10 Transitievisie Warmte Oss 2021

en ondernemerstafels geland. De komende tijd zal blijken hoe zich dat vertaalt naar individuele actiebereidheid. Dat zal per huishouden en onderneming verschillend zijn al naar gelang men de noodzaak daartoe voelt en bereid en in staat is om daaraan invulling te geven. Daarbij zullen keuzes op maat moeten worden gemaakt omdat er niet een eenduidig alternatief is voor gas en haar infrastructuur. Voor de collectieve aanpak stelt het Rijk bovendien eisen aan woonlastenneutraliteit en maatschappelijk draagvlak. Daarnaast hebben we ook te maken met de realiteit dat de capaciteit van het elektriciteitsnetwerk onvoldoende is. Nieuwe technieken hebben gevolgen voor de openbare ruimte en voor de ondergrond. Tegelijkertijd werken grondstoffenschaarste en personeelstekorten prijsopdrijvend en zorgen voor vertraging. Centraal in de gedachten van de rijksoverheid staat de wijkgerichte aanpak. De eerste ervaringen van gemeenten die aan de slag zijn gegaan met zogenaamde ‘Proeftuinen Aardgasvrije Wijken’ zijn weinig bemoedigend. Zij lopen tegen allerlei belemmeringen aan, het levert weerstand op, alternatieve warmtebronnen zijn niet altijd even betrouwbaar, de kosten zijn hoog, doorlooptijden vallen tegen en soms levert het wooncomfort klachten op.

Daarbij komt dat wij als gemeente op dit moment maar over beperkte instrumenten beschikken om onze inwoners en bedrijven te bewegen om over te stappen op andere energiebronnen. Wij moeten het tot nu toe vooral hebben van overredingskracht en facilitering. Dat vraagt veel middelen en mankracht. De bijdrage van het Rijk is zeer beperkt. Dit betekent een groot beroep op onze eigen middelen en op onze eigen mensen. Dat vraagt om afwegingen ten opzichte van andere prioriteiten binnen een begroting die onder druk staat. 3. We maken pragmatische keuzes Het Klimaatakkoord verwacht dat wij in de TransitieVisie Warmte aangeven welke wijken wij voor en welke wij na 2030 aardgasvrij maken. Daarnaast moeten wij aangeven welke alternatieve warmtebronnen hiervoor beschikbaar zijn. Voor de wijken die in de periode tot 2030 aardgasvrij worden gemaakt, worden wij geacht een meer gedetailleerd tijdspad aan te geven. Dit vinden wij op dit moment geen realistische opdracht. Tenminste als wij ons er niet vanaf willen maken met een papieren werkelijkheid waarvan we weten dat we nu nog niet kunnen overzien of en hoe deze kan worden ingevuld. Wij verwachten dat ervaringen met de aardgastransitie, de evaluatie van RES 1.0, nieuw Rijksbeleid en technische ontwikkelingen de komende jaren tot nieuwe inzichten1 zullen leiden.

Om toch voortvarend van start te kunnen gaan, kiezen wij voor een uitvoeringsprogramma dat qua effectiviteit past bij onze ambitie en qua efficiency en prioritering past in de bredere afweging van opgaven waarvoor wij staan. Met de gemeenteraadsverkiezingen in aantocht, vinden wij het daarnaast niet gepast om verder te gaan. Met deze

1 Zie bijlage 4: Warmtetransitie in de gebouwde omgeving: tandje erbij echt nodig! en bijlage 5: Ecorys, Inzicht in aanvullende beleidspakketten voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving

11 Transitievisie Warmte Oss 2021

TransitieVisie Warmte adresseren we dit onderwerp ten behoeve van de meningsvorming van de politiek en leggen we een basis waarop het nieuwe College en de Gemeenteraad desgewenst kunnen voortbouwen. 4. We spelen in op de specifieke aard van Oss als stadteland met haar eigen bebouwing De warmtetransitie beoogt alle inwoners en bedrijven te bereiken. In algemene zin geldt dat hoe homogener de bebouwing is, hoe gerichter de aanpak kan zijn. In onze gemeente moeten wij rekening houden met de samenstelling van de gebouwde omgeving die grote verschillen kent in onze 3 deelgebieden en binnen elk daarvan. Zo is een wijkgerichte benadering in de stad van andere orde dan in een dorp en leent het buitengebied zich niet daarvoor. De aard, leeftijd en kwaliteit van gebouwen bepalen de impact van de benodigde aanpassingen. De vele monumenten en de beide vestingstadjes zorgen daarbij voor een extra complicatie.

Stadteland impressie

5. We borgen de samenhang met energiebesparing en -opwekking De drie verschillende pijlers van de energietransitie zijn met elkaar verweven: energiebesparing, energieopwekking en warmtetransitie. Hoe meer energie wij besparen, hoe minder wij hoeven op te wekken en hoe minder behoefte er is aan aardgas. Daarentegen betekent de vervanging van aardgas door elektriciteit dat we meer elektriciteit moeten opwekken. Daarom sturen wij op de samenhang en waar mogelijk zoeken we synergie. Met besparing en opwekking zijn we al verder in onze aanpak. Daarom sluiten we bij de warmtetransitie nadrukkelijk aan op het Uitvoeringsprogramma Energiebesparing en zoeken we naar aansluiting op initiatieven met betrekking tot energieopwekking. Daarin nemen we ook het bedrijfsleven mee.

12 Transitievisie Warmte Oss 2021

6. We kiezen voor een combinatie van wijkgerichte en individuele benadering Over de gehele linie, ook in de wijkgerichte aanpak, vraagt de gastransitie draagvlak bij individuele huiseigenaren. Daarom kiezen wij ervoor om onze inspanningen te richten op de breedte van onze inwoners. De wijkgerichte aanpak is gefaseerd in de tijd en het effect daarvan hangt samen met collectieve technische oplossingen. Daarom kiezen wij voor een paralleltraject van individuele en wijkgerichte benadering. Daarbij realiseren wij ons dat de samenstelling van onze gemeente met zijn drie gebieden: stad, 23 dorpen en een groot buitengebied, meebrengt dat collectieve oplossingen lang niet overal voor de hand liggen. 7. We kiezen voor bewezen technieken en no regret maatregelen In de afgelopen tijd hebben we ervaring opgedaan met de inzet die een innovatieve rol van de gemeente vraagt. In onze pragmatische, resultaatgerichte aanpak past innovatie alleen bij wijze van uitzondering. Daarom kiezen we in de warmtetransitie vooralsnog voor noregret maatregelen en bewezen technieken. Uiteraard volgen we nieuwe ontwikkelingen op de voet en maken we daarvan gebruik als ze voldoende uitzicht bieden op resultaat. 8. We werken nauw samen met onze partners Ook ten aanzien van de warmtetransitie vinden we samenwerken belangrijk en zoeken we actief verbinding met relevante partners.

Om meer impact te hebben, om te voorkomen dat we het wiel opnieuw uitvinden en om sterker te staan richting marktpartijen. De woningcorporaties zijn als grootste woningeigenaar en vanuit hun doelstelling en opdracht onze natuurlijke partners. Daarnaast laten we ons inspireren door de bouw- en installatiebranche. De warmtetransitie is een apart onderdeel van de RES NOB waaraan wij samen met andere gemeenten en partners werken. We doen mee in bovenlokale samenwerkingsverbanden zoals G40 en VNG. En bij hogere overheden ijveren wij ervoor om te zorgen dat er één lijn door “de overheid” wordt getrokken. Dat is essentieel om onze inwoners mee te krijgen. 9. We kiezen vooralsnog voor een wijk-voor-wijk-aanpak Uiteindelijk zullen alle woningen en gebouwen uiterlijk in 2050 aardgasvrij moeten zijn. Op basis van bovenstaande uitgangspunten kiezen wij er in dit stadium voor om voor 2022 te beginnen met één wijk en één dorp om daarmee ervaring op te doen voor de vervolgaanpak. 10. We zijn flexibel door jaarlijks onze aanpak opnieuw te bepalen De uitwerking en implementatie van de warmtetransitie in de komende jaren zal ongetwijfeld wijzigen al naar gelang de omstandigheden van dat moment. Daarop spelen wij in door jaarlijks te bepalen welke volgende wijk(en) we gaan aanpakken. Dit mede met behulp van de analyse en voorstellen in de bijlage.

De consequenties daarvan vertalen we in de begrotingen. Daarnaast wordt conform de landelijke verplichting de Transitievisie Warmte elke 5 jaar geactualiseerd.

13 Transitievisie Warmte Oss 2021

Wat is de impact van de warmtetransitie voor inwoners? De impact van deze warmtetransitie voor individuele woningeigenaren is groot. Aardgasvrij betekent koken, douchen en verwarmen met alternatieve, duurzame energiebronnen. Dat vraagt meer of minder ingrijpende bouwkundige ingrepen in de woningen, zoals vervanging van het gasfornuis, het aanbrengen van isolatieglas, muur, vloer- en dakisolatie, zonnepanelen op het dak en/of warmtepompen dan wel een collectieve warmtevoorzieningsaansluiting. Dit brengt moeilijke keuzes, noodzakelijke inspanningen en ongemak met zich mee. En uiteraard kosten. Uit onderzoek blijkt dat betaalbaarheid voor een groot deel van de inwoners het belangrijkste afwegingscriterium is. Daarnaast hechten woningeigenaren aan wooncomfort, in de vorm van een optimaal binnenklimaat het jaar rond: zowel warmte als koeling met dezelfde installatie. En zij willen ontzorgd worden voor wat betreft de benodigde installaties/investeringen/ onderhoud. Woningeigenaren zullen de kosten van de warmtetransitie zelf moeten financieren. Er zijn weliswaar duurzaamheidsleningen en -subsidies beschikbaar, maar deze zijn over het algemeen niet toereikend. Kosten voor aanpassingen van huurwoningen worden gedragen door de verhuurder, maar kunnen (deels) worden doorberekend in de huurprijs.

Situatie in Oss

Figuur 3:Energielabels voor de woningen in gemeente Oss. Dit zijn zowel definitieve energielabels als ook voorlopige. Bron: RVO, 2020

In Figuur 3 is de verdeling van energielabels van de ruim 40.000 woningen in onze gemeente te zien2. De verwachting is dat in de komende jaren steeds meer woningeigenaren met isolatie aan de slag gaan (zie kader), waardoor de energielabels verbeteren en de warmtevraag lager wordt. Voor woningcorporaties en kantoorpandeigenaren3 gelden strenger wordende wettelijke isolatieeisen. Deze panden zullen, waar nodig, in de komende jaren grondig aangepakt moeten worden. Betaalbaarheid Betaalbaarheid, sociale rechtvaardigheid en woonlastenneutraliteit zijn termen die in het nationale beleidskader voor de energie- en warmtetransitie veel worden gebruikt. Dit vraagt ondersteuning bij de financiering en is als zodanig inkomenspolitiek. Daarbij

2 Bron: RVO, januari 2020 3 De woningcorporaties hebben zich verplicht om in 2021 hun woningbestand op label B niveau te brengen. Kantoorpanden groter dan 100 m2 dienen in 2023 label C niveau te hebben. Daarnaast hebben bedrijven die meer dan 25.000 m3 aardgas verbruiken en/of meer dan 50.000 kWh elektriciteit de verplichting om de die energiebesparingsmaatregelen te nemen met een terugverdientijd korter dan vijf jaar.

14 Transitievisie Warmte Oss 2021

zijn gemeenten afhankelijk van landelijke instrumenten. Dit is recent een actueel zwaar politiek/maatschappelijk onderwerp geworden. Voor het kabinet is de sterke stijging van de gasprijs aanleiding voor een compensatiemaatregel door in 2022 de belastingen op energie te verlagen. Maar dit is geen structurele oplossing. Bij het opstellen van de wijkuitvoeringsplannen moeten gemeenten steeds de kosten en baten van de woningaanpassingen goed afwegen. Woonlastenneutraliteit is het uitgangspunt van het nationale beleid. Als er sprake is van onrendabele aanpassingen, moet onderzocht worden hoe dit opgevangen kan worden. Energiebesparing

Woonlastenneutraliteit en keuzevrijheid maken de transitie duur Het overgrote deel van de mensen met een laag inkomen huurt een sociale huurwoning van een woningcorporatie. Deze zijn verplicht om hun woningvoorraad op gemiddeld label B te hebben. Daarnaast krijgen zij van het Rijk extra middelen voor verduurzaming van hun woningvoorraad via een korting op de verhuurdersheffing en extra geld voor een wijkgerichte aanpak. Zij kunnen een beroep doen op duurzame subsidies (zoals de ISDE en SAH) en belastingmaatregelen (zoals de EIA). De corporaties hebben landelijk (Aedes) afgesproken dat woonlastenneutraliteit voor hen een leidend principe is bij de verduurzaming van hun woningvoorraad. Tegenover de investeringen in alternatieven voor gas staan ook financiële voordelen voor inwoners. Deze zijn afhankelijk van de verhouding tussen de benodigde investering en de te realiseren besparing. De prijs van het gas speelt daarin een grote rol. Een goed geïsoleerde woning leidt tot lagere stookkosten, waardoor de extra kosten (deels) gecompenseerd of op termijn zelfs terugverdiend worden. Maar of en in hoeverre hierin investeren haalbaar en betaalbaar is, verschilt uiteraard per huishouden. Goed voorbeeld? De Aardgastransitie uit de jaren zestig De warmtetransitie moet over krap 30 jaar zijn voltooid.

Hoe ging dat in de jaren zestig toen Nederland binnen 10 jaar tijd radicaal is omgeschakeld van voornamelijk kolen naar aardgas? Waarom kon het toen wel snel en is de energietransitie nu zo weerbarstig?

15 Transitievisie Warmte Oss 2021

In zijn boek ‘De Nederlandse Aardgastransitie’ schetst Sven Ringelberg welke lessen we kunnen leren uit die tijd. Ook die warmtetransitie verliep niet zonder slag of stoot, maar toch relatief snel: in tien jaar was de transitie volledig afgerond. Het vertrekpunt was echter geheel anders dan nu. Doel was de overgang naar één warmtebron: het eigen aardgas. In de huidige transitie is er niet het perspectief van dé oplossing. Die moet nu uit een veelheid van alternatieven worden gezocht door betrokkenen. Een ander belangrijk verschil met de huidige transitie is dat destijds de Rijksoverheid de regie nam. Het Rijk rolde een meerjarenplan uit en gemeenten kregen een heldere boodschap: in dat jaar, op die datum bent u aan de beurt: zorg dat u er klaar voor bent. Een groot verschil met de huidige transitie waar de regie versnipperd bij 352 gemeenten ligt. Ter ondersteuning van de transitie voerde het Rijk een landelijke campagne: ‘Ons aardgas – voor vandaag en morgen’. Aardgas werd hiermee een nationaal symbool. De boodschap dat aardgas zorgt voor extra wooncomfort, sloot goed aan bij de golf van modernisering in de jaren zestig. Aardgas was ‘hip’. De duidelijke keuze voor één warmtebron (aardgas) maakte de boodschap een stuk eenvoudiger dan in de huidige warmtetransitie, waar meerdere warmtetechnieken worden ingezet.

In de drive van de overheid speelde nadrukkelijk nog een ander aspect mee. Men wilde het eigen aardgas snel zo aantrekkelijk mogelijk kunnen exploiteren, mede uit concurrentieoverwegingen. De uitkomst is van groot belang geweest voor Nederland en haar welvaart. Al meer dan zestig jaar vormen de aardgasbaten een substantiële bron van inkomsten die wordt gebruikt voor onze nationale begroting. Weerstand was er toen ook. De overstap naar aardgas joeg huishoudens op kosten (nieuw fornuis, nieuwe pannen, nieuwe gaskachel). Ook toen waren er aardgasweigeraars en de kolenlobby gaf flink ‘tegengas’ met de boodschap: “Gezellige mensen stoken op kolen”. Aan participatie werd niet gedaan. Wel werd geïnvesteerd in nazorg aan huis, kregen huisvrouwen les over koken op gas en stonden er tijdens de ombouwfase informatiebussen of -keten in de wijken.

16 Transitievisie Warmte Oss 2021

Energiebesparing De energietransitie begint met het terugdringen van het energiegebruik. Dat geldt ook voor de Warmtetransitie: hoe minder warmte nodig is, hoe gemakkelijker de overgang is. Het Uitvoeringsprogramma Energiebesparing 2019-2023 is door de raad uitvoerig bediscussieerd en uiteindelijk goedgekeurd. Daarmee is bepaald welke activiteiten wij oppakken en hoe wij dat doen. Hoewel er in toenemende mate initiatieven worden genomen gericht op energiebesparing, is de doelstelling van 11% netto besparing ambitieus.

Voor de realisatie van de doelstelling hanteren wij een doelgroepgerichte aanpak. Naast ‘technische’ maatregelen (isolatie, zonnepanelen, duurzame warmte, toezicht & handhaving bij bedrijven, etc.) zetten we in op gedragsverandering. Daartoe stimuleren en faciliteren we de Osse gemeenschap. We houden daarbij steeds de balans voor ogen tussen benodigde inspanning en het te bereiken resultaat. Uiteraard benutten we het “laaghangend fruit”. Diverse energiebesparende maatregelen helpen om minder gas te gebruiken. Vooral het isoleren van de woning draagt hieraan bij. Met zonnepanelen kan de benodigde extra elektriciteit worden opgewekt. Daarom leggen we nadrukkelijk de link met dit onderwerp in onze Transitievisie Warmte. Ook in de bewustwording kunnen beide trajecten elkaar versterken.

17 Transitievisie Warmte Oss 2021

Om de beoogde massa te kunnen maken, is al eerder door de Gemeenteraad besloten tot de volgende speerpunten voor energiebesparing in de komende periode. Die vormen voor ons dan ook het vertrekpunt van de individuele benadering van de gastransitie. 1. Algemene bewustwording en actiebereidheid vergroten Dit doen we o.m. middels de campagne “Oss schakelt door” en allerlei initiatieven. Onderdeel daarvan is de wijk- en buurtgerichte aanpak en aandacht voor educatie aan jongeren. 2. Woningeigenaren stimuleren om energie te besparen We zetten eigenaren van 7.500 koopwoningen aan om actief te gaan besparen met inzet van duurzaamheidsleningen en andere subsidie instrumenten; we zetten ons in om koopwoningen te voorzien van zonnepanelen. 3. Samenwerken met woningcorporaties om sociale huurwoningen energieneutraal te maken. Zoals afgesproken voorzien de woningcorporaties in 2022 450 sociale huurwoningen van zon pv. Bij nieuwbouw, renovatie en comfortverbetering verduurzamen zij woningen bijv. door isolatie, toepassing van hybrideketels en collectieve duurzame warmtevoorzieningen. In het Duurzaamheidsakkoord en de daarop gebaseerde prestatieafspraken zijn en worden afspraken gemaakt voor de vervolgperiode. 4. Ondernemers bewegen energie te besparen We zetten ons in om op de geschikte bedrijvendaken zon pv installaties te realiseren.

Daarnaast adviseren we ondernemers over de maatregelen met een terugverdientijd van maximaal 5 jaar die zij verplicht zijn te nemen. Deze maatregelen hebben ook betrekking op warmte- en aardgasverbruik. 5. Energie besparen op eigen gemeentelijke activiteiten We verduurzamen ons eigen vastgoed en onze openbare ruimte zoals met de gemeenteraad afgesproken. Monitoring De voortgang in de realisering van deze ambities volgen we via de terugkoppelingen die de bovengenoemde projecten met betrekking tot de door hen bereikte resultaten gaan leveren. Om de twee jaar vindt monitoring van de overall bereikte resultaten plaats middels de CE Delft onderzoeken. Rol van de gemeente Voor ons als gemeentelijke overheid die aan de lat staat om in de eigen gemeenschap de warmtetransitie mede vorm te geven, is het de kunst om inwoners en stakeholders

18 Transitievisie Warmte Oss 2021

daarin mee te krijgen. Of en in welke mate de gebruikers van energie in beweging komen, hangt af van de mix van factoren waarmee zij te maken hebben: Voor de noodzakelijke beweging zijn 3 niveau’s te onderscheiden: Gedragsverandering - Vb: de verwarming lager zetten, minder lang douchen, andere productieprocessen e.v.a. Aanpassing van bestaand gebruik - Vb: isoleren van panden, vervanging van ketel, elektrisch of inductie koken Investering in nieuw gebruik - Vb: nieuwbouw, andere warmtebronnen

Instrumenten en invloed De rijksoverheid verwacht ook voor de Warmtetransitie veel van gemeenten. Ons instrumentarium daarvoor is echter beperkt. Als gemeente beschikken wij, afhankelijk van de specifieke situatie, over verschillende knoppen waaraan wij kunnen draaien. Maar vaak kunnen wij niet meer doen dan onze invloed aanwenden door inwoners, bedrijven en stakeholders te bewegen om vrijwillig stappen te zetten. Soms kunnen wij meer sturen omdat wij over instrumenten beschikken om verplichtingen op te leggen zoals wetgeving die het mogelijk maakt om te handhaven of overeenkomsten die we zijn aangegaan waarop we ons kunnen beroepen. Met de groeiende urgentie verwachten we dat ook het ingrijpen door de overheid middels wettelijke maatregelen zal toenemen. Onze verschillende rollen zijn gevisualiseerd in onderstaand schema:

19 Transitievisie Warmte Oss 2021

De ervaring leert dat het belangrijk is dat wij steeds helder zijn over onze rol in relatie tot onze verantwoordelijkheid en mogelijkheden. In onze besluitvorming, naar de hogere overheden en naar onze stakeholders, inwoners en bedrijven. Al te licht ontstaan er verwachtingen die wij niet kunnen invullen. Per onderwerp bepalen wij welke knoppen wij kunnen en willen inzetten. Bewustheid creëren - Vb uitdragen van de waarom-boodschap; in gesprek met; lessen op scholen; Informatie geven - Vb voorlichtingsbijeenkomsten; website met verwijzingen; Oss Schakelt Door; Initiatieven nemen - Vb wijkbenadering; Stimuleren - Vb initiatieven ondersteunen; Partijen verbinden - Vb stakeholderbijeenkomsten; contacten leggen; Faciliteren - Vb leningen; vouchers; Sturen - Vb akkoorden; prestatie afspraken met de woningcorporaties; Afdwingen - Vb gasloos voor nieuwbouw; Toezicht en Handhaving bedrijven; Randvoorwaarden scheppen - Vb samen: lobby van VNG en G40; bilateraal; Zelf doen - Vb eigen vastgoed. Al deze instrumenten zetten wij in al naar gelang de specifieke situatie. Wat is onze ambitie? Als gemeente moeten we vóór 1 januari 2022 kiezen met welke ambitie wij de Warmtetransitie ingaan.

Feitelijk worden er door het Rijk geen andere eisen gesteld dan dat wij aangeven: − hoeveel woningen en andere gebouwen tot en met 2030 aardgasvrij worden gemaakt; − welke alternatieve warmtevoorzieningen kansrijk zijn; en − welk warmtealternatief de laagste maatschappelijke kosten heeft. Dit vraagt om bepaling van onze ambitie. Daartoe onderscheiden wij grofweg drie keuzes:

20 Transitievisie Warmte Oss 2021

1. Beperkte ambitie: we doen wat we moeten doen In dit scenario brengen we in beeld wat de situatie in Oss is, welke alternatieven beschikbaar zijn en welk alternatief de laagste maatschappelijke kosten heeft. We doen daarmee wat wettelijk noodzakelijk is en volstaan nu met de gevraagde analyse. We ondernemen geen verder actie. We blijven onze bestaande besparingsaanpak volgen, waardoor het aantal aardgasvrij woningen slechts langzaam toeneemt. 2. Pragmatische ambitie: ervaringsgewijs gaan we verder We nemen initiatieven aanvullend op scenario 1. Daarvoor: - verrijken we onze bestaande energiebesparingsaanpak met meer aandacht voor de gastransitie, - bieden we faciliteiten en treffen aanvullende maatregelen gericht op het aardgasvrijgereed maken van woningen en bedrijfsgebouwen, - kiezen we voor een wijk-voor-wijk aanpak, te beginnen met één wijk en één dorp om daarmee ervaring op te doen voor de vervolgaanpak. Jaarlijks bepalen we of en welke wijk(en) en/of dorpen we vervolgens aanpakken. 3. Tussensprint ambitie: snel grote sprongen maken We gaan verder dan het vorige scenario en willen snel grote sprongen maken Daarvoor: - gaan we verder in het bieden van faciliteiten en treffen van aanvullende maatregelen gericht op het aardgasvrijgereed maken van woningen en bedrijfsgebouwen. - zetten we ook in op kansrijke innovaties.

- werken we aan het aardgasloos maken van meerdere wijken en/of dorpen tegelijkertijd. Wat adviseert het college? Gelet op de ‘Uitgangspunten van onze aanpak’ ‘uit de paragraaf hiervoor, in combinatie met de gevraagde middelen en mankracht adviseert het college de raad om te kiezen voor het tweede scenario: Pragmatische ambitie. Wij vinden dat er nog te veel onduidelijk is om op dit moment te kiezen voor de ‘Tussensprint ambitie’,dat deze een te groot beslag legt op onze organisatie en dat de afbreukrisico’s te groot zijn. Door te kiezen voor het tweede scenario doen we ervaring op met het aardgasvrijgereed maken van één wijk en één dorp. Ervaring die nodig is om een Osse maatwerk aanpak te ontwikkelen. De uitwerking daarvan voor de komende jaren vinden wij een onderwerp voor een nieuw coalitie akkoord. Om geen tijd te verliezen, willen we wel een concrete start maken. Dit doen we in de vorm van de Uitvoeringsagenda Warmtetransitie 2022. Hierin zoeken we de logische aansluiting bij lopende trajecten in het kader van de Energietransitie.

21 Transitievisie Warmte Oss 2021

Uitvoeringsagenda Warmtetransitie 2022 Deze uitvoeringsagenda is opgemaakt volgens de uitgangspunten zoals hiervoor beschreven. Gelet op de samenhang met energiebesparing zoeken we nauwe aansluiting bij de lopende Uitvoerings agenda voor Energiebesparing. Dit brengen we ook in de gekozen speerpunten tot uitdrukking. Uitgaande van de keuze voor ambitiescenario 2 zoals hiervoor beschreven, willen wij de Uitvoerings agenda Warmtetransitie 2022 baseren op zes speerpunten: 1. Vergroten van de algemene bewustwording en actiebereidheid. 2. Samenwerking met woningcorporaties om sociale huurwoningen aardgasloos te maken. 3. Stimuleren van woningeigenaren/VvE’s om eigen woningen aardgasloos te maken. 4. Stimuleren van ondernemers om hun bedrijf aardgasloos te maken. 5. Warmtetransitie voor het gemeentelijke vastgoed. 6. Wijk-voor-wijk-aanpak – start van het Wijkuitvoeringsplan Schadewijk en verkennen van de aanpak van één dorp. Hieronder werken we deze speerpunten verder uit. Bij de speerpunten 1 tot en met 5 geven we steeds aan welke aanvullende maatregelen wij willen nemen bovenop de reeds bestaande. Speerpunt 1: Vergroten van de algemene bewustwording en actiebereidheid Uit allerlei onderzoek4 blijkt dat de warmtetransitie nog weinig draagvlak heeft onder inwoners en bedrijven. De voorzichtige aanpak vanuit het Rijk van de industrie als grootste gebruiker helpt daarin niet.

Net zo min als het geluid uit grensstreken dat Duitsland juist het overgaan naar gasgebruik promoot. Recent is er een nieuwe context ontstaan zoals hiervoor is aangegeven. Het effect daarvan moet nog blijken. De bereidheid tot energiebesparing groeit wel. Vooral omdat de aardgasprijs stijgt, waardoor de terugverdientijd van energiebesparende maatregelen steeds korter wordt. Daarnaast ontstaat bij woningeigenaren geleidelijk aan het inzicht dat een hoger energielabel leidt tot een hogere woningwaarde. Hier willen we op inspelen door de lopende campagne van ‘Oss Schakelt Door’ uit te breiden met gerichte aandacht voor de algemene bewustwording en actiebereidheid voor de Warmtetransitie en het aardgasvrij(gereed) maken. We doen dit door:

4 Zie bijlage 3A Sociaal Cultureel Planbureau – Drijfveren en ervaren barrières bij woningeigenaren Bron: Persbericht SCP, 29-04-2021 en bijlage 3B: Sociaal Cultureel Planbureau – Klimaatbeleid en de samenleving Bron: Onderzoeksrapport Klimaatbeleid en samenleving – Een korte samenvatting van inzichten uit het SCP-onderzoek op het vlak van duurzame samenleving, oktober 2020

22 Transitievisie Warmte Oss 2021

• het verhaal van de warmtetransitie meer prominent naar voren te brengen o.a. met testimonials van inwoners die hun gebouwen recent aardgasvrij(gereed) hebben gemaakt; • het opnemen van vragen en antwoorden over de warmtetransitie om informatieachterstand en onzekerheid zoveel mogelijk weg te nemen; • het aanbieden van praktische ‘handreikingen’ per woningtype voor inwoners die zelf (of met een aannemer) aan de slag willen; • het aanbieden van een rekentool om de terugverdientijd van diverse maatregelen te berekenen; • het aanbieden van een checklist om de woning klaar te maken voor een hoger energielabel; • het aanbieden van warmtewandelingen en adviesgesprekken (via Brabant Woont Slim); • het stimuleren van de uitwisseling van praktijkervaringen met degenen die zelf hebben geïnvesteerd in alternatieven voor gas; • het geven van inzicht in subsidiemogelijkheden; Speerpunt 2: Samenwerking met woningcorporaties om sociale huurwoningen aardgasloos te maken BrabantWonen en Mooiland hebben in de gemeente Oss ruim 10.000 woningen in bezit. Dit is zo’n 25% van het totale aantal woningen in Oss. Zij staan voor de uitdaging hun gehele bezit vóór 2023 te verduurzamen tot gemiddeld label B (Brabant Wonen) respectievelijk label A in 2030 (Mooiland). Daarnaast is de lange termijn doelstelling om de woonwijken CO2- en energieneutraal te maken.

We pakken deze uitdaging samen met hen op en maken jaarlijks prestatieafspraken om het uiteindelijke doel te bereiken. In een meerjarig Duurzaamheidsakkoord is de gezamenlijke aanpak van de woningcorporaties en de gemeente vastgelegd. Onderdeel daarvan is dat een monitoringsysteem wordt uitgewerkt om de voortgang te meten. Binnen dit kader worden jaarlijks prestatieafspraken gemaakt. Belangrijke afspraken die voor 2022 zijn gemaakt: • corporaties bieden bij renovatie (van 450 woningen) zonnepanelen aan; • woningen worden bij nieuwbouw, renovatie en comfortverbetering verduurzaamd; • woningcorporaties nemen actief deel aan “Oss Schakelt Door”-campagne. De beide woningcorporaties in Oss zijn niet aangesloten bij het landelijk Startmotorakkoord voor de warmtetransitie. Wel hebben wij prestatieafspraken met BrabantWonen en Mooiland gemaakt in het Duurzaamheidsakkoord. Door de Osse woningcorporaties aan deze afspraken te houden, kunnen ook zij in Oss als startmotor van de warmtetransitie fungeren.

23 Transitievisie Warmte Oss 2021

De huurders van de corporaties bieden we quickscans op energieverbruik aan. In deze scans gaan we nadrukkelijk de link leggen met toekomstige ontwikkelingen m.b.t. aardgasloos wonen, de te verwachten stijging van de aardgasprijs en de terugverdientijd van (noregret) maatregelen. We gaan hierbij, waar mogelijk, wijkgericht te werk en betrekken zowel huurders als woningeigenaren. Dit doen we door onze projecten af te stemmen met de woningcorporaties. In de bijlage 7 is de visie van Brabant Wonen en Mooiland op de warmtetransitie opgenomen.

Mooiland, renovatie

24 Transitievisie Warmte Oss 2021

Brabant Wonen, renovatie Schadewijk

Speerpunt 3: Stimuleren van woningeigenaren om eigen woningen aardgasloos te maken We stimuleren en ondersteunen woningeigenaren om hun woning aardgasvrij(gereed) te maken. Naast de reeds lopende projecten uit de Uitvoeringsagenda Energiebesparing gericht op advies, (financiële) ondersteuning en ontzorging, zetten we extra in op de Warmtetransitie door: • inwoners die verhuizen naar een koopwoning gericht te informeren over de mogelijkheden om geplande verbouwingen te combineren met maatregelen gericht op het aardgasvrij (gereed) maken van de woning; • met aannemers en installateurs samen te werken aan informatie over de subsidiemogelijkheden voor hun klanten; • het periodiek organiseren van kookworkshops om mensen te leren koken op inductietoestellen; • het beschikbaar stellen van vouchers voor de omschakeling naar elektrisch koken; • bij vergunningverlening te attenderen op de warmtetransitie; • daarnaast kunnen woningeigenaren terecht bij Brabant Woont Slim voor adviesgesprekken en bestaat de mogelijkheid om deel te nemen aan warmtewandelingen: • het overwegen van leningen en/of andere faciliteiten voor individuele investeringen;

25 Transitievisie Warmte Oss 2021

Speerpunt 4: Stimuleren van ondernemers om hun bedrijfs(gebouwen) aardgasloos te maken Het aardgasvrij maken van de bedrijfsgebouwen valt on de RES-opdracht, die van de industriële processen daarentegen valt onder de verantwoordelijkheid van het Rijk. Het onderscheid voor het warmtegebruik is lastig te maken. In onze ambitie om “echt meters te maken met de gastransitie”, gaan we uit van een logische, pragmatische benadering, die zich niet beperkt tot onze strikte RES-taak. Ongeveer 45% van de benodigde warmtevraag in de industrie wordt ingevuld met aardgas. Bij bedrijven hangt het aardgasverbruik sterk af van het type bedrijf. In Oss is zo’n 70% van het aardgasverbruik van bedrijven toe te wijzen aan de industrie. Voor bedrijven heeft niet alleen de Warmtetransitie impact op hun bedrijfsvoering, maar dat geldt ook voor reeds vastgesteld en te verwachten Europees beleid gericht op beprijzing van hun CO2-uitstoot. Op dit moment stimuleren en ondersteunen wij bedrijven om energie te besparen en duurzame energie op te wekken. We hanteren hierbij zowel de ‘wortel’ (aanjaagactie SDE, het stimuleren van zon op grote daken en adviesgesprekken op grond van het Activiteitenbesluit Milieubeheer) als de ‘stok’ (toezicht en handhaving op grond van het Activiteitenbesluit Milieubeheer). In het kader van de Warmtetransitie gaan we een stap verder.

In de Strategische Nota Economie staan maatregelen gericht op het begeleiden van ondernemers om hun bedrijfsprocessen duurzaam te ontwerpen. Wij gaan de consequenties van de warmtetransitie en CO2-beprijzing tot thema maken in deze trajecten. In dit kader participeert Oss met het bedrijventerrein Moleneind-Landweer in het project verduurzaming bedrijfsterreinen van de provincie Noord-Brabant in samenwerking met VNO-NCW en de BOM.

26 Transitievisie Warmte Oss 2021

Speerpunt 5: Warmtetransitie voor het gemeentelijke vastgoed Om geloofwaardig de noodzaak van de energie en gastransitie uit te kunnen dragen, zullen we zelf het goede voorbeeld moeten geven. In ons eigen vastgoedbestand kennen we een aantal voorbeeld projecten die de afgelopen jaren al zijn gerealiseerd. Overigens hebben we daarbij ervaren dat innovatie ook de keerzijde van onverwachte knelpunten kent. De lijn is om te voldoen aan de wettelijke verplichtingen en die uit het Klimaatakkoord. De geboden maatregelen voeren we op natuurlijke momenten uit (conform de routekaart VNG): als sprake is van groot onderhoud, renovatie, (ver)nieuwbouw of vertrek van de gebruikers. De aanpak is beschreven in de Nota Verduurzaming Eigen Vastgoed. Aanvullend op deze Nota haken we met ons eigen vastgoed aan bij collectieve acties binnen de gemeente gericht op aardgasvrij(gereed) maken van ons eigen vastgoed.

Duurzaam MFA De Plag

Duurzame school Oijen

27 Transitievisie Warmte Oss 2021

Speerpunt 6: Wijk-voor-wijk-aanpak – Start van het Wijkuitvoeringsplan Schadewijk Op basis van onze uitgangspunten voor de Warmtetransitie kiezen wij er in dit stadium voor om te beginnen met één wijk om daarmee ervaring op te doen voor de vervolgaanpak. Jaarlijks bepalen we of en waar een volgend wijkuitvoeringsplan wordt opgestart. In deze aanpak wordt de Uitvoeringsagenda WarmteTransitie gelijktijdig met de programmabegroting jaarlijks bijgesteld met in achtneming van Rijksbeleid, technologische ontwikkelingen, natuurlijke momenten en beschikbare middelen en mankracht. Keuze voor Schadewijk

De keuze om Schadewijk als eerste wijk in Oss aardgasvrij maken, is gebaseerd op de volgende overwegingen: 1. 2. 3. 4.

Er is een initiatief voor het grootschalig verbeteren van sociale huurwoningen door Brabant-Wonen. Dit biedt koppelkansen met de warmtetransitie. Dat kan helpen om eigenaarbewoners in dezelfde wijk te bewegen om ook hun (soortgelijke) woningen te verbeteren. Hierbij zal de gemeente Oss faciliteren. Een deel van de te renoveren sociale huurwoningen wordt ‘aardgasvrijgereed’ gemaakt. Dat biedt perspectief voor het ontwikkelen van een collectief warmtenet. Die kan per buurt worden ontwikkeld en later gekoppeld (modulaire opbouw) of in grotere schaal worden gerealiseerd. Het beperkte aantal verschillende typen woningen maakt seriematige, grootschalige verbetering van de energiestaat van de woningen mogelijk.

Verkenning van de aanpak van één dorp We verwachten dat de aanpak van dorpen een andere aanpak vraagt dan in de grotere wijken in de stad. Verschillen in aantal, aard en diversiteit van woningen, ruimtelijke

28 Transitievisie Warmte Oss 2021

structuur, percentage eigendom, de positie van de woningcorporaties spelen e.a. een rol. Net zoals ook de individuele beleving en sociale kracht kunnen verschillen, ook per dorp. We gaan verkennen in welk dorp we op een in onze ambitie passende wijze een project kunnen starten. Dit doen we samen met de dorpsraden en plaatselijke stakeholders. Criteria voor toekomstige keuzes Mede op basis van bovenstaande overwegingen stellen wij voor om de volgende criteria vast te stellen voor toekomstige keuzes voor het aardgasvrij(gereed) maken van wijken en dorpen: -

Voldoende draagvlak bij bewoners en/of de aanwezigheid van eigen initiatieven van bewoners om hun wijk te verduurzamen. Aanwezigheid van natuurlijke momenten, zoals door woningcorporaties geplande renovaties. Voldoende homogeniteit van soorten woningen (o.b.v. leeftijd, type woning en energielabel), waarbij van ieder soort voldoende woningen aanwezig zijn om seriematige verduurzaming mogelijk te maken. Beschikbaarheid van alternatieve warmtebronnen.

Benodigde middelen en menskracht Om de Uitvoeringsagenda Warmtetransitie 2022 op basis van scenario 2 ‘Pragmatische ambitie’ te kunnen realiseren, is extra geld en personele capaciteit nodig. Beschikbare middelen In de Miljoenennota heeft het demissionaire kabinet € 6,8 mld bestemd voor het terugdringen van de CO2 uitstoot. Daarin worden o.m. ook subsidieregelingen voor de warmtetransitie in het vooruitzicht gesteld. Hoe en wat is nog onbekend. Op dit moment weten we dus ook niet welke middelen het Rijk voor de uitvoering van de warmtetransitie door gemeenten beschikbaar stelt. Ook de beoogde financiering van de energietransitie uit onze eigen begroting is onzekerder geworden. Door de ontwikkelingen met betrekking tot windpark Elzenburg/De Geer zijn de voorziene kostenvergoeding en de inkomsten uit het Duurzaamheidsfonds op losse schroeven komen te staan. Het is op dit moment ongewis of en zo ja, wanneer en in welke mate de eerder voorziene middelen vrijkomen. Menskracht Voor de uitvoering, communicatie en coördinatie van de Energiebesparingsagenda en voor de Warmtetransitie zijn nu in totaal 3 FTE beschikbaar, verspreid over verschillende afdelingen. Daarnaast worden externen ingehuurd om invulling te geven aan de Energiebesparingsagenda en worden ook door de samenwerkingspartners menskracht en middelen ingezet.

29 Transitievisie Warmte Oss 2021

Begroting 2022 In de begroting hebben we aangegeven wat we voor de Energietransitie nodig achten om de gewenste stappen te zetten. Daarin hebben we de warmtetransitie de in deze nota voorgestelde “Pragmatische ambitie” als vetrekpunt genomen. In de begroting zijn de volgende teksten opgenomen. In december a.s. besluit de gemeenteraad hierover. Om onze doelstellingen te kunnen realiseren, zijn extra geld en personele capaciteit nodig. Afwachten is wat het Rijk aan extra middelen voor uitvoering van de RES-sen, voor energiebesparing, duurzame opwek en de warmtetransitie gaat bijdragen. De onzekerheid over de realisatie van windpark Elzenburg/de Geer betekent dat het ongewis is of en zo ja in welke mate wij nog mogen rekenen op vergoeding van de gedane voorinvestering en middelen uit het Duurzaamheidsfonds waar wij eerder vanuit zijn gegaan. Voor wat betreft de personele capaciteit moeten we er rekening mee houden dat het hier om nieuwe uitdagingen gaat waarmee in gemeenteland nog weinig ervaring is opgedaan en dat de arbeidsmarkt ook op energiegebied overspannen is. Zonder nationale bijdragen en subsidies zijn de financiële middelen voor 2022 en de daaropvolgende jaren niet toereikend om de ingezette projecten op het gebied van energiebesparing, duurzame opwek en warmtetransitie te kunnen bekostigen.

Voor alle drie onderdelen betreft dit verplichtingen waarvan de definitieve omvang van de begrotingsclaim afhankelijk is van de keuze die de Raad maakt met betrekking tot het ambitieniveau dat gerealiseerd dient te worden. We storten daarom in 2022 extra geld in het investeringsfonds Duurzaamheid en nemen vanaf 2022 2,5 fte en vervolgens 3,5 fte jaarlijks extra op. Dit is nodig om onze ambities te kunnen realiseren (zie ook het hoofdstuk Warmtetransitie). Landelijk is de warmtetransitie volop in het nieuws. We verwachten dat besluitvorming in Den Haag verhoogde druk op ons als gemeente zal zetten om uitvoering te geven aan onze opdracht. Wat dit financieel gaat betekenen, weten we nu nog niet. Ons beleidsvoorstel voor de Osse Transitievisie Warmte is in voorbereiding. We ramen de kosten voor o.a. extern advies, stimuleringsactiviteiten, opstellen van wijktransitieplannen en participatiebijeenkomsten voor 2022 op € 500.000 en stellen voor om dit hiervoor gelabelde bedrag in het investeringsfonds duurzaamheid te storten. We nemen een eenmalig bedrag op omdat we voor de volgende jaren nog niet kunnen overzien of we hier compensatie van het Rijk voor ontvangen. We komen hier in latere begrotingen op terug. We zetten ons ervoor in, ook in RES en G40 verband om voor de warmtetransitie voldoende geld vanuit het nationaal programma beschikbaar te krijgen.

De uitkomst daarvan bepaalt mede onze ambitie en de daarvoor benodigde eigen middelen.

30 Transitievisie Warmte Oss 2021

Energiebesparing We stellen voor om in 2022 voor energiebesparing € 400.000 te storten in het investeringsfonds duurzaamheid. De Uitvoeringsagenda Energiebesparing is tot en met het jaar 2023 vastgesteld incl begroting. Volgend jaar wordt een vervolgprogramma opgesteld voor de volgende periode met begroting voor 2024 en verder. In een van de vorige begrotingen hebben we uit dit fonds al een bedrag van € 140.000 laten vrijvallen voor andere activiteiten. We hebben daarom voor 2022 een bedrag nodig van € 400.000 voor uitvoeringscapaciteit en externe ondersteuning voor de activiteiten uit het Uitvoeringsagenda. Het adviserend toezicht op bedrijven is opgenomen in het VTHbudget. We zetten voor 2022 opnieuw in op subsidiemogelijkheden vanuit het rijk om een deel van onze kosten af te dekken maar omdat het nog onzeker is of deze beschikbaar komen, nemen we alvast wel dit bedrag op in het investeringsfonds duurzaamheid. We bepalen volgend jaar of en welk extra budget we voor 2023 nodig hebben.

31 Transitievisie Warmte Oss 2021

Bijlagen Bijlage 1 betreft het Rapport van onze externe adviseur Warmtetransitiemakers. Dat rapport bevat de analyses die we vanuit de Rijksopdracht moeten maken en vormt tezamen met de daarin gedane suggesties mede de basis voor onze keuzes voor onze ambitie en aanpak. Daarnaast hebben we een aantal bijlagen toegevoegd die de gemeenteraad kunnen helpen zich een beter beeld te vormen van het onderwerp. Daarbij realiseren we ons dat in de selectie daarvan ons eigen referentiekader doorklinkt.

32 Transitievisie Warmte Oss 2021

Bijlage 1 - Rapport Warmtetransitiemakers

Transitievisie Warmte Gemeente Oss 2021

33 Transitievisie Warmte Oss 2021

Transitievisie Warmte Opdrachtgever: Mark van ‘t Hof Projectnummer: DWTM20010 Auteurs: De WarmteTransitieMakers (Michiel van der Vight, Laura van de Kar, Matty van Ewijk) Gemeente Oss: Mark van ’t Hof (redactie) Datum: 13 september 2021

De WarmteTransitieMakers. – Atoomweg 50, 3542 AB Utrecht – info@dwtm.nl KVK 71166645 - BTW NL85606227B01 - NL60TRIO0338946349

Transitievisie Warmte Gemeente Oss 2021 2

34 Transitievisie Warmte Oss 2021

Inhoud 1

Inleiding ............................................................................................................................................ 4 1.1

Waarom een warmtevisie? ............................................................................................................................................ 4

1.2

Doel van dit plan ............................................................................................................................................................... 4

1.3

Wie heeft dit plan gemaakt? ........................................................................................................................................ 5

1.4

Hoe gaat het hierna verder?......................................................................................................................................... 5

1.5

Wat verandert er als aardgas verdwijnt? ................................................................................................................. 6

2

Hoe maken we keuzes?................................................................................................................... 9

3

Naar een aardgasvrije warmtevoorziening................................................................................10 3.1

Huidige warmtevraag ................................................................................................................................................... 10

3.2

Toekomstige warmtevraag ........................................................................................................................................ 11

3.3

Hoge, midden- of lage temperatuur ..................................................................................................................... 13

3.4

Warmtebronnen ............................................................................................................................................................. 18

3.5

Visie op een aardgasvrije warmtevoorziening ................................................................................................... 21

3.6

Aardgasvrije warmte voor bedrijven en kantoren ............................................................................................ 22

3.7

Betaalbaarheid en zekerheid oplossing ................................................................................................................ 23

4

Wanneer worden de buurten aardgasvrij? ................................................................................25 4.1

Verkenningsbuurten ..................................................................................................................................................... 26

4.2

Buurten met natuurlijk tempo (2020-2050) ........................................................................................................ 27

4.3

Middellange termijn (2025-2040) ........................................................................................................................... 28

4.4

Lange termijn (2040-2050) ......................................................................................................................................... 29

4.5

Bedrijventerreinen ......................................................................................................................................................... 29

4.6

Inschatting van het tempo ......................................................................................................................................... 29

5

6

Uitvoering aardgasvrij maken van gebouwen ..........................................................................31 5.1

Aanpak Verkenningsbuurten (en Startbuurten) ................................................................................................ 31

5.2

Aanpak overige buurten ............................................................................................................................................. 32

5.3

Aanpak bedrijven en utiliteitbouw .......................................................................................................................... 32

5.4

Regie op de inzet van collectieve warmtebronnen ......................................................................................... 33

5.5

Communicatie en informatievoorziening ............................................................................................................ 33

5.6

Regionale afstemming en updaten TVW ............................................................................................................. 34 Nawoord .........................................................................................................................................35

Bijlage A - Afwegingskader ........................................................................................................................36 Bijlage B - Achtergrond technische analyse .............................................................................................38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=8a5d6945-e568-48b5-8740-6e64b8a692d7