Technische vragen kadernota versie 3
Tekst van het document
Technische vragen Kadernota 2024-2027 Versie 3 DD 13 juli 2023 Vraag Aanbiedingsbrief Op blz 4 wordt gesproken bij het laatste gedachtestreepje van ‘Indien noodzakelijk zetten we bij de programmabegroting een stap richting de gemiddelde Ozb van Nederland’ Vraag: wanneer is er volgens het college sprake van noodzakelijk?
Op weg naar de begroting Onderwijshuisvesting: er staat een pm geraamd voor alle jaren. Vraag: Kan er ondanks dat er geen zekerheid is over het exacte bedrag toch een indicatie worden gegeven? De impact op de begroting kan bij deze post nl erg groot zijn.
Subsidiëring Muzelinck , Sec en Groene engel Uit de omschrijving op blz 9 en de verdere uitleg bij prg 3 is niet duidelijk waarom het college kiest voor een incidentele aanpak. Het lijkt op een structureel probleem. Ook hebben we vanuit de Muzelink begrepen dat ze structureel te weinig worden gesubsidieerd. Vraag: Kan de incidentele aanpak worden toegelicht met name bij de Muzelinck ?
Antwoord De financiële positie staat onder druk (zoals toegelicht in het hoofdstuk financiële positie). Wanneer we richting de begroting nog forse kostenstijgingen zien, bijvoorbeeld door inflatie of binnen de zorg, en er geen compensatie komt vanuit het Rijk voor het ravijnjaar is een OZB verhoging van 6,2% wellicht niet voldoende om de begroting sluitend te krijgen. Dan is het wellicht noodzakelijk om de OZB nog extra te verhogen. Maar uiteraard zetten we vooral in op stevige lobby richting het Rijk voor voldoende compensatie van het ravijnjaar.
We werken dit richting de programmabegroting uit. Het kan gaan om een bedrag van enkele tonnen. In de post ‘Hogere ambities investeringen ontmoeten en sport (MIP)’ hebben we voor Oss West ook rekening gehouden met hogere kosten voor het onderwijs daar (Polderhof en de Lockaert). Dus voor een deel hebben we al rekening gehouden in de begroting in het hoofdstuk ‘Op weg naar de begroting’. Het financiële probleem van Muzelinck en Groene Engel is dat hun begroting structureel te krap is om veranderingen of onvoorziene zaken op te kunnen vangen. Dat leidt herhaaldelijk tot het incidenteel bijpassen van financiële tekorten. Dat lijkt ook nu weer het geval. We moeten nog in samenwerking met beide instellingen onderzoeken waar het financiële probleem precies door wordt veroorzaakt. In het geval van het SEC is het probleem dat de gestelde doelen vanuit de kaderbrief en het coalitieakkoord niet passen bij de organisatieomvang van het SEC. Om dat knelpunt op te lossen is meer budget nodig voor het SEC.
In breder verband stellen wij de vraag of onze financieringsbasis van de kernorganisaties in het sociaal domein nog wel op de juiste uitgangspunten gestoeld is. Deze discussie willen we graag in het najaar met de raad voeren. Om niet vooruit te lopen hierop, stellen we zo nodig voor om in de programmabegroting incidentele middelen ter beschikking te stellen. Tijdelijke kosten Onder den Plag De gemeenteraad heeft via een amendement besloten dat er voldoende speelcapaciteit gecreëerd moet worden en dat we bij de programmabegroting komen met een reservering om Er wordt door het college een reservering gedaan van 0,6 miljoen. Vraag: kan er een onderbouwing worden gegeven hoe het college op die de speelcapaciteit tijdelijk te faciliteren. 0,6 miljoen komt? De € 0,6 miljoen is gebaseerd op een extra voetbalveld bij Onder d’n Plag voor tijdelijke speelcapaciteit. De kosten zijn hoger dan normaal bij een natuur voetbalveld omdat we de
1
Vraag
Antwoord benodigde grond nog moeten verwerven en de kleigrond extra aanpassingen vereist bij de ondergrond van het voetbalveld. Verder laten we een onderzoek uitvoeren naar de beste vervangingsplek voor voetbalvereniging Ravenstein.
Mensen in Ravenstein geven aan dat zij van de projectleiding voor de vernieuwing van VIDI REO/ontmoeten in Ravenstein een mail hebben ontvangen waarin het volgende staat:
Deze is nog niet concreet vertaald in de kadernota en we gaan richting de programmabegroting kijken of we hier ruimte voor vrijmaken.
Een andere stap die ondertussen is gezet, is het versturen van een Raadsinformatiebrief aan de gemeenteraad, met het verzoek om bij de behandeling van de voorjaarsnota budget voor de bouw van een nieuw gemeenschapshuis en de basale kosten voor de inrichting van de openbare ruimte op te nemen bij de Programmabegroting van 20242027.
Het zou gaan om enkele miljoenen. Ik heb geprobeerd dit terug te vinden in de Kadernota, maar vind voor ‘Hogere ambities investeringen ontmoeten en sport’ alleen een aantal PM-bedragen en voor 2026 een voorgestelde reservering van 250K en voor 2027 een reservering van 900K. Hebben die bedragen hiermee te maken? Versnelling Klimaat en energiebeleid Er is per saldo een bedrag nodig van 327.000. Daarnaast is er door het rijk een bedrag van 1,5 miljoen beschikbaar gesteld voor de jaren 2023-2025. Vraag: waarom wordt die extra middelen van 1,5 miljoen niet ingezet voor dekking van de kosten in 2023-2025?
Voorbereidingskrediet spoorzone Er wordt gesproken over een periode van 10 jaar en dat we nu voor vierjaar 1,4 mln voorbereidingskrediet beschikbaar stellen voor uitvoering van de spooragenda. Vraag. Kunnen we kennis nemen van de spooragenda voor Oss?
We zien veel nieuwe investeringen (gecombineerd met grote kostenstijgingen) op het gebied van accommodaties voor ontmoeten, sport en onderwijs waarvoor we richting de begroting bekijken wat wanneer mogelijk is om deze uit te voeren.
We ontvangen inderdaad € 1,5 miljoen voor de jaren 2023 t/m 2023, met de toezegging dat we hier structureel rekening mee mogen houden. Voor een bedrag van € 1.275.000 dekken we hier bestaande formatie uit, daarom geeft dit per saldo een voordeel in de begroting. We hebben aanvullende ambities vanuit versnelling voor klimaat en energie. Dus we willen voor een bedrag van afgerond € 0,6 miljoen extra formatie opnemen. € 264.000 hiervan kunnen we betalen uit het restant van de CDOKE gelden. Het restant van € 327.000 kunnen we dus niet meer betalen uit de rijksgelden en nemen we als claim op in de begroting. Het voorbereidingskrediet is bedoeld om ontwerpen te maken en voorbereidende onderzoeken te doen naar de ingrepen die voortkomen uit de spooragenda. De spooragenda is samen met onze partners opgesteld en wordt in de loop der jaren verder uitgewerkt en periodiek besproken. Na de zomer zullen we in een raadsinformatiebrief meer uitgebreid ingaan op de agenda. De punten zijn in elk geval: • Aanpakken barrièrewerking spoor. • Upgraden van stations. • Groei reizigersverkeer mogelijk maken. Toekomstvast inpassen goederenvervoer.
2
Vraag Flexwoningen Vraag: waaruit bestaan de totaal genoemde tekorten van de kostenramingen en welk deel nemen de woningbouwcorporaties voor haar rekening? Is de gemeente verplicht om een bijdrage in de plankosten en in het bouwrijp voor haar rekening te nemen. Zo nee, waarom doen we dat in dit geval wel?
Antwoord De kosten bestaan uit: a. Grondexploitatie (aandeel gemeente): Plankosten projectleider bouw/woonrijp maken; Bouw/woonrijp maken; b. Vastgoedexploitatie (aandeel woningbouwcorporatie): Huurinkomsten (minus huurderving, onderhoudskosten en beheerslasten); Bouwkosten; Plankosten projectleiding bouw, adviseurs e.d. De plannen voor de drie flexlocaties zijn nog niet volledig zijn uitgewerkt. De businesscases zijn opgesteld op basis van de gegevens die bekend zijn (zoals aantallen woningen, programma en huurprijzen) én algemene uitgangspunten zoals door het rijk gehanteerd voor flexwoningen. De geraamde tekorten per locatie bedragen: Ravenstein (25 flexwoningen) Totaal tekort: € 1.341.238,Grondexploitatie voor gemeente: € 434.296,Vastgoedexploitatie voor corporatie: € 906.942,Gewandeweg (100 flexwoningen) Totaal tekort: 4.583.986,Grondexploitatie voor gemeente: € 693.059,Vastgoedexploitatie voor corporatie: € 3.890.927,Nieuwe Hescheweg (50 flexwoningen) Totaal tekort: 1.745.644,Grondexploitatie voor gemeente: € 468.882,Vastgoedexploitatie voor corporatie: € 1.276.762,In deze opzet zit nog niet de plankosten voor de algemene projectleiding voor de gemeente Oss in. Deze is inmiddels berekend op € 125.000. We merken hierbij op dat wij voor deze plannen een subsidie aanvraag hebben ingediend bij het Rijk.
Wanneer we voor deze 3 locaties het aandeel van de gemeente bij elkaar optellen komen we tot ongeveer € 1,6 miljoen. Bijdrage gemeente Oss Rijk, gemeentes en corporaties staan gezamenlijk voor de opgave om de komende jaren 37.500 flexwoningen te realiseren. Gelet op de negatieve businesscase zal iedere partij zijn
3
Vraag
Antwoord bijdrage moeten leveren om deze opgave gerealiseerd te krijgen. Daar waar flexwoningen van de grond komen draagt de gemeente substantieel bij in de kosten door het beschikbaar stellen van bouw- en woonrijpe grond (bijvoorbeeld in Den Bosch).
Capaciteit overbewoning Vraag: wat wordt bedoeld met toezicht en handhaving op het gebied van overbewoning ? waar is de raming van 3 fte op gebaseerd? Zijn de genoemde bedragen in het overzicht gecorrigeerd met de ontvangen rijksmiddelen? En wat wordt bedoeld dat deze inzet wordt gecombineerd met het toezicht op afval?
Deze claim komt voort uit het VTH-TOR/HOR Uitvoeringsplan 2023 dat op 11 mei behandeld is in de gemeenteraad. Hier heeft de Gemeenteraad besloten om extra capaciteit beschikbaar te stellen en dit af te wegen in de programmabegroting 2024. Dit staat in het raadsvoorstel: Het voorstel is om een jaarlijks Toezicht-en handhavingsprogramma (2023, 2024, 2025 en 2026) op te stellen specifiek voor het thema “Overbewoning”. Om dit programma Overbewoning goed op te kunnen stellen is er behoefte aan een kader: wat gaan we doen, met wie en met welke capaciteit. Er is voldoende bestaande capaciteit om de overlastsituaties en de onveilige/ongezonde situaties aan te pakken op basis van de aantallen meldingen die we nu krijgen. Maar zoals uit de bijgevoegde notitie blijkt, is dat lang niet voldoende om de overbewoning voldoende aan te pakken. We geven hier in de kadernota invulling aan. Om deze ambitie te realiseren is uitbreiding van formatie op dit gebied noodzakelijk. We willen dit opzetten met 1 toezichthouder van afd. VTH, 2 juristen handhaving VHT (handhavingsprocedures) en een taakuitbreiding voor het team TOR/HOR om deze problemen bij afvalcontroles te signaleren. In 2024 starten we met 2 fte bij afd. VTH wat in 2025 naar 3 fte wordt uitgebreid. We betalen deze kosten we voor deel uit de algemene uitkering vanuit de wet "goed verhuurschap".
We krijgen in 2024 eenmalig een bedrag van € 150.000 en vanaf het jaar 2025 een structureel bedrag van € 62.000. Een deel van deze middelen is bestemd voor implementatie/ICT tools.
Professionalisering evenementen Vraag: waarom kunnen de kosten niet verhaald worden op de organisatoren van de evenementen middels een verhoging van de leges voor de vergunning?
Het betreft hier een interne doorontwikkeling om de basis op orde te krijgen passende bij de huidige regelgeving en veiligheidsvoorschriften. Tevens zijn de organisatoren vaak vrijwilligers wat zou kunnen leiden tot afname van (laagdrempelige) evenementen. Het verhalen naar de organisatoren zou daarom ongewenst zijn.
Rentestijging Lievekamp ,zwembad, warenhuis en ruimtelijke ambities. Vraag Uit de toelichting wordt niet duidelijk waarom we in het jaar 2024, 15 miljoen nodig en in 2024, 74.000 en 424 in 2026 en in 2027 weer een grote stijging naar 774.000. Kan dat worden toegelicht? Waarom is er in 2024 een incidentele inzet van algemene reserve van 18 miljoen nodig? Het totaal van incidentele middelen bedraagt volgens het overzicht iets minder dan 4 miljoen.
Wanneer we uitgaan van een rentestijging van 1,9% voor onze grote ambities hebben we extra geld nodig (bij behoud van huidig ambitieniveau). We hebben voor de Lievekamp, het zwembad, het Warenhuis en ruimtelijke ambities al geld opgenomen in de begroting (incidenteel en structureel). Wanneer we het investeringsvolume voor deze ambities op peil willen houden moeten we extra geld reserveren. Dit kan met een incidentele impuls, of het verhogen van de structurele investeringslasten.
4
Vraag
Antwoord Deze ambities staan ook voor verschillende jaren in de begroting. Het Warenhuis bijvoorbeeld in 2025 en het zwembad en de Lievekamp vanaf 2026. Omdat de financiële positie structureel onder druk staat kiezen we voor een combinatie van extra geld structureel en incidenteel. In de onderste tabel op pagina 14 geven aan hoe we dit verdeeld hebben. Structureel: 2025: € 74.000 voor het Warenhuis 2026: € 74.000 voor het Warenhuis, € 200.000 voor de Lievekamp, € 150.000 voor het zwembad. 2027: : € 74.000 voor het Warenhuis, € 200.000 voor de Lievekamp, € 150.000 voor het zwembad, € 350.000. Incidenteel is dan nog € 15 miljoen nodig voor de ruimtelijke ambities. Die hebben we nu alvast weggezet in 2024. De inzet van de algemene reserve is € 18 miljoen in 2024. Dit bestaat uit de rentestijging van de ruimtelijke ambities, de flexwoningen en de voorbereidingen van de spoorzone (zie pagina 17).
Op blz 17 Toezicht en handhaving afval Vraag: Is deze maatregel structureel en wat betekent dat voor de heffing van de afvalstoffenheffing? (Graag bedrag of percentage stijging van de afvalstoffenheffing)
Vooralsnog is deze maatregel structureel. De kosten bedragen ongeveer € 200.000. Wanneer we dit verdelen over het aantal gezinnen (afgerond 40.000) komen we tot een tariefstijging van ongeveer € 5, dit is een stijging van de tarieven met 1,6%. Bij de programmabegroting actualiseren we de begroting van afval. Dan geven we de totale effecten op de tarieven weer.
Subsidieregeling compensatie Ozb.(blz 17) Vraag: Waarom wordt deze maatregel ten laste van de OZB gebracht en niet van de algemene middelen. Graag de afweging om dit ten laste van de ozb te brengen.
Via de subsidieregeling wordt voorgesteld om een deel van de OZB te compenseren. Om ervoor te zorgen dat de netto opbrengst hetzelfde blijft, wordt voorgesteld om dit te compenseren door een verhoging van de OZB. Het is daarnaast ook “mooi” om de tegemoetkoming voor verengingen en stichtingen die we maatschappelijk erg belangrijk vinden ook de financieren uit het collectief. Daarnaast bieden de algemene middelen geen (onbeperkte) ruimte. Vanuit bestaande budgetten en capaciteit zetten we in op het verwerven van subsidies en lobby. Aanvullend hierop is de wens om dit uit te breiden, zodat we hier meer op in kunnen zetten. Gezien de financiële positie is er op dit moment geen ruimte om dit uit te breiden. Dit betekent dat we hiervoor beperktere capaciteit beschikbaar hebben.
Op blz 19 Bij financiële kaders de ambities genoemd bij 4 en 5. Vraag: hoe moet ik die kaders of ambities plaatsen bij de opmerking die op blz 14 onderaan worden gemaakt dat voor een lobbyist en subsidieadviseur geen financiële ruimte is?
5
Vraag Op blz 16 armoede en schuldhulpverlening. Vraag: is de conclusie dat het nieuwe armoedebeleid dat in het najaar wordt opgesteld binnen de bestaande beschikbare budgetten moet plaatsvinden eventueel aangevuld met Rijksmiddelen?
Antwoord Ja, dat is het uitgangspunt.
Financiële positie
Programma 1. Welzijn en zorg In het kader van respijtzorg voor mantelzorgers: 1. Hoe is het aanbod van logeerzorgvoorzieningen in onze gemeente geregeld? 2. Hoe is de toegang vormgegeven? 2.1 Hebben inwoners een Wmo-indicatie nodig om gebruik te maken van logeerzorg? Indien dit het geval is: hoeveel indicaties zijn er af gegeven? En zijn behoefte en capaciteit in balans? Zijn er wachtlijsten? 3. Wanneer heeft de gemeente Oss voor het laatst een behoefte onderzoek onder mantelzorgers uitgevoerd? Graag ontvang ik het laatst uitgevoerde behoefteonderzoek. 4. Werkt de gemeente Oss met een mantelzorgverklaring?
1. Onderstaande 4 aanbieders bieden logeerzorgvoorzieningen en hebben meerdere locaties in de regio waar inwoners van de gemeente Oss naar toe kunnen gaan: 1. Coöperatie Partners in Zorg U.A. 2. Stichting Brabantzorg 3. Zorgverlening PGZ 4. SZZ 2. Door middel van een indicatie wordt dit door onze toegang en consulenten vormgegeven. De volgende producten worden aangeboden: • Kortdurend verblijf basis (zonder individuele ondersteuning) • Kortdurend verblijf extra (met individuele ondersteuning). 2.1 Ja, inwoners hebben een indicatie nodig (zie antwoord bij vraag 2). 2.2 Er zijn gemiddeld 1 of 2 Wmo aanvragen voor logeren per maand. De Wmo ontvangt geen signalen dat er een onbalans zou zijn. 3. De ervaringen van ONS welzijn met mantelzorgers nemen we mee in de ontwikkelagenda Wmo, waarbij mantelzorg als prioritair thema wordt opgenomen. 4. Nee. Een officieel bewijs dat iemand mantelzorger is, bestaat niet. Sommige gemeenten werken toch met een dergelijke verklaringen om mantelzorgers toegang te geven tot voorzieningen voor mantelzorgers. In Oss is dat niet nodig.
6
Vraag Naar aanleiding van de motie: Geen beperking parkeren in Oss voor gehandicapten. Heb ik een aantal vragen, met betrekking tot de kadernota. Er wordt gesproken dat er 61 gehandicaptenparkeerplaatsen niet kunnen of hoeven worden aangepast. Wat is hier de argumentatie van? Graag nader toelichten. Welke kosten brengt de aanpassing met zich mee om die 61 plekken alsnog aan te laten passen aan de nieuwe normen? Vallen de gehandicaptenparkeerplaatsen in de kadernota onder programma 1 of 7? Of een ander programma?
Antwoord Er zijn in totaal 61 gehandicaptenparkeerplaatsen waarvan er zijn die niet aangepast kunnen worden vanwege: Het ontbreken van voldoende aanliggende ruimte waardoor aanliggende ontsluitingen zoals wegen, trottoirs en fietspaden nog veilig gebruikt kunnen worden; Aanliggende vakken zijn voorzien van een laadpaal; Aanliggende vakken eveneens een gehandicaptenparkeerplaats (op kenteken) zijn; De gehandicapten parkeerplaats zich op terrein van derden bevind. Of niet aangepast hoeven te worden omdat: Er direct aanliggend aan de gehandicaptenparkeerplaats voldoende vrije ruimte is om de gehandicaptenparkeerplaats conform de nieuwe afmetingsrichtlijn te kunnen gebruiken; De gehandicaptenparkeerplaatsen onderdeel uitmaken van een plangebied van een (lopende) ontwikkeling of werkterrein van een (lopende) herinrichting en binnen deze plannen/werkzaamheden de parkeerplaatsen vervallen, een andere plaats krijgen of opnieuw worden aangelegd en daarmee conform de nieuwe afmetingsrichtlijn worden ingericht. Voor de gehandicaptenparkeerplaatsen die niet aangepast kunnen worden is gezien bovenstaande redenen geen kostenindicatie af te geven. Voor de gehandicaptenparkeerplaatsen die niet aangepast hoeven te worden zijn geen kosten te verwachten. Deze zitten al in de (her)inrichtingskosten van de betreffende plannen.
Het inrichten van de openbare ruimte voor gehandicaptenparkeerplaatsen valt binnen programma 5. Het verstrekken van gehandicaptenparkeerkaarten valt onder programma 1.
Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs
Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur
7
Vraag
Antwoord
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte Er staat ‘de komen de 9 jaar nemen we deel aan het energiebod voor de bedrijven’. Graag ontvang ik achtergrondinformatie over dit energiebod. Welke instanties doen mee? Waarom heet het een ‘bod’? Aan wie is dit bod gedaan? Wat is de rol van de bedrijven / instellingen / belangenorganisaties? Waarom duurt het 9 jaar? Wie betaalt het? Enzovoort.
De Regionale Energiestrategie (RES) stelt zich als doel 11% energie te besparen in 2030 ten opzichte van 2017. Om de gemeenten hierbij te helpen heeft de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) het zogenaamde Energiebod opgesteld. De ODBN heeft daarin becijferd dat een maximale inzet van toezicht bij bedrijven leidt tot 20% realisatie van het RESenergiebesparingsdoel. Ter invulling van dat doel bezoekt de ODBN in de periode 2022 t/m 2030 alle energierelevante bedrijven, waar de gemeente een wettelijke toezichttaak heeft, gemiddeld één keer. Tijdens dat bezoek controleert de ODBN de bedrijven op de energie(besparende) regels uit de diverse milieuwetgeving. Tevens adviseert de ODBN over hoe het bedrijf kan voldoen aan die regelgeving. Een jaarlijks op te stellen themaplan energie maakt de inzet voor het daaropvolgende jaar concreet. Het speelt daarbij in op de snel veranderende regelgeving rond energiebesparing en maakt waar mogelijk gebruik van subsidiegelden zoals de regeling Versterkte Uitvoering Energietoezicht (VUE). De werkwijze van de ODBN is gebaseerd op de proef die wij als Oss de afgelopen jaren samen met de ODBN hebben gedaan. De ODBN heeft alle deelnemende gemeente het aanbod gedaan (aanbod energie Energieaanbod) geworden) om op deze manier te gaan werken.
Vanaf 2023 doen bijna alle gemeenten binnen de werkregio van de ODBN mee aan deze aanpak, gemeente Den Bosch en Boekel uitgezonderd (Den Bosch voert deze taak met eigen mensen uit). De bedoeling is dat de financiering van deze taak voornamelijk uit subsidies vanuit het Rijk komt. Omdat nog niet helemaal duidelijk is welke subsidies wel/niet worden toegekend en wat de voorwaarden zijn, worden de kosten vooralsnog gedekt uit het jaarlijkse werkprogramma dat de ODBN met de deelnemende gemeente afspreekt. Voor de komende jaren verwachten we dat de te verkrijgen subsidies voldoende zijn om de kosten te dekken. De reden waarom het Energiebod geldt voor een periode van 9 jaren is omdat het gekoppeld is aan het doel van de Regionale Energiestrategie (RES) om 11% energie te besparen in 2030 ten opzichte van 2017. De start was in 2022 en dat is dus 9 jaar tot 2030. Die aantal jaren zijn overigens ook nodig om de omvang van de taak werkbaar te maken. Omdat alle bedrijven in de regio worden gecontroleerd, is de omvang van de taak enorm en zijn veel gespecialiseerde toezichthouders nodig.
8
Vraag Wat doet de gemeente op het gebied van het stimuleren van vrijwillige energiebesparingsmaatregelen bij bedrijven en instellingen?
Antwoord Op het gebied van stimuleren vrijwillige energiebesparingsmaatregelen hebben we het zakelijk energieloket. Daarnaast is ook Oss Schakelt Door gaan communiceren over zakelijk energie besparen. Door middel van een ondernemersonderzoek op het gebied van energiebesparing hebben we gekeken naar thema’s waarop we acties uit kunnen zetten. Onze ambitie is om hier op door te bouwen.
Wat gaat de gemeente concreet doen aan het verbeteren van de kwaliteit van het oppervlaktewater (blz 44, punt 1)?
In 2023 is het Water en Rioleringsprogramma 2023-2029 (WRP 2023-2029)vastgesteld met als één van de doelstellingen beschermen van waterkwaliteit. Concreet werken we als gemeente aan de waterkwaliteit door: Vergunningverlening en handhaving; Overstorten proberen te voorkomen door optimalisatie van buffering in het rioolsysteem; Afspraken maken met agrariërs in westelijke polder (Het BOD); Meedoen aan inleveracties met belastende middelen zoals medicijnen of bestrijdingsmiddelen)
Wat gaat de gemeente concreet doen aan de verbetering van de kwaliteit van het grondwater (blz 44, punt 1)?
Concreet werken we als gemeente aan grondwaterkwaliteit door: Monitoring van risicovolle gebieden bedrijventerrein Elzenburg en voormalige stortplaatsen; Actief volgen en advies geven bij saneringsplannen Wet bodembescherming; Regels opnemen in omgevingsplan ten aanzien van voormalige stortplaatsen; Uitvoering te geven aan het programma bescherming drinkwaterwinning Lith 2022 – 2027, waarbij we o.a. grondwaterbescherming op nemen in ruimtelijke plannen; Europese en landelijke regelgeving en beleid vertalen naar de gemeente Oss, zoals de Europese ‘richtlijn gezonde bodem’ en de landelijke ‘beleidslijn water en bodem sturend’.
Wat gaat de gemeente concreet doen aan het voorkomen van tekorten aan grondwater (blz 44, punt 1)
De laatste jaren wordt al steeds beter ingespeeld op klimaatverandering, dit is ook terug te zien in recente reconstructies in de openbare ruimte zoals het Klaphekkenplein, Rooseveltstraat e.o. en winkelcentrum Ruwaard. De vervangingstermijn voor de openbare ruimte ligt op 60 jaar. In de openbare ruimte zien we dan ook nog ontwerpprincipes waar nog geen rekening is gehouden met klimaatadaptatie. Bij nieuwe aanleg en herinrichting wordt al rekening gehouden met klimaatadaptatie door: minder (gesloten) verharding toe te passen meer groen aan te planten ruimte te bieden aan water door bijvoorbeeld wadi’s aan te leggen.
9
Vraag Wat gaat de gemeente concreet doen aan het klimaatadaptief maken van de openbare ruimte (blz 44, punt3). Er wordt dus gesteld dat de openbare ruimte nu niet klimaatadaptief is. En dat dus wordt ingezet om de openbare ruimte wél bestand te maken tegen hitte, droogte en neerslagpieken. En dat bovendien geanticipeerd wordt op verwachte verdere verslechteringen in de toekomst. Met andere woorden, het inhalen van de achterstand en het anticiperen op de toekomst. Klopt dit? En wat gaat het betekenen?
Antwoord De laatste jaren wordt al steeds beter ingespeeld op klimaatverandering, dit is ook terug te zien in recente reconstructies in de openbare ruimte zoals het Klaphekkenplein, Rooseveltstraat e.o. en winkelcentrum Ruwaard. De vervangingstermijn voor de openbare ruimte ligt op 60 jaar. In de openbare ruimte zien we dan ook nog ontwerpprincipes waar nog geen rekening is gehouden met klimaatadaptatie. Bij nieuwe aanleg en herinrichting wordt al rekening gehouden met klimaatadaptatie door: minder (gesloten) verharding toe te passen meer groen aan te planten ruimte te bieden aan water door bijvoorbeeld wadi’s aan te leggen. Inhalen van de achterstand is op korte termijn met het huidige budget voor klimaatadaptatie en beheer van de openbare ruimte niet mogelijk gezien we uitgaan van een vervangingstermijn van 60 jaar. Versneld adaptief inrichten zal naar verwachting flinke impact hebben op het budget voor vervangingen.
In 2050 zijn we als gemeente klimaatadaptief en energieneutraal. Dat jaartal schrijft de overheid ons voor. De doelstelling van de gemeente is om voor 2030 7.500 bestaande woningen aardgasvrij te maken, te beginnen in de Schadewijk en in Herpen. Waarom ligt er in Oss dan specifiek het accent om al in 2030 voor Schadewijk en Herpen i.p.v. in 2050 van het gas af te gaan, dus 20 jaar eerder dan wat de overheid zelf aangeeft? Kunt u ons daar een (technische) verklaring voor geven?
Waarom wordt er hier specifiek als eerste wijk en plaats in de gemeente voor Schadewijk en Herpen gekozen om aardgasvrij te maken? Kunt u daar een (technische) verklaring voor geven?
Het Rijk heeft bepaald dat alle woningen en gebouwen in Nederland in 2050 aardgasvrij moeten zijn. In het Klimaatakkoord is vastgelegd dat in 2030 20% van het woningbestand, 1.5 miljoen bestaande woningen, aardgasvrij zijn. Vertaald naar de gemeente Oss komt dat neer op circa 7.500 bestaande woningen. Met het vaststellen van Transitievisie Warmte Oss (TVW) door de gemeenteraad in december 2021, is besloten om te starten met 1 wijk en 1 kern/dorp. Schadewijk is als eerste wijk gekozen. Met het vaststellen van de programmabegroting 2023 in november ’22 is Herpen als eerste kern/dorp aangewezen. Uiteindelijk is het de gemeenteraad die de definitieve datum vaststelt waarop de gaskraan wordt dichtgedraaid. Een bevoegdheid die de Raad op basis van de WIGW gaat krijgen. WIGW ligt ter besluitvorming voor in het parlement. De keuze om Schadewijk als eerste wijk in Oss aardgasvrij maken, is gebaseerd op de volgende overwegingen: - Er is een initiatief voor het grootschalig verbeteren van sociale huurwoningen door BrabantWonen. - Dit biedt koppelkansen met de warmtetransitie. Dat kan helpen om eigenaar-bewoners in dezelfde wijk te bewegen om ook hun (soortgelijke) woningen te verbeteren. Hierbij zal de gemeente Oss faciliteren. - Een deel van de te renoveren sociale huurwoningen wordt ‘aardgasvrijgereed’ gemaakt. Dat biedt perspectief voor het ontwikkelen van een collectief warmtenet.
Die kan per buurt worden ontwikkeld en later gekoppeld (modulaire opbouw) of in grotere schaal worden gerealiseerd.
10
Vraag
Antwoord - Het beperkte aantal verschillende typen woningen maakt seriematige, grootschalige verbetering van de energiestaat van de woningen mogelijk. - Daarnaast moet in een deel van de Schadewijk de riolering worden vervangen, spelen meerdere vraagstukken op sociaal-maatschappelijk-economisch vlak (armoede, werkloosheid, achterstanden etc.) en is de wijk nogal versteend waardoor op warme dagen sprake is van ‘hittestress’ en bij hoosbuien het water moeilijk af te voeren is. Door al deze uitdagingen in één keer aan te pakken, werken we veel efficiënter en kunnen we meerdere vraagstukken integraal aanpakken. Hierdoor verbeteren we de wijk vanuit meerdere invalshoeken tegelijk. Herpen is hier aan toegevoegd om de volgend redenen: - Herpen is een dorp van gemiddelde omvang: niet te groot en niet te klein waardoor het mogelijk is om te ontdekken hoe we de warmtetransitie in onze overige dorpen en kernen het beste kunnen realiseren.
Waarom ligt in wijkgerichte aanpak vanaf 2024 daarbij het accent op “gedragsverandering”? Welke technieken worden hiervoor ingezet?
Wat gebeurt er met de woningen die niet geschikt zijn om van het gas af te gaan zoals monumentale panden of zeer oude energie-onzuinige woningen? Er wordt voor de warmtetransitie gesproken over een alternatief voor aardgas. Indien een warmtepomo niet geschikt is, wat wordt dan het alternatief?
- Er bestaat al een aantal verduurzamingsinitiatieven in Herpen. Zo wordt al met de gemeente samengewerkt in een project om zonnepanelen te plaatsen op een de geluidswal langs de A50 waarin de bewoners via een energiecoöperatie kunnen participeren. Daarnaast heeft Mooiland plannen om hier een deel van haar huurwoningen te verduurzamen Om ervoor te zorgen dat inwoners hun energiegebruik verlagen, zetten we in op 2 zaken: a) het stimuleren dat eigenaar-bewoners hun eigen woningen gaan verduurzamen (bijv. isoleren van vloer, dak en gevel en het vervangen van gewoon dubbel glas door HR++ of tripple-glas, ventileren, waardoor de woning minder energie nodig heeft óf mensen zelf groene energie opwekken (plaatsen zonnepanelen) én, b) het stimuleren dat mensen minder energie gaan gebruiken door hun gedrag te veranderen. Denk aan tips om bijvoorbeeld de verwarming een graadje lager zetten, korter te douchen of het slechts verwarmen van de ruimte waar je bent. We zetten hiervoor de al enkele jaren lopende campagne OssSchakeltDoor in. Om mensen te stimuleren hun gedrag aan te passen, laten wij ons inspireren door het behavior change model dat is ontwikkeld door de Behavior Change Academy. We onderzoeken per geval wat de alternatieven voor aardgas zijn. Voordat het zover is, zullen de eigenaren – net als alle andere woningeigenaren – hun woning moeten verduurzamen.
Hierbij kan de eigenaar een beroep doen op subsidies of leningen. Zie hiervoor https://ossschakeltdoor.nl/nieuws/energieadvies-voor-bewoners-van-monumenten/. Dit hangt af van óf en welke beschikbare alternatieven beschikbaar zijn (bijv. aardwarmte, aquathermie, restwarmte van bedrijven) en hoe we deze beschikbare warmte bij de afnemers krijgen. We onderzoeken welke alternatieven beschikbaar en haalbaar zijn in Oss. Samen met
11
Vraag
Antwoord de inwoners van een wijk/buurt/kern gaan we de alternatieven onderzoeken en worden keuzes gemaakt.
Wat gebeurt er als bewoners niet kunnen of willen investeren in hun woning. Denk aan bewoners op hoge leeftijd of die die e.e.a. niet kunnen betalen of bewoners die dit niet willen of bewoners die ook geen (extra) lening willen nemen, welke keuzes krijgen zij dan voorgelegd?
Voor bewoners van een huurwoning is de woningcorporatie verantwoordelijk voor het aardgasvrij-gereed maken van de huurwoning Voor woningeigenaren die niet kunnen betalen zijn diverse subsidies en leningen beschikbaar. Zo kunnen eigenaren met een verzamelinkomen tot € 60.000,- een duurzaamheidslening tegen 0% rente afsluiten bij het Nationaal Warmtefonds. Ook de gemeente Oss heeft een stimuleringsregeling beschikbaar Daarnaast zal de gemeente de komende jaren diverse collectieve inkoop- of verduurzamingsacties opzetten waardoor mensen tegen aantrekkelijke prijzen bepaalde verduurzamingsmaatregelen kunnen laten uitvoeren. Denk aan het collectief inkopen van zonnepanelen of warmtepompen of het gezamenlijk laten uitvoeren van isolatiemaatregelen. Daarnaast zien we in de markt steeds meer financieringsconstructies waarbij er link wordt gelegd tussen een lening en de aflossing daarvan middels een besparing op de energierekening waardoor verduurzamen van de woning per saldo weinig tot niets kost. Bewoners die niet willen deelnemen aan het door de wijk/buurt/kern gekozen alternatief hebben de mogelijkheid om zelf een gelijkwaardig alternatief voor wat betreft duurzaamheid te kiezen (opt-out mogelijkheid).
Programma 5. Economie Op bladzijde 49 wordt verwezen naar het plan van de nieuwe exploitant van de Lithse Ham. We hebben hier al een tijd niets meer van vernomen. Hoe staat het ermee? Leidt het tot een verandering van het bestemmingsplan? Wanneer worden we geïnformeerd?
De huidige eigenaar, De Lithse Ham BV, voert verbeteringen door op het huidige park. Deze verbeteringen passen binnen de daarvoor geldende kaders zoals het bestemmingsplan. Voor de verdere ontwikkeling en uitbreiding van het vakantiepark ontwikkelt de eigenaar een masterplan. Het college ontvangt het masterplan naar verwachting dit jaar. Met de Commissie Ruimte wil het college vervolgens nagaan of de kaders die de gemeente in 2020 heeft meegegeven voor het masterplan bijstelling behoeven. Als daarover overeenstemming is, kan het masterplan verder uitgewerkt worden, in overleg met belanghebbenden. Voor realisatie van het uitgewerkte plan is wijziging van het omgevingsplan nodig en moeten vergunningen worden aangevraagd.
Programma 6. Stadscentrum
12
Vraag
Antwoord
Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit Op bladzijde 55 wordt gesproken over ‘een integrale aanpak Moleneind/Elzenburg/Pivot Park’. Waarom wordt Danenhoef hier niet bij betrokken? Er staat dat er een spooragenda is opgesteld. Hebben verdubbeling van de spoorbrug bij Ravenstein en station Berghem daar ook een plek in gekregen?
We hebben gekeken naar het stedelijke gebied in de directe nabijheid van het goederenspoor en de stations.
De spoorbrug Ravenstein en een station Berghem maken onderdeel uit van het onderwerp groei van het reizigersvervoer. Dit heeft te maken met de gewenste frequentieverhoging en vervoerswaarde op het spoor tussen ’s-Hertogenbosch en Nijmegen. Beide zijn op korte termijn niet haalbaar. Overwegveiligheid van het spoor en upgrade van bestaande stations staan op dit moment hoger op de agenda. Het realiseren van flexwoningen loopt veel vertraging op (o.a. door Er is inderdaad vertraging bij een aantal flexwoning projecten ontstaan. Echter, we verzet uit de omgeving). Bovendien moeten de kosten voor het bouwrijp verwachten dat de flexwoningprojecten opgeleverd worden voordat Amsteleind gerealiseerd maken versneld worden afgeschreven. Levert de huidige aanpak nog zal gaan worden. Bovendien is een beleidsdoel van zowel gemeente als provincie om te voldoende snelheidswinst op ten opzichte van het alternatief om de verdichten, en dus in te breiden. De beoogde locaties voor flexwoningen zorgen voor deze tijdelijke woningen te gaan realiseren in Amsteleind? verdichting en zijn daarmee uitermate geschikt voor flexwoningen.
Waarom doet de gemeente Oss in de transitie naar een 10 minutenstad? Gemeente Oss staat voor een omvangrijke ruimtelijke opgave: 8.500 nieuwe woningen erbij Heeft u daar een technische onderbouwing voor? tot 2040, terwijl de gemeente leefbaar, verkeersveilig en bereikbaar moet blijven. Daarnaast moeten ruimtelijke oplossingen worden gezocht die beter in staat zijn om in te spelen op klimaatverandering, waterproblematiek en energietransitie. De sleutel daarvoor ligt in de inrichting van de infrastructuur en de manier waarop we mobiliteit daar een plaats willen geven. Voor verplaatsingen op korte afstand, zoals binnen het stedelijk gebied Oss-Berghem, willen wij het gebruik van de fiets stimuleren. Gedachte achter de 10-minutenstad is dat openbaar vervoer, groen, sport, onderwijs en cultuur binnen ongeveer 10 minuten met de fiets bereikbaar zijn vanaf woon- of werkplek. Een wenkend perspectief om het gebruik van de fiets te stimuleren en om het fietsnetwerk aantrekkelijker te maken.
Waarom ligt de nadruk op het uitbannen / uitfaseren van de auto in verstedelijkt gebied? Heeft u daar een (technische) verklaring voor?
Het stimuleren van de fiets voor de kortere afstanden en het aantrekkelijker maken van het fietsnetwerk is onderdeel van de nieuwe Koersnota mobiliteit. Bij de behandeling van deze koersnota in de gemeenteraad van 6 juli jl. is hierover van gedachten gewisseld, hetgeen heeft geleid tot vaststelling van genoemde Koersnota. Gemeente Oss staat voor een omvangrijke ruimtelijke opgave: 8.500 nieuwe woningen erbij tot 2040, terwijl de gemeente leefbaar, verkeersveilig en bereikbaar moet blijven. Daarnaast moeten ruimtelijke oplossingen worden gezocht die beter in staat zijn om in te spelen op klimaatverandering, waterproblematiek en energietransitie. De sleutel daarvoor ligt in de
13
Vraag
Antwoord inrichting van de infrastructuur en de manier waarop we mobiliteit daar een plaats willen geven. De auto gaat daarvoor niet in de ban. Maar we willen op plekken waar ontmoeten en verblijven belangrijk zijn, zoals in de binnenstad, automobilisten vragen zich meer aan te passen aan de omgeving. Bijvoorbeeld door langzamer te rijden of een andere route te nemen. Op andere plekken in de stad willen we juist de doorstroming voor de auto verbeteren, zoals door de aanleg van ongelijkvloerse spoorkruisingen. De betekenis van de auto voor verplaatsingen van/naar en binnen de stad is onderdeel van de nieuwe Koersnota mobiliteit. Bij de behandeling van deze koersnota in de gemeenteraad van 6 juli jl. is hierover van gedachten gewisseld, hetgeen heeft geleid tot vaststelling van genoemde Koersnota. Specifiek over de betekenis van de auto voor verplaatsen van/naar de stad zijn enkele amendementen door de gemeenteraad aangenomen.
Programma 8. Veilige omgeving
Programma 9. Besturen in verandering van tijden
Programma 10. Financieel beleid
14