CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

ODBN Jaarstukken 2020 DEF.PDF

Gemeenteraad 24 juni 2021, gemeente OssBij agendapunt: A Jaarrekening 2020 en Begroting 2022 ODBN 2021-4627.761 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving Nu en in de toekomst

Jaarstukken 2020 ’s-Hertogenbosch, maart 2021 Versie: 18 maart 2021

ODBN Jaarstukken 2020

1

2

Voorwoord

3

Geachte collegeleden, raadsleden en Statenleden, Over 2020 is al veel gezegd. Een bewogen jaar door de corona-pandemie waarin we sinds 2020 mee te maken hebben. In dit jaarverslag kijken we inhoudelijk en financieel terug op 2020 vanuit het perspectief van de ODBN als professionele dienstverlener van vergunningverlening, toezicht en handhaving. 2020 was een jaar wat veel van ons heeft gevergd. De corona-uitbraak begin 2020 overschaduwt en beïnvloedt alles wat we hebben gedaan in 2020. Nog steeds is dat het geval en ik hoop dat we spoedig deze periode achter ons kunnen laten. Nog los van alle persoonlijke zorgen en soms hele heftige gevolgen van dit virus, is het ook voor de organisatie een pittig jaar geweest. Telkens opnieuw hebben we onze aanpak aangepast aan de veranderende omstandigheden. Zodat aan de ene kant de veiligheid van onze medewerkers kon worden gewaarborgd en aan de andere kant zorgen dat onze dienstverlening richting onze ondernemers en het werk aan een schone en veilige leefomgeving zoveel mogelijk doorging. In financieel opzicht kunnen we constateren dat het de ODBN gelukt is om 2020 met een positief resultaat te kunnen afsluiten. Naast een stevige sturing en het op orde hebben van de basis, zijn onze medewerkers hier de belangrijkste oorzaak van. Medewerkers die thuis en op locatie keihard gewerkt hebben om onze taken in de leefomgeving uit te voeren.

Dat is gelukt. De declarabiliteit is nog nooit zo hoog geweest. Waar in de tweede bestuursrapportage nog voorzichtig werd verwacht dat we de programma’s niet helemaal gingen halen, kunnen we nu constateren dat we in het laatste kwartaal een flinke inhaalslag hebben kunnen maken. Het was ook mooi om te zien hoe flexibel en professioneel onze medewerkers thuis aan de slag gingen, dat we een arbo verantwoorde werkplek aan hen ter beschikking konden stellen (zowel digitaal en fysiek). Door hen zijn de effecten van corona op onze dienstverlening beperkt gebleven en kunnen we 2020 met een positief resultaat afsluiten. Ik ben daarom enorm trots op onze medewerkers. Maar niet alleen corona zorgde voor reuring: door de ontwikkelingen rondom het stikstofdossier en de daarmee samenhangende grote werkvoorraad bij het Provinciale team blijft de druk hoog op onze organisatie. Doordat we afspraken met onze deelnemers konden maken is het alsnog gelukt de werkvoorraad te verkleinen. Het uitstel van de invoering van de Omgevingswet zorgde ervoor dat we opnieuw plan-de-campagne moesten maken en projecten moesten spreiden. De invoering van de maatregelen uit de Taskforce Veehouderij heeft veel inzicht gebracht hoe we ons werk doen en hoe we dit efficiënter kunnen uitvoeren.

Ondanks de verder toenemende werkzaamheden op agrarisch vlak, doen we er alles aan om dit zo efficiënt mogelijk in te regelen.

De uitdaging bij al deze ontwikkelingen blijft toch wel de druk op personele capaciteit. Op de arbeidsmarkt is de krapte aan voldoende en gekwalificeerd personeel nog groot. Niemand studeert af als vergunningverlener of toezichthouder. We hebben daardoor noodgedwongen ervaring opgedaan in het zelf opleiden van medewerkers. En met succes want we hebben veel nieuwe collega’s in ons midden mogen verwelkomen. In 2020 hebben we met onze bestuurders en hun ambtelijke ondersteuning ook op een andere wijze samengewerkt. Op afstand, maar zeker niet ver weg. In 2020 hebben we met alle AB-leden gesproken over de toekomst van de ODBN. Mooie gesprekken waarbij het niet ging over het verleden maar de toekomst. Openhartige gesprekken die richting geven. We gaan in 2021 hier verder mee aan de slag. In die gesprekken kwam ook het gegroeide vertrouwen in de ODBN en onze samenwerking duidelijk naar voren. Juist de inhoudelijke rol die wij vervullen in de leefomgeving wordt gezien en gewaardeerd. Daar ben ik ontzettend blij mee en dat biedt een goede basis om in 2021 samen met u verder te bouwen aan een schone, gezonde en veilige leefomgeving.

Jan Lenssen, Directeur Omgevingsdienst Brabant Noord

ODBN Jaarstukken 2020

Inhoud

4

Voorwoord

2

Inleiding

7

Financiele hoofdlijn

8

I

Jaarverslag 2020

10

1.

Programmaverantwoording

12

1.1

Algemeen

12

1.2

Programma Individuele dienstverlening

13

1.3

Programma Regionale dienstverlening

26

1.4

Bedrijfsvoering

33

2.

Paragrafen

38

2.1

Weerstandsvermogen & risicobeheersing

38

2.2

Financiering

46

2.3

Bedrijfsvoering

49

2.4

Paragraaf Verbonden Partijen

54

2.5

Niet van toepassing zijnde paragrafen

57

II

Jaarrekening 2020

58

3.

Overzichten

60

3.1

Balans per 31 december 2020

60

3.2

Baten en lasten

62

3.3

Recapitulatie resultaat

63

3.4

Onderverdeling lasten naar overhead en programma’s

64

4.

5. III

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

5

Toelichtingen

66

4.1

Waardering grondslagen jaarrekening

66

4.2

Toelichting op de balans per 31 december 2020

70

4.3

Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen

81

4.4

Toelichting op overzicht van baten en lasten 2020

82

4.5

Incidentele baten en lasten

92

4.6

Financieel overzicht per taakveld BBV

94

4.7

Overzicht aanwending post onvoorzien

94

4.8

Declarabiliteit

95

4.9

EMU saldo

97

4.10 Wet Normering Topinkomens (WNT)

98

4.11 Bijdrage deelnemers

106

Overige gegevens

108

5.1

108

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Bijlage

114

1.

Geactualiseerde risicoanalyse per 31 december 2020

116

2.

Overzicht investeringen

118 ODBN Jaarstukken 2020

Inleiding

6

7

Hierbij bieden wij u de jaarstukken 2020 aan. Deze jaarstukken bestaan uit een jaarverslag (de programmaverantwoording) en uit een jaarrekening (de financiële verantwoording). Met deze jaarstukken legt het bestuur verantwoording af over het gevoerde beleid en beheer in 2020. Leeswijzer Als eerste leest u de financiële hoofdlijn van de jaarstukken 2020. Hierin is een korte toelichting opgenomen van het gerealiseerde resultaat, een verklaring van het resultaat door de belangrijkste verschillen en de eventuele voorstellen tot budgetoverhevelingen. In hoofdstuk I treft u het jaarverslag aan. Dit jaarverslag bestaat uit de programmaverantwoording waarbij is toegelicht of de destijds in de (primaire) begroting opgenomen beleidsvoornemens al dan niet zijn gerealiseerd. In het tweede gedeelte van het jaarverslag is ingegaan op de verplicht voorgeschreven paragrafen, uiteraard voor zover deze van toepassing zijn op de ODBN. In hoofdstuk II vindt u de financiële jaarrekening. Deze omvat een totaaloverzicht van de balans per 31 december 2020 en de baten en lasten over 2020. Beide onderdelen zijn daarbij voorzien van een toelichting en de daarbij verplicht voorgeschreven bijlagen.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

8

Financiele hoofdlijn

9

In 2020 heeft de ODBN een groot positief resultaat gerealiseerd. Onderaan de streep sluit het boekjaar 2020 met een positief resultaat van € 1.799.000 Het positieve resultaat is op hoofdlijnen als volgt te verklaren: OMSCHRIJVING | BEDRAGEN X € 1.000

RESULTAAT

Baten basis- en (aanvullende) verzoektaken

-598

N

Inzet personeel

1.201

V

Omgevingswet

327

V

Saneringsverkeerslawaai

209

V

Opbrengst SSIB

87

V

Opleiding en loopbaanbegeleiding

-41

N

Dienstreizen en woon - werkreizen

164

V

Overige personeel

-84

N

Organisatie

66

V

Informatisering en automatisering

-81

N

Afschrijvingen

347

V

Regulier organisatie ontwikkeling

54

V

Reserve mutaties

-46

N

Covid-19

32

V

Bijdrage personeel

48

V

Overige kleine afwijkingen

114

V

1.799

V

TOTAAL VOORDELIG SALDO

Bij de 2e bestuursrapportage meldden we u nog een geprognosticeerd positief jaarrekeningresultaat van €57.200. Dat het jaarrekeningresultaat er uiteindelijk veel positiever uit ziet komt met name door de geprognosticeerde omzet. Het nadeel ten opzichte van de 2e bestuursrapportage is veel kleiner geworden. Enerzijds wordt dit veroorzaakt door de intensivering van een aantal opdrachten en anderzijds doordat in de laatste 4 maanden de bezetting behoorlijk is toegenomen.

Voor een uitgebreide toelichting op de verschillen verwijzen wij u kortheidshalve naar de toelichting in hoofdstuk II van dit document, onderdeel baten en lasten.

Bij vaststelling van de jaarstukken wordt voorgesteld om twee budgetten over te hevelen. In het voorstel wordt de budgetoverheveling nader toegelicht. Na positieve besluitvorming bedraagt het resultaat ODBN € 1.350.000 positief. VOORSTELLEN OVERHEVELEN BUDGET ODBN NAAR 2021 RESULTAAT ODBN

BEDRAG 1.799

V

VOORSTELLEN OVERHEVELEN BUDGET ODBN NAAR 2021 1.

Omgevingswet

327

2. Thuiswerkfaciliteiten

122

TOTAAL VOORGENOMEN BUDGETOVERHEVELING

449

N

1.350

V

RESULTAAT ODBN NA BUDGETOVERHEVELING

Voorgesteld wordt om deel van de reserve huisvesting ter waarde van € 299.000 te laten vrijvallen en te storten in de algemene reserve. In deze reserve was een bedrag van € 299.000 gereserveerd voor een eventueel boekverlies van het pand Cuijk te kunnen opvangen. Het pand Cuijk is eind 2020 verkocht en er is geen sprake van een boekverlies. Voorgesteld wordt om van het resultaat € 400.200 te storten in de algemene reserve en daarmee wordt de weerstandsratio 1,5 in plaats van de 0,93 zoals deze is opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen. Het voorstel is conform vastgesteld financieel beleid in 2020 (Nota risicomanagement en weerstandsvermogen en de Nota reserves en voorzieningen). Na storting in de algemene reserve resteert een positief resultaat na bestemming van € 950.000. Tot slot. Van de totale bijdrage MJOP blijkt € 178.000 niet te zijn aangewend. Dit bedrag resteert in de bestemmingsreserve organisatieontwikkeling. Aangezien dit budget een expliciet doel diende en daarvoor een extra bijdrage van deelnemers is gevraagd wordt voorgesteld wordt om deze reserve te laten vrijvallen en het resterende budget uit te keren aan de deelnemers. De uitkering aan de deelnemers vindt plaats op basis van de verhouding van de bijdrage aan het MJOP.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

10

I Jaarverslag 2020

11

2

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

12

1 Programmaverantwoording

1.1 Algemeen Structuur De vastgestelde begroting 2020 ODBN onderscheidt 3 programma’s die in de jaarstukken verantwoord worden. Hierbij gaat het om de volgende indeling: ➜ Individuele dienstverlening ➜ Regionale dienstverlening ➜ Bedrijfsvoering

1.2 Programma Individuele dienstverlening

1.2.1 Inhoud programma Dit programma sluit aan op de individuele werkprogramma’s die we met onze deelnemers afspreken. Hierbij gaat het om de kerntaken vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu, natuurbescherming, bouwen, wonen, ruimtelijke ontwikkeling en omgevingsrecht (advies). De taken worden uitgevoerd binnen bestaande beleidskaders en richtlijnen zoals bijvoorbeeld de Wet milieubeheer, de Wabo, de wet natuurbescherming etc.

1.2.2 Wat willen we bereiken? Voor de verantwoording van onze werkzaamheden richting individuele deelnemers stellen wij gedurende het jaar verschillende uitgebreide rapportages op voor onze deelnemers. De jaarrekening gaat niet in op de individuele situatie per deelnemer. Maar gaat in op de organisatie als geheel met u als eigenaar van de ODBN.

In het programma Individuele dienstverlening voeren we hoofdzakelijk de taken die onze deelnemers aan ons hebben opgedragen uit. De werkprogramma’s en de provinciale opdracht zijn hierbij onze leidraad. Daarnaast moeten we onze VTH-taken blijven ontwikkelen. Veranderingen in wet- en regelgeving, maatschappelijke ontwikkelingen en wensen vanuit onze deelnemers zorgen voor een continue ontwikkeling van onze taken. Aandacht is er voor de ontwikkeling naar een gebiedsgerichte, omgevingsbewuste en bestuurlijk sensitieve werkwijze. In een snel veranderende wereld kunnen we alleen beter worden door nauw samen te werken met allerlei partners en onze deelnemers. Zo kunnen we de lokale situatie optimaal koppelen aan onze kennis en deskundigheid over de fysieke leefomgeving.

1.2.3 Wat hebben we daarvoor gedaan in 2020? Uitvoering VTH-taken: Wabo De uitvoering van onze primaire taken waren in 2020 vooral gekenmerkt door het continu aanpassen van onze werkwijze aan de omstandigheden door de corona-pandemie. We hebben ons gefocust op het zoveel mogelijk uitvoeren van onze opdracht en hebben daardoor nieuwe manieren van bijvoorbeeld toezichthouden versneld ingezet. Brancheplannen zijn gewijzigd en besloten is om geen horecabedrijven te controleren. De wijzigingen hebben ertoe geleid dat het werk door heeft kunnen gaan en dat we flexibel met de ontstane situatie zijn omgegaan. Deze werkwijze laat positieve signalen zien: de toezichthouder had tijdens het controlebezoek meer inzicht in de data, en kon daardoor tijdens het controlebezoek meer aandacht besteden aan borging van de naleving. Begin 2021 zal deze aanpak geëvalueerd worden, en zullen de lessons learned in de toezichtpraktijk worden geborgd. We hebben rekening gehouden met de ondernemers die het zwaar hebben zonder dat dit ten koste is gegaan van mogelijke risico’s voor de leefomgeving of veiligheid van omwonenden.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

13

14

Vergunningverlening In 2020 hebben we het aantal vergunningaanvragen zien dalen. Dit was het gevolg van enerzijds de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 over de Programmatisch Aanpak Stikstof (PAS), en anderzijds de onzekere economische vooruitzichten die de coronacrisis met zich brengt. Positief effect hiervan is wel dat de werkvoorraad ingelopen wordt. In de gemeentelijke opdrachten zien we dat we meer uren gerealiseerd hebben, dan in de werkprogramma’s 2020 opgenomen waren. Daarentegen zien we dat de financiële realisatie lager is dan je zou verwachten op basis van het aantal uren. De reden dat we financieel lager uitkomen, is gelegen in het feit dat het gemiddelde gerealiseerde uurtarief lager ligt, dan waar in het werkprogramma mee gerekend was. Voor de gemeentelijke opdracht is de realisatie voor wat betreft de uren op inrichtinggebonden werkzaamheden meer overeenkomstig het werkprogramma. Dit is eveneens het geval bij de beoordeling van asbestinventarisatie rapporten. Aan het beoordelen van meldingen Besluit bodemkwaliteit en meldingen Mobiel breken is minder tijd besteed dan gepland. Er is een lichte daling van het aantal vergunningaanvragen ten opzichte van 2019. Vanwege de stoppers in de agrarische sector is er meer werk besteed aan het intrekken van (agrarische) omgevingsvergunningen.

Dit wordt in onderstaande grafiek weergegeven.

Toezicht & Handhaving De provinciale opdracht is nagenoeg gerealiseerd. Voor de gemeentelijke opdracht is er in het vierde kwartaal een inhaalslag gerealiseerd. Hierdoor is de verwachte achterstand in de tweede bestuursrapportage voor een groot deel ingelopen. Het betrof voornamelijk het geprogrammeerde toezicht. Voor niet-geprogrammeerd toezicht, toezicht Besluit bodemkwaliteit en toezicht asbest zijn meer uren gerealiseerd dan in het werkprogramma waren opgenomen. Voor nietgeprogrammeerd toezicht is dit opvallend omdat er dit jaar geen festivals en evenementen hebben plaatsgevonden en er vanwege corona tweemaal besloten is om alleen urgente klachten te onderzoeken. De behoefte om ad hoc controles uit te voeren blijft groot maar is wel minder dan in 2019, zie ook de vergelijking in onderstaand overzicht.

Controles (niet-geprogrammeerd toezicht)

Intrekken vergunningen

Afgerond

Onderhandelen 2020

Afgerond

Onderhandelen 2020

2019

Het geprogrammeerde en niet-geprogrammeerde toezicht op het gebied van milieu heeft in 2020 tweemaal grotendeels stilgelegen vanwege de corona-maatregelen. Met name in de maanden april en mei is er aanzienlijk minder tijd besteed aan toezicht en handhaving als gevolg van het tijdelijk niet inzetten van inhuurkrachten. Extra inhuurkrachten zijn vanaf september ingezet. Hierdoor is de achterstand op het geprogrammeerde toezicht ingelopen.

2019

Tijdens de periodes dat nauwelijks fysieke controles hebben plaatsgevonden is wat het geprogrammeerde toezicht betreft overgegaan op administratief toezicht. In de loop van 2020 werden bedrijven huiveriger om controlebezoeken door te laten gaan. Tijdens de tweede lockdown in december 2020 hebben de voor die periode geplande controlebezoeken niet plaats kunnen vinden. Waar mogelijk heeft het toezicht digitaal plaatsgevonden.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

15

16

Toezicht De uitvoering van het toezicht op de Wnb heeft in verband met de coronacrisis tweemaal tot herziening van de geplande werkzaamheden en werkwijze, zoals administratief toezicht, geleid. Met voor gebiedsbescherming zelfs een tijdelijke onderbreking, met als gevolg dat er voor dat onderdeel van de Wnb minder inspecties zijn uitgevoerd dan gepland. In de tijd dat het toezicht geheel stillag zijn vervangende werkzaamheden uitgevoerd. Voor de andere Wnb-onderdelen zijn de geplande aantallen wel gerealiseerd en zijn die binnen de beschikbare financiële middelen uitgevoerd. Opvallend daarbij is dat overall er (wederom) een lichte toename van handhavingszaken is. Hierbij zijn (grote) projecten stil komen te liggen omdat de aanvragers onvoldoende rekening hebben gehouden met de Wnb. Anderzijds is gebleken dat diverse handhavingsverzoeken niet hebben geleid tot handhavend optreden. Capaciteit groen De gemeentelijke opgave op het onderdeel natuur wordt steeds meer ingevuld door de ODBN. Dit blijkt uit het stijgend aantal groene verzoektaken op het gebied van flora en fauna. Capaciteit De capaciteitsvraag voor wat betreft Wnb-taken blijft een continu aandachtspunt. De dynamiek van de wetgeving en bestuurlijke keuzes leidt tot grote pieken in de vraag. Terwijl de beschikbare kennis - op landelijk niveau - schaars is.

In 2020 heeft dit tot geleid tot een noodzakelijke projectmatige aanpak, die ook in 2021 noodzakelijk zal zijn voor vergunningverlening zowel bij gebiedsbescherming als soortenbescherming.

Uitvoering VTH-taken: Wet natuurbescherming (Wnb) Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming (Wnb) regelt de bescherming van natuurgebieden die uniek zijn voor Nederland en Europa, de bescherming van planten en dieren en van bossen en andere houtopstanden. De ODBN verleent namens de provincie Wnb-vergunningen en -ontheffingen voor de gehele provincie. De ODBN voert ook het toezicht hierop uit en treedt waar nodig handhavend op. Onder deze groene taak valt ook de advisering aan alle Brabantse diensten bij provinciale omgevingsvergunningen voor het onderdeel Natura 2000 en soortenbescherming.

Specialistische advisering Omdat door corona veel evenementen werden geannuleerd zijn er minder geluidsmetingen uitgevoerd. Voor de overige werkzaamheden is er een groot beroep gedaan op de specialisten. Het invullen van vacatures verloopt moeizaam door krapte op de arbeidsmarkt waardoor het uitbesteden van werkzaamheden aan specialistische bureaus is toegenomen. Steeds vaker besteden de deelnemers de RO-werkzaamheden uit aan onze specialisten. Het team juristen is versterkt vanwege de verwachte extra vraag. Door de aanstelling van twee coördinatoren hebben we geïnvesteerd in een betere afstemming en verhoging van kwaliteit.

Vergunningen Wnb De uitvoering van taken in het kader van de Wet natuurbescherming voor de onderdelen gebiedsbescherming en soortenbescherming blijft zijn eigen dynamiek kennen. De praktische uitvoerbaarheid is op onderdelen lastig gebleken en aanvragen bleven binnenstromen. Ondanks de forse toename in afgehandelde procedures blijft de werkvoorraad fors. Het aantal in opdracht verstrekte procedures is afgehandeld. Zelfs meer dan dat. In zijn algemeenheid geldt dat meer gerealiseerd is dan gepland en begroot. Voor het onderdeel gebiedsbescherming wordt dit mede veroorzaakt door de extra inzet voor implementatie van beleid.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

17

18

Intensivering VTH-taken voor energie Energietoezicht in brancheaanpak Voor het eerst is in het werkprogramma 2021 specifiek energietoezicht opgenomen in de brancheaanpak. De voorbereidingen hiervoor hebben in 2020 plaatsgevonden. Hiervoor is een brancheplan uitgewerkt. De meerjarige invulling van energietoezicht na 2021 wordt onderdeel van de evaluatie en actualisatie van het Regionaal Operationeel Kader (ROK) in 2021. Versterkte Uitvoering Energietoezicht (VUE) 2020 In juni is volgens planning gestart met de uitvoering van 189 door de VUE-gesubsidieerde controles in de gemeenten Bernheze, Boxmeer, Boxtel, Meierijstad, Oss, Sint-Michielsgestel, Vught en Uden. Vanwege corona zijn achterstanden ontstaan en zijn in 2020 97 controles uitgevoerd. De subsidieverstrekker heeft alle uitvoerende partijen generiek uitstel verleend tot 1 juli 2021. De ODBN ziet erop toe dat binnen die termijn de resterende controles alsnog worden uitgevoerd. Administratief toezicht Informatieplicht Bedrijven die vermoedelijk onder de Informatieplicht vallen maar nog niet aan de verplichtingen hebben voldaan, zijn in 2020 aangeschreven. Circa 65% van de bedrijven heeft hier adequaat op gereageerd. Voor pilotgemeenten Oss en Den Bosch zijn de niet-reagerende bedrijven in 2020 gebeld, voor de andere gemeenten gebeurt dat in 2021 met budget van de VUE-regeling 2021.

Mogelijk is in 2021 een extra budget nodig voor handhaving. Provinciaal Energietoezicht kantoren Vijf gemeenten (Bernheze, Boxmeer, Boxtel, Sint-Michielsgestel, Vught) participeren in een provinciale subsidieregeling voor energietoezicht bij kantoren. Voor alle 17 kantoren zijn de eerste controles in 2020 afgerond. De hercontroles lopen door in 2021, het tweede uitvoeringsjaar van de regeling.

Transitie Veehouderij Implementatie van 8 maatregelen bij de ODBN De ODBN heeft in 2020 gewerkt aan de uitwerking van de acht maatregelen vanuit het rapport ‘Meer dan de som der delen’ van de Taskforce Veehouderij. Er is onder andere gewerkt aan het risicogericht behandelen van de MER-beoordeling en het afhandelen van de meldingen. Daarnaast is ook gekeken naar een efficiëntere taakverdeling voor vergunningverleners en het aanvraagformulier Wnb. Bij dit laatste thema lag de focus op verbetering van de inhoud, communicatie naar de aanvrager en het onderzoeken van de ICT-mogelijkheden. Met de OMWB en ODZOB is in de Taskforce 2.0 bij de uitwerking van de maatregelen samengewerkt en afstemming gezocht om te komen tot eenduidige werkwijze waar nodig en mogelijk. In 2020 zijn 6 van 8 maatregelen nader uitgewerkt door de ODBN. Onder meer de maatregel over het slechts één keer aanvullen van een aanvraag wordt in het eerste kwartaal van 2021 afgerond. Voor een succesvolle implementatie zoeken we ook de samenwerking/afstemming met de sector en de (agrarische) adviseurs. In 2021 rapporteert de ODBN tijdens de accountgesprekken met de gemeenten en provincie over de behaalde efficiency van alle maatregelen. Interim Omgevingsverordening De Interim Omgevingsverordening (IOV) is op 27 november 2020 vastgesteld door Provinciale Staten.

De datum om te voldoen aan de emissie-eisen uit de verordening verschuift van 1 oktober 2022 naar 1 januari 2024. Ook krijgen ondernemers de keuze om stallen te laten voldoen aan de emissie-eisen op dierplaats- of bedrijfsniveau. De IOV voorziet ondernemers van een stimulans om voor 1 januari 2023 een vergunningaanvraag in te dienen. Hoewel de verwachting was dat de meeste aanvragen net voor 1 januari 2023 en gedurende 2023 zouden worden ingediend, zien we echter de tendens dat aanvragen ook nu al binnenkomen. Het is zaak om ook al in 2021 voldoende hierop te anticiperen. Herijking: toenemende agrarische werkzaamheden 2021-2023 De Taskforce Veehouderij voerde de regie tussen de drie Brabantse omgevingsdiensten ODBN, OMWB en ODZOB om samen met de belangrijkste partners alle maatregelen en de aanbevelingen uit het adviesrapport “Meer dan de som der delen” volgens tijdslijn 2020 en 2021 in de praktijk te brengen. In aansluiting op de Interim Omgevingsverordening door PS op 27 november 2020 heeft de Taskforce de uitgangspunten van de Taskforce 1.0 herijkt om een actueel beeld te schetsen van de agrarische (beleids-)ontwikkelingen.

Door meer intrekkingen van stoppende bedrijven en de ontwikkelingen binnen de vergunningverlening Wnb neemt de hoeveelheid werk de komende drie jaar toe en zal de agrarische vergunningverlening door de actuele ontwikkelingen vooral in 2021, 2022 en 2023 gaan plaatsvinden.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

19

20

Intensivering Toezicht veehouderijen (ITv) Projectvoortgang Bij de deelnemers aan het project ITv worden, op uniforme wijze, alle veehouderijbedrijven bezocht. Het doel is om naleving van regels te bevorderen en zicht te krijgen op deze sector in transitie. Het project ITv zou volgens de oorspronkelijke planning eind 2020 klaar zijn. Door de coronamaatregelen is de uitvoering van het project vertraagd. In overleg met de deelnemers is daarom besloten de uitvoering in 2021 door te laten lopen. In opdracht van de provincie is in 2020 onderzoek gedaan naar de uitvoering van het project ITv. Daaruit is gebleken dat de deelnemers positief zijn over het project en dat er kansen liggen voor een vervolg. Met name op de volgende vlakken: ➜ ➜ ➜ ➜

Inbedding ontwikkelde werkmethoden in reguliere toezicht en handhaving; Opzetten risicogericht toezicht en handhaving in de veehouderij; Focus op specifieke regelingen in de veehouderij; Het toepassen van de gebruikte methodiek in andere sectoren.

Momenteel wordt door het projectteam ITv en de Brabantse OD’s verkend hoe deze kansen kunnen worden opgepakt.

Ontwikkelingen in de veehouderij Warme sanering varkenshouderij De warme sanering varkenshouderij is inmiddels in uitvoering en de eerste aanvragen warme sanering varkenshouderij zijn al bij de ODBN binnengekomen. In 2020 heeft de ODBN samen met de Kopgroep Transitie Landbouw (AgrifoodCapital) onderzocht hoe de uitvoering van de Warme sanering varkenshouderij in Noord-Brabant kan worden gestroomlijnd. Er zijn bepaalde bottlenecks zoals de aanwezige sloopcapaciteit en de termijnen van vervolgonderzoeken tijdens het slopen bij aanwezigheid van beschermde soorten (Wnb soortenbescherming). De minister heeft de slooptermijn inmiddels al verruimd van 14 naar 24 maanden. Om te voorkomen dat de verwerking van binnengekomen aanvragen geen vertraging oploopt is het volgende gedaan: ➜ Er is een interne werkgroep opgericht die de voortgang monitort en coördineert van binnengekomen Wsv-aanvragen waarbij alle interne betrokken disciplines vertegenwoordigd zijn. ➜ Er is een regionale helpdesk opgericht waar ondernemers hun vragen kunnen stellen aan de ODBN over de behandeling van hun aanvragen. Hiermee proberen we ondernemers te helpen om hun aanvraag bij aanvang zo compleet mogelijk te maken zodat de aanvraag snel en efficiënt afgehandeld kan worden. Inmiddels zijn er van de 117 aangemelde bedrijven in ons werkgebied 42 bedrijven die een aanvraag/sloopmelding hebben ingediend.

De coördinatie en de helpdesk functioneren in de praktijk goed en we zijn hiermee voorbereid op de afhandeling van de aanvragen die nog komen. Corona en veehouderijen Gezien het feit dat nertsen als een reservoir en vector voor het virus kunnen dienen en de mutaties in Denemarken, heeft het Kabinet besloten om de datum voor het stoppen van het houden van nertsen te vervroegen van 1 januari 2024 naar 8 januari 2021. In Noord-Brabant was dit bij 44 bedrijven het geval. De getroffen bedrijven zijn geruimd. Het is nog niet geheel duidelijk hoeveel extra werkzaamheden het vervroegd stoppen voor de ODBN oplevert, gezien dit afhankelijk is van de wensen van de stoppende nertsenhouders. Inrichtingenbestand (actualiseren en beheer) Actualiseren inrichtingenbestand Iedere gemeente heeft een eigen inrichtingenbestand. De ODBN maakt daar gebruik van en voorziet de ODBN en haar deelnemers van basisinformatie voor een efficiënte en effectieve taakuitvoering. Omdat niet alle data actueel was, heeft de ODBN in opdracht van de eigenaren een grootschalige actualisatie gedaan. Een vervolgactie is dat op een aantal locaties nader inventariserend onderzoek moet worden uitgevoerd om vast te stellen welke activiteiten er worden verricht. Deze controles zijn geen onderdeel van het project, maar worden zoveel als mogelijk in 2021 opgepakt. Hierover is met de individuele gemeenten afgestemd.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

21

2020 in cijfers

22

23

Vergunningen In 2020 zijn er 1.784 nieuwe vergunningszaken binnengekomen. Hiermee bedoelen we zaken die betrekking hebben op het werk van vergunningverleners. In totaal zijn er 1.560 vergunningszaken afgerond. 984 voor de provincie en 576 voor de gemeenten. Provincie Bij de provincie zijn 984 vergunningszaken afgerond. 121 zaken hebben betrekking op Wabo vergunningverlening grijs. Voor de vergunningverlening groen zijn 863 zaken afgerond. Van deze zaken zijn er 470 besteed voor de Wet natuurbescherming gebiedsbescherming, 210 (voornamelijk ontheffingen) voor soortenbescherming en 71 voor houtopstanden. Daarnaast zijn er nog adviezen verstrekt met betrekking tot ‘groene’ wetgeving. Gemeenten Bij de gemeenten zijn 576 vergunningszaken afgerond. 190 zaken hebben betrekking op Wabo vergunningverlening. Duidelijk zichtbaar is het aantal stoppers. Er zijn 104 vergunningen ingetrokken. Het opstellen van maatwerk wordt ook steeds meer toegepast, in totaal 90 keer. Tot slot zijn er 61 beoordelingen voor een OBM uitgevoerd. 131 keer is beoordeeld of een milieueffectrapportage moest worden aangevraagd. Meldingen In 2020 zijn er in totaal 2.884 meldingen afgehandeld voor de gemeenten. Deze zijn als volgt verdeeld: Actief beheer inrichtingenbestand Het actief beheer is een nieuwe taak voor de ODBN.

In juni 2019 is een proef gestart bij de gemeenten Oss, Uden en Meierijstad om ervaring op te doen en inzicht te krijgen in de kosten. De evaluatie geeft voldoende aanknopingspunten om een werkbare en betaalbare vorm van actief beheer te kunnen ontwikkelen. Naast het actief beheer moet het inrichtingenbestand ‘Omgevingswetproof’ gemaakt worden. Dat betekent dat per inrichting de milieubelastende activiteiten in kaart gebracht moeten worden.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

➜ ➜ ➜ ➜ ➜

636 meldingen Activiteitenbesluit 555 meldingen Besluit bodemkwaliteit 272 sloopmeldingen asbest 1.145 asbestinventarisatierapporten 276 meldingen overige werkzaamheden

ODBN Jaarstukken 2020

24

25

Aantal inspecties In 2020 zijn er 8.087 inspectiezaken binnengekomen. Hiermee bedoelen we zaken die betrekking hebben op het werk van toezichthouders. Verder zijn er 6.882 afgerond, 1.601 binnen het provinciale team en 4.833 bij de gemeenten. Provincie Bij het provincieteam zijn 1.900 inspectiezaken afgerond. De meeste zaken (1.662) hebben betrekking op toezicht en handhaving ‘groen’. Grootste categorieën zijn de houtopstanden (619), het toezicht op de Wnb bij inrichtingen (649) en toezicht soortenbescherming (153). 238 zaken hebben betrekking op toezicht en handhaving ‘Grijs’ (inrichtinggebonden zaken). Gemeenten Bij de gemeenten zijn 4.833 inspectiezaken afgerond. 2.426 zaken zijn milieucontroles. 2.008 zaken hebben betrekking op het toezicht van asbestsloop en 182 keer is er een toezicht op grond van het Besluit bodemkwaliteit geweest. Herinspecties In 2020 zijn er voor de gemeentelijke opdracht voor alle domeinen 2.084 herinspecties uitgevoerd. 1.626 zijn reguliere herinspecties, 351 herinspecties zijn uitgevoerd na een handhavingsvoornemen en 107 herinspecties na een handhavingsbesluit. Voor de provinciale opdracht zijn 414 hercontroles uitgevoerd. 81 hercontroles ‘grijs’ en 333 hercontroles ‘groen’. Klachten en ongewone voorvallen In 2020 zijn er 2.998 zaken betrekking hebbende op klachten en ongewone voorvallen door de ODBN behandeld.

Het aantal klachten die binnen zijn gekomen bij de Milieuklachtencentrale zijn hoger, maar die worden ook door andere partijen afgehandeld (zie § Klachten in Programma Regionale Dienstverlening). 352 zaken hebben betrekking op de provinciale opdracht behandelen klachten en reguliere bedrijfsmeldingen. 2.387 klachten vallen onder de categorie overlast- en incidentmeldingen. 227 keer werd er melding gedaan van een ongewoon voorval. Dit zijn voornamelijk voorvallen die zich binnen inrichtingen voordoen (195 keer) en waarvan melding wordt gemaakt. 32 keer had het betrekking op ongewone voorvallen op basis van de omgevingszorg (voornamelijk dumpingen van XTC-afval). Verder: Er zijn 1.401 nieuwe advieszaken binnengekomen. Het betreft een verzoektaak en divers van aard. Er zijn er 1.305 zaken afgerond en 63 zaken uiteindelijk ingetrokken.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

1.2.4

Wat heeft het in 2020 gekost? PROGRAMMA INDIVIDUELE DIENST VERLENING

BEGROTING NA WIJZIGING 2020

REKENING 2020

REKENING 2019

BEGROTING 2020

13.749

14.641

14.778

13.991

429

0

0

411

TOTAAL LASTEN

14.176

14.641

14.778

14.402

Basistaken (werkprogramma)

12.430

12.553

12.735

12.270

Verzoektaken (werkprogramma)

7.592

8.357

9.210

9.152

Aanvullende verzoektaken

1.309

2.392

1.611

1.946

TOTAAL BATEN

21.332

23.303

23.555

23.368

SALDO

7.156

8.662

8.778

8.966

BEDRAGEN X €1.000 Inzet personeel Inzet bedrijfsmiddelen

ODBN Jaarstukken 2020

26

1.3 Programma Regionale dienstverlening

1.3.1 Inhoud programma Naast individuele werkprogramma’s voert de ODBN ook regionale programma’s uit. Hierbij gaat het om meer dan één opdrachtgever. De volgende onderwerpen maken onderdeel uit van dit programma: ➜ Het Ontwikkelprogramma 2020 (waaronder het budget collectieve taken) ➜ Samen Sterk in Brabant ➜ Overige regionale werkzaamheden (voormalig RMB) - Sanering verkeerslawaai (ISV) - Klachtenregeling / crisis-piket - Beheer en nazorg (voormalige) stortplaatsen

1.3.2 Wat willen we bereiken? We werken aan de ontwikkeling naar een gebiedsgerichte, omgevingsbewuste en bestuurlijksensitieve Omgevingsdienst Brabant Noord. In een snel veranderende wereld kunnen we alleen beter worden door nauw samen te werken met onze partners en onze deelnemers. Zo kunnen we de lokale situatie optimaal koppelen aan onze kennis en deskundigheid over de fysieke leefomgeving.

1.3.3 Wat hebben we daarvoor in 2020 gedaan?

27

Ontwikkelprogramma 2020 (waaronder budget collectieve taken) In 2020 is de ODBN voor het eerst gaan werken met een integraal en opgavegericht Ontwikkelprogramma. Binnen dit Ontwikkelprogramma worden drie meerjarige ontwikkelopgaven onderscheiden. Deze ontwikkelopgaven vormen voor de ODBN de belangrijkste opgaven waarlangs we onze organisatie doorontwikkelen. In 2020 waren dit de Invoering Omgevingswet, Transitie Veehouderij en de Doorontwikkeling Kerntaken. Gebleken is dat deze programmatische aanpak effectief is om meer samenhang en verbinding tussen projecten te krijgen. Met het programmatisch opdrachtgeverschap is de lijnorganisatie meer eigenaar gemaakt van de ontwikkelopgaven die het primair proces gaan beïnvloeden. Over de inhoudelijke resultaten wordt in de paragrafen verantwoording afgelegd. Enkele resultaten die niet verder worden toegelicht, maar wel onderdeel uitmaakte van het Ontwikkelprogramma 2020 is de rapportage van de Kwaliteitscriteria 2.2, de doorontwikkeling van de toepassing van strafrecht, de kwaliteitsimpuls Indirecte Lozingen en het actualiseren van sjablonen. Door de corona-uitbraak en een verminderde capaciteit zijn niet alle projecten in 2020 afgerond. Dit betreffen de projecten ROK-Vergunningverlening, actualiseren werkprocessen en de Kompasprojecten Verdeling Verantwoordelijkheden en Handhaafbaarheidstoets.

Deze projecten zijn inmiddels bijna afgerond en hebben dus een doorloop in 2021. Andere projecten zijn echter versneld opgepakt door inzet van projectleiders/medewerkers uit het primaire proces. Door middel van een klussenbank zijn projecten ook breed in de organisatie uitgezet. Financieel is de realisatie van het Ontwikkelprogramma behoudens een kleine overschrijding conform begroting. Invoering Omgevingswet Uitstel Omgevingswet Begin 2020 is de invoering van de Omgevingswet opnieuw uitgesteld. Het implementatieplan is hierop bijgesteld. Dit met als doel om de beschikbare middelen tot 2021 zo her te verdelen dat we optimaal gebruik maken van dit budget. Het implementatieplan voorziet in twee sporen: ervoor zorgen dat de organisatie klaar is voor de Omgevingswet (werkprocessen, samenwerkingsafspraken deelnemers etc.) en zorgen dat onze medewerkers klaar zijn voor de Omgevingswet. Dat betekent o.a. het opleiden van onze medewerkers. Het implementatieplan leidt tot een aangepaste financiële planning. De middelen die we door het uitstel in 2020 niet hebben ingezet, willen we inzetten in 2021. In deze Jaarrekening doen we een voorstel voor budgetoverheveling.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

28

29

Samen Sterk in Brabant (SSiB) SSiB heeft haar opgave binnen de budgetten voor 2020 gerealiseerd. Bovendien zijn er extra inspanningen SSiB heeft haar taken in 2020 binnen de budgetten uitgevoerd. Dit ondanks de extra (en onvoorziene) inspanningen en flexibele inzetbaarheid die het coronavirus, diverse natuurbranden en de komst van de wolf in Brabant van de organisatie gevergd hebben. Uiteraard is bij SSiB ook het afgelopen jaar weer hard gewerkt aan de drie speerpunten: afvaldumpingen, stroperij en wildcrossen. Daarnaast is actief gehandhaafd op toegangsbepalingen en zijn diverse innovatieve projecten opgestart, waaronder het werken met drones, cameratoezicht en digitale recherche. De SSiB’ers zien zich in hun dagelijkse werkzaamheden geconfronteerd met gevaarlijke situaties. Hoewel een zeker risiconiveau inherent is aan de werkzaamheden van de handhavers, wordt getracht deze risico’s zo goed mogelijk te beheersen. Afgelopen jaar hebben zich helaas twee incidenten voorgedaan bij de aanpak van wildcrossen, waarbij onder andere een handhaver gewond is geraakt. In reactie hierop is opdracht gegeven voor een onafhankelijk onderzoek naar een veilige werkwijze bij de aanpak van wildcrossen. Op basis van de uitkomsten van dit onderzoek wordt een handelingskader opgesteld, dat de handhavers in staat moet stellen om zich veilig te kunnen blijven inzetten op dit speerpunt.

De afgelopen periode is een stevige discussie gevoerd over het al dan niet uitrusten van de SSiB’ers met een vuurwapen, in het kader van de veiligheid bij onder andere de aanpak van (zware) stroperij. Het Dagelijks Bestuur van de ODBN heeft in een richtinggevend besluit aangegeven dat het verder bewapenen van de handhavers momenteel niet aan de orde is. Omwille van dit besluit wordt de komende periode in nauwe samenwerking met de provincie onderzocht hoe SSiB toch veilig invulling kan blijven geven aan het speerpunt stroperij. Gegeven haar status als zelfstandig opererende organisatie onder formeel werkgeverschap van de ODBN levert SSiB jaarlijks een eigen jaarverslag op. Hierin wordt uitgebreid verantwoording afgelegd over het afgelopen kalenderjaar. Het jaarverslag zal uiterlijk in april gepubliceerd worden op:

l .n t n a b a r b b i s .s www

Informatiegestuurd werken (IGW) Informatiegestuurd werken stelt ons in staat de effectiviteit van onze taakuitvoering steeds verder te verbeteren en daar te zijn waar het risico voor de leefomgeving het grootst is. Met IGW ontwikkelen we producten die bijdragen aan het beantwoorden van specifieke vraagstukken voor het primaire proces. Brabant breed doen we dat in samenwerking met de provincie en de andere OD’s in het Brabants Omgevings Datalab. In 2020 heeft dit onder andere geleid tot de volgende producten: ➜ Een dashboard energiebesparing ter ondersteuning van risicogerichte toezicht op energiebesparing bij bedrijven. ➜ Een dashboard informatieplicht energie ter ondersteuning bij de aanpak van bedrijven die niet voldoen aan de informatieplicht energie. ➜ Een veehouderij keuzetool die snel en eenvoudig toegang geeft tot alle relevante informatie over een veehouderij en die ondersteunt bij het risicogericht toezicht op veehouderijen. ➜ Een dashboard afvalbedrijven die toezichthouders ondersteunt bij het toezicht op afvalbedrijven. ➜ Een dasboard asbest die ondersteunt bij het risicogericht toezicht op asbestsaneringen. Ontwikkeling Regionaal Operationeel Kader Vergunningverlening Voortgang en planning ROK-VV Vergunningverlening is het instrument om een balans te vinden tussen het benutten en het beschermen van de omgeving bij het verrichten van (milieubelastende) activiteiten.

Het bevoegd gezag is verplicht een gezamenlijk en uniform uitvoeringsbeleid van Wabotaken te hebben, waarin gemotiveerd aangegeven wordt welke doelen het zichzelf stelt bij vergunningverlening en welke activiteiten het daartoe zal uitvoeren. Uit de laatste bestuurlijke conferentie zijn in 2020 de uitgangspunten en prioriteiten vertaald in een ROK-vergunningverlening en wordt begin 2021 ter vaststelling voorgelegd aan onze deelnemers.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

30

Sanering Verkeerslawaai In 2020 is voor de sanering van het restant van de saneringsvoorraad wegverkeerslawaai van de gemeenten Bernheze, Boekel, Boxmeer, Cuijk, Grave, Mill en Sint Hubert, Meierijstad en Uden VBT (Voorbereiding, Begeleiding en Toezicht) subsidie aangevraagd. Inmiddels hebben alle gemeenten met uitzondering van Boekel de subsidie ontvangen. Vanwege de lage gemiddelde geluidsbelasting op de woningen in Boekel heeft deze aanvraag een lage prioriteit gekregen en is (nog) niet gehonoreerd. In totaal gaat het om 2.335 woningen. Eind 2020 is gestart met het opstellen van de Saneringsprogramma’s voor de gemeenten Boxmeer, Cuijk, Grave en Mill en St. Hubert. Hierbij worden ook de woningen met een te hoge geluidbelasting die in het verleden ten onrechte niet op de Saneringslijst zijn geplaatst (de zogenaamde Vergeten Woningen) meegenomen. Voor het opstellen van de Saneringsprogramma’s in Bernheze, Boekel, Meierijstad en Uden zijn offertes opgevraagd. Ook hier zal op korte termijn gestart worden met het opstellen van de Saneringsprogramma’s. Ketenaanpak Afval: In 2020 heeft de ODBN een betere samenwerking opgezet met het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA) waardoor er maandelijkse afvalrapportages beschikbaar zijn. Deze rapportage worden gebruik voor het starten van ketenprojecten en worden meegenomen in het vooronderzoek bij regulier milieutoezicht.

In samenwerking met het Brabantse Omgevings Datalab (BOD) is een dashboard ontwikkeld dat inzicht geeft in niet-gecertificeerde e-waste bedrijven. Dit dashboard wordt in 2021 gebruikt om de aanpak rondom deze bedrijven te intensiveren en de juiste interventie hiervoor in te zetten. Asbest: Voor de ketenaanpak asbest heeft de ODBN in 2020 deelgenomen aan het zuidelijk keten casus overleg. Naast het delen van signalen richting overheidspartners is in 2020 hieruit voortgekomen dat de ODBN meldingen richting gecertificeerde instellingen of andere overheidsinstellingen samen met de OMWB en ODZOB bundelt, analyseert en hier gezamenlijk op intervenieert. Het onderzoek rondom asbestverwerking binnen de particuliere asbestketen is in 2020 afgerond en de resultaten worden in 2021 gedeeld met de gemeenten. Mest: Voor de ketenaanpak rondom mest is de ODBN aangesloten bij het project Gebiedsgerichte Handhaving Mest (GGH Mest). Hierin werken we met verschillende overheidsinstanties samen om de belangrijkste problematiek rondom de mestketen aan te pakken. De ODBN heeft binnen het project een signaalfunctie en een toezichtsrol.

Klachten Het aantal milieuklachten blijft toenemen. We zien een toename van de klachten in de jaren 20172018-2019-2020 van respectievelijk 2377, 3430, 4558 en 5549 klachten die ontvangen zijn via de Milieuklachtencentrale. We denken dat de oorzaken van deze toename divers zijn, zoals mondigheid en de afnemende sociale tolerantie van burgers. Ook maken meer burgers zich zorgen over hun gezondheid in relatie tot bijvoorbeeld de agrarische sector. De huidige stikstofproblematiek en alle commotie daaromheen zal hier mogelijk aan hebben bijgedragen. Ook corona kan een effect hebben gehad op de toename van het aantal klachten. Er zijn en werken meer mensen thuis waardoor men meer ziet, ruikt en/of hoort wat als hinder wordt ervaren. De Wabo-gerelateerde klachten worden niet allemaal opgepakt. Uiteindelijk zijn er bijna 3000 klachten in behandeling genomen. Milieuklachten worden ook meegenomen in het regulier toezicht en handhavingsproces en dus niet apart als zaak afgehandeld. Niet afgehandelde klachten betreffen klachten die uiteindelijk toch voor andere omgevingsdiensten of bevoegd gezag bedoeld zijn. Bedrijven hebben de plicht om een ongewoon voorval (milieucalamiteit of incident) te melden, zodat het bevoegd gezag op tijd en passend kan reageren. De bewustwording om een ongewoon voorval te melden is bij de bedrijven de afgelopen jaren toegenomen.

We zien dat een kwart van de ongewone voorvallen provinciale inrichtingen betreft en drie kwart gemeentelijke inrichtingen. De kosten van afhandeling van de klachten ziet u terug in de gemeentelijke en provinciale rapportages.

De ODBN heeft ondanks de opkomst van het coronavirus en de bijhorende maatregelen samen met het NVWA 10 fysieke ketencontroles uitgevoerd bij bedrijven met een hoog risico potentieel rondom mestfraude.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

31

32

Milieuzorg Overeenkomstig het draaiboek deelproces milieubeheer van de veiligheidsregio Brabant-Noord verzorgt de ODBN voor alle deelnemende gemeenten 24/7 het crisispiket. In 2020 is de laatste gemeente aangesloten. We verzorgen de specifieke milieu-expertise en bij het merendeel van onze gemeenten leveren we ook de teamleiders milieu.

1.4 Bedrijfsvoering

33

1.4.1 Inhoud programma 1.3.4 Wat heeft het in 2020 gekost

Het programma bedrijfsvoering is in het kader van de verbetering van de P&C documenten opgenomen. In het MeerjarenOntwikkelProgramma waren de ontwikkelopgaven vertaald in 10 projecten. Dit en de overige ondersteunende activiteiten ten behoeve van het primaire proces werden toegelicht in dit programma. Het betreft taken met betrekking tot: personeel, informatievoorziening, organisatie, financiën, administratie, communicatie en huisvesting.

REKENING 2019

BEGROTING 2020

BEGROTING NA WIJZIGING 2020

Inzet personeel

1.834

1.707

1.634

1.547

Inzet bedrijfsmiddelen

530

815

1.132

614

TOTAAL LASTEN

2.363

2.522

2.765

2.161

Collectieve taken

968

997

997

997

Samen Sterk in Brabant (regulier)

743

763

763

850

Samen Sterk in Brabant (impuls)

1.335

1.385

1.385

1.385

Overige regionale programma's

125

91

129

133

3.171

3.236

3.274

3.365

1.4.2 Wat hebben we bereikt?

808

714

509

1.204

Corona Het maatschappelijk effect van de pandemie als gevolg van Corona-virus is enorm. Dat heeft uiteraard ook de ODBN als organisatie geraakt. Door de recente investeringen in de organisatie en de projecten was de organisatie in staat om bij de eerste lock-down alle medewerkers binnen enkele dagen volledig vanuit huis te laten werken binnen een beveiligde digitale omgeving.

PROGRAMMA REGIONALE DIENST VERLENING

BEDRAGEN X €1.000

TOTAAL BATEN SALDO

REKENING 2020

Deze onderwerpen zijn thema’s die op basis van de BBV regelgeving ook, zei het meer tactisch, aan de orde komen in de paragraaf Bedrijfsvoering. Toch is een programma met betrekking tot de bedrijfsvoering nog steeds relevant maar zal het accent gericht zijn op de verantwoording aan u als eigenaar. Waar mogelijk vertaald in KPI’s. De algemene trends worden toegelicht in dit Programma. De technische onderbouwingen wordt elders in de jaarrekening gegeven. In dit programma worden ook de baten en lasten van de interne financiering en de algemene dekkingsmiddelen verantwoord.

Deze maatregelen hebben ertoe geleid dat de ODBN nauwelijks productieverlies heeft gehad in 2020. Wel zijn werkwijzen en prioriteringen aangepast. MJOP In het voorjaar van 2020 is door een externe partij een (tussen)evaluatie opgesteld over de voortgang en de effecten van het Meerjaren Ontwikkelplan (MJOP) 2018-2020. De resultaten van deze evaluatie en de reactie van de directie daarop werden in juli gepresenteerd aan het Algemeen bestuur. De bestuurlijke dilemma’s die eveneens daarbij opgehaald werden, zouden op een bestuurlijke bijeenkomst in het najaar van 2020 worden besproken. Als gevolg van de Corona pandemie heeft deze bijeenkomst niet plaatsgevonden. In plaats daarvan zijn er digitale sessies georganiseerd tussen groepjes van AB- en DB-leden samen het de directie. De bevindingen en conclusies daarvan zijn in februari 2021 gedeeld en besproken met het Algemeen bestuur. Een belangrijk succes van het MJOP is dat de ODBN meer in control is. Inclusief 2020 sluiten de jaarrekeningen drie jaar op rij positief, zijn de deelnemers in toenemende mate tevreden en wordt de samenwerking op ambtelijk niveau alsmaar beter. In– en externe rapportages zijn uitgebreid Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2020

34

en de P&C documenten hebben aan informatiewaarde gewonnen. In dit jaarverslag (paragraaf Bedrijfsvoering) wordt voor het laatst inhoudelijk gerapporteerd over de projecten van het MJOP.

Indicatoren Bedrijfsresultaat Om een beeld te kunnen vormen over het bedrijfsmatig functioneren van de ODBN worden in onderstaande tabel de meest essentiële indicatoren gepresenteerd.

Door middel van het realiseren van het MJOP staat er nu een stevig fundamant waarop verder gebouwd kan worden. Met de nieuwe digitale inrichting van de bedrijfsprocessen, de organisatorische aanpassingen en centrale huisvesting worden taken efficiënter uitgevoerd.

KPI'S ODBN (ALS BEDRIJF) KPI

Verkoop pand Cuijk De centrale huisvesting is in 2020 volledig afgerond tot en met de verkoop van het pand in Cuijk. De verkoop van het pand Cuijk heeft niet geleidt tot een boekverlies. Door de verkoop van het pand kan de reserve huisvesting deels worden opgeheven en is de algemene reserve aangevuld. Daarmee is de weerstandcapaciteit verbeterd. Tarief De drie Brabantse omgevingsdiensten worden regelmatig met elkaar vergeleken op basis van het gemiddelde tarief wat in de begroting wordt gepresenteerd. Het feitelijke verschil in de tarieven manifesteert zich bij de gerealiseerde kostprijs oftewel in de nacalculatorische kostprijstarieven. Om deze reden is een financiële vergelijking uitgevoerd aan de hand van de jaarrekening 2019 van de 3 diensten. Uit deze financiële vergelijking van de gerealiseerde kosten blijkt dat de tarieven op realisatie basis veel dichter bij elkaar liggen. Op basis van deze nacalculatorische kostprijzen bleek dat het tarief van de ODBN 0,3% afweek van het gemiddelde tarief van de drie Brabantse omgevingsdiensten. Een uitgebreid rapport hierover is in het najaar van 2020 aan het Algemeen bestuur aangeboden. In 2020 zijn we in de primitieve begroting uitgegaan van een gemiddeld tarief van € 97,37 per uur. Op basis van nacalculatie is feitelijk sprake van een kostprijstarief van € 88,45.

Het verschil wordt enerzijds veroorzaakt door een hoeveelheidsverschil van € 2,27 doordat meer uren zijn gerealiseerd dan begroot. Daarnaast is er sprake van een prijsverschil van € 6,65 dit wordt veroorzaakt door enkele incidentele voordelen in de kosten. Tegenover het lagere kostprijstarief is gemiddeld genomen ook een lager tarief in rekening gebracht aan de deelnemers. Gemiddeld genomen is een tarief van € 93,81 in rekening gebracht bij onze deelnemers.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

NORM

REALISATIE

TOELICHTING 4

2018

2019

2020

Productiviteit

1350 uur

1.322

1.382

1.4191

4.8. Declarabiliteit

Gemiddeld uurtarief

€ 97,37

-

€ 90,99

€ 88,45

4.8. Declarabiliteit

Ziekteverzuim

5,50%

6%

5,75 %

5,75 %

2.3. Personeel

Formatie overhead

22-24%

23 %

21 %

23 %

2.3. Personeel

Aandeel kosten overhead personeel

25%

27 %

22 %

24,5 %

3.4. Overhead

Aandeel kosten overhead totaal2

Max 37%

-

31 %

33 %

3.4. Overhead

Weerstandsratio3

1,0-1,5

0,96

0,82

0,93

2.1. Weerstandvermogen

2,39

2.1. Weerstandvermogen

19 %

2.3. Personeel

Weerstandsratio incl. resultaat voor bestemming Flexschil

1

2

3 4

15-20%

24 %

20 %

De declarabele uren per persoon voor ODBN is 1.419. Dit wordt enigszins vertroebeld door het hoge aantal declarabele uren van SSiB. Wanneer de formatie en de uren die betrekking hebben op SSiB buiten de vergelijking gehouden worden, dan is het gemiddeld aantal declarabele uren per medewerker 1.398. De rekensystematiek van de benchmark omgevingsdiensten is gehanteerd hierdoor is de normering die is vastgesteld in de begroting 2021 achterhaald en is geen kengetal opgenomen in 2018. In de begroting 2022 wordt de normering bijgesteld. De norm is december 2020 vastgesteld In de meest rechtse kolom wordt verwezen naar de paragraaf waarin de technische onderbouwing van de afzonderlijke KPI’s worden verklaard. Hieronder wordt een algemene verantwoording gegeven.

Het jaar 2020 was in bedrijfsmatig opzicht een uitzonderlijk goed jaar met een hoge productiviteit en mede daardoor een mooi financieel resultaat. Het financieel resultaat werd veroorzaakt door enkele incidentele voordelen, een hoge productiviteit en lagere personele lasten. Dit uit zich in een lager nacalculatorisch tarief.

ODBN Jaarstukken 2020

35

36

De verhouding overhead laat een relatieve stijging zien in de totale kosten. Als gevolg van het lagere tarief geeft dit een vertekend beeld. De kosten voor bedrijfsvoering zijn in 2020 namelijk zelfs een fractie lager uitgekomen dan begroot namelijk €10.045.000 tegen €10.079.000 begroot (zie 1.4.4.). De kosten voor overhead zijn feitelijk conform begroting gerealiseerd.

1.4.4 Wat heeft het in 2020 gekost?

37

REKENING 2019

BEGROTING 2020

BEGROTING NA WIJZIGING 2020

Inzet personeel (bedrijfsvoering)

4.398

5.283

5.382

5.056

Opleiding en loopbaanbegeleiding

385

333

383

424

Dienstreizen / woon-werk

424

420

510

346

Overig (personeel)

1.498

285

241

325

Organisatie

104

190

187

121

Huisvesting en archief

342

460

506

517

Herhuisvesting

136

0

119

108

Kantoor

134

300

112

134

Informatisering / automatisering

1.234

1.225

1.369

1.450

Vervoermiddelen

32

40

40

26

Extern onderzoek / advies

129

120

120

111

Afschrijvingen

403

546

501

1.089

Reguliere organisatieontwikkeling

11

100

100

46

Meerjarenontwikkelplan (MJOP)

851

300

300

122

0

0

75

43

3.291

0

134

127

13.371

9.602

10.079

10.045

Treasury

0

0

0

0

Onvoorzien

0

100

25

0

13.371

9.702

10.104

10.045

87

0

0

48

Diversen

3.176

112

0

976

Organisatieontwikkeling

976

300

300

300

4.240

412

300

1.324

0

0

0

0

TOTAAL BATEN

4.240

412

300

1.324

SALDO

-9.132

-9.290

-9.805

-8.721

BEDRIJFSVOERING BEDRAGEN X €1.000

Het financieel resultaat biedt nu ook de mogelijkheid om de weerstandsratio op peil te brengen.

1.4.3 Wat hebben we daarvoor gedaan in 2020? Efficiency De efficiency maatregelen hebben bijgedragen aan een vroegtijdige oplevering van de werkprogramma’s. De concept werkprogramma’s 2021 zijn al in maart 2020 aan de deelnemers aangeboden en voor het eerst ook voorzien van trends en ontwikkelingen. Daarmee worden de deelnemers in de gelegenheid gebracht de omvang van hun opdracht te vertalen en in de eigen begrotingscyclus op te nemen. De bijdrage van de deelnemers wordt slechts beperkt bepaald door de omvang van de begroting van de ODBN maar in grote mate door de keuze in de opdrachtverstrekking door de deelnemer zelf. Het is juist zo dat die keuzes de basis zijn van de begroting van de ODBN. In vergelijking met de andere GR-en brengt dit een andere dynamiek met zich mee. Dit komt doordat de ODBN enkel een uitvoeringsorganisatie is en geen eigen beleidsverantwoordelijkheid heeft anders dan gericht op een effectieve uitvoering. De samenwerking in het primaire proces op ambtelijk niveau vindt voornamelijk plaats tussen de gebiedsmanagers en de ambtelijk vertegenwoordiger van de deelnemers. Daarnaast is er een platvorm (RSP) waarin met elkaar gewerkt wordt aan een effectievere uitvoering. Het functioneren van dit platvorm is in 2020 geëvalueerd. In 2021 worden de aanbevelingen van deze evaluatie verder geïmplementeerd.

Informatie Gestuurd Werken (IGW) IGW is in 2020 hoog op de agenda geplaatst. De ambitie krijgt steeds meer vorm en gaat voor een relevante koerswijziging zorgen. Echter zal die transformatie enkele jaren vragen voordat dit alom bruikbaar is. Een open deur maar je kan alleen sturen op beschikbare informatie. Deze zal dus ontsloten moeten worden en in veel gevallen zal zelfs een historie opgebouwd moeten worden van data die nu nog niet eenduidig of zelfs geheel niet wordt vastgelegd. Dit vraagt een visie op informatiebeheer. Zowel op procesniveau als op de technische inrichting als randvoorwaarden. In 2020 zijn daarom een IV-Visie 2020 en een IV-Uitvoeringsplan voor de ODBN vastgesteld. Uiteraard alles met de Basisinformatie Beveiliging Overheid (BIO) als kader. Op dit thema wordt nauw samengewerkt met de andere Brabantse omgevingsdiensten en de provincie in het Brabantsomgevingsdatalab (BOD).

Covid-19 Overige kosten SUBTOTAAL BEDRIJFSVOERING

TOTAAL LASTEN Bijdrage personeel

SUBTOTAAL BEDRIJFSVOERING Treasury

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

REKENING 2020

ODBN Jaarstukken 2020

38

1 Paragrafen

2.1 Weerstandsvermogen & risicobeheersing Algemeen De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft inzicht in de robuustheid van de financiële positie van de omgevingsdienst. In deze paragraaf wordt weergegeven in welke mate de dienst in staat is om onvoorziene, financiële tegenvallers op te vangen zonder dat daarvoor het bestaande beleid veranderd hoeft te worden. Om dit te kunnen beoordelen, is inzicht nodig in het beschikbare weerstandsvermogen en in de omvang en de achtergronden van de aanwezige risico’s. Zowel bij de jaarrekening als bij de begroting wordt er een actualisatie gepresenteerd van het beschikbare weerstandsvermogen en de aanwezige risico’s. Er zijn geen uniforme antwoorden te geven op de vraag hoe groot het weerstandsvermogen van een dienst moet zijn. Dit is sterk afhankelijk van de eigenheid van de dienst, de stabiliteit van de omgeving, het risicoprofiel dat de organisatie heeft en de risicobereidheid van het bestuur van de organisatie. In 2020 heeft de ODBN het beleid voor Risicomanagement en weerstandsvermogen herijkt. In deze herijking heeft de ODBN haar visie voor risicomanagement uiteengezet. Kern van deze visie is dat de ODBN een financieel gezonde organisatie wil zijn die zelf in staat is om de risico’s die ze als organisatie loopt op te vangen, zonder daarvoor te veel middelen in kas te houden.

Hierbij streeft de ODBN naar een gezonde, minimale weerstandsratio van 1,0, maar kan de ratio door omstandigheden fluctueren tussen 0,75 en 1,5 zonder dat hier concrete besluiten aan het Algemeen Bestuur hoeven voorgelegd te worden.

Inventarisatie weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de dienst beschikt om de onverwachte financiële tegenvallers te dekken zonder het bestaande beleid aan te moeten passen. Voor de ODBN geldt dat de beschikbare weerstandscapaciteit gevormd wordt door de Algemene reserve. Andere reserves worden hierin niet meegenomen omdat deze door het Algemeen bestuur voorzien zijn van een specifieke bestemming. Risicobeheersing De ODBN streeft ernaar om risico’s zoveel mogelijk te ondervangen door het treffen van beheersmaatregelen, de benodigde verzekeringen af te sluiten en/of buffers te vormen voor niet voorzienbare financiële tegenvallers. In het overzicht Reserves en Voorzieningen kunt u de diverse posten en hoogte van de bedragen lezen. Inventarisatie risico’s Aan het begin van 2021 is een nieuwe actualisatie van het risicoprofiel van de ODBN uitgevoerd. Hierbij zijn alle financiële risico’s meegenomen die, na het nemen van beheersmaatregelen, nog steeds een mogelijke financiële impact hebben die niet uit de reguliere exploitatie gedekt kan worden. Eventuele risico’s die afgedekt zijn door middel van een verzekering, een getroffen voorziening of een specifiek aangewezen bestemmingsreserve, zijn buiten beschouwing gehouden. Bij het bepalen van de impact van het risico is rekening gehouden met de kans van optreden van het risico.

De impact van het risico wordt daardoor bepaald door de ingeschatte financiële jaaromvang te vermenigvuldigen met de kans van optreden. Daar waar een risico mogelijk een meerjarig effect heeft, is uitgegaan van het principe dat de financiële impact vermenigvuldigd is met 2, vanuit het principe dat 2 jaar doorgaans voldoende is om maatregelen te nemen om de financiële impact van het risico te beperken of te verwerken in de begroting. In de bijlage (1) ‘Geactualiseerde risicoanalyse’ is het geactualiseerde risicoprofiel van de ODBN opgenomen. Per risico zijn de genomen beheersmaatregelen opgenomen en is inzicht gegeven in de financiële omvang, kans van optreden en impact van het risico. Ten opzichte van de vorige presentatie bij de begroting 2021 is de totaalwaarde van de risico’s iets afgenomen. Hieronder wordt nader ingegaan op de ontwikkelingen van de risico’s. Toegenomen risico’s Externe ontwikkelingen De ODBN opereert in dynamische omgeving, waarin door politieke besluitvorming, juridische uitspraken, maatschappelijke ontwikkelingen veel veranderingen zijn. Door deze wijzigingen lopen we als organisatie het risico dat op opdrachten uren gemaakt worden die niet of in beperkte mate gefactureerd kunnen worden aan één van onze opdrachtgevers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=e95d302c-7ab0-47a7-a4fc-b3fc4c94a2c9