Notitie Reikwijdte en Detailniveau Omgevingsvisie
Tekst van het document
Notitie Reikwijdte en Detailniveau Omgevingsvisie gemeente Oss Gemeente Oss 16 november 2023
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Verantwoording Titel
Notitie Reikwijdte en Detailniveau Omgevingsvisie gemeente Oss
Opdrachtgever
Gemeente Oss
Projectleider
Joost de Jong
Auteur(s)
Neelke de Fijter
Tweede lezer
Joost de Jong
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Aantal pagina’s
13 (exclusief bijlagen)
Datum
31 oktober 2023
Handtekening
Ontbreekt in verband met digitale verwerking. Dit rapport is aantoonbaar vrijgegeven.
Colofon TAUW bv Australiëlaan 5 Postbus 3015 3502 GA Utrecht T +31 30 28 24 82 4 E info.utrecht@tauw.com
2/13
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Inhoud 1
2
3
4
Inleiding ..................................................................................................................................... 4 1.1
Aanleiding .......................................................................................................................... 4
1.2
Doel Notitie Reikwijdte en Detailniveau ............................................................................. 4
1.3
Procedure en inspraak ....................................................................................................... 4
1.4
Leeswijzer .......................................................................................................................... 4
Omgevingsvisie gemeente Oss ................................................................................................. 4 2.1
Waarom een Omgevingsvisie? .......................................................................................... 5
2.2
Proces Omgevingsvisie ...................................................................................................... 5
2.3
Inhoud Omgevingsvisie ...................................................................................................... 6
MER Omgevingsvisie gemeente Oss ........................................................................................ 7 3.1
Wat is een MER? ............................................................................................................... 7
3.2
Waarom een MER? ............................................................................................................ 7
3.3
Een integrale benadering ................................................................................................... 8
3.4
Wisselwerking Omgevingsvisie en MER ............................................................................ 8
Aanpak milieuonderzoek ........................................................................................................... 8 4.1
Stappen MER ..................................................................................................................... 8
4.1.1 Stap 1: In beeld brengen huidige situatie en autonome ontwikkeling (referentiesituatie)...................................................................................................................... 9
5
4.1.2
Stap 2: Toetsen alternatieven ..................................................................................... 9
4.1.3
Stap 3: Uitvoeren effectbeoordeling en in beeld brengen doelbereik ......................... 9
4.1.4
Stap 4: In beeld brengen synergie en strijdigheden .................................................. 10
4.1.5
Stap 5: Beschrijven aanbevelingen en mitigerende maatregelen ............................. 10
4.1.6
Stap 6: Beschrijven aanzet monitoringsprogramma ................................................. 10
4.2
Alternatieven .................................................................................................................... 11
4.3
Beoordelingskader MER Omgevingsvisie gemeente Oss ............................................... 11
4.4
Beoordelingssystematiek ................................................................................................. 12
Vervolgstappen........................................................................................................................ 13 5.1
Kennisgeving en raadpleging ........................................................................................... 13
5.2
Opstellen MER en Nota van beantwoording .................................................................... 13
5.3
Terinzagelegging MER ..................................................................................................... 13
5.4
Besluit en vervolg ............................................................................................................. 13
3/13
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
1 Inleiding 1.1
Aanleiding
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is iedere gemeente verplicht om een Omgevingsvisie op te stellen waarin de ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn worden vastgesteld. De gemeente Oss werkt aan het opstellen van een Omgevingsvisie voor het gehele grondgebied van de gemeente. Om tot de uiteindelijke Omgevingsvisie daarvan te komen, doorloopt de gemeente een inhoudelijk proces waarin keuzes voor de inrichting van de gemeente worden gemaakt. Onderdeel van dit proces is het doorlopen van de procedure van milieueffectrapportage (m.e.r.), met als belangrijke stappen in die procedure het opstellen van een Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) en een milieueffectrapport (MER).
1.2
Doel Notitie Reikwijdte en Detailniveau
Deze Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) is de eerste stap in de m.e.r.-procedure. De NRD heeft als doel om inzicht te geven in de stappen die ten behoeve van het MER doorlopen worden. De NRD beschrijft welke omgevingsaspecten in het MER onderzocht gaan worden (reikwijdte). Daarnaast geeft de NRD informatie over de manier waarop de effecten van de Omgevingsvisie onderzocht zullen worden en met welke diepgang (detailniveau).
1.3
Procedure en inspraak
De NRD wordt zes weken ter inzage gelegd. Het stuk is dan op het gemeentehuis in te zien, en digitaal via de gemeentewebsite. Reacties kunnen via e-mail of via post gestuurd worden. De reacties worden van antwoord voorzien in de Nota van beantwoording NRD en de uitkomsten worden betrokken in het op te stellen MER.
1.4
Leeswijzer
Hoofdstuk 2 licht nader toe waarom er een Omgevingsvisie wordt opgesteld door de gemeente Oss, hoe dit proces verloopt en wat de Omgevingsvisie inhoudt. Hoofdstuk 3 gaat vervolgens in op het bijbehorende MER. Het instrument MER wordt toegelicht en de samenhang tussen de Omgevingsvisie en het MER wordt beschreven. Hoofdstuk 4 beschrijft de aanpak van het milieuonderzoek. In hoofdstuk 5 wordt vooruit gekeken naar het vervolg van het proces.
2 Omgevingsvisie gemeente Oss Dit hoofdstuk gaat in op de vraag waarom de gemeente Oss een Omgevingsvisie opstelt, hoe dit proces verloopt, over welk gebied het in de Omgevingsvisie gaat (plangebied) en op welke thema’s de Omgevingsvisie ingaat.
4/13
Kenmerk
2.1
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Waarom een Omgevingsvisie?
De gemeente Oss staat de aankomende jaren voor een aantal belangrijke opgaven gesteld, die een beroep doen op de fysieke ruimte. De kwaliteit van leven in de gemeente hangt af van de manier waarop de gemeente inspeelt op deze veranderingen en opgaven. Om de gemeente in samenhang te ontwikkelen, keuzes te maken in ruimtegebruik, te streven naar meervoudig ruimtegebruik en balans te houden tussen allerlei functies en doelen, is een integrale visie nodig voor de leefomgeving. Een richtinggevend kader voor ruimtelijke ontwikkelingen en een duidelijke koers richting 2040. Het gaat in de omgevingsvisie om het gehele grondgebied van de gemeente Oss (zie Figuur 1).
Figuur 1 Gemeentegrenzen Oss (Bron: www.KadastraleKaart.com)
De kracht van de Omgevingsvisie is om zowel klassieke thema’s, zoals wonen, werken en mobiliteit, als relatief nieuwe thema’s, zoals ecologie, gezondheid en duurzaamheid in onderlinge samenhang te bekijken. De Omgevingsvisie dient daarmee als vertrekpunt om stap voor stap het huidige beleid indien nodig bij te stellen in thematische en gebiedsgerichte programma’s om zo de voor de gemeente Oss gestelde ambities te bereiken.
2.2
Proces Omgevingsvisie
De gemeente Oss heeft in het voortraject richting een omgevingsvisie een drietal gebiedsvisies geschreven: Stadjes en kernen, Buitengebied Oss en Stedelijk gebied Oss-Berghem. De gebiedsvisies zijn behandeld in de gemeenteraad en de gemeenteraad heeft ingestemd met de gebiedsvisies als bouwstenen voor de omgevingsvisie. De gebiedsvisies hebben ieder hun eigen consultatie- en participatietraject doorlopen. De gebiedsvisies zijn te zien als 'Hoofdlijnennotitie': keuzes die zijn gemaakt en die niet ter discussie staan. De gebiedsvisies zijn de bouwstenen voor de Omgevingsvisie. Voor het vervolgtraject richting Omgevingsvisie heeft de gemeente in verschillende blokken en onderdelen geschetst hoe zij tot een Omgevingsvisie wil komen. Op hoofdlijnen betreft het de volgende blokken:
5/13
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Tabel 1 Blokken Omgevingsvisie Fase
Periode
Beschrijving onderdelen
Blok 1
Kwartaal 1 t/m 4 2023
Verzamelen en verkennen Kiezen van beperkt aantal ambities Vertalen naar doelen Eindproduct en – doel (dec. ’23): Ambitienota en NRD bij de Raad
Blok 2
Kwartaal 1 2024
Oplossingen per onderwerp, uitwerken integrale alternatieven en uitwerken overige zaken
Blok 3
Kwartaal 2 2024
Alternatieven toetsen op doelbereik en effecten leefomgeving Kiezen/beschrijven voorkeursalternatief (=visie) Doel: eind Q2 omgevingsvisie en MER gereed
Op het moment van opstellen van de voorliggende NRD heeft de gemeente Oss blok 1 afgerond en is zij gestart met het bepalen van de koers en het maken van keuzes.
2.3
Inhoud Omgevingsvisie
De gemeente Oss heeft een drietal gebiedsvisies opgesteld (Buitengebied, Stedelijk gebied en Stadjes en Kernen). Deze gebiedsvisies vormen het fundament voor de omgevingsvisie. In de gebiedsvisies zijn de belangrijkste kwaliteiten en opgaven voor de verschillende gebieden genoemd en geagendeerd. De omgevingsvisie bouwt hierop voort, verbindt de visies en geeft een integraal beeld op de ontwikkeling van de totale gemeente. Keuzes maken en prioriteren staat daarbij centraal. De omgevingsvisie is een strategisch beleidsstuk voor de ruimtelijk-economische ontwikkeling van de gemeente Oss waarin de ambities (op hoofdlijnen) en bijbehorende doelstellingen terechtkomen met 2040 als stip op de horizon. De gemeente Oss wil een toekomstbestendige woon-, werk- en verblijfsgemeente blijven en werkt dat uit in vier ambities: 1. 2. 3.
De gemeente Oss gaat voor toekomstbestendige verstedelijking en vitale kernen De gemeente Oss heeft een gezonde, veilige en groene leefomgeving De gemeente Oss is energieneutraal, circulair en klimaatbestendig in 2050
4.
De gemeente Oss is ondernemend en uitnodigend
Deze vier ambities zijn vervolgens vertaald in dertien concrete doelen waar de gemeente zich samen met inwoners en partners sterk voor wil maken. De ambities en doelen zijn opgenomen in de Ambitienota omgevingsvisie Oss.
6/13
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
3 MER Omgevingsvisie gemeente Oss Dit hoofdstuk licht verder toe wat een MER inhoudt, hoe deze MER samenhangt met de Omgevingsvisie van de gemeente Oss en op welke manier er een wisselwerking optreedt tussen deze documenten.
3.1
Wat is een MER?
Een milieueffectrapportage (m.e.r.) brengt de milieueffecten van een plan of project in beeld. M.e.r. staat voor ‘milieueffectrapportage’ en is de procedure waarbinnen een MER wordt opgesteld. MER staat voor ‘milieueffectrapport’ en bevat de resultaten van het onderzoek naar de (milieu)effecten binnen een m.e.r. De toevoeging ‘Plan’ (PlanMER) wil zeggen dat het om een MER voor een strategisch beleidsplan gaat, zoals een Omgevingsvisie. In deze NRD hanteren we kortweg de term MER. Met milieueffectrapportage (m.e.r) krijgt het milieu een plaats in de besluitvorming over een plan of project, dit kan gaan om concrete projecten maar ook om plannen en visies zoals de Omgevingsvisie voor Oss. Het m.e.r helpt bij het proces van wikken en wegen van wat waar en hoeveel de ruimte krijgt binnen de Omgevingsvisie. Het eindproduct is het MER. Dit rapport gaat samen met de ontwerp Omgevingsvisie ter inzage.
3.2
Waarom een MER?
Een omgevingsvisie is – net als een programma - onder de Omgevingswet benoemd als planm.e.r.-plichtig. Een plan-m.e.r. is verplicht als een plan/programma kaderstellend is voor opvolgende m.e.r.-(beoordelings)plichtige besluiten of als een Passende beoordeling moet worden gemaakt op grond van de Wet natuurbescherming (artikel 16.36 lid 1 en 2 Omgevingswet). Zo’n beoordeling is nodig wanneer op voorhand niet kan worden uitgesloten dat ontwikkelingen zoals opgenomen in de Omgevingsvisie significante gevolgen hebben voor Natura 2000-gebieden. In de gemeente Oss zelf liggen geen Natura 2000-gebieden. Er ligt wel één gebied binnen 2 km van de gemeente Oss, namelijk Rijntakken in Gelderland; deelgebied Uiterwaarden Waal. Verder liggen in de omgeving van de gemeente meerdere Natura 2000gebieden binnen een afstand van 25 kilometer van de gemeentegrenzen: de afstand tot waar stikstofdepositie gemeten kan worden. In de Ambitienota omgevingsvisie Oss wordt een aantal ontwikkelingen genoemd dat mogelijk significante gevolgen kan hebben voor Natura 2000-gebieden en daarom is een Passende beoordeling nodig.
7/13
Kenmerk
3.3
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Een integrale benadering
Naast dat het MER stilstaat bij de thema’s uit de klassieke ruimtelijke ordening, zoals wonen, werken, groen en mobiliteit, besteedt het MER aandacht aan nieuwe thema’s onder de Omgevingswet. Voorbeelden hiervan zijn klimaatadaptatie, energietransitie, gezondheid en veiligheid. Hoewel in de Omgevingsvisie een integrale koers uitgezet wordt waarin al deze thema’s uit het fysieke domein meedoen en er gestreefd wordt naar samenhang in functies en ambities, kunnen bepaalde ambities ook strijdig zijn met elkaar. De m.e.r.-procedure onderzoekt deze onderlinge synergiën en strijdigheid tussen ambities en brengt deze in beeld. Door daarin diverse nieuwe thema’s mee te nemen ontstaat een vernieuwende aanpak met als uitgangspunt om niet enkel milieueffecten in beeld te brengen, maar de gehele fysieke leefomgeving integraal te benaderen. In lijn met deze aanpak kan het MER ook een Omgevingseffectrapportage (OER) genoemd worden.
3.4
Wisselwerking Omgevingsvisie en MER
Het MER wordt gelijktijdig en in samenhang met het opstellen van de Omgevingsvisie opgesteld. Het MER is daarbij het instrument om afgewogen keuzes te maken voor de Omgevingsvisie. Door het MER en de Omgevingsvisie in samenhang op te stellen kunnen gedurende het proces beide documenten elkaar aanvullen en versterken.
Figuur 2 Wisselwerking m.e.r.-procedure en Omgevingsvisie
4 Aanpak milieuonderzoek Dit hoofdstuk licht de diverse stappen toe dit in een m.e.r. worden genomen. Ook wordt het beoordelingskader waarbinnen de beoordeling van milieueffecten plaatsvindt beschreven. Verder wordt toegelicht wat de beoordelingssystematiek is: hoe wordt er beoordeeld?
4.1
Stappen MER
In deze paragraaf wordt de aanpak van het milieuonderzoek beschreven. Figuur 3 toont de zes stappen die gezet worden in het MER. De stappen worden een voor een kort toegelicht.
8/13
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Figuur 3 Stappen MER
4.1.1
Stap 1: In beeld brengen huidige situatie en autonome ontwikkeling
(referentiesituatie) De eerste stap is het in beeld brengen van de huidige situatie en de verwachte autonome ontwikkelingen (HSAO). Autonome ontwikkeling betekent de te verwachten voortgang van de huidige situatie zonder dat er nieuw beleid van kracht is, wat eindigt in een situatie zoals die in zichtjaar 2040 zou zijn, zonder de omgevingsvisie. Daarin worden alleen vastgestelde ruimtelijke plannen, vastgesteld beleid met een ruimtelijke component en (wetenschappelijke) trends, zoals klimaatverandering, meegenomen. De huidige situatie en autonome ontwikkeling samen wordt de referentiesituatie genoemd. In deze fase wordt het kwaliteitsniveau van de indicatoren van het beoordelingskader beschreven. Het kwaliteitsniveau wordt uitgedrukt in goed, redelijk of slecht. 4.1.2 Stap 2: Toetsen alternatieven Om uiteindelijk tot een Omgevingsvisie te komen stelt de gemeente aan het begin van het proces enkele onderscheidende alternatieven op. In de tweede stap van het MER worden deze verschillende alternatieven getoetst en op hoofdlijnen beoordeeld. Deze beoordeling vindt plaats aan de hand van de meest relevante en/of onderscheidende indicatoren van het beoordelingskader (4.3). De beoordelingen geven inzicht voor de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie en het maken van keuzes.
4.1.3 Stap 3: Uitvoeren effectbeoordeling en in beeld brengen doelbereik In stap 3 wordt de effectbeoordeling van de beleidskeuzes van de Omgevingsvisie uitgevoerd. Van de beleidskeuzes wordt dan beoordeeld wat de invloed is op de verschillende indicatoren. De beleidskeuzes worden getoetst aan de referentiesituatie. Dit brengt de effecten van de Omgevingsvisie in beeld. Daarnaast wordt het doelbereik in beeld gebracht. Dit is een toets om te beoordelen in hoeverre de vooraf gestelde ambities met de beleidskeuzes van de Omgevingsvisie worden gehaald. De effectbeoordeling en het doelbereik wordt bepaald op basis van een werkversie van de Omgevingsvisie. Dit kan aanleiding geven om negatieve effecten te voorkomen door aanpassing van de beleidskeuzes in de uiteindelijke Omgevingsvisie en ook om ambities in de Omgevingsvisie aan te scherpen en concreter te maken. Als significant negatieve effecten op Natura 2000 door de invulling van de omgevingsvisie niet zijn uit te sluiten, dan is een Passende Beoordeling op hoofdlijn nodig (zie paragraaf 3.2). Deze zal dan onderdeel zijn van het uitvoeren van de effectbeoordeling.
9/13
Kenmerk
4.1.4
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Stap 4: In beeld brengen synergie en strijdigheden
Een van de kernvragen binnen de m.e.r.-procedure is hoe de gemeente Oss de grote opgaves het beste kan invullen en prioriteren in de beperkte ruimte die er is. De gemeente heeft in een ambitienota beschreven dat de vier hoofdambities invloed op elkaar hebben en daarom integraal bezien moeten worden. Daarbij zijn vast een aantal kansen en dilemma’s in kaart gebracht. Kansen: • •
Ambitie 2 en 3: meer groene en blauwe structuren bieden niet alleen kansen voor gezondheid, maar ook om meer klimaatrobuust te worden Ambitie 1 en 4: we combineren functies en ontwikkelen levendige stedelijke gebieden
Dilemma’s: • Ambitie 1 en 3: verstedelijkingsopgave en mobiliteitstransitie verhogen de intensiteit van •
gebruik van het energienetwerk Ambitie 2 en 3: behoud en versterking van een gezond en veilig leefmilieu stelt hogere eisen aan de inrichting van de fysieke ruimte
Het MER brengt op strategisch niveau de kansen op synergiën en strijdigheden tussen de verschillende gestelde ambities verder in beeld. 4.1.5 Stap 5: Beschrijven aanbevelingen en mitigerende maatregelen Aan de hand van de effectbeoordeling en de in beeld gebrachte synergiën en strijdigheden worden aanbevelingen en mogelijke mitigerende maatregelen beschreven waarmee problemen of knelpunten verminderd of weggenomen kunnen worden. Indien uit de beoordeling blijkt dat er geen verschil is of juist een verbetering optreedt dan wordt aangegeven hoe (positieve) effecten versterkt kunnen worden. De aanbevelingen kunnen het startpunt vormen voor verdere uitwerking van het beleid in omgevingsprogramma's. 4.1.6
Stap 6: Beschrijven aanzet monitoringsprogramma
Het is nodig om het kwaliteitsniveau van de fysieke leefomgeving op gezette tijden en geordend bij te houden. In het MER volgt daarom ook een eerste aanzet van een systeem voor monitoring en evaluatie. Een dergelijk systeem is nodig om te kunnen bepalen of gewenste doelen en voorspelde effecten ook daadwerkelijk uitkomen. Als dit niet het geval is, kan worden bijgestuurd door maatregelen in te zetten of door het beleid aan te passen. Het ontwikkelen van dit systeem begint al bij de beschrijving van de referentiesituatie waarbij is nagedacht over hoe de verschillende ambities en effecten gemeten en getoetst kunnen worden. Door de monitoring blijft het MER actueel. Bij wijzigingen in het beleid kijkt de gemeente of de uitgangspunten overeenkomen met wat in het MER staat. Wanneer er kleine wijzigingen in het plan en of de referentiesituatie zijn, is een inhoudelijke wijziging in het MER een logische keuze. Aan het einde van het proces wordt bekeken of een aanvullende beoordeling nodig is. Er wordt dan gekeken of de wijzigingen leiden tot andere of meer nadelige milieugevolgen, dan wel andere keuzes, spelregels of maatregelen. Een volledig nieuwe m.e.r.-procedure is alleen aan de orde als het plan zo wezenlijk wijzigt dat er eigenlijk sprake is van een nieuwe visie met andere milieueffecten.
10/13
Kenmerk
4.2
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Alternatieven
Zoals beschreven onder stap twee in paragraaf 4.2 toetst het MER verschillende onderscheidende alternatieven. Deze alternatieven worden opgesteld en getoetst om de uiteindelijke koers van de Omgevingsvisie te bepalen en daarbij milieugevolgen mee te wegen.
4.3
Beoordelingskader MER Omgevingsvisie gemeente Oss
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de onderzoeksthema’s die in het MER aan bod komen en de indicatoren waar per thema naar wordt gekeken. Tabel 2 Thema
Criteria
Beoordeling
Bodem
Gebruik ondergrond
Intensiviteit gebruik ondergrond
Aardkundige waarden
Aantasting aardkundige waarden
Bodemdaling
Mate waarin bodemdaling als gevolg van menselijk handelen in de toekomst wordt voorkomen
Water
Drinkwaterwinning
Risico’s voor grondwaterwingebieden
Waterkwaliteit
Mate van bescherming/realiseren van een goede waterkwaliteit (grond- en oppervlaktewater)
Wateroverlast
Mate waarin een toename van wateroverlast als gevolg van klimaatverandering in de toekomst wordt voorkomen
Overstroming
Mate waarin rekening wordt gehouden met de overstromingsgevoeligheid van gebieden bij de toewijzing van functies
Natuur
Droogte
Droogterisico
Natura 2000-gebieden
Staat van instandhouding van Natura 2000-gebieden (incl. stikstofdepositie)
NNN-gebieden
Staat van instandhouding soorten en habitattypen in NNBgebieden (ook NNO, NNB, EVZ)
Landschap en
Hemelhelderheid
Lichtvervuiling
Weidevogels
Omvang en kwaliteit leefgebied
Landschappelijke waarden
Kwaliteit landschappelijke waarden
Cultuurhistorische waarden
Kwaliteit cultuurhistorische waarden
cultuurhistorie •
Historische (steden)bouwkunde (waaronder Rijksmonumenten, Provinciale monumenten, Gemeentelijke monumenten)
•
Historische geografie (Beschermde stads- en dorpsgezichten; waardevolle cultuurhistorische gebieden en elementen)
Archeologische waarden
Risico op aantasting archeologische waarden
11/13
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
Leefomgeving
Luchtkwaliteit
Plaatselijke luchtkwaliteit
Geluid
Verkeerslawaai Industrielawaai
Externe veiligheid
Groepsrisico Plaatsgebonden risico
Hitte
Mate waarin een toename van de gevoelstemperatuur als gevolg van klimaatverandering in de toekomst wordt voorkomen
Energietransitie
Gezondheid
Mate waarin de omgeving uitnodigt tot bewegen/sporten/spelen
Hernieuwbare energie
Aandeel hernieuwbare energie (met nadere uitsplitsing: zon, wind, warmte (geothermie, aquathermie), kernenergie)
Mobiliteit
Energieverbruik
Energiebesparing
Verkeersveiligheid
Aantal verkeersongevallen
Modal split
Aandeel duurzame mobiliteit (OV, deelmobiliteit en fiets)
Bereikbaarheid
Knelpunten wegverkeer Knelpunten treinverkeer
Wonen en
Woningvoorraad
voorzieningen
Passende woningvoorraad (a.d.h.v. woonbehoefte, bijvoorbeeld door vergrijzing)
Beschikbaarheid van sociale
Afstand tot basisvoorzieningen (huisarts, apotheek, supermarkt,
voorzieningen
scholen en dorps- en wijkhuizen en multifunctionele accommodaties (MFA’s))
Vestigingsklimaat
Bedrijvigheid
Beschikbaarheid van bedrijventerreinen voor uitbreiding van bestaande bedrijven en vestiging van nieuwe bedrijven
Circulariteit
Circulaire aanpak
Mate waarin bijgedragen wordt aan het realiseren van de landelijke doelen voor circulariteit
4.4
Beoordelingssystematiek
In het MER worden de effecten van het beleid uit de Omgevingsvisie in beeld gebracht ten opzichte van de referentiesituatie (HSAO). De effecten worden op een driepuntschaal beoordeeld (tabel 3). Tabel 3 Beoordelingssystematiek Beoordeling
Toelichting
Positieve invloed
Er treedt mogelijk een verbetering op ten opzichte van de referentiesituatie als gevolg van het beleid in de Omgevingsvisie.
Beperkte invloed
Er treedt geen tot zeer beperkt effect op ten opzichte van de referentiesituatie (HSAO) als gevolg van het beleid in de Omgevingsvisie
Negatief effect
Er treedt mogelijk een verslechtering op ten opzichte van de referentiesituatie als gevolg van het beleid in de Omgevingsvisie
12/13
Kenmerk
R002-1290110NDF-V01-agv-NL
5 Vervolgstappen In dit hoofdstuk wordt het vervolg van het proces beschreven.
5.1
Kennisgeving en raadpleging
Het is belangrijk dat iedereen mee kan denken over de manier waarop de gemeente Oss het m.e.r.-traject gaat inrichten. De procedure start daarom met de openbare kennisgeving van het voornemen om een MER op te stellen en de publicatie van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Deze NRD ligt zes weken ter inzage. Het stuk is dan op het gemeentehuis in te zien, en digitaal via de gemeentewebsite. Tijdens deze periode kan iedereen reageren op de aanpak van de milieueffectrapportage voor de Omgevingsvisie zoals beschreven in deze NRD. Reacties kunnen in de vorm van zienswijzen via e-mail of via post bij de gemeente ingediend worden. De reacties worden gebruikt bij de verdere uitwerking van de milieueffectrapportage.
5.2
Opstellen MER en Nota van beantwoording
De reacties worden van antwoord voorzien in de Nota van beantwoording NRD en de uitkomsten worden betrokken in het op te stellen MER. Dit vindt gelijktijdig plaats met het opstellen van de ontwerp-Omgevingsvisie.
5.3
Terinzagelegging MER
De procedure van het MER is gekoppeld aan de Omgevingsvisie. Dit houdt in dat de ontwerpOmgevingsvisie en het MER gelijktijdig zes weken ter inzage worden gelegd. Het MER wordt als bijlage bij de ontwerp-Omgevingsvisie ter inzage gelegd. Opnieuw worden de relevante bestuursorganen geraadpleegd en mag eenieder een zienswijze indienen op het MER en op de ontwerp-Omgevingsvisie. Parallel aan de terinzagelegging en besluitvorming toetst de Commissie voor de m.e.r1 de kwaliteit van het MER en beoordeelt de Commissie of de juiste (milieu)informatie aanwezig is om een besluit over de Omgevingsvisie te kunnen nemen.
5.4
Besluit en vervolg
De Omgevingsvisie wordt vastgesteld door de gemeenteraad. De gemeente motiveert in de uiteindelijke Omgevingsvisie hoe met de uitkomsten van het MER en de inspraakreacties is omgegaan.
1
De Commissie voor de m.e.r. is een onafhankelijke organisatie die adviseert over de inhoud en kwaliteit van milieueffectrapporten. 13/13