Nota vooroverleg Uiterwaarden Demen Dieden.DOC
Tekst van het document
Nota van vooroverleg voorontwerpbestemmingsplan ‘Herinrichting uiterwaarden Demen-Dieden - 2020’ I. INLEIDING Deze nota bevat de volgende onderdelen: een beschrijving van de gevolgde procedure een samenvatting van de ‘vooroverlegreacties’ en inspraakreacties op het voorontwerpbestemmingsplan ons besluit over de vooroverleg- en inspraakreacties een beschrijving van de gevolgen van ons besluit voor de inhoud van het ontwerpbestemmingsplan een toelichting op ons besluit Deze nota hoort bij het ontwerpbestemmingsplan als onderdeel van de toelichting. Volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) mogen wij naw-gegevens (naam, adres en woonplaats) en enkele andere persoonsgegevens niet aanbieden. Een uitzondering geldt voor gegevens van ondernemingen die behoren tot een rechtspersoon (zoals een B.V. of een v.o.f.) personen die beroepsmatig betrokken zijn bij de procedure, bijvoorbeeld advocaten en gemachtigden Als het voor de uitoefening van een publieke taak moet, mogen wij persoonsgegevens wel digitaal aanbieden. Wij bieden deze nota digitaal aan. Daarom noemen wij geen namen van natuurlijke personen in de reacties. II.
VOOROVERLEGPROCEDURE Wij hebben het voorontwerpbestemmingsplan voor overleg aangeboden aan de volgende instanties: Rijkswaterstaat Zuid Nederland Provincie Noord-Brabant, directie Ruimtelijke Ontwikkeling en Handhaving Waterschap Aa en Maas Artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening schrijft dit voor. III. REACTIES Wij vinden alle reacties ontvankelijk. ‘Ontvankelijk’ betekent dat de indieners aan alle eisen hebben voldaan om een reactie in te dienen. Op reacties die niet ontvankelijk zijn, hoeven wij niet inhoudelijk in te gaan. Hieronder vatten wij alle ontvankelijke reacties samen. Daarna volgen ons besluit en een toelichting daarop. Het kan zijn dat wij een deel van een reactie niet of niet helemaal beschrijven. Dan hebben wij bij de beoordeling toch rekening gehouden met dat deel. Als wij vinden dat de indiener van een (ontvankelijke) reactie gelijk heeft, verklaren wij de reactie gegrond. Als wij vinden dat de indiener geen gelijk heeft, verklaren wij de reactie ongegrond. Wij kunnen een reactie ook gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond verklaren. Burgemeester en wethouders van Oss
Pagina 1 van 6
IV. OVERLEGREACTIES Overlegreactie 1: Waterschap Aa en Maas Samenvatting overlegreactie Het waterschap verzoekt het voorontwerp bestemmingsplan op een aantal punten aan te vullen: a. In de waterparagraaf in te gaan op een aantal waterhuishoudkundige aspecten waarop de beoogde ontwikkeling invloed zou kunnen hebben. Deze zijn nu onbenoemd gebleven, maar zijn van belang om te signaleren. Het gaat daarbij om de onderwerpen ‘beschermde gebieden waterhuishouding’ uit de Keur, de primaire waterkering met beschermingszones, het rivierbed en de Ecologische Verbindingszones. b. In de verbeelding, daar waar dat nodig, de bestemming ‘Waterstaat – Waterkering’ op te nemen. c. Ook lijkt alleen de beschermingszone A van de primaire waterkering te zijn opgenomen in de verbeelding, maar niet beschermingszone B. Het is van belang dat deze beide beschermingszones dienen te worden opgenomen in de verbeelding. Besluit Wij vinden de overlegreactie gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond. Wijzigingen in het ontwerpbestemmingsplan - Aanvullen van de toelichting met relevante onderdelen waterhuishouding. - Op de verbeelding wijzigen van de aanduiding ‘vrijwaringszone-dijk’. Toelichting van burgemeester en wethouders a. Een aantal voor het waterschap relevante onderwerpen worden nu niet in de toelichting van het bestemmingsplan benoemd.
Om een helder beeld te hebben van de belangen die in het projectgebied aanwezig zijn, is het goed om deze onderwerpen wel te benoemen. Dit geeft duidelijkheid aan alle partijen. We vullen de toelichting op dit onderdeel aan. b. De grens van het plangebied ligt gelijk met de grens van de bestemming Waterstaat – Waterkering en de gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – dijk’. Dit betekent dat de bestemming ‘Waterstaat – Waterkering’ niet in het plangebied voorkomt. De verbeelding behoeft hierop geen aanpassing. c. Met de gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – dijk’ wordt de beschermingszone van de waterkering planologisch geregeld. Wij constateren dat in het voorontwerp van het bestemmingsplan alleen de beschermingszone A binnen de ‘vrijwaringszone – dijk’ valt. Met de aanpassing van de legger van het waterschap is een bredere beschermingszone (A+B) vastgelegd. Wij zullen de verbeelding aanpassen door de volledige beschermingszone in de verbeelding op te nemen.
Pagina 2 van 6
Overlegreactie 2: Provincie Noord-Brabant Samenvatting overlegreactie De provincie laat weten dat zij staan positief tegen de voorgenomen ontwikkeling. Maar op onderstaande onderdelen is het provinciaal beleid nog op onvoldoende wijze in het bestemmingsplan vertaald. a. In december 2018 heeft Provinciale Staten de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld. Recent heeft de Interprovinciale Structuurvisie Meanderende Maas ter visie gelegen. De provincie dringt er op aan in het ontwerpbestemmingsplan nader in te gaan hoe dit plan zicht verhoudt tot beide visies. b. Voor het aspect archeologie spelen diverse zaken in het plangebied en in het proces. Verzocht wordt het aspect archeologie uitgebreider te omschreven in het ontwerpbestemmingsplan. c. In het bestemmingsplan is het aspect aardkundige waarden nog onvoldoende gemotiveerd. Er vindt vergraving plaats ten behoeve van natuurontwikkeling binnen een aardkundig waardevol gebied. In de toelichting ontbreekt hoe de afweging ten aanzien van deze waarden is gemaakt. Een natuurontwikkeling is al snel een tegengesteld belang van aardkundige waarden; maar de provincie dringt er op aan deze zorgvuldig in te passen (artikel 3.28 IOV). d. Binnen het plangebied liggen twee Ecologische verbindingszones (EVZ’s). De EVZ’s worden volledig overgenomen door het Natuur Netwerk Brabant (NNB).
Om deze reden is er geen toegevoegde waarde (meer) voor EVZ aanduidingen. De provincie adviseert de EVZ niet als zodanig te laten bestemmen. e. Het plangebied is volgens de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) gelegen in het cultuurhistorisch vlak De Diedensche Uiterdijk. Dit bestemmingsplan maakt verschillende ontwikkelingen mogelijk waarbij ons opvalt dat niet altijd het belang van de cultuurhistorische waarden voldoende zijn afgewogen. Het gebied ten westen van de Veerweg is gelegen in het cultuurhistorisch vlak. Hier is nog onvoldoende rekening gehouden met de historisch loop van de Maas van voor de 'Maasverbetering' uit 1937. Daarnaast vraagt de provincie aandacht voor de locatie tegenover het voormalige kasteel van Dieden. Waar tenminste 200 jaar buitendijkse landbouwgronden lagen, zijn er nu ontwikkelingen ten behoeve van natuur en water voorzien. Hierdoor wordt de contextwaarde van het kasteel voor een deel weggenomen. Geadviseerd wordt dan ook om door middel van beplanting de historische perceleringstructuren te benadrukken. De provincie dringt er op aan het onderdeel cultuurhistorie, en de gemaakt keuzes, nader te onderbouwen. Besluit Wij vinden de overlegreactie gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond.
Wijzigingen in het ontwerpbestemmingsplan - De toelichting wordt aangevuld met nadere onderbouwingen van de aspecten genoemd onder reacties a, b en c. Toelichting van burgemeester en wethouders a. Zowel de Brabantse Omgevingsvisie als de Interprovinciale Structuurvisie Meanderende Maas zijn relevant voor ontwikkelingen in het (Brabantse) Maasgebied. Het plangebied maakt onderdeel uit van het Maasgebied en is één van de locaties binnen Meanderende Maas waar ontwikkeling plaatsvindt. In de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan zullen we nader ingaan op hoe dit plan zicht verhoudt tot beide visies. b. Archeologie speelt een voorname rol in het gebied. Daar wijzen andere vondsten wel op. De rijke vondstgeschiedenis van Lith-Kessel en recentere vondsten van meer dan tien scheepswrakken uit de Romeinse tijd tot en met de Late Middeleeuwen, aan de overzijde van de Maas bij Dreumel en Alphen. Voor het bestemmingsplan en de vergunningverlening moeten de waarden en overwegingen helder zijn om tot een goed besluit te komen hoe met de archeologische waarden in het projectgebied om te gaan. Er zijn al diverse onderzoeken uitgevoerd en vervolg onderzoek en monitoring is nodig. We onderschrijven het verzoek om in de
Pagina 3 van 6
toelichting van het bestemmingsplan uitgebreider en in volledigheid in te gaan op het aspect archeologie. De toelichting passen we aan. c. Het plangebied ligt deels binnen het aardkundig waardevol gebied Diedensche Uiterdijk. Dit wordt ook in de toelichting van het bestemmingsplan vermeld. Ook zijn benoemd welke aardkundige waarden het betreft. We kunnen ons vinden in de reactie dat een nadere afweging van de natuurontwikkeling in relatie tot de aardkundige waarden beschreven moet worden. We passen dit in de toelichting aan. d. Wij nemen de reactie over het vervallen van de EVZ binnen de NNB voor kennisgeving aan. Overigens zijn er in het voorliggende bestemmingsplan geen specifieke bestemmingen of aanduidingen opgenomen voor de EVZ. e. Een gedeelte van het plangebied ligt in een omvangrijk vlak met de aanduiding ‘cultuurhistorisch waardevol’. We hebben dit in de toelichting van het bestemmingsplan ook benoemd. Bij de planvorming van het project bij Demen en Dieden zijn de cultuurhistorische karakteristieken en kenmerken van het gebied meegewogen bij het ontwerpen. Daarbij zijn afwegingen gemaakt die balanceren tussen de diverse belangen en waarden die ter plaatse spelen. Het verzoek van de provincie om de keuzes beter te onderbouwen honoreren we. We vullen de toelichting van het bestemmingsplan hierop aan.
Pagina 4 van 6
Overlegreactie 3: Rijkswaterstaat Samenvatting overlegreactie Rijkswaterstaat laat weten geen opmerkingen te hebben op het bestemmingsplan. Besluit Wij nemen de vooroverlegreactie ter kennisgeving aan. Wijzigingen in het ontwerpbestemmingsplan Geen. Toelichting van burgemeester en wethouders Wij nemen de vooroverlegreactie ter kennisgeving aan.
Pagina 5 van 6
V. AMBTSHALVE AANPASSINGEN Hiervóór hebben wij bij de behandeling van vooroverlegreacties al wijzigingen (al dan niet ambtshalve) ten opzichte van het voorontwerp bestemmingsplan benoemd. Het bestemmingsplan bevat ten opzichte van het voorontwerp bestemmingsplan geen ambtshalve wijzigingen.
Pagina 6 van 6