Memo Vragen initiatiefverzoek CDA Wijziging APV
Tekst van het document
Interne memo
Aan
Gemeenteraad
Betreft
Technische raadsvragen Initiatiefverzoek CDA wijziging APV
Van
Afdeling VTH
Datum
18 februari 2026
Inleiding Deze memo bevat de antwoorden op de aanvullende technische vragen die door de Raad zijn gesteld naar aanleiding van het initiatiefvoorstel van het CDA om de APV te wijzigen. Het initiatiefvoorstel is geagendeerd voor de commissievergadering 26 feb aanstaande. De vragen en beantwoording zijn als volgt: 1. Wat houdt de voorgestelde aanpassing van de APV precies in? Het initiatiefvoorstel van het CDA is een wijziging van de APV voor wat betreft afdeling 8A “regulering para commerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet” Het houdt in dat er een lid bijkomt bij art 23.B en art 23.C. Dat extra lid zorgt ervoor dat de burgemeester een beleidsregel kan gaan opstellen. In die beleidsregel kan beschreven worden dat en onder welke voorwaarden het verbod wat nu geldt niet van toepassing is. Het verbod is dat er geen activiteiten van persoonlijke aard bij paracommerciële instelling mag plaatsvinden. De huidige APV van Oss vereist voor dergelijke bijeenkomsten altijd een ontheffing. Deze ontheffingsplicht is een lokale beleidskeuze binnen de wettelijke ruimte van de Alcoholwet. Op dit moment geldt in Oss:
Paracommerciële instellingen mogen activiteiten organiseren binnen hun statutaire doelstelling.
Voor bijeenkomsten van persoonlijke aard is altijd een ontheffing vereist op basis van de APV.
Deze verplichting komt niet rechtstreeks uit de Alcoholwet; de Alcoholwet verplicht gemeenten alleen om regels op te stellen ter voorkoming van oneerlijke mededinging. De bevoegdheid om regels te stellen voor paracommercie volgt uit artikel 4 van de Alcoholwet. Dit artikel verplicht gemeenten om regels vast te stellen ter voorkoming van oneerlijke mededinging tussen paracommerciële instellingen en commerciële horecabedrijven. De Alcoholwet schrijft echter niet voor welke vorm die gemeentelijke regels moeten hebben. Hierdoor beschikt de gemeenteraad over een ruime discretionaire bevoegdheid om deze regels lokaal in te vullen. 1
Interne memo
De bevoegdheid om de APV vast te stellen volgt uit artikel 149 Gemeentewet, waarin is bepaald dat de raad verordeningen kan maken die hij in het belang van de gemeente nodig acht. De raad kan in de APV voorwaarden of beperkingen opnemen voor het schenken van alcohol of het organiseren van bijeenkomsten door paracommerciële instellingen, zolang deze verenigbaar zijn met hogere regelgeving (Alcoholwet) en algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
De keuze om een ontheffingsmogelijkheid te gebruiken is daarmee een lokale uitwerking van deze landelijke opdracht.
Meldingen voor afwijkende schenktijden of incidentele festiviteiten hebben uitsluitend betrekking op normen (bijv. geluid, tijden) en geven geen toestemming voor de activiteit zelf.
Daarnaast vormt het Omgevingsplan (voorheen bestemmingsplan) het juridisch kader voor het ruimtelijke gebruik van locaties. Zelfs wanneer de APV zou worden verruimd, blijft het Omgevingsplan bepalend voor de vraag of evenementen van persoonlijke aard op een locatie ruimtelijk zijn toegestaan.
2. Hoe worden beleidsregels opgesteld en hoe worden stakeholders betrokken? Als de raad volgens het initiatiefvoorstel de APV wijzigt, is verdere uitwerking via beleidsregels mogelijk. De burgemeester is hiervoor bevoegd. Beleidsregels moeten zorgen voor een consistente, transparante en toetsbare uitvoering. Die beleidsregels bepalen in welke situaties verruiming mogelijk is, onder welke voorwaarden, en hoe dit handhaafbaar blijft. Het proces ziet er als volgt uit: 1.
Stakeholderraadpleging Op grond van het zorgvuldigheidsbeginsel moet het bestuur relevante belangen in kaart brengen. Daarom worden geraadpleegd:
Betrokken partijen worden geraadpleegd over hun belangen, zorgen en mogelijkheden:
2.
paracommerciële instellingen
commerciële horeca (KHN)
politie/OOV (veiligheid, toezicht)
omwonenden (leefbaarheid)
gezondheidsdiensten waar relevant (alcoholpreventie; lokale normen)
Interne uitwerking De input wordt verwerkt tot een concept‑beleidsregel. Dit concept wordt in dit geval getoetst aan de verplichtingen uit:
de Alcoholwet, artikel 4(oneerlijke mededinging voorkomen)
de APV
2
Interne memo
3.
het Omgevingsplan
het preventie‑ en handhavingsplan alcohol en drugs
Bestuurlijke vaststelling De burgemeester stelt de beleidsregels vast.
4.
Informatievoorziening aan de raad De raad ontvangt de beleidsregels ter kennisname op grond van de controlerende bevoegdheid
3.
Wat is de rol en positie van de raad in dit proces?
De raad besluit over wijziging van de APV
De beleidsregels over dit onderwerp worden vastgesteld de burgemeester.
De raad ontvangt de beleidsregels ter kennisname en houdt via de controlerende bevoegdheid toezicht op de uitvoering
De raad kan daarnaast via debat, moties of richtinggevende opmerkingen invloed uitoefenen op de gewenste koers.
4. Wat zijn de consequenties als er onder stakeholders onvoldoende draagvlak is? Een verruiming van mogelijkheden voor bijeenkomsten van persoonlijke aard raakt diverse belangen. Bij onvoldoende draagvlak of tegenstrijdige belangen kunnen de volgende problemen ontstaan: 1.
Juridische risico’s: Te ruime verruiming kan leiden tot bezwaarprocedures vanuit de commerciële horeca op grond van mogelijke oneerlijke mededinging.
2.
Handhavings- en uitvoeringsproblemen: Onvoldoende duidelijke voorwaarden kunnen leiden tot niet‑handhaafbare normen. Zonder duidelijke voorwaarden ontstaan risico’s op knelpunten rond geluid, veiligheid, toezicht en leefbaarheid.
3.
Beperki ng van beleidsruimte: Wanneer belangen van paracommercie, commerciële horeca, politie/OOV, gezondheidsinstellingen of omwonenden moeilijk te combineren zijn, moet de verruiming
mogelijk worden beperkt, van voorwaarden worden voorzien of in uiterste gevallen zelfs worden heroverwogen. Praktijkduiding In de afgelopen periode hebben de volgende paracommerciële instellingen een melding of ontheffing aangevraagd voor een feestactiviteit: •
RKSV Margriet 3
Interne memo
•
Supportersvereniging Berghem Sport
•
Stichting Supportershome TOP Oss
•
Stichting Huis voor Overlangel
De ingediende meldingen en ontheffingen betreffen tijdelijke en per activiteit gebonden toestemmingen. Structurele of doorlopende toestemmingen zijn op grond van de huidige APV en Alcoholwet niet toegestaan, omdat zij de mededingingspositie van de commerciële horeca kunnen beïnvloeden (art. 4 Alcoholwet). Het aantal instellingen dat van deze mogelijkheid gebruikmaakt is beperkt, wat duidt op een relatief kleine uitvoeringslast én beperkte praktijkvraag binnen het huidige juridisch kader.
4