Financiele participatie bij grootschalige energie-opwekkingsprojecten Opinienota 261021 (PowerPoint).PPT
Tekst van het document
Financiële participatie in Oss bij grootschalige energieopwekkingsprojecten Osse afwegingskader Opinienota dd 26 oktober 2021 1
Doelstelling van financiële participatie De gemeenschap Draagvlak en mee laten gemeenschapszin profiteren van versterken lokaal opgewekte energie
Meer snelheid maken met de transitie.
Opvallend is : Voor projecten mbt wind- en in mindere mate zonne-energie wordt financiële participatie van de omgeving gebruikelijk geacht. Dit in tegenstelling tot andere infrastructurele trajecten waar mn naar de opbrengst voor de samenleving als geheel wordt gekeken.
2
Wat bepaalt de maatschappelijke acceptatie voor grootschalige energie-opwekking? Voedingsbodem
- Algemene context - Individuele voedingsbodem - Aard, opstelling en exposure van stakeholders - Kracht van de organisatie van de weerstand
Beleving van het proces
- Feitelijke invulling - Zorgvuldigheid van keuzes cq. besluitvorming - Zorgvuldigheid in het omgaan met nadelige gevolgen die men ervaart en voelt - Verdeling van lusten en lasten - Nakoming van afspraken, ook in de exploitatiefase
NB Feiten, visies, meningen lopen hierbij door elkaar. De ervaring leert dat belanghebbenden hieruit shoppen en dit gebruiken in hun opstelling. 3
Leidende beginselen voor financiële participatie 1. Financiële participatie is maatwerk dat moet passen binnen het gemeentelijk afwegingskader 2. Het gaat om het vinden van het juiste evenwicht per project in de belangen van de energie-transitie, van de initiatiefnemer en van de lokale gemeenschap. 3. De Osse ladder van participatie geeft een rangorde aan van het gewicht dat wij aan de diverse vormen van financiële participatie toekennen 4. Afdwingen kan alleen als daarvoor een publiek- of privaatrechtelijke grondslag bestaat 5. Daarbuiten kunnen wij afspraken maken met initiatiefnemers 6. Daarbij moeten wij waken voor misbruik van bevoegdheid 7. Financiële participatie is onderdeel van projectparticipatie en daarmee mede de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer. 8. In elk project dat wij aan de Raad voorleggen, zullen wij dit onderwerp adresseren en om een richtinggevende uitspraak vragen 4
1. Maatwerk en 2 Het juiste evenwicht per project Doelstellingen Direct belanghebbenden
Energieopgave gemeente
Succesvol project
Draagvlak
Gemeente
Ontwikkelaars
Geen project is hetzelfde
Samenleving
5
Evenwicht tussen lusten en lasten
Lasten Zo min mogelijk individuele hinder en overlast
Proces Zo zorgvuldig mogelijk proces
Lusten Zo goed mogelijke individuele compensatie Zoveel mogelijk inkomsten voor de gemeenschap
Zo goed mogelijke ruimtelijke inpassing
Zoveel mogelijk gevoel van eigen energiebron Tijdelijke vergunning
Zoveel mogelijk recyclebaar
Belanghebbenden zo goed mogelijk betrokken in proces : voor en tijdens Open communicatie naar buiten
Zoveel mogelijk eigen inwoners eerst
Zoveel mogelijk locale werkgelegenheid 6
3. De Osse ladder van participatie geeft een rangorde aan van het gewicht dat wij aan de diverse vormen van financiële participatie toekennen
7
Vormen van financiële participatie
Individuele Compensatie
Wettelijke planschade
Collectieve voordelen
Compensatie in natura vb natuur/landschap Omgevingsfonds = tbv omwonenden Duurzaamheidsfonds = tbv gemeenschap
Vrijwillige tegemoetkoming
Beleggingsmogelijkheid
Mogelijkheid van meedelen in de winst
Afnemen van “eigen energie”
Eigenaarschap
Zeggenschap Gevoel van eigen locale energielevering
Gevoel van “de installatie is van ons”
Locaal ondernemerschap /werkgelegenheid 8
Osse ladder van financiële participatie Deze geeft een rangorde aan van het gewicht dat wij aan de diverse vormen van financiële participatie toekennen.
Eigenaarschap Financiële deelneming Duurzaamheidsfonds Omgevingsfonds Overlastcompensatie Planschade
9
Hoe te realiseren : leidende beginselen 4,5,6 ? 4. Afdwingen kan alleen als daarvoor een publiek- of privaatrechtelijke grondslag bestaat 5. Daarbuiten kunnen wij afspraken maken met initiatiefnemers 6. Daarbij moeten wij waken voor misbruik van bevoegdheid
10
Verschillen al naar gelang wie de ontwikkelende partij is Eigenaar van de grond
Ontwikkelaar
Gemeente
Gemeente
Andere overheid
Andere overheid
Privaat
Energiecoöperatie
Meerdere partijen
Privaat
Naarmate de gemeente zwaarder is betrokken , kan zij meer eisen stellen
11
Wat moet = minimumnorm
12
7. Procesverantwoordelijkheid voor financiële participatie 1. De invloed van de gemeente is afhankelijk van o.m. wetgeving; eigen grondposities; rol in ontwikkeling; bereidheid van initiatiefnemers 2. Financiële participatie is onderdeel van projectparticipatie en daarmee mede de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer. Algemene afspraken:
• Initiatiefnemer neemt de geldende regelgeving mbt financiële participatie in acht en houdt zich aan de van toepassing zijnde gedragscodes en het afwegingskader van de gemeente. • Initiatiefnemer stelt een participatie-, profijtplan op en gaat de inspanningsverplichting aan om samen met de omgeving te onderzoeken welke extra mogelijkheden er zijn om te komen tot een acceptabele verdeling van de lusten en de lasten (al dan niet in coöperatieve vorm) vanaf het begin van de projectontwikkeling tot en met de exploitatie. • Het profijtplan bevat naast actieve participatiemogelijkheden (mede-eigenaarschap) ook passieve participatiemogelijkheden in de vorm van afdrachten aan een omwonendenregeling, een gebieds-, of omgevingsfonds, een klimaat-, of duurzaamheidsfonds en/of korting op de energieprijs Op grond van de toepasselijk gedragscodes liggen de volgende minimum afdrachten aan een of meerdere fondsen vast. • Deze afspraken maken onderdeel uit van de vergunningverlening en daarmee van de goedkeuring door de gemeenteraad. 13
Wat is actueel? • Afspraken uit het Klimaatakkoord : p 216 – 219 • Rijksbeleid • Provinciaal beleid • RES : Bijlage 5 RES NOB 1.0. Handreiking 50 % Lokaal eigendom • Gedragscodes NWEA voor wind en Holland Solar voor zon -------------------------------------------------------• Voorbeelden in specifieke projecten; soms zijn deze toonzettend • Osse projecten : • Windpark E/dG : Raadsbesluit dd xx • Nota Grootschalige opwekking van zonne-energie • Zonneveld Munlaan : Raadsbesluit dd xx • Duurzame Polder : volgt later. • Initiatiefnemers hebben zich hierover al uitgelaten, ook in Raadsvergaderingen
NB Dit is een veranderend onderwerp in een bewegend veld 14
Streefdoel Klimaatakkoord In het Klimaatakkoord is afgesproken dat er sprake moet zijn van “een evenwichtige eigendomsverdeling in een gebied waarbij gestreefd wordt naar 50 % eigendom van de productie van de lokale omgeving (burgers en bedrijven)." Investeren in een zon –en/of windproject is ondernemerschap. Dat vergt ook mee-investeren en risico lopen. Het streven voor de eigendomsverhouding is een algemeen streven voor 2030. Er is lokaal ruimte om hier vanwege lokale project-gerelateerde redenen van af te wijken.
15
Het Rijk over financiële participatie (1) • Algemeen: financiële participatie is maatwerk, geen generieke regels maar alleen ondersteuning • motie Dik-Faber/Sienot van 13 oktober 2020 (Kamerstuk 32 813, nr. 592): in de uitwerking van de concept-RES’en het streven naar 50% lokaal eigendom van hernieuwbare energie concreet invullen door energiecoöperaties te ondersteunen in de ontwikkeling en professionalisering, voorbeelden te delen en de energie bij de talloze burgerinitiatieven te benutten. • Rijk: We gaan zorgen voor ondersteuning bij het opzetten van energie coöperaties -> Ontwikkelfonds voor energiecoöperaties (ministerie €10 miljoen bijdrage) voorfinanciering van aanloopkosten voor coöperatieve duurzame energieprojecten op land. Voorbeelden delen via www.energieparticipatie.nl. • motie Van Gerven (Kamerstuk 34 682, nr. 60): minister BZK onderzoekt hoe publieke en collectieve lokale initiatieven, waaronder energiecoöperaties, in de energietransitie een grotere kans kunnen krijgen (initiatieven wind en zon op land is EZK nauw bij betrokken). 16
Het Rijk over financiële participatie (2) • motie Bruins c.s. van 6 november 2020 (Kamerstuk 35 570 XIII, nr. 49): actievere ondersteuning voor decentrale overheden bij borgen van financiële participatie bij hernieuwbare-energieprojecten, bijv. best practices en standaarden. Verzoekt de regering te bezien of aanvullend juridisch instrumentarium nodig is om financiële participatie te borgen. • Rijk: financiële participatie is middel om tot een eerlijke verdeling van lusten en lasten te komen en het draagvlak te vergroten, geen doel op zichzelf, kan ook niet verplicht worden. Juridisch instrumentarium is geen knelpunt (zie jur. factsheet ‘Bevoegdheden overheden bij procesparticipatie en financiële participatie’) . Behoefte aan handvatten om binnen Wet ruimtelijk ordening (Wro) en de Omgevingswet (Ow) invulling te geven aan algemeen streven voor financiële participatie bij hernieuwbare opwek. Voorstellen voor teksten bij gebruikelijke besluitvormings-procedure en voor maatschappelijke tenders volgen. We monitoren dmv. Monitor Participatie
17
18
Provincie Noord-Brabant over financiële participatie We zien energie-rechtvaardigheid, draagvlak en draagkracht als essentiële randvoorwaarden voor een succesvolle energietransitie. We zetten ons ervoor in dat lusten en lasten eerlijk worden verdeeld, de energietransitie kostenefficiënt verloopt en iedereen die mee wil doen, mee kan doen. We ontwikkelen samen met partners organisatorische, juridische en financiële instrumenten die kunnen bijdragen aan draagvlak en draagkracht. We doen dit onder andere via pilots binnen het programma Sociale Innovatie Energietransitie. Voorbeelden zijn de ontwikkeling van instrumentarium voor de 50% participatie van de lokale omgeving bij hernieuwbare energie-opwekking (uit het Klimaatakkoord) en de opzet van leefbaarheidsfondsen.
19
NWEA Gedragscode
De Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA) is de branchevereniging van de windsector.
• Als indicatie voor de financiële ruimte voor bovenwettelijke activiteiten voor acceptatie en participatie, is binnen de Gedragscode gekeken naar bedragen die in verschillende provincies gelden. Deze zijn vertaald naar een richtbedrag per MWh (0,40-0,50 EUR/MWh) per jaar omdat de financiële mogelijkheden mede afhankelijk zijn van de productie. Het rendement op windprojecten is immers begrensd en daarmee de financiële ruimte voor bovenwettelijke activiteiten. • De besteding van het bedrag zal – zoals staat in de Gedragscode – in overleg met de omgeving worden vastgesteld. Zo kan optimaal rekening gehouden worden met wensen die in het gebied leven. • In 2020 is de Gedragscode Acceptatie & Participatie Windenergie op Land opnieuw herzien. Zo zijn de afspraken uit het Klimaatakkoord omtrent streven naar 50% lokaal eigendom toegevoegd en is er een paragraaf opgenomen over natuur en landschap.
20
Gedragscode zon op land Holland Solar
Holland Solar is de belangenbehartiger van de Nederlandse zonneenergiesector • De initiatiefnemer doorloopt een proces om te komen tot een wenselijke en haalbare vormgeving van participatie. Het gaat hierbij om de participatiewaaier; dit kan zijn procesparticipatie, financiële participatie, financiële obligaties, eigendomsparticipatie, een omgevingsfonds of een combinatie hiervan. Het bevoegd gezag controleert dat initiatiefnemers en omgeving hierover het gesprek aangaan. Afspraken met de omgeving worden bij voorkeur vastgelegd in een omgevingsovereenkomst. Op basis hiervan wordt er een projectplan gemaakt waarin wordt beschreven hoe binnen het project de participatie optimaal wordt ingericht. • Om de projecten voor de bouw en exploitatie van hernieuwbaar op land in de energietransitie te laten slagen, gaan in gebieden met mogelijkheden en ambities voor hernieuwbare opwekking, partijen gelijkwaardig samenwerken in de ontwikkeling, bouw en exploitatie van een project. Dit vertaalt zich in evenwichtige eigendomsverdeling in een gebied waarbij gestreefd wordt naar 50% eigendom van de productie van de lokale omgeving (burgers en bedrijven). Investeren in een zon – en/of windproject is ondernemerschap. Dat vergt ook mee-investeren en risicolopen. Het streven voor de eigendomsverhouding is een algemeen streven voor 2030.
Er is lokaal ruimte om hier vanwege lokale project-gerelateerde redenen van af te wijken. “ • De exacte vorm van de financiële participatie en de definiëring van ‘de lokale omgeving’ is met het Klimaatakkoord niet scherp vastgelegd. Dit is ook geen zaak voor uniforme regels maar iets dat per project vorm kan krijgen. De gedachte dat omwonenden de mogelijkheid krijgen om financieel te investeren en daarmee mee te profiteren en mee te doen aan de energietransitie staat centraal. 21
RES : Handreiking 50 % Lokaal eigendom Bijlage 5 RES NOB 1.0. Twee thema's: − maatschappelijk rendement: lusten uit het project komen deels ten goede aan de lokale gemeenschap; − zeggenschap door eigenaarschap: inwoners investeren financieel in en besluiten mee over het project. Bij 50% lokaaleigendom gaat het erom het draagvlak voor/betrokkenheid bij wind-en zonprojecten te vergroten door: • De lusten zoveel mogelijk naar de omgeving die de lasten draagt, te laten vloeien. • De omgeving zoveel mogelijk zeggenschap te geven over de ontwikkeling, realisatie en exploitatie van het project. • Het aandeel van '50%' is gekozen om de lokale omgeving als gelijkwaardige partner (naast een commerciële partij) te laten deelnemen in het zon- of windproject. Dit kan de initiatiefnemer aantonen met een zogenaamd profijtplan. 22
Wanneer speelt financiële participatie ? In elk project dat wij aan de Raad voorleggen, zullen wij dit onderwerp adresseren en om een richtinggevende uitspraak vragen
• Voor Windpark E/de G en zonneveld Munlaan zijn raadsbesluiten genomen • Voor de zonnevelden van de RWZI en de geluidswal Herpen wordt hier nog over gesproken • De Duurzame Polder is tot nu toe het enige grootschalige energie-opwekkingstraject dat binnenkort om een richtinggevende uitspraak vraagt. Dit vraagt om afspraken binnen het samenwerkingsverband. In de Bestuursovereenkomst is hierover een passage opgenomen. 23
Huidig kader Oss • Invulling financiële participatie Windpark Elzenburg – de Geer • Nota Grootschalige zonne-energie • Invulling financiële participatie zonnepark De Mun • Bestuursovereenkomst Duurzame Polder
24
Afspraken Windpark Elzenburg de Geer • Participatieovereenkomst Pure Energie Met Pure Energie heeft het college een participatieovereenkomst gesloten. Hierin ligt vast dat Pure Energie een bijdrage levert van €0,50 MWh aan het Omgevingsfonds. Bovendien wordt de waarde van 25% van het bouwrecht afgedragen aan het op te richten Duurzaamheidsfonds. Wat deze waarde is, dient nog bepaald te worden. De overeenkomst geeft hiervoor de kaders.
• Participatieovereenkomst Escoss Naast de opstalovereenkomst wordt er momenteel gewerkt aan de participatieovereenkomst met Escoss. Hierin worden de participatieafspraken uit het ontwikkelplan vastgelegd. Het gaat primair over de afdrachten aan het Omgevingsfonds (€0,50 MWh) en het Duurzaamheidsfonds. Escoss heeft aangegeven de volledige nettowinst af te zullen dragen aan het Duurzaamheidsfonds. In het ontwikkelplan wordt gesproken over een vaste afdracht van € 150.000 per jaar en een variabel deel afhankelijk van de nettowinst. Ook wordt in de overeenkomst opgenomen dat een deel van het eigen vermogen via een vorm van obligaties wordt verkregen. Deze overeenkomst is naar verwachting in januari gereed en zal gelijktijdig met de opstalovereenkomst aan het college worden voorgelegd. Escoss verwacht begin 2020 te starten met de uitgifte van obligaties. Hierbij werkt men nauw samen met ECO.
• Duurzaamheidsfonds Escoss werkt aan het voorstel voor de opzet van het duurzaamheidsfonds Elzenburg-De Geer. Wij zijn hierbij betrokken. Het voorstel voor de inrichting van het duurzaamheidsfonds, zal samen met de participatieovereenkomst en opstalovereenkomst aan het College en de Raad worden voorgelegd.
• Omgevingsraad & Omgevingsfonds De Omgevingsraad heeft een onafhankelijke voorzitter benoemd. Dat is Herman Klitsie, oud-burgemeester van Oss. In de Omgevingsraad gaan de exploitanten en de belanghebbenden als ‘goede buren’ afspraken met elkaar maken. Deze gaan bijvoorbeeld over handhaving, geluid, slagschaduw en de besteding van gelden uit het Omgevingsfonds. De Omgevingsraad stelt daarvoor een Omgevingsovereenkomst op die in maart 2020 getekend is. De gemeente faciliteert de totstandkoming van de Omgevingsraad en Omgevingsfonds, maar heeft hierin zelf geen zitting. De gemeente zit wel aan tafel met de Omgevingsraad. Doel hiervan is om onderwerpen die besproken worden zo nodig snel te kunnen oppakken. Zoals bijvoorbeeld klachten over niet-nakoming van publiekrechtelijk gemaakte afspraken. Hier ligt de koppeling met het eerder genoemde Handhavingsprotocol
25
Nota Grootschalige opwekking van zonne-energie Raadsbesluit dd 19-12-2019
Omwonenden en overige belanghebbenden worden actief betrokken door de initiatiefnemer Een initiatiefnemer is verplicht om direct omwonenden met zicht op de beoogde locatie en andere belanghebbenden actief te betrekken en hun mening te polsen over zijn plannen. Bij voorkeur kunnen inwoners niet alleen meepraten, maar ook meeinvesteren in zonnevelden. We maken afspraken over bijdragen aan een omgevings- en/of duurzaamheidsfonds Afhankelijk van de aard en omvang van het zonneveld moet een deel van het rendement van het project in Oss terecht komen. Met initiatiefnemers maken we afspraken over hoe dat kan worden ingevuld. We denken daarbij onder meer aan het bijdragen aan een Omgevings- en Duurzaamheidsfonds. De criteria daarvoor worden nader bepaald.
26
Participatie-afspraken bij zonnepark De Mun • Er vindt een directe investering op de locatie plaats door de extensieve opzet, extensief recreatief medegebruik en landschappelijke inpassing. Het plangebied is bijna 11 ha groot, waarvan slechts 6,5 ha wordt gebruikt voor de zonnepanelen. Dus 40% van de locatie wordt gebruikt voor landschappelijke inpassing, daar waar 20% doorgaans gebruikelijk is. Als dat contant gemaakt wordt, komt dat neer op een investering van circa € 800.000,- over de totale looptijd van het plan. • Direct omwonenden van het zonnepark krijgen een aanbod voor korting op de stroomprijs van € 0,05 /KWh. Bij volledige afname komt dit neer op een waarde van circa € 90.000,- over de totale looptijd. • Vanuit het park wordt een bijdrage aan het gemeentelijke duurzaamheidsfonds gedaan van€ 0,50 per opgewekte MWh. Dat komt overeen met de afdracht voor windmolens zoals afgesproken in de gedragscode Wind op Land. Dit biedt voor inwoners die niet willen of kunnen investeren in het park toch de mogelijkheid om te profiteren van de ontwikkeling. Uitgaande van een opgesteld vermogen van 7 MWp komt dit neer op een jaarlijkse bijdrage van circa € 2.800,• Inwoners krijgen de mogelijkheid om deel te nemen aan het park middels een obligatieregeling, tot een waarde van € 75.000,- tegen een rente van 4.25%.
• Voor alle inwoners geldt dat ze de mogelijkheid krijgen om groene stroom van het zonnepark te kopen. • Bij de realisatie van het park zal zoveel mogelijk gebruik gemaakt worden van lokale ondernemers. 27
Bestuursovereenkomst Duurzame Polder over financiële participatie Vorm van (lokale) financiële participatie in te vullen op basis van de uitkomsten van het participatieproces. Daarbij gelden als vertrekpunten: een evenwichtige verdeling van de lasten en de lusten van deze energie-opwekking binnen de gemeenten en daarnaast het meedelen in de opbrengsten van een project door omwonenden bij het gebied. De Gemeenten zijn zich bewust van de passages in het Klimaatakkoord over financiële participatie, het streven naar 50% lokaal eigendom en het feit dat het daarbij gaat om een algemeen streven tot 2030 met ruimte om hier vanwege lokale projectgerelateerde redenen van af te wijken. De Gemeenten zullen van potentiële ontwikkelaars in elk geval verlangen dat deze zich conformeren aan de geldende gedragscodes van de brancheorganisaties NWEA en Holland-Solar.
28
Vragen aan de Opiniecommissie 1. Bent u het ermee eens dat financiële participatie per project moet worden bepaald en dat het dus maatwerk is passend binnen het gemeentelijk afwegingskader ? 2. Bent u het eens met de leidende beginselen voor financiële participatie ? 3. Bent u het eens met de Osse ladder van financiële participatie ? 4. Welke aandachtspunten wilt u nog meegeven ? 29