CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

dienstverlening_RKCOss_def.PDF

Gemeenteraad 6 oktober 2022, gemeente OssBij agendapunt: A Rapport van de Rekenkamercommissie ‘Dienstverlening in het vizier’?43.444 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

dienst verlening in het vizier

een onderzoek naar de kwaliteit van de dienstverlening van de gemeente Oss

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

Voorwoord

Wat is gemeentelijke dienstverlening? Is het de dienstverlening aan de voorkant van de gemeente- de contactafhandeling met burgers en ondernemingen via balie, telefoon, post en internet? Zijn het de activiteiten die traditioneel door de afdeling Burgerzaken worden uitgevoerd, zoals het verlenen van paspoorten en rijbewijzen? Of gaat het in ruimere zin om alle processen, zoals het beheren van de burgerlijke stand, de sociale voorzieningen en het ontwikkelen van de gemeentelijke ruimte en economie? En omvat dit het hele proces van -bijvoorbeeld- het ontvangen van een vergunningaanvraag tot de beoordeling en beschikking ervan. Is ook het betrekken van burgers in het maken en uitvoeren van beleid, participatie, een vorm van dienstverlening? Kijkend naar het huidige tijdsgewricht en naar de vragen die bij u als gemeenteraad leven heeft de rekenkamercommissie gekozen voor dit onderwerp in het programma ‘Besturen in verandering van tijden’. Het is van belang dat de gemeente aansluit en aan blijft sluiten op de behoeften van burgers en bedrijven. Uit onderzoek van de Nationale Ombudsman1 blijkt dat de grootste ergernis over het contact met de overheid is dat ambtenaren niet altijd deskundig lijken om een probleem op te lossen. Andere grote ergernissen zijn dat mensen vaak niet weten waar ze aan toe zijn en het lang wachten op een reactie.

Bijna de helft van de Nederlanders heeft wel eens een probleem gehad met de manier waarop het contact verloopt. Nederlanders waarderen het contact met de overheid gemiddeld met een 6,5. Mensen zijn inmiddels gewend aan (digitaal) maatwerk en klantgerichte dienstverlening.

1

2

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

Tegen die achtergrond is het essentieel om te onderzoeken op welke wijze de gemeente Oss heeft georganiseerd dat zij mee kan bewegen in de ontwikkelingen waar deze tijd om vraagt. We onderzoeken hoe effectief de gemeente Oss stuurt op de ontwikkeling (van de kwaliteit) van de gemeentelijke dienstverlening. Regelmatig en bij verschillende thema’s hebt u kenbaar gemaakt dat u graag wilt weten hoe de gemeente er in vergelijking met andere gemeenten voorstaat. De NVRR (Nederlandse Vereniging voor Rekenkamers en Rekenkamercommissies) organiseerde een gezamenlijk onderzoek over het thema ‘Meldingen Openbare Ruimte’ waarin ruim 50 lokale rekenkamers hetzelfde onderzoek uitvoeren en we vergelijkbare resultaten krijgen. We hebben daarmee een benchmark voor een deelgebied van de gemeentelijke dienstverlening.

Het onderzoek hebben we ingedeeld in een bestuurlijk rapport en een bevindingenrapport: • in het bestuurlijk rapport beschrijven we de opzet van het onderzoek en beantwoorden we de onderzoeksvragen: wat is de visie, de uitgangspunten en de doelstellingen voor de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening, hoe doelmatig en doeltreffend is de bestaande monitoring in relatie tot doelstellingen en op welke manier wordt de verzamelde informatie gebruikt om de werkwijze bij te stellen zodat deze bijdraagt aan de doelstellingen voor dienstverlening?De effectiviteit van de dienstverlening bekeken we nader in de ‘verhalen’ van inwoners en ambtenaren over de kwaliteit van de dienstverlening, over de effectiviteit van de huidige aanpak en over de mogelijkheden om die te verbeteren. Deze verhalen treft u in blauwe kaders verspreid aan door het hele rapport. Vanuit de antwoorden op deze vragen doen we een

bijlagen

tiental aanbevelingen. • het bevindingenrapport: dit rapport bevat de onderzoeksresultaten op basis waarvan wij conclusies hebben getrokken en aanbevelingen doen. In de bijlagen ziet u een overzicht van verklarende schema’s en tabellen. Voor het onderzoek hebben we veel gesprekken gevoerd met mensen door de hele organisatie van de gemeente Oss. Wij willen iedereen bedanken voor het gesprek en de medewerking. Ook willen wij iedereen bedanken voor het aanleveren van documenten en het controleren van de gespreksverslagen. Wij hopen met dit onderzoek en de aanbevelingen de gemeenteraad inzicht te bieden en zo beleidsontwikkeling en besluitvorming te ondersteunen. Astrid van de Klift Voorzitter rekenkamercommissie Oss

Nationale Ombudsman, 2016, Opinieonderzoek ergernissen.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

bijlagen

k j i l r u u t s e B pport ra 3

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

bijlagen

Inleiding en opzet van het onderzoek Samenvatting

1.1 Inleiding tot het onderzoek

De onderzoeksvraag die we hebben gesteld luidt: Hoe effectief stuurt de gemeente Oss de ontwikkeling van de gewenste kwaliteit van de dienstverlening? Deze vraag wordt onderzocht in de volgende deelvragen: • Wat is de visie op en uitgangspunten voor dienstverlening van de gemeente? • Wat zijn de doelstellingen voor de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening? • Hoe doelmatig en doeltreffend is de bestaande monitoring in relatie tot doelstellingen (kwantitatief)? • Op welke manier wordt de verzamelde informatie gebruikt om de werkwijze bij te stellen zodat deze bijdraagt aan de doelstellingen voor dienstverlening? • Effectiviteit van de dienstverlening nader bekeken (kwalitatief): wat vertellen de ‘verhalen’ van inwoners en ambtenaren over de kwaliteit van de dienstverlening, over de effectiviteit van de huidige aanpak en over de mogelijkheden om die te verbeteren. • Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de kwaliteit van de dienstverlening?

De kwaliteit van de dienstverlening van de gemeente kan worden onderzocht vanuit verschillende aspecten: de relatie tot de inwoners die een dienst nodig heeft (zoals bejegening, klantgerichtheid, aansluiten bij de behoeften van de vrager), de kwaliteit van de geleverde dienst (zoals snelheid, juiste informatie, deskundigheid, directheid, integraliteit) en het kanaal dat de inwoner kan gebruiken (b.v. website, balie, telefoon, email, brief, WhatsApp, Chatbot). Daarnaast is de werkwijze binnen de organisatie (zoals communicatie, eenduidigheid, transparantie, zorgvuldigheid en integraliteit) een kwaliteit-bepalend aspect. In dit onderzoek kijken we naar dienstverlening in de ruime zin. We inventariseren het beleid dat in de afgelopen 3 jaar is geformuleerd, we beschrijven de visie en doelstellingen die zijn vastgesteld en leggen deze naast de metingen die er worden gedaan om de kwaliteit van de dienstverlening te bepalen. Ook kijken we naar de manier waarop de informatie uit metingen, maar ook andere informatie gebruikt wordt om de doelstellingen dichterbij te brengen.

4

We illustreren de effecten van de dienstverlening met behulp van een aantal ‘verhalen’ van inwoners die gebruik hebben gemaakt van de diensten van de gemeente. Wat hebben zij ervaren? En stemt dat overeen met de ervaring van de ambtenaren die hen van dienst zijn geweest? Wat kunnen we leren van deze verhalen? Hiermee geven we u inzicht in wat er speelt op het terrein van dienstverlening in de gemeente en aanknopingspunten om te bepalen of u hiermee tevreden bent of dat u het belangrijk vinden een andere koers te varen. Op basis van onze studie naar effectieve dienstverlening door de lokale overheid en de feedback die we hebben ontvangen van medewerkers uit verschillende afdelingen van de gemeente, die te maken hebben met dienstverlening, trekken we conclusies en doen we aanbevelingen om heldere keuzes te kunnen maken voor toekomstig beleid in een 100.000+ gemeente. Hieronder gaan we in op de vraagstelling van het onderzoek en de onderbouwing ervan. Daarna gaan we in op de onderzoeksmethode en de opbouw van dit rapport.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

1.2 Onderzoeksvraag en deelvragen Onderzoeksvraag:

Hoe effectief stuurt de gemeente Oss de ontwikkeling van de gewenste kwaliteit van de dienstverlening?

Afbakening

Wij betrekken in het onderzoek de dienstverlening bij de contacten van inwoners met de gemeente over de hele breedte van de gemeentelijke werkzaamheden. Het gaat om vragen, verzoeken of klachten van inwoners en bedrijven, waarvoor zij zelf de gemeente benaderen. We onderzoeken niet de kwaliteit van de afvalinzameling of het groenonderhoud, hoewel dit ook onderdeel uitmaakt van de dienstverlening van de gemeente. We beperken ons op die terreinen tot de vragen of klachten die inwoners hierover hebben. We onderzoeken ook niet de activiteiten vanuit de gemeente om (groepen) inwoners te informeren of om inwoners te betrekken bij gemeentelijke ontwikkelingen (participatie). Waar participatie als onderdeel van de visie of doelstellingen wordt genoemd (het is tenslotte een belangrijk element van de omgevingswet), of waar interessante initiatieven te zien zijn, zullen wij die wel aanduiden.

Normen voor kwaliteit

De gewenste kwaliteit wordt bepaald door de doelstellingen en indicatoren die hierover zijn geformuleerd in beleidsdocumenten van de gemeente. Ook de servicenormen die bepaald zijn voor de afhandeling van vragen en klachten gebruiken we als een norm voor de gewenste kwaliteit.

bevindingen

Deelvragen:

1. Wat is de visie op en uitgangspunten voor dienstverlening van de gemeente? 2. Wat zijn de doelstellingen voor de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening? 3. Hoe doelmatig en doeltreffend is de bestaande monitoring2 in relatie tot doelstellingen (kwantitatief)? a. In hoeverre omvat de monitoring van de kwaliteit van de dienstverlening de hele breedte van de gemeentelijke werkzaamheden? b. In hoeverre geven de data die nu worden verzameld de informatie die nodig is om het realiseren van de doelstellingen te monitoren? 4. Op welke manier wordt de verzamelde informatie gebruikt om de werkwijze bij te stellen zodat deze bijdraagt aan de doelstellingen voor dienstverlening? 5. Effectiviteit van de dienstverlening nader bekeken (kwalitatief): wat vertellen de ‘verhalen’ van inwoners en ambtenaren over de kwaliteit van de dienstverlening, over de effectiviteit van de huidige aanpak en over de mogelijkheden om die te verbeteren. a. Wat verwachten inwoners van de dienstverlening en vinden zij dat beter zou moeten? b. Wat zeggen ambtenaren nodig te hebben om aan die verwachtingen te kunnen voldoen? 6. Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de kwaliteit van de dienstverlening?

Effectiviteit van de sturing is de mate waarin medewerkers en managers bezig zijn met de dingen die noodzakelijk en voldoende zijn om de gewenste kwaliteit van de dienstverlening te ontwikkelen. 2

5

meldingen openbare ruimte: benchmark

bijlagen

1.3 Onderzoeksmethode Voor het onderzoek hebben we gebruik gemaakt van documentanalyse en we hebben interviews gehouden met ambtenaren en met inwoners . Hieronder lichten we dit verder toe.

Documentenanalyse

Voor het beleid van de gemeente hebben we de belangrijkste beleidsdocumenten en de programmabegrotingen en jaarverslagen vanaf 2015 onderzocht. Daarnaast hebben we verslagen van raadsvergaderingen waarin ‘dienstverlening’ aan de orde was bekeken of beluisterd. De onderzoeksresultaten van de diverse metingen die worden uitgevoerd en managementrapportages zijn opgevraagd. Een overzicht van de bestudeerde documenten staat in bijlage 1.1.

Interviews

De interviews zijn gehouden op basis van een vragenlijst die van tevoren werd toegezonden. (zie bijlage 1.2) Het gesprek zelf verliep zoveel mogelijk verhalend, waarbij de onderzoeksvragen vooral als controle middel werden gebruikt om te bepalen of alles aan de orde was geweest. Dit gaf ruimte aan onderwerpen die volgens de geïnterviewde van belang waren. De keuze voor de mensen waarmee we een interview hebben afgesproken is gebaseerd op 2 overwegingen: (1) werkend bij een afdeling die rechtstreeks contacten met inwoners heeft en (2) actief betrokken bij de ontwikkeling van de dienstverlening (operationeel strategisch of beleidsmatig). We hebben gesprekken gevoerd met: • 6 medewerkers van het Publiekscentrum, Klant Contact Centrum en Burgerzaken. • 7 afdelingshoofden van afdelingen of programmaleiders • de accountmanager MKB van EZ • 5 beleidsadviseurs

de monitoring van de kwaliteit van de dienstverlening die de gemeente Oss al dan niet regelmatig of permanent uitvoert.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

• 3 leden van het directieteam (groepsinterview zonder de gemeentesecretaris) • de gemeentesecretaris • de portefeuillehouder dienstverlening • een 20-tal inwoners van Oss die in december 2020 contact hadden met de gemeente. Een overzicht van de geïnterviewden staat in bijlage 1.3.

Onderzoeksperiode

Het vooronderzoek is gestart in juli 2019 en het onderzoek is afgerond in februari 2021. Ontwikkelingen na december 2020 zijn niet meegenomen. Door de belemmeringen van de Coronamaatregelen is de doorlooptijd van het onderzoek 2 maanden langer dan gepland.

Onderzoekers

Het onderzoek is uitgevoerd door de rekenkamercommissie van Oss.

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

1.4 Opzet van het rapport Het rapport is als volgt opgebouwd. Ieder hoofdstuk begint met een korte samenvatting van de bevindingen en de conclusies. In hoofdstuk 2 vindt u een samenvatting van het rapport aan de hand van de onderzoeksvragen. Hier treft u ook de aanbevelingen en conclusies aan van de rekenkamercommissie. In hoofdstuk 3 gaan we in op de visieontwikkeling en beleidsdoelstellingen van dienstverlening in de loop van de afgelopen 5 jaar. Het gaat in dit hoofdstuk kort samengevat om de vragen: wat vinden we belangrijk? en wat willen we bereiken. Waar mogelijk is ook aangegeven op basis van welke indicatoren de doelstellingen zijn gemeten. We gaan daarbij enerzijds uit van de vastgestelde beleidskaders, anderzijds kijken we ook naar ontwikkelingen van het beleid, zoals opgenomen in de meest recente programmabegroting. In hoofdstuk 4 onderzoeken we de wijze waarop de kwaliteit van de dienstverlening wordt gemeten: Wat wordt gemeten? Geven de meetinstrumenten voldoende informatie over de vastgestelde doelstellingen?

6

bijlagen

In hoofdstuk 5 onderzoeken we de dienstverleningspraktijk aan de hand van de vragen: Op basis van welke visie en uitgangspunten wordt er gewerkt? Hoe worden de werkzaamheden gemonitord en wat wordt er gedaan aan verbetering van die praktijk van alledag? In hoofdstuk 6 kijken we heel specifiek naar de belangrijkste dienstverleningsontwikkeling van de laatste jaren: de digitalisering. In hoofdstuk 7 sluiten we af met de wijze waarop u als gemeenteraad geïnformeerd wordt over de kwaliteit van de dienstverlening. Daarna bekijken we met behulp van een benchmark de Meldingen Openbare Ruimte nader en vergelijken deze met ruim 50 andere gemeenten. In kaders door het hele rapport worden de verhalen beschreven van inwoners van Oss: hoe beleven zij de dienstverlening, wat was goed en wat kan beter. Aansluitend leest u ook het verhaal van de behandelend ambtenaar of van het hoofd van de afdeling.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

bijlagen

Verhaal: vragen bij coronamaatregelen Haar dochter haalt haar rijbewijs en wil natuurlijk zo snel mogelijk dat documentje in haar bezit hebben. Toch is het rijbewijs er pas een week later, omdat de gemeente maar 1 balie open heeft. Op woensdag -dochter is net geslaagd- kijkt inwoonster op de website van de gemeente om een afspraak te maken en zij ziet dat er ‘vanwege de Coronamaatregelen’ minder mogelijkheden zijn. De eerste mogelijkheid voor een afspraak is pas op maandag. Gelukkig blijkt er -wanneer ze op donderdag nog eens probeert- op vrijdag een plaatsje vrij te zijn gekomen en dat reserveert ze. In het gemeentehuis aangekomen blijkt, tot haar verbazing, dat er maar één balie open is. ‘Ik werk zelf in de zorg, wij hebben ook balies en veel minder ruimte dan de grote hal in het gemeentehuis. Wij proberen de service aan onze patiënten zo optimaal door te laten lopen. Ik begrijp niet waarom de gemeente dat niet doet. Hoe moeilijk kan het zijn om afstand te houden, met looproutes voor veiligheid te zorgen?’ Het aanvragen van het rijbewijs ging verder helemaal naar wens, zeer vriendelijk, keurig netjes, alles was duidelijk. Daarover niets dan tevredenheid. Een suggestie voor verbetering is om de dienstverlening zo veel mogelijk op peil te houden of goed uit te leggen waarom het zo geminimaliseerd is.

Reactie vanuit de balie-organisatie

Vanwege Corona zijn er maatregelen getroffen om het aantal mensen dat tegelijkertijd in de hal van het gemeentehuis is, te beperken. Daarom is er maar 1 balie open, dat reduceert het aantal wachtenden. Burgerzaken ziet ook dat mensen het bezoek aan het gemeentehuis in deze tijd bijna als een uitje zien en soms met het hele gezin komen. Dat vergroot de drukte. Het is goed om dit te blijven uitleggen aan inwoners. Er wordt dagelijks gekeken hoe er veilig maar ook binnen de afspraken (binnen 2 werkdagen een afspraak maken) gewerkt kan worden. Voor een rijbewijs staan ook zonder Coronapandemie 5 werkdagen.

7

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

bevindingen

bijlagen

Conclusies en aanbevelingen In dit hoofdstuk beantwoorden we de onderzoeksvragen en krijgt u een overzicht van de conclusies die wij hebben getrokken en de aanbevelingen die wij naar aanleiding van het onderzoek doen.

2.1. De onderzoeksvragen beantwoord De onderzoeksvraag die we hebben gesteld luidt: Hoe effectief stuurt de gemeente Oss de ontwikkeling van de gewenste kwaliteit van de dienstverlening? De rekenkamer beantwoordt deze vraag met behulp van de volgende deelvragen: Onderzoeksvraag Wat is de visie op en uitgangspunten voor dienstverlening van de gemeente?

Hfst. 3

Er is door het bestuur van de gemeente Oss geen leidende, organisatiebrede visie op dienstverlening vastgesteld, maar er zijn vele elementen van een visie beschreven in diverse beleidsdocumenten. Zowel binnen het sociaal domein als binnen het fysieke domein hebben de afdelingen met veel klantcontacten een eigen visie op dienstverlening vastgelegd. Een aantal uitgangspunten komt bij iedere dienstverlenende afdeling terug: • werken vanuit de bewoners; • werken vanuit de bedoeling; • samenwerken. Daarnaast zijn ook duidelijke verschillen tussen de domeinen en de afdelingen zichtbaar:

• de visies van het publiekscentrum en het sociaal domein leggen nadruk op de bejegening; de houding ten opzichte van inwoners; de omgang met de inwoners. • bij de afdelingen die vanuit het fysieke domein opereren ligt het accent op goede communicatie en serviceverlening.

Wat zijn de doelstellingen voor de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening?

8

3

De doelstellingen voor de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening zijn: • standaardiseren van producten/diensten waar mogelijk, maatwerk leveren waar nodig voor de inwoner en ondernemer van Oss; • betrekken van inwoners en ondernemers bij de ontwikkeling van de dienstverlening; • innoveren met als doel maatschappelijke meerwaarde (tastbaar resultaat in de praktijk); • de gemeente is betrouwbaar, bereikbaar en benaderbaar voor zowel digitaal vaardigen als niet digitaal vaardigen; • voor de score op klanttevredenheid over directe dienstverlening en digitale dienstverlening wordt gestreefd naar een score rond het landelijk gemiddelde.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

Hoe doelmatig en doeltreffend is de bestaande monitoring in relatie tot doelstellingen?

4

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

De rekenkamer concludeert op basis van de bevindingen dat data over dienstverlening wel verzameld worden, maar dat de inzet van deze data voor de monitoring en verbetering van de dienstverlening beperkt is.

• In hoeverre omvat de monitoring van de kwaliteit van de dienstverlening de hele breedte van de gemeentelijke werkzaamheden?

We constateren dat de doelstellingen geformuleerd zijn voor de hele breedte van de gemeentelijke werkzaamheden. De monitoring is echter fragmentarisch, veelal gericht op algemene ‘tevredenheid van de inwoner’ en vooral geïnspireerd op een (beperkte) definitie van dienstverlening, namelijk die van het Publiekscentrum (telefoon en balie).

• In hoeverre geven de data die nu worden verzameld de informatie die nodig is om het realiseren van de doelstellingen te monitoren?

De data die verzameld worden geven daardoor slechts beperkt informatie waarmee de doelstellingen voor de totale dienstverlening gemonitord kunnen worden. Alleen het Publiekscentrum gebruikt de verzamelde data doorlopend om (het realiseren van de doelstellingen van) hun dienstverlening te monitoren en waar nodig hun werkwijze bij te stellen. De rekenkamer heeft er onvoldoende zicht op gekregen om te beoordelen of in de rest van de organisatie de verzamelde informatie gebruikt wordt om de werkwijze te monitoren en bij te stellen.

Op welke manier wordt de verzamelde informatie gebruikt om de werkwijze bij te stellen zodat deze bijdraagt aan de doelstellingen voor dienstverlening?

4-6

Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de kwaliteit van de dienstverlening?

8

Bestuurlijk is dienstverlening nauwelijks onderwerp van gesprek. U als gemeenteraad wordt regelmatig geïnformeerd over dienstverlening via de planning en control (P&C)-cyclus, dit als onderdeel van het programma ‘besturen in verandering van tijden’. De gemeenteraad wordt jaarlijks geïnformeerd over de kwaliteit van de dienstverlening, echter het is politiek vooralsnog geen thema.

Effectiviteit van de dienstverlening nader bekeken (kwalitatief): wat vertellen de ‘verhalen’ van inwoners en ambtenaren over de kwaliteit van de dienstverlening, over de effectiviteit van de huidige aanpak en over de mogelijkheden om die te verbeteren.

Verspreid

De verhalen van inwoners en ambtenaren zijn anekdotisch en geven een indruk hoe inwoners de dienstverlening van Oss ervaren. Uit de verhalen blijkt dat de meeste geïnterviewde mensen die gebruik maken van de standaard producten zeer tevreden zijn over de duidelijkheid, snelheid, begrijpelijkheid en inzichtelijkheid van de dienstverlening, zowel digitaal als persoonlijk. Ook is iedereen te spreken over de vriendelijke en hulpvaardige bejegening aan de telefoon en de balie. Wanneer de vragen complexer worden geven inwoners aan dat zij betrouwbaarheid (afspraken (tijdig) nakomen), zorgvuldigheid en transparantie als erg belangrijk ervaren. Te allen tijde is aandacht daarvoor in de communicatie vanuit de gemeente geboden. Het belang van het goed hanteren van richtlijnen als aandacht voor ‘de vraag achter de vraag’ wordt in diverse verhalen benadrukt.

9

Omdat de instrumenten die worden ingezet slechts een beperkt inzicht geven in de mate waarin de geformuleerde doelstellingen worden behaald, zijn de beschikbare meetgegevens te beperkt om te kunnen sturen en daarmee gericht te werken aan verbetering van de dienstverlening.

bijlagen

2.2. Goede dienstverlening door grote betrokkenheid. De rekenkamer heeft op basis van het onderzoek de indruk dat er binnen de gemeente Oss met betrokkenheid en toewijding gewerkt wordt aan goede dienstverlening. Er zijn wel afspraken gemaakt over servicenormen (termijnen om terug te bellen; termijnen om klachten af te handelen; bereikbaarheid van de afdelingen). Deze zijn echter niet bij iedereen bekend en worden (daarmee) ook niet overal nagekomen. Uit de uitgevoerde metingen blijkt dat Oss betreffende de tevredenheid van de inwoners hoger scoort dan het gemiddelde in Nederland ( ‘waarstaatjegemeente.nl’). Kijkend naar het streven van de gemeente Oss om op het landelijk gemiddelde te scoren lijkt de betrokkenheid en toewijding van mensen aan hun werk daarmee vooralsnog afdoende te zijn. Medewerkers zorgen over het algemeen ook dat ze binnen de wettelijke termijnen blijven. Uit het onderzoek komt echter ook naar voren dat er een steeds groter beroep wordt gedaan op de medewerkers van het KCC en de baliemedewerkers. De gemeente groeit, problemen worden complexer, eisen van inwoners worden hoger, digitalisering stelt andere eisen aan processen en producten. Te zien is dat het begint te piepen en te kraken. Daarmee is volgens de rekenkamercommissie niet zeker dat genoemde betrokkenheid en toewijding op termijn toereikend zullen zijn.

Monitoring en in het verlengde hiervan acteren (sturen) lijkt steeds belangrijker te worden.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

2.3. Visie en doelstellingen Visie

De rekenkamer constateert dat de gemeente Oss geen leidende, organisatiebrede visie op dienstverlening heeft vastgesteld. Wel zijn vele elementen van een visie beschreven in diverse beleidsdocumenten. Afdelingen met veel klantcontacten, zowel in het sociaal domein als in het fysieke domein, hebben een eigen visie op dienstverlening vastgelegd. In de vergelijking tussen die documenten zien we dat enkele visie-elementen actief onderschreven en gehanteerd worden door de hele organisatie: • werken vanuit de bewoners; • werken vanuit de bedoeling; • samenwerken. Het publiekscentrum en sociaal domein hanteren vooral een oplossingsgerichte visie: ‘mensen moeten ondersteund worden bij de problemen waarmee ze bij de gemeente komen’. Binnen het fysiek domein vindt men een goede informatie, communicatie en serviceverlening de kern van goede dienstverlening. Hoewel deze visies elkaar niet tegenspreken, sluiten ze ook niet helder op elkaar aan. Daarmee ontbreekt de onderlinge versterking die dergelijke documenten zouden kunnen hebben.

Doelstellingen

Inhoudelijk lijken veel doelstellingen voor dienstverlening in de loop van de jaren hetzelfde te zijn gebleven. Er is daarin consistent sprake van aandacht voor betrouwbaarheid; bereikbaarheid; benaderbaarheid en voor het centraal stellen van de inwoners. De rekenkamer ziet ontwikkeling bij de ICT-gerelateerde doelstellingen. De programmabegroting van 2021 laat een belangrijke positiebepaling zien rondom standaardiseren versus maatwerk: ‘We standaardiseren producten/diensten waar mogelijk en leveren maatwerk waar nodig voor de inwoner en ondernemer van Oss’.

10

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

In de programmabegroting 2021-2024 staat dat er per opgave plannen worden gemaakt, vanuit de visie op dienstverlening van de gemeente: ‘Het sociaal domein vraagt bijvoorbeeld iets anders dan het ruimtelijk domein. Het is belangrijk om in te spelen op de dienstverlening die inwoners en ondernemers verwachten per domein.’ De rekenkamercommissie merkt op dat het college 1) hiermee voorbij gaat aan het gegeven dat er (nog) geen overkoepelende visie op dienstverlening is vastgesteld en 2) er kennelijk geen rekening mee houdt dat er -voorafgaande aan het maken van de plannen per opgave- de noodzakelijke keuzes gemaakt moeten worden die de hele organisatie aangaan: keuzes om de dienstverlening effectief en efficiënt te ontwikkelen naar de wensen en behoeften van de inwoners van Oss in de 21ste eeuw.

Aanbevelingen:

De rekenkamer acht het van belang om 1. Een organisatiebrede visie te formuleren die de kern van de ambitie van Oss verwoordt. 2. In de visieontwikkeling te zoeken naar de gewenste uitstraling van de gemeente, daaraan de servicenormen te koppelen en vast te stellen voor de hele organisatie. Daarbij wordt het principe standaard waar het kan, maatwerk waar het moet gehanteerd. 3. Doelstellingen en uitgangspunten, bij voorkeur gezamenlijk, met alle betrokken afdelingen, te definiëren. Waar nodig kunnen vervolgens nog aspecten van dienstverlening van de domeinen verder worden ingevuld, rekening houdend met de specifieke taken waar zij voor staan. 4. De verschillende benaderingen van de domeinen te faciliteren op een manier die binnen de gemeenschappelijke visie past.

bijlagen

2.4. Servicenormen Oss hanteert servicenormen voor telefonie; vragen en klachten van inwoners; het leveren van producten en diensten. Daar hebben de normen vooral de functie om te voldoen aan de wettelijke kaders. De servicenormen voor telefonie zijn overgenomen van het bedrijf dat de metingen doet. De rekenkamercommissie concludeert dat iedere afdeling een eigen beleid voert. Over de servicenormen, zoals binnen 2 werkdagen terugbellen en/of reageren op klachten, is niet overal overeenstemming. Daarmee ontbreken basale condities op sturing en daarmee op mogelijke verbetering. Specifiek over de telefonische bereikbaarheid van de back-offices is te stellen dat deze vaak niet voldoet aan de (overgenomen) servicenorm. Het is een keuze om ook in de toekomst het aan iedere afdeling zelf over te laten om te bepalen of en wanneer ze bereikbaar zijn, mits binnen de wettelijke kaders en uitgangspunten wordt geacteerd. Dit levert potentieel de volgende nadelen op: • het beeld dat inwoners en bedrijven van de gemeentelijke dienstverlening krijgen is niet consistent. Zij weten niet wat ze kunnen verwachten als zij contact hebben met verschillende afdelingen binnen de gemeente; • gezien de doelstelling om de dienstverlening verder te standaardiseren en te digitaliseren (vanwege de ontwikkeling naar een 100.000+-gemeente) kan dit de ontwikkeling in de weg staan.

Duidelijke en consistente afspraken over bereikbaarheid, met differentiatie tussen beleidsafdelingen en uitvoerende afdelingen waar dat gewenst is, kunnen hier immers een bijdrage aan leveren. • onwerkbaarheid en frustratie voor de medewerkers in de front-office als de servicenormen niet duidelijk vastgesteld zijn en zij inwoners niet goed kunnen informeren over het te verwachten proces.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

Servicenormen vormen geen doel op zich, maar kunnen behulpzame indicatoren zijn of de gemeentelijk visie op dienstverlening wordt waargemaakt, kijkend naar de kwaliteit van dienstverlening, digitalisering of de integratie van dienstverlening. Zij helpen daarmee om het gesprek te voeren over de dienstverlening, om waar nodig bij te sturen en te ontwikkelen en daarmee de invulling te geven aan verwachtingen van burgers en bedrijven (of deze wellicht zelfs te overtreffen). Het is aan te bevelen om te komen tot een set servicenormen die passen bij de onderliggende wensen van burgers, ondernemers en gemeentelijke organisatie, uiteraard passend bij de ambities van de gemeente Oss. Vervolgens kan er ook gestuurd worden op verbetering: Deze sturing moet vanuit het directieteam opgepakt en gecoördineerd worden, om te zorgen dat de gezamenlijkheid binnen de hele organisatie wordt gerealiseerd en bewaakt.

Aanbeveling:

5. Wij adviseren om een set van service-normen voor de hele organisatie vast te stellen, passend bij de ambities van de gemeente Oss. Bij de keuze voor deze servicenormen kunnen ook inwoners betrokken worden. Uit de ‘verhalen’ in dit rapport blijkt dat inwoners behoefte hebben aan consistentie en betrouwbaarheid.

11

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

2.5. Meten en monitoren. De rekenkamercommissie concludeert dat Oss op zowel de interne als de externe metingen van klanttevredenheid goed, vaak bovengemiddeld scoort. Ook de metingen bij ondernemers leveren hoge tevredenheidsscores op. Daarmee wordt het streven (afgeleid van de data in ‘waarstaatjegemeente.nl’) zoals geformuleerd in de programmabegrotingen van de afgelopen jaren gehaald: minstens een gemiddeld niveau van klanttevredenheid realiseren. De doelstelling ‘groei van het aantal bezoeken aan de website’ wordt ook gehaald. Er is geen mate van gewenste groei geformuleerd. We constateren dat het ambitieniveau voor dienstverlening beperkt is. De rekenkamer concludeert dat: • de doelstellingen bedoeld zijn voor de hele breedte van de gemeentelijke werkzaamheden; • de bestaande monitoring in relatie tot de doelstellingen van dienstverlening beperkt doelmatig en doeltreffend is. Er is sprake van fragmentarische monitoring, vooral ingericht op basis van de (beperktere) definitie van dienstverlening van het Publiekscentrum (telefoon en balie). Ook geven de gebruikte instrumenten slechts een beperkt inzicht in de mate waarin de geformuleerde doelstellingen worden behaald. Dit maakt het moeilijk om op basis van de beschikbare meetgegevens op die doelstellingen te sturen.

Voor Meldingen in de Openbare Ruimte (MOR) wordt nu een systeem geïmplementeerd dat gegevens kan leveren om te werken aan de kwaliteit van de klachtenafhandeling. Het nieuwe systeem biedt allerlei mogelijkheden om met zoveel mogelijk gebruikersgemak zoveel mogelijk relevante gegevens te verzamelen. De data die na de invoering van het nieuwe systeem beschikbaar zijn, maken, door efficiënte verwerking en uitgebreide analysemogelijkheden, slimme, soms preventieve oplossingen mogelijk. Uit de resultaten van de benchmark blijkt: de toekomst van MOR ligt in een betere service, meer efficiëntie en meer data-gedreven toepassingen. De invoering van dit nieuwe systeem is derhalve op zichzelf een

bijlagen

goede ontwikkeling. • de mate waarin de verzamelde informatie gebruikt wordt om de werkwijze bij te stellen sterk varieert per afdeling of per team, evenals de redenen waarom dat wel of niet gedaan wordt. • uniforme sturing op verbetering niet mogelijk is vanwege het ontbreken van een organisatiebrede visie op dienstverlening. Dit betekent overigens niet dat er per opgave, afdeling of team niet gericht wordt gewerkt aan het realiseren van doelstellingen of dat deze inspanningen om zaken te verbeteren niet gemonitord worden. De vraag die u zich zou kunnen stellen is tweeledig: • geven de gehanteerde indicatoren u voldoende informatie over de kwaliteit van de dienstverlening? • welke monitoring en sturing is er nodig om ook in de toekomst ten minste een goede middenmoter te blijven?

Aanbeveling:

6. De rekenkamer adviseert om de monitoring op de doelstellingen van dienstverlening zo in te richten dat deze beter bijdraagt aan het zicht op de kwaliteit van de dienstverlenende organisatie Oss: meet wat je wilt weten. Dit is een stap die gezet zou moeten worden wanneer de organisatiebrede visie is ontwikkeld en vastgesteld, de gezamenlijke doelen en de doelen per domein zijn vastgesteld. Op basis daarvan kan u besluiten welke indicatoren van belang zijn voor de sturing op beleidsniveau. 7. Laat de inrichting van het nieuwe systeem voor Meldingen in de Openbare Ruimte (MOR) aansluiten op de (visie)ontwikkeling van de dienstverlenende organisatie. Maak gebruik van de optie om de afhandeling te laten beoordelen door de melder. Dit omdat de combinatie van feedback over de afhandeling van de melding door de melder en een stijgend aantal meldingen door meer bereidheid van mensen om te melden, een grote bijdrage kan leveren aan de beleving van kwaliteit van de openbare ruimte door de inwoners van Oss.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

2.6. Strakkere sturing, beheersing en ondersteuning De rekenkamercommissie adviseert om, met aandacht voor het behoud van de positieve instelling van de medewerkers, een beleid te voeren dat toekomstbestendig is, om goede dienstverlening te kunnen (blijven) geven. Daarin moet waar nodig ruimte zijn voor maatwerk, zonder dat er een situatie ontstaat van ‘duizend bloemen die bloeien’. De rekenkamer vraagt zich af of de huidige aanpak met een ‘persoonlijke’ invulling van goede dienstverlening die nu veel gebruikt wordt in Oss, in de beoogde toekomst van een 100.000+-gemeente nog gaat werken. Door de (nog vast te stellen) servicenormen kan er gestuurd worden op verbetering: Deze sturing moet centraal opgepakt en gecoördineerd worden, om te zorgen dat de gezamenlijkheid binnen de hele organisatie wordt gerealiseerd en bewaakt. Toekomstbestendige dienstverlening heeft een goede digitale omgeving nodig, die minimaal zorgt voor aansluiting op de gemeentelijke basisregistraties en het digitaal loket en die daarnaast ook een goede archivering van contacten en afspraken mogelijk maakt. Dit is van belang om als overheid betrouwbaar te kunnen zijn.

Aanbeveling:

8. Wij adviseren het college om de organisatie aan te sturen op gezamenlijke servicenormen, strakkere beheersing van de datastromen (waaronder registratie en archivering) en binnen het systeem ondersteuning in te bouwen om de processen consequent en consistent uit te voeren. Ieder systeem staat of valt met een goede toepassing ervan door de gebruiker.

12

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

bijlagen

2.7. Digitalisering van de dienstverlening 2.8. Betrokkenheid van college en raad Het proces van digitalisering in de organisatie raakt de dienstverlening op alle niveaus en bij alle afdelingen. Het maakt duidelijk welke vragen in de visie op dienstverlening beantwoord moeten worden. Op dit moment is er sprake van een sterke variatie in de doelstellingen en de werkwijze rondom dienstverlening op de verschillende afdelingen, evenals in de manier waarop gemonitord wordt op het bereiken van die doelstellingen en de wijze waarop gezocht wordt naar verbetering. Voor verdere digitalisering is het noodzakelijk dat er een basisfilosofie wordt geformuleerd die zorgt voor eenheid en lijn. Nu zijn fundamentele vragen aan de orde: de gemeentelijke organisatie zit midden in een aantal ingrijpende ontwikkelingen, zoals de omgevingswet in het fysieke domein en de samenwerkwijze binnen het sociaal domein. Ook om succesvol verder te gaan met de digitalisering is het formuleren van een overkoepelende visie op dienstverlening en het ambitieniveau voor de gewenste kwaliteit essentieel. De gemeenteraad dient hierbij betrokken te worden. De digitalisering van de dienstverlening roept uitdagingen op die vragen om een andere dynamiek van dienstverlening, veel meer vanuit een strategisch oogpunt dan vanuit de uitvoering.

In de kern is de vraag: wat voor een soort dienstverlener wil de gemeente Oss zijn?

Dienstverlening is bestuurlijk nauwelijks onderwerp van gesprek. Als onderdeel van het programma ‘besturen in verandering van tijden’ wordt u als gemeenteraad via de planning en control (P&C)-cyclus regelmatig geïnformeerd over dienstverlening. Kaders voor de dienstverlening liggen vast in uitvoeringsplannen of visiestukken per afdeling die niet door de raad zijn vastgesteld. De raad zelf heeft geen overkoepelende visie opgesteld. Gegeven de financiële verantwoordelijkheid van de raad voor het thema, is deze beperkte rol opvallend. Ten aanzien van de vraag: ‘Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de kwaliteit van de dienstverlening?’ stelt de rekenkamer vast dat dit wel regelmatig gebeurt maar dat het politiek geen thema is. Rekening houdend met de steeds verdergaande digitalisering, de invoering van de omgevingswet en de uitbreiding van de Samenwerkwijze en de ontwikkeling naar een 100.000+-gemeente kunt u overwegen de overkoepelende visie en het gewenste ambitieniveau voor dienstverlening in de raad te bespreken en vast te stellen.

In een overkoepelende visie op dienstverlening moet duidelijk worden wat de gemeente wil nastreven. Maar ook wat de ambitie van de organisatie daarin is. Wil de gemeente een middenmoter blijven en wat betekent dat? Wil de gemeente blijven verbeteren om klaar te zijn voor een toekomst van een 100.000+-gemeente? Wil de gemeente excelleren in (digitale) dienstverlening en innovaties? Of kiest de gemeente om een volgende middenmoter te zijn? En past die ambitie (nog) bij een 100.000+-gemeente?

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

opzet van het onderzoek

conclusies en aanbevelingen

bevindingen

meldingen openbare ruimte: benchmark

bijlagen

Aanbeveling:

9. Verzoek het college te komen met een (voorstel voor de ontwikkeling van) een organisatiebrede visie op dienstverlening, waarin wordt betrokken: • het soort dienstverlener dat de gemeente Oss wil zijn en welke succesfactoren daarbij van belang zijn? (b.v. transparantie, betrouwbaarheid, openheid, samenwerking en mogelijkheid om mee te bewegen); • welke ambitie streeft de gemeente hierin na? (b.v. voorloper of volger? middenmoter of excellerend?) • de definitie van de gewenste kwaliteit van de dienstverlening die organisatiebreed gaat worden gehanteerd; • een set servicenormen die past bij de gemeenschappelijke elementen in de visie, bij de wensen van burgers, ondernemers en de gemeentelijke organisatie en ook bij de gemeentelijke mogelijkheden. 10. Wij adviseren het college: • vast te stellen welke processen gestandaardiseerd moeten worden en hoe dat gaat gebeuren, zodat de digitalisering van de dienstverleningsprocessen voor de hele organisatie op basis van dezelfde uitgangspunten verder ontwikkeld kan worden. • vast te stellen welke configuratie van metingen moet worden ingezet om de doelstellingen van het hele spectrum van dienstverlening te kunnen meten, monitoren en sturen.

13

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

bevindingen

visie & uitgangspunten

dienstverlening gemeten

dienstverlening in de praktijk

meldingen openbare ruimte: benchmark dienstverlening & digitalisering

bijlagen gemeenteraad & college van b&w

n e g n i

d n i v Be 14

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

bevindingen

visie & uitgangspunten

dienstverlening gemeten

dienstverlening in de praktijk

Dienstverlening in de gemeente Oss: visie en uitgangspunten In dit hoofdstuk beschrijven we op basis van documentstudie en gesprekken de ontwikkeling van dienstverlening in Oss. Hiermee beantwoorden we de eerste twee onderzoekvragen: • Wat is de visie op en uitgangspunten voor dienstverlening van de gemeente? • Wat zijn de doelstellingen voor de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening?

meldingen openbare ruimte: benchmark dienstverlening & digitalisering

Samenvatting

De rekenkamer constateert dat er geen leidende, organisatiebrede visie op dienstverlening van de gemeente Oss is vastgesteld, maar dat er vele elementen van een visie zijn beschreven in diverse beleidsdocumenten. Zowel vanuit het sociaal domein als het fysieke domein hebben de afdelingen met veel klantcontacten een eigen visie op dienstverlening vastgelegd. Hoewel deze visies elkaar niet tegenspreken, sluiten ze ook niet helder op elkaar aan en daarmee ontbreekt de onderlinge versterking die dergelijke documenten zouden kunnen hebben. Er zijn op vele plaatsen en momenten principes, uitgangspunten en doelstellingen geformuleerd. Daarin zijn verschillende ambities te zien en verschillende niveaus van gewenste participatie en invloed van inwoners. In de programmabegroting 2021 is de ambitie geformuleerd: ’een goede middenmoter’ te willen zijn. Een aantal doelstellingen voor dienstverlening is in de loop van de jaren hetzelfde gebleven. Met name de ICT-doelstellingen zijn verder ontwikkeld en in de programmabegroting van 2021 is een positiebepaling opgenomen over standaardiseren versus maatwerk.

3 4

15

Uit het verslag van de Raadsvergadering van 5 november 2009. Raadsinformatiebrief van 14 maart 2014; ‘Vanaf 1 april alleen op afspraak naar het gemeentehuis.’

bijlagen gemeenteraad & college van b&w

3.1. Historische ontwikkeling van de visie op dienstverlening in Oss tot 2012

De ontwikkeling van de dienstverlening is na de eerste herindeling nauwelijks onderwerp van gesprek geweest in de gemeenteraad van Oss. Vlak na herindeling in 1994 acht men het van belang om zoveel mogelijk decentrale dienstverlening te handhaven, minimaal tot 20113. Dan wordt deze weer gecentraliseerd. De hulpsecretarieën in Megen, Ravenstein en Berghem sluiten per 1 januari 2012. Het gemeentehuis in Oss wordt dan het centrale dienstverleningspunt.

Digitalisering dient zich aan

In de programmabegroting 2012-2015 wordt een aantal vernieuwingen in de dienstverleningsaanpak aangekondigd: het Klant Contact Centrum (KCC) wordt ingericht, Oss sluit zich aan bij het 14+netnummer telefoonsysteem en de website wordt ingericht met een digitaal loket. De gemeentelijke basisregistratie wordt gemoderniseerd en men neemt zich voor een kwaliteitshandvest met kwaliteitsnormen te ontwikkelen. Dit kwaliteitshandvest heeft de rekenkamercommissie niet gevonden. In maart 2014 wordt de gemeenteraad in kennis gesteld dat vanaf april 2014 inwoners alleen op afspraak terecht kunnen aan de balies van het gemeentehuis. Dit past in het beleid zoals aangekondigd in de Programmabegroting 2012-2015, waarin het besluit tot ‘werken op afspraak’ was opgenomen. Hoewel bezuinigingen de reden waren om op afspraak te gaan werken, bleek bij de experimenten die daarvoor werden ingezet dat de wachttijden daalden en de klanttevredenheid groter werd4. De afdelingen ‘zorg’ en ‘werk en inkomen’ werken op dat moment ook al uitsluitend op afspraak.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

bevindingen

visie & uitgangspunten

dienstverlening gemeten

dienstverlening in de praktijk

Een volgende mijlpaal voor de dienstverlening is de digitalisering. In de podiumbijeenkomst van 11 mei 2017 wordt de raad geïnformeerd over de digitale agenda 2020 en het programma E-dienstverlening. ‘De digitalisering van de dienstverlening heeft een prominente plaats in de samenleving en de verwachtingen ervan blijven stijgen. De lat ligt hoog en wij hebben als gemeente, ten opzichte van de digitale mogelijkheden waar inwoners en ondernemers in hun dagelijkse leven bekend mee zijn (bol.com), nog een inhaalslag en kwaliteitsslag te maken. ICT en e-Dienstverlening gaan hand in hand in deze ontwikkelingen.’5 Voor de inwoners van Oss wordt dit duidelijk doordat de website toegankelijk wordt gemaakt en wordt voorzien van een digitaal loket. In de kadernota’s 2016-2019 en 2017-2020 worden in het programma ‘Bestuur, organisatie en dienstverlening’ de kernwaarden van de visie op dienstverlening benoemd: • We zijn betrokken en proactief. • We zijn gemakkelijk bereikbaar via website, telefoon, post en balie. • We werken integraal, eenduidig en transparant. • We voeren de dienstverlening efficiënt en deskundig uit. In de toelichting daarop staat: ‘De mondige, digitaal vaardige inwoner vraagt om een andere rol van de overheid. Tegelijkertijd blijft het aantal gemeentelijke producten en diensten groeien.

Daarbij hebben we een hoge dienstverleningsambitie en zetten we het digitaal loket en gegevensmagazijn intensiever in. Daarnaast willen we met partners samenwerken met nieuwe systemen. De uitvoering van taken organiseren en regisseren we meer en meer vanuit netwerken. Hierdoor krijgen we te maken met een toenemende complexiteit in procesinrichting en informatiehuishouding. 5

16

meldingen openbare ruimte: benchmark dienstverlening & digitalisering

De doelstellingen die daarbij geformuleerd zijn • Een professionele en efficiënte dienstverlening • Een betere (digitale) informatievoorziening • Een digitaal toegankelijke overheid met een vangnet voor niet digivaardigen. Dit wordt in de kadernota 2016-2019 (en herhaald in 2017-2020) uitgewerkt in een aantal concretere doelen en projecten voor optimale dienstverlening. Onderstaande opsomming komt uit de kadernota. • We kijken voor de ontwikkeling van onze dienstverlening altijd van buiten naar binnen. • Bij ieder gekozen en gebruikt dienstverleningskanaal (website, telefoon, balie, post) moet de inwoner het gevoel hebben goed geholpen te zijn. Inwoners en ondernemers kiezen zelf op welke manier ze contact met ons opnemen en krijgen via datzelfde kanaal of een ander voorkeurskanaal het antwoord op hun vraag of voortgangsinformatie. • Door zaakgericht te werken bewaken we de kwaliteit en doorlooptijd van processen beter. Inwoners en ondernemers kunnen de afhandeling van zaken eenvoudiger en beter volgen, bijvoorbeeld via ‘Mijn zaken’ in het digitaal loket en ‘MijnOverheid’. • We zijn aangesloten op de Berichtenbox en gaan dit uitbreiden om een betere digitale poststroom naar onze inwoners te ondersteunen. Bijvoorbeeld: inwoners krijgen op tijd bericht wanneer hun reisdocumenten verlopen. Dit verbetert de digitale dienstverlening en verhoogt de efficiëntie.

• We stemmen onze dienstverlening en klantprocessen af op wat onze inwoners en ondernemers het belangrijkste vinden. Toptaakmanagement en de inzet van klantreizen helpt ons daarbij. We zetten de dienstverlening actief in zodat het als vliegwiel kan dienen voor participatieprojecten. • Burgerparticipatie kan heel laagdrempelig ontstaan. Onze dienstverlening is, veel vaker dan we ons realiseren, een

bijlagen gemeenteraad & college van b&w

ingang om participatie-activiteiten te omarmen. We willen onze dienstverlening hierop afstemmen. • Voor de niet digivaardigen zorgen we voor een vangnet in de klantprocessen. Dit doen we door goede opvang te regelen in bijvoorbeeld de telefonie, aan de balie of met initiatieven zoals de cursussen Digisterker en Klik en tik, beide in samenwerking met de bibliotheek. De indicatoren die in de kadernota’s 2016-2019 en 2017-2020 zijn geformuleerd bij de doelstellingen voor dienstverlening zijn ‘tevredenheid van de inwoners’ en het aantal bezoekers van de website. Ook in de Kadernota 2018-2021 is de visie op dienstverlening en de kernwaarden ongewijzigd en zijn de doelen nagenoeg ongewijzigd, alleen het zorgen voor ‘een vangnet voor niet digivaardigen’ wordt niet meer genoemd. In deze kadernota wordt meer de nadruk gelegd op het belang van interactie met inwoners in de gehanteerde werkwijze: ‘De vraag van inwoners en bedrijven staat centraal in ons handelen. We werken oplossingsgericht en sluiten aan bij hun behoeften. Ons gedrag is erop gericht mensen snel, vriendelijk en goed te helpen.’ De concrete plannen voor dienstverlening bestaan uit de uitvoering van het programma E-dienstverlening en enkele aanvullende plannen en indicatoren: • Het programma e-Dienstverlening: op basis van een projectorganisatie in de jaren 2017-2020 investeren in de online dienstverlening.

Concreet betekent dit dat voor de periode 2017/2018 een projectenlijst is opgesteld. Hierin ligt de focus op het zaakgericht werken (statusinformatie geven over verloop proces). Het proces ‘evenementenvergunning’ en de dienstverlening aan ondernemers wordt gedigitaliseerd. • Multichannel dienstverlening: de online dienstverlening is

Tekst in de uitnodiging voor de Podiumbijeenkomst 11 mei 2017 over Digitale dienstverlening (e-dienstverlening) en de regionale ICT samenwerking (BLOU)

Dienstverlening in het vizier

•

• • •

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

bevindingen

visie & uitgangspunten

dienstverlening gemeten

dienstverlening in de praktijk

een onderdeel van de totale dienstverlening. Dit betekent dat de ontwikkelingen van de online dienstverlening verbonden worden met de andere kanalen zoals telefonie, balie en post. Een klant kan ervoor kiezen om de gemeente via het web, de telefoon of persoonlijk te benaderen (multi-channel). De informatie uit de verschillende kanalen moet consistent zijn. Digitale informatievoorziening waarbij inwoners en bedrijven centraal staan: via de eigen website Oss.nl maar ook via centraal aangeboden websites zoals overheid.nl. Doel: Informatie een keer opvragen, waardoor digitaal zakendoen gemakkelijker wordt. Coördinatie op informatiebeveiliging en privacy. Aansluiten van de gemeentelijke basisregistraties op het landelijke netwerk. Telefonie blijkt binnen de dienstverleningskanalen nog altijd het voorkeurskanaal. Vandaar dat dit vraagt om continue monitoring en verbetering. De kwaliteit van de telefonische dienstverlening wordt door een onafhankelijk bureau regelmatig gemeten.

De relevante indicatoren die worden genoemd zijn: * klanttevredenheid: het doel is het behalen van het landelijke gemiddelde (6,7) * het aantal bezoekers van de website en het digitaal loket moet groeien (geen streefgetal)

Organisatieontwikkeling (3x3) en visieontwikkeling dienstverlening (DDOO) in gang gezet In 2018 wordt een werkgroep gevormd bestaande uit de vertegenwoordigers van de drie domeinen onder leiding van het hoofd Publiekszaken. Deze werkgroep krijgt de opdracht aan de slag te gaan met dienstverlening vanuit de 3 domeinen: het sociaal domein, het fysiek domein, en het publiekscentrum. Er diende een relatie gelegd te worden naar ICT: het programma Nieuw Fundament (digitalisering). Volgens de directie verloopt 6 7

17

meldingen openbare ruimte: benchmark dienstverlening & digitalisering

de samenwerking en afstemming binnen de werkgroep moeizaam. In het najaar van 2018 wordt het ‘Koersdocument 3x3’ gepresenteerd. Het DT formuleert daarin de volgende visie: “We werken samen aan een dienstverlenende organisatie waarin de basis op orde is en we strategisch daadkrachtig zijn.”6 Het koersdocument beschrijft het vertrekpunt en de koers voor de komende jaren en de personeels- en organisatieontwikkeling die men daarbij voor ogen heeft. Er zijn 3 hoofdlijnen beschreven, die alle bijdragen aan de kwaliteit van de dienstverlening: 1. werken vanuit professionaliteit, teamwerk en op basis van de bedoeling van de regels; 2. ontwikkelen van vakmanschap, samenwerking en heldere opdrachten; 3. ontwikkelen van eigenaarschap, inlevingsvermogen en vernieuwingsdrang. De organisatie kiest met de beschreven koers bewust voor het leidend maken van de primaire processen (alle activiteiten die rechtstreeks een bijdrage leveren aan het tot stand komen van een product en/of dienst ) als belangrijkste pijlers van de gemeente richting haar inwoners. De opdracht luidt: ‘Versterk de gezamenlijke dienstverlening’. Het voornemen is dat dit gedaan wordt door: • actief de verbinding met alle betrokken domeinen/afdelingen te zoeken.

• te werken vanuit de bedoeling, het nieuwe vakmanschap en daadkrachtig samenwerken op basis van eigenaarschap, • ontwikkelen van empathisch vermogen, • heldere opdrachten en bedrijfsmatige sturing. In 2019 wordt de situatie rondom dienstverlening in een pitch van de gemeentesecretaris gedefinieerd als ‘de chaos die dienstverlening heet’. Een chaos die is veroorzaakt door de manier waarop de opdracht tot het ontwikkelen van dienstverlening

bijlagen gemeenteraad & college van b&w

is weggezet. In gesprekken met het directieteam en met de betrokken afdelingen wordt geconcludeerd dat er een visie moet komen voor dienstverlening: wat is onze dienstverleningsfilosofie, wat zijn belangrijke handelings- en gedragsaspecten, hoe bewaken we de kwaliteit, hoe monitoren we, welke uniformiteit willen we daarin realiseren? Eén van de belangrijkste bevindingen7 bij de start van deze ontwikkeling is dat er met betrekking tot de inzet van dienstverleningskanalen, servicenormen en gedragsprincipes geen eenduidige uitgangspunten en werkwijzen zijn vastgelegd. Verder bestaan er verschillende visiedocumenten binnen het sociaal en fysiek domein, maar is er geen leidende visie. Er wordt een begin gemaakt met de ontwikkeling van een gemeenschappelijke visie op de dienstverlenende organisatie (De Dienstverlenende Organisatie Oss, afgekort als DDOO), die dient bij te dragen aan het verbeteren van de inwonersbeleving en de realisering van de dienstverleningsambities van de organisatie. Uitgangspunt is dat de gemeente Oss ernaar streeft om een netwerkorganisatie te zijn, waarin maatschappelijke opgaven en toegevoegde waarde voor de samenleving centraal staan.

Organisatorisch vertrekpunt is dat er wordt uitgegaan van de drie domeinen: Publiekscentrum/KCC (voor alle diensten van de gemeente), sociaal domein (waarin toegang WMO en jeugd) en ruimte en economie (met onder meer vergunningen en de Omgevingswet). Er is een project (geen programma) van start gegaan met een projectleider vanuit het Publiekscentrum. Diverse werkgroepjes worden ingesteld waarin alle domeinen betrokken zijn. Hoewel PC en burgerzaken vaak als uitgangspunt worden genomen (hetgeen achteraf bezien door het DT nogal wat weerstand oplevert bij andere domeinen) ligt er eind 2019 wel een concept visie. Corona kwam en de visie is blijven liggen. In DDOO wordt gesteld dat bestuur en directie de gezamenlijke organisatieopgaven onderkennen en bewust kiezen voor een

In: Koersdocument drie keer drie, pagina 2. In: De Dienstverlenende Organisatie Oss, visie op dienstverlening, pagina 2.

Dienstverlening in het vizier

voorwoord/inleiding

bestuurlijk rapport

bevindingen

visie & uitgangspunten

dienstverlening gemeten

dienstverlening in de praktijk

gefaseerde, kwalitatieve en integrale aanpak. Deze aanpak moet voor een duurzame verbinding, verbetering en vernieuwing zorgen.8 Er moet daarbij rekening worden gehouden met de volgende uitgangspunten: • Digitaal tenzij; • Leidend is de ontwikkeling van de dienstverlening in de domeinen. Ieder met een eigen dienstverleningskanaal, maar samenkomend op basis van de principes, servicenormen en inwonerbeleving; • Samenwerking met ketenpartners binnen de organisatie. Deze samenwerking heeft impact op de beleving van dienstverlening door inwoners; • Versterking van de gezamenlijkheid, door meer samen te doen en te ontwikkelen op het gebied van inwonerbeleving, dienstverleningskanalen en servicenormen; • Meer procesgericht en informatie gestuurd werken. Door onder andere processen zaakgericht in te richten (verbinden met het Nieuw Fundament); • Externe ogen zijn wenselijk (volgen van de landelijke en regionale trends en inschakelen van experts). Het gewenste resultaat is als volgt geformuleerd: ‘Onze inwoners, ondernemers en instellingen krijgen zo snel mogelijk antwoord op hun vraag en passende ondersteuning bij hun uitdaging. Het contact en de bijbehorende informatie is op maat, dus persoonlijk en relevant.

We bewegen naar proactieve dienstverlening met aandacht voor de mens, de relatie en de gewenste impact in de praktijk.’ In die praktijk wordt de opgave onderkend maar wordt DDOO en een gezamenlijke aanpak niet actief ondersteund en verspreid. De leden van het DT merken hierover op dat ‘DDOO

meldingen openbare ruimte: benchmark dienstverlening & digitalisering

een gemeenschappelijk deel vertegenwoordigde, maar dat de domeinen aparte behoeften hebben, die nog niet goed zijn afgesteld.’ Zij hebben ook vraagtekens of de visie die in DDOO is verwoord en waarvoor de opgave voor het uitvoeren van het projectplan werd gegeven, nu nog steeds gedragen wordt. De rekenkamer constateert dat begin 2020 de ontwikkeling van de concept dienstverleningsvisie stil ligt. Binnen de verschillende afdelingen wordt er wel gewerkt aan verbetering van de dienstverlening en worden klanttevredenheidsmetingen gedaan. De gezamenlijkheid ontbreekt echter. Er is wel veel aandacht voor de digitalisering, de mogelijkheden van ICT-toepassingen.

Digitalisering als basis voor dienstverlening.

In de Programmabegroting 2020 komt de aandacht voor digitalisering van dienstverlening tot uiting: ‘Een goede dienstverlening is voor onze organisatie een belangrijke basis. Vanwege de snelle ontwikkelingen op het gebied van technologie en digitalisering geldt dit ook zeker voor onze ICT-infrastructuur. Onze ambitie is om een goede middenmoter te zijn voor de basisstructuren.’ De doelstelling die hierbij is geformuleerd is dat de gemeente Oss een duurzame en wendbare netwerkorganisatie moet worden die goede dienstverlening levert en werkt aan maatschappelijke vraagstukken. De basis moet op orde zijn en de strategische slagkracht moet worden verstevigd. Voor dienstverlening zijn de volgende doelstellingen geformuleerd: • We leveren dienstverlening en informatie op maat • We betrekken inwoners en ondernemers bij de ontwikkeling van onze dienstverlening • We verbinden de inspanningen op het gebied van ICT, informatievoorziening en dienstverlening

bijlagen gemeenteraad & college van b&w

• We innoveren met als doel maatschappelijke meerwaarde (tastbaar resultaat in de praktijk) • We dragen bij aan en adopteren oplossingen die de fundament vormen van ‘Samen Organiseren’ van de VNG • We zijn betrouwbaar, bereikbaar en benaderbaar voor digitaal vaardigen en niet digitaal vaardigen • We zijn ingericht op de verschillende opgaven • We zorgen voor een efficiënt en effectief gebruik van onze ICT De opbrengsten die in de programmabegroting worden genoemd: * Eind 2019 hebben we een organisatie-brede visie op dienstverlening beschikbaar, waarbij digitalisering zoveel mogelijk het belangrijkste uitgangspunt is. * Er zijn 2 indicatoren geformuleerd: klanttevredenheid over de directe dienstverlening en over de digitale dienstverlening. Er wordt gestreefd naar het landelijk gemiddelde op beide indicatoren. In 2018 zit Oss op beide indicatoren iets boven het landelijke gemiddelde. In de programma-evaluatie 2019 constateert het college dat er een gemeentebrede visie op dienstverlening is vastgesteld met de domeinen en ICT. De rekenkamercommissie heeft alleen een concept visie aangetroffen, die in het DT is vastgesteld9 maar voor zover wij hebben kunnen achterhalen, niet door het college of de raad is vastgesteld en niet is geïmplementeerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=434911c2-e67b-41a8-9c37-2ab029cbe16e