Dhr. Walk Inspreektekst 28-03-'24 Meanderende Maas
Tekst van het document
Zienswijze Projectplan Meanderende Maas en MER (zie ook originele indiening stukken d.d. 25 sept. 2023)
*Op hoofdlijnen: uitgesproken op 28-03-’24 in de Adviescommissie Ruimte mede namens de ondertekenaars door: W.Walk. (Aanwijzingen: Rood: uitspreken accenten en blauw eventuele toelichting en/of opmerkingen)
*1*Geachte Voorzitter en leden van deze Adviescommissie, 1*Wie zijn wij: -Wij, ondertekenaars van de zienswijze, zijn allen inwoners van de kern Ravenstein en lid van de Heemkundekring Land van Ravenstein. U kunt ons als erfgoedhoeders aanspreken. Vooraf 3 aandachtspunten die van belang zijn voor de voortgang: 1-Op 6 maart jl. zijn wij door uw hoorcommissie gehoord. Een dag later hebben we via een externe bron de “Nota van Antwoord” en andere nota’s, ontvangen. -In deze nota, gedateerd op 9 februari 2024, vonden we tot onze verbazing al de beantwoording van onze stellingen en vragen maar ook die van de andere indieners. *Wij vragen ons in deze af of deze handelingen als ‘normaal’ moeten worden bestempeld in een ‘normaal’ te voeren democratisch proces. 2-Recent hebben we vernomen dat het aspect ‘piping’ aan de stadse kant van de Maasdijk niet meer aan de orde is en daaruit concluderen wij dat de huidige Maasdijk voldoet aan een van de belangrijke waterveiligheidsnormen. 3- We hebben NU pas, ja, nu pas kennis kunnen nemen (Opm: zie bijlagen voor deze vergadering) van het pre-advies van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (het RCE). Het advies is maanden na de ter inzagelegging, pas eind december 2023, door de gemeente aangevraagd en als het pre-advies gedateerd op 1 febr. 2024 .De RCE gaat pas bij een omgevingsaanvraag definitief reageren.
* Dat geeft te denken; hoezo volwaardige informatie aan eenieder!
*2*Ons aandachtsgebied binnen dit Megaproject -Wij hebben ons een overall-beeld van het gehele projectgebied kunnen vormen. Wij zijn, naar de inhoud van het voorstel, tot de algemene conclusie gekomen dat dit projectplan wezenlijk bijdraagt tot de vereiste WATERVEILGHEID en de uitgangspunten van duurzaamheid. -Duurzaamheid binnen de geschetste groene- en blauwe kaders vooral als het gaat om het projectgebied ten noorden van de spoordam Ravenstein tot aan Lith. Maar binnen ons aandachtsgebied Ravenstein denken wij daar anders over. -Binnen het ‘geweld’ van meer dan 250 documenten en 18 besluiten aan informatie hebben wij ons specifiek gericht op de dijkvlakken die gelegen zijn binnen het BESCHERMD STADSGEZICHT Ravenstein. (1-1 t/m 1-4 en gedeeltelijk dijkvlak 2A ter hoogte van het Benedenste Hoornwerk).
*3*Hoe hebben we dit projectplan benaderd - Geschiedenis in een notendop -3000 jaar van een oorspronkelijk geulenlandschap ontwikkeld naar een bedijkt Maaskantgebied in de 12e-eeuw met de 2 parelsteden Megen en Ravenstein aan de hoger gelegen Maasdijkoevers. -Benadering van Ravenstein op een groter schaalniveau -Voor onze benadering hebben we naar het gehele Maaskantgebied gekeken, van Katwijk tot Bokhoven, en gezocht naar de ankerpunten die we vandaag kunnen gebruiken. We kijken waar we nu staan, waar we vandaan komen en hoe we dit ontstane prachtige en landelijk beschermd cultuurlandschap, kunnen borgen en voor de toekomst een waardevolle bijdrage en betekenis kunnen geven. (-Opm:-Voor ons is het duidelijk dat de ontstaansgeschiedenis van dit rivierenlandschap, sinds het bedijken van de Maas, in de 12e-eeuw, een belangrijk historisch en geomorfologisch gegeven en een belangrijk ankerpunt voor de toekomst is).
1
- De riviersteden Megen, Ravenstein en Grave zijn op natuurlijke oeverwallen ontstaan en gegroeid. (Opm.: Een Oeverwal ligt doorgaans 3 tot 5 meter hoger dan de omliggende polder/kom-gebieden aan weerszijden van de rivier) -Staatkundig en (ruimtelijk-) fysiek hebben alle drie de steden een eigen ontwikkeling doorgemaakt en haar eigen identiteit en kwaliteiten in het rivierengebied De Maaskant neergezet. -Megen en Ravenstein met haar groene stadsdijkoevers. Grave, als een belangrijke strategische rivierstad tussen Brabant en Gelre, heeft als versterkte garnizoensstad een belangrijke betekenis gehad in de 80-jarige oorlog en is in die tijd, rechtstreeks liggend aan de Maas, o.a. aan de Maaszijde, versteend geraakt. (-Opm: Ter vermelding nog een geschiedkundige opmerking. De drie genoemde stadjes zijn nog NOOIT door toedoen van hoogwater van de Maas overstroomd geweest. - Cuijk en Gennep overigens wel! (Bron: Henk Buijks, oud archivaris van het Waterschap De Maaskant)
*4*Onze project opmerkingen - Belangrijk: het juridisch aspect *In het projectvoorstel is het niet duidelijk gemaakt of er plaatselijke- en/of historische belangen worden geschaad. (Opm: - Er ontbreken met name gemotiveerde en onderbouwde archeologische- en de cultuurhistorische conclusies binnen het voor ons gekozen projectgebied; -Wat zijn de resultaten en aanbevelingen van het gemeentelijk archeologisch onderzoek)? *In het belang van de ‘dubbeldikke’ beschermde status van onze stad Ravenstein en omgeving vragen wij ons af of er met dit projectplan een goede ruimtelijke ordening (r.o.) is bereikt. -Wij denken dat er een wijzigingsplan Wro moet worden opgesteld waarin o.a. verantwoordt moet worden in welke mate het projectvoornemen past in het geldende Robeleid en of dit geen gevolgen heeft voor de beschermde status. (Opm: -Het projectplan onderbouwt niet welke bijdragen een ‘kademuur’ maatschappelijk zal opleveren maar ook niet wat de toegevoegde historische- en ruimtelijke waarde ervan is). *-WAAROM REAGEREN wij OP DIT PROJECTVOORSTEL. -Wij vinden dat dit projectplan, voor wat het Ravensteinse stadsdeel betreft, geen recht doet aan de wettelijke beschermingsstatus van het Beschermd Stadsgezicht uit 1977 en de gestelde voorschriften uit het vigerend bestemmingsplan uit 2013.
-in de hoorzitting van 6 maart jl., zie het verslag daarvan, hebben we al aangegeven dat we van de gemeente Oss een wijzigingsplan op het vigerende BP van 2013 verwachten. *Daarnaast missen we nog het een en ander in het projectvoorstel: *Financieel bekeken: Wat wordt het Osse financiële bijdrage t.a.v. de verdeling van de ontwikkelings- en uitvoeringskosten. *Standpuntbepalingen van het College m.b.t. de kademuur en andere ruimtelijke ingrepen. -Standpunten hier aangaande zijn niet in de bijlagen van het projectplan opgenomen; -Een leidend pré- advies van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed (RCE) (is nu pas op de valreep in de bijlagen toegevoegd en op 1 februari 2024 gedateerd). -De adviesverslagen van de gemeentelijke commissie Erfgoed- en de commissie Ruimtelijke kwaliteit worden gemist maar ook is er geen definitief archeologisch resultatenrapport aangetroffen. *Een andere zorg: De 3 meter hoge kademuur voldoet niet aan de voorgestelde functie. -De 3 meter hoge kademuur vooronderstelt dat deze hoogte al ‘voorsorteert’ op de toekomstige reconstructie van de Strang. – Dit lijkt ons een misrekening. -Wil je een muur bouwen die voldoet aan het ‘voorsorteren’ dan moet die, nader bekeken, uitgaan van het nu gemiddelde stuwpeil van
2
de aanliggende Maas van ca.+05.20m NAP plus de bodemdiepte van de Strang. We komen dan tot de conclusie dat deze kademuur ten minste een hoogte moet krijgen van (11.90 – 05.20 = 6.70m + 03.00m bodemdiepte Strang =9.70 m! (*Dus ruim 3x hoger en dus 3x duurder dan wordt aangenomen*)(-opm: Tussen haakjes: Wij pleiten voor een groene oeveroplossing, inclusief DE STRANG, die het in het vastgestelde plan van MTD WATERFRONT Ravenstein uit 2008 is opgenomen).
*5*Een beheersbare- en veilige Maasdijk bij hoogwater. -het aspect ‘piping’ nabij de vestingstad is ook niet meer aan de orde.-Dat betekent, volgens ons, dat de huidige basisconstructie al aan de gestelde norm voor de toekomst voldoet. -O.K, met een ophoging van 60 cm (tot 11.90 NAP), daar kunnen wij mee leven. -Nu wordt een stabiliteitsscherm (damwand), ingebracht. -waarvoor vragen wij ons af; De bestaande al eeuwen oude Maasdijk aarden dijk voldoet toch, na de ophoging, aan de nu vereiste veiligheidsnormen.
*Gegoochel met het begrip ‘muur’. - In het Projectplan, bij ONTWEROPGAVE staat:“Een zelfstandige kerende functie in de vorm van een vestingmuur”. -Van wie komt de idee ‘een eigentijdse vestingmuur’; -In ieder geval blijkt uit alle archeologische onderzoeken niet dat er ooit een muur heeft gestaan. -Ook wordt vaak het begrip ‘kademuur’ in de stukken aangehaald. - In de laatste presentatie in Ravenstein op 14 febr. 2023 wordt door de ontwerpers gesproken van een ‘waterkerende muur’; dit alles “om het water van de rivier te weren”. (Zie de krant, BD van 15 februari 2023). -Hoezo ‘om het water te weren’. De huidige dijk wordt op dit moment toch door de waterspecialisten als ‘toekomstveilig’ beoordeeld. (-NB: De geschiedenis leert ons dat ook de hoogste Maaswaterstand, ooit geregistreerd in 1926, nabij de vestingstad Ravenstein, de Maasdijk nooit overspoeld heeft. - ook Grave en Megen niet). - En sinds kort stelt de RCE voor om het begrip ‘keermuur’ te hanteren. -Voor welke definitie gaat u? -*De ‘MUUR”, noodzaak of een hype. -Volgens ingewijden kan aan het stabiliteitsscherm (de damwand) d.m.v. een ‘schortconstructie’ een muur worden ‘aangehangen’ om alsnog de idee van een ‘eigentijdse vestingmuur’ veilig te stellen. -Ook zien we op de presentatietekeningen, van 14 febr. ‘23, aan beide uiteinden van de ‘waterkerende muur’, twee nooit eerder getoonde ‘muuroren’ van ca.
20 meter! -Wat is de betekenis hiervan; in ieder geval ook niet op basis van historisch onderzoek! -Liggend aan de Maasdijk zijn in het verleden aan een aantal panden, liggend aan de Maasdijk, bouwhistorische onderzoeken geproduceerd door archeologen zoals: Genabeek, Haans, Zwiers, Van Drunen, Van der Kuijl en Brans en Buijks. Het betrof onderzoeken aan panden en kelders die direct aan de Maasdijk gelegen zijn. -Geen enkele onderzoeker bevestigd dat ter plaatse, of op geringe afstand van het projectvoorstel, een stenen waterkerende constructie is gelegen. -Recent, (’21-’22) heeft in opdracht van de gemeente een archeologisch onderzoek plaatsgevonden door Bureau Hameland. -Tot op heden zijn er geen aanwijzingen van een waterkerende muur gevonden. -Nog een ander aspect: Het lengteprofiel Kademuur: -Als we het gehele lengteprofiel tussen de Bolwerken bekijken zien we dat iets voorbij de inrit bij de Heus naar het kasteelbolwerk het aanleggen van een ‘muur’ niet noodzakelijk is omdat de Maasdijk al op de vereiste hoogte van 11.90 NAP is gelegen! (- E.v. UITLEG: Als we een denkbeeldige lijn, met een hoogte van 11.90 NAP; de vereiste nieuwe kruinhoogte, tussen de bolwerken trekken dan zien we dat deze hoogte al zo’n 20 meter vanaf de coupure, (dat is de inrit), van De Heus haar hoogte al bereikt heeft.
Het verder naar het noorden gelegen dijklichaam voldoet dus vanaf dit punt al aan de veiligheidseisen waardoor de aanleg van een kademuur ook niet noodzakelijk is. Het gaat hier over een lengte van zo’n 70 meter; exclusief ter plaatse van het gebouw van de Heus; ook nog eens 70m1).
3
-Onnodige verdikking van de Maasdijk: -Het aanstorten tot een breder dijklichaam, ter hoogte van het Bovenste hoornwerk richting de Middelwaard-Maas in de voormalige Stranggeul, is niet nodig omdat ter plaatse voldoende ruimte, ca. 14 meter, is om een tuimeldijk aan te leggen.
*6* -Voorzitter, tot slot, wat geeft ons hoop: -In algemene zin gesproken zal er met de uitgangspunten van dit projectplan op termijn een prachtig bedijkt rivierengebied ontstaan wat recht doet aan de oorspronkelijke kwaliteiten van de oorspronkelijke ‘Getemde Maas’ en waarbij ‘onze pareltjes’ hun recht verkrijgen wat hun historisch toekomt. - De ‘parelstadjes’ Megen en Ravenstein zijn zoals ze geboren zijn: Ze steken boven de lager gelegen polders uit, op natuurlijk hoger gelegen oeverwallen. Megen en Ravenstein, als bijzondere ruimtelijke eenheden, liggend aan een dijk-ketting in een prachtig natuurlandschap met alleen maar groene oevers. (Opm: -Dit zou het promotiemodel voor De Zuiderwaterlinie moeten zijn; vertel dat maar door! (Ravenstein en Megen zijn weer anders dan Grave) -Wij hebben de hoop dat u als leden van de Adviescommissie Ruimte uw College gaat voorstellen om een uitgebreide Wro-procedure voor ons aandachtsgebied aan de stad Ravenstein te starten; een wijziging op het bestaande bestemmingsplan met als ondergrond het verhaal van alle onderscheidende historische- en landschapskwaliteiten van het gehele Maas-Meander gebied. -Wij doen deze oproep aan uw College ook omdat anderen stadsinwoners die iets willen wijzigen binnen een beschermd stadsgezicht altijd een omgevingsvergunning moeten aanvragen. Waarom zou de gemeente Oss dat zelf doen.
-Veel werk behoeft zo’n wijziging op het bestemmingsplan van 2013 niet te zijn omdat nagenoeg alle onderzoekaspecten uit in dit ontwerp projectplan Meanderende Maas bekend- en bruikbaar zijn. -Wij danken U voor uw aandacht.
4