CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegevoorstel Kadernota Energietransitie

Gemeenteraad 17 oktober 2024, gemeente OssBij agendapunt: A Kadernota Energietransitie2.466 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Advies aan B&W Onderwerp Kadernota Energietransitie Datum

03-09-2024

Naam en telefoon

Marlous Goeman 0412629410

Afdeling

LWE

Portefeuillehouder

Kees van Geffen

Wat adviseer je te besluiten? (=concept-besluit) De raad voor te stellen: 1.

De Kadernota Energietransitie, de randvoorwaarden en de opgave vast te stellen.

2.

Het college de opdracht te geven om een uitvoeringsprogramma Energie op te stellen;

Wat is de aanleiding voor dit advies? Een van de maatregelen om klimaatverandering tegen te gaan is het verminderen van de CO2uitstoot. Om dat doel te bereiken is een transitie nodig van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare duurzame energie. Gemeenten hebben vanuit het Klimaatakkoord taken gekregen om daaraan bij te dragen. Deze Kadernota Energietransitie beschrijft die taken en geeft aan de hand van prognoses weer hoe die taken zich vertalen in een Osse opgave voor 2050. Het is daarmee een weergave van de ontwikkelingen in de energietransitie en de taken die we vanuit het Rijk hebben gekregen. Na het vaststellen van deze Kadernota Energietransitie is de eerstvolgende stap om na te denken of we de opgave kwalitatief willen verrijken met eigen ambities. Daarna gaan we participatief aan de slag hoe we de opgave gaan invullen. We gaan daarover onder andere in gesprek met netbeheerder Enexis, de woningcorporaties en lokale energie initiatieven. Aan welke opdracht draagt dit advies bij? Dit advies draagt bij aan de coalitiedoelstelling energieneutraal in 2050, door richting te geven aan die opgave voor 2050. Welk resultaat willen we bereiken? Dat we op basis van deze verkenning de opgave voor 2050 vaststellen om daarna een strategie te bepalen en tot een uitvoeringsprogramma te komen.

Dat geeft niet alleen richting voor ons eigen uitvoeringsprogramma maar ook richting aan de transitie voor onze inwoners en externe partners. In 2025 komen we terug bij uw raad met de onderdelen in het uitvoeringsprogramma Energie, waarin we de gemeenteraad om richting vragen. Voorbeelden daarvan zijn het vormgeven van de energiemix 2050 en door middel van het vaststellen van maatschappelijke waarden richting geven aan onze taak voor het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Dit laatste komt terug in het verplichte warmteprogramma, wat de opvolger is van de Transitievisie Warmte. Uiteraard betrekken we ook onze partners en (georganiseerde) inwoners bij het vormgeven van de verschillende onderdelen van het uitvoeringsprogramma. Welke argumenten zijn er voor dit advies? (=want)

Advies aan B&W

Pagina 1 van 7

Advies aan B&W 1.1 Het Klimaatakkoord legt taken voor de energievoorziening neer bij gemeenten Gemeenten hebben vanuit het Klimaatakkoord verantwoordelijkheden en taken gekregen om met de energietransitie bij te dragen aan de doelstelling om CO2-uitstoot te verminderen. Die verantwoordelijkheden en taken zijn deels nieuw voor de gemeenten, en zijn de volgende: •

het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving door met een wijkaanpak bij te dragen aan goed geïsoleerde woningen en gebouwen, die we met duurzame warmte verwarmen en waarin we schone elektriciteit gebruiken of zelfs zelf opwekken. In 2030 moeten daarvoor 1,5 miljoen woningen op landelijk niveau verduurzaamd zijn. Dat is de vertaling van 20% van de bestaande woningvoorraad. Dat is ongeveer 7.500 woningen in Oss.

•

Daarnaast hebben alle gemeenten in Nederland een elektriciteitsopgave gekregen binnen de RES voor 2030, die landelijk moet optellen tot 35 TWh hernieuwbare energie op land met

grootschalige opwek van zon en wind. Dat is vertaald naar 1,008 PJ in Oss. 1.2 Aankomende wet- en regelgeving vraagt ook steeds explicieter om verder te kijken dan 2030 Om deze taken op te pakken, is er ook wetgeving in ontwikkeling om de gemeenten daarvoor de juiste bevoegdheden te geven. Dat wordt geregeld met de Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie (Wgiw), de verwachte inwerkingtreding is medio 2025. De Wgiw legt ons bijvoorbeeld op om in een warmteprogramma toelichting te geven wat we gaan doen aan het verduurzamen van de gebouwde omgeving tot minimaal 2035. 1.3 Als gemeente hebben we vanuit het Klimaatakkoord expliciete taken gekregen, met bijbehorende instrumenten (sommigen nog in ontwikkeling) en financiering Vanuit het Rijk is er dus een duidelijke afbakening voor de gemeentelijke taken. Indien we meer willen doen als gemeente, zijn onze mogelijkheden vaak beperkt tot informeren en faciliteren. En voor extra taken zoals het verduurzamen van bedrijven en transportschaarste hebben wij geen financiën ontvangen vanuit het Rijk, maar kan het uiteraard wel een eigen lokale agenda zijn. Die ruimte is er nog dat de opgave kwalitatief verrijkt wordt met eigen ambities.

1.4 Op korte termijn moeten er systeemkeuzes worden gemaakt die bepalend zijn voor de komende decennia We staan nu voor de opgave om samen met partners systeemkeuzes te maken (opwek, infra, opslag, conversie en afname), die bepalend zijn voor de komende decennia. De partners, zoals de netbeheerders, kijken daarom ook naar de lange termijn. De doorlooptijd van de aansluiting van onze regio op het hoogspanningsnet duurt al minimaal 10 jaar, voordat dat nieuwe station en de aansluiting gerealiseerd is. Dat vraagt ook van ons om een toekomstgerichte visie die verder gaat dan 2030. Deze Kadernota Energietransitie helpt ons in gesprek te gaan met onze partners. 1.5 Lange termijn denken is nodig om de huidige problematiek het hoofd te bieden Onze regio krijgt een eigen aansluiting op het landelijke elektriciteitsnet van TenneT. Dit wordt gedaan om de huidige problematiek met netcongestie te verminderen. Deze aansluiting geeft ons en onze regio een bepaalde omvang aan capaciteit op het elektriciteitsnet waarmee we het tot 2050 moeten doen. Om de omvang van de uitbreiding te kunnen bepalen vraagt TenneT om de plannen van de gemeenten richting 2050. Ze hebben onder andere informatie nodig hoeveel elektriciteit we

Advies aan B&W

Pagina 2 van 7

Advies aan B&W nog verwachten op te wekken, waar we dat verwachten en met welke bronnen. Met de Kadernota Energietransitie geven we een indicatie van de verwachte opwek. De andere vragen zullen opgepakt moeten worden in het uitvoeringsprogramma Energie. Kortom, voor een toekomstbestendig energiesysteem, waar het elektriciteitsnet onderdeel van is, is het nodig dat wij ook verder kijken dan 2030. In ieder geval naar de lange termijn, naar 2050. 1.6 Het advies komt voort uit de richtinggevende keuzes van landelijk beleid Door naar het geheel te kijken van opwek, transport, opslag, conversie en afname, komt naar voren dat balans van het energiesysteem nodig is. Dit heeft het Rijk ook gesteld in hun Nationaal Plan Energiesysteem, waarin ze 5 richtinggevende keuzes maakt voor het energiesysteem. Dat leidt tot de volgende 6 lokale randvoorwaarden die een vertaling zijn wat het betekent op lokaal niveau. Dat zijn, in willekeurige volgorde: 1.

De benodigde duurzame energieopwek is afhankelijk van de energievraag. Energiebesparing is daar een belangrijk onderdeel van.

2.

Door de variërende vraag naar en opwek van energie in tijd, gedurende de dag en per seizoen, is opslag en eventueel conversie van energie nodig.

3.

Hoe beter het energiesysteem in balans is, hoe lager de maatschappelijke kosten voor het energiesysteem zijn.

4.

Vraag en aanbod van energie wordt zo dicht mogelijk bij elkaar gebracht.

5.

Energie wordt zo efficiënt mogelijk gebruikt. Dat betekent warmte voor warmte, elektriciteit voor elektriciteit.

6.

Voor een toekomstbestendig en duurzame lokale energievoorziening is lokaal duurzaam (CO2-neutraal en hernieuwbaar) en beschikbare energieopwek nodig.

1.7 De lokale randvoorwaarden helpen ons om toekomstbestendige en duurzame energiesysteemkeuzes te maken Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor de ruimtelijke ordening in onze gemeente. De lokale randvoorwaarden helpen ons om daarvoor beleid op te stellen voor de opwek, opslag en afname van energie. Uiteraard passend binnen de taken die we als gemeente hebben gekregen. 2.1 Met het vaststellen van de opgave alleen zijn we er niet Het is nodig om ook de vervolgstappen vast te stellen hoe we invulling aan die opgave gaan geven. Daarin zult u als college nog een aantal keuzes maken die we aan u voorleggen wanneer we de potentie van alle elektriciteitsbronnen in beeld hebben en een warmtestrategie hebben ontwikkeld.

Wat zijn kanttekeningen, tegenargumenten of risico’s? (=maar) 1.1 2050 is erg ver weg en onzeker De toekomst is onzeker, want het is een dynamisch speelveld. Daarom hebben we op basis van prognoses in bandbreedte de opgave van 2050 bepaald. Gedurende het vervolgproces blijven we ontwikkelingen volgen en waar nodig nemen we dat mee in de besluitvorming.

Advies aan B&W

Pagina 3 van 7

Advies aan B&W

1.2 Het energievraagstuk maakt onderdeel uit van andere opgaven en wordt daardoor complexer Het energievraagstuk wordt met het vaststellen van randvoorwaarden ook expliciet verbonden met de grote energievragers, zoals onze woonopgave. Dit was impliciet al het geval, dat ook steeds duidelijker aan het licht kwam. Door het expliciet te maken vraagt het ook een aanpassing in het handelen van de gemeente, door de randvoorwaarden toe te passen. 1.3 De gemeente wil meer doen In het coalitieakkoord staat “We willen onze inwoners, bedrijven1 en instellingen in staat stellen energiebesparende maatregelen te nemen en hen daarbij ondersteunen als dat nodig is”. Het ondersteunen van bedrijven in de energietransitie behoort niet tot de gemeentelijke taken volgens het Klimaatakkoord2. Als eerstvolgende stap zal er gesproken moeten worden over onze eigen ambitie. Concreet betekent dit dat het gesprek zal moeten gaan over in hoeverre we naast de opgelegde taken, nog extra werkzaamheden willen oppakken. 1.4 Andere ontwikkelingen hebben mogelijk invloed op onze opgave Onze opgave kunnen we nu vaststellen, maar mogelijk hebben internationale, Europese en nationale ontwikkelingen invloed op wat wij lokaal moeten doen. Dit is echter niet van de ene op de andere dag geregeld. Dat geeft ons voldoende tijd om onze opgave uit te werken en bij te stellen, wanneer daar aanleiding toe is.

1.5 We zijn voor onze opgave mede afhankelijk van partners Voor het uitwerken en realiseren van onze opgave zijn we ook afhankelijk van de inzet en bevoegdheden van medeoverheden en partners als de netbeheerder, gebouweigenaren, woningbouwcorporaties, energiecoöperaties en inwoners. Dat vraagt om nieuwe en intensievere manieren van samenwerken dan we tot nu toe gewend zijn in de energietransitie. 1.6 Consequenties zijn nog niet volledig helder We stellen een opgave vast, zonder dat we nu al precies weten wat daarvan de ruimtelijke en financiële consequenties zijn. Daarvoor is het nodig om zicht te krijgen op de technische potentie van de elektrische energiebronnen en de warmtestrategie. De raad wordt daarbij wel in positie gebracht om daarvoor de kaders te stellen. Het vaststellen van de opgave kan daardoor als eerste stap worden gezien. 1.7 Het vaststellen van de Kadernota Energietransitie gaat over de bestuursperiode van de raad heen.

1 Bedrijven vallen niet onder gebouwde omgeving. 2 AEF-onderzoeksrapport Uitvoeringskosten Klimaatakkoord | Rapport | Raad voor het Openbaar Bestuur

(raadopenbaarbestuur.nl)

Advies aan B&W

Pagina 4 van 7

Advies aan B&W Dit is echter nodig. We staan voor te maken keuzes voor de energiesystemen die decennialang doorwerken. Dat is te vergelijken met de aanleg van wegen en riolering in de woonwijken. 2.1 Vervolgstappen nodig na het vaststellen van lokale randvoorwaarden Met deze Kadernota Energietransitie stellen we 6 lokale randvoorwaarden vast om te komen tot een duurzaam en toekomstbestendig energiesysteem. Deze randvoorwaarden geven richting aan onze opgave en aan hoe om te gaan met dat de toegang tot energie niet meer vanzelfsprekend is. Naast het vastleggen in beleid is het ook nodig dat deze toegepast worden bij ruimtelijke gebiedsontwikkelingen. Hierover zijn we in gesprek met het projectbureau. 2.2 De vervolgstappen vragen ook nog om principiële en richtinggevende keuzes van de raad Het uitvoeringsprogramma vraagt naast goedkeuring op de uitvoering, ook nog een aantal principiële en richtinggevende keuzes van de raad. Zoals welke maatschappelijke waarden van belang zijn bij de keuze voor het warmtealternatief. Hiervoor komen we met aparte besluiten terug naar de gemeenteraad. 2.3 Het uitvoeringsprogramma vraagt ook om inzet We gaan ons uiterste best doen om hier zo veel mogelijk van waar te maken in relatie tot alle andere ambities die we hebben in het coalitieakkoord. De vraag is of dit wel waargemaakt kan worden met de huidige bezetting en middelen.

Waar moeten we rekening mee houden? a.

Financiën

Om onze taken uit het Klimaatakkoord uit te kunnen voeren krijgen gemeenten op basis van de tijdelijke regeling ‘capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid’ (CDOKE) gelden vanuit het Rijk. Deze middelen zijn toegekend tot en met 2025, maar het Ministerie van EZK heeft aangegeven dat gemeenten er vanuit mogen gaan dat deze middelen van structurele aard zijn. Om de ambities en taken vanuit het Rijk en de gemeente waar te kunnen maken is meer geld (voor formatie) noodzakelijk. Het realiseren van de ambities is sterk afhankelijk van middelen vanuit het Rijk, het is onzeker of we deze zullen ontvangen. De CDOKE gelden die we ontvangen en de eerder beschikbaar gestelde middelen voor capaciteit zijn het kader waarin we deze Kadernota Energietransitie uit zullen moeten voeren. We werken dit verder uit in een uitvoeringsprogramma. b. Informatiebeveiliging en Privacy Er zijn geen privacy risico’s verbonden aan het vaststellen van de Kadernota Energietransitie. c. Communicatie en participatie De Kadernota Energietransitie is in concept ter informatie toegestuurd naar onze belangrijkste professionele partners: Enexis en de woningcorporaties. En de samenvatting is gedeeld met onze omringende gemeenten in de regio. Het stuk dat nu voorligt is beperkt participatief omdat er nu voorligt wat de kaders zijn.

In de vervolgstappen is er meer ruimte voor participatie, omdat we dan

Advies aan B&W

Pagina 5 van 7

Advies aan B&W eigen inkleuring aan de opgelegde opgave gaan geven. Het gaat dan met name over een eventuele verrijking van de opgave met een eigen ambitie en hoe we invulling aan die opgave willen geven. Dat betekent dat we dan ook een intensiever participatieproces kunnen doorlopen met onder andere de netbeheerder Enexis, de woningcorporaties en lokale energie initiatieven. Een stakeholderanalyse zal ons daarbij helpen om te bepalen wie we op welk moment het beste kunnen betrekken. d. Uitvoering Er is een uitvoeringsprogramma Energie nodig, waar zowel de technische potentie van elektriciteitsbronnen als de warmtestrategie deel vanuit maken. Er zal ook een verdere uitwerking nodig zijn hoe energie meegenomen wordt in de gebiedsontwikkeling. e. Overlegd met Intensief betrokken: •

Petra Kamsma – afdelingshoofd Strategie en Beleid (LWE)

•

Sander van der Heijden – programmamanager Klimaat & Energie

•

Mark van ’t Hof – projectmanager energie (LWE)

•

Paul Vereijken – planoloog (RO)

•

Bart van Lieshout – technisch coördinator warmtetransitie (LWE)

Geïnformeerd en toegelicht: •

Paul Bexkens – Hoofd projectenbureau

•

Sandra Hofman – Hoofdvastgoedbedrijf

•

Jessica van der Linden – Afdelingshoofd Ruimtelijke Ontwikkeling

•

Berton Wijdeven – Hoofd Afdeling Inrichting Beheer Openbare Ruimte

•

Elma Softic – Afdelingshoofd VTH

•

Martijn Merks – Afdelingshoofd Bestuur en Advies

. Besproken met: •

Judith van Berkel – Communicatieadviseur

•

Anne Sprong – Adviseur Planning & Control

Advies aan B&W

Pagina 6 van 7

Advies aan B&W Bijlagen Kadernota Energietransitie. Samenvatting (=korte inhoud) De Kadernota Energietransitie is een langetermijnvisie op de energietransitie. De gemeente stelt hierin randvoorwaarden en een doelstelling voor 2050 vast op basis van prognoses. Hoe daar vervolgens invulling aan wordt gegeven volgt later in een uitvoeringsprogramma.

Advies aan B&W

Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=95a7d7fe-36fc-4da8-92f1-b5ce7342ab7f