Collegevoorstel Evaluatie Centrumregeling.DOCX
Tekst van het document
Advies aan B&W
Onderwerp Centrumregeling Jeugdhulp Noordoost Brabant 2020 Datum
26 juli 2022
Naam en telefoon
M. Remmits 0614053601
Afdeling
SMM
Portefeuillehouder
D. Warris
Wat adviseer je te besluiten? 1.
Op basis van het evaluatierapport (Jeugdhulpregio Noordoost Brabant Toekomstgerichte evaluatie van de centrumregeling Eindrapportage d.d. 3 juni 2022) en de daarin genoemde conclusies en aanbevelingen te besluiten tot het voortzetten van de huidige centrumregeling regionale samenwerking jeugdhulp voor een periode van vier jaar vanaf 1 januari 2024 (2024-2027) in Noordoost Brabant
2.
Op basis van de uitkomsten van de evaluatie op onderstaande punten te komen tot voorstellen voor aanpassing van de huidige centrumregeling en deze in december 2022 ter instemming, begeleid met een vraag tot zienswijze voor te leggen aan de gemeenteraad:
3.
a.
Herijking van de governance (bevinding 2).
b.
Verwerken van de nieuwe bekostigingssystematiek (bevinding 7);
c.
Aanpassing van de verdeelsleutel en solidariteitsregeling (bevinding 8).
De raad middels bijgaande raadsinformatiebrief te informeren over dit collegebesluit.
Wat is de aanleiding voor dit advies? We willen de regionale samenwerking voor jeugdhulp voortzetten en door- ontwikkelen. De basis onder deze samenwerking is een verlenging van de huidige centrumregeling in een aangepaste vorm. Aan welke opdracht draagt dit advies bij? De huidige centrumregeling jeugd loopt tot 1 januari 2024 en is randvoorwaardelijk voor de regionale inkoop organisatie Jeugdhulp (RIOZ), de gezamenlijke contractering van jeugdhulpaanbieders en om uitvoering te geven aan de regionale uitvoeringstaken en beleidsagenda. In 2023 starten de voorbereidingen voor de contractering van 2024-2027. Als we gezamenlijk willen blijven contracteren, moet er een gemeenschappelijke regeling van kracht zijn. Dit kan door de huidige centrumregeling stilzwijgend te verlengen en, indien nodig, op punten aan te passen. Een andere mogelijkheid is het opstellen en bekrachtigen van een nieuwe centrumregeling. Om dit te beoordelen evalueerden we de huidige centrumregeling.
Relevante besluitgeschiedenis:
Advies aan B&W
•
In 2015 hebben de gemeenten in de regio Noordoost Brabant hun samenwerking rondom de inkoop van Jeugdhulp bekrachtigd in de Centrumregeling inkoop jeugdhulp Noordoost Brabant (2015-2019).
•
Na de tussentijdse evaluatie in maart 2016 hebben de gemeenten besloten om de regeling te verlengen met een periode van 1 jaar, waardoor deze tot 2020 doorliep.
•
Zij hebben daarbij de intentie uitgesproken om de regeling na deze periode te verlengen.
•
In de Centrumregeling inkoop jeugdhulp Brabant Noordoost 2015-2020 was opgenomen dat er geëvalueerd moet worden onder leiding van een onafhankelijk procesbegeleider. Deze evaluatie heeft in 2018 plaatsgevonden.
•
Op basis daarvan is door het RBO besloten om aan afzonderlijke raden voor te stellen een nieuwe centrumregeling aan te gaan: de huidige Centrum Regeling Jeugdhulp Noordoost Brabant. Deze regeling loopt van 01-01-2020 tot 01-01-2024. In deze regeling is opgenomen dat er voor 1 juli 2022 door een onafhankelijke partij geëvalueerd moest worden.
Welk resultaat willen we bereiken? Het voortzetten en door ontwikkelen van de regionale samenwerking jeugd wordt ondersteund door een gemeenschappelijke regeling. Het college beoogt de juridische basis in de vorm van een centrumregeling te continueren onder de regionale samenwerking, zodat contractering van jeugdhulp aanbieders en uitvoering geven aan de regionale beleidsagenda 2024-2027 mogelijk is. In de beoogde aanpassing van de centrumregeling kunnen we rekening houden met de opgedane ervaring in de samenwerking en veranderde omstandigheden, zoals bijvoorbeeld de gemeentelijke herindelingen en regionale en landelijke ontwikkelingen. Bij een centrumgemeenteconstructie hoeft niet voor elk onderdeel expliciet toestemming gegeven te worden door de mandaatgever. Met de mandaatgever worden de colleges van de deelnemende gemeenten aan de centrumregeling bedoeld. In de centrumregeling is vastgelegd dat de deelnemende gemeenten hun mandaat en volmacht aan de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch hebben gegeven om de jeugdtaken, zoals nader omschreven in de centrumregeling, in te kopen namens de Noordoost Brabantse gemeenten. Voor deze taken hoeft dus niet telkens expliciet toestemming aan de colleges van de deelnemende gemeenten te worden gevraagd.
Aangezien er reeds een gemeenschappelijke regeling is, kan ervoor gekozen worden de bestaande regeling stilzwijgend te verlengen en, indien gewenst, op onderdelen aan te passen. Een geheel nieuwe centrumregeling is ook een mogelijkheid. Gelet op de bevindingen uit de rapportage van &Van de Laar zullen de aanpassingen technisch van aard zijn en niet gaan over het wezen van de centrumregeling. Een nieuwe centrumregeling is niet noodzakelijk. Advies aan B&W
Pagina 2 van 6
Advies aan B&W
U ontvangt dit najaar het voorstel voor de aanpassingen op de punten benoemd bij de beslispunten. Die worden nu op basis van het ontvangen rapport van &van de Laar regionaal uitgewerkt. Deze aanpassingen moeten via de gemeenteraden worden bekrachtigd. Nieuw is dat de raden als gevolg van een wijziging van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen acht weken de tijd hebben om een zienswijze vooraf in te dienen op de voorgestelde aanpassingen in de centrumregeling. Om de raden in de regio op dezelfde wijze te informeren wordt, na voorlegging aan de colleges, een regionale raadsinformatiebijeenkomst georganiseerd om de raden te informeren over de voorgestelde wijzigingen.
Welke argumenten zijn er voor dit advies? 1.
Vanuit de landelijke overheid is regionale samenwerking vereist. Voor de regionale samenwerking wordt door het Rijk vooralsnog aangestuurd op wettelijke borging en verankering door gemeenten te gaan verplichten om via een op WGR gebaseerde manier hun samenwerking vorm te geven. De VNG loopt hierop vooruit door in de Norm voor Opdrachtgeverschap de regionale samenwerking te verbeteren en te verankeren. Met het voortzetten van de regionale samenwerking vastgelegd in een WGR vorm handelen we binnen deze lijn.
2.
De regionale samenwerking maakt efficiënte contractering van jeugdhulp partijen mogelijk.
3.
De centrumregeling is het meest passende juridische instrument om gezamenlijke contractering, regionale beleidsvorming en beleidsuitvoering mogelijk te maken.
4.
De evaluatie centrumregeling rechtvaardigt de wens tot voorzetting, en bevat concrete aanbevelingen voor aanpassing van de centrumregeling voor de doorontwikkeling.
5.
De bevindingen van het onderzoeksbureau &Van Laar zijn over het algemeen herkenbaar. Op veel fronten is er tevredenheid, maar er zijn ook mogelijkheden tot verbetering van de samenwerking. Het gaat dan vooral om betere focus en effectieve inzet van de schaarse middelen. Op sommige punten is daar aanpassing van de centrumregeling voor nodig en op andere punten moeten nadere werkafspraken worden gemaakt. Verdere uitwerking van mogelijke aanpassing is nodig voor: •
het doorvoeren van de consequenties van de aangepaste bekostigingssystematiek;
•
de financiële verdeelsleutel met daarin helderheid ten aanzien van het begrip solidariteit;
•
herijking van de governance structuur, inclusief positionering controllers, als gevolg van herindelingen en ter vergroting van de programmasturing
•
aanpassing stemverhoudingen als gevolg van herindelingen;
Advies aan B&W
Pagina 3 van 6
Advies aan B&W
Bevindingen en aanbevelingen uit het evaluatierapport zijn basis geweest voor het regionaal ambtelijk advies over de verdere invulling van de centrumregeling in de toekomst.
Wat zijn kanttekeningen, tegenargumenten of risico’s? 1. Regionale samenwerking kent een andere dynamiek, dan wanneer een gemeente alleen besluiten kan nemen: Hier geldt het adagium: “alleen ben je sneller, samen kom je verder”. Als regio is het makkelijker te sturen op het zorglandschap, tarieven, werkwijzen en het opvangen van crises in aanbod. Voor de continuïteit van de jeugdhulp voor jeugdigen in onze regio is samenwerking gewenst. 2. Samenwerking betekent ook ons conformeren aan regionaal genomen besluiten: Het kan zijn dat binnen de regio andere wensen zijn dan past bij onze lokale zienswijze. De ervaring leert dat ruimte voor lokaal maatwerk tot op zekere hoogte mogelijk is, maar soms moet eenzelfde werkwijze of lijn aangehouden worden richting zorgaanbieders. Het lokale belang is dan ondergeschikt aan het regionale belang. Als voorbeeld kan men denken aan uniformeren monitoringsinformatie om daarmee de administratieve lasten te verminderen. Zorgvuldige besluitvormingsprocedures zijn dan van belang. 3. Lokaal beleid versus regionaal beleid: We hebben meer lokale verantwoordelijkheid: regionaal samenwerking daar waar het moet, lokaal daar waar het kan. Een risico is daarin de afweging lokaal of regionaal. 4.
College en raad stemmen niet in met verlenging centrumregeling, dan wel de aanpassingen van de centrumregeling: Wanneer het college niet instemt met de verlenging van de huidige centrumregeling dan moet zij dit actief kenbaar maken aan de centrumgemeente in een aangetekende brief voor 1 januari 2023. Wanneer de colleges van de gemeenten ‘niets’ doen, wordt de regeling automatisch stilzwijgend verlengd met nogmaals vier jaar. De raad kan haar toestemming voor de voorgestelde aanpassingen van de centrumregeling slechts onthouden wegens strijd met de wet of het algemeen belang. Het gaat hier bijvoorbeeld om de situatie dat de raad meent dat het ondoelmatig is om voor de desbetreffende belangen samen te werken met andere gemeenten of dat de raad meent dat de bevoegdheid zich niet leent voor gezamenlijke behartiging. De plicht tot een zekere terughoudende beoordeling, impliceert dat de raad alleen tot strijd met het algemeen belang kan oordelen als de bezwaren tegen de samenwerking overwegend zijn.
Advies aan B&W
Pagina 4 van 6
Advies aan B&W
Waar moeten we rekening mee houden? a. Financiën In de centrumregeling worden afspraken over de financiële verdeelsleutel, regionaal budget en P&C-cyclus vastgelegd. Aanpassingen in regionale financiële afspraken, zoals bijvoorbeeld de regionale verdeelsleutel en de meerjarenbegroting regionale zorgvormen, kennen een lokale financiële vertaling die van invloed is op de lokale P&C-cyclus en budgetten. b. Privacy N.v.t. c. Communicatie N.v.t. d. Uitvoering N.v.t. e. Overlegd met Regionaal Bestuurlijk Overleg Irene Rouwenhorst – programmamanager Jeugdhulp Sander van den Berk – beleidsadviseur Jeugdhulp Controllers Bijlagen •
Bijlage 1: Rapport evaluatie centrumregeling: Jeugdhulpregio Noordoost Brabant Toekomstgerichte evaluatie van de centrumregeling Eindrapportage d.d. 3 juni 2022
•
Bijlage 2: Raadsinformatiebrief
Samenvatting We willen de regionale samenwerking met betrekking tot jeugdhulp voortzetten en doorontwikkelen. De basis onder deze samenwerking is een verlenging van de huidige centrumregeling in een aangepaste vorm. Sinds 2015 werken de gemeenten in Noordoost Brabant samen in de inkoop van jeugdhulp en de uitvoering van een regionale beleidsagenda: Oss, ‘s-Hertogenbosch, Bernheze, Vught, Sint Michielsgestel, Boxtel, Meierijstad, Boekel, Maashorst, Land van Cuijk.
Advies aan B&W
Pagina 5 van 6
Advies aan B&W
Deze tien gemeenten hebben gekozen voor een samenwerking op basis van een centrumregeling, een vorm van een gemeenschappelijke regeling (WGR). De huidige regeling ‘Centrumregeling inkoop jeugdhulp Brabant Noordoost 2020-2024’ loopt tot en met 31 december 2023. In de centrumregeling hebben de gemeenten afgesproken dat deze, en de uitvoering daarvan vóór 1 juli 2022 wordt geëvalueerd. Deze evaluatie heeft plaats gevonden onder onafhankelijke aansturing. Het Regionaal Regieteam heeft &VDL gevraagd om deze opdracht te vervullen. Daarbij is bepaald dat de evaluatie resulteert in een evaluatieverslag dat wordt aangeboden aan de colleges van de gemeenten.
Advies aan B&W
Pagina 6 van 6