CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bodemonderzoek.PDF

Gemeenteraad 7 oktober 2021, gemeente OssBij agendapunt: A Vaststellen bestemmingsplan Dorpshart Geffen 20214.168 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verkennend bodemonderzoek ter plaatse van het gemeentehuis te GefTen

Projectcode

MSD.B04.10

Rapportnummer

94.165

Status

Deflnitief

Datum

7 juni 1994

Opdrachtgever

Gemeente Maasdonk Afdeling Milieu J.A.A, Lamberigts Postbus 5 5386 ZG Geffen 04102-22955

Contactpersonen CSO

Drs. FJ.H.M. van Gennip Drs. K. de Lange CSO Adviesbureau voor Milieuonderzoek Regulierenring 20 3981 LB Bunnik telefoon : 03405-94321 telefax : 03405-71792

CSO

Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.BO4.IO

Inhoudsopgave blz. 1 Inleiding

1

2 Inventarisatie van bekende gegevens 2.1 Ligging en inrichting van de onderzoekslokatie 2.2 Bodemopbouw en geohydrologie

1 1 2

3 Uitgevoerde werkzaamheden 3.1 Veldwerk 3.2 Chemische analyses

2 2 3

4 Resultaten 4.1 Resultaten van het veldonderzoek 4.2 Resultaten chemische analyses 4.3 Verontreinigingssituatie

4 4 4 5

5 Samenvatting en aanbeveling

6

Kaartbij lagen Kaartbijlage 1: Kaartbijlage 2:

Regionale ligging van de onderzoekslokatie Overzicht onderzoekslokatie en ligging van de boorpunten en de peilbuis

B\jlagen Bijlage 3: Bijlage 4A: Bijlage 4B: Bijlage 5A: Bijlage 5B:

Profielbeschrijvingen Analyseresultaten grondmonsters met overschrijding van de indicatieve richtwaarden Analyseresultaten grond Analyseresultaten grondwatermonster met overschrijding van de indicatieve richtwaarden Analyseresultaten grondwater

CSO Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.BO4.IO

Inleiding In opdracht van de gemeente Maasdonk heeft CSO adviesbureau voor Milieuonderzoek een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van het gemeentehuis te Geffen. Aanleiding voor het verkennende bodemonderzoek is de aanvraag van een bouwvergunning voor de uitbreiding van het gemeentehuis. De uitbreiding van het gemeentehuis zal op drie lokaties plaatsvinden. Doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de kwaliteit van de grond en het grondwater ter plaatse van de onderzoekslokatie. Het verkennende bodemonderzoek is verricht volgens derichtUjnenzoals aangegeven door de NVN 5740 Bodem: Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek (september 1991) voor verdachte en onverdachte lokaties. Op basis van de informatie van de opdrachtgever is er vanuit gegaan dat de lokatie onverdacht is. Bij het uitvoeren van het veldwerk en monstememing zijn de Nederlandse Praktijkrichtlijnen (NPR) gevolgd voor monsterneming voor grond, sediment en grondwater, die worden toegepast bij bodemverontreinigingsonderzoek (NNI, 1994). Voor de chemische analyses zijn de aangepaste Voorlopige Praktijkrichtlijnen (VPR) voor analyse bij grond- en grondwaterverontreiniging gevolgd (VROM, september 1988).

Inventarisatie van bekende gegevens 2.1

Ligging en inrichting van de onderzoekslokatie De onderzoekslokatie is gelegen aan de Raadhuisstraat te Geffen. De regionale ligging van de onderzoekslokatie en het terreinoverzicht met de ligging van de boorpunten en peilbuis is weergegeven in de kaartbijlage 1 en 2. De gemeente Maasdonk is voornemens het gemeentehuis op drie plaatsen uit te breiden. De drie aanbouwlokaties hebben een oppervlakte van respectievelijk 100 m^ 200 m^ en 250 ml In de onderzoeksopzet zijn de drie aanbouwlokaties beschouwd als 1 onderzoekslokatie met een totale oppervlakte van 550 ml De aanbouwlokaties zijn nu in gebruik als groenvoorziening (deels verhard met sierbestrating) van het gemeentehuis Geffen.

CSO

2.2

Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.BO4.IO

Bodemopbouw en geohydrologie De navolgende gegevens zijn ontleend aan de Grondwaterkaart van Nederland, blad 's-Hertogenbosch (TNO-Dienst Grondwaterverkenning, 1977). De gemeente Maasdonk ligt in de Centrale Slenk. De maaiveldhoogte varieert van 4 tot 7 m+NAP en bedraagt gemiddeld circa 5 m-l-NAP. De regionale bodemopbouw in de gemeente Maasdonk kan globaal als volgt worden geschematiseerd: 5 B+NAP (matig) fijn zand ~ (matig) grof zand :

matig doorlatende deklaag 5 m-NAP 1' watervoerend pakket 60 m-NAP 1° slecht doorlatende laag

• (matig) grof zand i-.i

110 m-NAP 2 ' watervoerend pakket

De matig doorlatende deklaag is opgebouwd uit de fijnzandige afzettingen van de Nuenen-groep. Het eerste watervoerend pakket is opgebouwd uit de grindhoudende (matig) grove zanden van de Formaties van Veghel en Sterksel en heeft een doorlaatvermogen (transmissiviteit) van circa 2500 tot 3000 mVdag. De eerste slecht doorlatende laag bestaat uit de Qjne zanden en de kleiige afzettingen van de Formaties van Tegelen en Kedichem. De lokatie ligt in een gebied waar regionaal infiltratie optreedt. Het ondiepe grondwater staat op circa 1 tot 2 m-mv. Het grondwater in het eerste watervoerend pakket stroomt regionaal in westelijke richting. In de gemeente Maasdonk worden op enkele punten relatief grote hoeveelheden grondwater onttrokken. De stromingsrichting in het eerste watervoerend pakket wordt hierdoor op regionale schaal echter niet beïnvloed.

Uitgevoerde werkzaamheden 3.1

Veldwerk Uit de informatie van de opdrachtgever blijkt dat voor zover bekend ter plaatse van de aanbouwlokaties geen activiteiten hebben plaatsgevonden die hebben kunnen leiden tot een verontreiniging van de grond en het grondwa-

CSO Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD304.IO

ter. Tijdens het onderzoek is op basis van bovengenoemde informatie, een onderzoeksstrategie gehanteerd voor onverdachte lokaties conform de richtlijnen van de NVN 5740. De hypothese bij deze opzet luidt dat de lokatie onverdacht en niet verontreinigd is. In de onderzoeksopzet zijn de drie aanbouwlokaties beschouwd als 1 onderzoekslokatie met een totale oppervlakte van 550 ml Het veldwerk is verricht in de periode van 24 tot en met 31 mei 1994. Om de kwaliteit van de grond en het grondwater vast te stellen zijn in totaal 5 boringen verricht, waarvan 3 boringen tot 0,5 m-mv en 2 boring tot 2,0 mmv. Tevens is een peilbuis (peilbuis 1) geplaatst met het peilfilter tussen 3,0 en 4,0 m-mv. Bij de onderzoeksopzet geldt de volgende algemene strategie: - De bemonstering heeft plaatsgevonden in trajecten van maximaal 0,5 meter tot op boordiepte waarbij materiaal uit zintuiglijk verschillende bodemlagen niet is vermengd. - Indien er sprake is van een zintuiglijke verontreiniging, is het gehele zintuiglijke verontreinigde traject bemonsterd en de eerste halve meter zintuiglijk schone grond direct hieronder. - Het grondwater is een week na plaatsing van de peilbuis bemonsterd. - Het opgeboorde materiaal is beoordeeld op kleur, textuur, bijmenging(en) en eventuele bijzonderheden. De profielbeschrijvingen van de boringen zijn opgenomen in bijlage 3.

Een overzicht van de onderzoekslokatie met de ligging van de boorpunten en peilbuis is weergegeven in kaartbijlage 2. 3.2

Chemische analyses Van de bovengrond (0,0-0,5 m-mv) van de boringen 1 tot en met 6 is mengmonster M l samengesteld en geanalyseerd op het NVN-pakket bovengrond. Van de monsters uit de ondergrond (1,5-2,0 m-mv) van de boringen 1, 4 en 6 is een mengmonster (M2) samengesteld en geanalyseerd op het beperkte NVN-pakket ondergrond. Het grondwatermonster van peilbuis 1 is geanalyseerd op het NVN-pakket water. Het NVN-pakket bovengrond (0,0-0,5 m-mv) bestaat uit analyse op: zware metalen (Pb, Zn, Cd, Cu, Ni, As, Hg, Cr), EOX, minerale olie (GC) en PAK Het NVN-pakket ondergrond beperkt (0,5-2,0 m-mv) bestaat uit analyse op: zware metalen (Pb, Zn, Cd, Cu, Ni, As, Hg, Cr) en EOX.

CSO

Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.BO4.IO

Het NVN-pakket water bestaat uit analyse op: pH, Ec, zware metalen (Pb, Zn, Cd, Cu, Ni, As, Hg, Cr), EOX, BETX, vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen en fenolindex.

Resultaten 4.1

Resultaten van het veldonderzoek De bodem van de onderzoekslokatie bestaat tot een diepte van circa 1,5 rnmv uit sterk humeus, zwak siltig, matig fijn zand. Hieronder wordt tot op een diepte van minimaal 4,0 m zwak siltig matig fijn zand aangetroffen zonder humusbijmenging. Aan het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen bijzonderheden geconstateerd die kunnen duiden op verontreinigingen. Het grondwater is ten tijde van het veldwerk aangetroffen op een diepte van circa 2,0 m-mv.

4.2

Resultaten chemische analyses De analyseresultaten van de grond en het grondwater die zijn opgesteld door het laboratorium, zijn integraal opgenomen in de bijlagen 4B en 5B. In de bijlagen 4A en 5A is een overzicht opgenomen van de analyseresultaten van respectievelijk de grondmonsters en het grondwatermonster, waarbij is aangegeven of de gemeten concentraties de A-, B- of C-waarde uit de toetsingstabel van de Leidraad bodembescherming, VROM, 1993, overschrijden. De betekenis van de toetsingswaarden luidt als volgt: • overschrijding van de A-waarde (referentiewaarde): het vermoeden van bodemverontreiniging is bevestigd; de uitvoering van een nader onderzoek is afhankelijk van lokatiespecifieke omstandigheden (o.a. zintuiglijke waamemingen, bodemopbouw, verhoogde achtergrondconcentraties, huidig en toekomstig gebmik van de bodem); • overschrijding van de B-waarde (de toetsingswaarde ten behoeve van nader onderzoek): er bestaat een vermoeden van emstige bodemverontreiniging; aanbeveling voor het uitvoeren van een nader onderzoek; overschrijding van de C-waarde (toetsingswaarde ten behoeve van een beslissing tot sanering): het vermoeden van emstige bodemverontreiniging is bevestigd; aanbeveling voor het uitvoeren van een sanering(-sonderzoek).

CSO Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.B04.10

De referentiewaarde voor zware metalen in de grond in afhankelijk van het lutum- en/of organische stofgehalte. De referentiewaarden van PAK, gechloreerde koolwaterstoffen en minerale oüe zijn afhankelijk van het organische stofgehalte. Het lutum- en organische stofgehalte van de bovengrond van de onderzoekslokatie is analytisch bepaald. Het lutum- en organische stofgehalte van de ondergrond van de onderzoekslokatie is geschat aan de hand van zintuiglijke waarnemingen aan het opgeboorde materiaal. Tabel 1:

Lutum- en organische stofgehalte

Bodemlaag (in m-mT) 0,0-0,5 (sterk humeus zand) 1,5-2,0 (zand)

Lotumgehalte (%) 2.0* 1.0

Organische stofgehalU (%) 3.1* 1.0

analytisch bepaald

43

Verontreinigingssituatie In het mengmonster M l van de bovengrond (0,0-0,5 m-mv) is een licht verhoogd gehalten (net boven de referentiewaarde) aan chryseen (een individuele PAK) gemeten. Het totaalgehalte aan PAK (VROM) is echter niet verhoogd. De gehalten aan zware metalen, EOX en minerale olie (GC) zijn eveneens niet verhoogd aangetroffen. In het mengmonster van de ondergrond (1,5-2,0 m-mv) M2 is een licht verhoogd gehalte (boven de referentiewaarde) aan EOX (totaal) gemeten. De gehalten aan zware metalen zijn niet verhoogd. Een bron voor de geconstateerde EOX verontreiniging in de ondergrond is op de lokatie niet aangetroffen. In het grondwatermonster uit peilbuis 1 is een licht verhoogd gehalte (boven de A-waarde) aan fenolen gemeten. De gehalten aan zware metalen en EOX zijn niet verhoogd. Een bron voor de aangetroffen fenolverontreiniging is op de lokatie niet aangetroffen. Mogelijk dat de verontreinigingsbron zich buiten de onderzoekslokatie bevindt.

CSO

Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.BO4.IO

Samenvatting en aanbeveling In opdracht van de gemeente Maasdonk heeft CSO adviesbureau voor Milieuonderzoek een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van het gemeentehuis te Geffen. Aanleiding voor het verkennende bodemonderzoek is de aanvraag van een bouwvergunning voor de uitbreiding van het gemeentehuis. De uitbreiding van het gemeentehuis zal op drie lokaties plaatsvinden. De resultaten van het onderzoek laten zich als volgt samenvatten: In de bovengrond (0,0-0,5 m-mv) is een licht verhoogd gehalte aan chryseen (individuele PAK) gemeten dat de referentiewaarde overschrijdt. Het totaalgehalte aan PAK (VROM) is niet verhoogd. • In de ondergrond is een licht verhoogd gehalte aan EOX (totaal) gemeten dat de referentiewaarde overschrijdt. *• In het grondwater is een verhoogd gehalte (boven de A-waarde) aan fenolen gemeten. Gezien de resultaten van het onderzoek wordt de hypothese dat de onderzoekslokatie onverdacht is verworpen. Derisico'sten aanzien van de volksgezondheid en het milieu die de geconstateerde verontreinigingen in de grond en het grondwater met zich meebrengen zijn vrijwel nihil. Op grond van de resultaten wordt geconcludeerd dat de aangetroffen lichte verontreiniging in de grond en het grondwater geen beperkingen opleggen voor de voorgenomen uitbreiding van het gemeentehuis te Geffen. Aanvullend onderzoek op de lokatie wordt derhalve niet aanbevolen.

CSO Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.BO4.IO

Kaartbyiagen Kaartbijlage 1: Kaartbijlage 2:

Regionale ligging van de onderzoekslokatie Overzicht onderzoekslokatie en ligging van de boorpunten en de peilbuis

Bglagen Bijlage 3: Bijlage 4A: Bijlage 4B: Bijlage 5A: Bijlage 5B:

Profielbeschrijvingen Analyseresultaten grondmonsters met overschrijding van de indicatieve richtwaarden Analyseresultaten grond Analyseresultaten grondwatermonster met overschrijding van de indicatieve richtwaarden Analyseresultaten grondwater

cn -5

O •D

3*.

•D

c

Q.

P rf

") -5

10

<+

-5 O 3 (O

Itl

c cr O

c

n :r

<+ D

(D

I,.

I'

</> 1

O : X

10 -H

II O-1^

in ig T N

n

3"

Cl I n I

M•

tx» rn

O" O O T T) C

-fil

I

ro

w

O -5

5" co

n a m z: a >

I

. •

•t.r:\i:'i'il

i

a;-:'^'';; ' ^ i

^*£:'\,:t

•

ili I 2^ I

. ' r \

'•^Tvi V; • • . • ' t i H " -

'4 iT

i

' ij<

1 'li

''-mmm

ii)ij*.'l|f|-,;iti-,'| ï

•

J'

.11.- . . . V S - i " ' ,

•ir,.--f»

• •Ji."''"''i' -ifl^-r-i»

:l^S?!i '-f z-^-- ^^-•*^•

''t. ï"

••--:.'

(

-s::^l

- i ^ - ,

1^1

1

1

CSO

Adviesbureau voor milieuonderzoek

Bylage 3:

Projectcode MSD.B04.10

Boorbeschryvingen

VERKLARING VAN DE BOORBESCHRUVINGEN Symbolen voor grondsoorten en mengsels volgens NEN 5104. o „ o

O O O

grind, grindig zand, zandig leem, siltig klei, kleiig veen, humeus

Voorbeeld voor het weergeven van mengsels door symbool-combinaties volgens NEN 5104.

klei, uiterst siltig leem, zwak zandig, sterk humeus zand, sterk siltig, sterk grindig zand, matig siltig, zwak grindig, matig humeus zand, zwak siltig, matig grindig, zwak humeus zand, uiterst siltig, sterk grindig, sterk humeus

Projectcode : Boorpirt : Datini :

Boorfirma CSO adviesbureau Boormettiode EDELMAN ZUG I ERBOOR Nacm beschrijver VEENHOF

X coördinaat y coördinaat

MSDB04.10 10/001 24-05-1994

pb t.o.v. mv gw t.o.v. mv

getekerxi volgens NEN 5104 I ^

'5

gg

^

Omschrijving

0.0 m 1.9 m Kleu

Opmerkingen

ZAND (matig fijn), zwak si^ig, d.bruin sterk humeus

2-.

ZAND (matig fijn), zwak siltig beige 3-:

ROESTVLEKKEN

X coördinaat y coördinaat

Boorfirma : CSO adviesbureau Boormet^Dde : EDELMAN Nacm beschrijver : VEENHOF

getekend volgens NEN 5104 I

^

gg CTE

Omschrijving

Kleu

ZAND (matig fijn), zwak siltig, bruin sterk humeus

Opmerkingen

I I I I I I I I H 0 D 0 I

Projectcode Boorpuit Datun

MSDB041 .0 10/003

X coördinaat : y coördinaat :

24-05-1994

Boorfirma CSO adviesbureau Boormethoè EDELMAN Nacm beschrijver VEENHOF

getekend volgens NEN 5104 I ^ " H LO

gg

Omschrijving

Kleu

Opmerkingen

VERHARD

rood

KLINKER

ZAND (matig fijn), zwak siltig, bruin sterk humeus

2-

Projectcode : Boorpuit : Datun :

MSDB04.10 10/004 24-05-1994

getekend volgens NEN 5104

Boorfirma CSO adviesbureau Boormethode EDELMAN Nacm beschrijver VEENHOF

X coördinaat y coördinaat

gw t.o.v. mv

5 m

I

gg

Omschrijving

Kleu

Opmerkingen

\ \ ^ \ \ \ \

s s — s ZZ

\ \ \ \ \ \

— N sJ

I I 1 I I I I I I

n

ZAND (matig fijn), zwak siltig, d.bruin sterk humeus

\ \ \ \— \ \ \N — \ \ N \ \ \ \ \ \ \ \ N

ZAND (matig fijn), zwak siltig beige

ROESTVLEKKEN

X coördinaat : y coördinaat :

Boorfirma : CSO adviesbureau Boormetx)cfe : EDELMAN Nacm beschrijver : VEENHOF

getekend volgens NEN 5104 I JSi

gg CTE

Omschrijving

Kleu

KLINKER

VERHARD

ZAND (matig fijn), zwak siltig

I I I I I I I I H

n n n

Opmerkingen

beige

B fl Projectcode MSDB04.10 H Boorpuit 10/006 24-05-1994 Dotun OgetNENekend5104volgens fl

Boorfirma : CSO adviesbureau Boormett^de : EDIMAN Noem beschrijver : VEENHOF

X coördinaat y coördinaat

gw t.o.v. mv

2 m

I

"O

t/5

gg b^E

fl H fl fl fl I fl fl fl I H H I

n fl

Omschrijving

Kleu

Opmerkingen

VERHARD

rood

KLINKER

ZAND (matig fijn), zwak siltig be.bruin

\ \N \ \ \ \ \— \ \ \ s\|

ZAND (motig fijn), zwak siltig, d.bruin sterk humeus

ZAND (motig fijn), zwak siltig beige

GEROERD

CSO

Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.B04.10

Bijlage 4A: Analyseresultaten grondmonsters getoetst aan de indicatieve richtwaarden Alle opgegeven waarden in mg/kg ds. tenzij anders is aangegeven. * : concentratie tussen de A-waarde en de B-waarde ** : concentratie tussen de B-waarde en de C-waarde *** : overschrijding C-waarde - : niet geanalyseerd < : concentratie kleiner dan de detectielimiet d : detectielimiet A l : referentiewaarde voor kolom 1. Mengmonster Boringnummer Diepte in m. -rav :

Ml 001/002 003/004 005/006 0.0-0.5

M2 001 004 006 1.5-2.0

ALGEHEEN Droge stof (%) Lutum gehalte (%) Org. stofgehalte (%)

92.7 2.0 3.1

87.5 1.0 1.0

< 10 < 5.0 6.2 27 < 10 < 0.2 < 0.1 15

Al

A2

B

C

< 10 < 5.0 < 5.0 17 < 10 < 0.2 < 0.1 < 10

54 12 18 61 17 0.5 0.2 55

52 11 16 55 16 0.4 0.2 52

250 100 100 500 30 5 2 150

800 500 500 3000 50 20 10 600

POLYCYCLISCHE KOOLWATERSTOFFEN Naftaleen < 0.01 Fenantreen < 0.1 Antraceen < 0.1 Fluoranteen < 0.1 Benzo(a)ant raceen < 0.1 Chryseen 0.03 * Benzo(k)fluoranteen 0.02 Benzo(a)pyreen < 0.1 BenzoCghi)peryleen < 0.01 Indeno(123cd)pyreen 0.03 PAK's (VROM) < 1.0 Acenafthyleen < 0.1 Acenafteen < 0.13 Fluoreen < 0.1 Pyreen < 0.11 Benzo(b)fluoranteen < 0.1 Dibenzanthraceen < 0.1 PAK's (EPA) < 1.0 PAK's (Borneff) < 1.0

-

0.003 0.03 0.03 0.03 0.3 0.003 3 0.03 3 3 1 _ -

0.002 0.02 0.02 0.02 0.2 0.002 2 0.02 2 2 1 _ -

5 10 10 10 5 5 5 1 10 5 20 _ -

50 100 100 100 50 50 50 10 100 50 200 _ _ _ _ -

GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN EOX (totaal) < 0.1

5.4

0.1

0.1

8

80

OVERIGE VERBINDINGEN Min olie (GC) Fractie C8-C12 Fractie C12-C22 Fractie C22-C30 Fractie C30-C40

-

16

10

1000

5000

ZUARE METALEN Chroom Nikkel Koper Zink Arseen Cadmium Kwik Lood

< 50 < 20 < 20 < 20 < 20

*

CSO Adviesbureau voor milieuonderzoek

Bijlage 4B:

Analyseresultaten grond

Projectcode MSD.BO4.IO

h^t

milfAfflialii

Biochem Laboratorium BV Het milieulab

••'

Heliumstraat 8 2718 SL Zoetermeer Postbus 755 2700 AT Zoetermeer Telefoon 079 - 61 66 26 Telefax 079 - 61 66 09

Analyserapport 104111 Blad 1 van 2 Opdrachtgever C.S.O. Project MSD.B04.10 Gemeentehuis Geffen Datum aangeleverd 25 mei 1994 Analyses gereed 1 juni 1994 Controlegetal 940601-160522-39248

Monsteromschrijving: 1. : 940523073 Grond; 10/001/01 (0-0.5 m-mv) 10/001/01+10/002/01+10/003/01+ 10/004/01+10/005/01+10/006/01 2. : 940523074 Grond; 10/001/04 (1.5-2.0 m-mv) 10/001/04+10/004/04+10/006/03 3. : 940523075 Grond; Extra aangeleverde monsters (5) 1.

Niet onderzochte monsters Droge stof

(NEN 5747)

('-.)

92,7

Organisch stof (NEN 6620)

(% op ds)

3,1

Lutum gehalte

(% op ds)

2.0

Zware metalen (ICP, ontw. NEN 6426) Chroom Nikkel Koper Zink Cadmi um Lood Arseen

(mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds)

< 10 < 5,0 6,2 27 < 0.2 15 < 10

< 10 < 5,0 < 5,0 17 < 0,2 < 10 < 10

Kwik

(mg/kg ds)

< 0.1

< 0,1

(NEN 5753)

(NEN 5764)

PAK's (Aceton extr., HPLC) Naftaleen Acenaftyleen Acenafteen Fluoreen Fenanthreen Anthraceen Fluorantheen Pyreen Benzo(a)anthraceen Chryseen Benzo(b)fluorantheen Benzo(k)fluorantheen Benzo(a)pyreen Dibenz(a,h)anthraceen Benzo(g,h,i)peryleen Indeno(1,2,3-c,d)pyreen Totaal PAK's EPA Totaal PAK's VROM Totaal PAK's Borneff E.O.X.

(VPR C85-15)

Minerale olie GC (VPR C85-19) Fractie C8 - C12 Fractie C12 - C22 Fractie C22 - C30 Fractie C30 - C40

Totaal Minerale Olie

(mg/kg ds) (rag/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,01 0.1 0,13 (det) 0.1 0,1 0.1 0,1 0,11 (det) 0,1 0,03 0,1 0,02 0,1 0,1 0,01 0,03 1,0 1.0 1.0 0,1

(mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds) (mg/kg ds)

20 20 20 20 50

87.5

5.4

(De tussen haakjes vermelde lettercode geven aan dat de analyse van conmentaar is voorzien.)

Biochem Laboratonum BV is ingeschreven in het Sterlab register voor laboratoria onder nr. 6 voor gebieden zoals nader omschreven in de erkenning. Alle opdrachten worden aanvaard en uitgevoerd overeenkomstig onze leveringsvoorwaarden, gedeponeerd bij de Kamers van Koophandel en fabrieken

K a

ÊÊÊÊ^

Biochem Laboratorium BV Het milieulab Heliumstraat 8 2718 SL Zoetermeer Postbus 755 2700 AT Zoetermeer Telefoon 079 - 61 66 26 Telefax 079 - 61 66 09

Analyserapport Blad Opdrachtgever Project Datum aangeleverd Analyses gereed Controlegetal

104111 2 van 2 C.S.O.

MSD.B04.10 Gemeentehuis Geffen 25 mei 1994 1 juni 1994 940601-160522-39248

Opmerkingen det

I I I

Verhoogde detectiegrens door storingspiek.

Biochem Laboratorium BV is ingeschreven in het Ster/ab register voor laboratoria onder nr. 6 voor gebieden zoals nader omschreven in de erkenning. Alle opdrachten worden aanvaard en uitgevoerd overeenkomstig onze leveringsvoorwaarden, gedeponeerd bij de Kamers van Koophandel en fabrieken

CSO

Adviesbureau voor milieuonderzoek

Projectcode MSD.B04.10

Analyseresultaten grondwatermonsters getoetst aan de indicatieve richtwaarden

Bylage 5A:

Alle opgegeven waarden in ^g/1 tenzij anders is aangegeven. * : concentratie tussen de A-waarde en de B-waarde ** : cx)ncentratie tussen de B-waarde en de C-waarde *** : overschrijding C-waarde - : niet geanalyseerd < : concentratie kleiner dan de detectielimiet d : detectielimiet

Boringnummer Diepte f i I t e r in m. -mv

001 :

3.0-4.0

ALGEMEEN pH Geleidbaarheid ;iS/cD

A

B

C

6.4 423

ZWARE METALEN chroom Nikkel Koper Zink Arseen Cadmium Kwik Lood

< 1.0 < 5.0 9.5 89 < 5.0 < 1.0 < 0.05 < 5.0

1 15 15 150 10 1.5 0.05 15

50 50 50 200 30 2.5 0.5 50

200 200 200 800 100 10 2 200

AROMATISCHE VERBINDINGEN Benzeen Ethylbenzeen Tolueen Xylenen Fenolen Aromaten (tot)

< 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.20 2.9 < 1.0

0.2 0.2 0.2 0.2 0.2 -

1 20 15 20 15 30

5 60 50 60 50 100

0.2

7

30

_ 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 1

15 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 10 15

70 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 70

POLYCYCLISCHE KOOLWATERSTOFFEN Naftaleen < 0.2

*

GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN VOCL (totaal) 1,1-Dichlooretheen Dichloormethaan 3-Chloorpropeen t rans-1,2-Oi chlooretheen 1,1-Dichloorethaan c i s-1,2-Oi chlooretheen Trichloormethaan 1,2-Dichloorethaan 1,1,1-Trichloorethaan Tet rachloormethaan Trichlooretheen ( t r i ) Broomdi chloormethaan 1,1,2-Trichloorethaan Chloord i broommethaan Tetrachlooretheen (per) Tribroommethaan 1,1,2,2-Tetrachloorethaan Hexachloorethaan EOX (totaal)

< 3.0 < 0.1 < 0.5 < 1.0 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 1.0

CSO Adviesbureau voor milieuonderzoek

Byiage 5B:

Analyseresultaten grondwater

Projeacode MSD.BO4.IO

Biochem Laboratorium B V H e t milieulab Heliumstraat 8 2718 SL Zoetermeer Postbus 755 2700 AT Zoetermeer Telefoon 079 - 61 66 26 Telefax 079 - 61 66 09 Analyserapport Blad Opdrachtgever Project Datum aangeleverd Analyses gereed Controlegetal

104649 1 van 1 C.S.O. MSD.B04.10 Gemeentehuis Geffen 1 juni 1994 2 juni 1994 940602-154827-60530

Monsteromschrijving: 1 . : 940624962 Grondwater; 10/001 { F i l t e r d i e p t e 3-4 m-mv)

1. Geleidbaarheid (20°C.NEN 6412) pH

(uS/cm)

423 6.4

(NEN 6411)

Zware metalen (ICP-AES; DIN 38406, E22) Chroom (ug/l) Nikkel (ug/l) Koper (ug/l) Zink (ug/1) Arseen (ug/l) Cadmi um (ug/l) (ug/l) Lood

< 1,0 < 5,0 9,5 89 < 5,0 < 1.0 < 5,0

Kwik

(NEN 6445)

(ug/l)

< 0,05

Fenoli ndex

(NEN 6670)

(ug/l)

2,9

(ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/ (ug/

0.2 0.2 0.2 0.1 0.1 1,0 0.20 0,2 0.1 0.5 1.0 0,1 0.1 0,1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0.1 0,1 0.1 0.1 0.1 3.0

(ug/i;

1,0

Vluchtige Aromaten en Gehalogeneerden (ontw. NEN 6407, purge&trap, GCMS) Benzeen Tolueen Ethylbenzeen p+m-Xyleen o-Xyleen Totaal BTEX Som Xylenen Naftaleen 1.1-Dichlooretheen Dichloormethaan 3-Chloorpropeen trans-1.2-Dichlooretheen 1.1- Dichloorethaan cis-1.2-Dichlooretheen Trichloormethaan 1.2- Dichloorethaan 1.1.1- Tri chloorethaan Tetrachloormethaan Broomdichloormethaan Trichlooretheen 1.1.2- Trichloorethaan Tetrachlooretheen Tribroomnethaan 1.1.2.2-Tetrachloorethaan Hexachloorethaan Totaal vl. Hal. koolwaterst. E.O.X.

(NEN 6402)

Biochem Laboratorium BV is ingeschreven in het Slerlab register voor laboratoria onder nr. 6 voor gebieden zoals nader omschreven in de erkenning. Alle opdrachten worden aanvaard en uitgevoerd overeenkomstig onze leveringsvoorwaarden, gedeponeerd bij de Kamers van Koophandel en fabrieken

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=db1aee16-0e39-4fc4-8cf6-5522cf623c40