CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage bij toelichting BP Galerij - Heuvel

Gemeenteraad 27 juni 2024, gemeente OssBij agendapunt: A Bestemmingsplan 'Galerij / Heuvel Oss - 2024'15.844 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

6

6. Landschap, geomorfologie en bodem Archeoregio2

Brabants zandgebied

Geomorfologie

Bebouwing

Maaiveld

+7,2 tot +7,6 m NAP

Bodem

Bebouwing

Grondwater

Onbekend

Landschapsgenese Het plangebied ligt in het zuidelijk zandgebied, op de overgang naar het Maasdal (Berendsen, 2005). Het natuurlijke landschap zoals dat nu aanwezig is, is grotendeels ontstaan in het Weichselien (circa 116000-11650 jaar geleden). Met name gedurende de koudste perioden van deze laatste ijstijd traden als gevolg van een zeer koud klimaat grootschalige verstuivingen van zand op. Het zand verstoof door sterke winden vanuit de drooggevallen beddingen van beken en rivieren en vanuit het drooggelegen Noordzee-bekken. Er was vanwege het barre klimaat geen vegetatie aanwezig die dergelijke verstuivingen kon voorkomen. Het zand werd als dekzand in een dunne deken op de oude rivierafzettingen (Formatie van Kreftenheye) afgezet in welvingen en (tegen het einde van het Weichselien) in hoge ruggen (Formatie van Boxtel; De Mulder et al., 2003). De vorming van dekzand vond plaats in verschillende fasen (Van Zijverden en de Moor, 2014; Schokker, 2003). Er is hierin onderscheid te maken in Jong Dekzand en Oud Dekzand. Jong Dekzand omvat daarbij zand dat volledig onder invloed van de wind is afgezet in de laatste koude periode van het Weichselien (vanaf circa 20000 jaar geleden).

De verstuivingen waren toen zodanig dat dit heeft geleid tot de vorming van enkele zeer grote zuidwest –noordoost georiënteerde dekzandruggen, die dwars door Noord-Brabant lopen (in de lijn Made – Geertruidenberg – ’s-Hertogenbosch). Ook op lokaal niveau hebben zich duinen, ruggen en welvingen gevormd. Oud Dekzand is een verzamelnaam voor het lemige tot sterk lemig zand dat in de perioden daarvòòr is afgezet. Hoewel het Oud Dekzand hoofdzakelijk onder invloed van de wind tot stand is gekomen, omvat het onder meer ook fluvioperiglaciale afzettingen, (dek)zand dat onder invloed van afstromend water is verplaatst en afgezet. Deze laatste karakteriseren zich veelal als zand- en leemlagen waarbinnen sprake is van verspoeld plantenmateriaal en een slechte sortering van het zand (De Mulder et al., 2003). Vanaf het begin van het Holoceen (vanaf 9700 voor Chr.) stegen de gemiddelde jaartemperaturen en het werd vochtiger, waardoor vegetatiegroei toenam. Hierdoor werd de zandverstuiving aan banden gelegd en trad in de top van het dekzand bodemvorming op (podzolering). Vanaf de LateMiddeleeuwen werd de grond door middel van plaggenbemesting vruchtbaar gehouden (Van Doesburg et al., 2007; Berendsen, 2005). Geologie en lithologie Volgens de geologische kaart van TNO (2020) is in het plangebied de Formatie van Kreftenheye aanwezig, bestaande uit grofkorrelige rivierafzettingen.

Volgens een geologische boring uit het Dinoloket, die gezet is aan de Molenstraat ongeveer 240 m ten zuiden van het plangebied, is aan het maaiveld dekzand aanwezig (boring B45E0023; www.dinoloket.nl). Dit fijne zand gaat rond 7 m -Mv over in grind (+0,1 m NAP). Volgens de 2 Rensink et al. (2015)

7

lithostratigrafische classificatie behoort dit grind tot de Formatie van Beegden. Volgens de classificatie gaat het fijne dekzand dat vanaf het maaiveld aanwezig is, rond 4 m -Mv (+3,3 m NAP) over in de Formatie van Kreftenheye. Geomorfologie Volgens de geomorfologische kaart van Maas et al. (2019) ligt het plangebied in een bebouwde zone (bijlage 4; www.pdok.nl). Ten noorden van de bebouwde kom komt een terrasvlakte voor, ten zuiden van de bebouwde kom dekzandwelvingen. Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) Op het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN, versie 4) is de maaiveldhoogte binnen het plangebied +7,2 tot +7,6 m NAP (bijlage 5; bron: www.ahn.nl). Voor zover dit goed te zien is door de aanwezige bebouwing, ligt het maaiveld in de noordwestelijke helft van het plangebied hoger dan in het oosten van het plangebied. Deze verhoging loopt ten noordwesten van het plangebied door. Hier stijgt de maaiveldhoogte naar ongeveer +7,8 m NAP. Hier dankt het toponiem ‘Heuvel’, waar het plangebied ook aan ligt, vermoedelijk ook zijn naam aan. De verhoging zou gezien de ligging in de historische kern zowel een natuurlijke (dekzandrug) als een antropogene oorsprong kunnen hebben, of een combinatie van beide. Bodem en grondwatertrap Op de bodemkaart is het plangebied gekarteerd als bebouwd gebied (bijlage 6; bron: www.pdok.nl).

Rondom de bebouwde kom zijn hoge bruine enkeerdgronden die bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand (kaartcode bEZ21-VI) en hoge zwarte enkeerdgronden die bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand aanwezig (kaartcode zEZ21-VII). Dit zijn zandgronden met een minstens 50 cm dikke humeuze bovenlaag die ontstaan is door ophoging met potstalmest. Bij zwarte enkeerdgronden is hierbij vooral gebruik gemaakt van heideplaggen (De Bakker, 1966). De grondwatertrap geeft een indicatie van de maat van conservering van onverbrande organische vondsten zoals hout, leer en bot. Boven de gemiddeld laagste grondwaterstand treden namelijk schommelingen in grondwaterstand op, waardoor oxidatie van organische vondsten kan optreden. De grondwatertrap binnen het plangebied is echter niet bekend, waardoor deze niet gebruikt kan worden als indicatie voor de conservering van onverbrande organische vondsten. Anorganische vondsten zoals vuursteen, aardewerk en metaal kunnen ongeacht de grondwaterstand bewaard zijn gebleven.

8

7. Beschrijving bekende archeologische kenmerken Wettelijk beschermd monument

Nee

AMK terrein

Ja; historische kern van Oss

Verwachting gemeentelijke kaart

Hoge waarde

Archeologische waarden en/of informatie

Niet binnen plangebied In omgeving vondsten uit Neolithicum, IJzertijd, Romeinse Tijd, Vroege- en Late-Middeleeuwen, Nieuwe Tijd

Wettelijk beschermde status Het plangebied heeft volgens het centraal archeologisch informatiesysteem (Archis) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geen archeologisch wettelijk beschermde status (bijlage 7). Archeologische Monumentenkaart (AMK) Het plangebied is opgenomen op de Archeologische MonumentenKaart (AMK-terrein 16813; bijlage 7). Het betreft de historische kern van Oss. De oudste vermelding van Oss dateert uit 1069 (Botman et al., 2009). Oss heeft in 1399 stadsrechten gekregen en het plangebied ligt binnen de omwalling/omgrachting. De aarde uit de gracht werd gebruikt om een wal op te werpen. Het toponiem ‘Walstraat’ ten zuiden van het plangebied herinnert aan deze wal (Botman et al., 2009). Archeologische verwachting Op de gemeentelijke archeologische verwachtingskaart heeft het plangebied een hoge archeologische waarde vanwege de ligging in de historische kern van Oss (bijlage 3). Bekende archeologische waarden In het plangebied zijn voor zover bekend in het verleden geen archeologische waarnemingen gedaan en heeft in het verleden niet eerder onderzoek plaatsgevonden (bijlage 7). In de omgeving van het plangebied is wel informatie bekend (bijlage 7). In tabel 1 is een overzicht gegeven van de verschillende veldonderzoeken in de omgeving van het plangebied, in tabel 2 zijn de verschillende vondstmeldingen weergegeven.

Vanwege de vele onderzoeken in de historische kern is een selectie hiervan gemaakt in de tabellen. De relevantie is bepaald aan de hand van het type onderzoek en de nabijheid van het onderzoek. Bureauonderzoeken zijn buiten beschouwing gelaten omdat deze geen feitelijke informatie over de daadwerkelijke ondergrond ter plaatse leveren, die van belang is voor het archeologische verwachtingsmodel van het huidige plangebied. Informatie uit overige bronnen De informatie die is aangeleverd door de gemeente betreft een principeverzoek over de noodzaak en de kaders van het archeologische onderzoek. Informatie uit het principeverzoek is zonder verwijzing in het huidige rapport meegenomen. Conclusie bekende waarden In de historische kern zijn nabij het plangebied huisplaatsen aangetroffen uit de VroegeMiddeleeuwen, Late-Middeleeuwen en Nieuwe Tijd. Bij de Burgwal is bewoning uit de 15e eeuw aangetroffen, en ten noordwesten van het plangebied zijn vindplaatsen uit de Vroege-Middeleeuwen bekend. Uit de gegevens uit de omgeving blijkt dat de gracht uit de 14e eeuw en de omwalling van de 9

stad ten zuiden van het plangebied lagen. De omwalling neemt qua dikte af richting en huidige plangebied. De gracht zelf wordt niet binnen het huidige plangebied verwacht, maar mogelijk dat nog een uitloper van de omwalling in het huidige plangebied aanwezig is (op basis van het onderzoek van Van Nuenen, 2006). Verder blijkt uit de onderzoeken uit de omgeving dat de historische kern in verschillende fasen is opgehoogd en dat in de omgeving van het plangebied ophooglagen van ongeveer 1 m dik zijn waargenomen. Hieronder is dekzand aanwezig (vanaf ongeveer 1,0 m -Mv). Verder zijn in de historische kern ook vindplaatsen bekend uit het Neolithicum, IJzertijd en de Romeinse-Tijd. Het betreft sporen van bewoning. Sommige plekken zijn bijna continu bewoond geweest vanaf de IJzertijd tot nu toe. Vuursteenvindplaatsen met haardkuilen zijn tot nu toe nog niet aangetroffen in de omgeving. Dit kan samenhangen met bodemingrepen uit de Nieuwe Tijd waardoor het pleistocene niveau waarop deze resten verwacht worden al verstoord is.

10

Toponiem

Walkwartier

Walstraat

Zaak-ID

4890979100 en 4990121100

2262187100

10 m ten zuiden

0 m ten zuiden

Afstandwindrichting

Booronderzoek

Bureauonderzoek en proefsleuvenonderzoek

Type onderzoek

Tabel 1: Selectie van de archeologische veldonderzoeken rondom het plangebied (<300 m).

Het onderzochte gebied bestaat uit twee deelgebieden, waarvan de noordelijkste direct aan de overzijde van de Walstraat ligt. In dit noordelijke gebied zijn drie boringen gezet, in het zuidelijke acht. De ondergrond in het onderzochte gebied is tot 150 cm -Mv verstoord. De top van het dekzand is in een verstoord pakket opgenomen. In het noordelijke deelgebied is de top van de C-horizont van het dekzand tussen 95 en 150 cm-Mv waargenomen. Het verstoorde pakket is afgedekt door een recent ophogingspakket van 10 cm, dat

Op basis van het bureauonderzoek werden de gracht en restanten van de wal verwacht, resten van de kerk uit 1817 met mogelijke graven, en nederzettingen uit de IJzertijd tot en met Late-Middeleeuwen. Deze werden verwacht vanaf ongeveer 1 m -Mv (Bergman, 2020). Tijdens het proefsleuvenonderzoek is gebleken dat de bodem tot diep in de C-horizont verstoord is. Dit komt door de bouw en sloop van de voormalige winkels. Boven de natuurlijke ondergrond is een recent ophoogdek aanwezig. Wel zijn restanten van de stadsgracht aangetroffen (dicht bij de noordelijke grens van het onderzochte gebied) en ontginningssporen uit de 18e eeuw. De gracht is ten minste 4,5 m breed en loopt nog door in noordelijke richting. De gracht is niet helemaal aan het noorden van het onderzochte gebied aangetroffen. De gracht is 1,28 m diep en de onderzijde ligt op +4,55 m NAP. Andere sporen zijn niet aangetroffen (De Winter, 2022).

Bevindingen

Norde (2009)

Bergman (2020) en De Winter (2022)

Bron

11

Burgwal, Walstraat en Terwaenen

Heuvel

2231803100

2301803100

16 m ten noordwesten

6 m ten oosten

Begeleiding

Begeleiding

De top van de C-horizont van het dekzand is tussen +5,7 en +5,9 m NAP aangetroffen. Plaatselijk is hierboven een B- of B/C-horizont waargenomen. Aan de noordkant van het onderzochte gebied is op de B/C-horizont een deels

In verband met het aanleggen van boomgaten, het verplaatsen van ondergrondse vuilcontainers en het vernieuwen van riolering is een archeologische begeleiding uitgevoerd in twee deelgebieden; Terwaenen en Burgwal/Walstraat. Burgwal ligt ten oosten van het huidige plangebied en Terwaenen ongeveer 100 m ten noorden ervan. Bij de Burgwal is de top van het dekzand rond 1,1 m -Mv aangetroffen en bij de Walstraat rond 1 m -Mv. In verband met de aanwezige gracht neemt de diepteligging van de top van het dekzand bij de Walstraat af naar 2,6 m -Mv aan de zuidzijde van de Walstraat. De omvang van de voormalige gracht en middeleeuwse omwalling in de Walstraat zijn vastgesteld. De omwalling was homogeen bruingrijs en ongeveer 40 cm dik. In noordelijke richting nam de dikte af. De gracht is in 1890 gedempt. De omwalling en gracht zijn afgedekt met een laag zand met bouwpuin (circa 2050 cm). De gracht is daarop nog afgedekt met geel ophoogzand (circa 50 cm). De laag onder het gele ophoogzand dateert overwegend uit de 19e eeuw, de op een dieper niveau aanwezige lagen dateren bij de Burgwal uit de 17e en 18e eeuw, bij Terwaenen uit de 15e eeuw. Bij de Burgwal zijn sporen van bewoning uit 1832 aangetroffen, die mogelijk kunnen teruggaan tot de 15e eeuw. De oudste bewoning bevond zich bij Terwaenen (12e eeuw) en het gedeelte rondom de Burgwal is in de loop van de 15e eeuw in gebruik genomen.

doorloopt tot aan het maaiveld. Vanwege de verstoringen is geen vervolgonderzoek geadviseerd.

Cleijne (2011)

Van Nuenen (2006)

12

afgespoelde vlakvaaggrond aangetroffen, die erop wijst dat de dekzandrug in noordelijke richting afliep. Hierboven zijn verschillende archeologische ophooglagen waargenomen die tot aan onder de recente ophooglagen direct onder de bestrating doorlopen (tot aan circa 40 cm -Mv). De archeologische ophooglagen zijn ongeveer 1,0 m dik en de top lag op ongeveer +7,4m NAP (circa 40 cm -Mv). Er zijn in ieder geval 3 fasen te onderscheiden in de archeologische relevante ophooglagen. Tijdens de begeleiding is een nederzetting uit de Vroege-Middeleeuwen aangetroffen. De vindplaats is groter dan het onderzochte terrein. Er zijn paalkuilen uit de LateMiddeleeuwen aangetroffen die laten zien dat het marktplein houtbouw heeft gekend. Ook zijn puinfunderingen en uitbraaksleuven gevonden. Ook is bouwkeramiek, glas, natuursteen, dierlijk bot, metaal en een stuk vuursteen aangetroffen. Het vuursteen dateert uit het Neolithicum (aangetroffen met aanleg put), de rest van de vondsten dateert uit de periode Vroege-Middeleeuwen-Nieuwe Tijd.

13

Toponiem

Eikenboomgaard; Terwaenen; Varkensmarkt (historische kern)

Eikenboomgaard (historische kern)

Peperstraat (historische kern)

Zaak-ID

2908802100

2772147100

2064214100

192 m ten westen

130 m ten noorden

120 m ten noordwesten

Afstand-windrichting

Tabel 2: Overzicht van de vondstmeldingen rondom het plangebied (<500 m).

Late-Middeleeuwen, Nieuwe Tijd

IJzertijd, Romeinse Tijd, LateMiddeleeuwen, LateMiddeleeuwenNieuwe Tijd

Late-IJzertijd-VroegeMiddeleeuwen, Romeinse Tijd, LateMiddeleeuwen, Nieuwe Tijd

Datering

Begeleiding

Opgraving

Opgraving

Type onderzoek

14

Vleilaag uit de Late-Middeleeuwen, waterputten, kuilen, uitbraaksleuven, stenen kelders, achterbouw uit de Vroege- en Midden-Nieuwe Tijd. Uit het onderzoek blijkt dat de Peperstraat is ontstaan in de tweede kwart van de 16e eeuw. Er zijn diverse vondsten gedaan (glas, keramiek, leisteen, koper, ijzer, metaal, dierlijk bot). De sporen uit de 15e eeuw zijn afgedekt met een circa 50 cm dik ophogingspakket, dat nog vòòr de 16e eeuw is opgebracht.

Waterput uit de Romeinse-Tijd, en uit de Romeinse TijdVroege-Middeleeuwen, en uit de Vroege-MiddeleeuwenNieuwe Tijd. In totaal zijn 26 waterputten gevonden, waarvan de meeste boomstamputten zijn, die uit de Late-Middeleeuwen stammen. Ook is een huisplattegrond uit de Late-Middeleeuwen aangetroffen. Verder zijn diverse aardewerk fragmenten uit de Romeinse Tijd en Late-Middeleeuwen gevonden. Ook is aardwerk uit de IJzertijd gevonden, een glazen kraal uit de Vroege-Middeleeuwen en keramiek uit de Nieuwe Tijd.

Waterput uit de Romeinse Tijd, de Late-IJzertijd-VroegeMiddeleeuwen en meerdere waterputten uit de LateMiddeleeuwen, paalgaten uit de Late-Middeleeuwen. Ook zijn fragmenten aardewerk uit de Romeinse Tijd en Late-Middeleeuwen gevonden en een uit de VroegeNieuwe Tijd.

Omschrijving vondstmelding

Burchtplein (historische kern)

Arendsvlucht (historische kern)

Expertise en dienstencentrum Begijnenstraat (historische kern)

Arendsvlucht (historische kern)

Arendsvlucht (historische kern)

Koekfabriek (historische kern)

3136047100

2960886100

2231999100

2788242100

3176304100

2788186100

386 m ten zuiden

332 m ten noordwesten

332 m ten noordwesten

318 m ten westen

298 m ten westen

312 m ten noorden

Late Middeleeuwen

Romeinse Tijd, VroegeMiddeleeuwen, LateMiddeleeuwen

Vroege- en LateMiddeleeuwen

IJzertijd-Romeinse Tijd, Vroege- tot Late-Middeleeuwen, Middeleeuwen, LateMiddeleeuwenNieuwe Tijd

Middeleeuwen

Late Middeleeuwen

Nietarcheologisch: graafwerk

Nietarcheologisch: graafwerk

Nietarcheologisch: graafwerk

Proefsleuven

Opgraving

Nietarcheologisch: graafwerk

Aardwerk en ijzerslak uit de Late-Middeleeuwen

Huisplattegrond uit de Romeinse Tijd-LateMiddeleeuwen. Aardewerk uit Romeinse Tijd, VroegeMiddeleeuwen en Late-Middeleeuwen.

Aardewerk (complextype onbekend).

15

Paalgat uit de IJzertijd-Romeinse Tijd, middeleeuwse stadsgracht, bewoningssporen uit de Middeleeuwen. De gracht was 13,5 m breed. Verder is aardewerk uit de Vroege- tot Late-Middeleeuwen aangetroffen.

Grondspoor uit de Vroege- tot Late-Middeleeuwen, gracht, stadswal en plattegrond uit de LateMiddeleeuwen-Nieuwe Tijd. Aardewerk uit de Vroegetot Late-Middeleeuwen. De stadswal en gracht stammen uit het einde van de 14e eeuw

Gracht en fundering van keramiek uit de LateMiddeleeuwen. Het muurwerk is aangetroffen op 2 m Mv. Waarschijnlijk betreft het restanten van het kasteel van Oss.

2918903100

Ridderstraat

435 m ten zuiden

Late-Middeleeuwen Nietarcheologisch: graafwerk

Kogelpot en aardwerk. De vondsten zijn gedaan op 55 cm -Mv; vlak boven het dekzandniveau.

16

8. Historische situatie, huidig gebruik en bodemverstoringen Landschapstype3 Cultuurhistorische elementen

Historische binnenstad 4

Historische bebouwing direct naast stadswal

Aard historisch landgebruik

Bebouwing, tuin

Historische bebouwing aanwezig

Aanwezig geweest

Bebouwing van cultuurhistorische waarde

Nee

Het grondgebruik, dat over de jaren heen in het plangebied heeft plaatsgevonden, kan zijn sporen in de ondergrond hebben achtergelaten. Enerzijds herbergen oude kaarten informatie omtrent voormalig landgebruik die inzicht kan geven in de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen (bijvoorbeeld historische boerenplaatsen en wegen), maar anderzijds ook in de negatieve effecten, die landgebruik op de oorspronkelijke bodem heeft gehad (en daarmee op eventueel aanwezige archeologische resten). Met dit laatste wordt niet alleen gedoeld op omwerking van de bodem door bijvoorbeeld ontgraving, maar ook ophogingen en ontwateringen kunnen hebben geleid tot verkleuring, verdroging en verstikking van de bodem. Ophogingen en ontgravingen zijn fenomenen die op historische kaarten zichtbaar kunnen zijn. Historische achtergronden van het cultuurlandschap en -situatie De oudste vermelding van Oss is uit 1069. In de 14e eeuw is de stadsgracht gegraven en de aarden wal gemaakt. Vanaf de 14e eeuw was de bewoning geconcentreerd binnen de stadsgracht, waarbij de bebouwing zich vooral aan de zuidzijde van het historische Oss bevond. De stadsgracht is in de loop van de eeuwen verzand geraakt en in de 18e eeuw opnieuw uitgegraven. Aan het einde van de 19e eeuw werd de gracht voorgoed gedempt.

Langs de gracht hebben versterkte huizen gestaan die ouder waren dan de gracht zelf, zoals het kasteel van Oss, Trawanen en Huize Arendsvlucht. In 1751 is een groot deel van de binnenstad van Oss verwoest door brand. (Botman et al., 2009). Op de kaart uit 1754 van Hattinga is te zien dat het plangebied binnen de omwalling van de stad lag en dat er langs de gracht bij het plangebied bebouwing aanwezig was (geraadpleegd in Van Meijel et al., 2009). Vanwege het detailniveau van de kaart is de kaart niet opgenomen als kaartbeeld in het huidige rapport. Op het Kadastrale Minuutplan uit 1811-1832 zijn meer details opgenomen (figuur 2). Hierop is te zien dat in die tijd in het plangebied zowel aan de Heuvel als aan de Walstraat bebouwing aanwezig was (figuur 2). Volgens de Oorspronkelijk Aanwijzende Tafelen was het terrein tussen de bebouwing aan de Heuvel en de Walstraat in gebruik als tuin. Op de historische kaarten uit 1880 tot en met 1955 lijkt de zone tussen de Heuvel en de Walstraat langgerekter te zijn dan op het Kadastrale Minuutplan, waardoor de bebouwing aan de Heuvel deels buiten het plangebied lijkt te staan in de periode 1900-1955 (figuur 3 t/m 6). Kaarten waren vroeger nu eenmaal minder nauwkeurig dan tegenwoordig.

Gezien de kaarten uit andere periodes (figuur 2, 7, 8) is het aannemelijk dat de bebouwing aan de Heuvel ook in de periode 1900-1955 gewoon in het noorden van het plangebied stond. Tussen 1955 en 1995 is de huidige bebouwing gerealiseerd (figuur 7 t/m 9). Volgens BAGviewer5 zijn de panden tussen 1964 en 1991 gerealiseerd. Volgens www.rijksmonumenten.nl zijn binnen het plangebied geen rijksmonumenten aanwezig. Bovengrondse bouwhistorische waarden worden daarom niet verwacht. 3Landschapszones; bron: https://archis.cultureelerfgoed.nl/zoekenenvinden/#/kaart 4 Cultuurhistorische Waardenkaart Noord-Brabant (CHW, 2010; herziening 2016) 5 https://bagviewer.kadaster.nl/

17

Militair Erfgoed Op de Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) is het plangebied niet aangeduid als aandachtsgebied (bron: www.ikme.nl). Volgens de militaire landschappenkaart van de RCE6 zijn in het plangebied geen militaire structuren te verwachten uit de periode Middeleeuwen-Koude Oorlog. Huidig gebruik en bodemverstoringen Het plangebied is geheel bebouwd met winkels en appartementen (figuur 9). De mate waarin nog archeologische resten en/of sporen aanwezig kunnen zijn is mede afhankelijk van de mate van intactheid van de ondergrond. Daarom zijn hier bekende en mogelijke bodemverstoringen besproken: • De opdrachtgever heeft bij de gemeente bouwtekeningen van de bestaande bebouwing opgevraagd. Gegevens daaruit zijn hieronder besproken. Per bouwtekening is aangegeven of het pand gesitueerd is ter plaatse van de geplande sloop en nieuwbouw of niet. Onderstaande gegevens zijn grafisch weergegeven in bijlage 9: o Galerij 13 (tevens locatie nieuwbouw). Bij de tekening is geen dwarsdoorsnede van de funderingen aanwezig, waardoor niet uit deze tekening is af te leiden tot hoe diep het pand gefundeerd is. Heipalen zijn niet op de tekening opgenomen. o Galerij 16 (tevens locatie nieuwbouw). Bij de tekening is geen dwarsdoorsnede van de funderingen aanwezig, waardoor niet uit deze tekening is af te leiden tot hoe diep het pand gefundeerd is.

Heipalen zijn niet op de tekening opgenomen. o Heuvel 25 (tevens locatie nieuwbouw). Uit de tekening voor het wijzigen van de entree en het vergroten van de winkel blijkt dat de funderingen tot in ieder geval 44 cm -peil aanwezig zijn. De onderkant van de fundering is met stippellijnen aangegeven, wat erop duidt dat de funderingen mogelijk dieper doorlopen. Heipalen zijn niet op de tekening opgenomen. o Galerij 14/14a (tevens locatie nieuwbouw). Bij de tekening is geen ondergrondse dwarsdoorsnede aanwezig, waardoor niet bekend is tot hoe diep het pand gefundeerd is. Heipalen zijn niet op de tekening opgenomen. Volgens de tekening is een kelderluik aanwezig in Galerij 14, maar de omvang van de kelder en diepte is niet aangegeven. o Galerij 11 (tevens locatie nieuwbouw). Ondergrondse dwarsdoorsnedes ontbreken waardoor de funderingsdiepte niet bekend is. Heipalen en kelders zijn niet te zien op de tekeningen. o Winkelgalerij met bovenwoningen (deels locatie nieuwbouw). Van de gehele winkelgalerij is een plattegrond met kelders beschikbaar. Dit beslaat de gehele westrand van het plangebied (alle panden aan de Galerij, zowel aan de westzijde als aan de oostzijde ervan; bijlage 8). In dit winkelcomplex zijn diverse kelders aanwezig. Volgens de dwarsdoorsnede reiken de kelders tot 2,2 m -peil (bovenkant keldervloer).

Het peil ligt 0,1 m boven het maaiveld en de keldervloer is ongeveer 0,22 m dik, waardoor de kelders dus tot ongeveer 2,3 m -Mv komen. De poeren voor de funderingen reiken ook tot 2,0 m -peil (bijlage 8). o Verder blijkt uit de bouwtekeningen dat de vloer bij de Galerij oploopt van zuid naar noord. Het gaat om een verschil van 50 cm (bron: bouwtekening PDMS-#1265782-v11013912-46_pdf uit het bouwarchief). 6 https://rce.webgispublisher.nl/Viewer.aspx?map=militaire%5Flandschapskaart

18

• •

Volgens de ontgrondingenkaart van Noord-Brabant7 is het plangebied niet ontgrond. Door de opdrachtgever is een milieukundig onderzoek aangeleverd (Venrooij, 2022). In het rapport is geïnventariseerd welke verontreinigingen bekend zijn en wat daarmee gedaan is (figuur 10). Hieruit blijkt dat binnen het plangebied diverse verontreinigingen bekend zijn, waarbij alleen van de ondergrondse tank aan de Heuvel bekend is dat deze gesaneerd is (figuur 10). Hoe dan ook is de ondergrond ter plaatse van de in figuur 10 opgenomen elementen verstoord. Tot op welke diepte is niet bekend.

7 Bron: https://noord-brabant.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=1dab0b45b3234fffa8090a4bc8ae06f8

19

Figuur 2: Het plangebied (rood omlijnd) op het Kadastrale Minuutplan uit 1811-1832 (bron: beeldbank.cultureelerfgoed.nl).

Figuur 3: Uitsnede van een topografische kaart uit 1880 (bron: www.topotijdreis.nl). Het plangebied is met rode lijnen weergegeven. Bebouwing aan de Heuvel (noorden plangebied) lag ín het plangebied in plaats van ernaast.

20

Figuur 4: Uitsnede van een topografische kaart uit 1900 (bron: www.topotijdreis.nl). Het plangebied is met rode lijnen weergegeven. Bebouwing aan de Heuvel (noorden plangebied) lag ín het plangebied in plaats van ernaast.

Figuur 5: Uitsnede van een topografische kaart uit 1925 (bron: www.topotijdreis.nl). Het plangebied is met rode lijnen weergegeven Bebouwing aan de Heuvel (noorden plangebied) lag ín het plangebied in plaats van ernaast.

21

Figuur 6: Uitsnede van een topografische kaart uit 1955 (bron: www.topotijdreis.nl). Het plangebied is met rode lijnen weergegeven. Bebouwing aan de Heuvel (noorden plangebied) lag ín het plangebied in plaats van ernaast.

Figuur 7: Uitsnede van een topografische kaart uit 1975 (bron: www.topotijdreis.nl). Het plangebied is met rode lijnen weergegeven.

22

Figuur 8: Uitsnede van een topografische kaart uit 1995 (bron: www.topotijdreis.nl). Het plangebied is met rode lijnen weergegeven.

Figuur 9: Uitsnede van een luchtfoto uit 2019. Het plangebied is met rode lijnen weergegeven (bron: www.pdok.nl).

23

Figuur 10. Bekende verontreinigingen in de omgeving van het plangebied (blauw omlijnd). Het rood omlijnde stuk geeft het plangebied van Venrooij (2022) weer. De locatie van de sloop en nieuwbouw is groen omlijnd. Bron: Vernooij (2022).

24

9.

Gespecificeerde archeologische verwachting

Archeologische verwachting en periode De archeologische verwachting en waarde is afhankelijk van de geomorfologie en de aanwezigheid van historische bebouwing: • Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied zeer waarschijnlijk op een dekzandrug ligt. De veldonderzoeken uit de omgeving in combinatie met het AHN wijzen hierop. Hierdoor vormde het plangebied vanaf het Laat-Paleolithicum mogelijk een aantrekkelijke vestigingsplaats. In de omgeving van het plangebied is een vondst uit het Neolithicum bekend, maar vuursteenvindplaatsen met haardkuilen zijn in de omgeving van het plangebied vooralsnog niet aangetroffen. Dit kan samenhangen met bodemverstoringen in de omgeving. Verder zijn in de omgeving van het plangebied op het dekzand huisplaatsen uit de IJzertijd, Romeinse Tijd, Vroegeen Late-Middeleeuwen en Nieuwe Tijd bekend. Sommige plekken in de omgeving zijn bijna continu bewoond geweest vanaf de IJzertijd tot nu toe. Op basis van bovenstaande (ligging op een dekzandrug en vondsten en sporen uit de omgeving) heeft het plangebied een hoge archeologische verwachting op archeologische resten en/of sporen uit de periode LaatPaleolithicum-Vroege-Middeleeuwen. • Verder ligt het plangebied in de historische kern van Oss (terrein van hoge archeologische waarde). Het plangebied ligt binnen de 14e eeuwse gracht en omwalling.

De gracht zelf wordt niet binnen het huidige plangebied verwacht, maar mogelijk dat nog een dunne uitloper van de omwalling in het zuiden van het huidige plangebied aanwezig is (op basis van het onderzoek van Van Nuenen, 2006). Het plangebied heeft vanwege de ligging in de historische kern een hoge archeologische waarde. Deze waarde heeft betrekking op archeologische resten en/of sporen uit de periode Late-Middeleeuwen-Nieuwe Tijd. Stratigrafische positie en diepteligging • Archeologische resten en/of sporen uit de periode Laat-Paleolithicum-Vroege-Middeleeuwen worden verwacht in de top van het dekzand. Uit onderzoek uit de omgeving blijkt dat de historische kern in verschillende fasen is opgehoogd en dat in de omgeving van het plangebied ophooglagen van ongeveer 1 m dik zijn waargenomen. De top van het dekzand wordt dus vanaf ongeveer 1,0 m -Mv verwacht. • Archeologische resten en/of sporen uit de Late-Middeleeuwen en Nieuwe Tijd kunnen in en onder de historische ophogingslagen aanwezig zijn. In de omgeving van het plangebied zijn deze archeologische ophooglagen afgedekt door een recent ophogingspakket van ongeveer 10 à 50 cm. Het archeologisch relevante ophogingspakket in het plangebied zou dus ook vanaf die diepte aanwezig kunnen zijn.

Complextypen, prospectiekenmerken en omvang De te verwachten complextypen variëren per periode: • Archeologische resten uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum worden verwacht in de vorm van kampementen, die zich kenmerken door een concentratie van vuursteen en houtskool en grondsporen in de vorm van haardkuilen. Deze resten worden verwacht in de top van het dekzand. Wanneer de podzolbodem is afgetopt (de B-horizonten zijn verdwenen) kan de trefkans voor deze periode worden bijgesteld naar laag, diepere grondsporen uit deze periode worden immers niet verwacht. • Archeologische resten uit de periode Neolithicum – Vroege-Middeleeuwen worden vooral verwacht in de vorm van huisplaatsen, die zich kenmerken door een concentratie van vuursteen en/of aardewerk, en huttenleem en grondsporen zoals paalgaten, afvalkuilen, greppels en 25

•

waterputten. Ook deze resten worden verwacht in de top van het dekzand. Wanneer de oorspronkelijke podzolbodem is afgetopt, is een eventueel vondstenniveau al verdwenen en worden alleen nog grondsporen verwacht. Archeologische resten uit de periode Late-Middeleeuwen- -Nieuwe Tijd worden in en onder een archeologisch ophogingspakket verwacht. Het ophogingspakket kan humeus zijn en fragmenten puin, baksteen en aardewerk bevatten. Van huisplaatsen kunnen grondsporen zoals paalgaten, afvalkuilen, greppels en waterputten aanwezig zijn. Van huisplaatsen uit de Nieuwe Tijd kunnen ook stenen funderingen in de ondergrond aanwezig zijn. Verder kunnen ook vondsten aanwezig zijn.

De omvang van vindplaatsen kan variëren van enkele tientallen vierkante meters voor vindplaatsen die betrekking hebben op jagers en verzamelaars (Laat-Paleolithicum-Mesolithicum), tot honderden vierkante meters voor een nederzetting die betrekking heeft op een enkele boerderij (vanaf het Neolithicum). De historische kern is in ieder geval groter dan het plangebied. Op basis van de tijdens het bureauonderzoek verworven resultaten is het in eerste instantie de vraag in hoeverre in het plangebied nog archeologisch relevante niveaus aanwezig zijn. De niveaus, de top historische ophogingslagen en de top van het dekzand, kunnen namelijk als gevolg van bodemverstoringen zijn aangetast. Uit het milieukundige onderzoek blijkt dat in het nieuw te bouwen gedeelte een kleine sanering heeft plaatsgevonden (figuur 10). Of hierbij alle archeologische niveaus zijn verdwenen is niet bekend. Verder is het hele plangebied bebouwd. Uit de bouwtekeningen blijkt dat de Galerij gefundeerd is op poeren die tot 2,0 m -peil reiken. Tussen de funderingspoeren zouden nog archeologische resten aanwezig kunnen zijn. Ook zijn verschillende kelders aanwezig waarvoor de bodem tot 2,3 m -Mv ontgraven is (bijlage 9). Ter plaatse van de kelders zijn de archeologische niveaus zeer waarschijnlijk al verdwenen.

Van een groot deel van de huidige bebouwing in het plangebied is onbekend tot welke diepte de panden gefundeerd zijn (bijlage 9). De gespecificeerde archeologische verwachting is samengevat in onderstaande tabel 3.

26

Datering

Complextype Omvang Diepteligging

Gaafheid, conservering en mogelijke verstoringen

Locatie Uiterlijke kenmerken (artefacten en type indicatoren)

1

2 3 4

5

6 7

Tabel 2: Gespecificeerde archeologische verwachtingstabel.

Late Middeleeuwen-Nieuwe Tijd

Reden Het plangebied ligt op een dekzandrug, waarop in de omgeving vindplaatsen bekend zijn uit de IJzertijd, Romeinse Tijd, Vroege-Middeleeuwen, Late-Middeleeuwen, Nieuwe Tijd. Ligging in de historische van Oss. Het plangebied ligt binnen de middeleeuwse omgrachting/omwalling.

Kampement, nederzettingen, huisplaatsen, 100-1000 m2 (omvang jachtkamp); 500-2000 m2 (omvang huisplaats, algemeen) De top van het dekzand (vanaf ongeveer 1,0 m -Mv) en historische ophooglagen (vermoedelijk vanaf 0,1 à 0,5 m -Mv). +/Aan de Heuvel heeft een sanering plaatsgevonden (-). Ter plaatse van de kelders (2,3 m Mv) zijn de archeologische niveaus zeer waarschijnlijk al aangetast (-), onder de rest van de bebouwing zouden nog archeologische resten aanwezig kunnen zijn (+). Onbekend, op dit moment het gehele plangebied. Vindplaatsen kenmerken zich naar verwachting door vondsten, ophooglagen en grondsporen.

Hoog

Archeologische verwachting Hoog Laat-Paleolithicum-VroegeMiddeleeuwen

27

10. Conclusie en Advies Conclusie De archeologische verwachting en waarde wordt bepaald door van de geomorfologie en de aanwezigheid van historische bebouwing: • Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied zeer waarschijnlijk op een dekzandrug ligt. De veldonderzoeken uit de omgeving in combinatie met het AHN wijzen hierop. Hierdoor vormde het plangebied vanaf het Laat-Paleolithicum mogelijk een aantrekkelijke vestigingsplaats. In de omgeving van het plangebied is een vondst uit het Neolithicum bekend, maar vuursteenvindplaatsen met haardkuilen zijn in de omgeving van het plangebied vooralsnog niet aangetroffen. Dit kan samenhangen met bodemverstoringen in de omgeving. Verder zijn in de omgeving van het plangebied op het dekzand huisplaatsen uit de IJzertijd, Romeinse Tijd, Vroegeen Late-Middeleeuwen en Nieuwe Tijd bekend. Sommige plekken in de omgeving zijn bijna continu bewoond geweest vanaf de IJzertijd tot nu toe. Op basis van bovenstaande (ligging op een dekzandrug en vondsten en sporen uit de omgeving) heeft het plangebied een hoge archeologische verwachting op archeologische resten en/of sporen uit de periode LaatPaleolithicum-Vroege-Middeleeuwen. • Verder ligt het plangebied in de historische kern van Oss (terrein van hoge archeologische waarde). Het plangebied ligt binnen de 14e eeuwse gracht en omwalling.

De gracht zelf wordt niet binnen het huidige plangebied verwacht, maar mogelijk dat nog een dunne uitloper van de omwalling in het zuiden van het huidige plangebied aanwezig is (op basis van het onderzoek van Van Nuenen, 2006). Hier zijn echter geen werkzaamheden gepland. Het plangebied heeft vanwege de ligging in de historische kern een hoge archeologische waarde. Deze waarde heeft betrekking op archeologische resten en/of sporen uit de periode Late-Middeleeuwen-Nieuwe Tijd. Archeologische resten en/of sporen uit de periode Laat-Paleolithicum-Vroege-Middeleeuwen worden verwacht in de top van het dekzand. Uit onderzoek uit de omgeving blijkt dat de historische kern in verschillende fasen is opgehoogd en dat in de omgeving van het plangebied historische ophooglagen van ongeveer 1 m dik zijn waargenomen. De top van het dekzand wordt dus vanaf ongeveer 1,0 m -Mv verwacht. Archeologische resten en/of sporen uit de periode Late-Middeleeuwen en Nieuwe Tijd kunnen in en onder het historische ophogingspakket aanwezig zijn. In de omgeving is dit pakket soms afgedekt door een recent ophogingspakket van 0,1 à 0,5 m -Mv. In welke mate nog daadwerkelijk archeologische resten en/of sporen aanwezig kunnen zijn is mede afhankelijk van de mate van intactheid van de ondergrond.

De niveaus, de top historische ophogingslagen en de top van het dekzand, kunnen namelijk als gevolg van bodemverstoringen zijn aangetast. Uit het milieukundige onderzoek blijkt dat in het nieuw te bouwen gedeelte een kleine sanering heeft plaatsgevonden (figuur 10). Of hierbij alle archeologische niveaus zijn verdwenen is niet bekend. Verder is het hele plangebied bebouwd. Uit de bouwtekeningen blijkt dat de Galerij gefundeerd is op poeren die tot 2,0 m -peil reiken. Tussen de funderingspoeren zouden nog archeologische resten aanwezig kunnen zijn. Ook zijn verschillende kelders aanwezig waarvoor de bodem tot 2,3 m -Mv ontgraven is (bijlage 9). Ter plaatse van de kelders zijn de archeologische niveaus zeer waarschijnlijk al verdwenen. Onder de rest van de bebouwing zouden nog archeologische resten aanwezig kunnen zijn. Van een deel van de huidige bebouwing in het plangebied is onbekend tot welke diepte de panden gefundeerd zijn.

28

Advies In het noorden van het plangebied zal de bestaande bebouwing worden gesloopt en nieuwe bebouwing worden gerealiseerd (totaal circa 1620 m 2). De funderingen van de nieuwbouw reiken tot ongeveer 0,9 m -Mv. De overige bebouwing zal blijven staan (circa 4840 m2). Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanwijziging: • Geadviseerd wordt om ter plaatse van de bestaande kelders de onderzoeksgrens voor de dubbelbestemming archeologie te verruimen naar 50 m2 en dieper dan 2,3 m –Mv (donker blauw in bijlage 9). Hier kunnen alleen nog zeer diepe sporen in het dekzand aanwezig zijn. • In de rest van het plangebied kunnen nog archeologische resten en/of sporen aanwezig zijn. Hier kan de bestaande onderzoeksgrens (50 m2 en dieper dan 30 cm -Mv) gehandhaafd blijven. Voor wat betreft de voorgenomen werkzaamheden (sloop en nieuwbouw) wordt geadviseerd hiervoor een vervolgonderzoek uit te voeren. Dit beslaat een deel van het plangebied en betreft ongeveer 1620 m2. In de rest van het plangebied zijn geen graafwerkzaamheden voorzien en wordt dus ook geen vervolgonderzoek geadviseerd. Gezien de archeologische waarde van het plangebied en de hoge archeologische verwachting, wordt geadviseerd om ter plaatse van de sloop- en nieuwbouw werkzaamheden een proefsleuvenonderzoek uit te voeren.

Dit proefsleuvenonderzoek moet worden uitgevoerd na de bovengrondse sloop van de bestaande panden. Het doel van het proefsleuvenonderzoek is om de aan -of afwezigheid van een vindplaats vast te stellen. Op basis van de resultaten van het proefsleuvenonderzoek kan dan bepaald worden hoe verdere traject zal verlopen. Voor dit vervolgonderzoek is op voorhand een Programma van Eisen (PvE) nodig, waarin de wijze van onderzoek en de randvoorwaarden zijn vastgelegd. Dit PvE dient voor aanvang van het onderzoek te zijn goedgekeurd door het bevoegd gezag. Bovenstaande is een advies. Het is aan de bevoegde overheid, de gemeente Oss, om op basis van de resultaten van dit rapport te bepalen welke archeologische dubbelbestemmingen moeten worden opgenomen en/of in welke vorm vervolgonderzoek dient te worden uitgevoerd. Het rapport dient daarom ter toetsing te worden voorgelegd aan de gemeente. De gemeente heeft bepaald dat na de bovengrondse sloop een proefsleuvenonderzoek moet worden uitgevoerd.

29

11. Geraadpleegde bronnen Archeologische kaarten en databestanden: • Archeologische Monumenten Kaart (AMK), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2007. • Archeologisch Informatie Systeem III (Archis3), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2016. • www.ruimtelijkeplannen.nl • archis.cultureelerfgoed.nl • www.kadastralekaart.com • www.archieven.nl • www.pdok.nl • www.ahn.nl • Bodemkaart van Nederland 1:50.000 (Stiboka) • Geomorfologische kaart van Nederland • www.bodemloket.nl • bagviewer.kadaster.nl • www.kadaster.nl • www.dinoloket.nl • landschapinnederland.nl/bronnen-en-kaarten/archeologische-landschappenkaart • https://rce.webgispublisher.nl/Viewer.aspx?map=militaire%5Flandschapskaart • www.brabant.nl/onderwerpen/cultuur-en-erfgoed/erfgoed/cultuurhistorische-waarden-inbrabant • www.bhic.nl • geoloket.provincieantwerpen.be/geoloketten/?viewer=extern&LayerTheme=12&extent=371183.1 034793,6619826.820527,643298.9241744,6793491.748791,102100 • beeldbank.cultureelerfgoed.nl • www.topotijdreis.nl • www.ikme.nl • https://geoloket.provincieantwerpen.be/ • CHW Noord-Brabant: https://noordbrabant.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=1dab0b45b3234fffa8090a4bc8ae06f 8 Lijst met afbeeldingen • Figuur 1 Ligging van het plangebied (bron: www.pdok.nl) • Figuur 2: Uitsnede van de kadastrale Minuutplan uit 1811-1832.

• Figuur 3: Uitsnede van een topografische kaart uit 1880. • Figuur 4: Uitsnede van een topografische kaart uit 1900. • Figuur 5: Uitsnede van een topografische kaart uit 1925. • Figuur 6: Uitsnede van een topografische kaart uit 1950. • Figuur 7: Uitsnede van een topografische kaart uit 1975.

• •

Figuur 8: Uitsnede van een topografische kaart uit 1995. Figuur 9: Uitsnede van een luchtfoto uit 2019.

•

Figuur 10. Bekende verontreinigingen in de omgeving van het plangebied.

30

Literatuur Bakker, H. de, 1966. De subgroepen van het systeem voor bodemclassificatie voor Nederland. In: Boor en Spade. Berendsen, H.J.A., 2005. Landschappelijk Nederland. Assen (Fysische Geografie van Nederland). Derde, geheel herziene druk. Bergman, W.A., 2020. Oss. Walkwartier. BAAC-rapport V-20.0246. Bont, C. de. 1993, ‘.. al het merkwaardige in bonte afwisseling..’Een historische geografie van Middenen Oost-Brabant. Stichting Brabants Heem. Botman, A., S., van der A, J. de Moor., 2009. Archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart gemeente Oss. ADC rapport H030. Cleijne, I.J., 2012. Oss, Plangebied Hooghuisstraat/Oostwal. Inventariserend veldonderzoek door middel van Proefsleuven. BAAC-rapport A-12-0217 Doesburg, J. van, M. de Boer, J. Deeben, B.J. Groenwoudt & T. de Groot (red.), 2007. Essen in zicht. Essen en plaggendekken in Nederland: onderzoek en beleid. NAR 34, Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Maas, G. J., W.M. van der Meij, S. P. J. v. Delft, A. H. Heidema., 2019. Toelichting bij de legenda Geomorfologische kaart van Nederland 1:50 000. http://legendageomorfologie.wur.nl/. Wageningen, Wageningen Environmental Research. Meijel., L., van, E. Bet, H. Hinterthür, 2009. Oss-stadscentrum, cultuurhistorische en ruimtelijke analyse. https://www.elsbet.nl/dl/CHA%20Oss.pdf Mulder, E.F.J de., M.C. Geluk, I. Ritsema, W.E. Westerhof & T.E.

Wong 2003, De ondergrond van Nederland, Groningen. Norde, E.H.L.D., 2009. locatie V&D. Zuidnederlandse Archeologische Notities 203. Nuenen, F. van, 2006. Oss Terwaenen en Burgwal Archeologische begeleiding herinrichting OssCentrum. BAAC-rapport 05.082. Rensink, E/ H.J.T. Weerts/ M. Kosian/ H. Feiken/B.I. Smit, 2015. Archeologische Landschappenkaart van Nederland Methodiek en kaartbeeld. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Schokker, J., 2003. Patterns and processes in a Pleistocene fluvio-aeolian environment (Roer Graben, south-eastern Netherlands), Utrecht (Thesis, Nederlandse Geografische Studies 314). Stouthamer, E., K.M. Cohen, W.Z. Hoek, 2015. De vorming van het Land. Utrecht (Fysische geografie van Nederland). Achtste, geheel herziene druk. TNO, 2020. Geologische Overzichtskaart van Nederland, schaal 1:600 000. Venrooij, N.P.M.J., van, 2022. Historisch bodemonderzoek Galerij (Noord) te Oss. NIPA milieutechniek project N221607. 24 maart 2022. 31

Vos, P.C., 2015. Origin of the Dutch coastal landscape. Longterm landscape evolution of the Netherlands during the Holocene, described and visualized in national, regional and local palaeogeographical map series. PhD dissertation, Utrecht University, Barkhuis Groningen. Vos, P., M. van der Meulen, H. Weerts en J. Bazelmans, 2018, Atlas van Nederland in het Holoceen. Landschap en bewoning vanaf de laatste ijstijd tot nu, Amsterdam (Prometheus). Winter, J. de, 2022. Oss-Walkwartier. Archeologische begeleiding en inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven. BAAC-rapport A-21.0056. Zijverden, van, W.K. & J. de Moor, 2014. Het groot profielenboek. Fysische geografie voorarcheologen. Leiden.

32

Bijlage 1: Kadastrale kaart

Heuvel

Walstraat

33

In grijs de bestaande bebouwing, in kleur de nieuwe bebouwing.

Bijlage 2: Plantekening

34

Bijlage 3: Archeologische beleidskaart van de gemeente Oss

35

36

Bijlage 4: Geomorfologie

37

Bijlage 5: Hoogtekaart

38

39

Bijlage 6: Bodemkaart

40

Bijlage 7: Archeologische informatie

41

Winkelgalerij met bovenwoningen (nieuwe versie met grotere kelders). Donker omlijnd zijn kelders. Bron: tekening PDMS-#1265710-v1-1013912-13_pdf, bouwarchief (aangeleverd door opdrachtgever).

Bijlage 8: Bouwtekeningen bestaande bebouwing

42

Winkelgalerij met bovenwoningen (oudere versie met nog kleinere kelders). Donker omlijnd zijn kelders. Bron: tekening PDMS-#1265699-v1-1013912-1_pdf, bouwarchief (aangeleverd door opdrachtgever).

43

Funderingspoeren kelders. Bron: tekening PDMS-#1265723-v1-1013912-18_pdf, bouwarchief (aangeleverd door opdrachtgever).

44

Vloeren winkelgalerij. Bron tekening: PDMS-#1265778-v1-1013912-42_pdf, bouwarchief (aangeleverd door opdrachtgever).

45

Funderingen (deel van de) winkelgalerij. Bron: tekening PDMS-#1265785-v1-1013912-7_pdf, bouwarchief (aangeleverd door opdrachtgever).

46

Bijlage 9: Overzicht bekende verstoringen

47

Bijlage 4

- Verslag omgevingsdialoog

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=62239d28-ed47-40cf-9444-f2a4b1815549