Bijlage 7A Toelichting BP Partiële Herziening 5 Buitengebied Oss - 2020.PDF
Tekst van het document
HERZIENING 5 Bestemmingsplan Buitengebied Oss - 2020 Toelichting
Gemeente Oss | Raadhuislaan 2 | 5341 GM | Oss | T: 14 0412 | F: 0412 642605 | www.oss.nl |
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss – 2020 Gemeente Oss
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 2 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Colofon Bestemmingsplan: Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020 Rapportnummer: 2018.0313 Status: Ontwerpbestemmingsplan Datum: 28 maart 2023 IDN: NL.IMRO.0828.HZ5buitengboss2020-VG01 Projectlocatie Kesselsegraaf 5 5398 CH Maren-Kessel Opdrachtnemer Reland Bezoekadres: Burg. Verdijkplein 1 5835 AR Beugen Correspondentieadres: Postbus 186 5830 AD Boxmeer www.reland.nl Projectleiding Reland Telefoonnummer 085 043 1949 E-mail info@reland.nl
© maart 2023 Reland Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd door middel van druk, fotokopie, microfilm, geluidsband, elektronisch of op welke andere wijze dan ook, en evenmin in een geautomatiseerd gegevensbestand worden opgeslagen, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Reland. Aan de inhoud van dit rapport kunnen geen rechten worden ontleend. Reland verwerpt elke aansprakelijkheid voor een ander gebruik van deze tekst dan voor de situatie waarvoor deze wordt uitgebracht. De informatie in deze tekst is onder voorbehoud en kan worden veranderd zonder voorafgaande kennisgeving.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 3 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Bestemmingsplan Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020 vastgesteld Toelichting
Gemeente Oss, 15 juni 2023
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 4 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
INHOUDSOPGAVE TOELICHTING Hoofdstuk 1 Inleiding .................................................................................................................................7 1.1 Aanleiding ......................................................................................................................................7 1.2 Plangebied .....................................................................................................................................7 1.3 Geldende bestemmingsplannen.....................................................................................................8 Hoofdstuk 2 Bestaande situatie..................................................................................................................9 Hoofdstuk 3 Beoogde situatie .................................................................................................................. 12 Hoofdstuk 4 Ruimtelijk beleidskader ........................................................................................................ 14 4.1 Wettelijk kader.............................................................................................................................. 14 4.2 Rijksbeleid ....................................................................................................................................
16 4.3 Provinciaal beleid ......................................................................................................................... 16 4.4 Gemeentelijk beleid...................................................................................................................... 28 Hoofdstuk 5 Omgevingsaspecten ............................................................................................................ 35 5.1 Landschap ................................................................................................................................... 35 5.2 Natuur .......................................................................................................................................... 36 5.3 Archeologie en Cultuurhistorie .................................................................................................... 39 5.4 Mobiliteit en parkeren ................................................................................................................... 42 5.5 Water ........................................................................................................................................... 43 5.6 Defensie .......................................................................................................................................
46 5.7 Milieuaspecten ............................................................................................................................. 46 5.8 Milieueffectrapportage (M.e.r.) .................................................................................................... 59 Hoofdstuk 6 Toelichting op de regels ...................................................................................................... 61 6.1 Algemeen ..................................................................................................................................... 61 6.2 Regels .......................................................................................................................................... 61 Hoofdstuk 7 Handhaving ......................................................................................................................... 63 7.1 Beleidskader ................................................................................................................................ 63 7.2 Professionele handhaving en handhavingsprogramma ............................................................... 63 7.3 Handhaafbaarheid, positief bestemmen, overgangsrecht ............................................................
64 Hoofdstuk 8 Economische uitvoerbaarheid ............................................................................................. 65 Hoofdstuk 9 Overleg en maatschappelijke uitvoerbaarheid .................................................................... 66 9.1 Omgevingsdialoog ....................................................................................................................... 66 9.2 Vooroverleg .................................................................................................................................. 66 9.3 Inspraak ....................................................................................................................................... 67 9.4 Zienswijzen .................................................................................................................................. 68
REGELS VERBEELDING BIJLAGEN zie separaat bijlagenboek
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 5 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
TOELICHTING Bestemmingsplan Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 6 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 7 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
De initiatiefnemers zijn de eigenaren van de kalverhouderij op de locatie Kesselsegraaf 5 te MarenKessel. In het kader van de Verordening Wet natuurbescherming – provincie Noord-Brabant dienen stallen voor de huisvesting van vleeskalveren die ouder zijn dan 15 jaar uiterlijk in 2022 voorzien te worden van vergaande emissie reducerende systemen. Met deze aanpassing van de stalsystemen gaan grote investeringen met een lange terugverdientijd gepaard. Gezien de leeftijd van de ondernemers en onzekerheden in de sector hebben de initiatiefnemers ervoor gekozen om de kalverhouderij te beëindigen. Het aantal ondernemers en bedrijven in de veehouderij neemt in de toekomst steeds verder af. Hierdoor is het niet aannemelijk dat de locatie in de toekomst nog gebruikt kan gaan worden voor veehouderij activiteiten. Naar aanleiding van het besluit van de initiatiefnemers om hun bedrijfsvoering te staken zijn in 2018 de eerste gesprekken gevoerd met de gemeente Oss over herontwikkelingsmogelijkheden op de locatie. Deze gesprekken hebben geleid tot een gedragen oplossing voor de ontwikkeling van twee woningen naast de twee al bestaande bedrijfswoningen. De twee bestaande bedrijfswoningen worden ook omgezet naar burgerwoningen. De eerste bedrijfswoning blijft in de huidige staat, met het bijbehorend bouwwerk, behouden.
De tweede bedrijfswoning wordt op termijn vervangen door een nieuwe burgerwoning. De realisatie van twee nieuwe woningen dient wel gepaard te gaan met een forse kwaliteitsverbetering. De bebouwing op de locatie, op de kruising van de Meester van Coothstraat en de Kesselsegraaf, is gebouwd op een terp. De terp is in het huidige straatbeeld echter nog nauwelijks zichtbaar. Met de beëindiging van het agrarisch bedrijf ontstaat een kans om de terp als cultuurhistorisch waardevol element weer terug te brengen in het landschap. Het herstel van de terp is een mogelijkheid om kwaliteit en cultuurhistorische waarden terug te brengen. Met deze kwaliteitsverbetering is realisatie van twee woningen en het omzetten van de twee bestaande bedrijfswoningen in burgerwoningen mogelijk. In mei 2019 is een principeverzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss met de vraag om medewerking te verlenen aan het planvoornemen. Op 25 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss besloten om medewerking te verlenen aan voorgestane ontwikkeling. Het planvoornemen is echter niet direct passend in de vigerende planologisch-juridische regeling.
Een herziening van het bestemmingsplan voor deze locatie is dan ook noodzakelijk om een op maat gemaakte regeling op te stellen waarin het planvoornemen op de juiste wijze planologisch-juridisch wordt vastgelegd. Deze toelichting vormt onderdeel van dit bestemmingsplan. Het bestemmingsplan bestaat uit een toelichting (de motivatie en onderbouwing van het initiatief) en de juridisch bindende delen die in werking treden na vaststelling van het bestemmingsplan (de regels en de verbeelding). 1.2
Plangebied
Het plangebied is gelegen binnen twee kadastrale percelen. De kadastrale percelen staan bekend als gemeente Lith, sectie G, nummers 57 en 58. Het plangebied heeft een oppervlakte van 7.080 m 2. In figuur 1 is de ligging van het plangebied op de kadastrale ondergrond weergegeven.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 8 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Figuur 1 Luchtfoto met plangebied geel omkaderd
1.3
Geldende bestemmingsplannen
Tot de inwerkingtreding van voorliggend bestemmingsplan Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020 geldt binnen het plangebied onderstaand bestemmingsplan. Naam bestemmingsplan
Datum vaststelling
Buitengebied Oss - 2020
16 april 2020
Na de inwerkingtreding van voorliggend bestemmingsplan verliest dit plan, binnen het plangebied, zijn rechtskracht.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 9 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Hoofdstuk 2
Bestaande situatie
De planlocatie is gelegen in het buitengebied van de gemeente Oss (figuur 2). Hier ligt het op een afstand van circa 300 meter ten zuidoosten van het dorpje Kessel. Het plangebied ligt daarnaast ten noordoosten van het jonge kerkdorp Maren-Kessel (afstand circa 1,3 km) en ten westen van het grotere dorp Lith (afstand circa 1,5 km). Het plangebied wordt aan de noordelijke zijde direct ontsloten door de provinciale weg N625, welke de steden ’s-Hertogenbosch en Oss, en zodoende ook de dorpen Maren-Kessel en Lith, met elkaar verbindt. Aan de oostelijke zijde wordt het plangebied ontsloten door de Kesselsegraaf, welke richting het zuiden naar het achterliggende platteland leidt. Ten noorden van het plangebied stroomt op een afstand van ongeveer 1,5 km de rivier De Maas.
Figuur 2 Luchtfoto omgeving plangebied met plangebied geel omcirkeld
In de omgeving van de planlocatie zijn de gronden veelal ingericht als landbouwgronden en graslanden. Ook zijn er verschillende functies te vinden zoals woningen, agrarische bedrijvigheid en andere bedrijvigheid. Deze functies zijn verspreid in het buitengebied gelegen (figuur 3). De agrarische bedrijven in de nabije omgeving betreffen een paardenhouderij, een varkenshouderij en een melkveehouderij. Daarnaast is er op een afstand van circa 550 meter van het plangebied een geitenhouderij gelegen.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 10 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Figuur 3 Functies in de omgeving met plangebied rood omkaderd
Op de planlocatie aan de Kesselsegraaf 5 is in de huidige situatie een aantal bedrijfsgebouwen aanwezig ten behoeve van de kalverhouderij (figuur 4). Naast de bedrijfsbebouwing zijn twee bedrijfswoningen aanwezig. De totale oppervlakte aan bedrijfsbebouwing bedraagt circa 2.362 m2. Daarnaast zijn er tevens een aantal sleufsilo’s aanwezig met een totale oppervlakte van circa 725 m2. Een groot deel van de bebouwing is verouderd. De bestaande eerste bedrijfswoning aan de Meester van Coothstraat heeft cultuurhistorische waarden. Deze bedrijfswoning is gebouwd op een oude terp. De oude terp is door de ontwikkeling en groei van het agrarisch bedrijf in het verleden verdwenen en niet meer als zodanig herkenbaar in het landschap. De Kesselsegraaf vormt de grens tussen de polders ‘Het Hoog Gemaal’ (grofweg ten oosten van de Kesselsegraaf) en het ‘Laag Gemaal’ (ten westen van de Kesselsegraaf). De afwatering op de Maas, waarvan het peil vaak veel hoger was dan van het water binnen de polder, was vroeger een probleem. De bebouwing op de kruising Meester van Coothstraat en de Kesselsegraaf is dan ook gebouwd op een terp.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 11 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Figuur 4 Huidige situatie plangebied
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 12 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Hoofdstuk 3
Beoogde situatie
In de boogde situatie wordt het bestaand agrarisch bedrijf gesaneerd. Alle bedrijfsbebouwing en bouwwerken worden gesloopt en verwijderd. De twee bestaande bedrijfswoningen blijven behouden en worden omgezet naar burgerwoningen. De eerste bedrijfswoning op de Meester de Coothstraat blijft, mede vanwege de cultuurhistorische waarden, in de huidige vorm behouden. Ook het bijbehorend bouwwerk blijft in de toekomst behouden. De bestaande tweede bedrijfswoning aan de Kesselsegraaf blijft voor nu behouden en wordt omgezet naar een burgerwoning. Op termijn, binnen enkele jaren, wordt deze woning echter gesaneerd en wordt op een andere plek binnen het plangebied een nieuwe burgerwoning terug gebouwd. Naast de beëindiging van het agrarisch bedrijf en het omzetten van de twee bestaande bedrijfswoningen in burgerwoningen worden daarnaast twee woningen gerealiseerd. De ontwikkeling van twee woningen dient daarbij gepaard te gaan met een forse kwaliteitsverbetering. Enerzijds wordt deze kwaliteitsverbetering behaald door het agrarisch bedrijf te saneren. Daarnaast wordt de oude terp teruggebracht in het landschap. Het herstel van de terp en het landschappelijk inpassen van de planlocatie brengen een aanzienlijke kwaliteitsverbetering met zich mee.
De ontwikkeling sluit op deze manier aan bij de doelstellingen uit het landschapsbeleidsplan waarin is aangegeven dat het wenselijk is om oude elementen en patronen bij nieuwe ontwikkelingen weer terug te brengen in het ruimtelijk ontwerp. Op deze wijze draagt de ontwikkeling bij aan de herkenbaarheid van het landschap en haar geschiedenis. Door het herstel van de terp wordt het cultuurhistorisch element teruggebracht in de omgeving en wordt een grote kwaliteitswinst behaald. Door de beëindiging van de kalverhouderij en het herstel/versterken van de terp wordt tevens een aanzienlijke milieu- en ruimtelijke kwaliteitswinst behaald. Zo vindt onder andere een forse daling van geur-, fijnstof-, endotoxine en stikstofemissie plaats. Ten behoeve van dit planvoornemen is een eerste stedenbouwkundige denkrichting opgesteld waarin de terp en de ontwikkeling van de drie woningen een plek hebben gekregen. Deze eerste stedenbouwkundige schets is de basis geweest voor een nadere stedenbouwkundige en landschappelijke uitwerking. Deze opzet is weergegeven in figuur 5.
Figuur 5 Voorstel gemeente nieuwe situatie (d.d. 8 november 2018)
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 13 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Landschappelijke inpassing Bij het opstellen van de landschappelijke inpassing is het voorstel van de gemeente, zoals opgesteld op 8 november 2018, als basis gebruikt (figuur 6). Overeenkomstig het voorstel van de gemeente zouden de woningen gegroepeerd kunnen worden rondom een gezamenlijk erf, waarmee er ruimtelijk gezien een relatie blijft met de ‘boerderij’. De woning aan de Kesselsegraaf 5 krijgt een ruim woonperceel met aan de westzijde een boomgaard passend bij de omgeving. De drie nieuwe woningen op ruime percelen worden ruimtelijk begrensd door een terp. Bij het opstellen van de landschappelijke inpassing (bijlage 1 en figuur 6) zijn, een en ander overeenkomstig het voorstel van de gemeente, onderstaande uitgangspunten gehanteerd: • Compact bouwen rondom een gezamenlijk erf achter de bestaande woonboerderij • Realisatie erf op een terp; de terp accentueren in het landschap • Diversiteit aan bebouwing, maar wel onderlinge relatie tot woonboerderij (schuurwoningen) • Voorstel inpassen met elementen ‘boerenerf’ • Vanaf Meester van Coothstraat relatie behouden met achterland Bij de situering van de woningen is rekening houden dat deze niet verstopt raken achter de erfafscheiding van het buurperceel. Dat wil zeggen dat iedere woning ook een relatie heeft met het openbare gebied door zicht en raakvlak.
Door de situering is er tevens vanaf de Kesselsegraaf meer zicht op de nieuwe woningen en staan de woningen toch in relatie met elkaar. De parkeerplaatsen zijn dusdanig gesitueerd dat deze ondergeschikt zijn aan de woningen en de groene omgeving.
Figuur 6: Landschappelijke inpassing
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 14 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Hoofdstuk 4 4.1
Ruimtelijk beleidskader
Wettelijk kader
4.1.1 Wet ruimtelijke ordening De hoofdlijnen van de Wet ruimtelijke ordening zijn: Decentraal wat kan en centraal wat moet: rijk en provincie moeten en mogen niet meer regelen dan wat de taak van deze overheden direct met zich brengt; Rijk, provincie en gemeente hebben gelijke instrumenten en kunnen die inzetten voor de eigen taken op het gebied van de ruimtelijke ordening: structuurvisie, bestemmingsplan en projectafwijkingsbesluit; Rijk en provincie kunnen zaken voor gemeente dwingend voorschrijven via een verordening en via een aanwijzing; Er is een strikte scheiding tussen beleid en bestemmingsplan; beleidsdocumenten hebben geen directe juridische werking meer; De goedkeuring van de provincie op bestemmingsplannen is vervallen; Voor de realisering van projecten kan een projectafwijkingsbesluit genomen worden; Voor gebieden waar geen ruimtelijke ontwikkelingen spelen kan de gemeente kiezen om een beheersverordening te maken in plaats van een bestemmingsplan; Er is een drempel voor planschade van 2%; De mogelijkheid van kostenverhaal bij grondexploitatie is verbeterd; Bestemmingsplannen moeten analoog en digitaal worden gemaakt. Onderdeel van de Wet ruimtelijke ordening is de Grondexploitatiewet (Grex-wet). De grondexploitatiewet is als paragraaf 6.4 in de nieuwe Wet ruimtelijke ordening opgenomen.
Doelstelling van de nieuwe wet is een goede regeling voor kostenverhaal, binnenplanse verevening en enkele locatie-eisen bij particuliere grondexploitatie. Onder de Grex-wet is kostenverhaal mogelijk via het privaatrechtelijke spoor (door middel van een vrijwillige samenwerkingsovereenkomst) en door middel van het publiekrechtelijke spoor. Het kostenverhaal heeft een verplichtend karakter. Privaatrechtelijke afspraken hebben de voorkeur. Maar als een gemeente er niet in geslaagd is met alle particuliere eigenaren in een gebied een overeenkomst te sluiten over grondexploitatie moet de gemeente publiekrechtelijk kosten verhalen bij partijen waarmee geen contract is gesloten. Dit publiekrechtelijke verhaal gaat door middel van een exploitatieplan, waarvan de totstandkoming gelijk op moet lopen met een bestemmingsplan. De verplichting tot een publiekrechtelijke regeling is gekoppeld aan twee voorwaarden: 1. In de eerste plaats is een ruimtelijk besluit op grond van de Wet ruimtelijke ordening nodig. Het publiekrechtelijk instrumentarium is alleen van toepassing bij de vaststelling van een bestemmingsplan, wijziging van een bestemmingsplan, of een projectafwijkingsbesluit. 2. De tweede voorwaarde is dat het ruimtelijk besluit voorziet in nieuwbouw of in belangrijke en omvangrijke verbouwplannen met functiewijzigingen.
De bouwplannen waar het om gaat zijn in het Besluit ruimtelijke ordening aangewezen. 4.1.2 Besluit ruimtelijke ordening; “Ladder voor duurzame verstedelijking” Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de nadere uitwerking van de Wet ruimtelijke ontwikkeling. In het Bro staat onder meer dat gemeenten bij het opstellen van een bestemmingsplan rekening moeten houden met bijvoorbeeld cultuurhistorie of bodem. Verder staat in het Bro dat een plan moet voldoen aan de Ladder voor duurzame verstedelijking.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 15 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
De ‘ladder voor duurzame verstedelijking’ is een procesvereiste voor ruimtelijke plannen die nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken (Bro art. 3.1.6 lid 2). “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien”. Stedelijke ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld een bedrijventerrein, kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Nieuwe stedelijke ontwikkeling zijn ontwikkelingen, die nog niet eerder in een bestemmingsplan of ander juridisch verbindend ruimtelijk plan zijn opgenomen. In dit geval worden er twee nieuwe woningen toegevoegd binnen een bestaand en bebouwd perceel van een voormalige kalverhouderij. De woningen beslaan een minder groot oppervlakte dan de bedrijfsbebouwing. Hierdoor kan worden gesproken van zorgvuldig ruimtegebruik. Daarnaast wordt verstaan onder stedelijke ontwikkeling, het realiseren van 12 of meer woningen. In dit geval is er dus geen sprake van een stedelijke ontwikkeling, waardoor de Ladder voor duurzame verstedelijking niet relevant is voor dit plan.
4.1.3 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Indien nationale belangen met het oog op een goede ruimtelijke ordening dat vergen, kan de minister regels stellen aan de inhoud van bestemmingsplannen. Dit heeft de minister, in de vorm van een algemene maatregel van bestuur, gedaan in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Op 30 december 2011 is dit besluit in werking getreden. Het kabinet heeft in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld dat voor een aantal onderwerpen verdere regels gesteld moeten worden. In het Barro komen dertien nationale belangen als titels terug. De volgende kunnen relevant zijn voor ruimtelijke plannen in de gemeente Oss: Rijksvaarwegen Grote rivieren Defensie Hoofdwegen en landelijke spoorwegen Elektriciteitsvoorziening Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen Natuurnetwerk Nederland Primaire waterkeringen buiten het kustfundament De regels in het besluit zijn concreet normstellend benoemd en moeten direct of indirect (door tussenkomst van de provincie) doorwerken tot het niveau van de lokale besluitvorming. De indirecte doorwerking komt enkel bij de Ecologische Hoofdstructuur en de Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarden voor. Het Barro voorziet verder in een hoofdstuk overige bepalingen en gaat gepaard met meerdere bijlagen.
In deze bijlagen worden onder andere de belangen van de grote rivieren en defensie geografisch begrensd. Bij het opstellen van bestemmingsplannen (en andere ruimtelijke besluiten) dient rekening te worden gehouden met de bepalingen van het Barro. Voor de gemeente Oss zijn met name de titels met betrekking tot de rijksvaarwegen, de grote rivieren, primaire waterkeringen buiten het kustfundament en defensie (rechtstreeks) van belang. De regels in titel 2.4 Grote rivieren vormen feitelijk de doorwerking van de Beleidsregels Grote rivieren. Ten aanzien van titel 2.6 Defensie wordt de enige mogelijke beperking gevormd door de bescherming van het radarverstoringsgebied van de vliegbasis Volkel.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 16 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
4.2
Rijksbeleid
4.2.1
De Nationale Omgevingsvisie
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De belangrijkste speerpunten uit de NOVI zijn: - Een klimaatbestendige inrichting van Nederland. Dat betekent dat we Nederland zo inrichten dat ons land de klimaatveranderingen aankan. Daarvoor is nodig dat we functies meer in evenwicht met natuurlijke systemen (bodem en water) inpassen. Een voorbeeld hiervan is het op termijn verhogen van grondwaterstanden in veenweidegebieden; - De verandering van de energievoorziening. Bij de inpassing van duurzame energie hebben we oog voor omgevingskwaliteit. Een voorbeeld hiervan is dat we eerst kijken naar ongebruikte daken om zonnepanelen op te plaatsen; - De overgang naar een circulaire economie, waarbij we tegelijk goed kunnen blijven concurreren en een aantrekkelijk vestigingsklimaat bieden. Een voorbeeld is het aanpassen van productieprocessen en het gebruik van reststoffen in het haven- en industriegebied; - De ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. Hiermee sturen we op een goed bereikbaar netwerk van steden. We gebruiken zo de ambities en mogelijkheden in steden en regio’s in heel Nederland.
Voorbeelden van regionale uitwerking hiervan zijn de verstedelijkingsstrategieën, waarin vooruitgekeken wordt hoe verschillende ruimtelijke functies in en rondom steden het beste ingepast kunnen worden; - Het bij elkaar plaatsen van zogenaamde logistieke functies (bijvoorbeeld distributiecentra, datacenters) om hiermee de openheid en de kwaliteit van het landschap te behouden. We maken daarbij gebruik van een voorkeursvolgorde logistieke functies; - Het toekomstbestendig maken van het landelijk gebied in goed evenwicht met de natuur en landschap. We werken bijvoorbeeld aan de overgang naar de kringlooplandbouw zodat gebruik van de grond meer wordt afgestemd op de natuurlijke water- en bodemsystemen. De beoogde herontwikkeling heeft door omvang en aard van de ontwikkeling geen betrekking op de geformuleerde nationale belangen. Met deze ontwikkeling wordt een voormalige agrarische bedrijfslocatie herbestemd naar een woonbestemming. Dit draagt uiteraard op micro niveau wel bij aan de ontwikkeling van een toekomstbestendig landelijk gebied. 4.3
Provinciaal beleid
4.3.1 Brabantse Omgevingsvisie: De kwaliteit van Brabant, visie op de Brabantse leefomgeving Op 14 december 2018 hebben Provinciale Staten de Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ vastgesteld. De Omgevingsvisie bevat de hoofdlijnen van het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. De visie beschrijft de strategische hoofdopgaven voor de lange termijn over klimaatverandering, energietransitie, verstedelijking en bereikbaarheid, concurrerende duurzame economie en de basis op orde. Voor deze opgaven wordt aangegeven wat de ambities op lange termijn zijn: wat is er nodig om Brabant in 2050 een gezonde, veilige en prettige leefomgeving te laten zijn? Ook is een concreet
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 17 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
tussendoel geformuleerd voor het jaar 2030, om zo te kijken wat in dat jaar minimaal bereikt moet zijn om het lange termijndoel te kunnen halen. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet zal de Omgevingsvisie de provinciale plannen, zoals de structuurvisie, het verkeers- en vervoersplan, het milieu- en waterplan en de natuurvisie vervangen. De basisopgave van de Brabantse Omgevingsvisie is werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. Deze basisopgave is veelomvattend en gaat over milieuaspecten, als een schone bodem, schoon water (ondergrond) en schone lucht. Maar ook om landschappelijke en cultuurhistorische aantrekkelijkheid, een goede woon- en werkomgeving met een aantrekkelijk aanbod aan voorzieningen, stilte en een natuurrijke omgeving, waarin biodiversiteit en recreatie hand in hand gaan. Om deze basisopgave te verwezenlijken zijn er vier hoofdopgaven gesteld: Werken aan de Brabantse energietransitie Werken aan een ‘klimaatproof’ Brabant Werken aan de slimme netwerkstad Werken aan een concurrerende, duurzame economie Met onderhavige ontwikkeling wordt een veehouderijbedrijf opgeheven en worden ter plaatse van de bedrijfsbebouwing nieuwe woningen opgericht.
Hierdoor wordt geen nieuwe ruimte gevraagd en is er sprake van zorgvuldig ruimtegebruik. Het gehele perceel zal landschappelijk worden ingepast waarbij rekening wordt gehouden met de landschappelijke waarden in de omgeving (ligging op een terp). De ontwikkeling is hiermee niet in strijd met de omgevingsvisie Noord-Brabant. 4.3.2 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant In oktober 2019 is de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld. De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant bevat alle provinciale regels voor de fysieke leefomgeving. De verordening zorgt voor kaderstellende doorvertaling van de omgevingsvisie en het bestaande provinciaal beleid. In april 2022 is de Interim Verordening Noord-Brabant gewijzigd. Deze wijzigingen zijn al doorgevoerd als voorloper op de Omgevingsverordening van de provincie die inwerking treedt als de Omgevingswet inwerking treedt. De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is een eerste stap in de implementatie van de Omgevingswet op provinciaal niveau. Voordat de Omgevingswet in werking treedt, wordt de definitieve omgevingsverordening vastgesteld. Net zoals de Omgevingswet een groot aantal wetten vervangt, vervangt de Brabantse omgevingsverordening een aantal provinciale verordeningen.
De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vervangt de Provinciale milieuverordening, Verordening natuurbescherming, Verordening Ontgrondingen, Verordening ruimte, Verordening water en de Verordening wegen. In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant staan regels voor: Burgers en bedrijven: dit zijn rechtstreeks werkende regels voor activiteiten. Deze regels bevatten de voorwaarden om zo’n activiteit te mogen verrichten. Deze regels geven ook aan of de start van een activiteit vooraf moet worden gegaan door een melding.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 18 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het bestemmingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. Het plangebied is gelegen in het landelijk gebied binnen de structuur ‘gemengd landelijk gebied (figuur 7).
Figuur 7 Uitsnede plankaart Interim omgevingsverordening Noord-Brabant met planlocatie rood omcirkeld
Voor de huidige bedrijfswoningen bestaat de wens om deze om te zetten naar burgerwoningen, waarvan één woning wordt herbouwd. Artikel 3.69 lid d. biedt de mogelijkheid om binnen het landelijk gebied een voormalige bedrijfswoning in gebruik te nemen als burgerwoning. Dit onder voorwaarden dat de woning niet wordt gesplitst in meerdere woonfuncties en overtollige bebouwing wordt gesloopt. Gezien aan deze voorwaarden wordt voldaan is het mogelijk om beide bedrijfswoningen om te zetten naar burgerwoningen. Daarnaast is, conform artikel 3.68, de bouw van een woning ter vervanging van een bestaande woning mogelijk mits de bestaande woning feitelijk wordt opgeheven en als de overtollige bebouwing wordt gesloopt. In dit geval wordt de verouderde tweede bedrijfswoning geheel gesloopt ten behoeve van een nieuw te bouwen woning. Daarnaast wordt alle bedrijfsbebouwing van het kalverbedrijf gesloopt, waardoor kan worden voldaan aan de voorwaarden en vervangende nieuwbouw mogelijk is. In eerste instantie is nieuwvestiging van woningen binnen het landelijk gebied niet toegestaan. Het is mogelijk woningen in het landelijk gebied te realiseren door gebruik te maken van een afwijking welke is opgenomen in artikel 3.78 ‘Maatwerk met als doel omgevingskwaliteit’ van de Interim omgevingsverordening.
Artikel 3.77 Ontwikkelingsrichting Lid 1 Voor de toepassing van de maatwerkbepalingen in deze afdeling geldt dat het bestemmingsplan een onderbouwing bevat dat de ontwikkeling past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. Een ontwikkelingsrichting wordt opgesteld met toepassing van de basisprincipes, bedoeld in Paragraaf 3.1.2 , en gaat in ieder geval in op de volgende aspecten: a. welke activiteiten en functies vanuit een gebiedsgerichte benadering passen in de omgeving;
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 19 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Het planvoornemen voorziet in de realisatie van vier woningen op een nog te saneren agrarische bedrijfslocatie. In deze toelichting is een uitgebreide omschrijving van het planvoornemen en de wijze waarop het planvoornemen in de omgeving past opgenomen. De locatie ligt in een cluster van bebouwing waarin voornamelijk woonfuncties en agrarische bedrijven liggen. Het is aannemelijk dat de bedrijfsvoering van deze agrarische bedrijven wordt gestaakt gezien de huidige maatschappelijke ontwikkelingen en de beperkte uitbreidingsmogelijkheden vanwege de aanwezigheid van woonfuncties. De ontwikkeling die voorziet in de toevoeging van twee nieuwe woningen en het omzetten van twee bestaande woningen past dan ook goed in de omgeving. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. b. welke effecten de ontwikkeling van die activiteiten en functies heeft op andere aspecten, waaronder een veilige en gezonde leefomgeving , de te beschermen waarden, bedoeld in Afdeling 3.2 Basis op orde , mobiliteit, agrarische ontwikkeling, stedelijke ontwikkeling, leefbaarheid en leegstand elders; Het planvoornemen heeft een daling van diverse emissies zoals stikstof, geur, fijnstof en endotoxines tot gevolg en draagt daarmee direct bij aan een betere en schonere leefomgeving voor direct omwonenden en het beperken van negatieve gevolgen voor Natura2000-gebieden.
Daarnaast worden verouderde stallen gesloopt en wordt asbest gesaneerd en vervangen door vier riante burgerwoningen op een te herstellen historische terp. Op de wijze wordt visueel en ruimtelijke een grote kwaliteitsslag behaald en waarde toegevoegd aan het omliggende gebied. Het planvoornemen heeft dan positieve effecten voor de directe (leefomgeving). Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. c. op welke wijze de omgevingskwaliteit in het gebied versterkt kan worden, mede gericht op de toepassing van Artikel 3.9 Kwaliteitsverbetering landschap ; en In de beantwoording van lid 3 van dit artikel is een uitgebreide beschrijving van de kwaliteitsverbeterende maatregelen in dit plan opgenomen. Versterking van de omgevingskwaliteit vindt plaats op verschillende vlakken. Zo worden emissies en hinder veroorzakende activiteiten beperkt, wordt oude bedrijfsbebouwing gesloopt en asbest gesaneerd. Daarnaast vindt het herstel van de cultuurhistorisch waardevolle terp plaats. Op deze wijze wordt een mooi leefmilieu voor bewoners van de woningen binnen het plangebied en in de directe omgeving bewerkstelligd. Door binnen de voormalige contouren van het bedrijf vier woningen te ontwikkelen wordt daarnaast een mooie herinvulling van een voormalige agrarische bedrijfslocatie in een bestaand bebouwingscluster gecreëerd.
De totale versterking van de omgevingskwaliteit is met behulp van de provinciale rekenmodule gekwantificeerd en is vastgesteld op een totale investering van € 282.829,49. In deze toelichting is tevens een uitgebreide omschrijving van de kwaliteitsverbetering van het landschap opgenomen. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. d. op welke wijze de sloop van overtollige bebouwing wordt gerealiseerd. De sloop van de bebouwing is een integraal onderdeel van het planvoornemen en is onderdeel van de berekeningen van het maatwerk met als doel omgevingskwaliteit. Zonder sloop van de bebouwing en voorzieningen (mestputten en verharding) kan geen invulling worden gegeven aan de realisatie van de nieuwe woningen. Enerzijds omdat de sloop van de stallen als compensatie dient voor het omzetten van de bedrijfswoningen naar burgerwoningen en de realisatie van twee nieuwe woningen. Anderzijds omdat de woningen op de locatie van de bestaande stallen worden gebouwd. Realisatie van de woningen is enkel mogelijk indien de bedrijfsgebouwen worden gesloopt. De sloop en realisatie van het planvoornemen zijn geborgd in de regels van het bestemmingsplan en in de anterieure overeenkomst die is gesloten tussen de gemeente en de initiatiefnemers. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 20 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Lid 2 Bij het opstellen van een ontwikkelingsrichting worden deskundigen betrokken op het gebied van omgevingskwaliteit , onder wie een deskundige die bij de provincie Noord-Brabant werkzaam is. Voor het opstellen van deze ontwikkelingsrichting zijn deskundigen betrokken en is breed overleg gevoerd met de gemeente Oss. Daarnaast is het planvoornemen besproken in een periodiek overleg tussen deskundigen van de gemeente Oss en de provincie. Uit deze overleggen zijn geen overwegende bezwaren naar voren gekomen. De gemeente Oss heeft al in een vroegtijdig stadium aangegeven dat het planvoornemen past binnen het beleid en invulling geeft aan diverse doelstellingen van de gemeente. Zo geeft het planvoornemen invulling aan het VAB-beleid van de gemeente door sanering van een bedrijfslocatie. Daarnaast is het herstel van de cultuurhistorisch waardvolle terp in deze omgeving gewenst en worden hiermee oude structuren in het landschap weer zichtbaar. Met het herstel van de cultuurhistorisch waardevolle terp wordt op deze wijze invulling gegeven aan de doelstellingen in het landschapsbeleidsplan en worden cultuurhistorische en landschappelijke elementen beter zichtbaar en beleefbaar gemaakt. Uit de vooroverleggen die tussen de gemeente en de provincie hebben plaatsgevonden blijkt dat het planvoornemen ook vanuit provinciaal oogpunt op deze locatie voorstelbaar en gewenst is.
Met het herstel van de cultuurhistorische waarden en sloop van het agrarisch bedrijf wordt tevens voldoende compensatie geleverd om vier woningen binnen het plangebied mogelijk te maken. Deze woningen passen visueel en ruimtelijk gezien goed binnen het bebouwingsclusters op de kruising van de Meester van Coothstraat en de Kesselsegraaf. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. Artikel 3.78 Maatwerk met als doel omgevingskwaliteit Lid 1 Een bestemmingsplan kan voor een concreet initiatief nieuwvestiging mogelijk maken als: a. de ontwikkeling volledig tot doel heeft een versterking te geven van de omgevingskwaliteit en voor dat doel de middelen genereert;
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 21 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Het planvoornemen voorziet in de realisatie van twee nieuwe woningen en het omzetten van twee bestaande bedrijfswoningen naar burgerwoningen. Ter plekke wordt een agrarisch bedrijf gesaneerd waardoor een forse milieuwinst plaatsvindt. Daarnaast worden cultuurhistorische waarden hersteld door de ontwikkeling van een terp. De terp wordt voor dit planvoornemen alleen teruggebracht op de locatie van het voormalige agrarisch bedrijf. In de studies die samen met de gemeente Oss in de diverse vooroverleggen zijn verricht blijkt dat de terp in de toekomst echter ruimer kan worden opgezet en kan worden doorontwikkeld door omliggende percelen te betrekken in de verruiming van de terp. In figuur 8 is de stedenbouwkundige schets van de gemeente Oss opgenomen die als basis heeft gediend voor de uitwerking en vormgeving van het planvoornemen.
Figuur 8: Mogelijkheid doorontwikkeling terp
In deze figuur is weergegeven hoe de terp, door het betrekken van de omliggende percelen, in de toekomst kan worden doorontwikkeld en verder kan worden vormgegeven. Op deze wijze kunnen de cultuurhistorische waarden in de toekomst verder worden versterkt. De ontwikkeling van de terp binnen het vigerende plangebied is daarmee een eerste aanzet tot de realisatie van een grotere en volledige terp. De ontwikkeling en realisatie van het planvoornemen draagt daarmee direct bij aan realisatie, het in stand houden en verder herstel van de cultuurhistorische waarden in het gebied en in de directe omgeving. Tevens is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld dat zorgt voor een kwaliteitsverbetering van het landschap. Met deze ontwikkeling wordt een fysieke tegenprestatie geleverd die gelijk staat aan de tegenprestatie voor twee kavels en het omzetten van twee bestaande woningen in twee burgerwoningen. Ten behoeve van het planvoornemen is een berekening aan de hand van de rekenmodule “Beleidsregel Maatwerk omgevingskwaliteit Noord-Brabant”. Hieronder is een toelichting op deze berekening opgenomen.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 22 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Toelichting Rekenmodule ‘Maatwerk met als doel omgevingskwaliteit’ Door de provincie is een online rekenmodule gepubliceerd om de omvang van de omgevingskwaliteit van een ruimtelijk planvoornemen te berekenen. Onderhavig planvoornemen heeft betrekking op de “beëindiging van een agrarisch bedrijf”. Het planvoornemen voorziet in de sloop van 2.200 m2 bedrijfsbebouwing en 2.090 m2 voorzieningen (574 m2 sleufsilo’s en 1.516 m2 verharding). De rekenmodule voorziet in een optie voor het in mindering brengen van de waarde van 250 m2 voor de omzetting van een bedrijfswoning naar een burgerwoning. Van deze optie is gebruik gemaakt. Omdat in onderhavig geval twee bedrijfswoningen worden omgezet is de oppervlakte aan te slopen bebouwing gecorrigeerd naar 2.200 m2 – 250 m2 = 1.950 m2. De totale kosten voor de sloop en afwaardering zijn hierdoor berekend op € 89.165,-.
Figuur 9: Overzicht te slopen bebouwing en verhardingen (bron: Pdok)
Naast de fysieke maatregelen door sloop en afwaardering kunnen tevens overige fysieke maatregelen worden meegeteld. Een van deze maatregelen zijn de kosten die betrekking hebben op het ‘herstel en behoud van cultuurhistorische waarden’. Het herstel en behoud van cultuurhistorische waarden betreffen in dit geval het dempen van de voormalige mestputten en het realiseren van de voormalige terp. De mestputten hebben een totale oppervlakte van 1.776 m2 en een gemiddelde diepte van 2,3 meter. Voor het dempen van de putten is in totaal 4.084 m3 grond noodzakelijk. Rekening houdende met 15% inklinking is 4.698 m3 noodzakelijk.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 23 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Daarnaast dient nog 3.013 m3 grond te worden aangevoerd om de terp volledig te herstellen (over een oppervlakte van 3.540 m2 wordt de grond gemiddeld 0,74 m opgehoogd, waarbij rekening wordt gehouden met 15% inklinking). Voor het slopen en opvullen van de mestputten en de aanvoer van in totaal 4.698 m3 + 3.013 m3 = 7.711 m3 grond noodzakelijk. Voor alle werkzaamheden met betrekking tot de terp zijn offertes opgevraagd. De totale kosten voor het herstel van de terp en daarmee van het ‘herstel en behoud van cultuurhistorische waarden’ is op basis van deze offertes vastgesteld op € 185.749,90 (€ 18.803,70 voor de mestputten en € 166.946,20 voor de verdere ontwikkeling van de terp). Als laatste is de waarde van de landschappelijke maatregelen (inclusief 6 jaar onderhoud) berekend. De waarde van de landschappelijke maatregelen is € 7.914,59. De totale inzet van de fysieke maatregelen bedraagt op basis van bovenstaande € 193.664,49. De totale inzet van het versterken van de omgevingskwaliteit bedraagt hierdoor € 282.829,49. Voor het verkrijgen van een titel voor een nieuwe vrijstaande woning dient een fysieke tegenprestatie ter waarde van minimaal € 125.000,- te worden geleverd. Op basis van de inzet van fysieke maatregelen kunnen twee nieuwe woningen worden gerealiseerd.
De berekeningen die op basis van de rekenmodule zijn uitgevoerd zijn als bijlage 2 bijgevoegd aan deze toelichting. Het planvoornemen voorziet in voldoende fysieke tegenprestaties om de bestaande bedrijfswoningen om te kunnen zetten naar burgerwoningen en tevens twee nieuwe burgerwoningen te kunnen realiseren. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. b. de realisering van de onder a bedoelde versterking van omgevingskwaliteit niet op een andere wijze is verzekerd; Realisatie van de onder a bedoelde versterking is niet op een andere wijze verzekerd. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. c.
de ontwikkeling door meerwaardecreatie aanzienlijk bijdraagt aan algemene belangen zoals sloop van overtollige bebouwing, de aanleg van natuur en bos, de verbetering van het woon- en leefklimaat, het terugdringen van de emissie van milieuhinderlijke stoffen of het behoud van cultuurhistorische waarden; Uit deze toelichting blijkt dat het planvoornemen voorziet in een meerwaardecreatie door de sloop van overtollige bebouwing. Daarnaast vindt met de sanering van het agrarisch bedrijf een aanzienlijke vermindering van emissies van milieuhinderlijke stoffen plaats. Cultuurhistorische waarden worden hersteld en versterkt door de ontwikkeling van een terp. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde.
d. de ontwikkeling en de versterking van omgevingskwaliteit passen binnen de gewenste ontwikkelingsrichting van het gebied, bedoeld in Artikel 3.77; Zie hiervoor bovenstaande beoordeling van artikel 3.77. Het planvoornemen voorziet in een ontwikkeling en versterking van de omgevingskwaliteit die passen binnen de gewenste
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 24 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
ontwikkelingsrichting van het gebied. In de omgeving zijn de resten zichtbaar van een oude cultuurhistorisch waardevolle terp. Door ontwikkelingen binnen dit gebied is de terp op termijn verdwenen. Het herstel van (een deel) van de terp maakt deze oude cultuurhistorisch waardevolle elementen weer zichtbaar en beleefbaar. Daarnaast ligt er in het buitengebied in algemene zin een opgave in sanering en herontwikkeling van agrarische bedrijfslocaties. Met de sanering en wijziging van het agrarisch bedrijf naar vier riante woonkavels binnen een bestaand bebouwingscluster wordt op een goede manier invulling gegeven aan de herontwikkeling en wijziging van de transitie van het buitengebied. Het plangebied ligt daarnaast binnen een bestaand bebouwingscluster op de kruising van de Meester van Coothstraat en de Kesselsegraaf. Binnen dit bebouwingscluster staan een relatief groot aantal burgerwoningen. In die zin past de ontwikkeling van vier riante woningen als herontwikkeling van een agrarisch bedrijf goed in de directe omgeving en de gewenste ontwikkelingsrichting van het gebied. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. e. is onderbouwd dat de activiteit volhoudbaar is naar de toekomst, bezien vanuit duurzaamheid en economisch oogpunt; Het planvoornemen voorziet in de realisatie van twee woningen en de omzetting van twee bedrijfswoningen naar twee burgerwoningen.
De twee nieuwe woningen en de voormalige en de bedrijfswoning worden verkocht. Gezien de krapte op de woningmarkt en een structureel tekort aan woningen worden geen problemen verwacht met de verkoop. De tweede bedrijfswoning wordt gesaneerd en vervangen door een nieuwe woning die door de initiatiefnemers zelf bewoond wordt. De sloop en realisatie van de terp worden door de initiatiefnemers zelf bekostigd en voor de financiering zijn de benodigde middelen al gegenereerd. De woningen worden daarnaast gerealiseerd met ‘nul op de meter’ en dienen te voldoen aan de laatste bouwen duurzaamheidseisen. De activiteiten zijn daarmee naar de toekomst volhoudbaar. Het planvoornemen voldoet daarmee aan deze voorwaarde. f.
de ontwikkeling past binnen de uitgangspunten, belangen en doelen die deze verordening beoogt te beschermen; en In deze toelichting is uitgebreid ingegaan op de wijze waarop het planvoornemen voldoet aan de uitgangspunten, belangen en uitgangspunten uit de verordening. Het planvoornemen heeft een daling van emissies en daarmee een verbetering van het woon- en leefklimaat in de omgeving tot gevolg. Daarnaast wordt invulling gegeven aan het terugdringen van stikstofemissies die gevolgen kunnen hebben voor Natura2000-gebieden. Doordat het planvoornemen daarnaast voorziet in de herontwikkeling van een bestaande agrarische bedrijfslocatie wordt op termijn leegstand en ondermijning voorkomen en wordt ruimte geboden om het bedrijf op financieel verantwoorde wijze te saneren. Met een landschappelijk inpassingsplan is tevens de toevoeging van voldoende omgevingskwaliteit geborgd. Door toepassing van de rekenmodule voor ‘maatwerk met als doel omgevingskwaliteit’ wordt daarnaast invulling gegeven aan de verruimde kaders die de provincie in de IOV heeft opgenomen voor sanering en herontwikkeling van agrarische bedrijfslocaties. Geconcludeerd is dat het planvoornemen past binnen deze uitgangspunten, belangen en doelen. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 25 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
g. bij de uitwerking van het plan deskundigen worden betrokken op het gebied van omgevingskwaliteit , onder wie een deskundige die bij de provincie Noord-Brabant werkzaam is. Voor het opstellen van deze ontwikkelingsrichting zijn deskundigen betrokken en is breed overleg gevoerd met de gemeente Oss. Daarnaast is het planvoornemen besproken in een periodiek overleg tussen deskundigen van de gemeente Oss en de provincie. Uit deze overleggen zijn geen overwegende bezwaren naar voren gekomen. De gemeente Oss heeft al in een vroegtijdig stadium aangegeven dat het planvoornemen past binnen het beleid en invulling geeft aan diverse doelstellingen van de gemeente. Zo geeft het planvoornemen invulling aan het VAB-beleid van de gemeente door sanering van een bedrijfslocatie. Daarnaast is het herstel van de cultuurhistorisch waardvolle terp in deze omgeving gewenst en worden hiermee oude structuren in het landschap weer zichtbaar. Met het herstel van de cultuurhistorisch waardevolle terp wordt op deze wijze invulling gegeven aan de doelstellingen in het landschapsbeleidsplan en worden cultuurhistorische en landschappelijke elementen beter zichtbaar en beleefbaar gemaakt. Uit de vooroverleggen die tussen de gemeente en de provincie hebben plaatsgevonden blijkt dat het planvoornemen ook vanuit provinciaal oogpunt op deze locatie voorstelbaar en gewenst is.
Met het herstel van de cultuurhistorische waarden en sloop van het agrarisch bedrijf wordt tevens voldoende compensatie geleverd om vier woningen binnen het plangebied mogelijk te maken. Deze woningen passen visueel en ruimtelijk gezien goed binnen het bebouwingsclusters op de kruising van de Meester van Coothstraat en de Kesselsegraaf. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. Lid 2 De bijdrage aan het versterken van omgevingskwaliteit betreft maatwerk waarbij in ieder geval de volgende aspecten in acht worden genomen en juridisch vastgelegd: a. als de activiteit de realisatie van een woning betreft: 1. wordt de woning opgericht op een aanvaardbare locatie in Landelijk gebied; In deze toelichting is een uitgebreide verantwoording opgenomen met betrekking tot de locatie en de wijze waarop het planvoornemen past in de directe omgeving. Uit deze beoordeling blijkt dat de locatie, mede vanwege de aanwezigheid van andere woningen in de omgeving, een aanvaardbare locatie in landelijk gebied is voor de realisatie van het planvoornemen. Het planvoornemen voorziet in een ontwikkeling en versterking van de omgevingskwaliteit die passen binnen de gewenste ontwikkelingsrichting van het gebied. In de omgeving zijn de resten zichtbaar van een oude cultuurhistorisch waardevolle terp. Door ontwikkelingen binnen dit gebied is de terp op termijn verdwenen.
Het terugbrengen van (een deel) van de terp maakt deze oude cultuurhistorisch waardevolle elementen weer zichtbaar en beleefbaar. In het buitengebied ligt er in algemene zin een opgave in sanering en
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 26 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
herontwikkeling van agrarische bedrijfslocaties. Met de sanering en wijziging van het agrarisch bedrijf naar vier riante woonkavels binnen een bestaand bebouwingscluster wordt op een goede manier invulling gegeven aan de herontwikkeling en wijziging van de transitie van het buitengebied. Het plangebied ligt daarnaast binnen een bestaand bebouwingscluster op de kruising van de Meester van Coothstraat en de Kesselsegraaf. Binnen dit bebouwingscluster staan een relatief groot aantal burgerwoningen. In die zin past de ontwikkeling van vier riante woningen als herontwikkeling van een agrarisch bedrijf goed in de directe omgeving en de gewenste ontwikkelingsrichting van het gebied. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. 2. is de fysieke tegenprestatie, die is gericht op het versterken van omgevingskwaliteit , qua omvang gelijk aan de tegenprestatie voor een ruimte-voor-ruimte kavel; en is in overleg met de Ontwikkelingsmaatschappij ruimte voor ruimte onderzocht of de ontwikkeling van een ruimte-voor-ruimtekavel tot de mogelijkheden behoort; Het planvoornemen voorziet in de realisatie van twee nieuwe woningen en het omzetten van twee bestaande bedrijfswoningen naar burgerwoningen. Ter plekke wordt een agrarisch bedrijf gesaneerd waardoor een forse ruimtelijke en milieuwinst plaatsvindt. De waarde van een ruimte-voor-ruimtekavel zijn vastgesteld op €125.000,-.
Daarnaast dient voor elke bedrijfswoning die wordt omgezet naar burgerwoning een compensatie van 250 m2 sloop van bebouwing plaats te vinden. Voor dit planvoornemen is gebruik gemaakt van de rekenmodule ‘maatwerk met als doel omgevingskwaliteit’ om te bepalen of het planvoornemen voorziet in een voldoende fysieke tegenprestatie. Op basis van deze rekenmodule (waarin overigens handmatig een correctie van 250 m2 voor wijziging van de tweede bedrijfswoning naar burgerwoning in is opgenomen) blijkt dat de fysieke tegenprestatie € 282.829,49 bedraagt. De fysieke tegenprestatie is daarmee fors hoger dan de tegenprestatie die gelijk staat aan twee ruimte-voor-ruimte woningen. Daarnaast worden cultuurhistorische waarden hersteld door de ontwikkeling van een terp. Tevens is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld dat zorgt voor een kwaliteitsverbetering van het landschap. Met deze ontwikkeling wordt een fysieke tegenprestatie geleverd die gelijk staat aan de tegenprestatie voor twee ruimte-voor-ruimte kavels en het omzetten van twee bestaande woningen in twee burgerwoningen. Ten behoeve van het planvoornemen is een berekening aan de hand van de rekenmodule “Beleidsregel Maatwerk omgevingskwaliteit NoordBrabant”. De berekening is als bijlage 2 bijgevoegd aan deze ruimtelijke onderbouwing. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde. 3.
als de ontwikkeling mede tot doel heeft een milieubelastende activiteit te saneren, moeten alle daarvoor aanwezige rechten en toestemmingen, waaronder de verleende vergunningen, zijn ingetrokken; Alle aanwezige rechten en toestemmingen die betrekking hebben op de exploitatie van het agrarische bedrijf worden ingetrokken. Het betreffen in dit geval de vigerende omgevingsvergunning voor het onderdeel ‘milieu’ en de vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 27 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
b. als de activiteit de ontwikkeling van een nieuw landgoed betreft: Het planvoornemen heeft geen betrekking op de realisatie van een nieuw landgoed. De beantwoording van onderstaande voorwaarden is dan ook niet noodzakelijk. 1. heeft het landgoed ten minste een omvang van 10 hectare; 2. bestaat 50% van het landgoed uit gerealiseerde natuur binnen het Natuur Netwerk Brabant; 3. wordt de fysieke tegenprestatie ingezet voor de ontwikkeling van natuur; 4. is de bebouwing van allure en qua omvang passend bij de uitstraling van het landgoed ; 5. wordt de bebouwing geconcentreerd opgericht buiten het Natuur Netwerk Brabant; 6. zijn naast landgoedwoningen ook andere bij een landgoed passende gebruiksactiviteiten mogelijk, waaronder zorg; en 7. is de openbaarheid van het landgoed verzekerd. c.
als de ontwikkeling plaatsvindt binnen een Cultuurhistorisch waardevol gebied ter behoud van een waardevol cultuurhistorisch complex, zoals beschreven op de Cultuurhistorische Waardenkaart, is de fysieke tegenprestatie gericht op behoud of versterking van de aldaar benoemde waarden en kenmerken. Het plangebied ligt niet binnen een cultuurhistorisch waardevol gebied ter behoud van een waardevol cultuurhistorisch complex. De realisatie en het herstel van de cultuurhistorisch waardevolle terp is echter wel onderdeel van het planvoornemen. De fysieke tegensprestatie is dan ook gericht op het herstel en versterken van de cultuurhistorische waarden in het gebied. De fysieke tegenprestatie die direct betrekking heeft op het herstel van de cultuurhistorische waarden bedraagt in totaal € 185.749,90 (€ 18.803,70 voor de mestputten en € 166.946,20 voor de verdere ontwikkeling van de terp). Met het herstel van de cultuurhistorisch waardevolle terp worden de oude cultuurhistorische waarden weer zichtbaar en beleefbaar in de directe omgeving voor mensen. Het planvoornemen voldoet aan deze voorwaarde.
Lid 3 Er is sprake van een aanvaardbare locatie voor de ontwikkeling van een woning als: a. de locatie in een bebouwingsconcentratie ligt; b. of de ontwikkeling een logische afronding geeft van Stedelijk gebied of een bebouwingsconcentratie. Conform het bestemmingsplan is de planlocatie gelegen binnen de aanduiding ‘overig – bebouwingsconcentratie’. Daarnaast is de planlocatie conform de structuurvisie (paragraaf 4.4.1) gelegen binnen de bebouwingsconcentratie Kessel. Uit stedenbouwkundig oogpunt betreft deze locatie een logische en aanvaardbare plek voor het realiseren van nieuwe woningen (zie Hoofdstuk 3). Daarmee wordt voldaan aan de voorwaarde. Lid 4 Bij de toepassing van dit artikel zijn de volgende bepalingen niet van toepassing: a. artikel Artikel 3.6 Zorgvuldig ruimtegebruik , onder a; b. artikel Artikel 3.9 Kwaliteitsverbetering landschap ; en c.
artikel Artikel 3.68 Wonen in Landelijk gebied , eerste lid , onder a.
Partiële herziening 5 Buitengebied Oss - 2020, pag. 28 van 68 vastgesteld 15 juni 2023
Conclusie De omschakeling van veehouderijbedrijf naar een woonbestemming is passend binnen de omgeving, waarin zowel agrarische bedrijven als burgerwoningen zijn gelegen. Daarnaast kan voldaan worden aan de voorwaarden zoals opgenomen in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant voor het mogelijk maken van de gewenste situatie. Uit de uitgevoerde berekening met toepassing van de rekenmodule “Beleidsregel Maatwerk omgevingskwaliteit Noord-Brabant” blijkt dat het planvoornemen voorziet in een fysieke tegenprestatie die ruim genoeg is om te voorzien in de realisatie van twee nieuwe kavels en het omzetten van twee bedrijfswoningen in twee burgerwoningen. Onderhavige ontwikkeling is daarmee in overeenstemming met het provinciaal beleid. 4.4
Gemeentelijk beleid
4.4.1 Structuurvisie Buitengebied Oss – 2015 De gemeente Oss heeft een omvangrijk buitengebied. In de afgelopen jaren zijn de buitengebieden van Oss, Lith en Geffen samengevoegd. Voor de afzonderlijke buitengebieden waren al structuurvisies opgesteld. Het is belangrijk dat de gemeente een integrale visie heeft op het totale buitengebied van de gemeente Oss. Deze visie is samengekomen in de ‘Structuurvisie Buitengebied Oss – 2015’. Het plangebied van deze structuurvisie is het totale buitengebied van de gemeente Oss, met uitzondering van motorcrosscircuit Nieuw-Zevenbergen en vakantiepark Herperduin. De structuurvisie biedt de juridische basis voor financiële bijdragen bij ruimtelijke ontwikkelingen. In de structuurvisie zijn doelstellingen opgenomen die moeten leiden tot een robuuste en duurzame ruimtelijke structuur voor een vitaal en multifunctioneel buitengebied.