CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4B Regels met bijlagen BP Hertog Janstraat 52 Lith - 2023.PDF

Gemeenteraad 15 juni 2023, gemeente OssBij agendapunt: A Vaststelling 7 bestemmingsplannen, gebundelde procedure20.532 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

BESTEMMINGPSLAN Hertog Janstraat 52 Lith - 2023 Regels

Gemeente Oss | Raadhuislaan 2 | 5341 GM | Oss | T: 14 0412 | F: 0412 642605 | www.oss.nl |

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 2 van 39 vastgesteld

Inhoudsopgave

Regels

3

Hoofdstuk 1

Inleidende regels

4

Artikel 1

Begrippen

4

Artikel 2

Wijze van meten

14

Hoofdstuk 2

Bestemmingsregels

16

Artikel 3

Agrarisch met waarden – Landschap

16

Hoofdstuk 3

Algemene regels

25

Artikel 4

Anti-dubbeltelregel

25

Artikel 5

Landschappelijke tegenprestatie

26

Artikel 6

Algemene bouwregels

27

Artikel 7

Algemene gebruiksregels

29

Artikel 8

Algemene aanduidingsregels

30

Artikel 9

Afwijken van de bouw- en gebruiksregels algemeen

32

Artikel 10

Wijzigingsregels

33

Artikel 11

Overige regels

37

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

38

Artikel 12

Overgangsrecht

38

Artikel 13

Slotregel

39

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 3 van 39 vastgesteld

Regels

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 4 van 39 vastgesteld

Hoofdstuk 1

Artikel 1

1.1

Inleidende regels

Begrippen

aan-huis-gebonden activiteit

een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit die in of bij een woning door de bewoner wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en die een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. 1.2

aanbouw

een aan een hoofdgebouw toegevoegde, afzonderlijke ruimte die qua afmetingen en/of visueel opzicht (onder meer voor wat betreft goothoogte, dakhelling en/of dakvorm) ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.3

aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld over het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4

aanduidingsgrens

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5

achtergevel

de denkbeeldige lijn die wordt getrokken langs de achtergevel van het gebouw - zonder aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen - alsmede het verlengde daarvan. In hoeksituaties is sprake van slechts één achtergevel, waarbij de oriëntering van de woning bepalend is. 1.6

afhankelijke woonruimte

een vrijstaand bijgebouw dat qua ligging een ruimtelijke eenheid vormt met de bijbehorende woning en waarin een gedeelte van de huishouding uit een oogpunt van mantelzorg gehuisvest is. 1.7

agrarisch bedrijf

inrichting die tot een, krachtens artikel 1.1, derde lid, Wet milieubeheer, aangewezen categorie behoort en die is gericht op het voortbrengen van producten door het telen van gewassen of door het houden van dieren, zijnde: een (vollegronds)teeltbedrijf, een paardenhouderij, een veehouderij, een glastuinbouwbedrijf of een overig agrarisch bedrijf. 1.8

agrarisch medegebruik

agrarisch medegebruik in de vorm van extensief beheerd grasland en/of het extensief begrazen van het gebied, waarbij de instandhouding en versterking van omliggende en ter plaatse aanwezige natuur- en landschapswaarden voorop staat.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 5 van 39 vastgesteld

1.9

agrarisch verwant bedrijf

een bedrijf dat geheel of in overwegende mate gericht is op het verlenen van diensten aan particulieren of niet-agrarische bedrijven waarbij gebruikt gemaakt wordt van het telen van gewassen, het houden van dieren of het toepassen van andere land-, bos- of natuurbouwkundige methoden, met uitzondering van mestbewerking. 1.10

agrarisch-technisch hulpbedrijf

een bedrijf dat geheel of in overwegende mate gericht is op het leveren van goederen en diensten aan agrarische bedrijven of dat agrarische producten bewerkt, vervoert of verhandelt, zoals loonwerkbedrijven, bedrijven voor mestopslag en handel, veetransport en veehandel, met uitzondering van mestbewerking en bedrijven die uitsluitend administratieve werkzaamheden verrichten en/of administratieve dienstverlening aanbieden. 1.11

bebouwing

één of meer gebouwen en/of bouwwerken die geen gebouw zijn. 1.12

bed and breakfast

een kleinschalige overnachtingsaccommodatie, gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en veelal kortdurend verblijf met het serveren van ontbijt, gevestigd in een woonhuis en/of bijbehorende aan- of uitbouw en/of aangebouwd bijgebouw, en volledig gedreven door de bewoner van het betreffende woonhuis. 1.13

bedrijfsgebouw

een gebouw dat dient voor de uitoefening van een bedrijf of bedrijfsactiviteit met uitzondering van bedrijfswoningen en aan- en uitbouwen en bijgebouwen bij de woning. 1.14

bedrijfsvloeroppervlakte (bvo)

de totale vloeroppervlakte van de ruimte binnen een bouwwerk en/of op een terrein die wordt gebruikt voor de uitoefening van een aan-huis-gebonden activiteit, kantoor of dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke. 1.15

bedrijfswoning

een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of terrein noodzakelijk is. 1.16

bedrijvenlijst

de lijst van handels- en bedrijfsactiviteiten die als bijlage onderdeel uitmaakt van de regels, waarin deze activiteiten naar milieucategorie zijn onderscheiden. 1.17

beperkt kwetsbaar object

een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een richtwaarde voor het risico c.q. een risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald die in acht genomen moet worden. 1.18 bestaand a. voor bouwwerken: bouwwerken die op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan legaal bestonden of in uitvoering waren, danwel gebouwd zijn of gebouwd kunnen worden overeenkomstig de Woningwet of Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of krachtens die wetten gegeven voorschriften; b. voor gebruik: gebruik van gronden en opstallen zoals dat legaal aanwezig is op het tijdstip van

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 6 van 39 vastgesteld

inwerkingtreding van het bestemmingsplan. 1.19

bestaande ammoniakemissie

het bestaand aantal dierplaatsen voor de bestaande diersoorten, vermenigvuldigd met de emissiefactoren van het bestaande stalsysteem, waarbij geldt: a. bestaand stalsysteem: het stalsysteem ten tijde van de vaststelling van het plan; b. bestaande aantal dierplaatsen: het aantal legaal gerealiseerde dierplaatsen zoals aanwezig ten tijde van de vaststelling van het plan; c. bestaande diersoorten: de diersoorten waarvoor de legaal gerealiseerde dierplaatsen zoals aanwezig ten tijde van de vaststelling van het plan zijn gebouwd. 1.20

bestaand dierenverblijf

uitsluitend voor zover het betreft de toepassing van de artikelen 3.4 en 3.5: een feitelijk aanwezig, legaal opgericht dierenverblijf dat op grond van een omgevingsvergunning milieu ex artikel 2.1, eerste lid onder e Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of omgevingsvergunning beperkte milieutoets ex artikel 2, eerste lid onder i Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of melding ex artikel 1.10 Activiteitenbesluit milieubeheer, op 17 maart 2017 en de daaraan voorafgaande drie jaar onafgebroken bedrijfsmatig is gebruikt voor het houden van landbouwhuisdieren. 1.21

bestemmingsgrens

de grens van een bestemmingsvlak. 1.22

bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0828.BPhtgjanstr52lth-VG01 met de bijbehorende regels en bijlagen. 1.23

bestemmingsplan ‘Buitengebied Oss – 2020’:

het bestemmingsplan, bij besluit van 16 april 2020 vastgesteld door de raad van de gemeente Oss onder de plannaam ‘Buitengebied Oss – 2020, in de vorm van de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0828.BPbuitengeboss2020-VG02 met de bijbehorende regels en bijlagen. 1.24

bestemmingsvlak

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming, met dien verstande dat geometrisch bepaalde bestemmingsvlakken die aan elkaar zijn gekoppeld met de figuur 'relatie' als één bestemmingsvlak gelden. 1.25

bijgebouw

een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw dat door de vorm onderscheiden kan worden van het op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.26

bouwen

het plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten van een bouwwerk. 1.27

bouwgrens

de grens van een bouwvlak.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 7 van 39 vastgesteld

1.28

bouwlaag

een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van zolders. 1.29

bouwmassa

een verzameling gebouwen bestaande uit een vrijstaand hoofdgebouw dan wel twee of meer aaneengebouwde hoofdgebouwen inclusief aan- en uitbouwen. 1.30

bouwperceel

een aaneengesloten stuk grond waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.31

bouwperceelgrens

de grens van een bouwperceel. 1.32

bouwvlak

een geometrisch bepaald vlak waarmee gronden zijn aangeduid waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken die geen gebouw zijn, zijn toegelaten. Geometrisch bepaalde bouwvlakken die aan elkaar zijn gekoppeld met de figuur 'relatie' gelden als één bouwvlak. 1.33

bouwwerk

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct, hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct, hetzij indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren. 1.34

bouwwerk voor recreatief nachtverblijf

een bouwwerk dat dient als tijdelijk verblijf voor recreanten die hun hoofdverblijf elders hebben, inclusief aan- en uitbouwen. 1.35

cultuurhistorische waarde

de aan een bouwwerk of een gebied toegekende waarde die wordt gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of dat gebied. 1.36

detailhandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.37

dienstverlening

een bedrijfsmatige activiteit met een uitsluitend of in hoofdzaak dienstverlenende of verzorgende taak al dan niet met een baliefunctie, zoals: uitzendbureaus, reisbureaus, wasserettes, kapsalons, bijkantoren van banken en van sociaal-culturele instellingen, postagentschappen, telefoon-, internet-, telegraaf- en telexdiensten, snelfoto-ontwikkel- en copy-shops, videotheken en autorijscholen. 1.38

dierenverblijf

een gebouw voor het houden van landbouwhuisdieren, inclusief de daartoe behorende voorzieningen.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 8 van 39 vastgesteld

1.39

eerste bouwlaag

de bouwlaag op de begane grond. 1.40

escortbedrijf

de natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon die bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig is prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend. 1.41

extensieve dagrecreatie

recreatief medegebruik waarbij de recreatie geen specifiek beslag legt op de ruimte, zoals wandel-, ruiter- en fietspaden, vis- en picknickplaatsen en naar de aard, omvang en schaal daarmee gelijk te stellen voorzieningen. 1.42

functie

activiteiten waarvoor gebruik van gebouwen en/of gronden of aangewezen delen daarvan is toegestaan. 1.43

gebouw

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.44

gebruiksoppervlakte

de bruikbare vloeroppervlakte, geschikt voor het beoogde gebruik, bepaald volgens NEN2580. 1.45

glastuinbouw

een agrarisch bedrijf waarin de productie geheel of in overwegende mate plaatsvindt in kassen. 1.46

groepsmatige activiteit

een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit die in of bij een woning door de bewoner wordt uitgeoefend in de vorm van het verlenen van diensten en het geven van onderricht en informatie aan drie of meer personen tegelijk, kinderopvang daaronder mede begrepen. 1.47

grondgebonden veehouderij

een veehouderij waarvan het voer en de mest voor het overgrote deel gewonnen respectievelijk aangewend worden op gronden die in gebruik zijn van de veehouderij en die in de directe omgeving liggen van de bedrijfslocatie. Of hiervan sprake is wordt getoetst op grond van de criteria die zijn opgenomen in nadere regels die hieromtrent op basis van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant door Gedeputeerde Staten zijn gesteld. 1.48

GVE (groot vee-eenheid)

eenheid waarmee de fosfaatproductie van landbouwhuisdieren wordt uitgedrukt en waarbij 1 GVE met de fosfaatproductie van één melkkoe overeenkomt. 1.49

hobbymatig agrarisch grondgebruik

het gebruik van grond voor agrarische activiteiten in een omvang die niet als bedrijfsmatig kan worden beschouwd, met uitzondering van volkstuinen.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 9 van 39 vastgesteld

1.50

hokdier

runderen met uitzondering van melkrundvee, varkens, geiten, pluimvee, tamme konijnen en pelsdieren met uitzondering van nertsen. 1.51

hokdierhouderij

veehouderij met uitzondering van nertsenhouderij, melkrundveehouderij en schapenhouderij. 1.52

hoofdgebouw

een gebouw dat door zijn constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als het belangrijkste gebouw op een bouwperceel kan worden aangemerkt. 1.53

horeca

een bedrijf gericht op één of meer van de navolgende bedrijfsmatige activiteiten: het verstrekken van al dan niet ter plaatse bereide etenswaren en/of dranken met de mogelijkheid deze ter plaatse of elders te nuttigen, het verstrekken van nachtverblijf, het exploiteren van zaalaccommodatie, het bieden van gelegenheid tot dansen. 1.54

huishouden

de leefvorm of samenlevingsvorm van een alleenstaande of een gezin, waaronder mede wordt begrepen: a. het inwonen of het bewonen van kamers door ten hoogste twee verwanten of andere personen in het hoofdgebouw en/of aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen, al dan niet bij wijze van mantelzorg en al dan niet met eigen voorzieningen; b. een met een gezin gelijk te stellen samenlevingsverband, waaronder mede wordt begrepen: 1. een woongroep van mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking of aandoening met inbegrip van begeleiding en toezicht gericht op zelfstandige bewoning; 2. de gezamenlijke huisvesting van een groep van maximaal 4 niet verwante personen, die gebruik maken van de gemeenschappelijke voorzieningen in de woning. 1.55

kampeermiddel

tent, tentwagen, kampeerauto of toercaravan dan wel enig ander onderkomen of enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf. 1.56

kampeerterrein

een terrein, speciaal ingericht om in een kampeermiddel te overnachten. 1.57

kantoor

een ruimte of bij elkaar horende ruimten die bestemd is/zijn om voornamelijk te worden gebruikt voor administratieve werkzaamheden of administratieve dienstverlening. 1.58

kas

een agrarisch bedrijfsgebouw waarvan de wanden en het dak voornamelijk bestaan uit glas of een ander lichtdoorlatend materiaal en dienend voor de productie van gewassen onder geconditioneerde klimaatomstandigheden waaronder mede begrepen een schuurkas of een permanente tunnel- of boogkas hoger dan 1,5 meter.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 10 van 39 vastgesteld

1.59

kavelpad

een pad zonder doorgaande functie dat dient ter ontsluiting van een individueel agrarisch perceel of enkele individuele agrarische percelen. 1.60

kelder

een geheel of nagenoeg geheel, dat wil zeggen maximaal 0,5 m boven peil, ondergronds gelegen ruimte, die grotendeels is gesitueerd onder een bijbehorend bovengronds bouwwerk. 1.61

kwetsbaar object

een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een grenswaarde voor het risico c.q. een risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald die in acht genomen moet worden. 1.62

landschappelijke waarde/landschapswaarde

de aan een gebied toegekende waarde in visueel-ruimtelijk en/of cultuurhistorisch en/of ecologisch opzicht. 1.63

lawaaisport

voorziening voor sportactiviteiten waarbij motorisch of mechanisch geluid wordt geproduceerd, waaronder in ieder geval begrepen de rallysport, de motorsport, waterskiën en de modelvliegsport. 1.64

lijst van rechtstreeks toelaatbare aan-huis-gebonden activiteiten

de lijst, behorend bij deze regels, waarin is aangegeven welke beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten rechtstreeks toelaatbaar zijn in woningen. 1.65

manege

een bedrijf dat is gericht op het geven van paardensportinstructie en/of het geven van gelegenheid aan derden tot het recreatief dan wel sportief paardrijden, al dan niet in combinatie met een paardenpension. 1.66

mantelzorg

het bieden van zorg aan eenieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband. 1.67

mestbewerking

de toepassing van basistechnieken of combinaties daarvan met als doel de aard, samenstelling of hoedanigheid van dierlijke mest te wijzigen, zoals droging, bezinking, (co)vergisting, scheiding, hygiënisatie of indamping van mest. 1.68

ondergeschikte detailhandel

beperkte, op de eindgebruiker gerichte verkoop van goederen die functioneel rechtstreeks verband houden met bedrijfsactiviteiten die als hoofdfunctie worden uitgeoefend. 1.69

overig agrarisch bedrijf

agrarisch bedrijf dat niet binnen de begripsbepaling valt van veehouderij, (vollegronds)teeltbedrijf, paardenhouderij of glastuinbouwbedrijf.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 11 van 39 vastgesteld

1.70

paardenbak

een al dan niet door middel van een afscheiding afgezonderd stuk terrein met een andere aangebrachte ondergrond dan gras, kennelijk ingericht voor het laten loslopen van paarden en/of pony's danwel het africhten en/of trainen en het berijden van paarden en pony's en/of het anderszins beoefenen van de paardensport, met of zonder de daarbij behorende voorzieningen. 1.71

paardenhouderij

een agrarisch bedrijf dat is gericht op het fokken, opfokken, beleren en/of trainen van paarden. 1.72 peil a. voor bouwwerken op een perceel waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; b. in alle andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende, afgewerkte, normale maaiveld. 1.73

permanente bewoning

bewoning van een verblijf als hoofdverblijf. 1.74

plan

het bestemmingsplan ‘Hertog Janstraat 52 Lith – 2023’ van de gemeente Oss. 1.75

prostitutie

het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.76

risicovolle inrichting

een inrichting waarbij ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) een grenswaarde, richtwaarde voor het risico c.q. risicoafstand moet worden aangehouden bij het in een bestemmingsplan toelaten van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten. 1.77

ruimtelijk kwaliteit

de kwaliteit van de ruimte zoals bepaald door de gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde van die ruimte. 1.78

schuilgelegenheid

een niet voor bewoning bestemd agrarisch bedrijfsgebouw dat dient voor beschutting van vee tegen weersinvloeden. 1.79

seksinrichting

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden; onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, parenclub of prostitutiebedrijf, waaronder tevens begrepen een erotische-massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 12 van 39 vastgesteld

1.80

slaapplaats

een ruimte of plek waarop een ledikant, een slaapplek of iets dergelijks staat, danwel waarop een matras, slaapmatje, luchtbed of iets dergelijks ligt, en waarop men slapen kan of pleegt te slapen, alsmede een plek of ruimte waarop een voorwerp staat dat geschikt is om op betrekkelijk eenvoudige en snelle wijze te worden omgebouwd tot een plaats waarop men slapen kan. 1.81

stacaravan

een caravan of soortgelijk onderkomen al dan niet op wielen dat mede gelet op de afmetingen niet bestemd is om regelmatig en op normale wijze op de verkeerswegen over grote afstanden als aanhangsel van een auto te worden voortbewogen, bestemd om uitsluitend door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat/die het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar bewoond te worden, uitsluitend voor recreatieve doeleinden. 1.82

statische opslag

opslag van goederen die naar hun aard weinig verplaatsing nodig hebben, zoals caravans, campers, boten en (klassieke) auto's. 1.83

teeltbedrijf/vollegrondsteeltbedrijf

een agrarisch bedrijf in de land- en tuinbouwsector dat zich richt op het telen van gewassen met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate niet in gebouwen plaatsvindt. 1.84

teeltondersteunende voorziening

voorziening in, op of boven de grond die door agrarische bedrijven met plantaardige teelten wordt gebruikt om één of meer van de volgende doelen na te streven: a. verbetering van de productie, onder meer door teeltvervroeging en -verlating, terugdringing van onkruidgroei en beperking van vraatschade; b. verbetering van de arbeidsomstandigheden, onder meer door gewassen verhoogd te telen; c. bereiken van positieve effecten op milieu en water (bodembescherming, terugdringen onkruidbestrijding, effectief omgaan met water). Voorbeelden van teeltondersteunende voorzieningen zijn: aardbeiteelttafels, afdekfolies, antiworteldoeken, boomteelthekken, hagelnetten, insectengazen, plastic tunnels, ondersteunende kassen, schaduwhallen en vraatnetten. Knalapparatuur wordt niet aangemerkt als een teeltondersteunende voorziening. 1.85

tijdelijke teeltondersteunende voorziening

teeltondersteunende voorziening die zo lang de teelt het vereist aanwezig is, met een maximum van acht maanden per jaar. 1.86

toercaravan

een caravan of soortgelijk onderkomen dat mede, gelet op de afmetingen, bestemd en/of geschikt is om regelmatig en op normale wijze op de verkeerswegen over grote afstanden als aanhangsel van een auto te worden voortbewogen, bestemd om uitsluitend door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat/die het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar bewoond te worden, uitsluitend voor recreatieve doeleinden. 1.87

uitbouw

de vergroting van een bestaande ruimte in een hoofdgebouw die qua afmetingen en/of in visueel opzicht (onder meer wat betreft (goot)hoogte, dakhelling en/of dakvorm), ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 13 van 39 vastgesteld

1.88

vee

runderen, varkens, schapen, geiten, pluimvee, tamme konijnen en pelsdieren. 1.89

veehouderij

een agrarisch bedrijf gericht op het fokken, mesten en houden van runderen, varkens, schapen, geiten, pluimvee, tamme konijnen en pelsdieren. 1.90

verdieping

elke bouwlaag boven de eerste bouwlaag op de begane grond. 1.91

voorgevellijn

de lijn(en) waarin de naar de weg of ander openbaar gebied gekeerde gevel(s) van het dichtst bij die weg of ander openbaar gebied gelegen gebouw is (zijn) gelegen alsmede het verlengde daarvan. 1.92

werk

een constructie die geen bouwwerk is. 1.93

wonen

het bewonen van een woning. 1.94

woning

een complex van ruimten, geschikt en bestemd voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden. 1.95

woonhuis

een gebouw dat één grondgebonden woning omvat. 1.96

zorgvuldige veehouderij

een veehouderij die door het treffen van maatregelen, onder andere gericht op landschap, het verder sluiten van kringlopen op lokaal niveau, emissiebeperking en gezondheid voor mens en dier, ruimtelijk en maatschappelijk optimaal is ingepast in zijn omgeving.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 14 van 39 vastgesteld

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens

de kortste afstand van het verticale vlak in de zijdelingse perceelsgrens tot enig punt van het betreffende bouwwerk op een bouwperceel. 2.2

de bebouwde oppervlakte van een bouwperceel

de oppervlakte van alle op een bouwperceel aanwezige bouwwerken samen. 2.3

het bebouwingspercentage

de oppervlakte die met gebouwen (carports en overkappingen inbegrepen) is bebouwd, uitgedrukt in procenten van de oppervlakte van het bouwperceel, voor zover dat is gelegen binnen de bestemming, of binnen een in de regels nader aan te duiden gedeelte van die bestemming; de oppervlakte wordt altijd in hele getallen bepaald. 2.4

de breedte, diepte c.q. lengte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse hoofdgevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidingsmuren. 2.5

de dakhelling

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.6

de breedte van een bouwperceel

tussen de zijdelingse perceelsgrenzen, gemeten over ten minste 3/4 van de lengte van het bouwperceel, in welke lengte in ieder geval het bouwvlak aanwezig is of de toegestane situering van het hoofdgebouw, indien geen bouwvlak is aangegeven. 2.7

de goothoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.8

de inhoud van een bouwwerk

het gedeelte van een bouwwerk dat gelegen is boven peil, tussen de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.9

de bouwhoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk dat geen gebouw is met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, luchtkokers, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.10

de oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.11

de hoogte van een windturbine

vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 15 van 39 vastgesteld

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 16 van 39 vastgesteld

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels

Agrarisch met waarden – Landschap

3.1

Bestemmingsomschrijving

3.1.1

Algemeen

De voor ‘Agrarisch met waarden – Landschap’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. uitoefening van het agrarisch bedrijf, daaronder begrepen hobbymatig agrarisch grondgebruik; b. het wonen, uitsluitend in de bedrijfswoning inclusief aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen voor de woonfunctie; c. activiteiten, genoemd in bijlage 4 ‘Lijst van rechtstreeks toelaatbare aan-huis-gebonden activiteiten’ met een bedrijfsvloeroppervlakte van niet meer dan 35 m²; d. een bed and breakfast met een overnachtingscapaciteit van niet meer dan 2 slaapkamers en voor niet meer dan 4 personen tegelijk; e. extensieve dagrecreatie; f. ontwikkeling, behoud en herstel van landschappelijke, cultuurhistorische en aardkundige waarden; g. verkeer, uitsluitend in de vorm van: 1. bestaande uitwegen en kunstwerken; 2. onverharde wegen en onverharde paden; 3. bestaande halfverharde wegen en bestaande halfverharde paden; h. bestaande nutsvoorzieningen, waaronder antennemasten; i. (voorzieningen voor) waterkering en waterhuishouding alsmede herstel, ontwikkeling en instandhouding van watergangen, sloten en greppels, alsmede voor andere wateren met een kleinere oppervlakte dan 200 m²; j. erf- en randbeplantingen; k. ondergeschikte waterhuishoudkundige voorzieningen; met bijbehorende voorzieningen. 3.1.2

Detaillering

In het doel ‘uitoefening van het agrarisch bedrijf’: a. is binnen elk bouwvlak niet meer dan één bedrijf toegestaan, met dien verstande dat bouwvlakken die zijn gekoppeld met de figuur ‘relatie’ tezamen worden aangemerkt als één bouwvlak; b. zijn niet-natuurlijke waterretentie, opslag (onder andere van mest en voer), sleufsilo’s, kuilvoerplaten, tuinen, paardenbakken, vis(kweek)vijvers en andere permanente voorzieningen uitsluitend binnen het bouwvlak mede begrepen; c. zijn, in afwijking van het bepaalde onder b, paardenbakken buiten het bouwvlak uitsluitend toegestaan ter plaatse van bestaande paardenbakken; d. is een voorziening voor het bewerken van mest mede begrepen, maar alleen als deze afkomstig is van de eigen locatie; e. is de uitoefening van een veehouderij uitsluitend mede begrepen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – veehouderij’, met dien verstande dat: 1. binnen het in dit plan vastgelegde bouwvlak uitsluitend de volgende diersoorten mogen worden gehouden: geiten en varkens; 2. binnen gebouwen dieren alleen op de begane grond gehouden mogen worden; 3. een toename van de oppervlakte van dierenverblijven niet is toegestaan; 4. in afwijking van het bepaalde onder 1 voorzieningen voor dierenwelzijn op alle bouwlagen aanwezig mogen zijn; f.

is maximaal de bestaande stikstofdepositie (mol/ha/jaar) van het betreffende agrarisch bedrijf begrepen/toegestaan. Er is sprake van een toename van stikstofdepositie wanneer de stikstofdepositie (mol/ha/jaar) als gevolg van de stikstofemissie van het betreffende agrarisch bedrijf op voor stikstof gevoelige habitats in een Natura 2000-gebied meer bedraagt dan de hoogste depositie ingevolge:

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 17 van 39 vastgesteld

1. de stikstofdepositie (mol/ha/jaar) die in overeenstemming is met de volgende ten tijde van de vaststelling van het bestemmingsplan verleende en onherroepelijke vergunningen als bedoeld in artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998: Zaaknum m er

Straat

Huisnum m er

Plaats

Datum verleend

Z/001123-12847

Hertog Janstraat

52

Lith

24-06-2015

2014-017201

Hertog Janstraat

52

Lith

26-06-2015

a. is de verkoop aan huis van op het agrarisch bedrijf geproduceerde goederen mede begrepen, tot een maximum bedrijfsvloeroppervlakte van 35 m²; b. is recreatief nachtverblijf in de vorm van kortdurend, incidenteel overnachten (maximaal 1 nacht) in een camper zonder extra voorzieningen toegestaan, uitsluitend binnen bouwvlakken en uitsluitend indien één of meer bedrijfswoningen zijn toegestaan; In het doel ‘verkeer’ is mede begrepen de verbreding van wegen voor de aanleg van al dan niet vrijliggende fiets- en voetpaden, voor zover deze zijn gelegen binnen een zone van 30 m uit de as van de bestaande weg of uitweg. 3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemeen

Bebouwing mag alleen worden opgericht voor de doelen, genoemd in artikel 3.1. 3.2.2 Algemene bouwregels voor het agrarisch bedrijf a. Bouwwerken mogen uitsluitend binnen de bouwvlakken worden gebouwd. b. In afwijking van het bepaalde onder a zijn ook buiten bouwvlakken erf- en terreinafscheidingen en leipalen toegestaan. c. Het bouwvlak mag, met inachtneming van de overige regels van dit plan, volledig worden bebouwd, met dien verstande dat windturbines niet zijn toegestaan. 3.2.3 Specifieke bouwregels voor agrarische bedrijfswoningen, inclusief aan- en uitbouwen en bijgebouwen voor de woonfunctie a. Het aantal bedrijfswoningen bedraagt per bouwvlak maximaal één. b. Voor de voorgevel van de bedrijfswoning mogen geen aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen worden gebouwd, met uitzondering van erkers, balkons en luifels, mits de voorgevel met ten hoogste 1,5 m wordt overschreden en de breedte van de erker, het balkon of de luifel niet meer bedraagt dan 50% van de breedte van de voorgevel. c. De inhoud van een bedrijfswoning inclusief aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen voor de woonfunctie mag maximaal 750 m3 bedragen; d. De goot- en bouwhoogte van een bedrijfswoning inclusief aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen voor de woonfunctie mogen niet meer bedragen dan 5 respectievelijk 10 m. e.

De goot- en bouwhoogte van vrijstaande bijgebouwen bij de woning mogen niet meer bedragen dan 3 respectievelijk 5 m. f. De oppervlakte van vrijstaande bijgebouwen bij de woning mag niet meer bedragen dan 100 m². g. Vrijstaande bijgebouwen moeten op minimaal 1 m achter de voorgevel worden gebouwd. 3.2.4 Specifieke bouwregels voor agrarische bedrijfsgebouwen a. Bedrijfsgebouwen moeten achter de achtergevel van de bedrijfswoning, indien aanwezig, worden gebouwd. b. De bouwhoogte van een bedrijfsgebouw mag niet meer bedragen dan 12 m. c. De goothoogte van een bedrijfsgebouw mag binnen de zone ‘overige zone – primair agrarisch gebied’ niet meer bedragen dan 6 m; d. Kassen zijn niet toegestaan. 3.2.5 Specifieke bouwregels voor bouwwerken die geen gebouw zijn voor het agrarisch bedrijf a. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 18 van 39 vastgesteld

b. c. d. e. f. g. h.

1. binnen bouwvlakken voor de voorgevellijn of als er geen voorgevellijn is niet meer bedragen dan 1,2 m; 2. binnen bouwvlakken voor het overige niet meer bedragen dan 2 m; 3. buiten bouwvlakken niet meer bedragen dan 1,2 m. De bouwhoogte van sleufsilo's mag niet meer bedragen dan 2,5 m. De bouwhoogte van voersilo's, monovergisters en windwokkels mag niet meer bedragen dan 12 m. De bouwhoogte van lichtmasten mag niet meer bedragen dan 6 m. De bouwhoogte van stapmolens mag niet meer bedragen dan 4 m. De bouwhoogte van leipalen voor bomen-, planten- en gewassenteelt mag niet meer bedragen dan 3 m. De bouwhoogte van overige bouwwerken die geen gebouw zijn, mag niet meer bedragen dan 3 m. Bouwwerken die geen gebouw zijn, moeten, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen met een maximale hoogte van 1,2 m, achter de voorgevellijn worden gebouwd.

3.2.6 Algemene bouwregels voor overige doeleinden a. Voor de bebouwing ten dienste van nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen gelden de volgende regels: 1. uitsluitend voor nutsvoorzieningen mogen gebouwen worden opgericht, tot een maximale hoogte van 3 m en een maximale oppervlakte per gebouw van 15 m²; 2. voor het overige mogen uitsluitend bouwwerken die geen gebouw zijn, worden opgericht mits de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van antennemasten niet meer mag bedragen dan 40 m; 3. in afwijking van het bepaalde onder 2 mag de hoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer bedragen dan 2 m. b. Voor het doel ‘verkeer’ mogen bouwwerken die geen gebouw zijn worden opgericht, met inachtneming van de volgende regels: 1. de bouwhoogte van bruggen mag niet meer bedragen dan de bestaande bouwhoogte; 2. de bouwhoogte van overige kunstwerken en kunstobjecten mag niet meer bedragen dan 12 m; 3. de bouwhoogte van overige bouwwerken die geen gebouw zijn, mag niet meer bedragen dan 4 m. c. Voor het overige mag niet worden gebouwd. 3.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen, met het oog op: a. b. c. d. e. f.

de ruimtelijke kwaliteit; de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; het straat- en/of bebouwingsbeeld; de landschappelijke en natuurwaarden; de verkeersveiligheid; de woonsituatie;

nadere eisen stellen aan: a. de situering van de bebouwing; b. de nokrichting van daken; c. de oriëntatierichting van de bebouwing.

3.4

Afwijken van de bouwregels

Indien wordt aangetoond dat een dialoog is gevoerd met de direct aanwonenden kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in artikel 3.2 voor de activiteiten als genoemd in onderstaande tabel onder de voorwaarde dat de ruimtelijke en/of stedenbouwkundige inpasbaarheid en de milieuhygiënische aanvaardbaarheid zijn aangetoond en mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de ruimtelijke kwaliteit; b. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 19 van 39 vastgesteld

c. d. e. f.

het straat- en/of bebouwingsbeeld; de landschappelijke en natuurwaarden; de verkeersveiligheid; de woonsituatie;

en met inachtneming van de per afzonderlijke activiteit omschreven voorwaarden in onderstaande tabel: Activiteit

Basisregel

Voorw aarden

Het overschrijden van de goothoogte van bedrijfsw oningen

artikel 3.2.3 onder d

- de noodzaak voor deze afw ijking moet zijn aangetoond - de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5 m

Het uitbreiden van de oppervlakte dierenverblijf voor een veehouderij

artikel 3.1.2 onder e.3

- maatregelen w orden getroffen en in stand gehouden die invulling geven aan een zorgvuldige veehouderij, een en ander conform de door Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant vastgestelde regels van de Brabantse Zorgvuldigheidscore Veehouderij zoals die gelden ten tijde van de aanvraag om omgevingsvergunning - de ontw ikkeling is vanuit een goede leefomgeving inpasbaar in de omgeving. Het betreft hier onder andere verkeersafw ikkeling, milieuaspecten en volksgezondheid - er is aangetoond dat de kans op cumulatieve geurhinder (achtergrondbelasting) op geurgevoelige objecten in de bebouw de kom niet hoger is dan 12% en in het buitengebied niet hoger is dan 20%, tenzij er -als blijkt dat de achtergrondbelastinghoger is dan voornoemde percentages- w orden getroffen door de veehouderij die tot een daling leiden van de achtergrondbelasting die ten minste de eigen bijdrage aan de overschrijding van de achtergrondbelasting compenseert - er is een zorgvuldige dialoog gevoerd, gericht op het betrekken van de belangen van de omgeving in de planontw ikkeling - het uitbreiden van de oppervlakte dierenverblijf van een geitenhouderij is pas toegestaan nadat het moratorium voor geitenhouderij in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is opgeheven, w aardoor het op provinciaal niveau niet meer verboden is om de oppervlakte stalruimte voor geiten uit te breiden - als sprake is van een

hokdierhouderij: Gedeputeerde Staten hebben bew ijs overlegd dat: * binnen het stalderingsgebied een bestaand dierenverblijf van een hokdierhouderij is gesaneerd door sloop of herbestemming, w aarbij het gebruik als dierenverblijf juridisch en feitelijk is beëindigd; * ingeval van sloop de oppervlakte van de sanering ten minste 120% bedraagt van de oppervlakte die w ordt opgericht of in gebruik w ordt genomen; * ingeval van herbestemming de oppervlakte van de sanering ten minste 200% bedraagt van de oppervlakte die w ordt opgericht of in gebruik w ordt genomen; * deze sanering plaatsvindt in directe samenhang met het oprichten of ingebruiknemen van een gebouw als dierenverblijf en dat voor de sanering geen gebruik is gemaakt van een provinciale saneringsregeling * w aarbij geldt voor veehouderijen die gebruik maken van de regeling in artikel 2.68 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (uitzonderingsregeling stoppende veehouderij) dat alleen de oppervlakte dierenverblijf voor hokdieren die nodig is om het aantal dieren te huisvesten overeenkomstig de gedane mededeling, meetelt als inbreng voor een te saneren dierenverblijf

Het situeren van bedrijfsartikel 3.2.4 gebouw en vóór de onder a achtergevel van de bedrijfsw oning, danw el situering van de bedrijfsw oning dusdanig dat bestaande bedrijfs- gebouw en niet achter de achtergevel van de bedrijfsw oning zijn gebouw d

- de noodzaak voor deze afw ijking moet zijn aangetoond - het bedrijfsgebouw is op ten minste 1 m achter de voorgevel van de w oning gesitueerd

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 20 van 39 vastgesteld Het bouw en van zonnepanelen buiten het bouw vlak

artikel 3.2.2 onder a

- de oppervlakte mag niet meer bedragen dan 250 m² per bijbehorend agrarisch bouw vlak - de hoogte mag niet meer bedragen dan 2 m - de zonnepanelen zijn gesitueerd aansluitend op het bijbehorende agrarisch bouw vlak - er is binnen het bouw vlak geen mogelijkheid om de zonnepanelen te situeren - de met de zonnepanelen opgew ekte elektriciteit is voor eigen gebruik

Het bouw en van tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouw vlak

artikel 3.2.2 onder a

- binnen de zone ‘overige zone – komgebied’ is afw ijking uitsluitend toegestaan tot een hoogte van 0,5 m

Het bouw en van permanente teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouw vlak

artikel 3.2.2 onder a

- het mogen geen gebouw en betreffen - de invloed op de omgeving is beperkt - de hoogte mag niet meer bedragen van 6 m

Het bouw en van een artikel 3.2.2 w indmolen voor regulering van onder a en de w aterstand buiten het c bouw vlak

- de hoogte mag niet meer bedragen dan 5 m

Het bouw en van w indturbines binnen het bouw vlak

artikel 3.2.2 onder c en artikel 3.2.5 onder g

- de hoogte mag niet meer bedragen dan 25 m - de w indturbine mag grootschalige opw ekking van w ind- en zonne-energie niet schaden

Het bouw en van ooievaarsnesten buiten het bouw vlak

artikel 3.2.2 onder a

- de hoogte mag niet meer bedragen dan 8 m

Het overschrijden van artikel 3.2.3 de maximale inhouds- maat van onder c een w oning

- er is sprake van één bestaande hoofdbouw massa die bestaat uit w oning en (voormalig) stalgedeelte - het ruimtelijke beeld w ijzigt niet door het toevoegen van het (voormalige) stalgedeelte aan de w oning - artikel 5 is niet van toepassing

Het overschrijden van artikel 3.2.3 de maximale inhouds- maat van onder c een w oning

- de inhoud mag maximaal 1.000 m3 zijn - de w oning moet naar aard, schaal en uitstraling passen in de omgeving - artikel 5 is van toepassing

3.5

Afwijken van de gebruiksregels

Indien wordt aangetoond dat een dialoog is gevoerd met de direct aanwonenden kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in artikel 3.1 voor de activiteiten als genoemd in onderstaande tabel onder de voorwaarde dat de ruimtelijke en/of stedenbouwkundige inpasbaarheid en de milieuhygiënische aanvaardbaarheid zijn aangetoond en mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. b. c. d. e. f.

de ruimtelijke kwaliteit; de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; het straat- en/of bebouwingsbeeld; de landschappelijke en natuurwaarden; de verkeersveiligheid; de woonsituatie;

en met inachtneming van de per afzonderlijke activiteit omschreven voorwaarden in onderstaande tabel:

Activiteit

Voorw aarden

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 21 van 39 vastgesteld Het gebruik van bijgebouw en of bedrijfsgebouw en voor bew oning

- het gebruik dient noodzakelijk te zijn vanuit een oogpunt van mantelzorg - op het perceel dient al een w oning aanw ezig te zijn - de omgevingsvergunning w ordt niet meer dan één keer tegelijkertijd per w oning verleend - er mag geen onevenredige aantasting plaatsvinden van belangen van belanghebbenden - de voor mantelzorg te gebruiken ruimte w ordt ingepast binnen de bouw mogelijkheden voor bijgebouw en of bedrijfsgebouw en en is in ieder geval niet groter dan 100 m² - het bijgebouw of het bedrijfsgebouw is gelegen op een afstand van niet meer dan 40 m van de w oning, tenzij op ruimere afstand van de w oning een bestaand bijgebouw of bedrijfsgebouw is gelegen dat op relatief eenvoudige w ijze geschikt is te maken voor bew oning en er sprake blijft van een relatie tussen w oning en bijgebouw of bedrijfsgebouw

Het gebruik van bijgebouw en of bedrijfsgebouw en voor bew oning

- het gebruik dient noodzakelijk te zijn vanuit een maatschappelijk belang, bijvoorbeeld reclassering - op het perceel dient al een bedrijfsw oning aanw ezig te zijn - de omgevingsvergunning w ordt niet meer dan één keer tegelijkertijd per w oning verleend - er mag geen onevenredige aantasting plaatsvinden van belangen van belanghebbenden - de voor bew oning te gebruiken ruimte w ordt ingepast binnen de bouw mogelijkheden voor bijgebouw en of bedrijfsgebouw en en is in ieder geval niet groter dan 40 m² - het bijgebouw of het bedrijfsgebouw is gelegen op een afstand van niet meer dan 40 m van de w oning

Kleinschalige activiteiten

- de activiteit w ordt uitgeoefend als niet-zelfstandig onderdeel van het agrarisch bedrijf - het gebruik voor de kleinschalige activiteit vindt plaats binnen het agrarisch bouw vlak - de afw ijking mag niet leiden tot onevenredige aantasting van de w aterhuishouding en -kw aliteit ter plaatse - er dient voldaan te w orden aan het bepaalde in bijlage 2 ‘Mogelijkheden kleinschalige activiteiten bij agrarische bedrijven’, met dien verstande dat als een bouw vlak binnen meerdere zones ligt, per kleinschalige activiteit het ruimste regime geldt - buitenopslag is niet toegestaan - er is geen sprake van onevenredige verkeersaantrekking - een goede verkeersafw ikkeling is gew aarborgd en er w ordt voorzien in de parkeerbehoefte binnen het bouw vlak - law aaisporten zijn niet toegestaan - de maximale oppervlakte voor opslag bedraagt 1.000 m², verminderd met de oppervlakte die in gebruik is voor andere kleinschalige activiteiten dan opslag; - de maximale oppervlakte van andere kleinschalige activiteiten dan opslag bedraagt 500 m², met dien verstande dat de maximale oppervlakte voor verkoopactiviteiten niet meer dan 200 m² bedraagt - verkoop van streekproducten mag alleen plaatsvinden in combinatie met verkoop van agrarische dan w el ambachtelijke producten van het eigen agrarische dan w el ambachtelijke bedrijf

Huisvesting tijdelijke arbeidskrachten

- het betreft uitsluitend voorzieningen in de vorm van overnachtings- mogelijkheden en verblijfsruimten voor tijdelijke arbeidskrachten die benodigd zijn voor en w erkzaam zijn bij het betreffende bedrijf gedurende het plant- en oogstseizoen, met een maximum van zes maanden per jaar - de voorzieningen hebben een maximale oppervlakte van 200 m²

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 22 van 39 vastgesteld Het toestaan van activiteiten - de w oonfunctie blijft als hoofdfunctie, dat w il zeggen voor ten minste 50%, genoemd in bijlage 4 ‘Lijst van gehandhaafd rechtstreeks toelaatbare - de bedrijfsvloeroppervlakte bedraagt niet meer dan 75 m² aan-huis- gebonden activiteiten’ - er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de kw aliteit van de met een w oonomgeving bedrijfsvloeroppervlakte van - een goede verkeersafw ikkeling is gew aarborgd en er w ordt voorzien in de meer dan 35 m² of daarmee parkeerbehoefte naar aard en omvang gelijk te - het betreft een activiteit uit of vergelijkbaar met categorie 1 van bijlage 3 stellen activiteiten ‘Bedrijvenlijst’ - de activiteit mag geen sterk publieksaantrekkende w erking hebben - de activiteit is niet uitgesloten in de ‘Lijst van rechtstreeks toelaatbare aanhuis-gebonden activiteiten’ Het toestaan van groepsmatige activiteiten

- de w oonfunctie blijft als hoofdfunctie, dat w il zeggen voor ten minste 50%, gehandhaafd - de bedrijfsvloeroppervlakte bedraagt niet meer dan 75 m² - de aard, de groepsgrootte en de frequentie leiden niet tot een onevenredige aantasting van de kw aliteit van de w oonomgeving - een goede verkeersafw ikkeling is gew aarborgd en er w ordt voorzien in de parkeerbehoefte

Detailhandel als onder- deel van de uitoefening van een aan-huis- gebonden activiteit

- de detailhandel is onderdeel van de klantgerichte activiteiten ter plaatse - de detailhandel is van ondergeschikte aard en een niet-zelfstandig onderdeel van de totale bedrijfsvoering

Het toestaan van paardenbakken voor hobbymatig gebruik

- de paardenbak is gesitueerd direct aansluitend op het bijbehorende agrarisch bouw vlak - de totale oppervlakte bedraagt niet méér dan 1.225 m² per bijbehorend agrarisch bouw vlak - de paardenbak is gesitueerd op minimaal 20 m van de as van de w eg - de paardenbak is voorzien van een goede landschappelijke inpassing - de paardenbak is gesitueerd op minimaal 20 m van w oningen van derden

Het bew onen van een bedrijfsw oning met aan-, uit- en bijgebouw en en bijbehorend erf anders dan als bedrijfsw oning (plattelandsw oning)

- binnen het bouw vlak is een agrarisch bedrijf actief - er is geen sprake van milieuhygiënische bezw aren; als milieuhygiënisch bezw aar w orden in ieder geval niet beschouw d milieuhygiënische bezw aren als gevolg van de aanw ezigheid van een agrarisch bedrijf binnen het bouw vlak - de belangen van omliggende al dan niet agrarische bedrijven en aangrenzende percelen w orden niet onevenredig aangetast

Het gebruik van agrarische gronden buiten het bouw vlak voor erfverharding

- de verharding ligt aansluitend aan het bijbehorend bouw vlak - de noodzaak is aangetoond - er is voorzien in een goede landschappelijke inpassing - de totale oppervlakte van de erfverharding inclusief het bijbehorend bouw vlak is niet groter dan: * 2 ha voor een veehouderij in de zone ‘overige zone – komgebied’

Toename van stikstofdepositie (mol/ha/jaar) op Natura 2000 gebied

- de natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden mogen niet w orden aangetast. Deze kenmerken w orden niet aangetast als er op grond van de Wet natuurbescherming vergunning is verleend

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 23 van 39 vastgesteld Het uitbreiden van de oppervlakte bebouw ing die in gebruik is als dierenverblijf voor een veehouderij

- maatregelen w orden getroffen en in stand gehouden die invulling geven aan een zorgvuldige veehouderij, een en ander conform de door Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant vastgestelde regels van de Brabantse Zorgvuldigheidscore Veehouderij zoals die gelden ten tijde van de aanvraag om omgevingsvergunning - de ontw ikkeling is vanuit een goede leefomgeving inpasbaar in de omgeving. Het betreft hier onder andere verkeersafw ikkeling, milieuaspecten en volksgezondheid - er is aangetoond dat de kans op cumulatieve geurhinder (achtergrondbelasting) op geurgevoelige objecten in de bebouw de kom niet hoger is dan 12% en in het buitengebied niet hoger is dan 20%, tenzij er -als blijkt dat de achtergrondbelasting hoger is dan voornoemde percentages- maatregelen w orden getroffen door de veehouderij die tot een daling leiden van de achtergrondbelasting die ten minste de eigen bijdrage aan de overschrijding van de achtergrondbelasting compenseert - er is een zorgvuldige dialoog gevoerd, gericht op het betrekken van de belangen van de omgeving in de planontw ikkeling - het uitbreiden van de oppervlakte dierenverblijf van een geitenhouderij is pas toegestaan nadat het moratorium voor geitenhouderij in de Interim omgevings Noord-Brabant is opgeheven, w aardoor het op provinciaal niveau niet meer verboden is om de oppervlakte stalruimte voor geiten uit te breiden - als sprake is van een

hokdierhouderij: Gedeputeerde Staten hebben bew ijs overlegd dat: * binnen het stalderingsgebied een bestaand dierenverblijf van een hokdierhouderij is gesaneerd door sloop of herbestemming, w aarbij het gebruik als dierenverblijf juridisch en feitelijk is beëindigd; * ingeval van sloop de oppervlakte van de sanering ten minste 120% bedraagt van de oppervlakte die w ordt opgericht of in gebruik w ordt genomen; * ingeval van herbestemming de oppervlakte van de sanering ten minste 200% bedraagt van de oppervlakte die w ordt opgericht of in gebruik w ordt genomen; * deze sanering plaatsvindt in directe samenhang met het oprichten of ingebruiknemen van een gebouw als dierenverblijf en dat voor de sanering geen gebruik is gemaakt van een provinciale saneringsregeling * w aarbij geldt voor veehouderijen die gebruik maken van de regeling in artikel 2.68 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (uitzonderingsregeling stoppende veehouderij) dat alleen de oppervlakte dierenverblijf voor hokdieren die nodig is om het aantal dieren te huisvesten overeenkomstig de gedane mededeling, meetelt als inbreng voor een te saneren dierenverblijf

Het houden van een ander veetype dan op basis van artikel 3.1.2 is toegestaan

- er is een zorgvuldige dialoog gevoerd, gericht op het betrekken van de belangen van de omgeving in de planontw ikkeling - het omschakelen naar een nertsenhouderij is niet toegestaan - er mag geen sprake zijn van een diersoort of bedrijfsvorm die eerder is beëindigd in het kader van de beëindigingsregelingen RBV, VIV, BIV, SUN of de ‘uitzonderingsregeling stoppende veehouderij’ als bedoeld in artikel 2.68 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant; - als sprake is van geiten: het uitbreiden van de oppervlakte dierenverblijf van een geitenhouderij is pas toegestaan nadat het moratorium voor geitenhouderij in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is opgeheven, w aardoor het op provinciaal niveau niet meer verboden is om de oppervlakte stalruimte voor geiten uit te breiden

Mestbew erking of een toename van de gebruiksoppervlakte van bebouw ing voor mestbew erking van mest die niet afkomstig is van het bouw vlak w aarop de mest bew erkt w ordt

- de mest w ordt met pijpleidingen aangevoerd vanaf de locatie w aar de mest w ordt geproduceerd - ten minste 50% van het volume van de mest w ordt omgezet in loosbaar w ater - de op- en overslag en de verw erking van producten vinden niet in de open lucht plaats - de mestbew erking is vanuit het oogpunt van een veilige en gezonde leefomgeving en gelet op artikel 3.5 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant, inpasbaar in de omgeving - de locatie ligt buiten de aanduiding ‘overige zone - beperking veehouderij’ - de landschappelijke inpassing bedraagt ten minste15% van de omvang van het bouw perceel - er w ordt aangetoond dat een zorgvuldige dialoog is gevoerd, gericht op het betrekken van belangen van omw onenden bij de planontw ikkeling

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 24 van 39 vastgesteld

3.6

Wijzigingsbevoegdheid

Voor de volledige inhoud zijn alle hoofdstukken en de bijlagen van de regels van belang. Direct naar ‘Inleidende regels’ Direct naar ‘Bestemmingsregels’ Direct naar ‘Algemene regels’ Direct naar ‘Overgangs- en slotregels’ Direct naar ‘Bijlagen bij de regels'

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 25 van 39 vastgesteld

Hoofdstuk 3

Artikel 4

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 26 van 39 vastgesteld

Artikel 5

Landschappelijke tegenprestatie

5.1 Tegenprestatieplicht a. De ontwikkelingen als bedoeld in artikel 5.2 die worden gerealiseerd op basis van dit bestemmingsplan met toepassing van een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan danwel met toepassing van een wijzigingsregeling moeten gepaard gaan met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van bodem, water, natuur, landschap en/of cultuur. b. Deze fysieke verbetering dient duurzaam in stand te worden gehouden. c. Als de vereiste fysieke verbetering niet kan worden gerealiseerd, dient deze te worden uitgevoerd als een financiële storting in een gemeentelijk fonds voor financiering van landschappelijke projecten. d. De omvang van de tegenprestatie is afhankelijk van de omvang van de ruimtelijke ontwikkeling en moet in een redelijke verhouding hiertoe staan. 5.2

Tegenprestatieplichtige ontwikkelingen

De ontwikkelingen als bedoeld in artikel 5.1 onder a zijn: a. het vergroten van een agrarisch bouwvlak tot een omvang van meer dan 1,5 ha; b. het omschakelen met toepassing van de artikelen 10.4 en 10.5; c. het vergroten van de inhoud van woningen tot een inhoud tussen 750 en 1.000 m3 met toepassing van artikel 3.4, tenzij elders in deze regels expliciet anders is bepaald; d. het realiseren van telecommunicatiemasten met toepassing van artikel 10.6.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 27 van 39 vastgesteld

Artikel 6 6.1

Algemene bouwregels

Afwijkende bebouwing

Als de bestaande bebouwing afwijkt van hetgeen elders in deze regels is toegestaan, dienen in afwijking van die regels, de bestaande afwijkingen voor wat betreft: a. b. c. d. e. f. g.

goothoogte bouwhoogte oppervlakte inhoud afstand tot de as van de weg afstand tot de zijdelingse perceelsgrens situering ten opzichte van andere bebouwing

ter plaatse van de afwijking als maximaal toelaatbaar worden aangehouden, mits deze afwijkende maatvoering op legale wijze tot stand is gekomen. 6.2

Parkeervoorziening

6.2.1

Bouwregels voor parkeervoorzieningen

In aanvulling op wat er geregeld is voor de voorkomende bestemmingen gelden de volgende regels: a. Als de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, moet het gebouw en moet de andere bebouwing op het betreffende bouwperceel zodanig worden geplaatst of ingericht dat voor het parkeren of stallen van auto's voldoende ruimte aanwezig is in, op of onder het gebouw dan wel op of onder het onbebouwde gedeelte van het bouwperceel. b. De onder a bedoelde ruimte voor het parkeren van auto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's en op de situatie ter plaatse. De afmetingen van een gereserveerde parkeerruimte voor een auto van een gehandicapte - voor zover die ruimte niet in de lengterichting aan een trottoir grenst - moet minstens 3,50 bij 5,00 m bedragen. c. Als de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en lossen van goederen moet het gebouw zodanig worden geplaatst of ingericht dat in deze behoefte in voldoende mate kan worden voorzien aan, in of onder het gebouw dan wel op of onder het onbebouwde gedeelte van het betreffende bouwperceel. d. Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder a en c, mits op andere wijze in de nodige parkeerruimte respectievelijk ruimte voor het laden en lossen van goederen wordt voorzien. 6.2.2

Beleidsregels voor toepassing normen voldoende parkeervoorzieningen

Van voldoende ruimte voor parkeren of stallen van auto’s als bedoeld in artikel 6.2.1 onder a is sprake als wordt voldaan aan de door burgemeester en wethouders op 13 december 2016 vastgestelde ‘Parkeernormen 2017 gemeente Oss’. Hierbij geldt dat als deze beleidsregels worden gewijzigd of vervangen, rekening wordt gehouden met deze wijziging of vervanging.

6.3

Ondergronds bouwen

6.3.1 Ondergrondse bouwwerken a. Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken die geen gebouw zijn, gelden geen beperkingen behalve voor zover in deze regels anders is bepaald. Ondergrondse bouwwerken mogen uitsluitend worden gebruikt overeenkomstig het bij de bestemming toegestane gebruik. b. Voor het bouwen en gebruiken van ondergrondse gebouwen gelden, behalve voor zover in deze regels anders is bepaald, de volgende regels: 1. ondergrondse gebouwen die deels zichtbaar zijn boven het aansluitende, afgewerkte, normale maaiveld, zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak, met uitzondering van ondergeschikte

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 28 van 39 vastgesteld

bouwdelen, die ook buiten het bouwvlak zijn toegestaan; 2. ondergrondse gebouwen die onzichtbaar zijn boven het aansluitende, afgewerkte, normale maaiveld, zijn ook buiten het bouwvlak toegestaan; 3. in afwijking van het bepaalde onder b1 en b2 zijn ondergrondse gebouwen onder en bij woonhuizen uitsluitend toegestaan als kelder onder het woonhuis en onder aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen; 4. de ondergrondse bouwdiepte van ondergrondse gebouwen bedraagt maximaal 4 meter onder peil; 5. de oppervlakte van ondergrondse gebouwen wordt meegerekend bij het berekenen van de toegestane bedrijfsvloeroppervlakte en de toegestane verkoopoppervlakte; 6. de oppervlakte van ondergrondse gebouwen wordt uitsluitend meegerekend bij het toegestane bebouwingspercentage voor zover die gebouwen zichtbaar zijn boven het aansluitende, afgewerkte, normale maaiveld; 7. de inhoud van ondergrondse gebouwen voor zover gelegen onder het maaiveld wordt niet bij de toegestane inhoud van een woning meegerekend; 8. ondergrondse gebouwen mogen uitsluitend worden gebruikt overeenkomstig het bij de bestemming toegestane gebruik. 6.3.2

Afwijken van ondergronds bouwen

Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van artikel 6.3.1 voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken op andere locaties of met een ondergrondse bouwdiepte van maximaal 10 meter onder peil onder de voorwaarden dat: a. de waterhuishouding niet wordt verstoord; b. geen afbreuk wordt gedaan aan archeologische waarden; c. dit niet strijdig is met de belangen verbonden aan de bestemming van de betreffende gronden, en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden niet onevenredig worden aangetast.

6.4

Afstand van bouwwerken tot de weg

De afstand van bouwwerken tot de as van de weg dient ten minste 20 m te bedragen.

Hertog Janstraat 52 Lith – 2023 pag 29 van 39 vastgesteld

Artikel 7

Algemene gebruiksregels

7.1 Verboden gebruik a. Onder het gebruiken van gronden, bouwwerken of onderkomens in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik, daaronder begrepen het doen en/of laten gebruiken: 1. als stort- en/of opslagplaats 2. voor buitenopslag 3. voor (detail)handel 4. voor bedrijfsdoeleinden 5. voor een kleinschalig kampeerterrein, groepskampeerterrein en/of natuurkampeerterrein 6. voor motor-, water- en modelvliegtuigsport en andere vormen van lawaaisport 7. voor een seksinrichting en/of escortbedrijf 8. voor bewoning 9. als vis- of viskweekvijver binnen de bestemming ‘Agrarisch met waarden – Landschap’ b. Het bepaalde onder a is niet van toepassing als de bestemmingsomschrijving (inclusief detaillering) in de overige planregels het betreffende gebruik expliciet toestaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=a60d7924-2882-4acd-97e3-736dd78d6f1d