CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage_4_Verenigingsmonitor_2021.PDF

Adviescommissie Sociaal Bestuurlijk 4 november 2021, gemeente OssBij agendapunt: Agenda gerelateerde Raadsinformatiebrief bij programma 3 Voorzieningen voor Ontmoeten-Sport-Cultuur7.307 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VERENIGINGSMONITOR 2021 Verenigingen voor kunstPAG 1

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

beoefening in cijfers

Muziekverenigingen, koren, schilder-, foto- en filmclubs, toneel- en dansverenigingen zijn een belangrijke voorziening voor een groot deel van de kunstbeoefenaars in Nederland. De driejaarlijkse VerenigingsMonitor onderzoekt de belangrijkste trends en thema’s binnen deze verenigingen voor kunstbeoefening. De eerste editie van de VerenigingsMonitor vond in 2018 plaats. In deze publicatie vind je de landelijke resultaten van de tweede editie uit 2021.

VOLGENDE PAGINA

INHOUD

PAG 2

Verenigingen voor kunstbeoefening in cijfers ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

VORIGE PAGINA

INDEX

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

LEDEN

REGULIER AANBOD

SAMENWERKING MET EXTERNE PARTIJEN

BESTUUR EN VRIJWILLIGERS

ARTISTIEKE BEGELEIDING

INCLUSIE DOELGROEPEN

BETAALDE MEDEWERKERS

INNOVATIE VAN HET AANBOD

AANVULLEND AANBOD

VOORZIENINGEN

DOELEN

FINANCIËN

KNELPUNTEN EN TOEKOMSTVERWACHTING

MISSIE EN VISIE

SAMENVATTING: GEVOLGEN VAN DE CORONA-PANDEMIE

ZICHTBAARHEID

ONDERZOEKSOPZET & VERANTWOORDING

DANKWOORD & COLOFON

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

PAG 3

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT INDEX ORGANISATIEKRACHT 2018-2021

Onder organisatiekracht verstaan we de mate waarin verenigingen voor kunstbeoefening nu en in de toekomst in staat zijn om artistieke activiteiten aan te bieden aan huidige en potentiële leden. We noemen een vereniging zeer organisatiekrachtig wanneer ze in de afgelopen drie jaar voldeed aan de meeste of alle van deze criteria: • het aantal leden is sinds het uitbreken van de corona-pandemie en/of in de twee jaar daarvoor gestegen • de vereniging werft zeer actief leden • de vereniging vindt gemakkelijk bestuursleden en beschikt over voldoende vrijwilligers • er zijn betaalde medewerkers (zoals een dirigent of docent) voor de vereniging actief • de financiële positie is zeer gezond • de hoogte van de contributie varieert per doelgroep • de vereniging heeft minstens drie verschillende inkomstenbronnen • de vereniging heeft een duidelijke visie en missie voor de lange termijn • de vereniging geeft zeer actief bekendheid aan de eigen activiteiten via gedrukte, digitale en sociale media Bij organisatiekracht wordt gevraagd naar wat in de afgelopen drie jaar is ondernomen. Op basis van die vragen en antwoorden is meer dan de helft van de verenigingen een krachtige tot zeer krachtige organisatie. Zij zijn in principe goed in staat om artistieke activiteiten aan te bieden aan huidige en potentiële leden. 34% is weinig krachtig. En 13% is kwetsbaar.

De organisatiekracht lijkt in de afgelopen drie jaar gelijk te zijn gebleven ten opzichte van 2015-2018. Daar staat tegenover dat de corona-pandemie en alle beperkende maatregelen in 2020-2021 een grote impact hebben op verenigingen, en mogelijk ook op de organisatiekracht in de nabije toekomst. Meer duiding daarvan in de Samenvatting. Op de volgende pagina's lichten we de pijlers van organisatiekracht toe.

ZEER KRACHTIG

KWETSBAAR

9%

13%

INDEX ORGANISATIEKRACHT

34%

44%

KRACHTIG

WEINIG KRACHTIG

2015-2018

11%

12%

INDEX ORGANISATIEKRACHT

40%

37%

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

PAG 4

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

LEDEN (1/2)

Gemiddeld hebben verenigingen voor kunstbeoefening 36 vaste leden. Dat is een daling van 12% ten opzichte van 2018, toen verenigingen gemiddeld 41 vaste leden hadden. 35% van de verenigingen heeft (ook) projectleden. Zij hebben gemiddeld 13 projectleden. De corona-pandemie heeft de ontwikkeling van het ledenbestand beïnvloed. Van 2018 tot het uitbreken van de corona-pandemie steeg bij 20% van de verenigingen het aantal leden, bij 49% bleef het gelijk en bij 32% daalde het aantal leden. Die verhouding is grotendeels hetzelfde als in de periode 2015-2018. Na het uitbreken van de corona-pandemie was er bij slechts 2% van de verenigingen sprake van een groeiend ledental, terwijl 36% een afname kende. Bij bijna twee derde bleef het aantal leden gelijk. Koren en dansverenigingen zagen het vaakst een daling, zowel voorafgaand aan als tijdens de corona-pandemie. Toneelvereniging het minst vaak. De meeste verenigingen hebben leden van 50 t/m 64 jaar (88% van de verenigingen) en 65 t/m 80 jaar (85%). Deze leeftijdscategorieën hebben gemiddeld ook het grootste aandeel in het ledenbestand. 14% heeft leden van 11 jaar of jonger en 22% van 12 tot en met 19 jaar, waarbij het eigenlijk alleen muziek-, dans- en toneelverenigingen betreft.

ONTWIKKELING LEDENBESTAND HET AANTAL LEDEN IS GEDAALD

34%

32%

HET AANTAL LEDEN IS GELIJK GEBLEVEN

36%

HET AANTAL LEDEN IS GESTEGEN

46%

49% 63%

20%

20%

2015-2018

2018-2020

2% 2020-2021

PERCENTAGE VERENIGINGEN DIE LEDEN IN EEN BEPAALDE LEEFTIJDSCATEGORIE HEBBEN

11 JAAR OF JONGER 12 T/M 19 JAAR 20 T/M 34 JAAR 35 T/M 49 JAAR 50 T/M 64 JAAR 65 T/M 80 JAAR OUDER DAN 80 JAAR

14% 14% 23% 22% 46% 45% 66% 63% 91% 88% 83% 85% 36% 36%

2018 2021

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

PAG 5

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

LEDEN (2/2)

Bijna de helft van de verenigingen ‘vergrijst’. Dat is iets minder dan in de periode 2015-2018. Bij de andere verenigingen bleef de verhouding tussen jong en oud stabiel (41%), of verjongde het ledenbestand (10%). Vergrijzing speelt het sterkst bij koren, en verjonging zien we vaker bij toneelverenigingen.

VERHOUDING TUSSEN JONG EN OUD VERGRIJZING VAN HET LEDENBESTAND VERHOUDING TUSSEN JONG EN OUD IS STABIEL

57%

Verenigingen zijn actiever met het werven van leden dan in 2018. Terwijl twee derde van de verenigingen actief leden wierf in 2018, ligt dat aandeel in 2021 op 84%.

49%

41% 31%

11%

10%

2015-2018

2018-2021

VERJONGING VAN HET LEDENBESTAND

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

PAG 6

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

BESTUUR EN VRIJWILLIGERS

Verenigingen draaien op de inzet van bestuursleden en andere vrijwilligers. De helft van de verenigingen voor kunstbeoefening – of ze nu klein zijn of groot en ongeacht kunstvorm – vindt het de afgelopen drie jaar moeilijker geworden om bestuursleden te werven. Dat is minder dan in 2018, toen 62% aangaf het moeilijker te vinden. Net als in 2018 beschikken verreweg de meeste verenigingen (86%) momenteel over voldoende vrijwilligers (inclusief bestuursleden).

WERVEN BESTUURSLEDEN

VRIJWILLIGERS NIET MOEILIJKER MOEILIJKER

18%

14%

ONVOLDOENDE VRIJWILLIGERS VOLDOENDE VRIJWILLIGERS

38%

50%

62%

50%

82%

86%

2015-2018

2018-2021

2018

2021

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

Bij koren en muziekverenigingen ligt het aandeel dat begeleiding krijgt het hoogst, op 94%. Daarentegen werkt de meerderheid van de film- en fotoclubs (81%) zonder artistiek begeleiders.

1 2 MEER DAN 2

INDEX

De koren en muziekverenigingen betalen hun artistiek begeleider(s) ook het vaakst. Van alle verenigingen ligt het aandeel dat met onbetaalde artistieke begeleiding werkt het hoogst bij toneelverenigingen (39%). Een kwart van de verenigingen heeft de afgelopen drie jaar meer moeite om vacatures voor artistiek begeleiders op te vullen. Voor het merendeel van de verenigingen geldt dit niet. We zien hierin geen verschil met 2018. Dansverenigingen ondervinden met 51% de meeste moeite.

AANTAL BETAALDE ARTISTIEK BEGELEIDERS 22% 24% 49% 48% 16% 17% 13% 11%

VORIGE PAGINA

BETAALDE MEDEWERKERS

De overgrote meerderheid van de verenigingen (88%) werkt met een of meerdere artistiek begeleiders, zoals een dirigent, regisseur, choreograaf of docent. Een derde van de verenigingen werkt met begeleiders die hun begeleiding onbetaald verrichten. Ruim drie kwart betaalt artistiek begeleider(s) voor de geleverde diensten, een even hoog aandeel als in 2018.

GEEN

PAG 7

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

MOEILIJKER OM ARTISTIEK BEGELEIDERS TE VINDEN? 2018-2021

2018 2021

JA

2015-2018

24%

26% 74%

76% NEE

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VERENIGINGSGEBOUW KERKGEBOUW, SYNAGOGE, MOSKEE SCHOOLGEBOUW CAFÉ, HORECA

VERZORGINGSHUIS, ZORGCENTRUM BUITEN, IN DE OPENBARE RUIMTE THEATER- OF CONCERTGEBOUW BUURTHUIS, WIJKGEBOUW VERENIGINGSGEBOUW CAFÉ, HORECA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

Verenigingen voor kunstbeoefening maken voor hun activiteiten gebruik van voorzieningen. Ten opzichte van de periode 2015-2018 zien we tot aan het uitbreken van de corona-pandemie geen grote veranderingen in het gebruik van de voorzieningen.

33% 37% 21% 25% 23% 21% 13% 15% 13% 11%

2015-2018 2018-2020

58% 48% 45% 40% 39% 39% 37% 32% 35% 30% 18% 18% 21% 18%

Voor repetities, lessen, cursussen, oefenen en ‘gewoon doen’ maakten verenigingen van 2018 tot het uitbreken van de corona-pandemie het meest gebruik van het buurthuis/ wijkgebouw, het verenigingsgebouw, de kerk, synagoge of moskee, een school of een horecagelegenheid. In dezelfde periode maakten verenigingen voor het tonen van werk aan publiek vooral gebruik van kerken, synagogen of moskeeën, verzorgingshuizen of zorgcentra, de openbare ruimte, theater- of concertgebouwen, buurthuizen, het eigen verenigingsgebouw en horecagelegenheden.

VOORZIENINGEN VOOR HET TONEN VAN WERK AAN PUBLIEK WAAR MEER DAN 10% VAN DE VERENIGINGEN GEBRUIK VAN MAAKT

KERKGEBOUW, SYNAGOGE, MOSKEE

VORIGE PAGINA

VOORZIENINGEN (1/2)

VOORZIENINGEN VOOR REPETITIES, LESSEN, GEWOON DOEN, ETC. WAAR MEER DAN 10% VAN DE VERENIGINGEN GEBRUIK VAN MAAKT

BUURTHUIS, WIJKGEBOUW, DORPSHUIS, MFC, MFA

PAG 8

2015-2018 2018-2020

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

UITGEWEKEN NAAR ONLINE PLATFORM/TOOL HUIDIGE LOCATIE NIET BRUIKBAAR, EN OP ZOEK NAAR ANDERE LOCATIE HUIDIGE LOCATIE NIET BRUIKBAAR, MAAR NIET OPZOEK NAAR ANDERE LOCATIE GEEN INVLOED, KUNNEN DEZELFDE LOCATIE(S) GEBRUIKEN

18% 22% 5% 34% 25%

INVLOED CORONA-PANDEMIE OP VOORZIENINGEN VOOR HET TONEN VAN WERK AAN PUBLIEK UITGEWEKEN NAAR ANDERE FYSIEKE LOCATIE UITGEWEKEN NAAR ONLINE PLATFORM/TOOL GEEN INVLOED, KUNNEN DEZELFDE LOCATIE(S) GEBRUIKEN

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

VOORZIENINGEN (2/2)

INVLOED CORONA-PANDEMIE OP VOORZIENINGEN VOOR REPETITIES, LESSEN, GEWOON DOEN, ETC. UITGEWEKEN NAAR ANDERE FYSIEKE LOCATIE

PAG 9

3% 9% 11%

De corona-pandemie heeft het gebruik van voorzieningen beïnvloed. Voor repetities, lessen, cursussen, oefenen en ‘gewoon doen’ is 18% noodgedwongen uitgeweken naar een andere fysieke locatie. Van deze groep is de grote meerderheid (rond de 80%) tamelijk tot heel tevreden over de kwaliteit, bereikbaarheid en betaalbaarheid van deze nieuwe locatie(s). Voor het repeteren, lessen en ‘gewoon doen’ is 22% van de verenigingen uitgeweken naar online platforms als Zoom, Teams, Whereby, etc. Voor het tonen van werk heeft 9% van de vereniging gebruik gemaakt van online platforms. De helft van deze verenigingen is niet van plan om de online platforms ook na de corona-pandemie te blijven gebruiken. Een kleine groep (15%) heeft dit voornemen expliciet wel, en 35% weet het nog niet.

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

De helft van de verenigingen leed in 2020 financiële schade door de corona-pandemie, gemiddeld € 3.446,-. Bij orkesten en toneelverenigingen ligt het percentage verenigingen dat schade heeft geleden met zo’n 60% het hoogst, en bij foto- en filmclubs met 22% het laagst. Het gemiddelde schadebedrag ligt bij orkesten

INDEX

(€ 4.544,-) en dansverenigingen (€ 4.273,-) het hoogst. Bij toneelverenigingen (€ 3.379), koren (€ 2.438,-) en foto- en filmclubs (€ 1.084,-) liggen de bedragen lager. Contributiebijdragen vormen de belangrijkste inkomstenbron, op flinke afstand gevolgd door omzet uit optredens, voorstellen of exposities, meerjarige overheidssubsidie, bijdragen van donateurs of vrienden en sponsoring (figuur op pagina 11). Bij alle inkomstenbronnen lag het aandeel verenigingen dat er inkomsten uit had een paar procentpunten lager dan in 2018. Alleen het percentage verenigingen dat omzet had uit optredens, voorstellingen of exposities lag in 2020 met 42% veel lager dan het aandeel van 70% in 2018.

FINANCIËLE POSITIE

25%

VORIGE PAGINA

FINANCIËN (1/2)

De meerderheid van de verenigingen voor kunstbeoefening noemt haar financiële positie in 2021 gezond (56%) tot zeer gezond (11%). Slechts 9% kampt met een minder gezonde tot zorgwekkende financiele situatie. Dit hangt niet af van de omvang of kunstvorm van de vereniging. Ten opzichte van 2018 is de financiële positie iets verslechterd, maar niet veel.

3% 3%

PAG 10

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

FINANCIËLE SCHADE DOOR CORONA

3% 6% 24%

ZORGWEKKEND

WEET NIET

MINDER GEZOND

5%

REDELIJK GEZOND GEEN SCHADE

52%

17% 2018

ZEER GEZOND

56%

11% 2021

45%

50%

GEMIDDELDE SCHADE € 3446,-

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

PERCENTAGE VERENIGINGEN DAT INKOMSTEN UIT EEN BEPAALDE BRON HEEFT 92% 86% 70% 42% 42% 37% 41% 36% 41% 32% 30% 25% 16% 15% 16% 13% 7% 5%

OMZET UIT OPTREDENS, VOORSTELLINGEN OF EXPOSITIES MEERJARIGE OVERHEIDSSUBSIDIE SPONSORING DONATEURS/VRIENDEN ACTIES (ZOALS LOTENVERKOOP) INCIDENTELE OVERHEIDSSUBSIDIE FONDSEN OPBRENGSTEN UIT VERHUUR

VORIGE PAGINA

VOLGENDE PAGINA

voor de docenten (deels) door. De overige verenigingen hebben de betaling stopgezet en de begeleider/docent niet uitbetaald of hebben in een enkel geval de betaling uitgesteld. Dat betekent dat de artistiek begeleiders van 18% van de verenigingen die werken met een betaalde begeleider en de docenten van 23% van de verenigingen die werken met docenten niet zijn uitbetaald.

GEVOLGEN VAN CORONA VOOR KOSTENPOSTEN VAN VERENIGINGEN DIE DEZE KOSTENPOSTEN HEBBEN

18% 2% 32%

23% 2%

48%

23% 5%

77%

23% 47%

51% 24%

2018 2021

INDEX

FINANCIËN (2/2)

De corona-pandemie beïnvloedt ook de kostenposten. Voor de verenigingen die werken met artistiek begeleiders en docenten bleef hun vergoeding een belangrijke kostenpost, veel belangrijker dan huur van repetitieruimten of de huur van ruimten voor het optreden, de voorstelling of expositie. In 2020 betaalde 79% van de verenigingen de vergoeding voor de artistiek begeleiders en 74% de vergoeding

CONTRIBUTIE

PAG 11

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VERGOEDING ARTISTIEK BEGELEIDER(S)

VERGOEDING DOCENT(EN)

HUUR REPETITIERUIMTE

8% 5% 9% HUUR PODIA, ZAAL, RUIMTE VOOR OPTREDEN, CONCERT, VOORSTELLING

BETALING STOPGEZET

TOT NU TOE DEELS DOORBETAALD

BETALING UITGESTELD

TOT NU TOE DOORBETAALD

ARTISTIEK AANBOD

PAG 12

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

ORGANISATIEKRACHT

MISSIE EN VISIE

De meerderheid (63%) van de verenigingen voor kunstbeoefening beschikt over een duidelijke missie en visie voor de langere termijn. Dat is vier procentpunten meer dan in 2018. Grote verenigingen (meer dan 60 leden) hebben vaker een duidelijke missie en visie dan middelgrote en kleine verenigingen.

MISSIE EN VISIE

6%

VORIGE PAGINA

8%

WEET NIET GEEN MISSIE EN VISIE

35%

29%

59%

63%

2018

2021

WEL MISSIE EN VISIE

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

27%

We zien dat grote (meer dan 60 leden) en middelgrote (tussen 30 en 60 leden) verenigingen actiever aan PR doen dan kleine verenigingen. Ook zijn toneelverenigingen en muziekverenigingen actiever met PR dan andere soorten verenigingen.

PR VIA DIGITALE EN SOCIALE MEDIA

NIET ACTIEF

25%

VORIGE PAGINA

ZICHTBAARHEID

In de twee jaar tot aan het uitbreken van de corona-pandemie maakten de meeste verenigingen voor kunstbeoefening hun activiteiten bekend via gedrukte, digitale en sociale media. Drie kwart van alle verenigingen gebruikte gedrukte media, terwijl 84% actief was met PR via digitale en sociale media. Dat is gelijk aan het gebruik van media in de drie jaar daarvoor (2015-2018).

PR VIA GEDRUKTE MEDIA

PAG 13

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

ACTIEF

16%

16%

NIET ACTIEF ACTIEF

ZEER ACTIEF

ZEER ACTIEF

62%

63%

64%

64%

11%

10%

22%

21%

2015-2018

2018-2020

2015-2018

2018-2020

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

PAG 14

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD INDEX ARTISTIEK AANBOD 2018-2021

Onder artistiek aanbod verstaan we de mate waarin verenigingen voor kunstbeoefening hun leden de mogelijkheid bieden hun kunstzinnige activiteiten te beoefenen en te verbeteren. We noemen een vereniging zeer sterk in haar aanbod wanneer ze in de periode 2018-2021 voldeed aan de meeste of alle van deze criteria: • de vereniging biedt de mogelijkheid om minimaal een keer per jaar werk te tonen aan het publiek via voorstellingen, optredens of exposities en biedt daarnaast per jaar minimaal twee van de volgende activiteiten aan: - Lessen - Masterclasses, cursussen, workshops - Repetities/oefenen - Gewoon gezamenlijk zonder begeleiding de kunstzinnige en creatieve activiteit uitvoeren • de artistiek begeleider heeft een hbo-opleiding tot professioneel dirigent, regisseur, acteur, kunstenaar, musicus, choreograaf of docent, een mbo-opleiding tot (uitvoerend) artiest, kunstenaar, musicus, danser, etc., of een één- of meerjarige opleiding voor amateurdirigent, amateurregisseur, amateuracteur, amateurmusicus, amateurchoreograaf, amateurdocent gevolgd • de vereniging vernieuwt voortdurend haar activiteiten Bijna de helft van de verenigingen bood in de periode 2018-2021 een sterk tot zeer sterk artistiek aanbod. Zij boden de leden goede mogelijkheden om hun kunstzinnige activiteiten te beoefenen en te verbeteren. Bij de andere helft waren die mogelijkheden minder of gering.

Het artistiek aanbod was minder sterk dan in de voorafgaande periode 2015-2018. Op de volgende pagina's lichten we de pijlers van artistiek aanbod toe.

ZEER STERK

6%

STERK

26%

GERING

26%

MATIG

INDEX ARTISTIEK AANBOD

42%

2015-2018

7% 32%

20% INDEX ARTISTIEK AANBOD

41%

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

PAG 15

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

REGULIER AANBOD (1/2)

We onderscheiden de volgende artistieke activiteiten: • Lessen • Masterclasses, cursussen, workshops • Repetities/oefenen • Gewoon dóén: gezamenlijk de kunstzinnige en creatieve activiteit uitvoeren, zonder les • Voorstellingen, optredens of exposities Tot aan het uitbreken van de corona-pandemie boden bijna alle verenigingen de mogelijkheid om gezamenlijk te repeteren/oefenen en om het geoefende te tonen aan het publiek. Het repeteren en oefenen gebeurt bij de meeste verenigingen elke week (89%). En het tonen via voorstellingen, optredens en exposities deden de meeste verenigingen een paar keer per jaar (72%). Lessen werden het minst aangeboden. Toch organiseert nog de helft van de verenigingen die voor hun leden. Een derde van de verenigingen doet dat zelfs wekelijks. Het aandeel verenigingen dat minimaal een keer per jaar lessen aanbiedt ligt veel hoger bij dansverenigingen (87%), muziekverenigingen (61%) en foto- en filmclubs (57%), dan bij koren (30%) en toneelverenigingen (27%).

FREQUENTIE VAN ARTISTIEKE ACTIVITEITEN VAN VERENIGINGEN 2018-2020

2%

18%

14%

34%

5%

19%

18%

2% 5% 3% 5%

17%

50%

48%

90%

9% 6%

MASTERCLASSES CURSUSSEN WORKSHOPS

WEKELIJKS MAANDELIJKS PAAR KEER PER JAAR EEN KEER PER JAAR MINDER DAN EEN KEER PER JAAR NOOIT

70%

43% 11% 2%2%

4% 3%3% LESSEN

1% 14%

REPETITIES OEFENEN

GEWOON DOEN

VOORSTELLINGEN OPTREDENS OF EXPOSITIES

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

PAG 16

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

REGULIER AANBOD (2/2)

De corona-pandemie en de beperkende maatregelen hadden grote invloed op het aanbod van de verenigingen. Van de verenigingen die voor corona de mogelijkheid boden om op te treden of te exposeren heeft 92% dit tijdens de corona-pandemie niet kunnen organiseren. Bij de verenigingen die voorafgaand aan corona lessen of repetities organiseerden is het iets minder dan de helft gelukt om ook tijdens de corona-pandemie deze activiteiten aan te bieden, (gedeeltelijk) op dezelfde manier dan wel op een alternatieve wijze (bijv. online).

INVLOED CORONA OP ARTISTIEKE ACTIVITEITEN

2% 7% 3%

2% 36%

1% 25%

5%1% 3%

10% 26%

15%

92%

89%

72% 55%

56%

LESSEN

2% 18%

MASTERCLASSES CURSUSSEN WORKSHOPS

REPETITIES OEFENEN

GEEN INVLOED IS/ZIJN OP EEN ALTERNATIEVE MANIER VORMGEGEVEN IS/ZIJN GEDEELTELIJK OP DEZELFDE MANIER DOORGEGAAN NIET GEORGANISEERD NA MAART 2020

GEWOON DOEN

VOORSTELLINGEN OPTREDENS OF EXPOSITIES

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

Het aandeel verenigingen wiens begeleiders geen gerichte opleiding OPLEIDING BETAALDE ARTISTIEK BEGELEIDERS hebben genoten ligt hoger in niet-stedelijke gebieden (13%) dan in zeer

sterk stedelijke gebieden (2%). Verenigingen in (zeer) sterk stedelijke gemeenten hebben vaker hbo-geschoolde begeleiders dan verenigingen in matig tot niet-stedelijke gebieden. Ook is er een positieve relatie tussen de omvang van de vereniging en het werken met een hbo-geschoolde begeleider: hoe groter de vereniging, hoe vaker een hbo-geschoolde begeleider. Begeleiders met een gerichte hbo-opleiding komen we het meest bij muziekverenigingen en koren tegen, en veel minder bij dans- en toneelverenigingen. Bij de dans- en toneelverenigingen ligt het aandeel begeleiders met een mbo-opleiding, een- of meerjarige opleiding of alleen gerichte cursussen juist weer hoger. Ook werken dansverenigingen en zeker toneelclubs veel vaker met begeleiders zonder gerichte opleiding.

OPLEIDING ARTISTIEK BEGELEIDERS

ALLEEN GERICHTE CURSUSSEN GEEN OPLEIDING

VORIGE PAGINA

ARTISTIEK BEGELEIDER

De overgrote meerderheid van de verenigingen (88%) werkt met een of meerdere artistiek begeleiders, zoals een dirigent, regisseur, choreograaf of docent. Van deze groep hebben de begeleiders in verreweg de meeste gevallen (91%) een gerichte artistieke opleiding. Bij ruim twee derde gaat het om een begeleider met een hbo-opleiding tot professioneel dirigent, regisseur, acteur, kunstenaar, musicus, choreograaf, docent, etc. Begeleiders met een mbo-opleiding tot (uitvoerend) artiest, kunstenaar, musicus, danser, etc. komen weinig voor (7%). Vaker (20%) is er sprake van een een- of meerjarige opleiding voor amateurdirigent, amateur-regisseur, etc. Bij slechts 9% is er sprake van een artistiek begeleider die daarvoor geen gerichte opleiding heeft genoten.

HBO-OPLEIDING TOT PROFESSIONEEL DIRIGENT, REGISSEUR, ETC. MBO-OPLEIDING TOT (UITVOEREND) DIRIGENT, REGISSEUR, ETC. ÉÉN- OF MEERJARIGE OPLEIDING VOOR AMATEUR DIRIGENT, AMATEURREGISSEUR, ETC.

PAG 17

68% 7% 20% 11% 9%

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD De verenigingen voor kunstbeoefening gaven hun reactie op deze stelling: ‘we zijn voortdurend actief met het vernieuwen van onze activiteiten’. Net als in 2018 geeft meer dan de helft aan het hiermee (helemaal) eens te zijn. Bij een kleine groep (12%) is er niet of nauwelijks sprake van het voortdurend vernieuwen van de activiteiten

PAG 18

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

INNOVATIE VAN HET AANBOD IN HOEVERRE BENT U HET EENS MET DE STELLING: DE VERENIGING IS VOORTDUREND ACTIEF MET HET VERNIEUWEN VAN HAAR ACTIVITEITEN.

2021

ONEENS

12%

NIET EENS / NIET ONEENS

32% 56% EENS

2018

12%

31% 31%

57%

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD De meeste verenigingen voor kunstbeoefening hebben meerdere doelen met de activiteiten die zij organiseren. Er is wel een verschil in het belang dat zij hechten aan de verschillende doelen. Bijna de helft vindt gezelligheid en ontmoeting het meest belangrijke doel, op afstand gevolgd door de andere doelen. Als we kijken naar de gemiddelde score per doel (op een schaal van meest belangrijk (=1) tot meest onbelangrijk (=5)), dan zien we de volgende ranking: 1. Gezelligheid, ontmoeting 2. Artistieke ontwikkeling van leden 3. Bijdragen aan (evenementen van) de lokale gemeenschap 4. Artistieke (top)prestaties 5. In stand houden van kunsten ambachtsvormen

2,2 2,9

VORIGE PAGINA

DOELEN DOELEN

11% 8%

10%

13%

26%

20%

34%

26%

48%

25% 14%

32%

13% 25%

18% 17%

3,0 3,4 3,5

PAG 19

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

13% 19%

23% 24% 21% 14% 11%

29% 9%

GEZELLIGHEID ARTISTIEKE ARTISTIEKE IN STAND HOUDEN BIJDRAGEN AAN ONTMOETING ONTWIKKELINGEN (TOP)PRESTATIES TRADITIONELE (EVENEMENTEN VAN) VAN LEDEN KUNST- EN DE LOKALE AMBACHTSVORMEN GEMEENSCHAP

1 (MEEST BELANGRIJK) 2 3 4 5 (MEEST ONBELANGRIJK)

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

PAG 20

ARTISTIEK AANBOD

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE INDEX MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE 2018-2021

Onder maatschappelijke oriëntatie verstaan we de mate waarin verenigingen voor kunstbeoefening zich richten op maatschappelijke activiteiten of taken. We noemen een vereniging zeer maatschappelijk georiënteerd wanneer ze in de periode 2018-2021 voldeed aan de meeste of alle van deze criteria: • de vereniging werkt met drie of meer partners samen, zoals scholen, buurt- en wijkorganisaties en andere culturele verenigingen of stichtingen • de vereniging zet zich extra in om een of meer speciale doelgroepen te bereiken als publiek en als lid • de vereniging is zeer actief met het organiseren van andere activiteiten dan het reguliere aanbod voor de leden.

ZEER MAATSCHAPPELIJK GEORIËNTEERD MAATSCHAPPELIJK GEORIËNTEERD

12%

WEINIG MAATSCHAPPELIJK GEORIËNTEERD

24%

De meerderheid van verenigingen was in de periode 2018-2021 niet tot nauwelijks (62%) of weinig maatschappelijk (24%) georiënteerd. Een kleine groep was wel (12%) tot zeer sterk maatschappelijk georienteerd (2%). De maatschappelijke oriëntatie van verenigingen is daarmee iets afgenomen ten opzichte van de voorafgaande periode 2015-2018. 2015-2018

Op de volgende pagina's lichten we de pijlers van maatschappelijke oriëntatie toe.

41%

STERK

INDEX MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

27%

INDEX MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

62%

NIET TOT NAUWELIJKS MAATSCHAPPELIJK GEORIËNTEERD

7% 13%

2%

53%

ORGANISATIEKRACHT

PAG 21

ARTISTIEK AANBOD

VORIGE PAGINA

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

INDEX

VOLGENDE PAGINA

SAMENWERKING MET EXTERNE PARTIJEN

Een grote meerderheid van de verenigingen voor kunstbeoefening werkt samen met andere partijen. Slechts 14% doet dat helemaal niet. En 48% werkt samen met drie of meer partijen. We verstaan onder samenwerking het zich gezamenlijk en gelijkwaardig inzetten voor een bepaald doel. Verenigingen binnen de eigen kunstvorm worden het meest genoemd als partner. Ruim de helft van de verenigingen werkt hiermee samen. Andere veelgenoemde partijen zijn verenigingen van een andere kunstvorm (35%), kerken, synagogen en moskeeën (29%), professionele kunstenaars (27%), gemeenten (26%) en zorg- en welzijnsorganisaties (24%). Bij veel samenwerkingspartners is het aandeel verenigingen dat ermee samenwerkt licht gestegen ten opzicht van de periode 2015-2018. De sterkste stijging zien we bij zorg- en welzijnsorganisaties, van 11% naar 24%. Alleen met koepels en bonden lijkt minder vaak samengewerkt te worden. Hoe groter de vereniging, hoe groter het aantal externe partners. Ook zien we verschillen per kunstvorm. Zo ligt het percentage dat met een of meer externe partners samenwerkt hoger bij muziekverenigingen (94%) en koren (89%) dan bij foto-/filmclubs (79%), dansverenigingen (74%) en toneelverenigingen (70%).

De samenwerking tussen toneelverenigingen gebeurt VERENIGINGEN veel minder.SAMENWERKEN Het AANTAL EXTERNEonderling PARTIJEN WAARMEE samenwerken met scholen wordt het meest gedaan door GEEN muziekverenigingen (48% van de muziekverenigingen), en 15% het minst door koren (8% van de koren). Samenwerken met 1 20% kerken, synagogen en moskeeën wordt het meest gedaan 2 door koren. 22% MEER DAN 2

44%

AANTAL EXTERNE PARTIJEN WARMEE VERENIGINGEN SAMENWERKEN

14% 18% 20% 48%

GEEN 1 2 MEER DAN 2

PERCENTAGE VERENIGINGEN DAT SAMENWERKT MET PARTNERS, PER PARTNER VERENIGINGEN BINNEN DE EIGEN KUNSTDISCIPLINE VERENIGINGEN VAN EEN ANDERE KUNSTDISCIPLINE KERKEN, SYNAGOGEN, MOSKEEËN PROFESSIONELE KUNSTENAAR(S) GEMEENTEN ZORG- EN WELZIJNSORGANISATIES SCHOLEN BUURT-/WIJKORGANISATIES BEDRIJVEN EN MIDDENSTAND KOEPELS OF BONDEN GEEN

49% 52% 26% 35% 28% 29% 20% 27% 20% 26% 11% 24% 17% 21% 11% 20% 14% 16% 23% 16% 15% 14%

2018 2021

ORGANISATIEKRACHT

PAG 22

ARTISTIEK AANBOD

VORIGE PAGINA

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE Een minderheid van de verenigingen voor kunstbeoefening zet zich extra in om de volgende doelgroepen te bereiken: mensen met een beperking, mensen met een laag inkomen of vluchtelingen. 27% van de verenigingen probeert een of meerdere van deze doelgroepen te bereiken als publiek en 19% zet zich in om ze (ook) te bereiken als lid of deelnemer. Daarbij is er vooral inzet om mensen met een beperking en mensen met een laag inkomen te betrekken bij de vereniging. 37% van de verenigingen voor kunstbeoefening heeft leden met een beperking.* Zij hebben gemiddeld vier leden met een beperking. Van deze groep verenigingen heeft maar een heel klein deel (3%) aparte groepen of activiteiten voor deze leden. Bij de rest doen de leden met een beperking mee met de reguliere activiteiten voor alle leden.

INDEX

VOLGENDE PAGINA

INCLUSIE DOELGROEPEN EXTRA INZET OP INCLUSIE

17%

21%

WEET NIET / NVT

26%

NEE LID / DEELNEMER

56%

PUBLIEK

52%

8%

17%

63%

21%

14%

4% 5%

MENSEN MET MENSEN MET EEN EEN BEPERKING LAAG INKOMEN

VLUCHTELINGEN

LEDEN MET EEN BEPERKING WEET NIET

* Onder ‘beperking’ verstaan we een beperking in het bewegen (bijv. rolstoelgebonden), een verstandelijke beperking, een zintuigelijke beperking (blind, slechtziend, doof en slechthorend), een chronische aandoening (o.a. COPD, diabetes, epilepsie, hersenaandoening, (ex-)hartpatiënten) of gedragsproblemen (o.a. ADHD, autisme spectrum stoornis).

LEDEN MET EEN BEPERKING (GEM. 4 LEDEN)

11% 37%

GEEN LEDEN MET EEN BEPERKING

52%

ORGANISATIEKRACHT

PAG 23

ARTISTIEK AANBOD

VORIGE PAGINA

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

Verenigingen voor kunstbeoefening organiseren in eerste instantie de reguliere artistieke activiteiten voor hun leden, zoals repetities en optredens. Daarnaast organiseren sommige verenigingen extra activiteiten, zoals kampen, bingoavonden, ouder-kind-activiteiten en andere evenementen. In de periode van 2018 tot het uitbreken van de corona-pandemie organiseerde ruim de helft van de verenigingen zulke extra activiteiten. Dat is meer dan in de periode 2015-2018. Hoe groter de vereniging, hoe actiever in het organiseren van zulke aanvullende activiteiten.

2015-2018

ZEER ACTIEF

3%

6%

33% 64%

NIET ACTIEF

VOLGENDE PAGINA

AANVULLEND AANBOD

PERCENTAGE VAN VERENIGINGEN DAT ACTIEF IS MET HET ORGANISEREN VAN EXTRA ACTIVITEITEN VOOR LEDEN 2018-2020

INDEX

44%

49%

ACTIEF

INVLOED CORONA OP ORGANISEREN EXTRA ACTIVITEITEN WEET NIET

ACTIEVER

8%

GEEN INVLOED

7%

23%

62%

MINDER ACTIEF

De corona-pandemie heeft het organiseren van extra aanvullende activiteiten sterk beïnvloed. De meerderheid (62%) is daardoor minder actief geworden met het organiseren van extra activiteiten (fysiek of online). Een kleine groep (7%) is na het uitbreken van de corona-pandemie juist actiever geworden met het aanbieden van zulk aanbod.

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

PAG 24

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

KNELPUNTEN EN TOEKOMSTVERWACHTING Het aandeel verenigingen voor kunstbeoefening dat knelpunten ervaart is gestegen van 89% in 2018 naar 97% ten tijde van de corona-pandemie. Voor de meeste verenigingen (54%) ligt het belangrijkste knelpunt bij de leden. Dan gaat het met name om vergrijzing van het ledenbestand, het niet durven komen van leden tijdens de corona-pandemie, het stilliggen van de ledenwerving als gevolg van de corona-pandemie en daardoor een dalend ledental en geringe nieuwe aanwas.

BELANGRIJKSTE KNELPUNTEN

ZICHTBAARHEID EN PUBLIEKSBEREIK LOCATIE(S) FINANCIËN WET- EN REGELGEVING

Ten opzichte van 2018 zijn zichtbaarheid en publieksbereik (van 12% naar 30%), locaties (van 7% naar 25%) en wet- en regelgeving (3% naar 14%) voor een groter deel van de verenigingen een belangrijk knelpunt geworden. Bij het toelichten van dit knelpunt leggen de meeste verenigingen een directe relatie met de corona-pandemie. Financiën zijn voor ongeveer een even groot deel (23%) van de verenigingen een knelpunt gebleven. Dan gaat het vooral om dalende inkomsten uit optredens, voorstellingen en exposities en dalende inkomsten uit contributies. Slechts een klein percentage licht dit knelpunt toe met een afname van subsidie(s) of het afhaken van sponsoren. Op het terrein van vrijwilligers of het bestuur ervaren minder verenigingen (9%) problemen dan in 2018 (22%). Een op de vijf verenigingen acht het (zeer) waarschijnlijk dat ze over een jaar veel kleiner zijn. Daarnaast ziet nog eens twee op de vijf verenigingen dit scenario als een reële mogelijkheid. Veel minder verenigingen verwachten dat ze over een jaar niet meer bestaan, alhoewel 16% dat nog wel als een mogelijkheid ziet. Dansverenigingen en koren zijn het meest pessimistisch over de nabije toekomst, want een kwart van hen verwacht over een jaar veel kleiner te zijn en ongeveer de helft ziet het als een mogelijkheid.

2018

64% 54% 12% 30% 7% 25% 25% 23% 3% 14% 22% 9% 6% 6% 1% 4% 3% 2% 12% 16% 11% 3%

LEDEN

VRIJWILLIGERS/BESTUUR ARTISTIEKE BEGELEIDING SAMENWERKING MET ANDERE PARTIJEN REPETOIRE, INSTRUMENTEN, MATERIALEN, APPARATUUR OVERIGE GEEN KNELPUNTEN/ZORGEN

2021

TOEKOMSTVERWACHTING 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%

OVER EEN JAAR ZIJN WE VEEL KLEINER

12%

38%

12% 8% 4%

ONWAARSCHIJNLIJK

OVER EEN JAAR BESTAAN WE NIET MEER

DE CORONA-PANDEMIE HEEFT SOMMIGE ZAKEN BINNEN DE VERENIGING VERBETERD

26%

ZEER ONWAARSCHIJNLIJK

46%

24%

30%

30%

16%

2% 4% 2%

1% 17% 4% 23%

MOGELIJK WAARSCHIJNLIJK ZEER WAARSCHIJNLIJK WEET NIET/NVT

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

PAG 25

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

SAMENVATTING: GEVOLGEN VAN DE CORONA-PANDEMIE (1/3) De verenigingen en stichtingen voor kunstbeoefening zijn in 2020 geconfronteerd met de corona-pandemie. Deze tweede editie van de VerenigingsMonitor stond mede in het teken van de invloed van deze pandemie en brengt een aantal belangrijke gevolgen in kaart voor de verenigingen. Aanbod grotendeels tot stilstand Het artistiek aanbod van de verenigingen kwam in maart 2020 voor een groot deel tot stilstand. Bijna alle verenigingen (92%) organiseerden daarna geen optredens, voorstellingen of exposities meer. Ruim de helft van de verenigingen die voorafgaand aan het uitbreken van de pandemie repetities en lessen aanboden stopte daar ook mee. Van de verenigingen die wel bleven repeteren of lessen bleven verzorgen hebben veel dat gedaan op een alternatieve (bijv. online) manier. Ook met het organiseren van aanvullend aanbod werd de meerderheid minder actief. Dalend ledental Tijdens de corona-pandemie daalde bij 36% van de verenigingen het aantal leden. Maar bovenal steeg bij bijna geen enkele vereniging het aantal leden, terwijl in de jaren daarvoor een vijfde van de verenigingen een groei van het ledental kende. De verenigingen zijn ook kleiner geworden. Het gemiddeld aantal vaste leden daalde van 41 in 2018 naar 36 in 2021, een daling van 12%.

Het aandeel kleine verengingen (minder dan 30 leden) nam zodoende toe met 9 procentpunten van 42% naar 51%. Financiële schade 19 miljoen De helft van de verenigingen leed in 2020 gemiddeld € 3.446,- schade door de corona-pandemie. Dat kwam mede doordat inkomsten, met name omzet uit optredens, voorstellingen of exposities, wegvielen. En tegelijkertijd betaalde een grote meerderheid (85%) van de verenigingen

die werken met artistiek begeleiders of docenten hun begeleiders en docenten (deels) door. Op basis van de ruim 11.000 bij de Kamer van Koophandel ingeschreven verenigingen voor kunstbeoefening komt dit neer op een totaal schadebedrag van ongeveer 19 miljoen euro. Toekomst onduidelijk De gevolgen van de corona-pandemie op de langere termijn voor de organisatiekracht, het artistiek aanbod en de maatschappelijke oriëntatie valt nog niet te zeggen. De VerenigingsMonitor beschrijft deze onderwerpen op basis van de afgelopen drie jaar, waardoor de directe invloed van de pandemie enigszins wegvalt in deze indexen. Het is wel duidelijk dat de corona-pandemie het ledenbestand, de financiën, de zichtbaarheid, het artistiek en aanvullend aanbod in 2020-2021 heeft beïnvloed, waardoor op termijn de organisatiekracht van verenigingen kan verzwakken. Verenigingen opgeheven Het aandeel kwetsbare (13%) en weinig krachtige verenigingen (34%) is weliswaar ongeveer gelijk gebleven aan 2018, maar de VerenigingsMonitor brengt alleen verenigingen in beeld die momenteel bestaan en niet de verenigingen die in de afgelopen drie jaar zijn verdwenen.

Enkele bestuursleden van inmiddels opgeheven verenigingen die in 2020 nog stonden ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en waren uitgenodigd deel te nemen aan de VerenigingsMonitor 2021, lieten ons weten dat ze niet meer bestaan en daardoor niet konden meedoen aan het onderzoek. In sommige gevallen was corona het laatste zetje tot opheffing geweest. Dat zou kunnen betekenen dat de organisatiekracht van de nu actieve verenigingen in de praktijk is verzwakt, omdat een deel van de verenigingen die kwetsbaar of weinig krachtig ‘scoorden’ in de VerenigingsMonitor 2018 inmiddels zijn opgeheven.

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

PAG 26

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

SAMENVATTING: GEVOLGEN VAN DE CORONA-PANDEMIE (2/3) Kwetsbare verenigingen somber over toekomst Uit de VerenigingsMonitor 2021 blijkt in ieder geval duidelijk dat kwetsbare verenigingen meer last hebben van de corona-pandemie en somberder zijn over hun toekomst dan meer krachtige verenigingen. Hoe minder organisatiekracht, hoe vaker verenigingen zijn geconfronteerd met een ledendaling tijdens de corona-pandemie en hoe kleiner het aantal leden. Voor alle verenigingen is ledenbehoud en -werving een van de belangrijkste knelpunten tijdens de corona-pandemie, maar bij kwetsbare en weinig krachtige verenigingen ligt dit aandeel met 60% hoger dan bij krachtige (52%) en zeer krachtige verenigingen (43%). Zij geven vaker aan dat het bij dit knelpunt vooral om het probleem vergrijzing gaat.

OVER EEN JAAR ZIJN WE VEEL KLEINER

10%

3% 7%

14%

14%

13%

Financiën en zichtbaarheid zijn voor de kwetsbare verenigingen veel minder belangrijke knelpunten dan voor (zeer) krachtige verenigingen, mogelijk omdat lijfsbehoud nu prioriteit heeft. Ook uit de toekomstverwachtingen blijkt dat kwetsbare verenigingen veel vaker in de overlevingsstand staan. Het aandeel verenigingen dat het (zeer) waarschijnlijk acht dat ze over een jaar veel kleiner zijn ligt bij kwetsbare verenigingen met 27% aanzienlijk hoger dan bij zeer krachtige verenigingen (5%). 8% van de kwetsbare verenigingen gaat er van uit dat ze over een jaar niet meer bestaan. Gezien de knelpunten en de eigen toekomstverwachting, bestaat er het reële gevaar dat een deel van de weinig krachtige en kwetsbare verenigingen in de komende periode zullen stoppen. Zeker wanneer de corona-pandemie blijft aanhouden. OVER EEN JAAR BESTAAN WE NIET MEER

3% 5% 11%

1%1% 4% 30%

10% 5% 3%

1%4% 2%

24%

WEINIG KRACHTIG

WAARSCHIJNLIJK

78%

29%

26%

ZEER KRACHTIG

KWETSBAAR

39%

55%

15% KRACHTIG

ONWAARSCHIJNLIJK ZEER ONWAARSCHIJNLIJK

29%

KWETSBAAR

ZEER WAARSCHIJNLIJK

MOGELIJK

24%

9%

19%

32%

35%

34%

5%

NVT/WEET IK NIET

33%

43%

24%

2%2%

22%

32%

38%

1%2% 10%

WEINIG KRACHTIG

KRACHTIG

ZEER KRACHTIG

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

SAMENVATTING: GEVOLGEN VAN DE CORONA-PANDEMIE (3/3) Belang ondersteuning voor versterken verenigingen Het is dus belangrijk voor deze verenigingen, en voor de gemeenten, koepelorganisaties en steunfuncties die hen ondersteunen, om de organisatiekracht te verbeteren dan wel te herstellen. Voor de al krachtigere verenigingen is het belangrijk hun organisatiekracht op peil te houden. De belangrijkste knelpunten waaraan de verenigingen kunnen werken, en waarbij overheden en ondersteunende instellingen kunnen helpen, zijn ledenwerving en -behoud, zichtbaarheid en publieksbereik (public relations), locatie(s) om te repeteren, oefenen, op te treden en financiën. Door de organisatiekracht te verbeteren en te onderhouden kunnen verenigingen de gevolgen van de corona-pandemie hopelijk te boven komen en zo een belangrijke artistieke en maatschappelijke rol blijven vervullen voor de huidige en vele potentiële leden in de toekomst.

PAG 27 VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

PAG 28

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

ONDERZOEKSOPZET EN VERANTWOORDING (1/4) Dit rapport bevat resultaten van de enquête die we in januari, februari en maart 2021 hielden onder vrijwillige bestuursleden van verenigingen en stichtingen voor kunstbeoefening in Nederland. Overal in deze publicatie waar we het woord ‘verenigingen’ gebruiken, bedoelen we verenigingen én stichtingen voor actieve kunstbeoefening. In dit hoofdstuk leggen we uit hoe we het onderzoek hebben uitgevoerd. Vragenlijst We hebben de vragenlijst van deze tweede editie van de VerenigingsMonitor grotendeels gelijk gehouden aan de vragenlijst van de eerste editie uit 2018, zodat het mogelijk werd om vergelijkingen te maken en trends te beschrijven. De vragenlijst bevat voornamelijk gesloten vragen. Deze zijn geordend aan de hand van drie hoofdonderwerpen: organisatiekracht, artistiek aanbod en maatschappelijke oriëntatie. Op een aantal onderwerpen hebben we nog aanvullende vragen gesteld over de invloed van de corona-pandemie. Koornetwerk Nederland, de Koninklijke Nederlandse Muziek Organisatie (KNMO) en Danslink hebben kritisch meegelezen met de vragenlijst. Doelgroep en steekproef De vragenlijst is uitgezet onder vrijwillige bestuursleden van verenigingen of stichtingen die mensen laten samenkomen om in hun vrije tijd kunstzinnig, creatief of muzikaal actief te zijn.

Het gaat hierbij om het ‘zelf maken’ van kunst (dus zelf musiceren, toneel spelen, schilderen, schrijven, etc.). Het onderzoek richt zich niet op verenigingen waarin kunst uitsluitend ‘ervaren’ en/of besproken wordt, zoals leesclubs. Het richt zich ook niet op erfgoed- of gezelligheidsverenigingen, zoals de historische kring of de carnavalsvereniging. En evenmin op informele groepen zonder rechtsvorm. We hebben bestuursleden via twee kanalen uitgenodigd om aan het onderzoek deel te nemen: via een directe uitnodiging per brief en een

open online oproep. De dataverzameling werd uitgevoerd door DataIM en MailStreet. De uitnodigingen per brief hebben we verstuurd aan een steekproef uit het register van de Kamer van Koophandel. Het gaat om een registerbestand van verenigingen en stichtingen die in 2020 stonden ingeschreven onder de SBI-codes 90011 (beoefening van podiumkunst), 9003 (schrijven en overige scheppende kunsten) en 94992 (hobbyclubs). Dit bestand bevat bijna 27.000 inschrijvingen, waarvan niet alle tot de doelgroep van dit onderzoek behoren. Nadat we deze uit het bestand hadden verwijderd, hielden we ruim 11.000 verenigingen en stichtingen over. Deze verenigingen hebben we geordend naar provincie en kunstvorm (voor zover we dat konden achterhalen). Op basis van deze schattingen van de verdeling van de verenigingen over kunstvormen en provincies hebben we een steekproef van 4.000 verenigingen getrokken die eenzelfde opbouw heeft. Omdat het KvK-bestand alleen postadressen bevat, hebben we deze 4.000 verenigingen per brief uitgenodigd om de vragenlijst – een bijgeleverde papieren versie of digitaal via de persoonlijke link – in te vullen. We zijn ons ervan bewust dat niet alle verenigingen staan ingeschreven bij de KvK, en dat we die niet via deze manier voor het onderzoek hebben kunnen uitnodigen.

Daarnaast hebben we verenigingen en stichtingen via een open online oproep uitgenodigd om aan het onderzoek deel te nemen. Deze oproep is verspreid via websites, sociale media en nieuwsbrieven van onszelf en partners in het onderzoek. Respons In totaal hebben 3037 verenigingen en stichtingen aan het onderzoek deelgenomen. Daarvan bleken 57 vragenlijsten niet bruikbaar, omdat de respondent niet tot de doelgroep behoorde of omdat er onvoldoende vragen waren beantwoord, waardoor er 2980 bruikbare vragenlijsten overbleven. Voor deze publicatie gebruiken we de 1510 vragenlijsten die zijn verkregen via de steekproef van 4.000 verenigingen.

VOLGENDE PAGINA

ARTISTIEK AANBOD

ORGANISATIEKRACHT

PAG 29

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ONDERZOEKSOPZET EN VERANTWOORDING (2/4) De verenigingen die hebben meegedaan via de open oproep wijken af van het gemiddelde van de steekproef: zij lijken op veel vlakken actiever. De respons die via de gerichte uitnodiging is verkregen vertoont een goede spreiding over de provincies. De spreiding over de kunstvormen wijkt licht af van de spreiding over de kunstvorm in het bestand van de Kamer van Koophandel. Om de niet-representatieve spreiding over de kunstvormen te corrigeren hebben we een weegprocedure toegepast, zodat de

resultaten in deze publicatie voor de spreiding van de kunstvormen een representatief beeld geven. Voor aanvullende analyses per provincie en kunstvorm, die we op maat voor belangstellenden zullen maken, kunnen we de data uit de steekproef voor de betreffende deelpopulatie aanvullen met de data die we verkregen via de open oproep. De respons die we voor deze publicatie hebben gebruikt (N=1510) is als volgt opgebouwd:

STICHTING OF VERENIGING

KUNSTVORM

CREATIEF SCHRIJVEN 0% STICHTING

FOTO/FILM

10% TONEEL

17%

BEELDEND

4% 1% 30%

DANS

90%

5%

43%

VERENIGING MUZIEK - ZANG

MUZIEK - INSTRUMENTAAL

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

PAG 30

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

ONDERZOEKSOPZET EN VERANTWOORDING (3/4) STEDELIJKHEID ONBEKEND

3%

NIET STEDELIJK

14%

ZEER STERK STEDELIJK

13% 25% STERK STEDELIJK

PROVINCIE WEINIG STEDELIJK ONBEKEND FLEVOLAND ZEELAND

NOORD-BRABANT

GRONINGEN

16%

FRIESLAND

3% 5% 7% DRENTHE 1% 4% 1% 18% 8%

UTRECHT

29%

OVERIJSSEL

MATIG STEDELIJK OMVANG GROOT (>60 LEDEN)

16% 51%

6%

13%

GELDERLAND

MIDDELGROOT (30-60 LEDEN)

33%

KLEIN (<30 LEDEN)

12% NOORD-HOLLAND

10%

12%

BESTAANSDUUR KORTER DAN 5 JAAR ZUID-HOLLAND

3%

LIMBURG

21% LANGER DAN 50 JAAR

5-20 JAAR

41% 35%

21-50 JAAR

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

PAG 31

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

VORIGE PAGINA

INDEX

ONDERZOEKSOPZET EN VERANTWOORDING (4/4) Analyse De analyse die we hebben uitgevoerd voor deze publicatie is beschrijvend van aard. Bij de meeste vragen en de indexen vergelijken we met de resultaten van de VerenigingsMonitor 2018. Dat geldt niet voor de vragen die gaan over de invloed en gevolgen van de corona-pandemie. In het geval van verschillen tussen de kunstvormen of omvang van verenigingen of tussen de stedelijkheid van hun gemeente hebben we middels Chi-kwadraattoetsen geanalyseerd of die significant zijn. We vermelden alleen significante verschillen. Wanneer we verschillen tussen kunstvormen analyseerden, hebben we alleen gekeken naar verenigingen voor ‘muziek-instrumentaal’, ‘muziek-zang’, ‘dans’, ‘toneel’ en ‘foto/film’. De respons voor ‘creatief schrijven’ en ‘beeldend’ was te laag om te kunnen vergelijken. In dit onderzoek gaan we uit van een significante uitkomst als de kans op toeval kleiner is dan vijf procent (p< .05). Voor de indexen organisatiekracht, artistiek aanbod en maatschappelijke oriëntatie hanteren we een berekeningswijze die verenigingen in vier categorieën indeelt:

Categorie 1 2 3 4

Benaming

Aantal punten

kwetsbaar/niet maatschappelijk georiënteerd/gering artistiek aanbod maatschappelijk georiënteerd 0-40 weinig krachtig/weinig maatschappelijk georiënteerd/matig artistiek aanbod 41-59 krachtig/maatschappelijk georiënteerd sterk artistiek aanbod georiënteerd 60-79 zeer krachtig/zeer maatschappelijk georiënteerd/zeer sterk artistiek aanbod 80-100

De drie indexen zijn gekoppeld aan vragen (zoals beschreven in de hoofdstukken ‘organisatiekracht’, ‘artistiek aanbod’ en ‘maatschappelijke oriëntatie’). De antwoordcategorieën van die vragen hebben we gekoppeld aan scores. Per index kon een vereniging maximaal 100 punten scoren. Vervolg We herhalen dit onderzoek om de drie jaar, zodat we beter zicht krijgen op ontwikkelingen in deze sector.

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

DANKWOORD We hebben de VerenigingsMonitor 2021 uitgevoerd in samenwerking met provinciale en grootstedelijke steuninstellingen voor cultuureducatie en cultuurparticipatie en met bonden en koepelorganisaties voor amateurkunstverenigingen. Hans Mariën (IVAdata) hielp mee bij het opschonen van het databestand en met het toepassen van de weegprocedure op de data. DataIM en Mailstreet voerden het veldwerk uit. Meer dan 3.000 vrijwillige bestuursleden van verenigingen en stichtingen hebben de moeite genomen om de vragenlijst in te vullen. We willen deze partners en alle verenigingen en stichtingen die hebben deelgenomen aan het onderzoek heel hartelijk bedanken. Arno Neele, Zoë Zernitz en Piet Roorda LKCA

PAG 32 VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

ORGANISATIEKRACHT

ARTISTIEK AANBOD

MAATSCHAPPELIJKE ORIËNTATIE

COLOFON Verenigingen voor kunstbeoefening in cijfers. VerenigingsMonitor 2021 Heb je vragen of opmerkingen? Wil je in gesprek over de resultaten van de VerenigingsMonitor? Wil je een presentatie van de resultaten in jouw organisatie of netwerk? Neem gerust contact op met Piet Roorda (PietRoorda@lkca.nl). Auteurs Arno Neele – ArnoNeele@lkca.nl Zoë Zernitz – ZoeZernitz@lkca.nl Illustratie omslag Paloina, Amsterdam Vormgeving Taluut Uitgever Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) Lange Viestraat 365 Postbus 452 3500 AL Utrecht 030 711 51 00 info@lkca.nl www.lkca.nl LKCA wil ervoor zorgen dat iedereen goede cultuureducatie krijgt (op school én in de vrije tijd) en dat iedereen kan meedoen aan culturele activiteiten. © LKCA Utrecht, september 2021

PAG 33 VORIGE PAGINA

INDEX

VOLGENDE PAGINA

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=8d17dd95-120a-447a-ade2-776fe5543e90