CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2A Toelichting - bijlage 26 Toetsingsadvies commissie m.e.r.

Gemeenteraad 12 december 2024, gemeente OssBij agendapunt: A Herstelbesluit vaststelling bestemmingsplan ‘Buitengebied Oss – 2020’2.412 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BESTEMMINGSPLAN Buitengebied Oss - 2020 Bijlagen bij toelichting

Bijlage 26 - toetsingsadvies commissie m.e.r.

Gemeente Oss | Raadhuislaan 2 | 5341 GM | Oss | T: 14 0412 | F: 0412 642605 | www.oss.nl |

Bestemmingsplan Buitengebied Oss - 2019 Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 17 januari 2019 / projectnummer: 3339

1.

Advies in het kort De gemeente Oss wil een nieuw bestemmingsplan vaststellen voor haar buitengebied. Voordat de gemeenteraad besluit over het bestemmingsplan zijn de milieugevolgen onderzocht in een milieueffectrapport. De gemeenteraad heeft de Commissie m.e.r.1 gevraagd te beoordelen of het rapport juist en volledig is.

Wat laat het MER zien? Het MER laat de effecten zien van de mogelijke uitbreidingen van veehouderijen met voorzieningen als kassen, recreatie en kleine windmolens. Hierbij is inzichtelijk gemaakt wat de effecten zijn ‘met’ en ‘zonder’ omschakeling naar veetypen met de hoogste uitstoot. Hieruit blijkt dat het plan kan leiden tot meer stikstof in natuurgebieden zoals de Rijntakken. De uitstoot van fijn stof en geur scoren ‘--’ bij maximale invulling van het plan. Ook de gezondheidseffecten van de mogelijke uitbreidingen scoren ‘-- '. Om deze effecten te voorkomen zijn in het MER maatregelen onderzocht zoals de toepassing van schonere stalsystemen. Om dit te borgen kunnen in het plan voorwaardelijke bepalingen worden opgenomen. Ook zijn er negatieve effecten te verwachten op landschap en cultuurhistorie door de plaatsing van kleine windmolens en kassen. De effecten op thema’s zoals archeologie en water zijn neutraal of licht negatief. Het MER gaat niet in op de effecten van de energietransitie omdat het bestemmingsplan grootschalige zonneweides en windparken niet mogelijk maakt.

Figuur 1 – landschapstypen in de gemeente Oss (MER).

Het advies in het kort Het MER is duidelijk opgezet en voorzien van verhelderend beeld- en kaartmateriaal. De scenario’s zijn helder beschreven en geven een goed inzicht in de effecten van het plan. Dit maakt het rapport goed toegankelijk. De mogelijke effecten op gezondheid zijn eveneens

1

De samenstelling en werkwijze van de werkgroep van de Commissie m.e.r. en verdere projectgegevens staan in bijlage van dit advies. U vindt de projectstukken die bij het advies zijn gebruikt, via de link 3339 of door dit nummer op www.commissiemer.nl in te vullen in het zoekvak.

-1-

voldoende omschreven. Hierbij heeft de Commissie nog enkele aanbevelingen om de navolgbaarheid van de informatie te verbeteren en om maatregelen die in het MER onderzocht zijn in het plan op te nemen. In het MER ontbreekt echter nog informatie die van belang is om het milieubelang volwaardig mee te kunnen nemen: •

Inzicht in hoeverre uitbreiding naar 1,5 hectare die het bestemmingsplan mogelijk maakt daadwerkelijk haalbaar is per veehouderij, binnen de gestelde stikstofregels van het bestemmingsplan.

•

Inzicht in mogelijk nadelige effecten van kleine windmolens op vleermuizen en andere beschermde soorten en, indien daar sprake van is, het aangeven van maatregelen om deze effecten te verzachten.

•

Informatie over de mogelijke maatregelen om negatieve landschapseffecten in de open komgebieden zoals de Lithse Polder te voorkomen, dit is niet in lijn met het eigen landschapsbeleid van de gemeente.

Achtergrond De gemeente Oss wil een nieuw bestemmingsplan vaststellen voor haar buitengebied. Ze wil de drie bestaande plannen buitengebied van Lith, Oss en Maasdonk harmoniseren en actualiseren. Per landschapstype zoals uiterwaarde of komgebied, verschilt het beoogde karakter (zie figuur 1). Daarbij wordt rekening gehouden met onder andere de gewijzigd regels voor veehouderij vanuit de provincie Noord-Brabant. Daarnaast zijn er enkele concrete initiatieven die ook in dit bestemmingsplan ‘meeliften’. De bedoeling van het plan is om procedures eenvoudig te houden en innovaties mogelijk te maken. Waarom een advies van de Commissie? De onafhankelijke Commissie m.e.r. is bij wet ingesteld en adviseert over de inhoud en de kwaliteit van het MER. Zij stelt voor ieder project een werkgroep samen van onafhankelijke deskundigen. De Commissie schrijft geen milieueffectrapporten, dat doet de initiatiefnemer. Het bevoegd gezag – in dit geval de gemeenteraad van Oss- besluit over het bestemmingsplan.

2.

Toelichting op het advies In dit hoofdstuk licht de Commissie haar beoordeling toe en geeft zij adviezen voor de op te stellen aanvulling. Deze adviezen zijn opgenomen in een tekstkader. Naar het oordeel van de Commissie is het uitvoeren ervan essentieel om het milieubelang volwaardig mee te wegen bij de besluitvorming.

2.1

Natuur

2.1.1 Uitvoerbaarheid Natura 2000-gebieden in de omgeving van Oss, zoals Rijntakken en de Veluwe, zijn al overbelast door stikstofdepositie. De natuur in deze gebieden gaat achteruit als gevolg van deze hoge belasting. Het bestemmingsplan staat ontwikkeling van veehouderijen toe, door uitbreiding van het bouwvlak tot 1,5 hectare (en in bijzondere gevallen tot 2,5 hectare). In het reële

-2-

scenario2 leidt dit tot onaanvaardbare negatieve gevolgen voor Natura 2000-gebieden. Daarmee is het plan onuitvoerbaar binnen de kaders van de Wet natuurbescherming. Om die reden stelt het bestemminsplan de voorwaarde dat agrarische bedrijven alleen mogen uitbreiden als de stikstofdepositie niet toeneemt (artikel 3.1.2 onder j van de regels) of als een toename van stikstofdepositie is toegestaan op grond van de Wet natuurbescherming (artikel 3.5). De uitvoerbaarheid van de bedrijfsuitbreidingen is echter nog niet aangetoond. Daarvoor is het nodig om te laten zien in hoeverre veehouderijen zonder toename van stikstofemissie of binnen de nog beschikbare depositieruimte kunnen uitbreiden door het toepassen van bewezen staltechnieken (uitvoerbaarheidstoets). De Commissie adviseert om hierbij aan te geven welke maatregelen per bedrijf mogelijk zijn. De Commissie adviseert om in aanvulling op het MER inzichtelijk te maken in hoeverre huidige bedrijven, uitgaande van de maximale mogelijkheden van het bestemmingsplan, ontwikkelruimte hebben door bijvoorbeeld het toepassen van bewezen emissiereducerende technieken en hiermee aan te tonen dat het plan uitvoerbaar is binnen de kaders van de Wet natuurbescherming.

2.1.2 Mitigerende maatregelen soorten Het MER beschrijft de effecten op het Natuurnetwerk Nederland voldoende. De effecten op de in het MER opgesomde soorten worden echter onvoldoende omschreven. Dit geldt in het bijzonder voor de effecten van het verdwijnen van oude stallen en groen om stalmodernisering mogelijk te maken en van het mogelijk maken van kleine windmolens, die (meer dan grote turbines) op de vlieghoogte van vele soorten vogels en vleermuizen draaien. In het MER moet daarom per aanwezige soort(groep) beschreven worden welke ontwikkeling uit het bestemmingsplan kan leiden tot aantasting van beschermde soorten en welke mitigerende maatregelen mogelijk zijn. De Commissie adviseert om in aanvulling op het MER de effecten van het plan op iedere beschermde soort(groep) inzichtelijk te maken en mitigerende maatregelen op te nemen die nodig zijn.

2.2

Landschap In het MER en in het bestemmingsplan spelen vooral de provinciale regels een belangrijke rol. Voor het landschap en de ruimtelijke kwaliteit in het buitengebied van Oss is de Nota Landschapsbeleid (2015) opgesteld door de gemeente. Hierin is duidelijk te zien wat er in de vijf landschappelijke zones te beschermen is en wat er te ontwikkelen is. De Commissie constateert dat deze niet vertaald zijn in concrete maatregelen in het plan. Uit het MER blijkt wel dat het beeldkwaliteitsplan van de voormalige gemeente Lith (april 2013) voor de gehele gemeente Oss zal gelden. Dit beeldkwaliteitsplan bevat volgens de

2

In de reële scenario’s is uitgegaan van opvulling/uitbreiding van een deel van de agrarische bedrijven in het buitengebied tot 1,5 ha (en in bijzondere gevallen tot 2,5 ha). In de maximale scenario’s is uitgegaan van opvulling/uitbreiding van alle agrarische bedrijven, dit zijn de maximale mogelijkheden van het plan.

-3-

Commissie concrete maatregelen en is geschikt om de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied te borgen (mits voor alle landschapstypen uitgewerkt). In het MER wordt verwezen naar het Stimuleringskader buitengebied Oss (2019). Uit een toelichting blijkt dat dit kader nog niet voldoende concrete maatregelen bevat, waardoor de beoogde landschapskwaliteit in het buitengebied mogelijk niet gehaald wordt.

Komgebied De scores voor landschap in het MER zijn licht negatief tot negatief. De Commissie constateert dat vooral in het komgebied, waar openheid gewenst is, deze kwaliteit door het plan mogelijk niet behouden blijft omdat hier verschillende ontwikkelingen toegestaan worden. Elke bouwkundige ingreep hierin heeft een grote ruimtelijke impact. Het Beeldkwaliteitsplan Lith geeft op erfniveau3 de meeste handvatten. Het gaat daarbij niet alleen om het groen maar juist ook om de bebouwing. Zeker in de komgebieden zijn richtlijnen voor bebouwing cruciaal, gezien het weinige groen dat hier geambieerd wordt. Het gaat dan bijvoorbeeld om goot- en dakhoogtes en over de rangschikking van gebouwen.

Windmolens In het MER is geen aandacht besteed aan de energietransitie. Wel wordt in het rapport opgemerkt dat er plannen zijn voor grootschalige energieopwekking in de Lithse polder. De Commissie constateert dat de kleinere windmolens die het plan mogelijk maakt negatieve gevolgen kunnen hebben voor zowel vleermuizen als het open karakter van de komgebieden. De negatieve landschapseffecten worden versterkt als kleinere en grotere windmolens door elkaar gebruikt worden. De Commissie beveelt daarom aan om enkele scenario’s uit te werken voor de grootschalige energieopwekking in de Lithse polder. Op deze manier wordt het voor de gemeenteraad inzichtelijk welke keuzes voorliggen voor klein- en grootschalige energieopwekking en wat de gevolgen hiervan zijn voor natuur, landschap en bijdrage aan de energietransitie. De Commissie adviseert om in aanvulling op het MER de effecten van het plan op landschap niet alleen inzichtelijk te maken, maar ook passende mitigerende maatregelen te onderzoeken om de gewenste kwaliteit van de verschillende landschapstypen te behouden. De Commissie adviseert hierbij speciale aandacht te geven aan de gewenste open kwaliteit van het komgebied.

2.3

Geur en Gezondheid In het MER wordt ruim aandacht besteed aan gezondheid. In het plan worden verschillende maatregelen opgenomen om negatieve gezondheidseffecten te beperken, zoals het verbod op nieuwe gemengde bedrijven met kippen en varkens, of het verbod op onoverdekte buitenuitloop voor pluimvee. De Commissie signaleert dat gezondheid een belangrijk thema is voor het bestemmingsplan buitengebied en dat de gemeente voor maatregelen kiest die op sommige onderdelen verder gaan dan de geldende normen. De Commissie plaatst bij dit thema nog enkele aanbevelingen:

3

In de Nota landschapsbeleid wordt een uitwerking tot op erfniveau veronderstelt, hiervoor zijn het beeldkwaliteitsplan Lith en het stimuleringskader buitengebied Oss voorhanden.

-4-

•

Effecten omschakeling: Het MER geeft aan dat omschakeling naar andere veetypen tot ongewenste negatieve effecten voor milieu (concentratie fijnstof, geurhinder en risico's voor de volksgezondheid) kunnen leiden. Deze effecten kunnen worden beperkt door het veetype op elk agrarisch bouwvlak vast te leggen en omschakeling naar een ander veetype slechts onder voorwaarden toe te staan. Hierdoor wordt een bestemmingsplan gebruikt om zowel groei als gezondheid te onderzoeken en af te wegen. In het ontwerpbestemmingsplan zijn deze maatregelen deels overgenomen4. Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van deze bepaling en een ander veetype worden toestaan5. De milieuhygiënische aanvaardbaarheid moet dan zijn aangetoond en er mag geen onevenredige aantasting plaatsvinden van de woonsituatie. De Commissie constateert dat de afwijkingsbevoegdheid – behoudens het verbod op omschakelen naar nertsen – geen criteria bevat om de milieuhygiënische aanvaardbaarheid te beoordelen. Uit het MER volgt echter dat de scenario's met omschakeling naar een ander veetype tot grotere nadelige gevolgen voor het milieu kunnen leiden. De Commissie beveelt daarom aan om (bijvoorbeeld in beleidsregels) nader uit te werken in welke gevallen gebruik gemaakt kan worden van de afwijkingsbevoegdheid.

•

Minder effectieve geurreductie: Recent is gebleken dat combiwassers een lagere geurreductie hebben dan eerder werd gedacht. De geuremissiefactoren van deze wassers zijn aangepast nadat de berekeningen zijn uitgevoerd. De reductie van de combiwassers kan daarom lager zijn dan in het MER is berekend – waardoor het plan tot meer geurhinder kan leiden. Uit nieuwe geurberekeningen die later zijn toegestuurd aan de Commissie blijkt dat deze wijzigingen niet tot andere conclusies leiden. De Commissie beveelt aan om deze informatie openbaar te maken.

•

Aanpassen score geuroverlast. Bij het scenario ‘Reëel’ vallen meer woningen in de categorie ‘goed’ (tabel 5.19) voor geuroverlast. Toch scoort dit scenario’s een ‘0/-‘. De Commissie beveelt aan om de beoordeling van dit onderdeel aan te passen.

•

Niet overdekte buitenlopen en gezondheid. Het plan verbiedt het houden van pluimvee in een niet-overdekte buitenuitloop, gebaseerd op een onderzoek van de GGD en de HAS van 2016. Recent is de rapportage van het VGO-III onderzoek gepubliceerd. Hieruit blijkt onder andere dat in 2015 en 2016 rond pluimveebedrijven geen verhoogd risico voor longontsteking is gevonden. De Commissie constateert dat de kennis op dit thema momenteel onvoldoende is om te bepalen of en welke maatregelen noodzakelijk of afdoende zijn. Zij beveelt aan om de ontwikkelingen op dit onderzoeksgebied te blijven volgen en waar mogelijk passende maatregelen te nemen.

4

Artikel 3.1.2 onder e en bijlage 7.

5

Artikel 3.5

-5-

BIJLAGE 1: Projectgegevens toetsing Toetsing door de Commissie De Commissie bestaat uit een werkgroep van deskundigen. Deze werkgroep beoordeelt of het MER de benodigde milieu-informatie bevat en of deze juist is. Als er informatie ontbreekt of onjuist is, beoordeelt de Commissie of zij die essentieel vindt. Dat is het geval als aanvullende informatie in haar ogen kan leiden tot andere afwegingen. Dan adviseert de Commissie de ontbrekende of gecorrigeerde informatie alsnog beschikbaar te stellen, voordat het besluit wordt genomen. Om zich goed op de hoogte te stellen van de situatie heeft de werkgroep het gebied bezocht waar milieugevolgen kunnen optreden. Meer informatie over de Commissie en over haar werkwijze vindt u op onze website. Samenstelling van de werkgroep Bij dit project bestaat de werkgroep uit: ing. Jan van der Grift drs. Sjef Jansen Marianne Schuerhoff MSc (secretaris) ir. Harry Webers (voorzitter) drs. Rob van Woerden Besluit waarvoor dit milieueffectrapport is opgesteld Bestemmingsplan Buitengebied Oss – 2019 en een aantal concrete initiatieven. Waarom wordt hiervoor een milieueffectrapport opgesteld? Voor activiteiten die grote milieugevolgen kunnen hebben, kan in Nederland een MER vereist zijn. De bijlagen C en D bij het Besluit milieueffectrapportage geven aan om welke activiteiten het gaat.

Voor deze procedure gaat het in ieder geval om de activiteit C14, D14, “De oprichting, wijziging of uitbreiding van een installatie voor het fokken, mesten of houden van pluimvee of varkens”. Een MER is ook nodig omdat effecten op Natura 2000-gebieden optreden die in een Passende beoordeling moeten worden beschreven. Daarom is een plan-MER opgesteld. Bevoegd gezag besluiten De gemeenteraad van Oss Initiatiefnemer besluiten College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Oss. Heeft de Commissie ook zienswijzen en adviezen bij haar advies betrokken? Het bevoegd gezag heeft de Commissie niet in de gelegenheid gesteld om zienswijzen en adviezen bij haar advies te betrekken. Waar vind ik de stukken die de Commissie heeft beoordeeld? U vindt de projectstukken die bij het advies zijn gebruikt, door op www.commissiemer.nl projectnummer 3339 in te vullen in het zoekvak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=421ed6f3-904b-439c-9fec-32fe4dcecd56