CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 2 overzicht wijzigingen oud en nieuw APV.PDF

Gemeenteraad 15 december 2022, gemeente OssBij agendapunt: A Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening Oss 20194.470 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad

Onderwerp: Wijziging Algemene plaatselijke Verordening Oss 2019

Volgnummer: Dienst/afdeling: VTH

Bijlage 2: overzicht wijzigingen oud en nieuw APV Algemene plaatselijke Verordening Oss 2022 -

Een aantal artikelen is gewijzigd vanwege ontwikkelingen in de rechtspraak, wetswijzigingen en tekstueel/ redactioneel van aard bij honden en bomen. De “Drank- en horecawet” is vervangen door “Alcoholwet”. Nieuw artikel over Lachgas naar aanleiding van een motie van de raad. De artikelen 2:27 en 2:28 over de exploitatievergunning zijn aangepast en aangevuld met twee zaken. Een “waterpijpcafé” of shisha-lounge wordt als openbare inrichting benoemd. Hierdoor is voor de exploitatie van zo’n café altijd een vergunning nodig. Voor de aanvrager is een nieuwe eis toegevoegd: hij mag niet van slecht levensgedrag zijn.

-

Artikel 2:24 Definities Aangepast Alcoholwet.

Bestaande tekst

Nieuwe tekst Artikel 2:24 Definities

Artikel 2:24 Definities 1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoop- en theatervoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening; c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen ; d. het in een inrichting in de zin van de Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties ; f. activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:9 en 2:39; g. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder f. 2.

Onder evenement wordt mede verstaan: a. een herdenkingsplechtigheid;

1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoop- en theatervoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening; c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen ; d. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties ; f. activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:9 en 2:39; g. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder f. 2. Onder evenement wordt mede verstaan: a. een herdenkingsplechtigheid; b. een braderie of rommelmarkt in de buitenlucht; c. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3;

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 1 / 10

b.

een braderie of rommelmarkt in de buitenlucht; c. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3; d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg; e. een straatfeest of buurtbarbecue op één dag (klein evenement). f. Een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of –gala’s

d. e. f.

een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg; een straatfeest of buurtbarbecue op één dag (klein evenement). Een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of –gala’s.

g.

Artikel 2:27 Definitie Hier nemen wij de tekst van de VNG over. In dit onderdeel wordt “waterpijpcafé” toegevoegd. Hierdoor zijn zogenaamde “shisha lounges” altijd openbare inrichting in de zin van de APV en dus vergunningplichtig. Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2:27 Definitie

Artikel 2:27 Definitie

1.

1.

In deze afdeling wordt onder openbare inrichting verstaan een hotel, restaurant, pension, café, waterpijpcafé, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis of elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden bereid of verstrekt.

2.

Een buiten de in het eerste lid bedoelde besloten ruimte liggend deel waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt, waaronder in ieder geval een terras, maakt voor de toepassing van deze afdeling deel uit van die besloten ruimte.

2.

In deze afdeling wordt onder openbare inrichting verstaan een hotel, restaurant, pension, café, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis of elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden bereid of verstrekt. Een buiten de in het eerste lid bedoelde besloten ruimte liggend deel waar staof zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt, waaronder in ieder geval een terras, maakt voor de toepassing van deze afdeling deel uit van die besloten ruimte.

Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting Toegevoegd eis goed levensgedrag Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting

Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 2 / 10

1.

Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. 2. De burgemeester weigert de vergunning indien: a. de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit; b. de aanvrager geen verklaring omtrent gedrag overlegt die uiterlijk drie maanden voor de datum waarop de vergunningaanvraag is ingediend, is afgegeven. 3. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning slechts geheel of gedeeltelijk weigeren indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. 4. In afwijking van het bepaalde in artikel 2:10, lid 5, onder c, beslist de burgemeester in geval van een vergunningaanvraag die ook betrekking heeft op een of meer bij het horecabedrijf behorende terrassen voor zover deze zich op de weg bevinden over de ingebruikneming van die weg ten behoeve van het terras. 5. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in; a. een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit; b. een zorginstelling; c. een museum; of d. een bedrijfskantine of – restaurant.

6. Onder nevenactiviteit als bedoeld in het vijfde lid, onder a, wordt in deze paragraaf verstaan: een aanvullende, aan de hoofdactiviteit ondergeschikte activiteit, die niet meer dan 20% van het netto winkeloppervlak van de inrichting in beslag neemt en in totaal niet meer bedraagt dan 20 vierkante meter. 7. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid.

1. Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. 2. De burgemeester weigert de vergunning als: a. de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit; b. de aanvrager geen verklaring omtrent gedrag overlegt die uiterlijk drie maanden voor de datum waarop de vergunningaanvraag is ingediend, is afgegeven. 3. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning slechts geheel of gedeeltelijk weigeren als naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat: a. de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; of b. de exploitant of de leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag is. 4. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in een: a. winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit; b. zorginstelling; c. museum; of d. bedrijfskantine of -restaurant. 5. De burgemeester verleent op verzoek of ambtshalve vrijstelling van het verbod aan openbare inrichtingen die horecabedrijf zijn als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet, als: a.

zich in de zes maanden voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze bepaling geen incidenten gepaard gaande met geweld, overlast op straat of drugsgebruik en –handel hebben voorgedaan in of bij de inrichting; of b. de inrichting zich nieuw in de gemeente vestigt en er zich geen weigeringsgronden voordoen als bedoeld in artikel 1:8 of 2:28, tweede of derde lid. 6. De vrijstelling wordt ingetrokken wanneer zich een incident heeft voorgedaan als bedoeld in het vijfde lid, onder a. 7. Op de aanvraag om een vergunning of een vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 3 / 10

(positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2:34A Definities Aangepast alcoholwet Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2:34A Definities

Artikel 2:34A Definities

In deze afdeling wordt verstaan onder: - alcoholhoudende drank, - horecabedrijf, - horecalocaliteit, - inrichting, - paracommerciële rechtspersoon, - sterke drank, - slijtersbedrijf en - zwak-alcoholhoudende drank, dat wat daaronder wordt verstaan in de Drank- en Horecawet.

In deze afdeling wordt verstaan onder: - alcoholhoudende drank, - horecabedrijf, - horecalocaliteit, - inrichting, - paracommerciële rechtspersoon, - sterke drank, - slijtersbedrijf en - zwak-alcoholhoudende drank, dat wat daaronder wordt verstaan in de Alcoholwet.

Artikel 2:48 Verboden drankgebruik Aangepast alcoholwet Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2:48 Verboden drankgebruik

Artikel 2:48 Verboden drankgebruik

1.

1.

2.

Het is voor personen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt verboden op een openbare plaats, die deel uitmaakt van een door het college aangewezen gebied, alcoholhoudende drank te gebruiken of aangebroken flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben. Het verbod is niet van toepassing op: a. een terras dat behoort bij een horecabedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Drank- en Horecawet; en b. een andere plaats dan een horecabedrijf als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Drank- en Horecawet.

2.

Het is voor personen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt verboden op een openbare plaats, die deel uitmaakt van een door het college aangewezen gebied, alcoholhoudende drank te gebruiken of aangebroken flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben. Het verbod is niet van toepassing op: a. een terras dat behoort bij een horecabedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet; en b. een andere plaats dan een horecabedrijf als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Alcoholwet.

Nieuw artikel 2:48a Verboden lachgasgebruik Naar aanleiding motie gemeenteraad Toelichting 2:48a Verboden lachgasgebruik APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 4 / 10

Een algemeen, voor de gehele gemeente geldend gebruiksverbod stuit op belangrijke juridische bezwaren en is vanuit oogpunt van proportionaliteit ook niet te verdedigen. Daarmee zou er geen evenredigheid meer zijn tussen middel en doel, en dat zou in strijd met artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom beperkt het verbod in het eerste lid zich tot concrete situaties van oneigenlijk lachgasgebruik, voorbereidingen of het bij zich hebben van hulpmiddelen voor dat gebruik, die gepaard gaan met verstoring van de openbare orde, nadelige beïnvloeding van het woon- of leefklimaat of anderszins hinder tot gevolg hebben. Bij de handhaving moet de gemeente kunnen aantonen dat genoemde situaties de oorzaak zijn van de overlast en dergelijke. Op grond van het tweede lid kan het college openbare plaatsen aanwijzen waar het oneigenlijk lachgasgebruik, voorbereidingen of het bij zich hebben van hulpmiddelen voor dat gebruik op voorhand verboden is, los van de vraag of dat in de concrete situatie tot ordeverstoring en dergelijke leidt. In het aanwijzingsbesluit moet het college motiveren waarom het verbod in dat specifieke gebied geldt (het belang van de openbare orde of bescherming van het woon- of leefklimaat). Uit politierapportages kan bijvoorbeeld blijken dat op bepaalde openbare plaatsen sprake is van aantoonbare en structurele overlast door lachgas.

Het college kan – als dat afdoende lijkt te zijn – in het aanwijzingsbesluit opnemen dat het verbod op bepaalde tijden geldt, bijvoorbeeld tijdens de uitgaansavonden (derde lid). Nieuwe tekst Artikel 2:48a Verboden lachgasgebruik 1. Het is verboden op een openbare plaats lachgas recreatief als roesmiddel te gebruiken, voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen bij zich te hebben, indien dit gepaard gaat met overlast of andere gedragingen die de openbare orde verstoren, het woon- of leefklimaat nadelig beïnvloeden of anderszins hinder veroorzaken. 2. Het is verboden op een openbare plaats die deel uitmaakt van een door het college ter bescherming van de openbare orde of het woon- en leefklimaat aangewezen gebied lachgas recreatief als roesmiddel te gebruiken, voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen bij zich te hebben. 3. Het college kan in het aanwijzingsbesluit het in het tweede lid bedoelde verbod beperken tot bepaalde tijden.

Artikel 2:57 Loslopende honden Nieuwe uitzondering opgenomen bij lid 3

Bestaande tekst Artikel 2:57 Loslopende honden 1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: a. op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats; b. binnen en buiten de bebouwde kom op een openbare plaats indien de hond niet is aangelijnd; 2. Het verbod van het eerste lid onder b, is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen. 3. Het verbod van het eerste lid is niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond:

Nieuwe tekst Artikel 2:57 Loslopende honden 1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: a. op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats; b. binnen en buiten de bebouwde kom op een openbare plaats indien de hond niet is aangelijnd; 2. Het verbod van het eerste lid onder b, is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen. 3. Het verbod van het eerste lid is niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond:

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 5 / 10

a. die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden; of b. die deze hond aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond.

a.

die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden; of b. die deze hond aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond. c. die door een medische verklaring afgegeven door een arts of specialist hiertoe niet in staat is.

Artikel 2:58 Verontreiniging door honden Nieuwe uitzondering opgenomen bij lid 3. Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2:58 Verontreiniging door honden

Artikel 2:58 Verontreiniging door honden

1.

De eigenaar of houder van een hond is verplicht er voor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet: a. Binnen de bebouwde kom op een openbare plaats, met uitzondering van de door het college aangewezen plaatsen; b. Buiten de bebouwde kom op een openbare plaats, met uitzondering van de bermen en de door het college aangewezen plaatsen; c. Op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide; 2. a. Het eerste lid is niet van toepassing als de eigenaar of houder van een hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd. b. De eigenaar of houder van een hond moet een opruimmiddel bij zich hebben. 3. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor de eigenaar of houder van een hond die zich vanwege zijn handicap door een hulphond of geleidehond laat begeleiden.

1.

2.

3.

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

De eigenaar of houder van een hond is verplicht er voor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet: a. Binnen de bebouwde kom op een openbare plaats, met uitzondering van de door het college aangewezen plaatsen; b. Buiten de bebouwde kom op een openbare plaats, met uitzondering van de bermen en de door het college aangewezen plaatsen; c. Op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide; a. Het eerste lid is niet van toepassing als de eigenaar of houder van een hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd. b. De eigenaar of houder van een hond moet een opruimmiddel bij zich hebben. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor de eigenaar of houder van een hond die zich vanwege zijn handicap door een hulphond of geleidehond laat begeleiden, of die door een medische verklaring afgegeven door een arts of specialist hiertoe niet in staat is.

pag. 6 / 10

Artikel 2:60 Houden van hinderlijke of schadelijke dieren Aangepast redactioneel en voeren toegevoegd; ook het voeren kan hinder veroorzaken en is opgenomen. Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2:60 Houden van hinderlijke of schadelijke dieren 1. Het college kan buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer plaatsen aanwijzen waar het ter voorkoming of opheffing van overlast of schade aan de openbare gezondheid verboden is daarbij aangeduide dieren: a. aanwezig te hebben, of b. aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door hen gestelde regels, of c. aanwezig te hebben tot een groter aantal dan in die aanwijzing is aangegeven. 2. Het is verboden op een krachtens het eerste lid aangewezen plaats daarbij aangeduide dieren aanwezig te hebben, dan wel aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door het college gestelde regels, dan wel aanwezig te hebben in een groter aantal dan door het college is aangegeven. 3. Het college kan de rechthebbende op een onroerende zaak gelegen binnen een krachtens het eerste lid aangewezen gedeelte van de gemeente ontheffing verlenen van het in het tweede lid gestelde verbod.

Artikel 2:60 Houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren 1. Het is verboden op door het college ter voorkoming of beëindiging van overlast of schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer bij dat aanwijzingsbesluit aangeduide dieren: a. aanwezig te hebben; b. aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door het college in het aanwijzingsbesluit gestelde regels; c. aanwezig te hebben in een groter aantal dan in het aanwijzingsbesluit is aangegeven; of d. te voeren 2. Het college kan de rechthebbende op een onroerende zaak gelegen binnen een krachtens het eerste lid aangewezen plaats ontheffing verlenen van een of meer verboden als bedoeld in het eerste lid.

Artikel 2:77a Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet Typefout lid 3c is aangepast. Er stond: “c. chinder van bezoekers . . .” Dit moest zijn: “c. hinder van bezoekers . . .” In dit artikel van de APV is een zorgplicht opgenomen voor gebruikers en verhuurders van woningen om geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden te veroorzaken. De burgemeester kan op grond hiervan gedragsaanwijzingen geven aan overlastgevers in zowel huur- als koopwoningen en aan verhuurders. In het model van de VNG is dit artikel 2:79, in de Osse APV is dit artikel 2:77a. Tot 1 januari 2021 was de gedragsaanwijzing aan verhuurders alleen mogelijk als de persoon die overlast gaf niet als ingezetene in de desbetreffende gemeente stond ingeschreven. Met de inwerkingtreding van de Wet toeristische verhuur van woonruimte (Stb. 2020, 460) op 1 januari 2021 is die beperking vervallen. In verband hiermee is dit artikel aangepast. Om woonoverlast beter tegen te gaan, geldt de zorgplicht voortaan in alle gevallen voor verhuurders van woonruimten. Dat betekent dat verhuurders zorgdragen dat de woningen die zij verhuren geen ernstige en herhaaldelijke hinder veroorzaken.

Als de verhuurder zich niet of op een verkeerde manier inzet tegen ernstige en herhaaldelijke hinder, kan de burgemeester direct een verhuurder aanspreken en hoeft de burgemeester daarvoor niet eerst de huurder te hebben aangesproken. Dit is wenselijk wanneer verschillende huurders van dezelfde verhuurder hinder hebben veroorzaakt. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn in panden waar meerdere huurders wonen of waar huurders snel wisselen. De burgemeester kan dan dus – als

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 7 / 10

ultimum remedium – direct aan een verhuurder een last onder bestuursdwang of dwangsom opleggen. Bestaande tekst Artikel 2:77a Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet

Nieuwe tekst Artikel 2:77a Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet

1. Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt, of tegen betaling in gebruik geeft aan een persoon die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen is ingeschreven, draagt er zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt. 2. Als de burgemeester een last onder dwangsom of onder bestuursdwang oplegt naar aanleiding van een schending van deze zorgplicht kan hij daarbij aanwijzingen geven over wat de overtreder dient te doen of na te laten om verdere schending te voorkomen. De burgemeester stelt beleidsregels vast over het gebruik van deze bevoegdheid. 3. De last kan in ieder geval worden opgelegd bij ernstige en herhaaldelijke: a. geluid- of geurhinder; b. hinder van dieren; c. hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in een woning of op een erf aanwezig zijn; d. overlast door vervuiling of verwaarlozing van een woning of een erf; e. intimidatie van derden vanuit een woning of een erf.

1. Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt of tegen betaling in gebruik geeft, draagt er zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt. 2. Als de burgemeester een last onder dwangsom of onder bestuursdwang oplegt naar aanleiding van een schending van deze zorgplicht kan hij daarbij aanwijzingen geven over wat de overtreder dient te doen of na te laten om verdere schending te voorkomen. De burgemeester stelt beleidsregels vast over het gebruik van deze bevoegdheid. 3. De last kan in ieder geval worden opgelegd bij ernstige en herhaaldelijke: a. geluid- of geurhinder; b. hinder van dieren; c. hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in een woning of op een erf aanwezig zijn; d. overlast door vervuiling of verwaarlozing van een woning of een erf; e. intimidatie van derden vanuit een woning of een erf.

Artikel 4:3 Melding incidentele festiviteiten Typefout is aangepast. Na lid 5 stond in plaats van lid 6 een a. Bestaande tekst is ongewijzigd Artikel 4:3 Melding incidentele festiviteiten 1.

2.

Het is de houder van een inrichting, gelegen in het centrum van Oss, toegestaan maximaal 1 incidentele festiviteit per kalenderjaar te houden waarbij de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit niet van toepassing zijn, mits de houder van de inrichting dit ten minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit meldt bij het college. Het is de houder van een inrichting, gelegen buiten het centrum van Oss, toegestaan maximaal 4 incidentele festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit niet van

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 8 / 10

3. 4. 5. 6.

toepassing zijn, mits de houder van de inrichting dit ten minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit meldt bij het college. Het college stelt een formulier vast voor het doen van een melding. De melding wordt geacht te zijn gedaan wanneer het formulier, volledig, tijdig en naar waarheid is ingevuld. De melding wordt tevens geacht te zijn gedaan wanneer het college op verzoek van de houder van een inrichting een incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet te voorzien was, terstond toestaat. De muziek van de festiviteit mag alleen binnen een gebouw ten gehore worden gebracht. Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid blijven ramen en deuren gesloten, behalve voor het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen. Omwonenden moeten tenminste 4 dagen vóór de festiviteit schriftelijk worden geïnformeerd.

Artikel 4:10E Kapverbod overig Toegevoegd nieuw lid 2.f voor het kappen van dode of afgestorven bomen. Artikel 4:10E kapverbod overig 1. Het is verboden, onverminderd het gestelde in artikel 4:10C eerste lid, zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstanden te vellen die: a. eigendom zijn van de gemeente Oss en onderdeel zijn van een houtwal of houtsingel; b. eigendom zijn van de gemeente Oss en op een hoogte van 1,30 meter boven het maaiveld een stamdiameter van meer dan 40 cm hebben; c. zijn aangelegd op basis van een herplant- en instandhoudingsplicht op grond van de artikelen 4:10I en 4:10J van deze verordening. 2. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor: a. houtopstanden die moeten worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of krachtens een aanschrijving van het bevoegd gezag; b. het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het reguliere onderhoud; c. het periodiek scheren, knotten of kandelaberen als noodzakelijke beheermaatregel bij vormbomen ter uitvoering van het reguliere onderhoud; d. het verrichten van snoeiwerkzaamheden aan bomen met achterstallig onderhoud; e. dunning van de houtopstand; 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor houtopstanden als bedoeld in artikel 15 tweede en derde lid Boswet. 4. Het eerste lid is niet van toepassing als de burgemeester toestemming

Artikel 4:10E kapverbod overig 1. Het is verboden, onverminderd het gestelde in artikel 4:10C eerste lid, zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstanden te vellen die: a. eigendom zijn van de gemeente Oss en onderdeel zijn van een houtwal of houtsingel; b. eigendom zijn van de gemeente Oss en op een hoogte van 1,30 meter boven het maaiveld een stamdiameter van meer dan 40 cm hebben; c. zijn aangelegd op basis van een herplant- en instandhoudingsplicht op grond van de artikelen 4:10I en 4:10J van deze verordening. 2. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor: a. houtopstanden die moeten worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of krachtens een aanschrijving van het bevoegd gezag; b. het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het reguliere onderhoud; c. het periodiek scheren, knotten of kandelaberen als noodzakelijke beheermaatregel bij vormbomen ter uitvoering van het reguliere onderhoud; d. het verrichten van snoeiwerkzaamheden aan bomen met achterstallig onderhoud; e. dunning van de houtopstand; f. het kappen van dode of afgestorven bomen. 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor houtopstanden als bedoeld in artikel 15 tweede en derde lid Boswet.

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 9 / 10

verleent voor het vellen in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen.

4.

Het eerste lid is niet van toepassing als de burgemeester toestemming verleent voor het vellen in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van De gemeenteraad voornoemd. De griffier,

De voorzitter,

APV Oss wijzigingen 2022 overzicht

pag. 10 / 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=eb44480b-0339-4c55-a63a-94c25d06f3b8