CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Voorstel Eindevaluatie Proeftuin Ruwaard.PDF

Opiniecommissie Sociaal Bestuurlijk 22 april 2021, gemeente OssBij agendapunt: Proeftuin Ruwaard na 20222.128 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Blom Projectmanagement A.T. (Auke) Blom Van Leeuwenhoeckstraat 3 3514 GW Utrecht 06-83244048 KvK: 64342018 Btw-nummer: NL001671872B59 www.blomprojectmanagement.nl

Offerte en aanpak Eindevaluatie proeftuin Ruwaard December 2020 Opdrachtgever: Proeftuin Ruwaard T.a.v. de heer F. Pijls A. Kluisstraat 2 5427 ZG Boekel Opdrachtnemer Blom Projectmanagement A.T. Blom Van Leeuwenhoeckstraat 3 3514 GW Utrecht 1 Achtergrond In de Ruwaard, een wijk in de gemeente Oss, bedenken wijkbewoners en organisaties samen oplossingen waarin mensen meer voor zichzelf en voor elkaar kunnen gaan doen. Uiteindelijk streven zij naar hun ideale toekomstbeeld: “Ruwaard is een vitale wijk waar wijkbewoners tegen lagere kosten een betere (positieve) gezondheid ervaren.” De vijf strategische doelen zijn: 1. Meer en betere gezamenlijk georganiseerde zorg, welzijn en wonen Zodat de samenwerking soepel verloopt en de wijkbewoner zo snel en goed mogelijk wordt geholpen. 2. Betere gezondheid en ervaren kwaliteit van leven van individuele wijkbewoners Zodat de wijkbewoner zich zo goed en vitaal mogelijk voelt. 3. Meer gezamenlijke betrokkenheid en verantwoordelijkheid van wijkbewoners Zodat de wijkbewoners samen bouwen aan een betere wijk. 4. Lagere maatschappelijke kosten Zodat er ook in de toekomst nog genoeg geld is om te voldoen aan de behoeften van de wijkbewoners. 5. Betere steunende systemen Zodat organisaties zo zijn ingericht dat zij beter kunnen doen wat nodig is. Sinds januari 2018 werken deelnemers in de proeftuin op basis van een gezamenlijk, vast wijkbudget.

Dit vaste budget is voor tenminste 5 jaar toegekend en bestaat uit de (extramurale) Wmo- en welzijnsmiddelen van de betreffende partijen, subsidies vanuit externe bronnen en diverse andere bijdragen vanuit de proeftuinpartijen.

Sinds de start van de Proeftuin is de voortgang op verschillende wijzen gevolgd. Er zijn leersessies geweest op vier niveaus (wijkbewoners, professionals, managers en bestuurders), elk jaar wordt een Leergeschiedenis gemaakt waarin op narratieve wijze de resultaten van de Samenwerkwijze worden beschreven en in 2018 is een rapportage micro-analyses verschenen met het maatschappelijk rendement in 42 casussen die volgens de Samenwerkwijze zijn uitgevoerd. In 2020 is een volgende stap genomen en heeft de proeftuin een financieel innovator aangesteld om inzichtelijk te maken welke kosten er in de proeftuin worden gemaakt en hoe de kosten kunnen worden gemonitord. Dit heeft geleid tot de rapportage Kosten en substitutie Proeftuin Ruwaard. Na dit rapport heeft de financieel innovator met de deelnemende organisaties een Programma van Eisen opgesteld voor een rapport over de baten/opbrengsten van de Proeftuin. Dit rapport wordt eind 2020 opgeleverd. Tijdens dit proces is de financieel innovator gevraagd tevens een voorstel te doen voor de eindevaluatie. De gemaakte afspraken over de gebiedsgerichte financiering lopen eind 2022 af. Er is daarom behoefte aan een onafhankelijke en brede evaluatie van de Proeftuin. De volgende vragen moeten daarin worden beantwoord: 1. • • •

Is de proeftuin succesvol? In hoeverre behaalt de Proeftuin de beoogde (vijf) doelen? Levert de Proeftuin een beter alternatief op voor burgers, de wijk en de organisaties? Leidt de Proeftuin tot lagere kosten (anders: kunnen meer mensen met hetzelfde budget zorg en ondersteuning krijgen)?

2. • • •

Werkt de Proeftuin zoals beoogd? In hoeverre kloppen de aannames die zijn gedaan over de Proeftuin? In hoeverre wordt er gehandeld volgens de uitgangspunten van de Proeftuin? Is de werkwijze van de Proeftuin geborgd in de deelnemende organisaties?

3. • • •

Waar staan we nu? Wat gaat goed? Welke risico’s zijn er? Wat kan er beter?

Samenhangende trajecten Er starten of lopen reeds enkele trajecten die raakvlakken hebben met de eindevaluatie. Daarom is het wenselijk dat er tussen deze trajecten afstemming plaatsvindt. Waar mogelijk kan de eindevaluatie verrijkt worden met opbrengsten uit een van deze trajecten. Het betreffen: • Herijking en professionalisering van financiële samenwerkingsafspraken (kassierfunctie) • Project ‘Herbronnen’: organisatie zorg en welzijn in de toekomst • Datagericht werken (Nza-traject). Vergelijking opbrengsten niet-Proeftuin Het succes van de Proeftuin kan mede bepaald worden door een vergelijking te maken met de opbrengsten bij een ‘reguliere niet-Proeftuin aanpak’. In paragraaf 3.1 is uitgewerkt op welke wijze deze vergelijking wordt gemaakt. Doel eindevaluatie De uitkomsten voor de evaluatie zijn zowel bedoeld voor het versterken van het gezamenlijk leerproces als voor de besluitvorming over het vervolg van de Proeftuin. Om tijdig een besluit over het vervolg van de proeftuin te kunnen nemen, zal de eindevaluatie in 2021 moeten worden uitgevoerd en uiterlijk in januari 2022 worden opgeleverd.

2 Onderdelen eindevaluatie De eindevaluatie bestaat uit drie onderdelen, die weergegeven zijn in bovengenoemde drie hoofdvragen. 2a Is de proeftuin succesvol? Voor het Rapport Opbrengsten Proeftuin Ruwaard 2020 dat eind 2020 zal worden opgeleverd, zijn vier doelen geformuleerd met bijpassende indicatoren, voortvloeiend uit de bovengenoemde vijf strategische doelen en de KPI’s uit het Wijkkader (zie bijlage 1). Voor enkele indicatoren zijn nog geen data beschikbaar en zal in de eerste fase (zie paragraaf 3) een plan van aanpak/onderzoeksopzet worden gemaakt voor het meten van deze indicatoren. Ook het vijfde doel, beter steunende systemen, zal worden onderzocht. Ook hiervoor wordt in de eerste fase een onderzoeksopzet gemaakt. De eindevaluatie geeft weer in hoeverre de vijf oorspronkelijke doelen behaald zijn. Het beeld zal tevens worden vergeleken met de ‘wijkfoto’ die bij de start van de proeftuin is gemaakt en de mBC uit 2020, zodat de ontwikkeling van de proeftuin kan worden geschetst. Daar waar mogelijk worden de uitkomsten vergeleken met andere wijken in Oss.

2b Werkt de proeftuin zoals beoogd? De Proeftuin kent enkele elementen of uitgangspunten die het fundament vormen: • De wijkbewoner staat centraal • Samenwerking op individuele casussen • Samenwerking op collectieve casuïstiek (vraagstukken die op meerdere wijkbewoners van toepassing is) • Preventief werken • Substitutie waar mogelijk bevorderen • Gebiedsgerichte financiering Onderzocht zal worden in hoeverre deze elementen inmiddels geborgd zijn in de Proeftuin en of ze de effecten opleveren die verwacht zijn. Werkt het in de praktijk zoals bedoeld? Welke effecten treden wel op, welke niet? Als een effect niet of minder optreedt dan verwacht, hoe komt dat? Wat zijn eventuele negatieve effecten daarvan? Dit geeft inzicht in de factoren die essentieel zijn voor het succes van de Proeftuin. 2c Waar staan we nu? Het laatste deel maakt, mede op basis van de uitkomsten bij de eerste twee onderdelen, de balans op: waar staat de Proeftuin nu? Wat zijn de hefbomen die het succes van de Proeftuin bepalen? Wat gaat goed en wat kan beter? In dit onderdeel wordt ook onderzocht in hoeverre de Samenwerkwijze geborgd is in de deelnemende organisaties.

Wat is de invloed van deelname aan de Proeftuin op de organisaties? Leidt het tot veranderingen in de organisatie? En zo ja, wat zijn die veranderingen? En zo nee, wat zijn daar de consequenties van? Welke voor- en nadelen worden ervaren? 3 Uitwerking opdracht De opdracht is in drie fasen gesplitst: 1. Plan van aanpak/onderzoeksopzet voor ophalen informatie (voor 1 maart 2021). 2. Uitvoeren aanvullende onderzoeken en dataverzamelingen (1 maart 2021 – 1 december 2021). 3. Oplevering Eindevaluatie Proeftuin Ruwaard (voor 1 februari 2022). 3.1 1e fase: plan van aanpak voor ophalen informatie De volgende bestaande bronnen worden gebruikt voor het maken van de eindevaluatie:

• • • • • • • •

Micro-analyses Gegevens uit OSS Stat Leergeschiedenis 2017, 2018 en 2019 Maatschappelijke effecten Ons Huis van de Wijk Zelfevaluatie vaststelling subsidie 2019 Rapportage Kosten en substitutie 2018 -2020 Monitoring kosten en substitutie (start eind 2020) Rapport Opbrengsten Proeftuin Ruwaard 2020

Aanvullend zal in deze fase een voorstel worden gedaan voor: • uitbreiding van de micro-analyses: de micro-analyses zijn een waardevol middel om het maatschappelijk rendement van de Samenwerkwijze te meten. In 2018 is een rapport verschenen met 42 casussen. In 2020 is gestart met het onderzoeken van nieuwe casussen. In 2021 krijgt dit een vervolg, zodat de resultaten meegenomen kunnen worden in de eindevaluatie. • structurele cliëntevaluaties: het welbevinden van de burger is een van de belangrijkste indicatoren. In deze fase wordt in overleg met Netwerkteam Smal een voorstel gedaan hoe de cliëntevaluatie in de Proeftuin structureel geborgd kan worden. • onderzoek naar enkele projecten1 die de Samenwerkwijze kenmerken: door projecten te evalueren, ontstaat een diepgaander beeld van de effecten van de Proeftuin. Er zal eerst een selectie van kenmerkende projecten worden gemaakt en vervolgens een onderzoek op maat per project. • de uitwerking van een digitale uitvraag onder wijkbewoners, professionals, aanjagers, managers en bestuurders (inclusief gemeente als deelnemer in de Proeftuin): in deze fase zal de vragenlijst worden ontwikkeld.

• de basis voor focusgroepen met wijkbewoners, professionals, aanjagers, managers en bestuurders (inclusief gemeente als deelnemer in de Proeftuin): de verdiepende focusgroepen met 3 á 4 personen worden gepland als de eerste uitkomsten van de digitale uitvraag bekend zijn, zodat daar op doorgevraagd kan worden. In deze eerste fase zal de basis van de focusgroepen worden uitgewerkt. • de aanpak om een vergelijking te kunnen maken met een ‘reguliere niet-Proeftuin aanpak’. Hierbij wordt in eerste instantie gedacht aan het uitbreiden van de micro-analyses naar casussen met een niet-Proeftuin aanpak, het uitzetten van de enquête onder wijkbewoners, professionals, managers en bestuurders van niet-Proeftuin organisaties en het dataonderzoek dat onderdeel is van het NZa-project Datagericht werken. • consultatie gemeente: Ook de gemeente als opdrachtgever en financier zal worden bevraagd (wethouder, gemeenteraad). Het rapport over de opbrengsten van de Proeftuin dat eind 2020 wordt opgeleverd en het voorstel voor de eindevaluatie zal in deze fase worden voorgelegd aan de gemeenteraad. Deze stap wordt in deze fase gezet, omdat essentieel is dat de gemeenteraad de informatie krijgt die zij nodig heeft om een besluit te kunnen nemen over de toekomst van de Proeftuin. Mogelijk zullen dan nog onderzoeksvragen worden toegevoegd.

Aan het einde van deze fase ligt er een uitgewerkt plan van aanpak voor de eindevaluatie en kan worden gestart met het ophalen en verzamelen van de benodigde informatie.

1

Voorbeelden: Ons Huis van de Wijk en/of de Haard, Van Beschermd wonen naar zelfstandig wonen, Voluit Leven, Buurtsport, Begeleiden naar werk via de Samenwerkwijze.

3.2 2e fase: uitvoeren aanvullende onderzoeken en dataverzamelingen Uiterlijk 1 maart wordt gestart met het verzamelen van de informatie en het uitvoeren van de onderzoeken. Dit bestaat onder andere uit: • Cliëntevaluaties standaard invoeren, zodat welbevinden structureel wordt gemeten (-> besluit in fase 1). • Micro-analyses monitoren. • Afspraken maken met projectgroepen over aan te leveren gegevens en indien nodig koppeling maken met micro-analyses. • Enquêtes uitzetten bij gemeente en deelnemende organisaties. • Interviews houden onder professionals, managers en bestuurders. • Kosten per kwartaal monitoren volgens het NZa-model. • Nieuwe data OSS Stat verwerken. Deze fase loopt van maart tot en met december 2021. 3.3 3e fase: opleveren eindevaluatie De laatste fase bestaat uit het verwerken van alle data tot één samenhangend rapport. Het conceptrapport wordt in Netwerkteam Smal, DB en Steungroep besproken en uiterlijk 31 januari 2022 opgeleverd.

Bijlage 1

Wanneer is de proeftuin succesvol? Individueel welbevinden burger hoger

Doel (SMART)

Indicatoren

Hoe kunnen we dat nu meten?

1.Het welbevinden van de burger gaat omhoog door toepassing van de Samenwerkwijze

2

Collectief welbevinden wijk Ruwaard hoger

1.Meer mensen doen mee 2.Mensen voelen zich veilig(er) in de wijk 3.Overlast buurtbewoners is verminderd 4.Minder armoede (onder kinderen) 5.Minder schuldenproblematiek 6.Meer werkenden

1a.micro-analyses 1a.zelfevaluatie vaststelling subsidie 2019 1b.OSS Stat scores positieve gezondheid, klantervaring Wmo 1c. data organisaties 1,2,3,4,6. OSS Stat: Ontmoeten en meedoen; Veiligheid; Werk, inkomen en onderwijs. 5a en b. data Brabant Wonen

3

Meer integrale zorg en ondersteuning

1.professionals ervaren betere samenwerking 2.er worden integrale oplossingen gevonden

1a.cijfer welbevinden burger voor en na ondersteuning 1b.gem cijfer positieve gezondheid2 1c. geen stijging bezwaar en beroep 1a.gem cijfer meedoen (6 categorieën3) 1b.gemiddelde eenzaamheidscijfer 2.gemiddelde veiligheidscijfer 3.percentage oordeel veel overlast buurtbewoners 4.aandeel huishoudens tot 105% soc. Minimum 5a. huurachterstanden 5b. huisontruimingen 6a.aandeel Bijstandsuitkeringen 1.ervaren effecten samenwerking positief 2.kwalitatieve beschrijving resultaten

4

Lagere maatschappelijke kosten/meer doen voor hetzelfde geld

1.Verschuiving en verlaging kosten cf NZa-model binnen proeftuin 2. Verschuiving kosten buiten de proeftuin 3.Besparing kosten andere domeinen5

1

2

Overzicht doelen en indicatoren

1a.kosten voorzorg, gemeenschapszorg, laagcomplexe zorg, hoogcomplexe zorg. 2a. minder pgb’s 2b. Kosten/productie niet proeftuinorganisaties in de wijk Ruwaard

1a.Onderzoek Radboud Interprofessioneel samenwerken proeftuin4 2a. zelfevaluatie vaststelling subsidie 2019 2b.praktijkvoorbeelden (Leergeschiedenis 2019) 2c.micro-analyses 1a.monitoring kosten (vanaf 2021) 2a, b data gemeente 3a.micro-analyses

lichamelijke functies, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, meedoen, dagelijks functioneren Mate van ervaren steun van anderen/netwerk, sociaal verbonden zijn, weten waar zij terecht kunnen voor info en ondersteuning, zinvolle dingen doen, eenzaamheid. 4 Hierin wordt de opbrengst van de samenwerking geëvalueerd (tabel 14). Dit zou via een medewerkerstevredenheidsonderzoek voor de eindevaluatie herhaald kunnen worden. Ook kunnen managers en bestuurders bevraagd worden voor de Eindevaluatie. 5 O.a. Wlz, Zvw, Participatiewet, uithuisplaatsingen, crisisopnames. 3

2c. WmoKosten/productie buiten Ruwaard 3.besparingen op andere domeinen op microniveau NB: daar waar mogelijk wordt een vergelijking gemaakt tussen de Ruwaard en andere wijken in Oss.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=e933e969-c30c-4eca-9a18-17c054fcf1f2