CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestuurlijke reactie Rekenkameronderzoek Oss def_ toegankelijk

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente OssBij agendapunt: B Rapport Rekenkameronderzoek energietransitie2.541 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestuurlijke reactie Rekenkameronderzoek Oss, Den Bosch, Breda en Tilburg mbt. Energietransitie

Inleiding In opdracht van de Rekenkamers van de gemeenten Breda, ’s-Hertogenbosch, Oss en Tilburg is door Twijnstra Gudde een onderzoek ingesteld met als hoofdvraag: Wat is de voortgang van de energietransitie 1 in de gemeenten Breda, ’s-Hertogenbosch, Oss en Tilburg, welke sturings- en controlemogelijkheden hebben de verschillende gemeenteraden hiervoor ingezet en hoe effectief zijn deze, en wat kan men in dit opzicht van elkaar leren? Dit document bevat de bestuurlijke reactie van de gemeente Oss op de uitkomsten van het onderzoek. We gaan allereerst in op de doelen en de cijfers. Vervolgens komen de acties, conclusies en de aanbevelingen aan bod. Aan het eind gaan we in op de resultaten van Oss in vergelijking met de drie andere steden die in dit onderzoek betrokken waren. Doelen In het algemeen geldt dat de cijfers die in het factsheet onder het kopje overzicht van Doelen worden gebruikt niet dezelfde zijn als we die in Oss gebruiken. In Oss gaan we uit van de cijfers die in RES-verband worden gebruikt. Zie onderstaand vergelijkend overzicht.

Rekenkameronderzoek 0,041 TWh

Osse monitor 0,051 TWh

Pijplijn, elektriciteitsopwekking

0,239 TWh

0,212 TWh / conform begrippenkader RES met realisatiekansen: 0,091 TWh.

Elektriciteitsbesparing

5%

0%

Warmtebesparing

5%

11,3%

Gerealiseerd, elektriciteitsopwekking

Osse bron Grootschalig zonop-dak: SDE++ en SCE2 cijfers juli 2023. Grondgebonden zon: RWZI Onze eigen monitor volgens begrippenkader NP RES. Combinatie van windenergie, zonop-land en grootschalig zonop-dak. RES monitor. De cijfers zijn van 2021 RES monitor. De cijfers zijn van 2021.

Met de monitor van NP RES worden de elektriciteits opwekprojecten in de pijplijn opgedeeld naar de fase waarin ze zich bevinden en wordt een bijbehorend risico ingeschat; hoe verder het project gevorderd is in de procedure, hoe kleiner het risico. En dit geldt temeer wanneer sprake is van transportschaarste, maar wel al de aansluiting op het elektriciteitsnet geregeld hebt. Dat is in Oss het geval voor zonnepark de Mun en het zonneveld op de geluidswal in Wilgendaal, Herpen. Voor energietransitie beperkt zich tot de doelen voor duurzame opwek van elektriciteit, energiebesparing en de warmtetransitie om gelijkschakeling met de RES doelen mogelijk te maken. 2 SCE: Subsidieregeling Coöperatieve Energie-opwekking 1

zonnepark de Mun is ook de vergunning definitief. Dit park kan dus starten met de bouw. Voor het windpark Elzenburg-de Geer geldt dat dit project zowel een vergunning als een aansluiting op het netwerk heeft. In het geval van windpark Elzenburg de Geer is dat we nog wachten op de uitspraak van de Raad van State. Voor de Duurzame Polder geldt dat wel sprake is van een risico als gevolg van netcongestie. Wij zijn afhankelijk van de ontwikkeling van pocket regio Wijchen door Tennet. De ingebruikname van het station dat die pocket voedt, staat momenteel gepland tussen 2029 en 2031. Daarover voeren we al langer gesprekken met de landelijke netbeheerder TenneT die voor dit hoogspanningsstation verantwoordelijk is. Eind oktober/ begin november staat er een bestuurlijk overleg ingepland tussen de betreffende gemeenten aan beide kanten van de Maas, de beide betrokken provincies en TenneT, om bestuurlijk mandaat te krijgen voor het zoekgebied van dit station aan de Gelderse kant van de Maas. Daarnaast zien we dat er ook een verschil is in de cijfers die genoemd staan bij realisatie. Wij hanteren (conform begrippenkader RES), de cijfers van de SDE++ en de SCE. En komen daarmee op een hoger cijfer uit voor wat betreft gerealiseerde grootschalige zon-op-dak-installaties. Bij het onderdeel energiebesparing komen wij zelf ook op hogere cijfers uit.

Wij baseren ons daarbij op de openbare cijfers van de klimaatmonitor. Dit is ook de oproep van VNG en IPO geweest, zodat de cijfers landelijk optelbaar zijn, in plaats van dat we ieder een andere bron en/of andere uitgangspunten hanteren. Deze cijfers lopen helaas wel achter, waardoor we nog niet inzichtelijk hebben hoeveel besparing we in 2022 hebben bereikt. Bovendien wijkt onze eigen monitor van energiebesparing toch iets af, omdat de RES zich beperkt tot de energiebesparing in de gebouwde omgeving en wij breder kijken naar wonen, werken en mobiliteit. Als we kijken naar de warmtetransitie klopt het dat we een versnelling moeten realiseren om in 2030 7.500 woningen aardgasvrij te maken (20% van de bestaande voorraad). Wij conformeren ons daarbij aan de landelijke richtlijn en hebben bestuurlijk geen besluit genomen over het regionale opwekdoel voor warmte. In Oss beginnen we met een participatieaanpak eerst in Schadewijk Noordoost en vervolgens in de kern Herpen. Tegelijkertijd doen we onderzoek naar de warmte alternatieven, zodat we deze straks ook voor de gehele gemeente in beeld hebben. Hoeveel woningen er aardgasvrij zijn kunnen we op dit moment monitoren aan de hand van de afsluitingen van aardgas van individuele woningen.

Ten aanzien van de acties en de risico-inschatting is ons beeld op enkele punten afwijkend; Windpark Elzenburg- de Geer is risico gemiddeld want als de uitspraak van de Raad van State positief uitvalt dan kan het project gerealiseerd worden. Voor dit project is al voorzien in een netwerkaansluiting en de financial close is aan de orde zodra een positieve uitspraak van de Raad van State voorligt. De campagne Oss schakelt door is volop in uitvoering daarom is het risico gemiddeld naar onze inschatting. Conclusies onderschrijven we met uitzondering van de gevolgtrekking dat de informatie die met de raad gedeeld wordt versnipperd is en onvoldoende sturingsmogelijkheden biedt; we informeren de raad intensief en uitgebreid over grootschalige duurzame opwek. De raad is betrokken bij alle stappen van het proces om te komen tot opwekprojecten. Ook ten aanzien van energiebesparing leggen we de behaalde resultaten regelmatig voor en informeren we de raad over de nieuwe uitvoeringsagenda voor 2024-2026. Voor wat betreft warmtetransitie is tot nu toe nog geen informatie over behaalde resultaten met de raad gedeeld. Aanbevelingen De bovengenoemde hoofdvraag is uitgewerkt in een aantal deelvragen die zijn geclusterd per onderzoeksaspect. We gaan in op de aanbevelingen die het rapport ten aanzien van deze deelvragen bevat. 1.

Verzoek de griffie om in de eerste helft van 2024 een bijeenkomst te organiseren over de behoefte aan en de mogelijkheden van informatievoorziening over financiën per project en het detailniveau van planning per project. De informatie over de projecten wordt opgenomen in de programmabegroting. De stand van zaken komt in de programma-evaluatie aan bod. Over de planning van de verschillende projecten

informeren we de raad per project. 2. Beheers het risico van het windproject Duurzame Polder. Als gevolg van afspraken die in de Bestuursovereenkomst zijn vastgelegd worden de risico’s verbonden aan de rol van de gemeente in dit project nauwgezet bewaakt door zowel het overkoepelende projectteam, de portefeuillehouder en de stuurgroep Duurzame Polder. Waar nodig en mogelijk worden de risico’s gemitigeerd. De raad wordt hierover indien zich onvoorziene risico’s voordoen tussentijds geïnformeerd. 3. Geef het college de opdracht om nog dit kalenderjaar met de gemeente ‘s-Hertogenbosch in gesprek te gaan over de verschillende uitgangspunten met betrekking tot de afstandsnorm in het windproject Duurzame Polder. Met de gemeente ’s-Hertogenbosch werken wij doorlopend samen op dit vlak in het projectteam. Dit onderwerp wordt ook regelmatig in de stuurgroep behandeld. Afhankelijk van de uitkomsten van het lopend PlanMER onderzoek worden deze kaders opnieuw in het projectteam en de stuurgroep besproken in het proces om te komen tot een VoorKeursAlternatief. 4. Besluit om te komen tot een versnelling van de warmtetransitie en vraag aan het college om voor de behandeling van de kadernota 2025-2028 op basis van de Transitievisie Warmte 2.0 voorstellen te doen hoe dit gerealiseerd kan worden.

Voor komend jaar staat op grond van de afspraken die voortvloeien uit het Klimaatakkoord een warmteplan op stapel. In dit warmteplan gaan we uitgebreid in op de verdere uitrol van de warmtetransitie in Oss. In dit warmteplan nemen we ook een voorstel op over de verdere opschaling en fasering van de warmtetransitie in de komende periode in Oss. Dit warmteplan wordt ook verwerkt in de Omgevingsvisie die Oss aan het opstellen is. 5. Beoordeel de aangekondigde monitoringssystematiek voor de voortgang in het realiseren van duurzame opwek van elektriciteit, energiebesparing en warmte op de mogelijkheden om u beter en sneller te informeren over de voortgang. Maak afspraken over de wijze waarop en de frequentie waarmee u geïnformeerd wenst te worden. Wij stellen voor vast te houden aan de lijn voor monitoring zoals door NP RES is vastgesteld en verder gebruik te maken van bronnen als de Klimaatmonitor. Over de frequentie van de informatievoorziening kunnen we met de raad nadere afspraken maken. 6. Verzoek het college om voor de kadernota 2025-2028 scherp te maken welke stappen (aanvullend) gezet moeten worden om de doelen voor energiebesparing te halen. In de Uitvoeringsagenda 2024-2026 worden de stappen voor de periode tot en met 2026 geconcretiseerd.

Voor de periode na 2026 zullen deze in het vervolg op de Uitvoeringsagenda 2024-2026 worden uitgewerkt afhankelijk van de resultaten die tot op dat moment geboekt zijn en de mogelijkheden waarover gemeente op het gebied van energiebesparing beschikt. Op het gebied van energiebesparing zijn voor een gemeente de mogelijkheden om de doelen te halen beperkt; we zijn grotendeels afhankelijk van de inwoners en bedrijven om hier voortgang te realiseren. We analyseren wel continu welke mogelijke maatregelen en acties gericht op energiebesparing het meest effect sorteren en passen binnen de Osse realiteit. 7. Geef opdracht aan het college om voor de behandeling van de kadernota 2025-2028 de doelen voor opwek van duurzame elektriciteit voor de periode na 2030 met u te bespreken Op grond van het feit dat instanties als netwerkbeheerders maar ook processen als het opstellen van een Omgevingsvisie al regelmatig de vraag opwerpen wat Oss aan ontwikkelingen op het gebied van de Energietransitie na 2030 verwacht is de ontwikkeling van een Energievisie in gang gezet. In deze Energievisie, die het college in 2024 aan de raad voor gaat leggen, komen onder andere de doelen voor de opwek van duurzame elektriciteit voor de periode 2030 tot 2050 aan de orde. Ook zal in deze Energievisie aandacht besteed worden aan de wijze waarop deze doelen in Oss gerealiseerd kunnen worden.

Benchmark met Den Bosch, Tilburg en Breda De hoofconclusie van het onderzoek is: Er is vooruitgang te zien, maar niet voor alle doelen van de energietransitie en niet in de snelheid die was beoogd. Of alle doelen in 2030 gerealiseerd gaan worden, is daarom niet zeker. De opwek van duurzame energie komt op gang, maar de realisatie gaat nog gepaard met de nodige onzekerheden. Ook moeten pijplijnprojecten nog worden gerealiseerd en restopgaven worden ingevuld/gerealiseerd met concrete projecten om de doelen richting 2030 te halen. Wat betreft energiebesparing ontbreekt het aan de actuele cijfers om als raden de voortgang te kunnen controleren. De warmtetransitie komt moeizaam van de grond, onder andere omdat daarvoor aanzienlijke kosten gemaakt moeten worden door inwoners en bedrijven. De doelen voor het aardgasvrij maken van woningen lijken te hoog gegrepen. Met de huidige beleidskaders en informatievoorziening kunnen de raden hun kaderstellende en controlerende rollen niet goed vervullen Voor alle gemeenten geldt dat de energietransitie, ook wat betreft opwek, na 2030 nog niet klaar is. Alleen in Tilburg zijn de doelen vastgesteld voor de periode tot 2045. In de andere gemeenten wordt al wel verwezen naar de periode na 2030, maar niet systematisch en met de raden wordt hier nog beperkt over gesproken.

Dit is wel van belang, omdat nu al kan en moet worden geanticipeerd op de verdere toekomst. Bijvoorbeeld door de benutting van gebieden voor grootschalige opwek nu niet te baseren op wat nodig is richting 2030, maar op wat nodig is in 2050. Zeker voor de periode na 2030 voorzien wij dat regionale samenwerking in de uitvoering in steeds meer regio’s noodzakelijk zal zijn om de doelen te halen. Oss is zich hier van bewust en momenteel wordt hard gewerkt aan een Energievisie voor de periode 2030-2050. In deze visie worden doelen geformuleerd op het gebied van energietransitie voor deze periode. Binnen de RES NOB wordt ook de discussie opgestart op welke wijze na 2030 de opgave voor deze regio op het gebied van energietransitie ingevuld kan worden en waar hiervoor de noodzaak om intensiever regionaal samen te werken aan de orde is. Als we kijken naar de situatie in Oss zijn, anders dan bij de andere steden in dit onderzoek, binnen de grenzen van de gemeente Oss ook na de realisatie van de voorgenomen projecten in 2030 nog mogelijkheden aanwezig om opgaven in het kader van de energietransitie in te vullen. Energiebesparing Bij alle gemeenten ligt nog een te realiseren restopgave. De invloed die gemeenten kunnen uitoefenen op besparing is indirect en daarmee beperkt. Alleen Tilburg heeft goed zicht op resultaten energiebesparing mbv verbruikscijfers.

Om de voortgang beter te kunnen bewaken ontwikkelen we een monitoringssysteem dat gebaseerd op informatie uit bronnen die zo snel mogelijk beschikbaar zijn. Met behulp van deze informatie kunnen we zo snel mogelijk bijsturen om het maximale effect van onze inzet om energie te besparen te bewerkstelligen. We zien recent dat ook in Oss de energiebesparing substantieel toeneemt als gevolg van de stijgende energiekosten. Of deze besparing structureel is en hierdoor de doelstellingen in 2030 (11% besparing) gerealiseerd worden zal komende tijd blijken. Warmtetransitie De warmtetransitie komt overal moeilijk van de grond. De impact van deze transitie op inwoners en hun woningen is groot. Het vergt veel tijd en inzet om hun medewerking te verkrijgen. De warmtetransitie is een proces van de lange adem. Met de huidige informatievoorziening kunnen de raden niet zien in welke mate het lukt om de vastgestelde doelen te realiseren. Zowel voor wat betreft realiteitswaarde van de doelen als het zicht op de voortgang zijn verbeteringen noodzakelijk. In Oss zijn we sinds de vaststelling van de Transitievisie Warmte eind 2021 intensief bezig om een goede basis te leggen voor de grootschalige uitrol van de warmtetransitie. Hetzelfde zien we in de andere steden. We leren tijdens dit proces van projecten elders in het land.

De wijkgerichte aanpak met intensieve participatie van de inwoners is voor alle betrokkenen een leerproces. We leggen daarom op zorgvuldige wijze een basis voor deze wijkgerichte aanpak. Een aanpak waar voorop

staat dat de bewoners van de wijk intensief betrokken worden om te komen tot een gedragen alternatief voor aardgas. Of we slagen om bij de uitrol van de warmtetransitie voldoende snelheid te ontwikkelen en zo de doelstelling voor 2030 (7.500 woningen aardgasvrij) te realiseren gaat in de komende periode duidelijk worden. Wel zien we dat ook in andere steden het tempo laag ligt en dat men overal zoekt naar de optimale aanpak om succesvol en in hoog tempo te komen tot omschakeling naar andere warmtebronnen als aardgas. We informeren de raad zodra we zicht hebben op het al dan niet tijdig bereiken van de gesteld doelen informeren we de raad. Ten opzichte van steden als Tilburg en Breda hebben we in Oss nog geen infrastructuur (warmtenet) dat een bijdrage kan leveren aan deze transitie. Voor alle gemeenten geldt dat we nog in afwachting zijn van de wetgeving die gemeenten aanwijsbevoegdheid geeft om aan te geven waar en wanneer wijken en kernen aardgasvrij worden (WIGW). Ook de wet waar de rol van gemeenten als regisseur van de warmtetransitie vastgelegd wordt (WCW) zal hieraan bij gaan dragen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=35bfe884-a551-4786-b4b4-11e40ad0a1b1