Beleidsplan nieuwe Wet inburgering vs 091121.DOCX
Tekst van het document
Beleidsplan nieuwe Wet inburgering (Wi2021) november 2021
1
1. Inleiding De gemeente gaat onder de nieuwe Wet inburgering de regie voeren over het hele inburgeringstraject van de inburgeraars. De gemeente wordt in het nieuwe stelsel verantwoordelijk voor: • het afnemen van een brede intake; • het opstellen van het persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP); • het volledige inburgeringsaanbod (waaronder taallessen) voor asielmigranten en een deel van het aanbod voor gezinsmigranten en overige migranten; • het monitoren van de voortgang van de inburgering voor alle inburgeraars; • de maatschappelijke begeleiding van asielmigranten; • het financieel ontzorgen van bijstandsgerechtigde asielmigranten en • meer in het algemeen ook de samenwerking met andere partijen en instellingen. Als gemeenteraad bepaalt u welke maatschappelijke resultaten u wilt behalen met inburgering en welke uitgangspunten leidend zijn. In de vergadering van de opiniecommissie Sociaal Bestuurlijk op 1 juli jl. is dit aan de hand van de opinienota nieuwe Wet inburgering met u besproken. De uitgangspunten van het beleid van de gemeente Oss zijn: De visie van de nieuwe Wet inburgering– “Iedereen doet mee, het liefst via betaald werk en daar moet de inburgering aan bijdragen.” – sluit aan bij het bestaande beleid en de praktijk van de gemeente Oss. Wij geloven in de mogelijkheden van de inburgeraars (nieuwe inwoners van de gemeente Oss) en gaan daar vanuit.
Door te investeren in participatie zorgen we ervoor dat alle inburgeraars snel en volwaardig meedoen in de Nederlandse maatschappij, het liefst via betaald werk. We willen dat onze inburgeraars zoveel mogelijk zelfstandig hun leven kunnen leiden en zo een actieve bijdrage leveren aan de samenleving. Ze leren de taal en worden richting werk geactiveerd. Prioriteit ligt bij het bereiken van sociale en economische zelfredzaamheid. Voor uitkeringsgerechtigde inburgeraars is uitstroom naar een (beroeps)opleiding of duurzame uitstroom naar betaald werk het ultieme doel. In de vergadering van de opiniecommissie Sociaal Bestuurlijk van 1 juli jl. is ingestemd met de visie en zijn de uitgangspunten van beleid op hoofdlijnen onderschreven. Wel zijn de volgende punten ingebracht/vragen gesteld: -
Waarom start de gemeente Oss niet met inburgering op het AZC? Heeft het al meerwaarde om in het AZC inburgering aan te bieden?
-
De fracties zijn akkoord om bij het invullen van financieel ontzorgen uit te gaan van maatwerk De suggestie is gedaan om als maatwerk budgetbeheer in te kunnen zetten. En één fractie vraagt zich af of de gemeente geen probleem krijgt als het financieel ontzorgen niet naar de letter van de wet gaat uitvoeren.
-
Er zijn zorgen geuit over het verschil in dienstverlening voor asielmigranten aan de ene kant en gezins- & overige migranten aan de andere kant. Wat voor ondersteuning willen wij die 2
mensen bieden die volgens de wet minder ondersteuning behoeven te krijgen? -
Kan het college meer duidelijkheid geven over het aanbieden van de Onderwijsroute? Biedt de samenwerking van ROC De Leijgraaf met ROC Koning Willem I geen soelaas?
-
Fracties steunen de structurele subsidie voor Thuis in Oss. Wel wordt ervoor gepleit om Thuis in Oss meer vrij te laten en geen prestatieverplichtingen op te leggen door het aard van het werk dat Thuis in Oss doet (veel op basis van initiatieven/ideeën van onderop en projectmatig, dus geen vast aanbod).
-
Worden de ervaringen van de huidige statushouders meegenomen bij de totstandkoming van het beleid?
-
Welke partij gaat de leerbaarheidstoets afnemen?
-
Eén fractie geeft aan het onderwerp huisvesting te missen.
Al deze onderwerpen komen terug in het vervolg van dit beleidsplan. 2. Doelgroep De nieuwe wet heeft een gemêleerde doelgroep. Iedereen die zich, met een verblijfsvergunning op basis van asiel of verblijf bij partner, vanuit een niet EU-land in Nederland vestigt is inburgeringsplichtig. Het gaat dan om asielmigranten, de na-reizigers van asielmigranten, gezinsvormers en overige migranten zoals imams en priesters. Het inburgeringsaanbod (de dienstverlening) vanuit de gemeente is niet voor elke inburgeringsplichtige hetzelfde. 3. Aantallen Voor de huisvesting van asielmigranten krijgt de gemeente een halfjaarlijkse taakstelling opgelegd vanuit het Rijk. Deze taakstelling is gebaseerd op het aantal asielmigranten dat in de voorliggende periode een verblijfsvergunning heeft ontvangen, de instroom in de afgelopen periode en de te verwachten instroom. De taakstelling betreft alle leeftijden, dus ook kinderen tellen mee. In de afgelopen jaren bewoog de hoogte van de taakstelling zich tussen 62 (2019) en 228 (2016) personen per jaar. In 2021 bedraagt de taakstelling 129 personen. Voor de 1e helft van 2022 is de taakstelling 53. Het Ministerie gaat ervan uit dat 70% hiervan 18+ is. Door de toename van het aantal vluchtelingen onder andere uit Afghanistan zal deze taakstelling naar verwachting naar boven worden bijgesteld.
Wij gaan er vooralsnog vanuit dat het in 2022 voor de nieuwe Wet inburgering zal gaan om tussen de 75 en 80 volwassen asielmigranten en om ongeveer 60 volwassenen gezins- en overige migranten.
3
4. Dienstverlening De taken die voor gemeenten voortvloeien uit de Wet inburgering zijn voor een groot deel -vanuit het oogpunt van rechtszekerheid en uniformiteit- ingekaderd in de wet en de daarop gebaseerde lagere regelgeving. Er blijft echter ook wat ruimte om taken naar eigen inzicht in te vullen, zodat maatwerk mogelijk is en rekening gehouden kan worden met de lokale omstandigheden. Door de jarenlange ervaring binnen team Vergunninghouders (en daarvoor al bij de uitvoering van voorgaande wetten inburgering) en de inzet binnen dit team van ervaringsdeskundigen is al veel kennis aanwezig. In de praktijk zullen we (nog meer) ervaring gaan opdoen met wat het beste werkt voor de inburgeraars. De nieuwe wet kent geen verordening plicht, maar een door de gemeenteraad vastgestelde verordening bevordert dat de gemeenteraad betrokken is bij de invulling van deze beleidsruimte en daarop invloed en controle kan blijven behouden. De verordening van de gemeente Oss zal tegelijkertijd met dit beleidsplan ter besluitvorming worden voorgelegd.
Het inburgeringsaanbod vanuit de gemeente is niet voor elke inburgeringsplichtige hetzelfde. In onderstaand schema is voor de verschillende doelgroepen aangegeven voor welke onderdelen van het aanbod gemeenten verantwoordelijk zijn. Gemeentelijk aanbod Brede intake inclusief leerbaarheidstoets Plan Inburgering en Participatie (PIP) Participatieverklaringstraject (PVT) Module Arbeid en Participatie (MAP) Begeleiding bij inburgering (advies en voortgangsgesprekken) Leerroute (taalaanbod)
Asielmigranten + nareizigers van asielmigranten (in het kader van gezinshereniging) X
Gezinsvormers en overige migranten X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
Maatschappelijke begeleiding
X
Financieel ontzorgen
X
Het grootste verschil is dat de gezinsvormer géén leerroute aangeboden krijgt. Het leren van de taal is voor deze groep een eigen verantwoordelijkheid, zoals in de huidige wet inburgering ook het geval is. De gezinsvormer kan, onder voorwaarden, geld lenen bij DUO om taallessen te volgen. Het hebben van inkomen en woonruimte is een voorwaarde voor het verblijf bij de partner. Financieel ontzorgen is gekoppeld aan de Participatiewet en dus niet van toepassing op gezinsvormers. Ook krijgt de gezinsvormer geen maatschappelijke begeleiding vanuit Vluchtelingenwerk.
4
De gemeente Oss zal bij de brede intake wel bekijken wat voor aanvullende dienstverlening ook voor gezinsvormers gewenst is, bijvoorbeeld trainingen gericht op emancipatie. Ook volgt de gemeente de voortgang van de inburgering van alle gezinsvormers en overige migranten. Hierboven is al naar voren gekomen dat onze visie is dat Iedereen meedoet, het liefst via betaald werk en daar moet de inburgering aan bijdragen. Dat betekent dat wij inburgeraars ook gewoon beschouwen als doelgroep van de Participatiewet. Voor inburgeraars voeren wij dus behalve de nieuwe Wet inburgering ook de Participatiewet uit vanuit de afdeling Werk en inkomen. Dat betekent dat alle Osse dienstverlening voor de doelgroep van de Participatiewet ook voor de inburgeraars wordt ingezet/open staat. De nieuwe Wet inburgering en de Participatiewet wordt integraal uitgevoerd. In déze notitie worden de verschillende onderdelen van het inburgeringsaanbod verder toegelicht en per onderdeel wordt de richting van het beleid en de uitvoering beschreven. 4.1 Brede intake Bij de brede intake wordt vroegtijdig een beeld gevormd van de startpositie en ontwikkelmogelijkheden van de inburgeraars op het gebied van inburgering en participatie.
In de brede intake moet verplicht gevraagd worden naar: leerbaarheid, motivatie/interesses, werknemersvaardigheden, opleiding, mate van zelfredzaamheid, praktische competenties, sociaal netwerk, digitale vaardigheden, fysieke- en mentale gezondheid, werkervaring en/of vrijwilligerswerk en gezinssituatie. Een vast onderdeel van de brede intake is de leerbaarheidstoets. De toets is ontwikkeld door Bureau ICE en inmiddels is landelijk besloten dat de gemeenten ervoor verantwoordelijk worden dat die toets wordt afgenomen, met andere woorden het afnemen van deze toets gaan organiseren1. De uitkomsten van de brede intake inclusief de leerbaarheidstoets bepaalt de leerroute die de inburgeraar gaat volgen. Het beleid van de gemeente Oss Nadat de inburgeraar zich heeft ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP) start de inburgering met de brede intake. We starten niet met de brede intake voor asielgerechtigden in het AZC. De reden hiervoor is dat er een goede en warme overdracht is vanuit het AZC met daarbij een dossier waarin alle relevante zaken staan. De meerwaarde om al eerder contact te hebben met de inburgeraar vervalt daarbij. Natuurlijk kan in bijzondere gevallen wel eerder contact zijn, bijvoorbeeld als iemand lang moet wachten op huisvesting en al zou kunnen starten met een traject in de gemeente.
Tijdens de brede intake worden alle aspecten die voor de inburgering van belang zijn met een tolk besproken om alle belangrijke omstandigheden voor inburgering in beeld te krijgen en het aanbod zo passend mogelijk te maken vanaf de start. We willen dat bijvoorbeeld ook meteen duidelijk
1
In de meicirculaire 2022 wordt bekend gemaakt welk budget de gemeente hiervoor krijgt.
5
wordt wat er extra nodig is om een traject te laten slag (bijvoorbeeld kinderopvang of vergoeding reiskosten). Onder de nieuwe wet zullen zoals gezegd ook alle gezinsvormers een brede intake krijgen en geven wij hen een advies en informatie over de te volgen leerroute. 4.2 Plan Inburgering en Participatie (PIP) Op basis van de informatie die verzameld is bij de brede intake stelt de gemeente binnen 10 weken na inschrijving in de BRP het persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP) vast. Het PIP markeert het beginpunt van de inburgeringstermijn. Dit plan bevat alle afspraken over de wijze waarop de inburgeraar aan zijn of haar inburgeringsplicht moet voldoen. Het PIP is een vertaling van de uitkomsten van de brede intake naar een set van persoonlijke einddoelen voor de inburgeraar. In dit plan is opgenomen: • welke leerroute de inburgeraar gaat volgen; • welke afspraken er zijn gemaakt over de invulling van de andere onderdelen van het inburgeringstraject, zoals het Participatieverklaringstraject (PVT), de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP); • afspraken over begeleiding naar financiële zelfredzaamheid; • de maatschappelijke begeleiding die geboden wordt tijdens het traject; • de randvoorwaarden zoals kinderopvang. Vast staat wat er in het PIP geregeld moet worden. Ook de vorm van het PIP (een beschikking) staat vast.
Bij de PIP-beschikking wordt een activiteitenplan gevoegd dat aangepast en aangevuld kan worden tijdens het inburgeringstraject. In dit activiteitenplan staan de afspraken over werk, vrijwilligerswerk, stage, studie of andere participatie-activiteiten. 4.3 Inburgeringsvoorzieningen Er is ruimte om binnen de gemeente een eigen invulling te geven aan het inburgeringsaanbod. Er zijn enkele wettelijke vereisten ten aanzien van de inhoud en kwaliteit van het inburgeringsaanbod, maar er kan op veel punten zelf beleid ontwikkeld worden en aanvullende eisen gesteld worden aan aanbieders van inburgeringscursussen. Er zijn vier belangrijke uitgangspunten om bij het ontwikkelen van beleid rekening mee te houden: • het inburgeringsaanbod aan de inburgeraar is maatwerk • de leerroute combineert waar mogelijk taal en participatie • de leerroute sluit aan bij de rest van het inburgeringstraject (integraliteit) • inburgeringscursussen zijn van goede kwaliteit 4.3.1 De leerroute Om aan de inburgeringsplicht te voldoen, moeten alle inburgeraars één van de leerroutes succesvol afronden. Een leerroute is een traject waarin inburgeraars de Nederlandse taal leren en Kennis van de Nederlandse maatschappij (KNM) opdoen, passend bij hun capaciteiten, persoonlijke situatie en leerbaarheid. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het aanbieden van een kwalitatief goede leerroute aan asielstatushouders. 6
Gezins- en overige migranten moeten net als nu hun taallessen zelf inkopen. De gemeenten adviseren en informeren de gezins- en overige migranten wel over de inkoop van een leerroute. Sterker nog, in een PIP leggen we ook voor deze inburgeraars vast welke leerroute zij gaan volgen. De gemeente is ook verantwoordelijk voor het monitoren van de voortgang en voor de ondersteuning van gezins- en overige migranten, zodat ook voor deze groep gewaarborgd is dat zij kunnen voldoen aan de afspraken die in het PIP zijn gemaakt. Inburgeraars kunnen via 3 verschillende leerroutes voldoen aan de inburgeringsplicht: de B-1 route, de onderwijsroute en de zelfredzaamheidsroute (Z-route). Iedere leerroute bevat ruimte voor maatwerk. De leerroutes bestaan bij voorkeur uit een taal- en een participatiecomponent. Het combineren van taal en participatie is één van de leidende principes in het nieuwe inburgeringsstelsel. Verplicht is het echter alleen voor de Z-route. De B1-route is voor inburgeraars die binnen 3 jaar taalniveau B1 kunnen behalen. Het leren van de taal wordt gecombineerd met (vrijwilligers-)werk. De Z-route is voor inburgeraars met een lage leerbaarheid. Doel van deze route is zelfredzaamheid. Er wordt ingezet op een combinatie van taalles en participatie. Het vinden van betaald werk is een belangrijk onderdeel van deze route.
De Onderwijsroute is gericht op inburgeraars die een vervolgopleiding vanaf MBO niveau 2 of hoger willen volgen. Het beleid van de gemeente Oss De 11 wethouders van Noordoost-Brabant hebben in het portefeuillehouders overleg arbeidsmarkt van 7 mei 2020 al aangegeven dat zij met een strategische, bekende en vertrouwde partner willen samenwerken in het bijzonder voor de Onderwijs- en de B1-route, namelijk ROC De Leijgraaf. We hebben er in de regio voor gekozen om binnen de Europese aanbestedingsregels het voornemen tot gunnen van de B1-route aan het ROC openbaar te maken en mogelijke aanbieders de kans te geven hierop te reageren. Er heeft geen taalaanbieder op deze aankondiging gereageerd. De Onderwijsroute wordt door ROC De Leijgraaf vooralsnog niet aangeboden. Bijna nergens in het land zijn er op dit moment taalaanbieders die de Onderwijsroute willen uitvoeren. Op landelijk niveau is er nog bestuurlijk overleg gaande over de voorwaarden, kwaliteitseisen en het budget voor de Onderwijsroute. Wij verwachten op basis van onze huidige ervaringen met de inburgeraars overigens dat er in Oss niet veel mensen in aanmerking zullen komen voor de Onderwijsroute. Wat we wel met het ROC hebben afgesproken is het volgende. Voor jongeren tot 30 jaar wordt indien mogelijk de B1-route gecombineerd met een MBO-1 of MBO-2 opleiding.
Hierdoor kan gelijktijdig gewerkt worden aan de inburgering, het leren van een beroep en het halen van een MBO-diploma. Na deze route kan de jongere instromen bij MBO-2/3 of hoger. 7
Inburgeringsplichtigen die makkelijk leren en door zouden kunnen stromen naar MBO-4, HBO of hoger kunnen in de B1-route een hoger niveau Nederlands behalen (B2) en daarna doorstromen naar hoger onderwijs. Voor de inkoop van de Z-route is in de regio besloten om dit lokaal te doen. In Oss gaan wij voor de taallessen van de Z-route ook gebruik gaan maken van de diensten van het ROC. Belangrijke argumenten om ook de taallessen voor de Z-route bij het ROC in te kopen zijn: -
dat inburgeraars indien nodig zo gemakkelijk kunnen wisselen van de B1-route naar de Zroute of andersom (dat kan één keer en moet dan binnen anderhalf jaar plaatsvinden);
-
de goede ervaringen die wij hebben opgedaan in de pilot van A2 naar B1 die wij samen met een aantal andere gemeenten in de regio door het ROC hebben laten uitvoeren en
-
dat het ook praktisch is om met één aanbieder te werken omdat je dan maar met één partij hierover afspraken voor alle inburgeraars hoeft te maken.
Voor het participatiegedeelte van de Z-route geldt dat wij net zoals bij andere bijstandsgerechtigden samen met de inburgeraar bekijken welke participatieonderdelen, werkervaringsplekken en/of re-integratie instrumenten passend zijn. Voor alle leerroutes vinden wij verschillende instroommomenten, niveaus en tijdstippen waarop taalles kan worden gevolgd belangrijk. Ook zullen wij samen met het ROC, de werkgever en de inburgeraar, net als in de pilot van A2 naar B1, overleggen om de inhoud van het onderwijs af te stemmen op de praktijk, dus op de activiteiten die de inburgeraar op het gebied van vrijwilligerswerk en/of werk verricht. 4.3.2. Het Participatieverklaringstraject (PVT) en de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) Het inburgeringsaanbod waarvoor gemeenten verantwoordelijk zijn bestaat behalve uit de leerroute met de module KNM ook uit het PVT en de MAP. Het PVT is bedoeld om inburgeraars kennis te laten maken met de kernwaarden van de Nederlandse samenleving. Denk hierbij aan begrippen als vrijheid, gelijkwaardigheid en participatie. Het doel van de MAP is om inburgeraars kennis te laten maken met, en hen voor te bereiden op, deelname aan de Nederlandse arbeidsmarkt. Het beleid van de gemeente Oss Na een half jaar tot een jaar wordt de inburgeraar uitgenodigd voor deelname aan het participatieverklaringstraject (PVT).
We starten met de kernwaarden en grondwet in Nederland. Met het uitvoeren van de PVT hebben we al vanaf 2016 ervaring opgedaan. Deze ervaringen zijn de basis voor de uitvoering van het PVT vanaf 1 januari 2022. Nadat de gehele PVT doorlopen is sluiten we af met een officiële ondertekening van de participatieverklaring. Hierbij is een vertegenwoordiger vanuit het gemeentebestuur aanwezig. De Module Arbeid en Participatie (MAP) sluit aan op het PVT. Nadat de kernwaarden en grondwet behandeld zijn gaat de gehele groep inburgeraars aan de slag met de MAP.
8
Daarvoor bieden we een algemeen deel dat bestaat uit 5 dagdelen voor deelnemers vanuit de B1route en het dubbele voor deelnemers vanuit de Z-route. Tijdens deze dagdelen is het uitgangspunt de vraag van de inburgeraar: wat wil je, wat kun je en wat heb je nodig? Via diverse thema’s als cultuur, sociaal stelsel, onderwijsstelsel, huidige arbeidsmarkt en beroepenbeeld maakt de inburgeraar een activiteitenplan (hierin staan de concreet te nemen stappen). Deze stappen zullen heel verschillend zijn, van sollicitatietraining tot extra begeleiding bij het vinden van (vrijwilligers)werk, van werken aan de gezondheid tot het vinden van een taalmaatje en van een empowermenttraining tot begeleiding op de werkvloer. De stappen die nodig zijn het vervolg op de MAP en kunnen binnen de gemeente uitgevoerd worden (bijvoorbeeld begeleiding door een werkconsulent, werkervaring bij de Rotonde, de inzet van een accountmanager en/of een jobcoach en/of de inzet van overige re-integratie instrumenten), maar ook bij andere bedrijven en instellingen. 4.3.3. Maatschappelijke begeleiding Net als in het huidige inburgeringsstelsel worden asielmigranten gedurende de eerste fase van de inburgering begeleid en ondersteund door de gemeente waar zij gehuisvest worden.
De maatschappelijke begeleiding is in het nieuwe stelsel gericht op het regelen van praktische zaken, het vergroten van de kennis van de Nederlandse samenleving en het wegwijs maken van asielstatushouders in hun nieuwe woonplaats. Bij het regelen van praktische zaken kan gedacht worden aan hulp bij het aanvragen van een uitkering of het openen van een bankrekening. Het beleid van de gemeente Oss In Oss is Vluchtelingenwerk op dit moment dé organisatie die voor ons de maatschappelijke begeleiding verzorgt. Wij gaan de samenwerking met Vluchtelingenwerk voortzetten. Vluchtelingenwerk heeft voor 1 november jl. in overleg met de ambtelijke organisatie de subsidieaanvraag voor 2022 ingediend. We gaan onder andere concrete afspraken maken over de inhoud, de duur en de resultaten van de maatschappelijke begeleiding. Thuis in Oss richt zich vooral op het faciliteren van ontmoeting en verbinding van nieuwe Ossenaren met mensen die al langer in Oss wonen. Thuis in Oss draagt bij aan een zachte landing van nieuwkomers en het betrekken van de samenleving hierbij. Het biedt een platform voor vrijwilligers om zich in te zetten voor de nieuwe Ossenaren. Wij gaan Thuis in Oss vanaf 2022 voortaan een structurele subsidie geven voor deze activiteiten. 4.3.4.
Financieel ontzorgen en financiële zelfredzaamheid Het Rijk zegt dat inburgeraars door de complexiteit van het Nederlandse financiële systeem een groot risico lopen op het ontwikkelen van schulden en zorgen over hun financiële positie. In het nieuwe inburgeringsstelsel worden bijstandsgerechtigde asielmigranten gedurende de eerste 6 maanden van de inburgering daarom verplicht financieel ontzorgd door de gemeente waar zij gehuisvest worden. Het financieel ontzorgen bestaat uit het vanuit de bijstandsuitkering verrichten van betalingen voor de huur, gas, water en stroom. De zorgverzekering gaat in op het moment dat het recht op bijstand ontstaat. 9
Naast het financieel ontzorgen door het betalen van vaste lasten moet de gemeente de financiële zelfredzaamheid van inburgeraars stimuleren en hier begeleiding bij bieden, zodat zij na de periode van financieel ontzorgen zelfstandig in staat zijn inkomsten en uitgaven in balans te houden. Van ons wordt verwacht dat hierin maatwerk geleverd wordt, en dat de ondersteuning wordt afgestemd op de individuele mogelijkheden en de situatie van de inburgeraar. Het beleid van de gemeente Oss Tijdens de landelijke voorbereiding van de nieuwe wet hebben wij vanuit Oss al aangegeven dat volgens onze ervaringen inburgeraars niet meer betalingsproblemen of schulden hebben dan andere mensen met een laag inkomen. In Oss zorgt Vluchtelingenwerk er nu al voor dat er contracten worden afgesloten met woningbouwverenigingen, elektriciteitsmaatschappijen, zorgverzekeraars e.d. en er zoveel mogelijk betaald wordt via automatische afschrijvingen. Daar zijn wij tevreden mee, want dit loopt nu goed. Volgens de letterlijke tekst van de nieuwe Wet inburgering moet de gemeente deze zaken (huur, gas, water, elektriciteit etc.) nu vooraf gaan inhouden op de uitkering en is het niet meer voldoende zoals wij het nu met Vluchtelingenwerk geregeld hebben. Het Verwey Jonker Instituut heeft een onderzoek gepubliceerd naar de landelijke pilots voor financieel ontzorgen.
Hieruit blijkt dat er behoefte is aan maatwerk. Daarnaast blijkt dat er met name een knelpunt zit in de eerste periode na huisvesting in de gemeente, wanneer de toeslagen nog niet worden uitgekeerd. Zonder toeslagen is de bijstandsuitkering na aftrek van alle wettelijke vaste lasten vaak te laag om van te leven. De VNG en Divosa hebben benadrukt dat we snel op zoek moeten naar oplossingen. Ook moeten we – in het kader van het lerend stelsel – gezamenlijk leren van de lessen uit dergelijke pilots. In het bestuurlijk overleg is afgesproken dat het ministerie van SZW en de VNG de komende tijd op zoek gaan naar praktische oplossingen voor de knelpunten. Wij vinden het ontnemen van eigen verantwoordelijkheid voor betalingen voor alle vergunninghouders geen goed idee en vinden dit ook geen goede voorbereiding op financiële zelfredzaamheid. Ook betekent het veel financiële en administratieve rompslomp voor de gemeente. Wij gaan financieel ontzorgen dus uitvoeren in de geest van de wet. Inhoudingen op de uitkering voor huur, gas, water en elektriciteit doen we alleen als de inburgeraar, Vluchtelingenwerk en de gemeente samen tot de conclusie komen dat dit een goede stap is (als het bijdraagt aan de financiële zelfredzaamheid van de inburgeraars). In alle andere gevallen werken we zoals we nu ook al doen. De inburgeraar is zelf verantwoordelijk voor zijn of haar uitgaven.
Vluchtelingenwerk helpt bij deze verantwoordelijkheid en zorgt voor goede basisafspraken (met bijv. automatische afschrijvingen) en biedt ondersteuning in de zelfredzaamheid. Het gaat dan om cursussen en individuele begeleiding. Mochten er financiële problemen (dreigen) te ontstaan dan gaan we gebruik maken van de dienstverlening die BBOss of Schuldhulpverlening levert. En natuurlijk van alle andere voorzieningen die er in Oss zijn op het gebied van inkomensondersteuning.
10
5. Voortgang van de inburgering Om inburgeraars ook tijdens de inburgering passend te kunnen (blijven) begeleiden en ondersteunen, is het noodzakelijk dat gemeenten een goed beeld hebben van de vorderingen van inburgeraars. Gemeenten zijn daarom ook verantwoordelijk voor het monitoren van de voortgang op basis van de afspraken in het PIP. Hierbij wordt van gemeenten verwacht dat zij het plan aanpassen als dat nodig is, bijvoorbeeld als de inburgeraar meer begeleiding of ondersteuning nodig heeft om binnen de inburgeringstermijn van 3 jaar te voldoen aan de inburgeringsplicht of als leerroute toch niet aansluit bij de capaciteiten van de inburgeraar. Om de vorderingen tijdens het inburgeringstraject te kunnen monitoren wordt van gemeenten verwacht dat zij periodiek contact hebben met inburgeraars. Ook wordt er van gemeenten verwacht dat zij de voortgangsgesprekken gebruiken om inburgeraars te stimuleren om binnen de inburgeringstermijn, maar liefst sneller, te voldoen aan de inburgeringsplicht en hen te informeren over hun rechten en plichten. Het beleid van de gemeente Oss Wij willen minimaal één keer per jaar met iedereen (dus ook met de gezinsvormers) de voortgang van de inburgering bespreken en zoveel vaker als nodig is op basis van vragen en signalen.
Wij houden continu contact over de voortgang van de inburgering van de inburgeraars met de organisaties waar wij mee samenwerken, zoals het ROC, Vluchtelingenwerk, werkgevers en andere partijen. 6. Huisvesting De huisvesting van asielmigranten verloopt op een gestructureerde en gecontroleerde manier. Met de woningbouwcorporaties Brabant Wonen en Mooiland zijn goede samenwerkingsafspraken gemaakt. Op basis van het aantal inwoners per werkgebied is de verdeling Brabant Wonen 2/3 van de taakstelling en Mooiland 1/3. Dit loopt goed. Samen met alle betrokkenen, zoals de corporaties, Vluchtelingenwerk en ONS Welzijn wordt kritisch gekeken naar de woningen die beschikbaar komen. Past het in de omgeving, zijn er niet teveel asielmigranten onlangs gehuisvest, etc. De huisvesting van asielmigranten is maatwerk. 7. Randvoorwaarden 7.1 Kinderopvang Om ervoor te zorgen dat het inburgeringstraject voor ouders met kinderen op een goede manier kan verlopen bieden we voor alle inburgeraars de mogelijkheid om ondersteuning te krijgen bij het aanvragen van kinderopvang. Voor asielmigranten gelden dezelfde regels voor kinderopvang als voor uitkeringsgerechtigden die een re-integratietraject volgen.
11
7.2.Reiskosten Om ervoor te zorgen dat het inburgeringstraject voor inburgeraars die verder dan 5 kilometer van de cursuslocatie wonen op een goede manier kan verlopen bieden we reiskostenvergoeding aan. 8. Informatievoorziening Informatievoorziening gaat over het vastleggen van gegevens die nodig zijn voor de interne werkprocessen en ten behoeve van de samenwerking met andere partijen. Dit betreft in het bijzonder gegevens die nodig zijn voor het monitoren van de voortgang, handhaving (door zowel DUO als de gemeente zelf) en de verplichte aanlevering aan het CBS. Vanuit het Ministerie van SZW is aangegeven dat alles wat vanuit de landelijke overheid en landelijke organisaties zoals DUO of COA nodig is om de wet te kunnen uitvoeren op 1 januari 2022 staat. Het uitgangspunt is dat er tot 1-1-2022 zo min mogelijk ICT-aanpassingen worden gedaan. Het gaat onder andere om het aanpassen van bestaande cliëntvolgsystemen. Daarna zal in 2 fases gewerkt worden aan het verbeteren en professionaliseren ervan2. Wij maken lokaal (of regionaal) natuurlijk ook afspraken met organisaties als het ROC en Vluchtelingenwerk om de voortgang te kunnen monitoren en onze regierol te kunnen waarmaken. 9. Communicatie Voor de in- en externe communicatie rondom de invoering van de nieuwe Wet inburgering wordt in overleg met de afdeling Communicatie een communicatieplan opgesteld. 10.
Financiën Hieronder treft u een overzicht van de budgetten die de gemeente Oss voor de nieuwe Wet inburgering ontvangt vanaf 1 januari 2022. Financiële middelen Integratie-uitkering Inburgering (voor beleid, inkoop en uitvoering) 3 Specifieke uitkering (SPUK) voor inburgeringsvoorzieningen: leerroutes, maatschappelijke begeleiding, PVT, MAP en tolkvoorzieningen
2022 € 351.941
2023 € 355.472
€ 570.4264
p.m.
Het Rijk gaat bij de raming van het budget voor de inburgeringsvoorzieningen uit van de volgende bedragen5 per migrant, maar het bedrag is vrij te besteden over de verschillende voorzieningen.
Voor alle fases zal voor de gemeente een budget beschikbaar komen. Het budget voor de huidige aanpassingen wordt bekend gemaakt in de decembercirculaire van dit jaar. 3 Bron: meicirculaire gemeentefonds 2021. Het hogere bedrag in 2022 en 2023 heeft te maken met de zogenaamde ondertussengroep en compensatie voor het uitstel van de wet. 4 Het budget wordt achteraf bijgesteld op basis van realisatie. 5 Bedragen zijn afgerond. 2
12
Budget
Asielmigranten
Gezins- en overige migranten
Leerroutes
€ 10.200
-
Maatschappelijke Begeleiding/
€ 2.765
-
€ 12.965
€ 600
MAP/PVT/Tolkvoorziening Totaal
• Het verschil in het budget voor asielmigranten en voor gezinsmigranten wordt verklaard door: - leerroutes en maatschappelijke begeleiding zijn alleen voor asielmigranten; - minder uren tolkvoorziening voor gezins-en overige migranten. • De kosten voor leerroutes worden uitgesmeerd over drie jaar. We krijgen vanaf 1 januari 2022 dus een budget voor beleid, inkoop en uitvoering én een budget voor de inburgeringsvoorzieningen (leerroutes, maatschappelijke begeleiding, MAP, PVT en tolkvoorzieningen). Per asielmigrant ontvangen wij van het Rijk € 12.965 voor inburgeringsvoorzieningen. Per gezinsmigrant ontvangen wij € 600. Voor het begeleiden van de leerbaarheidstoets en voor informatievoorziening & ICT krijgen wij ook nog aparte budgetten. Wat de hoogte van deze budgetten voor elke gemeente zijn, is nog niet bekend (zie voetnoot 1 en 3). Deze budgetten zijn voldoende om de wet goed uit te voeren, de keuzes te maken zoals in dit beleidsplan beschreven en de uitvoering van de wet en de effecten van ons beleid goed te kunnen volgen en om indien nodig voorstellen voor te bereiden om zaken bij te stellen. Ook hebben we nog een pot onvoorzien kunnen opnemen. Voor de participatie (vrijwilligerswerk, stages, werkervaringsplaatsen e.d.) van inburgeraars zetten wij net als voor andere uitkeringsgerechtigden het Participatiebudget in dat wij van het Rijk ontvangen.
Ook in dit budget is vooralsnog genoeg ruimte aanwezig. Er zijn dus geen extra financiële middelen (naast de budgetten die wij van het Rijk ontvangen) in de programmabegroting 2022-2025 voor de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering opgenomen.
13