CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

b NL IMRO 0828 BPhrnwrkvidreorvn-ON01

Adviescommissie Ruimte 8 februari 2024, gemeente OssBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan ‘Hoornwerk Vidi Reo Ravenstein - 2023’4.744 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BESTEMMINGPSLAN Hoornwerk Vidi Reo Ravenstein - 2023 Bijlagen bij toelichting

Gemeente Oss | Raadhuislaan 2 | 5341 GM | Oss | T: 14 0412 | F: 0412 642605 | www.oss.nl |

Indexpagina bijlagen bij de toelichting

Bestemmingsplan Hoornwerk Vidi Reo Ravenstein - 2023 Bijlage 1

- Presentatie Gebiedsvisie Hoornwerk Ravenstein dd 2023-10-23

Bijlage 2

- Legenda concept CHW kaart

Bijlage 3

- Eerste reactie RCE geanonimiseerd

Bijlage 4

- Archeologisch onderzoek

Bijlage 5

- Selectiebesluit Proefsleuvenonderzoek De Bleek Ravenstein

Bijlage 6

- Bodemonderzoek

Bijlage 7

- Voorzieningenkaart

Bijlage 8

- Dorpsplan Ravenstein

Bijlage 9

- Digitale watertoets

Bijlage 10

- Explosievenonderzoek

Bijlage 11

- Omgevingsdialoog

Bijlage 12

- Verslagen advisescom omgevingskwaliteit

Bijlage 13a

- Aanleg AERIUS projectberekening

Bijlage 13b

- Gebruik AERIUS projectberekening

Bijlage 13c

- Voortoets stikstofdepositie Vidi Reo, Ravenstein

Bijlage 1

- Presentatie Gebiedsvisie Hoornwerk Ravenstein dd 2023-10-23

OVSL, 23 oktober 2023

inhoudelijk overleg met gemeente

Inrichting Bovenste Hoornwerk Ravenstein

Preadvies RCE Gebiedsvisie ↔ Vidi Reo-studie Hoe verder? Welke scenario’s/strategie? Analyse van de uitgangssituatie Referentiebeelden Randvoorwaarden voor uitwerking Inrichtingsschets (volgt later nog) Discussie

9. Verdere uitwerking 10. Schetsen en schetsontwerp 11. Definiëren bestemmingsvlakken 12. Referentiebeelden

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Onderwerpen

1. Preadvies RCE

- Een nader uitgewerkte stedenbouwkundige visie - Een beeldkwaliteitplan met conceptuele hoofdkeuzes

Twee concrete (tussen-)stappen voordat het bouwplan en inrichtingsplan (en bestemmingsplan) kunnen worden uitgewerkt:

“Zorg voor een heldere conceptuele basisgedachte die als spil alle mogelijke scenario’s en niveaus bindt en samenbrengt en de weg plaveit naar het feitelijk ontwerp. In alles dient het ontwerpconcept robuust en integrerend te zijn, zeker met het oog op krappe budgetten, lange looptijden, schakelmomenten, ontwerpkwaliteit en programmering.“

• Stedenbouwkundige verdieping • Verkeerskundige verdieping • Bouwkundige verdieping

Wat is de feitelijke ruimtelijke betekenis van het hoornwerk (en het halfbastion)?

Vragen en opmerkingen RCE

2. Gebiedsvisie ↔ Vidi Reo-studie

Beide plannen naast elkaar

Openbaar gebouw, gecombineerd met besloten onderdelen) Oud en nieuw worden gecombineerd

Afwisseling openbaar-privé behouden

Per ontwikkeling vestingonderdelen/-lagen versterken

Functies indien nodig herschikken

(Nog) geen onderdeel van architectuurstudie → inrichtingsplan

Dijk met bomenrijen als continue groene lijn met vrij zicht (twee kanten) (Nog) geen onderdeel van architectuurstudie → inrichtingsplan

Groen is vertaald naar boomloze grondwal Achterkanten naar het wal, grotendeels weggewerkt in wal Via het middenterrein en nieuwe brug over de gracht

Strak georganiseerd in de rand van het hoornwerk Reconstructie van een deel van het hoornwerk Rechte lijnen Oude en nieuw tijdslaag gecombineerd Multifunctioneel

Versterken groene karakter (landschapspark met bomen) Achterkanten naar het water Verbindingen met bestaande (wandel-)routes

Missende schakels aanvullen:

Enigszins informeel georganiseerd Losjes, geen complete reconstructie, wel heel en zichtbaar Vloeiende lijnen (landschapsstijl) Meerdere tijdslagen Niet alleen op toerisme gericht

Waar zitten de overeenkomsten en verschillen?

Uitgangspunten Gebiedsvisie d.d. 17 december 2021 - Vidi Reo-studie d.d. 23 maart 2022

Gesloten is geïnterpreteerd als ‘wal’

Parkzone

Benedenbleek (geen onderdeel van fase 1, maar verdient wel aandacht):

Beide studies zijn nog ‘zoekende’ en laten nog (te) veel zaken ‘open’

Onherkenbaarheid (als gebouw)

Doorvertaling naar bouwwijze (natuurinclusief), materialen (waaronder riet)

Begrenzingen moeten helder zijn (= gezamenlijke opgave)

Geen stedelijk weefsel op Hoornwerk, geen verzameling van losse gebouwen, nieuwe Vidi Reo is geen gebouw Vidi Reo onderdeel maken van bijzonder element (wal en vestingbeleving), gebouw en gebiedsinrichting verbinden

Vooruitgeschoven post Open middenterrein (multifunctioneel) Drie dichte zijden en een open ‘keel’ Duidelijke zichtrelatie Buitencontouren redelijk intact Keel is nu niet helder begrensd

Laag, leeg, vlak en open Tussengebied Onduidelijke contouren

Keuzes

Hoornwerk:

Uitgangspunten Gebiedsvisie d.d. 17 december 2021 - Vidi Reo-studie d.d. 23 maart 2022

3. Hoe verder, welke scenario’s/strategie?

‘Onzichtbaarheid’ als strategie of ‘Camouflage’ als strategie, of ‘Tijdelijkheid’ als strategie of ‘Flexibiliteit’ als strategie of …

Goed onderbouwde grenzen aangeven (fasen, onderdelen vesting, onderdelen nieuwe invulling) Bestaande waarden (cultuurhistorie, groen, natuur) Nog niet meegenomen eigenschappen van hoornwerken in bredere zin (zie hierna) Referenties: onder andere het Benedenste Hoornwerk, andere verstingwerken (elders)

Aandachtspunten:

• • • • •

Welke scenario’s moeten we (in het licht van het preadvies nog meer onderzoeken, naast de directe vertaling: dichte zijde = grondwal en de gebouw-mag-geen-gebouw-zijn-strategie (met een onzichtbaar en compact maar ook groot totaal volume tot gevolg):

De centrale vraag daarbij luidt: hoe aan te helen en met welke middelen? Of anders geformuleerd: Is de huidige strategie van het onzichtbaar en compact maken van Vidi Reo de enig juiste strategie?

Doel: aanhelen van de vesting, met behulp van de ontwikkeling van het hoornwerk (Vidi Reo en directe omgeving)

Zijn er meerdere scenario’s naast elkaar te zetten en welke strategie hanteren we?

4. Analyse van de uitgangssituatie

groene zachte vestingranden

voetgangersentree naar de binnenstad

groene, zachte vestingranden

spoordijk

Beelden rondom de vesting

veerhuis met terras(-sen)

bron: Topotijdreis

woonwijk aan de vesting

jachthaven

achterkanten aan de dijk

voederfabriek in de uiterwaarden

Benedenste Hoornwerk

groene achterkanten Doolhof

barak-achtige bouwvorm (Doolhof 15/16)

veerhuis met terras(-sen)

bomenrijen op de dijk

groene gracht met volwassen groen

hoek in gracht met grastaluds en bomen

landschapspark met kleine bouwvolumes

parkeerterrein met meerdere voorzieningen rondom

dichte groene rand langs dijk

Beelden rondom het hoornwerk

1. Water en groen 2. Stedenbouwkundige en ruimtelijke opbouw 3. Verkeerssituatie (infrastructuur, routes)

aan de hand van:

Op het schaalniveau van het Bovenste Hoornwerk en zijn directe omgeving (en voor enkele onderdelen op het schaalniveau van de vesting als geheel),

Kansen- en knelpuntenanalyse

onduidelijke contouren, verstopte oeverlijnen

vestinggracht lijkt hier onderbroken te zijn

onduidelijkheid over de gracht als continue lijn

bron: Topotijdreis

dicht groen ontneemt zicht op vesting

zicht op de vesting onder de bomen door

scherpe, duidelijk herkenbare vestingcontouren, heldere oeverlijnen

onduidelijke gracht rond hoornwerk

spoordijk doorsnijdt vesting

Water en groen, kansen en knelpunten (vesting als geheel)

vestinggracht verstopt achter groen

ruimte loopt weg, gat in de groene omzoming

houtsingel scheidt hoornwerk van vesting

zicht op de vestinggracht onder de bomen door, andersom nauwelijks zicht op het water bron: Topotijdreis

privégroen scheidt punten hoornwerk van terreplein

matige kwaliteit van groen op dijktalud

onduidelijkheid over de gracht als continue lijn

fraaie solitair

Water en groen, kansen en knelpunten (Bovenste Hoornwerk)

kleine paviljoenachtige bebouwing in de rand

veelal achterkanten naar de vestinggracht toe

spoordijk doorsnijdt vesting

bron: Topotijdreis

woonwijken gericht op de vesting(gracht)

ruimte’loopt weg’, gezien de overkant van de gracht

typische situatie van achterkanten aangevuld met meer moderne voorkanten (deels Bossche School)

enorm bouwvolume in de uiterwaarden tegen de historische vesting aan

Stedenbouwkundige en ruimtelijke opbouw, kansen en knelpunten (vesting als geheel)

kleine paviljoenachtige bebouwing in de rand

achterkanten naar de vestinggracht toe

zijkant naar gracht toe

bron: Topotijdreis

woonwijk gericht op de vesting(gracht)

ruimte’loopt weg’, onduidelijke situatie ‘bressen’ in de vesting

deel van hoornwerk zal besloten privé-uitstraling behouden

te hoge groene wand

chaotisch allegaartje van functies en voorzieningen

Stedenbouwkundige en ruimtelijke opbouw, kansen en knelpunten (Bovenste Hoornwerk)

zuidelijke entree naar het centrum

centrum oogt en functioneert als verkeersluw gebied

bron: Topotijdreis

woonwijken hebben een eigen ontsluiting

groot parkeerterrein’ buiten’ het centrum maar ontsloten ‘via’ het centrum

toegangsroute naar Benedenbleek

doorgaande route over de dijk met enkele (auto-)toegangen de stad in

Verkeerssituatie, kansen en knelpunten (vesting als geheel)

wandelroute ‘terug’ maar onduidelijk is waar naar toe: de vesting in of niet?

wandelroute rondom vesting wordt hier onderbroken

wandelroute loopt naar twee kanten weg

parkeerroute naar de Benedenbleek gaat de stad in en weer uit

bron: Topotijdreis

wandelroute alleen buitenom de vesting

parkeerterrein functioneert goed maar oogt als een ‘asfaltkurk’ in de gracht

parkeerroute naar Benedenbleek onduidelijk

Verkeerssituatie, kansen en knelpunten (Bovenste Hoornwerk)

bomen in grastaluds

dichte groene randen

solitaire boom

bomenrijen op de dijk

dichte groene rand langs dijk

voorkanten van huizen naar de gracht gericht

halfopen - halfdicht

achterkanten (groen en bebouwd)

Randen van ruimtes op en rond het hoornwerk

gracht en Benedenbleek lopen in elkaar over

weidse open ruimte van de rivier

voormalige camping-ruimte

smalle ruimte langs Doolhof

open ruimte

Ruimtes op en rond het hoornwerk

meer stenige hoekige randen

‘wollige’ hoge groene randen

lagere ruimtelijke scheiding tussen hoornwerk en Benedenbleek

Zoeken naar begrenzingen en de definiëring van randen

5. Referentiebeelden

Het Benedenste Hoornwerk

Oostelijke helft

Het Benedenste Hoornwerk

Westelijke helft

Follies op de vestingwerken

Fort Vechten (‘tijdelijke barakken’)

Follies en tijdelijke / bijzondere constructies elders

Follies en tijdelijke / bijzondere constructies elders

Follies en tijdelijke / bijzondere constructies elders

Follies en tijdelijke / bijzondere constructies elders

6. Randvoorwaarden voor uitwerking

Groen: • Continue sfeer van ‘zachte vesting’ met volwassen groen waarborgen, kwalitatief groen zoveel mogelijk behouden • ‘Bressen’ dichten • Openingen en doorkijkjes creëren op strategische punten (de vesting laten zien) • Bomen handhaven of aanvullen in of aan de oeverlijnen, met name op plekken waar de ruimte wegloopt • Boomgroepen creëren om stenige randen te verzachten • Heldere afbakening creëren van de ‘keel’ van het hoornwerk, zonder een ruimtelijke barrière te vormen • …

Water: • Zorgen voor een waarneembare continuïteit van de vestinggracht (‘aanhelen’ van de vesting) • Helder onderscheid maken tussen hoofdgracht en watergangen rond hoornwerken, ravelijnen en kasteel • Zorgen voor heldere, strakke oeverlijnen • Op strategische plekken het zicht op het water herstellen • …

Water en groen

Open ruimte, leegte van het terreplein als waarde ‘Landmark’ op de punt?

Ruimtelijke opbouw: • Ruimte rondom gracht op strategische plekken versmallen (tegengaan van weglopende ruimtes, helderder kaderen van de lijn van de gracht) • ‘Bressen’ dichten, bij voorkeur met groene middelen • …

Stedenbouwkundige opbouw: • Zorgvuldig vormgeven achterkanten naar de vestinggracht • Atypische ‘botsingen’ oplossen (blinde zijgevel(-s)) • Hier en daar accenten in de vorm van kleine paviljoens • Op het hoornwerk kiezen voor een eenvoudige bouwvorm, met een terughoudend, tijdelijk en/of deels onzichtbaar karakter (‘camouflage’) • …

Stedenbouwkundige/ruimtelijke opbouw

Route naar parkeerterrein verleggen (niet langer d’r in en d’r weer uit) Talud nieuwe ontsluiting Benedenbleek mag niet concurreren met grondwallen vesting …

•

• • • •

Zorgen voor heldere routes Wandelroutes aanvullen en verbinden Aantal overgangen over het water beperkt houden Deze zorgvuldig vormgeven (geen ‘bruggen’ waar geen bruggen waren, dan eerder plankieren (in plaats van bruggen)) …

Routes:

•

•

•

Infrastructuur:

Verkeerssituatie (infrastructuur, routes)

7. Inrichtingsschets (volgt later nog)

8. Discussie

Punt 1 tot en met 4 worden onderschreven. Punt 5 is aandachtspunt bij uitwerking overige fasen.

1. De nieuwbouw mag gezien worden 2. Geen (botte) bijl in volwassen groenstructuren 3. Randen van het hoornwerk versterken door bestaande elementen te versterken 4. Het hoornwerk is onderdeel van de vesting, maar niet van de binnenstad 5. Opschonen van (de omgeving van) het hoornwerk

(ter discussie! en in willekeurige volgorde)

Enkele stellingen

9. Verdere uitwerking

• •

•

•

•

Afrit van de dijk ‘civieltechnisch’ vormgeven, denk aan zichtlijn de stad in en aan zorgvuldige gekozen positie ‘landingspunt’ (geen aantasting lege, groene terre-plein) Zichtlijnen weer openen, selectief snoeien kan tot kwaliteitsverbetering leiden (ook van het groen zelf) Duidelijke randen van het hoornwerk, duidelijke leegte, markering onderscheid hoornwerk - gracht Extra verbindingen naar dijk en woonwijk, kleine rondjes Grenzen en contouren vastleggen (basis voor fasering)

Andere aandachtspunten:

1. Heldere contouren van vesting en vestingonderdelen, zachte buitenranden met bomen/ boomgroepen 2. De hoornwerkpunt (‘keel’ met kenmerkende knik) ter hoogte van de vestinggracht mag nadrukkelijk(-er) het onderscheid tussen vesting en hoornwerk accentueren 3. De leegte van het hoornwerk als grote waarde. Welke inrichting en welke gebruiksvormen laten die leegte in zijn waarde?

Inhoudelijke speerpunten:

Samenvatting overleg met RCE

• • • • •

• • • • •

•

•

•

•

Afrit van de dijk ‘civieltechnisch’ vormgeven, denk aan zichtlijn de stad in en aan zorgvuldige gekozen positie ‘landingspunt’ (geen aantasting lege groene terreplein) Zichtlijnen weer openen, selectief snoeien kan tot kwaliteitsverbetering leiden (ook van het groen zelf) Duidelijke randen van het hoornwerk, duidelijke leegte, markering onderscheid hoornwerk - gracht Grenzen en contouren vastleggen (ook als basis voor de veschillende fasen) Werk met werk maken, afrit - dijkverzwaring afstemmen? Hoe toont het gebouw zich (met gevels of …)? Biesbosch-museum als mogelijk referentieproject? Bestaande verbinding Benedenbleek - dijk verbeteren Extra (voet-)verbindingen naar de dijk en de woonwijk, kleinere rondjes mogelijk maken Welke spelregels ga je hanteren in het beeldkwaliteitplan? Manifeste punt (tussen hoornwerk en gracht), hoe dan? Transparantere brug bij die punt Strakkere randen bij oostpunten van het hoornwerk Rekening houden met waterbalans (mail Patrick Megens)

In willekeurige volgorde (van RCE en gemeente):

Suggesties voor nadere uitwerking

RCE wil het hoornwerk in een grotere visie zien, waarin het hoornwerk zichtbaar wordt: randen, openheid, hoogteverschil met Benedenbleek RCE geeft aan dat het hoornwerk niet letterlijk nagebootst c.q. gereconstrueerd hoeft te worden

Iets visualiseren moet ergens op gebaseerd zijn (nog niet gevonden bij eerste proefsleuven, maar wel te vinden op historische kaarten/tekeningen) Aanvullend archeologisch onderzoek is nodig, onder meer naar aarden wal Niet wachten totdat dat onderzoek klaar is, rekening houden met het onderzoek, ontwerp niet daarop aanpassen

Uitgangspunt verdere uitwerking: better save than sorry! (wat betreft positionering nieuwbouw en inrichting)

•

•

•

Conclusies/aanbevelingen:

•

•

In willekeurige volgorde (o.b.v. mail Jantine Smulders):

Input intern adviesteam gemeente (1)

Gebruik op het hoornwerk geen stedelijke elementen, pas verharding niet in grote mate toe Verplaatsing van parkeren naar hoornwerk is wellicht niet ideaal, maar denkbaar (gelet op bovenstaand punt) Ter plaatse van voormalige oude parkeerplaatsen (Benedenbleek?) misschien een evenemententerrein? Idee om verdere inrichting in te laten spelen op oudere historische lijnen of elementen wordt onderstreept Kop hoornwerk (aan oostzijde) blijft nu gehandhaafd. Wellicht wel mogelijkheden voor sterkere ervaring van hoornwerk (beter voelbaar, beter zichtbaar maken) Opnemen los gebouw aan oostzijde lijkt niet logisch Dubbele bomenrij langs bomenrij is denkbaar (voorkomen ondergroei) Extra brug in nabijheid oostzijde is ook denkbaar

• •

Landschap en nieuwbouw moeten altijd samengaan Vervolg bespreken in adviesteam en erfgoedcommissie

Conclusies/aanbevelingen:

•

• •

•

•

•

•

•

In willekeurige volgorde (o.b.v. mail Tjeerd van Tol):

Input intern adviesteam gemeente (2)

10. Schetsen en schetsontwerp

Schetsen, hoofdopzet, knik hoornwerk (‘keel’)

Schetsen, doorsnede gebouw, breedte bouwvlak

Afrit vanaf de dijk zo dicht mogelijk tegen de dijk aan Parkeerterrein Benedenbleek uitbreiden en reorganiseren (nieuwe indeling in parkeervakken, geen autoverbinding meer met centrum) Parkeerpleintje aan Walstraat als balkon met uitzicht op open hoornwerk Opwaarderen kopse kant bebouwing aan de Bleek Verdichten parkstrook langs speeltuintje

• •

• • •

• •

Noordzijde en oostzijde met dicht groen, westzijde met duidelijke rand, zuidzijde met nieuwbouw in grondlichaam Zicht vanaf de dijk op Benedenbleek (voormalige gracht) Dichte boomgroep ter hoogte van halfbastion en elektriciteitshuisje

Heldere contouren van vesting en vestingonderdelen: zachte buitenranden met bomen/ boomgroepen Keel met kenmerkende knik: duidelijke, multifunctionele rand (hoogte ca. 0,50 meter) Leeg hoornwerk: grasveld, waterberging, tijdelijke evenementen (behoud bodemarchief)

•

•

•

•

Randvoorwaarden terreininrichting

d.d. 19 oktober 2023

Schetsontwerp

11. Definiëren bestemmingsvlakken

basislijn voor terreininrichting en positionering nieuwbouw

Versterken zuidrand hoornwerk

gebaseerd op historische kaarten 60 graden (= een keuze)

Nieuwe richting, gebaseerd op gedempte gracht

noordgrens bestemmingsvlak (voorstel: op 37-40 m van oeverlijn, parallel)

Definiëren openheid hoornwerk

zuidgrens bouwvlak parallel aan oeverlijn (voorstel: op 2-5 m van oeverlijn)

Definiëren beschermingszone oever (bomen - teen talud)

westgrens bouwvlak parallel aan nieuwe richting (voorstel: geënt op aanlanding brug)

Nieuwe richting, gebaseerd op gedempte gracht

oostgrens bouwvlak haaks op oeverlijn (voorstel: op ca. 10 m van oostrand)

Nieuwe richting, gebaseerd op gedempte gracht

Nog zoeken naar de juiste ‘knik’

ruim bestemmingsvlak met kleiner bouwvlak

Nieuw bestemmingsvlak maatschappelijke voorzieningen

oostgrens bouwvlak haaks op oeverlijn (voorstel: op ca. 10 m van oostrand)

Nieuwe afrit, zo strak mogelijk langs de dijk

oostrand = rand hoornwerk westrand parallel aan rand hoornwerk noordrand parallel aan dijk / basislijn zuidrand haaks tussen beide

Nieuwe begrenzing parkeerterrein Benedenbleek

oostrand = rand hoornwerk westrand parallel aan rand hoornwerk noordrand parallel aan dijk / basislijn zuidrand haaks tussen beide

Nieuwe begrenzing bestemmingsvlak verkeer - verblijf

Nieuwe begrenzing bestemmingsvlakken groen

oostgrens bouwvlak haaks op oeverlijn (voorstel: op ca. 10 m van oostrand)

Nog te finetunen!

Nieuwe bestemmingen geprojecteerd op huidige

12. Referentiebeelden

Doorsteek vanaf Doolhof (zuidkant)

Grastalud op gebouw / gebouw in grondlichaam

Sfeerbeelden

Gebouwrand aan hoornwerkzijde

Sfeerbeelden

Gebouwrand aan hoornwerkzijde

Sfeerbeelden

Afrit straks langs de dijk

Sfeerbeelden

Opwaarderen kopse gevel huizen aan de Bleek

Zicht onder de bomen langs de dijk door

Sfeerbeelden

Skatebaan opnemen in rand hoornwerk (keel)

Sfeerbeelden

Loper de stad in

Vlakke brug over het water

Leegte als grote waarde behouden (grasveld, waterberging, tijdelijke evenementen, behoud bodemarchief)

Sfeerbeelden

Bijlage 2

- Legenda concept CHW kaart

Bijlage 3

- Eerste reactie RCE geanonimiseerd

> Retouradres Postbus 1600 3800 BP Amersfoort

College van B&W van Gemeente Oss T.a.v. Postbus 5 5340 BA Oss

Smallepad 5 3811 MG Amersfoort Postbus 1600 3800 BP Amersfoort www.cultureelerfgoed.nl Contactpersoon

Olonummer

Datum Betreft

Naam

29 november 2022 Wabo advies omgevingsvergunning rijksmonument

Onze referentie 1297458

Bijlagen 0

Omgrachting.

Adres

Monumentnummer

Ravenstein Oss; Noord-Brabant; 32369

Naam

Oever

Postcode/plaats Gemeente/provincie

Adres Postcode/plaats Gemeente/provincie Monumentnummer

Ravenstein Oss; Noord-Brabant; 32372

Geacht college, Op 13 september 2022 vroeg u mij voorafgaand aan de aanvraag omgevingsvergunning monumenten te adviseren over de voorgenomen wijziging(en) van bovengenoemde monumenten. Het betreft de bouw van het gemeenschapshuis op het hoornwerk aan de zuidzijde van de stad, ook wel het bovenste hoornwerk genoemd. Advies Met dit preadvies wordt gewezen op de gevolgen van het voorgestelde plan voor de monumentale waarden van het gebied en de vestingwerken (rijksbeschermd stadsgezicht en vestingwerken). Bij de beoordeling zijn de aanwijzingsbesluiten met de registeromschrijvingen betrokken. Daarnaast is kennis genomen van de relevante planstukken en de bouwtekeningen. Een definitief oordeel over het plan kan pas gegeven worden nadat een definitieve omgevingsvergunningsaanvraag is ingediend. Ik verzoek u om dit advies bij de verdere planontwikkeling te betrekken. Naar aanleiding van de planstukken is het preadvies vooralsnog kritisch, maar niet uitsluitend. Hieronder wordt het advies verder toegelicht.

Pagina 1 van 4

Onze referentie 1297458

•

Een meervoudige bescherming: ruimtelijk en bouwkundig De locatie bevindt zich aan het adres Bleek op het voormalige Hoornwerk van de vestingwerken van Ravenstein en bevindt zich als zodanig binnen het Beschermd Stadsgezicht onder nummer 1518 (21-01-1977). Ook ligt de locatie in en aan de vestingwerken die als Rijksmonument zijn beschermd onder nummers 32369 en 32372.

•

Een basis voor gebiedsontwikkeling: de gebiedsvisie De bouw van het gemeenschapshuis staat niet op zichzelf. Op termijn wordt tevens de Maasdijk versterkt in het kader van het Meanderende Maasproject. Om de dynamiek te kaderen is een gebiedsvisie opgesteld: ‘Bovenste Hoornwerk Ravenstein. Gebiedsvisie en inrichtingsplan’ d.d. 17 december 2021. Hierin maken beide projecten op verschillende niveaus verbinding (deels herstel en/of versterking historische situatie, wijziging routing en logistiek verkeer, ontstening en vergroening van het openbaar gebied en duiden bouwlocaties). De basis van de visie ligt in de historische en archeologische waarden van het gebied en de ambities t.a.v. het ruimtegebruik en de ruimtelijke beleving, zoals de verbinding tussen de stad en de rivier (waterfront), behoud van de historische gelaagdheid en wandelmogelijkheden in en om de vesting.

•

Gebiedsontwikkeling en ruimtelijk integraal onderzoek De vraag is of de visie voldoende houvast geeft om op termijn de planologische kaders te herzien? Ja en nee. De visie is een antwoord op de vraag om een plan op te stellen waarin de som van alle ambities en plannen weergegeven wordt. Daarbij zijn historische waarden richtinggevend en sturend. Gelijktijdig is de visie hierin te beperkt. De feitelijke (ruimtelijke) betekenis van het hoornwerk en in het kielzog het bastion komt onvoldoende aan de orde. De toegevoegde ontwerpideeën zijn duidend, maar niet oplossend. En missen de stedenbouwkundige, verkeerskundige en bouwkundige verdieping die nodig is voor het feitelijke ontwerp en de nieuwe planologische werkelijkheid. Voorbeelden zijn de nieuwe verkeerskundige verbindingen, het flexibele faciliterende veld in het midden van het hoornwerk en de te verplaatsen parkeerplaats uit de zone van de voormalige vestinggracht naar het midden van het hoornwerk. Dat zijn veel veranderingen die meer (concrete) duiding verlangen. Ondanks de verkenning en erkenning van het gebied, is er behoefte aan een heldere conceptuele basisgedachte die als spil alle mogelijke scenario’s en niveaus bindt en samenbrengt en de weg plaveit naar het feitelijk ontwerp.

In alles dient het ontwerpconcept robuust en integrerend te zijn, zeker met het oog op krappe budgetten, lange looptijden, schakelmomenten, ontwerpkwaliteit en programmering. Gezien de opgave, de overdadige historische context en tot kwaliteit dwingende omgeving geen overbodige luxe. Specifiek worden de volgende zaken benoemd.

•

Een robuust en integrerend concept Het advies is de gebiedsvisie aan te vullen of te versterken door:

Pagina 2 van 4

Onze referentie

o

o

een nader uitgewerkt stedenbouwkundig visie op de locatie en het programma op grond waarvan men samenhangende conceptuele keuzes kan maken. De eerder verschenen rapporten vormen daarvoor een goede en ook gedragen basis. Er is behoefte aan een verdere definitie van de gewenste logistiek van parkeren (situering en inrichting) en verkeersstromen, looplijnen, het situeren en selecteren van het groen, erfverharding, erfafscheidingen en straatmeubilair, etc. In alles organiseert en bevestigt het inrichtingsplan de locatie specifieke eigenheid en nieuwe functies. een architectuurplan of beeldkwaliteitsplan waarin de conceptuele hoofdkeuzes worden uitgewerkt en gedetailleerd in termen van: ▪ de onderlinge en individuele verhoudingen van de gebouwen en de openbare ruimte, typologische keuzes en het duiden van de schaal, maat en architectonische kwaliteiten en mogelijke bijzonderheden (verwijzend naar bijvoorbeeld Ravenstein, de Maas en het hoornwerk). ▪ het sorteren van de architectonische middelen ten einde samenhang te organiseren in de variatie aan gebouwen (typologie en gevelindividualiteiten) en overige bouwwerken in de openbare ruimte. Gelijktijdig wordt zo het ontwerpproces gevrijwaard van arbitraire keuzes en oplossingen. Het ‘Ontwerpend-onderzoek Hoornwerk Vidi Reo Ravenstein’, d.d.

9 maart 2022 heeft ontegenzeggelijk kwaliteit en overtuigd in basis, maar wel in samenhang met de overige plannen. Bovenal is het onderzochte en benoemde kwaliteitsniveau niet vrijblijvend.

1297458

Conclusie Gelet op het voorgaande is de conclusie dat het plan in basis voorstelbaar is, maar onvoldoende overtuigt. Daarvoor mist de gebiedsvisiede een voldragen stedenbouwkundige, verkeerskundige en bouwkundige verdieping die nodig is voor het feitelijke ontwerp en de nieuwe planologische werkelijkheid. Het advies is de gebiedsvisie hierop aan te vullen en aan te scherpen opdat in brede en specifieke zin een toekomstig kader voor deze locatie wordt geschetst en waarbij zorgvuldig met de beschermde dorpsgezicht en de beschermde monument wordt omgegaan. Het bouwen van het gemeenschapshuis wordt niet losgezien van de overige deelplannen. Het zondermeer bouwen van een gemeenschapshuis op de geduide locatie is zo gezegd onvoldoende. Het doorontwikkelde en verder uitgewerkte plan wordt met belangstelling tegemoet gezien.

Vragen Mocht u nog vragen hebben over de inhoud van dit advies, dan kunt u contact opnemen met de contactpersoon die in het briefhoofd vermeld staat. De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, namens deze, Pagina 3 van 4

Onze referentie

de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed,

1297458

Adviseur architectuurhistorie

Pagina 4 van 4

Bijlage 4

- Archeologisch onderzoek

Auteur:

Ravenstein De Bleek Drie onderzoeken op het ‘bovenste hoornwerk’ BAAC-rapport A-19.0367 / A-20.0045

januari 2022

N.H. Lameris R. van der Mark W. Bergman D.E.P.C.M. Beckers Status: Definitief

Archeologisch onderzoek

2

Colofon ISSN:

1873-9350

Auteur(s):

N.H. Lameris R. van der Mark W. Bergman D.E.P.C.M. Beckers

Met een bijdrage van:

M. Tolboom (glas) A. Kaneda (aardewerk)

Inhoudelijke controle en redactie:

J. de Winter

© BAAC, ’s-Hertogenbosch 2022. BAAC aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek. BAAC heeft met toestemming van de opdrachtgever dit rapport ter goedkeuring aangeleverd bij de bevoegde overheid. Het rapport is goedgekeurd door de bevoegde overheid. Er heeft (inhoudelijke) afstemming met de bevoegde overheid over het rapport plaatsgevonden.

BAAC - Archeologie en Bouwhistorie Graaf van Solmsweg 103 Postbus 2015 5222 BS ‘s-Hertogenbosch 7420 AA Deventer Tel.: (073) 61 36 219 E-mail: denbosch@baac.nl

3

Ravenstein, NCC-terrein De Bleek

Archeologisch onderzoek

4

Inhoud n

Samenvatting

7

1

n

Inleiding 1.1 Aanleiding en onderzoekskader 1.2 Ligging en aard van het terrein 1.3 Administratieve gegevens 1.4 Leeswijzer

9 9 10 11 12

2

n

Bureau- en booronderzoek 2.1 Onderzoekskader 2.2 Bureauonderzoek 2.3 Booronderzoek 2.4 Conclusies en advies

15 15 16 26 29

3

n

Archeologische begeleiding 3.1 Aanleiding voor het onderzoek 3.2 Werkzaamheden OOO 3.3 Resultaten archeologische begeleiding 3.4 Aanbevelingen

31 31 32 33 34

4

n

Proefsleuvenonderzoek 4.1 Inleiding 4.2 Bodemopbouw 4.3 Sporen en structuren 4.4 Vondstmateriaal 4.5 Synthese en waardering 4.6 Advies

35 35 38 39 42 43 49

5

n

Literatuur en bronnen

51

n

Bijlagen Bijlage 1 Geologische en archeologische tijdvakken Bijlage 2 Boorbeschrijvingen Bijlage 3 Sporenlijst Bijlage 4 Vondstenlijst Bijlage 5 Determinatielijsten Bijlage 6 Allesporenkaart Bijlage 7 Overzichtskaart archeologische begeleiding

53

5

Ravenstein, NCC-terrein De Bleek

Archeologisch onderzoek

6

Samenvatting

BAAC heeft in 2021 verschillende archeologische onderzoeken uitgevoerd in Ravenstein, in opdracht van Gemeente Oss. In het plangebied zal een ontmoetingscentrum gebouwd worden, wat vooraf moet worden gegaan door archeologisch onderzoek vanwege de dubbelbestemming archeologie. Door middel van een bureau- en booronderzoek is de archeologische verwachting nader in kaart gebracht. Ook zijn er ontgravingen voor het onderzoek op ongesprongen explosieven archeologisch begeleid. Tenslotte is er een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd. Het plangebied ligt op een bijzondere historische locatie: het Bovenste Hoornwerk. In de 17e eeuw was Ravenstein in handen van Staatse troepen en werden de vestingwerken van de stad drastisch uitgebreid. Er werden meerdere bastions aangelegd, en aan weerszijden van de stad kwamen hoornwerken te liggen. Dat zijn buitenwerken van de vesting, van waaruit belegerende troepen onder vuur kunnen worden genomen. Het hoornwerk had een wal aan de buitenkant, met daarnaast een gracht. Aan de westkant lag het Benedenste Hoornwerk en aan de oostkant het Bovenste Hoornwerk. Uit het bureau- en booronderzoek bleek dat er een hoge verwachting was voor het aantreffen van resten van het hoornwerk. In één boring werd een grachtvullling gevonden, wat mogelijk de gracht van het hoornwerk zou kunnen zijn.

Op basis daarvan werd overgegaan tot een proefsleuvenonderzoek, waarbij één lange proefsleuf was voorzien. Bij het proefsleuvenonderzoek zijn meerdere archeologische sporen aangetroffen en werden vondsten gedaan uit de 17e tot en met de 20e eeuw. In het noorden van het plangebied is een gracht gevonden. Ten zuiden daarvan zijn puinkuilen, greppels en muurwerk gevonden. De aangetroffen gracht komt qua locatie overeen met een uitstulping van de westelijke gracht van het hoornwerk, die op de minuutkaart uit 1832 te zien is. Het is onduidelijk of de andere sporen bij het hoornwerk hoorden, of ouder zijn. Samen vormen sporen een archeologische vindplaats, die als behoudenswaardig wordt gewaardeerd. BAAC adviseert om deze vindplaats te behouden in situ, of indien dat niet mogelijk is ex situ door middel van een opgraving. Op basis van de resultaten kan de vindplaats niet begrensd worden. Dit advies geldt dan ook voor het gehele plangebied. Eventueel kan de vindplaats verder begrensd worden met aanvullende proefsleuven.

7

Ravenstein, NCC-terrein De Bleek

Afb. 1.1 Aanvang van het proefsleuvenonderzoek.

Archeologisch onderzoek

8

1

Inleiding

1.1

Aanleiding en onderzoekskader

In opdracht van Gemeente Oss heeft BAAC verschillende onderzoeken uitgevoerd in plangebied NCC terrein/ De Bleek te Ravenstein, gemeente Oss. Het gaat om een archeologische begeleiding, een bureau- en booronderzoek en een proefsleuvenonderzoek. De aanleiding voor het onderzoek is de herontwikkeling van het terrein in het algemeen en de bouw van een ontmoetingscentrum in het bijzonder. Het plangebied valt onder het bestemmingsplan ‘Beschermd stadsgezicht Ravenstein en heeft een dubbelbestemming ‘archeologische historische kern.’ Dat betekent dat bij bodemverstorende activiteiten van meer dan 35 m2 en dieper dan 30 cm – mv archeologisch onderzoek verplicht is. In eerste instantie heeft een archeologische begeleiding plaatsgevonden tijdens bodemverstorende activiteiten bij OOO-onderzoek, namelijk het verwijderen van de toplaag in een deel van het terrein en het vrijgeven van verdachte punten. Daarnaast is besloten tot een aanvullend bureau- en booronderzoek om de archeologische verwachting toe te spitsen. Hierop volgend heeft een proefsleuvenonderzoek plaatsgevonden, zoals geadviseerd in het bureau- en booronderzoek vanwege de hoge verwachting op het aantreffen van resten van het Bovenste hoornwerk en mogelijk een deel van het Oranjeravelijn.

Voorafgaand aan het onderzoek is door Antea Group een PvE opgesteld ten behoeve van een proefsleuvenonderzoek.1 Voor de archeologische begeleiding is een aanvullend PvE opgesteld door BAAC.2 Op basis van de resultaten van de archeologische begeleiding en het bureau- en booronderzoek is het puttenplan voor het proefsleuvenonderzoek gewijzigd, wat is vastgelegd in aan aanvulling op het PvE.3 De archeologische begeleiding was op 20 tot en met 23 april 2021. De boringen zijn gedaan op 26 mei 2021, en het proefsleuvenonderzoek vond plaats op 22 en 23 september 2021. Bevoegde overheid is gemeente Oss met als contactpersoon M. Peeters, opdrachtgever is gemeente Oss, contactpersoon D. Meulenbroek.

1 2 3

Colijn 2020. Porreij-Lyklema 2020. De Winter 2021.

9

Ravenstein, NCC-terrein De Bleek

1.2

Ligging en aard van het terrein

Het plangebied is gelegen ten noordoosten van de kern van Ravenstein, in de gemeente Oss (zie afb. 1.2). Het plangebied wordt in het noordoosten omsloten door de Maasdijk, in het zuidoosten door diverse woningen aan de Bleek, in het zuidwesten door water (stadsgracht) en in het noordwesten door een parkeerterrein. De oppervlakte bedraagt 9.483 m2. Het terrein is een voormalige camping en bestaat uit een grasveld.

Afb. 1.2 De ligging van het onderzoeksgebied/ plangebied op de topografische kaart van Nederland.

Archeologisch onderzoek

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=6c061598-9222-40d6-bfb7-7a82de30feb0