CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Antwoord op de artikel 41 vragen van SP over noodzaak extra wind op land na 2030

Adviescommissie Ruimte 12 oktober 2023, gemeente OssBij agendapunt: Antwoord op de artikel 41 vragen van SP over noodzaak extra wind op land na 2030792 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Fractie SP T.a.v. heer Geerts E-mail gemeente@oss.nl www.oss.nl

Postbus 5 5340 BA Oss

Wilt u bij uw reactie de datum van deze brief en ons kenmerk vermelden?

Datum

Ons kenmerk

03-08-2023

Behandeld door

Doorkiesnummer

M. Linssen

Onderwerp

Aantal bijlagen

Artikel 41 vragen van de fractie SP over noodzaak

0

extra wind op land na 2030

Geachte heer Geerts, U heeft het college op 5 juli 2023 artikel 41 vragen gesteld. Deze vragen gaan over noodzaak extra wind op land na 2000. In deze brief beantwoord ik uw vraag puntsgewijs.

1. Heeft de regio Noord-Oost Brabant een extra RES-opgave gekregen voor de periode tussen 2030 en 2050? Niet dat wij weten. De RES-opgave loopt tot 2030. 2. Zo nee, zijn er signalen afgegeven door het Rijk dat de RES-regio’s een extra opwekverplichting krijgen voor de periode na 2030? Antwoord graag met toelichting over de aard van deze signalen. Nee, deze signalen zijn nog niet gegeven. 3. Bent u bekend met het Nationaal Plan Energiesysteem (NPE) dat minister Jetten op 3 juli als concept heeft gepresenteerd? Ja. 4. Deelt u onze conclusie dat minister Jetten voor de opwek van hernieuwbare elektriciteit vooral inzet op wind op zee, zon op dak en kernenergie? En dat in het NPE nauwelijks wordt ingezet op uitbreiding wind op land na 2030?

Volgvel

Ons kenmerk

2

De nadruk na 2030 ligt op hernieuwbaar op land (alle vormen), wind op zee en kernenergie (Nationaal Plan Energiesysteem). 5. Kent u het rapport ‘Nut en noodzaak extra wind op land in 2030 en 2050 dat CE Delft in februari 2023 heeft gepubliceerd? Ja. 6. Een van de conclusies uit het rapport is dat ‘extra wind op zee en zon op dak de laagste totale maatschappelijke kosten voor energieproductie lijkt te hebben’. CE Delft kijkt daarbij niet alleen naar de directe opwekkosten, maar ook naar de externe kosten, zoals de gevolgen voor de waarde van de woningen in de omgeving (het ‘woningwaardeverlies’). Deelt u het standpunt van de SP dat externe kosten, zoals daling van de woningwaarde in de afwegingen moeten worden meegenomen? Ja, daar zijn regels voor in de vorm van planschade of (straks onder de Omgevingswet) nadeelcompensatie. 7. Kent u het rapport ‘De verwachte impact van windturbines op huizenprijzen in Nederland’ dat TNO in maart 2022 heeft gepubliceerd? Ja. 8. In dit rapport wordt gesteld dat de waardedaling van woningen op 2000 meter afstand van een windmolen met een tiphoogte van >150 meter gemiddeld 4% bedraagt.

Deelt u ons standpunt dat deze woningeigenaren (het gaat concreet om delen van de bebouwde kom van Oss, Geffen, ’t Wild, Maren-Kessel, Lith en Lithoijen) financieel gecompenseerd moet worden door de exploitanten van windmolens? Zo nee, waarom niet? Binnen de wettelijke mogelijkheden kunnen deze woningeigenaren aanspraak maken op planschadevergoeding of nadeelcompensatie. Er is talrijke rechtspraak over planschadevergoeding en om hiervoor in aanmerking te komen gelden verschillende eisen. Welk percentage uiteindelijk (mits voldaan aan die eisen) voor vergoeding in aanmerking komt, is maatwerk en resultaat van een taxatie. Wettelijk is nu bepaald dat een waardedaling van 2% in elk geval voor rekening van de (woning)eigenaar blijft onder de noemer ‘normaal maatschappelijk risico’. Dat forfait voor waardedaling wordt onder de Omgevingswet 4%. 9. Volgens het TNO-rapport bedraagt de waardedaling al gauw 10% bij woningen die nog dichter bij hoge windmolens staan (zoals in het buitengebied van Oss, Geffen, ’t Wild, Maren-Kessel, Lith en Lithoijen). Deelt u het standpunt van de SP ook deze woningbezitters financieel gecompenseerd moeten worden? Binnen de wettelijke mogelijkheden kunnen ook deze woningbezitters uiteraard aanspraak maken op compensatie.

Volgvel

Ons kenmerk

3

10. Bent u met de SP van mening dat financiële compensatie geen ‘lust’ is, maar een schadevergoeding? Zonder financieel voordeel en daarmee dus géén compensatie voor gederfd woongenot, slapeloze nachten of gezondheidsschade? Graag een onderbouwd antwoord. Ja. Oss gaat uit van lusten en lasten. Financiële compensatie in de vorm van planschade voor bijvoorbeeld waardedaling is compensatie voor de lasten. Daarnaast wil Oss dat vorm gegeven wordt aan financiële participatie. Dat is een vorm van lusten tegenover de lasten als gederfd woongenot e.d. 11. Op welke wijze gaat u zorgen dat er wél een goede balans komt tussen lusten en lasten voor de omwonenden van een eventueel windpark in de Westelijke Polder? We willen kijken of we in de Duurzame Polder tot een vergelijkbare invulling van de financiële participatie kunnen komen als bij Elzenburg de Geer. Maar het betreft bovenwettelijke afspraken die per project en per initiatiefnemer kunnen verschillen. Zodra de gemeenteraad de kaders voor financiële participatie bij grootschalige energieopwekprojecten in het algemeen heeft vastgesteld, kan het gesprek hierover in de Duurzame Polder beginnen. Met vriendelijke groet,

Kees van Geffen Wethouder Energietransitie c.a.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=f9444836-4cf2-4170-8d56-723c900d1579