CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Ambitienota Omgevingsvisie Oss

Gemeenteraad 25 januari 2024, gemeente OssBij agendapunt: B Vaststelling Notitie Reikwijdte Detailniveau (NRD) en ambitienota7.064 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

AMBITIENOTA OMGEVINGSVISIE OSS

Inhoud 1.

Inleiding ................................................................................................................ 2

1.1 aanleiding .................................................................................................................. 2 1.2 Doel .......................................................................................................................... 2 1.3 Uitgangspunten voor de omgevingsvisie ........................................................................ 2 1.4 participatie ................................................................................................................. 3 2. Waar staan we nu en wat komt er op ons af................................................................. 4 2.1 Trends en ontwikkelingen ....................................................................................... 4 2.2 Aandachtspunten & opgaven ................................................................................... 7 2.3 De ambities: Opstap naar de omgevingsvisie........................................................... 9 3. Osse ambities: De toekomstbestendige woon, werk- en verblijfsgemeente. .............. 11 3.1 De gemeente Oss gaat voor een toekomstbestendige verstedelijking en vitale kernen. ......................................................................................................................... 11 3.2

De gemeente Oss heeft een gezonde, veilige en groene leefomgeving. ............. 12

3.3

De gemeente Oss is energieneutraal, circulair en klimaatbestendig in 2050 ..... 14

3.4

De gemeente Oss is ondernemend en uitnodigend. ........................................... 15

4.

Verbindingen tussen ambities .............................................................................. 17

4.1 kansen ..................................................................................................................... 18 4.2 Dilemma’s ................................................................................................................. 18 5. De volgende stap: Uitwerken van ambities ................................................................. 19

1

1. Inleiding 1.1 aanleiding De omgevingsvisie is een integrale strategische visie voor de lange termijn-keuzes, ambities en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving in de gemeente Oss. Deze nota sorteert voor op het opstellen van de Osse omgevingsvisie 2040. De drie gebiedsvisies (Buitengebied, Stedelijk gebied en Stadjes & Kernen) vormen het fundament voor de omgevingsvisie. In die gebiedsvisies zijn de belangrijkste kwaliteiten en opgaves voor de verschillende gebieden benoemd en geagendeerd. Bij de gebiedsvisie Stedelijk gebied is wel sprake van recente ontwikkelingen op het gebied van verstedelijking en spoorzone die na goedkeuring van deze gebiedsvisie hebben plaatsgevonden. Er heeft participatie plaatsgevonden en de ontwikkelingsrichting binnen de deelgebieden is op hoofdlijnen bepaald. De omgevingsvisie bouwt hierop voort, verbindt deze visies en geeft een integraal beeld op de ontwikkeling van de totale gemeente. Belangrijk onderdeel van de omgevingsvisie is het maken van keuzes en het prioriteren van de voorgenomen ontwikkelingen: wat doen we eerst, wat later? Waar we in de gebiedsvisies een allesomvattend beeld schetsen en alle ambities even zwaar wegen, zullen we in de omgevingsvisie meer moeten kiezen om ook daadwerkelijk stappen te zetten in de ontwikkeling van Oss. Die keuzes vormen de strategische agenda voor de komende jaren.

Ook zorgt de omgevingsvisie voor een adequate juridische borging en de formele status die de omgevingswet aan de omgevingsvisie toekent. Er wordt een PlanMER procedure doorlopen en de omgevingsvisie vormt straks de basis voor kostenverhaal en verdere uitwerking van beleid in omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan.

1.2 Doel Het doel van deze nota is het bepalen van de koers en het ambitieniveau van de omgevingsvisie met als horizon 2040. In deze ambitienota: 1. wordt de koppeling gemaakt met het sociaal domein en op hoofdlijnen aangegeven waar het fysieke domein bijdraagt aan de sociale opgaven zoals gezondheid, bestaanszekerheid en zelfredzaamheid; 2. wordt de kop op het verhaal bepaald voor de omgevingsvisie. Deze nota bouwt voort op de geactualiseerde opgaven en ambities uit de gebiedsvisies en geeft de rode draad weer die in de omgevingsvisie leidend wordt; 3. wordt het niveau met de onderlinge verhoudingen van en tussen ambities beschreven. Waar mogelijk worden deze concreet vertaald naar doelen.

1.3 Uitgangspunten voor de omgevingsvisie De omgevingsvisie is vormvrij. Om de gezamenlijke lijn uit te zetten voor hoe we de omgevingsvisie vorm geven nemen we de volgende uitgangspunten op:

2

Strategisch beleidsstuk ruimtelijk-economische ontwikkeling •

De omgevingsvisie is een lange termijn strategische visie. We beschrijven hierin de hoofdlijn voor ruimtelijke ontwikkelingen op diverse thema’s. We nemen voor onze omgevingsvisie het jaar 2023/2024 als vertrekpunt met het jaar 2040 als stip op de horizon.

•

We kijken naar de toekomst wat enige mate van onzekerheid betekent. We werken daarom met ambities en maken deze concreet met doelstellingen.

Integraal •

We zien thema’s niet als losse onderdelen. We brengen thema’s samen, werken vanuit de samenhang een perspectief uit en wegen deze integraal af. Zo maken we goede keuzes voor de toekomst.

•

Het fysiek domein staat niet op zichzelf. We nemen de wisselwerking tussen het fysieke en sociale domein mee in onze omgevingsvisie.

•

Onder de Omgevingswet worden twee nieuwe onderwerpen geïntroduceerd: gezondheid en duurzaamheid. In onze omgevingsvisie verwerken we deze én bestaande onderwerpen tot één geheel.

Hoofdlijnen en keuzes •

De omgevingsvisie is gericht op ambities op hoofdlijnen waardoor deze niet snel veroudert.

•

De omgevingsvisie is onderdeel van de beleidscyclus in het ruimtelijk-fysieke domein en vraagt daarom tussentijdse actualisatie & evaluatie. Met welke regelmaat dit gaat plaatsvinden, zal uiteindelijk in de omgevingsvisie worden beschreven.

•

De omgevingsvisie maakt keuzes en die kunnen verschillen per deelgebied. In de visie worden de hoofdlijnen beschreven op basis waarvan we keuzes afwegen. De uitgangspunten van de drie gebiedsvisies vormen daarbij het vertrekpunt. De daarin gemaakte keuzes stellen we niet opnieuw ter discussie, tenzij deze met elkaar in conflict zijn of dat er sprake is van nieuwe inzichten.

1.4 participatie Met de omgevingsvisie geven we richting aan de toekomst van de fysieke leefomgeving van de gemeente Oss. En daarmee dus ook aan de leefomgeving van onze inwoners. Het is daarom belangrijk dat zij inbreng kunnen leveren bij het bepalen van die richting. Bij het opstellen van de drie gebiedsvisies hebben inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden al kunnen participeren. Vanwege de beperkingen door corona moesten we die participatie soms beperken tot digitale consultatie. Ook bij het opstellen van de omgevingsvisie gaan we inwoners, ondernemers en andere stakeholders betrekken. Dat doen we onder meer door met betrokkenen en deskundigen uit de Osse samenleving in kaart te brengen welke oplossingsrichtingen er zijn om de ambities te bereiken. En waar kansen liggen die we misschien nu nog niet zien.

3

2. Waar staan we nu en wat komt er op ons af Onze samenleving en de wereld daaromheen verandert. Om maar een greep uit de ontwikkelingen te nemen: Wij zijn een groeigemeente en groeien de komende jaren voorbij de 100.000 inwoners. Onze bevolking gaat de komende jaren sterk vergrijzen. Daardoor neemt de druk op de zorg toe. Ook ervaren we een veranderend klimaat en daarmee een grotere druk om onze fysieke leefomgeving veilig en gezond te houden. De energie- en grondstoffentransitie stellen ons voor grote uitdagingen, zowel fysiek als sociaal. Ook de (drink)waterproblematiek gaat meer aandacht vragen. In dit hoofdstuk blikken we vooruit op de trends, ontwikkelingen en opgaven die er op ons af komen. Vervolgens gaan we in op hoe we deze op een Osse wijze het hoofd willen bieden.

2.1 Trends en ontwikkelingen Demografische trends en ontwikkelingen De Osse bevolking groeit richting 2040 door tot ongeveer 105.000 inwoners. Met andere woorden een groei van bijna 10.000 inwoners in de komende 15 jaar. Een ontwikkeling die de kracht van onze gemeente laat zien. De bevolkingsopbouw verandert mee de komende 15 jaar. Samen leidt dit tot een behoorlijke opgave voor het toevoegen van woningen. We verwachten de volgende veranderingen: •

We zien dat de natuurlijke bevolkingsaanwas (geboorte -/- sterfte) de afgelopen 15 jaar steeds meer richting nul gaat. Dat betekent dat de bevolkingsgroei ergens anders vandaan zal komen. Het aandeel inwoners met een migratieachtergrond stijgt, terwijl het aandeel van de Osse bevolking zonder migratieachtergrond daalt.

Met andere woorden de

verwachte bevolkingsgroei zal met name voortkomen uit migratie. We moeten daarbij rekening houden met een meer multiculturele samenstelling van onze bevolking met bijbehorende leefstijlen en (geloofs)overtuigingen. •

We zien een sterke verandering in leeftijdsopbouw. We zien dat met name het aandeel 75plussers bijna verdubbelt. Onze samenleving vergrijst. Dat betekent een toename in vraag naar zorgwoningen. Ook vraagt het om een openbare ruimte met aandacht voor ouderen. Daarnaast zien we een ontgroening (minder jongeren). We moeten onze voorzieningen aanpassen aan deze ontwikkelingen en zorgvuldig kijken naar waar het behoud van passende voorzieningen mogelijk is.

•

We zien een trend van huishoudensverdunning. Dat getal zegt iets over hoeveel mensen er samen in een huis wonen. Dat aantal neemt al jaren af. En er is al jaren sprake van een stijging van het aantal één- en tweepersoonshuishoudens. Dat heeft grote gevolgen voor de woningvoorraad. In Oss ontstaat in de komende jaren een mismatch en zijn er nu al tekorten in woningaanbod en -vraag door de toenemende vraag naar één- en tweepersoonswoningen, terwijl de gemeente grotendeels (relatief grote) grondgebonden eengezinswoningen telt.

4

Beschikbaarheid van sociale voorzieningen Beschikbaarheid van sociale, maatschappelijke, culturele en sportvoorzieningen in Oss staat onder druk, zeker in de (kleinere) kernen. De verwachting is dat de druk op voorzieningenbehoud in de toekomst verder toeneemt. Dat komt door de afname van het aantal jonge gezinnen en toename van ouderen. Aangezien de nieuwe (vastgestelde) woonlocaties met name binnen de stad Oss gerealiseerd worden (waar de situatie nu goed is) zal de gemiddelde afstand tot voorzieningen gelijk blijven. Afname biodiversiteit De totale hoeveelheid plant- en diersoorten neemt zeker in Nederland substantieel af. Er is in het algemeen gezien minder ruimte beschikbaar voor voedsel, voortplanting en schuilplaatsen. Als mensen belasten wij de leefruimte van dier- en plantsoorten door onder andere verstening, vervuiling en versnippering. Het veranderende klimaat draagt bij aan de verstoring van de balans. Door deze verstoring benadert de biodiversiteit in onze leefomgeving een kritiek niveau

5

Vaker extreme weersomstandigheden De gevolgen van het veranderende klimaat zijn voor ons allemaal en wereldwijd merkbaar. We hebben intensievere piekregenval en hevigere stormen meegemaakt. Tegelijkertijd lijken we elk jaar nieuwe hitterecords te breken, gepaard gaand met langere aanhoudende periodes van droogte. Als gevolg zien we waterschade, stormschade, hittestress, verminderde waterkwaliteit en verzilting. Deze ontwikkeling heeft ook impact op de gezondheid van onze inwoners. Door droogte hangt er meer stof in de lucht. De hitte leidt tot een hoger risico op bezwijken door oververhitting, ook voor gezonde ouderen. Een stabiel en voorspelbaar klimaat werkt ook door op andere sectoren zoals economie en natuur: extreem weer kan oogsten bedreigen en gevoelige ecosystemen permanent beschadigen. Meer aandacht voor het thema gezondheid In onze leefomgeving liggen grote kansen om gezond leven te faciliteren. Vanuit het Rijk én vanuit de maatschappij komt steeds meer aandacht voor het belang van een gezonde leefomgeving en leefstijl. Er ligt meer nadruk op preventie in het sociaal domein. De verbinding tussen sociaal en fysiek domein biedt hiervoor kansen en aanknopingspunten, zoals onder meer naar voren komt in het nationaal Gezond en Actief Leven akkoord (GALA).

Een gezonde leefomgeving is een combinatie van de volgende elementen: een leefomgeving die als prettig wordt ervaren, die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is. Gezondheid vraagt dus om meer integraal te werken tussen het sociale en fysieke domein. Dit komt bijvoorbeeld tot uiting in preventief beleid gericht op inrichting van woonwijken op een manier die bewoners aanzet tot meer bewegen Toenemende digitalisering Ontwikkeling staat nooit stil. In een rap tempo digitaliseert onze samenleving. Het internet speelt een steeds grotere rol in het dagelijks leven. Denk aan het online inkopen van boodschappen en goederen waardoor het fysiek winkelen vermindert. We zien een toename in robotisering en domotica waardoor er minder personeel nodig is in het bedrijfsleven. Data en met name de bescherming hiervan is een enorm gevoelig onderwerp, wat steeds meer vraagt van kleine en 6

grote organisaties en bedrijven. En ook de gemeentelijke dienstverlening digitaliseert met als gevolg dat er minder contactmomenten zijn met inwoners, ondernemers, partners en andere belanghebbenden. De Energie- en grondstoffentransitie De samenleving gaat bewuster om met de natuurlijke grondstoffen die wij op de aarde ter beschikking hebben. We kijken steeds vaker naar de kansen voor hergebruik en recycling. Ook onze energiestromen zijn we aan het verduurzamen. De opwek van schone energie is in een opmars geraakt. Dat gebeurt op grote schaal met zonne- en windparken, maar ook thuis op eigen dak en in eigen tuin. Daarnaast optimaliseren we het energieverbruik ook om de netwerkcongestie te verminderen. Drukte in de ondergrond Als gevolg van de transities en technologische ontwikkeling zien we een toenemende drukte in de ondergrond. Voor de ondergrond hanteren we het principe water en bodem sturend en we zijn ons bewust van wat er op korte en vooral langere termijn in de ondergrond speelt. Zo worden er bijvoorbeeld nieuwe digitale netwerken zoals glasvezel aangelegd. Tegelijkertijd zien we in het kader van de energietransitie een opmars van nieuwe energiesystemen zoals warmtenetten met een grotere ruimtevraag dan het gasnetwerk. Dit gaat gepaard met een verzwaring van het elektriciteitsnetwerk als gevolg van toenemende elektrificatie. Kortom, het wordt druk in de ondergrond.

Met name in de stedelijke gebieden. 2.2 Aandachtspunten & opgaven In het kader van de PlanMER procedure voor de omgevingsvisie heeft advies- en ingenieursbureau Tauw een beschrijving gemaakt van de huidige staat van verschillende indicatoren van onze fysieke leefomgeving (huidige situatie). Daarnaast, is ook een beschrijving gemaakt van hoe deze indicatoren scoren in 2040 als we de vastgestelde beleidslijnen en ruimtelijke plannen mee wegen (autonome ontwikkeling). Samen met de trends en ontwikkelingen biedt ons dat een doorkijk naar de opgaven waar we voor aan de lat staan. Klimaat In de koersnota Klimaatadaptatie is afgesproken dat de gemeente Oss in 2050 klimaatrobuust is. Dit wordt zichtbaar in maatregelen op het vlak van water (waterveiligheid, wateroverlast en droogte), hitte en robuuste ecosystemen. Indien mitigerende maatregelen onvoldoende effect hebben (energietransitie, landbouwtransitie), zullen aanvullende maatregelen genomen moeten worden. Gezien het grote verdichtings- en verstedelijkingsvraagstuk zal deze opgave in het stedelijk gebied van Oss groot zijn. Wonen, verstedelijking en mobiliteit

In het actuele Portefeuillemanagement Wonen Oss (Actualisatie 2019 en bijgewerkt in 2023) staat dat de bestaande plancapaciteit tot 2030 plannen voor ca. 5.300 (aantal woningen in plannen die vóór 2030 gerealiseerd moeten worden) omvat. Daarvan zijn er nu in ieder geval 750 woningen voorzien in vastgestelde plannen. Dat betekent dat de autonome ontwikkeling 7

op dit moment niet voorziet in voldoende passend woningaanbod (minimaal een toevoeging van 600 woningen per jaar). Oss is via weg, spoor en water goed bereikbaar. Deze bereikbaarheid staat echter onder druk. In de Koersnota Mobiliteit ontwikkelen we beleid om de bereikbaarheid te optimaliseren. Het gaat dan o.a. om zaken als de verbreding van de A50, aanpak knooppunten Paalgraven en Bankhoef en verdubbeling van de spoorbrug bij Ravenstein. In deze Koersnota wordt ook aandacht besteed aan de mobiliteit in de stad en in de kernen. Energie Tot 2030 is de opgave bekend die in het kader van het Klimaatakkoord en de RES NOB bij Oss ligt. Het gaat daarbij om het realiseren van 1.008 PJ duurzame elektriciteitsopwek met behulp van zon en wind en het realiseren van 11% energiebesparing ten opzichte van 2017. In het kader van de warmtetransitie is in de Transitievisie Warmte in 2021 het doel vastgelegd om uiterlijk 2030 7.500 woningen aardgasvrij te maken. Voor de periode na 2030 wordt een Energievisie voorbereid. Vestigingsklimaat Er is een grote behoefte aan ruimte voor bedrijvigheid in de gemeente Oss. Regionaal wordt daarom Heesch-West ontwikkeld. Daarnaast wordt binnen de gemeente Oss gewerkt aan de (verdere) ontwikkeling van campus Pivot Park.

De prognose is bovendien dat ondanks de huidige uitbreidingslocatie Heesch-West, nog altijd een tekort aan beschikbare ruimte voor bedrijven blijft. De ruimte die beschikbaar is, is al vergeven. Ook Pivot Park geeft aan dat de huidige vernieuwing niet toereikend is volgens de prognose. Deze ontwikkelingen lijken dus niet voldoende ruimte te bieden. De komende jaren wordt duidelijk wat voor economische activiteiten en werkgelegenheid als gevolg van de verstedelijking ontstaan. Ook het landbouwbeleid en de landbouwtransitie gaan gevolgen hebben voor het vestigingsklimaat. Circulariteit De afgelopen jaren boekte Nederland nauwelijks vooruitgang in de omslag naar een volledig circulaire economie in 2050. Ook is het gebruik van de meeste grondstoffen niet gedaald. Dit concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in de Integrale Circulaire Economie Rapportage (ICER) uit 2023. De urgentie voor radicaal minder en efficiënter gebruik van grondstoffen is de afgelopen jaren verder toegenomen. Sinds 1970 is de mondiale vraag naar grondstoffen verdrievoudigd. Daarbij komt dat de druk op het milieu steeds groter wordt. De verwachting is dat het mondiale grondstoffengebruik bij ongewijzigd beleid tussen nu en 2060 zal verdubbelen. Nederland is met het huidige beleid niet op weg om de eigen ambities te behalen.

De gemeente Oss heeft op dit moment geen inzicht in de in- en uitgaande goederenstromen van de eigen organisatie, projecten en beheeropgaven. Daarnaast is er geen beleid geformuleerd waarin een concrete aanpak en acties zijn omschreven om de landelijke ambities voor circulariteit te behalen.

8

Ondergrond

Door de intensivering van het ruimtegebruik boven de grond worden naar verwachting in de autonome ontwikkeling steeds meer nieuwe functies in de ondergrond toegevoegd. Het gebruik van de ondergrond wordt daardoor intensiever. Daar komt bij dat de gemeente Oss de komende jaren voor een aantal grote opgaven staat: wateroverlast, droogte en hitte als gevolg van klimaatverandering, de energietransitie en de woningbouwopgave. Oplossingen voor deze opgaven doen vaak een ruimteclaim op de ondergrond. Met name in het stedelijk gebied neemt de druk op de beschikbare ruimte in de ondergrond verder toe. We gaan in Oss beleid in de vorm van een Visie op de ondergrond opzetten en hanteren hier het principe water en bodem sturend. 2.3 De ambities: Op stap naar de omgevingsvisie We zijn een gemeente waarin volop ruimte is voor wonen, werken en leven. De kwaliteit van onze leefomgeving en het welzijn van mensen staat daarbij voorop. Gezondheid en veiligheid zijn hiervoor randvoorwaardelijk en daarmee centrale thema’s. Een gezonde leefomgeving nodigt uit tot bewegen, elkaar ontmoeten, ontspannen. Het heeft bovendien een goede milieukwaliteit, is klimaatbestendig en geeft goede toegang tot werk en voorzieningen. We hebben grote opgaves in een beperkte ruimte. Dat vraagt om keuzes en prioritering.

Op basis van ons huidige beleid, trends en ontwikkelingen en (inter)nationale opgaven werken we de belangrijkste ambities voor de periode tot 2040 uit. We bouwen de Osse omgevingsvisie op aan de hand van de volgende vier hoofdambities: A. De gemeente Oss gaat voor toekomstbestendige verstedelijking en vitale kernen Deze ambitie gaat over hoe wij als gemeente omgaan met het thema verstedelijking en hoe we dit op een toekomstbestendige wijze organiseren. We betrekken daarbij het behoud van voorzieningen in stad en kernen en het transformeren van bestaande woonwijken en bedrijfslocaties. B. De gemeente Oss heeft een gezonde, veilige en groene leefomgeving Een gezonde, veilige en groene leefomgeving is noodzakelijk om een aantrekkelijke gemeente te zijn. Deze ambitie beschrijft de sterke relatie tussen het sociale en fysieke domein met thema’s zoals (positieve) gezondheid, het belang van kunnen bewegen en ontmoeten en de kracht van een groene omgeving. C. De gemeente Oss is energieneutraal, circulair en klimaatbestendig in 2050 Het klimaat verandert en grondstoffen worden schaarser. Deze ambitie beschrijft hoe wij daarmee omgaan namelijk door anders om te gaan met energie en grondstoffen en ons voor te bereiden op extremere weersomstandigheden. D. De gemeente Oss is ondernemend en uitnodigend Oss is een aantrekkelijke gemeente voor inwoners en ondernemers en dat willen we blijven.

Deze ambitie gaat in op het veranderende woon- en werkklimaat, de ruimtevraag van bedrijven(terreinen) en de ruimte voor de agrarische sector. Ook wordt ingegaan op de kansen voor toerisme en recreatie. 9

10

3. Osse ambities: De toekomstbestendige woon, werk- en verblijfsgemeente. In onze omgevingsvisie staan de vier ambities centraal. Ze vormen de stip op de horizon. Deze ambities zijn opgesteld op basis van een brede analyse van beleid, de gebiedsvisies, trends, ontwikkelingen en opgaven waar wij voor aan de lat staan. Deze ambities laten zien hoe wij een toekomstbestendige woon-, werk- en verblijfsgemeente willen blijven. De ambities zijn vertaald 13 concrete doelen waar wij ons tot 2040 sterk voor maken in samenwerking met onze inwoners en partners. In de onderstaande paragraaf worden deze kort onderbouwd, waarbij ook de verbinding tussen thema’s beschreven wordt. 3.1 De gemeente Oss gaat voor een toekomstbestendige verstedelijking en vitale kernen. 1. We zetten in op de ontwikkeling van het stedelijk gebied. We maken een schaalsprong, bouwen aan de stad aan het spoor en zetten in op een combinatie van wonen en werken. Daarnaast zetten we ons in voor het behoud van vitale kernen. Het vertrekpunt voor duurzame verstedelijking is zorgvuldig en - daar waar mogelijk - meervoudig ruimtegebruik. We maken de bestaande stedelijke structuur toekomstbestendig door transformatie en verduurzaming van de bestaande woningen, voorzieningen en bedrijven zodat deze voorzien in de behoefte aan wonen, werken en verblijven.

We kijken hoe we deze behoefte zoveel mogelijk binnen bestaand stedelijk gebied kunnen opvangen. Daardoor leggen we geen onnodige claim op de schaarse ruimte en maken we zo optimaal mogelijk gebruik van bovengrondse en ondergrondse infrastructuur. Dat betekent niet dat we alle groene ruimte en open plekken volbouwen. Om transformatie mogelijk te maken en te voorzien in de toekomstige behoeften, is het soms nodig de stedelijke structuur uit te breiden. In de periode 2020-2040 wil de gemeente 8.500 woningen realiseren. Daarvan hebben we nu al ruimte gevonden voor zo’n 5.000 woningen. In de periode 2030 tot 2040 wil de gemeente Oss nog ruimte bieden voor zo’n 3.000 tot 3.500 woningen. In de scenario’s van de MER verkennen we potentiële locaties waar deze restopgave mogelijk een plek kan krijgen. We gaan voor een voorzieningenniveau dat past bij de behoefte van onze inwoners. Hoe dat er uit ziet verschilt qua gebied en schaalniveau. Bij een aantrekkelijke stad hoort een passend voorzieningenniveau zoals een theater, een bioscoop en een vitaal kernwinkelgebied. In de wijken en dorpen moeten inwoners kunnen bewegen en elkaar laagdrempelig ontmoeten. Ze moeten toegang hebben tot maatschappelijke en zorgvoorzieningen en hun dagelijkse boodschappen kunnen doen. Basisonderwijs en kinderopvang heeft een plek dicht bij de inwoners. Maar ook hier geldt: niet alles kan overal tegelijk.

Er moet voldoende draagvlak en draagkracht zijn om voorzieningen duurzaam in stand te houden. Als dat vraagt om concentratie, flexibiliteit, combinatie of samenvoeging ten koste van nabijheid, dan kan dat een keuze zijn. We zullen deze keuzes maken samen en in gesprek met onze inwoners.

2. Onze mobiliteitsopgave groeit mee met de stad. We ontwikkelen onze spooragenda in afstemming met stedelijke ontwikkeling. We verminderen de barrièrewerking van het 11

spoor. We zetten in op een modal shift van de auto naar fietsen en wandelen en creëren ruimte in onze stad voor bewegen en ontmoeten. Onze kernen blijven gedeeltelijk afhankelijk van individueel vervoer. Hier zetten we in op verduurzaming en openbaar vervoer. Mensen verplaatsen zich om een bepaalde reden: om te werken, om van voorzieningen gebruik te maken, om recreatieve redenen of om mensen te bezoeken. Een goede mobiliteitsstructuur maakt dit voor iedereen mogelijk zonder dat dit tot overlast voor anderen leidt. Alle buurten en kernen van de gemeente Oss zijn uniek. Ze vragen daarom ook om een passende aanpak op het gebied van mobiliteit. Ook de kansen voor gebruik van de fiets en het openbaar vervoer zijn niet overal gelijk. Dit is mede afhankelijk van de afstand tot de stations en de loop- en fietsafstand tot voorzieningen en de binnenstad. Daarom maken we onderscheid tussen verschillende zones met een eigen mobiliteitsprofiel en verkeersbeleid. Deze zones vragen ook ieder om een eigen parkeerbeleid. De ligging aan het spoor met een Intercitystation en twee kleinere stations, de ligging aan de A50 en A59, de Maas en het basis-aardgasnetwerk geven Oss een uniek bereikbaarheidsprofiel. We maken ons hard om deze positie te behouden en te verstevigen. De verbreding van de A50 en aanpak van de knooppunten Bankhoef en Paalgraven dragen daaraan bij.

We zetten (blijvend) in op verdubbeling van de spoorbrug bij Ravenstein, het wegnemen van de barrièrewerking van het spoor, watergebonden bedrijvigheid en recreatie langs de Maas en de kansen die het huidige aardgasnetwerk biedt met betrekking tot waterstof. 3. We bouwen aan gemeenschappen (inclusief en divers) met de daarbij behorende voorzieningen in de binnenstad, de wijken en de kernen. De schaalsprong in verstedelijking versterkt het draagvlak van de stedelijke voorzieningen. Door daar ruimte aan te bieden creëren we een aantrekkelijk stadshart. We willen dat de gemeente Oss een basis blijft bieden voor sterke gemeenschappen waar inwoners in staat zijn een leven lang onderdeel te zijn van allerlei soorten van sociale verbanden. Daardoor voelen ze zich gezien en verbonden met hun omgeving. Elkaar ontmoeten is daarbij belangrijk. De gemeente kan inwoners daarin ondersteunen als die behoefte er is. Bijvoorbeeld door het creëren van voldoende, passende en toegankelijke publieke ontmoetingsplekken. Plekken waar iedereen uit onze diverse gemeente welkom is. Dit kunnen ontmoetingsplekken zijn in publieke ruimtes (gemeenschapshuizen, bibliotheken, sportkantines, enz.), maar ook in de openbare ruimte (speeltuinen, parken, sportveldjes, enz.).

Tegelijkertijd gaan we uit oogpunt van gezondheidspreventie ook wijken zo inrichten dat bewoners tot bewegen genoodzaakt worden door bijvoorbeeld parkeervoorzieningen op grotere afstand van de woningen te situeren.

3.2

De gemeente Oss heeft een gezonde, veilige en groene leefomgeving.

12

4. We werken aan robuuste ecosystemen, zowel in natuurgebieden en verbindingszones als groene structuren in de stad. Dat doen we zowel bij de bestaande stad als ook bij nieuwe ontwikkelingen. De kwaliteit van het groen in de directe omgeving is daarbij belangrijk, zowel ecologisch gezien als in de uitstraling. De gemeente Oss kenmerkt zich als een gemeente waar groen nooit ver weg is. De stad heeft een robuuste groenstructuur met groene vingers die vanuit het buitengebied het stedelijk gebied dooraderen en de stadjes en kernen liggen allen in het groene landelijke gebied. In de buitengebieden vormen natuurgebieden en verbindingszones zoals Herperduin, de Hertogswetering en de Maasuiterwaarden samen de groene hoofdstructuur van onze gemeente. Deze zijn van groot belang voor de natuurwaarden en biodiversiteit in de gemeente. Een groene omgeving draagt bij aan welvaart, welzijn en gezondheid. Maar de kwaliteit en de kwantiteit van deze gebieden staat onder druk als gevolg van klimaatverandering en negatieve externe effecten van onze welvaart. Om groen en natuur een plek te geven bij ruimtelijke ontwikkelingen (inbreiding, uitbreiding en transformatie) gaan we aan de slag met de maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving. 5. We stimuleren gezondheid en faciliteren bewegen en ontmoeten in de (directe) omgeving.

Dat betekent groen voor de deur en beweegmogelijkheden in de buurt. We willen in 2040 een gemeente zijn waar inwoners prettig en gezond kunnen leven, opgroeien en ouder worden. Om hier serieus werk van te maken, ontwikkelen we binnen de gemeente een aanpak om (positieve) gezondheid als uitgangspunt mee te nemen bij de verschillende ruimtelijke ontwikkelingen. Dit betekent de vertaling naar ruimtelijke kaders om gezondheidsbelangen af te wegen, wat als thema nog volop in ontwikkeling is. Ook ligt hier een sterke koppeling met het sociaal domein. De beweegvriendelijkheid van de openbare ruimte is belangrijk, omdat ongeorganiseerd sporten en bewegen in de openbare ruimte steeds relevanter wordt. Ook het goed organiseren van de samenwerking tussen ruimtelijke ontwikkelingen en ontmoeten is een belangrijk voorwaarde om gemeenschappen (verder) op te bouwen en te faciliteren. Daarnaast kunnen nieuwere thema’s zoals een versterkende omgeving voor mentale gezondheid en gezonde voedsellandschappen verder verkend worden onder deze doelstelling. 6. We streven naar een schone, veilige en gezonde leefomgeving met een waterkwaliteit, bodemkwaliteit en luchtkwaliteit die voldoet aan de normen. Een gezond en veilig leefmilieu is belangrijk voor de gezondheid van onze inwoners. Om dat waar te maken houden we vast aan bestaande normen aangevuld met een aantal milieubeginselen: •

Voorkomen van milieuschade en waar mogelijk beperken van milieuhinder

•

Voorkomen van het ontstaan van nieuwe verontreinigingen

•

Voorkomen van het afwentelen in tijd en plaats van milieuschade of verontreinigingen

Het uitgangspunt is het op peil houden van de milieukwaliteit van water, bodem en lucht. Dat doen we niet alleen. Ook onze inwoners en bedrijven dragen een verantwoordelijkheid als het gaat om milieuhinder, overlast en vervuiling.

13

3.3 De gemeente Oss is energieneutraal, circulair en klimaatbestendig in 2050 7. In 2050 zijn wij een klimaatneutrale gemeente door een reductie in ons energieverbruik samen met een uitbreiding van de opwek van duurzame energie. De gemeente Oss hanteert in haar beleid dat ze in 2050 energieneutraal wil zijn. Dit hebben we richting 2030 uitgewerkt in concrete opgaven voor energiebesparing en duurzame opwek. De vraag is of de stappen die we zetten voldoende zijn om deze ambities waar te kunnen maken en of we daarmee ook de doelen (waaronder 55% CO2 reductie) bereiken. In 2040 moeten we substantiële vorderingen gemaakt hebben om de doelen in 2050 te kunnen bereiken. De Europese Unie heeft vastgesteld dat er een versnelling nodig is om de klimaatdoelen te halen en de effecten van klimaatverandering tegen te gaan. In de omgevingsvisie werken we uit welke tussenstappen we tot 2040 zetten. Het huidige elektriciteitsverbruik neemt de komende jaren fors toe als gevolg van elektrificatie. Daarmee wordt de opgave om te komen tot meer duurzame opwekking van elektriciteit urgenter (bron: klimaatmonitor, peildatum 2021). Vooralsnog zijn zonne- en windenergie de enige bewezen technieken die in de Nederlandse context grootschalig kunnen bijdragen aan de opwekking van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. Maar daarvoor dienen wel plannen gemaakt te worden en ruimte te worden gereserveerd.

Anders is het maar de vraag of we in onze duurzame energiebehoefte kunnen voorzien. Én is het de vraag of dit met het oog op netwerkcongestie allemaal kan worden getransporteerd. Mede daarom is het belangrijk ook goed te kijken naar energiebesparing. Daarnaast speelt de warmtetransitie waarbij we in Nederland overschakelen op alternatieven voor aardgas. In dat kader kijken we bijvoorbeeld naar andere bronnen zoals aardwarmte en aquathermie. Belangrijk onderdeel van de energietransitie is het netwerkvraagstuk. Hoe krijgen we al die veelal decentraal opgewekte hernieuwbare energie op het juiste moment op de juiste plaats? Aansluiting op het energienetwerk en de beschikbaarheid van energie is geen vanzelfsprekendheid meer. Daarom moeten we bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen en transformatieopgaves de energie-aansluiting en -voorziening meteen meenemen, bij voorkeur in een collectief systeem. Dit biedt ook kansen door onze bedrijventerreinen te positioneren als mogelijke energy hubs (of andere energieoplossingen) en het claimen van positie in het (inter)nationale waterstofnetwerk. 8. In 2050 zijn wij een circulaire gemeente. We gebruiken meer herbruikbare materialen en reduceren onze afvalproductie. In een circulaire economie worden zo min mogelijk primaire grondstoffen gebruikt en als ze toch nodig zijn worden ze op duurzame wijze gewonnen.

Verdere aantasting van de sociale en fysieke leefomgeving en de gezondheid wordt voorkomen. Producten en materialen worden zo ontworpen dat we ze opnieuw kunnen gebruiken met zo min mogelijk waardeverlies en zonder schade voor het milieu. Een circulaire economie levert economische besparing en baten op voor onze gemeente. Daarnaast reduceert het de CO2 uitstoot. Als gemeente hebben wij een voorbeeldrol en moeten wij ook steeds meer circulair opereren. Daarin volgen we de ambitie van de Rijksoverheid om in 2050 14

volledig circulair in te kopen en functioneren. Wij gaan hier stappen in zetten, maar dat kunnen we niet alleen. We zoeken de samenwerking op met inwoners en bedrijven. De gemeente stimuleert en faciliteert de lokale bedrijven om duurzaam en circulair te ondernemen. De andere kijk op onze grondstof- en afvalstromen leidt niet alleen tot veranderingen voor onze economische sectoren, maar ook voor onze maatschappij. Het betekent bijvoorbeeld dat we anders moeten bouwen, dat we onze productieprocessen aanpassen en ons consumptiepatroon en de daarbij behorende voedselproductie aanpassen. Bovendien vraag een meer circulaire economie ook een ander ruimtegebruik. 9. We beperken de overlast door extremere weersomstandigheden ten gevolge van klimaatverandering. We richten ons hoofdzakelijk op de thema’s wateroverlast, droogte en hitte. Het principe bodem en water sturend is leidend bij ruimtelijke ontwikkelingen. We maken onze gemeente tot 2050 in stappen klimaatrobuust. Daarmee maken we onze stad, onze kernen en het buitengebied minder kwetsbaar en tegelijkertijd aantrekkelijker als woon- en leefomgeving. Dit doen we samen met partners zoals provincie, waterschap en woningcorporaties, maar ook met onze inwoners en ondernemers. Een klimaatrobuust Oss betekent een veerkrachtig grondgebied, waar inwoners, bedrijven en natuur bestand zijn tegen toenemende weersextremen.

Vooral in de verstedelijkte gebieden betekent dit een ingrijpende transformatie. Een transformatie die betekent dat we de gevolgen van meer frequente en intensieve regenbuien, langere droge perioden en warmere dagen en nachten zoveel mogelijk opvangen. We kunnen tegen een stootje, maar er zal ook zeker een keer hinder of overlast zijn, bijvoorbeeld door ondergelopen straten ten gevolge van een hoosbui. We hebben er dan alles aan gedaan om de overlast tot een minimum te beperken. De Maas is onderdeel van de gemeente Oss en veel van onze kernen zijn ontstaan door de kansen die de rivier door de tijd heen heeft geboden en nog steeds biedt. Wij geven ook ruimte aan de Maas, zodat er voldoende water afgevoerd kan worden bij hoogwater. Bijvoorbeeld door het project Meanderende Maas waarbij het gebied mooier, veiliger en economisch sterker wordt. We zoeken daarbij naar koppelkansen en samengaan van functies. Ook bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen zoeken we naar de combinatie van functies. We gebruiken een Osse versie van de Maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving. Daarmee toetsen we welke maatregelen nodig zijn om de extreme weersomstandigheden op te vangen. We hanteren het principe ‘water en bodem sturend’ als leidend principe bij ruimtelijke ontwikkelingen.

3.4 De gemeente Oss is ondernemend en uitnodigend. 10. We verduurzamen onze bestaande werklocaties en faciliteren voldoende ruimte voor de behoefte van de toekomst. We gaan daarbij uit van het principe “juiste bedrijf op de juiste 15

plek” en kijken bij (her)ontwikkeling naar slimmere intensievere benutting van de ruimte, dubbel ruimtegebruik en functiemenging. We zien momenteel een hoge ruimtevraag vanuit het lokale en regionale bedrijfsleven. Het is lastig voorspellen hoe deze trend zich doorzet. Daarom zetten we in op verschillende sporen om flexibel en adaptief ruimte te bieden aan bedrijvigheid. Dat betekent dat we zoeken naar mogelijkheden om onze bestaande werklocaties te intensiveren en op sommige plekken uit te breiden. Als gevolg van de verstedelijking ontstaat ook vraag naar woon/werklocaties. Tegelijkertijd verkennen we regionaal de mogelijkheden om nieuwe locaties te ontwikkelen. We gaan daarbij uit van de gedachte dat het juiste bedrijf op de juiste plek hoort. Daarom gaan we sterker sturen op locatieprofielen zoals kade- en watergebonden bedrijven aan de haven, kantoor en dienstverlening in gemengde gebieden en hoge milieucategorie bedrijven op daartoe bestemde terreinen. Naast de ruimtevraag ligt er een grote opgave om bestaande bedrijventerreinen te verduurzamen. Dat doen we onder andere samen met de provincie in het project De Grote Oogst. In lijn met opgaven uit de energietransitie en klimaatadaptatie zetten we daarbij in op drie sporen: energie, klimaat en circulaire grondstoffen. .

We faciliteren de koppeling tussen opwek en verbruik van duurzame energie en zetten in op een reductie van de vraag naar energie. We maken onze bestaande en nieuwe werklocaties klimaatadaptief en zetten in op waterberging op locatie. Dat betekent dat we zoeken naar mogelijkheden om onze bestaande werklocaties te intensiveren en op sommige plekken uit te breiden. 11. We omarmen onze topsectoren pharma & lifescience, de maakindustrie en agrofood en zetten in op de campusontwikkeling van Pivot Park als toonaangevend onderdeel van de stad. De geschiedenis van Oss hangt onlosmakelijk samen met de ontwikkeling van de industrie in en rondom de stad. Die ontwikkeling zetten we door in een toekomstbestendige vorm. Daarbij richten we ons meer en meer op innovatie en hoogwaardige productontwikkeling. Denk daarbij aan doorontwikkeling van Pivot Park als pharma campus, die internationale aantrekkingskracht heeft, en de mogelijkheden die de eiwittransitie en de transitie naar een meer circulaire economie met zich meebrengen. We ontwikkelen ons door tot een moderne ontwikkel- en maakstad, waarbij het nieuwe werken (in de nabijheid van de stations) onderdeel is van de nieuwe stedelijkheid. Belangrijk daarbij is dat het niet alleen gaat om economische ontwikkeling.

We kijken nadrukkelijk ook naar het werkgelegenheidsprofiel dat daarbij hoort en - daarmee samenhangend - de arbeidsmarkt- en huisvestingsvraagstukken. De campusontwikkeling van Pivot Park brengt hoogwaardige werkgelegenheid met zich mee, passend bij het nieuwe stedelijk woonmilieu in de binnenstad. Tegelijk zorgen ondernemers voor werkgelegenheid voor inwoners uit Oss en de regio zoals MKB-bedrijven, de maakindustrie, handel en dienstverlening. Daarnaast trekken Osse bedrijven ook werknemers aan van buiten de regio of zelfs de landsgrenzen. Internationale werknemers zijn bijvoorbeeld actief in de maakindustrie, de agrifood en de pharma en life science. In ons vestigingsbeleid nemen we ook de arbeidsmarkteffecten (kwalitatief en kwantitatief) en daarmee samenhangende sociaal maatschappelijke vraagstukken zoals huisvesting mee. 12. In Oss is en blijft ruimte voor de agrarische sector om te innoveren.

16

We streven naar een sterke, toekomstbestendige agrarische sector die zich economisch volhoudbaar en ecologisch verantwoord ontwikkelt. We doen dat vanuit het perspectief van kringlooplandbouw. De ruimtelijk functionele en geo-morfologische structuur van Oss maakt dat we daarbij invulling kunnen geven aan verschillende vormen van kringlooplandbouw. Ten eerste in meer hoogproductieve en innovatieve vorm in de poldergebieden. Ten tweede in bredere vorm (bijvoorbeeld in combinatie met zorg of recreatie) in de kernrandzones. En ten derde meer extensief en natuur inclusief nabij de natuur. Bijzondere aandacht daarbij hebben we voor de relatie met andere grote opgaven op het gebied van klimaat, biodiversiteit en landgebruik en de rol van de sector als beheerder van een groot deel van ons buitengebied. De Osse manier van samenwerken met de sector is hierin uniek en een voorbeeld voor andere overheden. De transitie van de landbouw plaatsen wij in het bredere kader van een vitaal buitengebied waarin we deelgebieden functioneel onderscheiden en waarbij we stoppende agrariërs begeleiden met de tot onze beschikking staande ruimtelijke en sociale instrumenten.

13. We benutten en versterken de aantrekkelijkheid van onze gemeente om te verblijven en recreëren waarbij iedere inwoner profiteert van het toerisme. Recreatie en toerisme heeft een sterke relatie met een aantrekkelijke leefomgeving, de lokale economie, natuur- en landschapsontwikkeling, behoud en ontwikkeling van cultuur en erfgoed, welzijn en gezondheid van onze inwoners, aan stadspromotie en aan de vitaliteit van ons buitengebied. We zetten daarom blijvend in op het versterken van recreatie en toerisme. Het unieke en diverse landschap van Oss vormt de basis voor de fysieke aantrekkelijkheid van de gemeente om te wonen, te werken, te verblijven en recreëren. Denk hierbij onder andere aan het uitgestrekte maasoever gebied, de historische stadjes, het erfgoed in de stad en daarbuiten, de groene agrarische gebieden en natuur. Deze waarden zorgen ervoor dat onze inwoners prettig kunnen recreëren en dat Oss veel potentie heeft voor toeristen van buitenaf. Om die kwaliteiten te behouden moeten we hier zorgvuldig mee om gaan en het belang van ruimtelijke ontwikkeling en behoud van kwaliteit goed afwegen. We zetten niet in op massa toerisme dat een (te) grote druk op de omgeving met zich meebrengt.

We kiezen voor een mix van kleinschalige toeristisch recreatieve voorzieningen zoals kamperen bij de boer en B&B ’s in de stad, de kernen en het buitengebied aangevuld met een aantal toeristische trekkers zoals De Lithse Ham, de Geffense Plas en Herperduin. Erfgoed draagt bij aan de identiteit van onze gemeente. Ons erfgoed en onze cultuurhistorie vertellen ons verhaal. Daar zijn we zuinig op. We beheren, behouden en beschermen het erfgoed door het te gebruiken voor de actuele opgaven (werken en voorzieningen). Ook staat Oss bekend als een bijzondere archeologische hotspot. Niet al het erfgoed is tastbaar; we besteden ook aandacht aan het immaterieel erfgoed; de Osse verhalen en tradities. Dit alles verbinden we aan recreatie en toerisme.

4. Verbindingen tussen ambities De leefomgeving is een groot systeem waarin ontwikkelingen elkaar beïnvloeden. Ook onze ambities hebben invloed op elkaar en kunnen daarom niet los van elkaar gezien worden. Ze 17

versterken elkaar, maar kunnen elkaar ook beperken. In dit hoofdstuk gaan we in op de verschillende manieren waarop ambities in elkaar grijpen. We beschrijven hierbij niet uitputtend alle relaties, maar willen vooral het belang van de onderlinge afhankelijkheid weergeven. We kunnen niet op een enkel thema inzetten zonder ook de andere mee te wegen. Het definitieve resultaat van het wegingsproces zal in het later op te stellen Voorkeursalternatief belanden.

4.1 kansen Ambitie 2 & 3: Meer groene en blauwe structuren bieden niet alleen kansen voor gezondheid, maar ook om meer klimaatrobuust te worden. Hitte, droogte en piekregenval zijn problemen die in onze stad, kernen en buitengebied in verschillende mate een impact hebben. Door groene en blauwe structuren slim in te passen bij ruimtelijke ontwikkelingen kunnen we er voor zorgen dat de druk door extremere weersomstandigheden opgevangen kan worden. Tegelijkertijd kunnen we die structuren zo inrichten dat de leefomgeving van inwoners groener wordt en er uitnodigende ruimte ontstaat om te ontmoeten en bewegen. Ambitie 1 & ambitie 4: We combineren functies en ontwikkelen levendige stedelijke gebieden. We gaan wonen, werken en voorzieningen meer combineren. Daarmee streven we naar een houdbaar draagvlak voor voorzieningen in de kernen en creëren we een sterker draagvlak voor grootstedelijke voorzieningen in het centrum van Oss. 4.2 Dilemma’s Ambitie 1 & Ambitie 3: Verstedelijkingsopgave en mobiliteitstransitie verhogen de intensiteit van gebruik op het energienetwerk De ontwikkelingen in het stedelijk gebied verhogen de intensiteit van het gebruik van het energienetwerk. Dat komt door ontwikkelingen zoals het toenemend aantal afnemers in een kleiner gebied, toenemende elektrificatie van vervoer en verwarming en een toename in teruglevercapaciteit.

De structuur van ons netwerk moet aangepast worden om ruimte te bieden aan tal van ontwikkelingen. Dat betekent een zorgvuldige inpassing van de energietransitie binnen al deze ambities. Want onze ambities kunnen niet zonder de energietransitie gerealiseerd worden.

Ambitie 2 & 3: Behoud en versterking van en gezond en veilig leefmilieu stelt hogere eisen aan de inrichting van de fysieke ruimte Het behouden en versterken van een gezond en veilig leefmilieu vraagt dat wij eisen stellen aan de manier waarop we onze fysieke ruimte inrichten. De beschikbaarheid van groen en blauwe structuren in de nabije leefomgeving die uitnodigen tot bewegen en die het mogelijk maken om momenten van klimaatstress op te vangen, moet ruimte blijven krijgen. Ook in onze drukke stedelijke omgeving. Zeker als we willen dat veiligheid en gezondheid beschermd worden.

18

5. De volgende stap: Uitwerken van ambities Met het opstellen en afronden van deze ambitienotitie sluiten we de fase van verkenning en analyse af. We hebben de rode draad door de gebiedsvisies heen scherp. Het ambitieniveau is geformuleerd. We staan voor grote opgaven, maar hebben ook een duidelijk beeld van hoe we deze het hoofd gaan bieden. Aan de hand van scenario’s (of alternatieven) werken we mogelijke ruimtelijke keuzes en oplossingsrichtingen uit. De eerstvolgende stap hierin is het vaststellen van de NRD (Notitie reikwijdte en detailniveau) die de kaders voor dit PlanMER-onderzoek stelt. Onderdelen uit de verschillende scenario’s (of alternatieven) kunnen we daarna samenbrengen tot een voorkeuralternatief voor (nieuw) beleid in de vorm van een concept omgevingsvisie. Anders dan bij een traditionele MER wegen we in de omgevingsvisie ook thema’s af die een sterk raakvlak hebben met het sociaal domein. Denk daarbij aan gezondheid en voorzieningen. We weten dat onze ambities allemaal een beroep doen op dezelfde ruimte die wij in Oss voorhanden hebben. In de volgende fase toetsen we dan ook of wat wij voor ogen hebben, ook met elkaar samengaat. In de omgevingsvisie onderbouwen we de keuzes die daar uit voortkomen. Ook wegen we integraal onze gezamenlijke richting naar 2040 af. Dat doen we niet alleen. Dat doen we samen met inwoners, het bedrijfsleven en partners.

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=fcc65aaa-4678-4feb-9fe5-216fd603752b