22-06-22 Oss Hoorzitting 't Veld Geffen
Tekst van het document
Verslag Hoorcommissie Bestemmingsplannen Inzake Ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld – Geffen’ Verslag van de openbare zitting van de hoorcommissie op 22 juni 2022, in de Anton Jurgenszaal van het gemeentehuis te Oss Aanwezig: De leden van de hoorcommissie: Hilde de Wit (voorzitter) Marcel Kranendonk (lid) Oktay Akin (lid)
Stedenbouwkundigen:
Anne Zaad-Noorddijk Edwin van der Velden
Secretaris hoorcommissie: De heer T. Anema
Ambtelijk adviseur: Marlie Quax (behandelend ambtenaar)
Verslag: Verslagbureau More Support te Wamel Vervolgprocedure: * Adviescommissie Ruimte – 1-12 2022 * Raadsbehandeling – 15-12 -022 ALGEMENE INFORMATIE VOOR INDIENERS VAN ZIENSWIJZEN Wat is de status en taak van de hoorcommissie? De openbare hoorzitting is een onderdeel van de voorgeschreven bestemmingsplanprocedure. De hoorcommissie treedt op namens de gemeenteraad. De gemeenteraad kiest de leden van de hoorcommissie uit de verschillende partijen in de gemeenteraad. Tijdens de hoorzitting mogen indieners hun reactie (zienswijze) op het ontwerpbestemmingsplan toelichten. De hoorcommissie doet geen uitspraak over de zienswijze. Zij brengt ook geen advies uit naar aanleiding van de zienswijze. De taak van de hoorcommissie is uitsluitend gericht op het streven naar duidelijkheid over de inhoud van de zienswijze. De hoorzitting dient om zeker te stellen dat de gemeenteraad de zienswijze en het onderliggende probleem goed begrijpt. De hoorcommissie kan daartoe vragen stellen aan de reclamant om duidelijkheid te krijgen over diens zienswijze. De hoorcommissie kan ook vragen stellen aan de aanwezige ambtelijk adviseur. Het is belangrijk dat reclamanten (indieners van zienswijzen) tijdens de hoorzitting geen nieuwe elementen inbrengen. Het mag dus alleen gaan over de punten die reeds in de ingediende schriftelijke zienswijze zijn opgenomen.
Eventuele nieuwe inbreng kan op een later moment worden ingebracht. (Zie vervolgprocedure) Hoe verloopt een hoorzitting? Tijdens de hoorzitting is de kaart van het bestemmingsplan beschikbaar. De hoorcommissie stelt eerst samen met de reclamant vast over welk perceel de zienswijze gaat. De reclamant kan daarna diens zienswijze toelichten. Na deze toelichting komt eerst de ambtelijk adviseur aan het woord. Zo nodig, wijst de ambtelijk adviseur erop, dat reclamant nieuwe zaken of omstandigheden aanvoert. Ook de ambtelijk adviseur kan vragen stellen aan de reclamant. Daarna kunnen de leden van de hoorcommissie vragen stellen. Hoe verloopt de verdere procedure? ▪ De reclamant, de raadsadviescommissie en de gemeenteraad ontvangen het verslag van de hoorzitting. ▪ De reclamant zal worden geïnformeerd over de data van commissie- en raadsbehandeling. ▪ Het College van Burgemeester en Wethouders formuleert een reactie op de zienswijze. Deze reactie maakt deel uit Hoorcommissie – 22 juni 2022
Inzake ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld te Geffen
Pag. 1
van het concept-zienswijzenverslag, dat aan alle indieners van zienswijzen wordt toegestuurd. ▪ Tevens ontvangen zij het concept-besluit over het vast te stellen bestemmingsplan. ▪ Verder ontvangt de reclamant bericht over de exacte vergaderdata waarop het bestemmingsplan besproken wordt in de adviescommissie en door de gemeenteraad. ▪ Mochten er punten zijn die niet in de zienswijze en de hoorzitting van heden aan de orde zijn gekomen, maar volgens bezwaarde bij nader inzien wel van belang is voor de beoordeling, dan kan nogmaals – in vervolg op de hoorzitting van heden – gebruik worden gemaakt van het inspreekrecht. Mocht er behoefte zijn aan nieuwe, aanvullende inbreng, dan is het namelijk mogelijk om gebruik te maken van de inspreekmogelijkheid tijdens de vergadering van de raadsadviescommissie, waarin het ontwerp bestemmingsplan ’t Veld Geffen -2022 aan de orde komt. Herhaling van de inbreng, zoals verwoord tijdens de hoorzitting, is echter overbodig. − Het spreekrecht voor de raadsadviescommissie moet door reclamant vooraf bij de raadsgriffie worden aangevraagd. − Een inspreekreactie tijdens de vergadering van de raadsadviescommissie wordt geen onderdeel van de zienswijze die aan de hoorcommissie is toegelicht. − De raadsadviescommissie betrekt de inspreekreactie bij de discussie over het bestemmingsplan.
− De raadsadviescommissie adviseert de gemeenteraad over het bestemmingsplan. ▪ De schriftelijke reactie van de gemeenteraad (het zienswijzenverslag) gaat niet in op de inspreekreactie. ▪ De besluitvorming over het bestemmingsplan is aan de gemeenteraad en zal plaatsvinden tijdens een formele raadsvergadering. Het verslag van de hoorzitting maakt integraal deel uit van het dossier inzake het bestemmingsplan.
Verslag hoorzitting 1
Opening en mededelingen De voorzitter heet de aanwezigen welkom tijdens de hoorzitting van de hoorcommissie bestemmingsplannen. Er zijn geen afmeldingen ontvangen voor deze zitting. De voorzitter stelt de leden van de hoorcommissie en de overige aanwezigen voor en geeft een toelichting op de doelstelling en status van de hoorcommissie. Dit is verwoord in het algemeen deel van het verslag.
2
Hoorzitting inzake ontwerpbestemmingsplan ’t Veld – Geffen’
2.1 2.3 2.4
De voorzitter nodigt de woordvoerder namens de bewoners uit om de zienswijze toe te lichten. Reclamanten van de zienswijzen 2.1, 2.3 en 2.4 spreken gecombineerd in. Reclamant 2.1 De woordvoerder dankt de voorzitter voor de mogelijkheid om tijdens de hoorzitting de zienswijze van reclamanten te mogen toelichten. Spreker verzoekt om niet te snel te spreken in verband met een aanwezige die uit Australië afkomstig is. Naar het oordeel van de reclamanten bevat het ontwerpbestemmingsplan een aantal mankementen in relatie tot de Wet Natuurbescherming. Er moet een passende beoordeling komen, een MER-rapport inzake de stikstofproblematiek. Voorts wordt betwijfeld of het plan kan worden uitgevoerd. Naar het oordeel van reclamanten is niet goed onderzocht of het plan - voor wat betreft de soortenbescherming - voldoet aan de eisen die de Wet Natuurbescherming daaraan stelt. Dat zou betekenen dat een ontheffing vereist zou zijn en het is de vraag of in dezen een ontheffing kàn worden verleend, gelet op de ter plaatse aanwezige beschermde flora en fauna. Daarnaast zijn er vragen over de keuze en de kaders van het plangebied. In de toelichting van het bestemmingsplan wordt weliswaar nadrukkelijk gewezen op de aanwezigheid van een begrenzing – gevormd door het Ivo van Dintherpad - aan de noordzijde van het plan. Genoemd
Hoorcommissie – 22 juni 2022
Inzake ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld te Geffen
Pag. 2
pad ligt echter niet in het plangebied. In het verleden is in de Gebiedsvisie nadrukkelijk aangegeven dat het noordelijk deel van het plan vrijgehouden zou worden om zo een natuurlijke overgang te creëren en te behouden naar het door reclamanten aangelegde voedselbos. Gelet op het belang dat in de Gebiedsvisie daaraan werd toegekend, is het logisch dat in dit plan wordt geborgd dat het noordelijk deel van het gebied in de toekomst vrij blijft van bebouwing. Idealiter - maar hiervan gaat voorliggend bestemmingsplan niet uit - zou het plangebied moeten worden doorgetrokken tot aan de Leiweg om de natuurbelangen veilig te stellen. Het plangebied blijft echter beperkt tot de woningen. Het is niet meer dan logisch dat de randvoorzieningen die de bewoning mogelijk maken, ook in het plan worden meegenomen. Spreker duit hierbij met name op de wegeninfrastructuur. Geconstateerd wordt dat in de plangrens kennelijk wijzigingen zijn aangebracht, aangezien nu blijkbaar sprake is van 310 woningen terwijl in eerste instantie werd gesproken over 255 woningen. De conclusie van reclamanten is, dat blijkbaar tussentijdse wijzigingen mogelijk zijn. Voorts rijst de vraag of onderzoek is gedaan naar een alternatieve locatie voor deze woningen.
Na de totstandkoming van de Structuurvisie is vervolgens zwaar ingezet op de Gebiedsvisie en blijkt dat er in het plangebied plots méér dan 255 woningen worden gepland. In de Gebiedsvisie ontbreekt een alternatieve optie. Belanghebbenden missen een toelichting, ook voor wat betreft de uitvoerbaarheid en het vervolg van voorliggend plan. Voor zover bekend, volgt er een Woonvisie, maar daarop anticiperend komt de vraag naar voren in hoeverre er transparantie bestaat ten aanzien van de woningbehoefte van de inwoners van Geffen. Een dergelijk plan is bedoeld voor doorstroming van inwoners van Geffen die een volgende stap willen zetten, maar daarin worden geremd vanwege het ontbreken van woningen. Ook de verkeersafhandeling is een belangrijk punt van aandacht. Het belangrijkste punt is echter de afscheiding. Een afscheiding is tot op heden niet in het plan meegenomen. Het alternatief dat door reclamanten is aangedragen, is niet serieus genomen. Voor wat betreft de ontwikkeling van het voedselbos en de natuurwaarden in het algemeen, is de overlast die (zwerf)katten kunnen brengen niet meegenomen. De ontwikkeling van een woongebied verdraagt zich niet met de ontwikkeling van natuur zonder een goede afscheiding. Inmiddels zijn de omwonenden al anderhalf jaar bezig met de voorgenomen wijziging van het bestemmingsplan. Alle grondeigenaren hebben het bezwaar ondertekend.
Er is echter niet alleen sprake van een visie. Gebleken is dat biodiversiteit en plantaardig voedsel een behoorlijk deel kunnen vormen van de oplossing voor de klimaatproblematiek. De gemeente Oss heeft een groen hart en investeert veel vanuit dit perspectief. Spreker verwijst illustratief naar het Voedselbos; dit gebied is 2,5 hectare groot en biedt aan personen met de juiste kennis en inzet de mogelijkheden om de natuur van het betreffende gebied te beschermen. Die kennis en inzet is nodig om op te kunnen opkomen voor de natuurbelangen. Er is een berekening gemaakt op basis van kengetallen om in beeld te krijgen hoeveel extra katten in de omgeving mogen worden verwacht vanwege de nieuwe woningen. Uitgaande van 310 woningen zijn dat ongeveer zeventig à tachtig katten, die zonder goede afscheiding heel makkelijk het natuurgebied betreden. Het is bekend dat katten grote schade aan de natuur kunnen aanbrengen. Dat de woonwijk gerealiseerd moet worden, is voor insprekers geen discussiepunt, maar er moet wel een discussie worden gevoerd over het natuurgebied dat beschermd moet worden. Deze uitspraak wordt ook nadrukkelijk namens de stichting gedaan. De initiatiefnemers voor het Voedselbos zijn inmiddels anderhalf jaar – samen met de gemeente Oss – aan het werk om een voedselbos tot stand te brengen.
Er is altijd samengewerkt met de gemeente en de gemeente is hierin ook altijd coöperatief geweest. Dankzij de investeringen van het Groeifonds Geffen is de biodiversiteit groter geworden. De grond waar nu een woonwijk op is gepland, was eigenlijk bedoeld voor natuur. Als naar het bestemmingsplan wordt gekeken, dan wordt het niet alleen moeilijk om de eerder beoogde natuurontwikkeling tot stand te brengen, maar ook om te beschermen wat inmiddels al is gerealiseerd. In de toekomst is natuurinclusieve landbouw voorzien. De Middelveldsche beek is niet beschermd. Er is een buffer nodig om de natuur te beschermen ten opzichte van de woonwijk, maar deze wenselijkheid wordt niet meegenomen in het bestemmingsplan. Er bestaat verder een grote zorg hoe de bewoners uit het dorp gaan reageren op de biodiversiteit; bijvoorbeeld vanwege geluidsoverlast van kikkers. Samen met de universiteit Wageningen, WUR, is een Hoorcommissie – 22 juni 2022
Inzake ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld te Geffen
Pag. 3
gebiedsonderzoek gedaan over een periode van twee jaar, gericht op de toename van de biodiversiteit in dat gebied: van vliegen en stank (agrarisch gebied) naar een biodivers gebied. Het is logisch dat men wat meer last kan krijgen van insecten; dat is inherent aan een voedselbos. De insecten horen dus bij het proces van het voedselbos en het is dan ook van groot belang dat dit beschermd wordt. Er bestaat de vrees dat de nieuwe bewoners een ander bestemmingsplan wensen dan pure natuur. Spreker vraagt hierbij te denken aan een uitlaatgebied voor honden of een recreatiegebied. Er wordt momenteel gewerkt aan het realiseren van een vleermuiskelder in het voedselbos, maar hoe dat straks beschermd gaat worden, daar bestaat nog geen plan voor. Een van de reclamanten meldt inmiddels tien jaar in het gebied te wonen. Er is bewust gekozen voor een plek die rust en privacy biedt. Dat er dan plots een woningbouwplan in je achtertuin wordt gepland, is zowel persoonlijk als voor de omgeving moeilijk. Op dit moment heeft spreker aan de achterzijde van de woning nog een vrij uitzicht. De gedachte gestapelde bebouwing staat haaks op het huidige dorpse karakter. De omwonenden geven ook aan dat ze dit niet willen omdat hiermee de privacy van de huidige bewoners wordt geschaad. Ze wijzen gestapelde bebouwing of hoogbouw af ook om reden dat er minder natuurlijk licht zal zijn.
Er dient afgevraagd te worden wat het effect hiervan is. De toename van autoverkeer zal een effect hebben op flora, fauna én het woongenot van omwonenden. De autolichten zullen immers de woningen aanschijnen en zullen geluidsoverlast meebrengen; in ieder geval mag worden aangenomen dat de rust in het gebied aanmerkelijk minder zal worden in vervolg op de nieuwbouw van woningen. De effecten – breed bezien – worden niet uitgewerkt in het bestemmingsplan, noch in de Structuurvisie en de Gebiedsvisie. Spreker verwijst naar de boerenprotesten tegen de stikstofmaatregelen en acht het overbodig om hier nog nader op in te gaan. Dit mag als bekend zijnde, worden verondersteld. Reclamant vraagt aandacht voor het waterbeheer. Met name in de winterperiode als het een aantal dagen flink doorregent, stijgt de grondwaterstand snel. Het afgelopen jaar heeft wederom veel inspanningen gevraagd om het waterpeil naar beneden te brengen. De afvoer van het water loopt via een watergang. Het probleem wat dit betreft, is dat aan beide zijden van de watergang vijf meter vrije ruimte beschikbaar moet blijven in verband met het onderhoud aan de betreffende watergang. Nu reeds is dat niet mogelijk, bijvoorbeeld door de aanwezige tuinen. In het plangebied zijn mooie waarden ingetekend om het overtollige water op te vangen.
Van de beschikbare elf hectare wordt ongeveer 4,5 hectare verhard, waarbij het water versneld wordt afgevoerd aan de noordzijde van het gebied. Dat komt samen met de afwatering van de woningen; het gevolg hiervan is, dat de druk op die watergang sterk zal verhogen. Met een regelmatige, beperkte regenval zal het wel meevallen. Echter, steeds vaker blijkt de regenval buitensporig. Door klimaatveranderingen zou de wateroverlast groter kunnen worden. In het plan wordt niet gesproken over een verhoogde afwatering die – aldus spreker - nodig is in geval de bouw van de nieuwe woningen doorgaat. De vrees bestaat dat na realisatie van de woningen in de winterperiode doorlopend water weggepompt moet worden. Reclamanten zien wat dit punt betreft, nog geen oplossingen. Ambtelijk wordt desgevraagd aangegeven dat door reclamant geen nieuwe zaken zijn aangevoerd. Ambtelijk zijn er geen vragen aan reclamant. Reacties en vragen hoorcommissie De commissie informeert naar de gesprekken die met de gemeente hebben plaatsgevonden. Afgevraagd wordt of hierbij aan de orde is geweest om een gebied te verwerven. Reclamant bevestigt dat deze mogelijkheid inderdaad is besproken, maar het te verwerven gebiedje ligt niet in plangebied ’t Veld Geffen, maar aan de achterkant van de Leiweg. De grond waarover wordt gesproken, is in eigendom van de gemeente.
Op de grond aan de andere kant van het Ivo van Dinterpad ligt formeel nog een agrarische bestemming, maar daar hebben de afgelopen jaren wel veel ontwikkelingen plaatsgevonden die gericht zijn op natuurversterking. De Commissie vraagt zich af of de eventuele verwachte overlast minder zou worden door een ecologische afscheiding. Hoorcommissie – 22 juni 2022
Inzake ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld te Geffen
Pag. 4
Reclamant verwacht dat dit in zekere zin drempelverhogend werkt. Spreker denkt hierbij aan hogere planten of een wal van enkele meters hoog, waardoor het aanlichten door voertuigen uitgesloten kan worden. Met dergelijke oplossingen kan mogelijk overlast vermeden worden voor de huidige bewoners, dan wel kan de te verwachten overlast waarschijnlijk verminderd worden. Reclamanten pleiten voor een blijvende bescherming van de natuurwaarden via het bestemmingsplan. De gewenste borging kan plaatsvinden door de afscheiding mee te nemen in de planvorming. Door dit reeds in dit stadium te betrekken, wordt de kans benut om de natuurwaarden ter plaatse tijdig te kunnen beschermen. Reclamant verwijst naar reeds verricht onderzoek (zie bijlage 2 betreffende genoemd onderzoek door twee Nederlandse biologen); dit onderzoek betreft het onderzoek in vervolg op de vraag wat er wetenschappelijk gezien - nodig is om een natuurgebied te beschermen. Het antwoord duidt niet alleen op open water, maar ook op goede afscheidingen. De voorzitter concludeert dat er verder geen vragen zijn en dat de zienswijzen 2.1, 2.3 en 2.4 voor de hoorcommissie helder zijn. *Invoegen tekeningen (2).
2.2
Reclamanten 2.2 Reclamanten zien overeenkomsten met de inbreng van de voorgaande reclamanten. De punten die reclamanten tegen het bestemmingsplan hebben ingediend, zijn met name gericht op de bouwhoogte. Daarbij speelt ook mee dat de bouwhoogte niet duidelijk is. De nieuwe bebouwing zou tegen de reeds bestaande bebouwing komen, maar de hoogtes van de bestaande en nieuwe bebouwing komen niet overeen; respectievelijk betreft dit 4,5 meter (bestaande bebouwing) versus acht meter (nieuwe bebouwing). Reclamanten vinden die overgang van de huidige woningen naar de toekomstige woningen door dit hoogteverschil niet passend en daarmee niet acceptabel in het straatbeeld. Reclamanten zouden graag zien dat dit gelijkgetrokken wordt, zodat de nieuwbouw in de bestaande wijk past en sprake is van een vloeiende overgang. Uit de enquête die heeft plaatsgevonden is deze voorkeur eveneens gebleken. De voorkeur van de omwonenden wijkt wat dit betreft dus af van het bestemmingsplan. Dit contrast leidt tot het gevoelen dat er niet serieus gekeken en geluisterd wordt naar wat de huidige omwonenden en de huidige bewoners van Geffen willen. Hetgeen “uit de hoge hoed is gekomen” is anders dat hetgeen in de beeldvorming van de bewoners passend zou zijn. Niet alleen komen er “ontzettend veel buren bij”, maar bovendien zal de keuze voor hoogteverschillen het uitzicht voor de huidige bewoners beperken.
De nieuwbouw komt ook te dicht bij de bestaande bebouwing. Reclamant pleit voor het aanleggen van een groene buffer tussen de bestaande en nieuwe bebouwing, waarmee voor een geleidelijke overgang wordt gezorgd. Dit dient ook om onveiligheidsgevoelens tegen te gaan. Het huidige bestemmingsplan bestaat uit drie delen. Er is een stedenbouwkundig plan getekend, maar niets staat nog vast. In feite kan alles nog wijzigen. Reclamanten wensen duidelijkheid te krijgen over de woningbouwontwikkeling achter hun woningen. Ze willen ook graag weten wat voor gebouwen geplaatst gaan worden. Voorheen is deze duidelijkheid niet geboden om de flexibiliteit in de planontwikkeling te behouden. Er is sprake van een fasering in drie delen. In ieder geval zou het prettig zijn om meer beeldvorming te krijgen bij fase 1. De gedachte bestaat dat het mogelijk is dat er een nieuwe woning op de erfgrens wordt gebouwd. Meer duidelijkheid zou onrust kunnen wegnemen. Een vraag is dus: welke afstand tot de perceelsgrens in acht genomen moet worden. Wanneer wordt gesteld dat deze afstand minimaal twee tot drie meter is, is nog niet duidelijk hoe dit wordt berekend. Spreker pleit voor concrete antwoorden, zoals op vragen als: waar begint het? Wat is de voor- dan wel achtergevel? Waar wordt dan geparkeerd? Reclamant vraagt aandacht voor de molenbiotoop. Molen Zeldenrust ligt weliswaar buiten het
Hoorcommissie – 22 juni 2022
Inzake ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld te Geffen
Pag. 5
plangebied, maar als te dichtbij de molen te hoog wordt gebouwd, komt er niet genoeg wind bij de molen. In de berekening is meegenomen dat het een gesloten gebied betreft. In principe staan er twee rijen bomen met 150 meter ertussen, maar dat is geen gesloten gebied, hooguit een ruw gebied. Voor het gebied voor de molen zou voor wat betreft de maximale hoogte van de bebouwing de formule moeten worden aangepast, hetgeen al snel anderhalve meter in hoogte scheelt. Derhalve de vraag om daar in ieder geval goed naar te kijken en hier ook iets mee te doen. Spreker verwijst naar de eerdere suggestie om een groenstrook toe te voegen tussen de bestaande bebouwing en de toekomstige bebouwing. Dat zou meerwaarde hebben en fraai zijn. In de huidige opzet is sprake van één geheel, zonder dat hier ruimte tussen zit: dus, enkel een soort brandgang en dan tuin. Door middel van een groenstrook en/of een slootje kan het gebied meer openheid krijgen, waarbij dan ook meteen extra waterafvoer wordt gerealiseerd. Zodoende kan het water ook niet blijven staan en overlast veroorzaken. Door het plan enigszins naar rechts op te schuiven en meer ruimte te creëren, krijg je drie aparte deelgebiedjes, hetgeen ook de intentie is. Hierdoor vermindert het ‘steegjesgevoel’ hetgeen het veiligheidsgevoel ten goede komt.
Het oude bestemmingsplan ging uit van realisatie van acht woningen; in het nieuwe bestemmingsplan zijn twintig woningen ingetekend. Er bestaat begrip voor de woningnood, maar het verschil tussen acht en twintig is wel erg groot. Inspreker informeert naar de achterliggende gedachte hierbij, waarbij spreker oppert dat deze schaalvergroting is ingegeven door de wens om zo snel mogelijk geld te verdienen. Inspreker informeert eveneens naar de bouwhoogte. Spreker stelt dat het ontbreken van het open karakter, geen sprake meer is van een woning met een dorps karakter. Spreker vraagt aandacht voor het woongenot. De toevoeging van 310 woningen betekent dat het inwonertal van Geffen met ongeveer twintig procent zal stijgen. Voor de kern Geffen is deze uitbreiding niet per se nodig, maar wellicht ligt dit anders voor Oss. De vraag of uitbreiding nodig is, wordt voorgelegd waarbij de achterliggende vraag is of voor dit aantal inwoners wel genoeg basisvoorzieningen zijn. Spreker wijst met name op de capaciteit van de basisscholen, wetende dat de klassen nu reeds vol zitten. Qua beleving voor de huidige bewoners, wordt nu aan de rand van het dorp gewoond, maar straks wonen ze middenin het dorp, hetgeen toch echt een andere beleving is. Zoveel nieuwe woningen kunnen ook veel feestjes meebrengen en dus tot meer (geluids)overlast leiden. In de huidige situatie spelen de kinderen op straat.
Met het doortrekken van de weg zal de hoeveelheid verkeer toenemen en zal de inpandige overlast toenemen door passerende auto’s. Wellicht kan het een optie zijn om van de huidige weg een fiets/voetpad te maken, om mogelijke overlast te beperken. Zodoende kan er dan nog steeds op straat gespeeld worden. In het bestemmingsplan is een verkeersroute toegevoegd. Nu is er al een langzaam verkeersroute en wellicht kan deze worden behouden, dan wel worden uitgebreid. Over de hoeveelheid sluipverkeer heeft een inspraakmiddag plaatsgevonden. Destijds werd wat dit betreft, geen probleem gezien, maar met deze geplande nieuwe woonwijk is het wellicht nodig om dit standpunt te herzien. Een oplossing is wellicht om de weg enigszins door te trekken en toegankelijk te maken voor uitsluitend fietsers en voetgangers. Wat betreft het aandachtspunt lichtvervuiling, memoreert reclamant dat destijds een lantaarnpaal is verwijderd omdat deze te veel lichtvervuiling voor de natuur opleverde. Dan mag worden afgevraagd wat het effect van een nieuwe wijk op de lichtvervuiling is. De hoeveelheid licht zal aanzienlijk toenemen, hetgeen de natuur niet ten goede komt. Ook het effect van de veertig extra woningen op de verkeersbewegingen mag duidelijk zijn.
Spreker verwijst naar de vele onderzoeken, waar de bijlages op ingaan en verwijst specifiek naar het advies in bepaalde onderzoeken om voor minder woningen (270) te kiezen. Dit is zeker nog een punt waar kritisch naar gekeken moet worden. Tot slot, vraagt reclamant de aandacht voor de enquête die onder inwoners en omwonenden heeft plaatsgevonden aangezien in coronatijd geen fysieke bijeenkomsten waren toegestaan. Door de enquêtes werden de belanghebbenden nog wel enigszins betrokken. Echter, de indruk bestaat niet dat er iets is gedaan met de conclusies van de enquête. Er was geen ZOOM-meeting of iets dergelijks om de omgeving gerust te stellen of op die manier meer bewonersparticipatie te organiseren. Kortom, de huidige bewoners voelen zich niet gehoord. Als er meer contact was geweest tussen de gemeente en omwonenden / inwoners dan waren bepaalde punten niet nodig geweest. Dit leidt tot Hoorcommissie – 22 juni 2022
Inzake ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld te Geffen
Pag. 6
ergernis en wordt als spijtig ervaren. Ambtelijk wordt desgevraagd aangegeven dat door reclamant geen nieuwe zaken zijn aangevoerd. Ambtelijk zijn er geen vragen aan reclamant. Reacties en vragen hoorcommissie De commissie informeert of omwonenden/inwoners waren uitgenodigd om mee te denken over bijvoorbeeld soorten bebouwing, dan wel dat de participatie beperkt is gebleven tot twee enquêtes? Reclamant geeft aan dat hij gericht heeft gevraagd naar meer actieve participatie, maar dit is niet doorgegaan. Er heeft wel een online informatieavond plaatsgevonden en een van de stedenbouwkundigen is langs geweest om een en ander door te nemen. In dat gesprek is ook gevraagd naar voorzieningen in de wijk (speeltuintjes). Je kunt niet verwachten dat 200 meer kinderen in de huidige speeltuin gaan spelen. Er zal best iets komen, maar dat is nu niet opgenomen in het plan. Als de nieuwbouwwijk een dorpsgevoel moet bieden, moet je daar bewust bepaalde voorzieningen voor treffen. Qua woningtypes, past een mengeling van woningen: niet enkel vrijstaand, niet enkel rijtjesbouw. De voorzitter concludeert dat er verder geen vragen zijn en dat de zienswijze voor de hoorcommissie helder is. 3
Sluiting De voorzitter dankt eenieder voor diens aanwezigheid en sluit de hoorzitting om 19.55 uur.
Hoorcommissie – 22 juni 2022
Inzake ontwerpbestemmingsplan ‘t Veld te Geffen
Pag. 7