20230821 LK rapportage varianten en deelgebieden
Tekst van het document
DUURZAME POLDER ONTWIKKELING VARIANTEN planMER EN UITWERKING DEELGEBIEDEN
H+N+S Landschapsarchitecten Open Kaart mmv Witteveen+Bos
21-08-2023
2
H+N+S · DUURZAME POLDER
INHOUD
H+N+S Landschapsarchitecten Open Kaart mmv Witteveen+Bos
1. INLEIDING
5
4. D E E LG E B I E D S U IT W E R K I N G E N
34
Aanleiding en doel project Duurzame Polder
5
Overzicht deelgebieden
34
Ontwerpend onderzoek
5
Deelgebied 1 | De weide
36
Over dit rapport
6
Deelgebied 2 | Stadsrand Den Bosch
42
Leeswijzer
7
Deelgebied 3 | Stadsrand Oss
48
Deelgebied 4 | Overgang zand-klei
54
2. PROCES
9
Deelgebied 5 | De oeverwal
60
Ontwerpend onderzoek met inbreng van belanghebbenden
9
Algemene feedback bewoners
66
Terugblik vorige fase: brede verkenning
9
Tussenstand deze fase
10
5. HOE VERDER
68
Bijeenkomsten en consultatie
11
Nieuwe lessen uit het MER en andere onderzoeken
69
Volgende fase
12
Toewerken naar één voorkeursalternatief
69
Inbreng van belanghebbenden in deze fase
70
3 . VA R I A N T E N W I N D E N E R G I E
14
Belemmeringen
14
Varianten voor de MER
14
4
H+N+S · DUURZAME POLDER
INLEIDING
5
1. INLEIDING AANLEIDING EN DOEL PROJECT DUURZAME POLDER De gemeenten Oss en ’s Hertogenbosch werken sinds 2017 samen met de provincie en het Rijk aan plannen voor de Duurzame Polder. In dit gebied, gelegen tussen Oss, ’s-Hertogenbosch en de Maas, hebben de gemeenten het voornemen om een belangrijk deel van de duurzame energieopgave van beide gemeenten te realiseren, als onderdeel van de Regionale Energie
gaat het o.a. om natuur, wonen, klimaatadaptatie, water, landbouw, recreatie, gezondheid en cultuurhistorie. Met de naam Duurzame Polder wordt het integrale karakter van de ontwikkeling aangegeven. Dit rapport vormt de basis voor het programma (instrument omgevingswet) dat in de loop van 2023 verder uitgewerkt wordt.
ONTWERPEND ONDERZOEK
Strategie (RES) Noordoost Brabant. De keuze voor de Duurzame Polder is voor
Ontwerpend onderzoek wordt ingezet als één van de middelen om stap
gemeente ‘s-Hertogenbosch ook verankerd in de Visie energielandschap.
voor stap te komen tot een voorkeursalternatief waarin alle onderdelen op vanzelfsprekende wijze bij elkaar komen. Kenmerk van ontwerpend
Na het Klimaatakkoord kwamen zowel in Oss als in ’s-Hertogenbosch
onderzoek is het verkennen, bespreken en afwegen van uiteenlopende
(particuliere) initiatieven van de grond om in de Duurzame Polder plannen
mogelijkheden. Er wordt getekend, niet alleen als laatste stap van een
voor duurzame opwek te realiseren. De gemeenten hebben gekozen om eerst
planproces maar juist om tijdens dit proces nieuwe ontdekkingen te doen en
gezamenlijk een gebiedsverkenning uit te voeren. In 2020 leidde dat tot het
een gevoel te krijgen over gewenste en minder gewenste opties. Ontwerpend
Eindrapport “Verkenning Duurzame Polder”, door beide gemeenteraden
onderzoek en participatie – ontwerpen samen met belanghebbenden – gaan
vastgesteld, waarin de Duurzame Polder als gebied voor grootschalige opwek
hand in hand. Het ontwerpend onderzoek bestaat uit een divergerende fase,
van duurzame energie is aangewezen. Dit wordt gedaan met windturbines.
waarin verschillende mogelijkheden worden verkend en een convergerende fase waarin wordt getrechterd richting één voorkeursalternatief.
De duurzame energieopgave is een concreet gekwantificeerde en in de
Naast het ontwerpend onderzoek en de participatie geeft ook de MER-
tijd leidende opgave voor het gebied en de directe aanleiding voor de
beoordeling van een aantal alternatieven belangrijke informatie om tot het
planvorming. Daarnaast is er opdracht om integraal te kijken naar waarden en
voorkeursalternatief te komen. Net als de aanscherping van uitgangspunten
kansen voor de Duurzame Polder. Naast de opwekking van duurzame energie
en doelen die gaandeweg het proces plaatsvindt.
H+N+S · DUURZAME POLDER
6
OVER DIT RAPPORT Dit rapport bevat de tussenresultaten van het ontwerpend onderzoek in juli 2023. De inhoud is in mei breed gedeeld middels diverse fysieke momenten en een online tool. De reacties op de tussenresultaten zijn ook in dit rapport weergegeven. De kern van dit rapport bestaat uit één specifieke uitwerking per deelgebied binnen de Duurzame Polder. Door de polder in deelgebieden uit te werken, is het mogelijk specifieker op kwaliteiten en ideeën voor de polder in te gaan. Deze uitwerking is tot stand gekomen op basis van reflectie op de zeer verschillende denkrichtingen voor de polder als geheel in de vorige ontwerpfase. Hierbij werd ook geconstateerd dat de exacte plaatsing van de
Ontwerpend onderzoek fase in de context van de gehele planning
windturbines niet altijd één op één te maken heeft met de andere ambities. De mogelijkheden voor de plaatsing van windturbines en de overige ambities in de polder zijn daarom - tijdelijk - als twee sporen uitgewerkt. Voor een beter beeld over de beste plaatsingszones voor de windturbines wordt nu vooral het planMER-onderzoek benut. Als hierover in de volgende fase meer duidelijk wordt, zullen de mogelijkheden voor windenergie en overige ambities binnen het voorkeursalternatief weer samenkomen. Omwille van het complete beeld zijn beide sporen, dus ook de alternatieven voor het planMER, in dit rapport opgenomen.
INLEIDING
LEESWIJZER Dit tussenrapport bestaat uit vijf hoofdstukken. Na deze inleiding geeft hoofdstuk 2 een overzicht van het planproces als geheel en waar we ons op dit moment bevinden. Hoofdstuk 3 presenteert de planMER-varianten en voorbeeldopstellingen. In hoofdstuk 4 komt de uitwerking van de deelgebieden aan bod. Hoofdstuk 5 blikt vooruit op het vervolg. Voor de eerdere stappen van het ontwerpend onderzoek – een inventarisatie van kenmerken, waarden en kansen én de verschillende denkrichtingen - wordt verwezen naar de tussenrapportage (14/03/2023).
7
8
H+N+S · DUURZAME POLDER
PROCES
9
2. PROCES ONTWERPEND ONDERZOEK MET INBRENG VAN BELANGHEBBENDEN Om mogelijkheden in de breedte te verkennen, lokale kennis te benutten en zorgvuldige afwegingen vanuit verschillende perspectieven te kunnen maken, wordt inbreng van belanghebbenden gevraagd in elke stap van het ontwerpend onderzoek, ook in deze fase.
BIJEENKOMSTEN MET VERTEGENWOORDIGERS VAN DE DIVERSE BELANGEN
In deze fase hebben we twee bijeenkomsten met vertegenwoordigers van belanghebbenden georganiseerd. De conceptresultaten die hieruit voortkwamen, zijn vervolgens breder gedeeld. Alle belanghebbenden en belangstellenden hadden de kans online en indien gewenst ook fysiek kennis te nemen van de tussenresultaten. Online werd feedback verzameld op deze tussenresultaten.
T E R U G B L I K V O R I G E FA S E : B R E D E VERKENNING
We organiseren hiervoor bijeenkomsten met vertegenwoordigers van de
We bouwden in deze fase voort op de resultaten van de vorige fase. In de
diverse belangen in de polder. Betrokken belanghebbenden in de fases tot nu
vorige fase hebben we in de breedte verkend wat mogelijk is in de Duurza-
toe zijn o.a. bewoners (vertegenwoordigd door bewonersgroepen, dorpsbe-
me Polder. Het resultaat was een tussenrapport met 16+8 varianten voor de
langenverenigingen en wijkraden), initiatiefnemers uit Oss, natuurorgani-
Duurzame Polder. Voor deze varianten is een quick scan milieu gedaan, om
saties, de agrarische natuurvereniging, ZLTO, heemkundige kringen, lokale
een eerste indruk te krijgen hoe de varianten scoren op milieuaspecten zoals
energiecoöperaties, waterschap Aa en Maas en Brabant Water.
geluid. Door een breed scala aan varianten te tekenen, konden we concreet in gesprek met belanghebbenden over de toekomst van de Duurzame Polder. In
De resultaten van deze bijeenkomsten delen we vervolgens telkens breder.
deze gesprekken hebben we geleerd waar we rekening mee moeten houden
Zo krijgt iedereen de kans op de hoogte te blijven van de voortgang en kan
vanuit verschillende belangen.
iedereen reageren op de tussenstand. De reacties uit de brede bijeenkomsten verwerken we waar mogelijk en nemen we mee naar de volgende stap, ter verrijking en verfijning van de resultaten.
H+N+S · DUURZAME POLDER
10
T U S S E N S TA N D D E Z E FA S E
voor deze zones onderzocht; het is voor het beoordelen van de milieueffec-
E E N K L E I N E R A A NTA L VA R I A NT E N T E R VO O R B E R E IDING OP HET MER (1)
redenatie. Door met zones te werken krijgen de gemeenten de milieueffecten
In deze fase hadden we de opdracht om toe te werken naar een kleiner aantal varianten, ter voorbereiding op het maken van een milieueffectrapport (MER). Het maken van een planMER is een wettelijk verplicht onderzoek, om het aspect milieu volwaardig mee te kunnen nemen in ruimtelijke ontwikkelingen. De manier waarop milieueffecten dienen te worden onderzocht, bepaalt de vorm van de producten in deze fase. Dit gaat gevoelsmatig wat in tegen de logica van een gezamenlijk ontwerpproces, waarin je itererend steeds een stapje preciezer wordt. Ter voorbereiding op het planMER dienden we juist weer een stapje abstracter te worden. Zo wordt gewerkt met plaatsingszones en niet (alleen) met voorbeeldopstellingen. Naar aanleiding van gesprek met de commissie MER zijn de varianten aangepast tot de definitieve varianten voor de MER. Deze zijn weergegeven in hoofdstuk 3. P L A AT S I N G S Z O N E S V O O R W I N D T U R B I N E S Plaatsingszones zijn zones waarin turbines nog op verschillende manieren geplaatst zouden kunnen worden. In het planMER worden de milieueffecten
ten nog niet relevant wat de exacte locatie van de windturbines is, zo is de van de hele zone in beeld, niet alleen van één turbinepositie. Dit geeft meer informatie om later nog wat te kunnen schuiven met turbines en zo tot een optimaal voorstel te komen. VA R I A N T E N D I E W E Z E N L I J K VA N E L K A A R V E R S C H I L L E N Het is belangrijk dat de varianten waarvan een planMER wordt gemaakt wezenlijk van elkaar verschillen; alleen zo kunnen de gemeenten straks namelijk onderbouwen welke richting het beste voor het gebied is. We hebben daarom nog niet naar één voorstel toegewerkt, maar onderscheidende varianten gemaakt. VA R I A N T E N D I E N O G G E E N R I C H T I N G E N U I T S L U I T E N Om te onderbouwen wat het beste ontwerp voor het gebied is, mogen we bij voorbaat niet zomaar richtingen uitsluiten. Het planMER toetst effecten op basis van wettelijke kaders. Kaders die aanvullend zijn meegegeven door de politiek, zoals de gewenste afstanden tot de bebouwde kom, zijn geen wettelijke kaders. In het planMER moeten daarom ook mogelijkheden buiten het politiek afgesproken zoekgebied meegenomen worden.
PROCES
UITWERKING VAN DEELGEBIEDEN (2) Naast de varianten met plaatsingszones voor windturbines, zijn er natuurlijk
11
B I J E E N K O M S T E N E N C O N S U LT A T I E
ook allerlei andere wensen en ambities voor de Duurzame Polder. Ook hier
BIJEENKOMSTEN 20 APRIL EN 10 MEI
hebben we in de vorige fase veel ideeën en informatie over opgehaald onder
In de bijeenkomsten met vertegenwoordigers van de diverse belangen in en
bewoners, boeren, natuurorganisaties en andere belanghebbenden. Om deze
rond de polder onderzoeken we waar en in hoeverre belangen te verenigen
ideeën een stap verder uit te kunnen werken, hebben we in deze fase inge-
zijn en waar keuzes gemaakt moeten worden. In het geval van keuzes zetten
zoomd op deelgebieden. Sommige opgaven of kwaliteiten zijn immers rele-
we keuzemogelijkheden op een rij en verkennen we de consequenties van die
vanter voor het ene deel van de polder dan voor het andere deel. Zo bleek in de
keuzes vanuit de verschillende perspectieven. In deze fase zijn twee van der-
bijeenkomsten met belanghebbenden dat er aan de randen van de polder, in
gelijke bijeenkomsten georganiseerd, op 20 april en 10 mei 2023.
de overgang naar dichter bewoond gebied, andere kansen en mogelijkheden zijn dan in het open midden van de polder.
Het doel van de bijeenkomst op 20 april was het vergelijken en leren van de 16+8 varianten uit de vorige fase, om met elkaar de wezenlijk onderscheiden-
Voor elk deelgebied is een eigen ruimtelijk verhaal ontwikkeld, waarin ver-
de aspecten te ontdekken. Deze zijn namelijk belangrijk voor het uitwerken
schillende thema’s integraal samenkomen. Deze thema’s zijn o.a. landbouw,
van onderscheidende varianten in deze fase. Minder onderscheidende as-
landschap, water en klimaatadaptatie, natuur, recreatie, cultuurhistorie en
pecten komen later weer aan bod, wanneer we naar één voorkeursalternatief
(woon)beleving.
toewerken. Voor het vergelijken van de 16+8 varianten vroegen we zowel betrokken experts als de belanghebbenden zelf om kennis te delen m.b.t. de
In de zomermaanden worden ook deze thema’s beoordeeld en/of verder on-
verschillende aspecten in relatie tot de varianten. Ook gebruikten we de reac-
derzocht. Zo loopt er bijvoorbeeld een aanvullende onderzoek naar de natuur-
ties van de gemeenteraden.
waarden in de polder. Op basis van de inbreng uit de bijeenkomst op 20 april maakten we een opzet voor vier a vijf varianten ter voorbereiding op het planMER en werkten we een
H+N+S · DUURZAME POLDER
12
voorstel voor verschillende deelgebieden in de polder uit. In de bijeenkomst
De reacties geven geen aanleiding de varianten op dit moment aan te pas-
op 10 mei spraken en tekenden we hier samen over door.
sen; wat nodig is om te onderzoeken volgt namelijk de logica van de MER. Wel geeft de feedback inzicht in de manier waarop mensen naar de verschil-
Op basis van de inbreng uit de bijeenkomsten, werkten we conceptresultaten
lende opties kijken, met welke argumenten ze voorkeur uitspreken of juist
uit om breder te delen.
bezwaren maken. Deze inbreng is essentieel om straks mee te nemen in de beoordeling en weging van de varianten. Hier leggen we immers aspecten uit
B R E D E C O N S U LT A T I E 3 0 M E I – 1 1 J U N I
milieuoogpunt naast andere relevante aspecten die door verschillende be-
De conceptvarianten en conceptuitwerkingen van de deelgebieden zijn voor-
langhebbenden, waaronder bewoners, als belangrijk worden ervaren.
gelegd aan een breder publiek. Bewoners en andere belanghebbenden konden online kennis nemen van en reageren op de stand van zaken. Daarnaast zijn
De deelgebiedsuitwerkingen zijn op een aantal onderdelen aangescherpt naar
in Oss, Rosmalen, Lith, Nuland en Geffen fysieke momenten georganiseerd
aanleiding van de reacties. Onder andere: minder nadruk op recreatie rond de
waarbij mensen werden meegenomen in de tussenresultaten en de mogelijk-
Hertogswetering, meer aandacht voor behoud van bestaande natuurwaarden,
heid hadden te spreken met leden van het projectteam.
de afschermende werking van bos- en beplanting rond de Groote Wielen en in het overgangsgebied naar het zand. Ook voor de deelgebiedsuitwerkingen
Van de online reactie mogelijkheid is goed gebruik gemaakt (1156 responden-
geldt ook dat er geen grote wijzigingen zijn, maar dat de reacties helpen bij de
ten). Wilt u meer informatie over de online consultatie? Hier vindt u de gehele
verdere afweging en daarna de uitwerking van het voorkeursalternatief. Met
samenvatting op een rij.
de feedback daarop -en ook op de varianten- kunnen we straks gerichter en passender tot een VKA komen.
V E R W E R K I N G R E S U LT A T E N De binnengekomen reacties helpen ons om de verschillende belangen zo compleet mogelijk te leren kennen en tot betere resultaten te komen. De reac-
V O L G E N D E FA S E
ties op de varianten en deelgebieden zijn opgenomen in dit rapport. Ze laten
Na de zomer, wanneer het MER gemaakt is, werken we toe naar één voor-
een uiteenlopend beeld zien, wat aangeeft dat het onderzoek op dit moment
keursalternatief. We hoeven hierbij niet één van de varianten te kiezen, maar
nog voldoende breed is om uiteindelijk keuzes te kunnen maken.
mogen opnieuw recombineren, aanpassen en doorontwerpen op basis van de nieuwe inzichten, om tot een uiteindelijk voorstel te komen. Hoe dit proces eruit ziet, wordt verder toegelicht in hoofdstuk 5.
PROCES
13
DIT RAPPORT
H+N+S · DUURZAME POLDER
14
3. VARIANTEN WINDENERGIE Dit hoofdstuk geeft een beknopt overzicht van de varianten voor windenergie
paalde voorwaarden mogen staan. Dit is bijvoorbeeld het beschermde natuur-
en bijhorende voorbeeldopstellingen die in het planMER-onderzoek betrok-
gebied (Natuur Netwerk Brabant) en de gebieden die zijn aangewezen voor
ken worden.
ganzen en smienten.
BELEMMERINGEN
VARIANTEN VOOR DE MER
Bij het maken van de varianten wordt er rekening gehouden met waar het
Het gebied dat overblijft als er rekening wordt gehouden met de belemmerin-
niet mogelijk is om windturbines te plaatsen. Dit worden belemmeringen
gen en aandachtspunten, is het gebied waar het effect van het plaatsen van
genoemd.
windturbines zal worden onderzocht.
Geluid
Om de effecten van windturbines in de Duurzame Polder te onderzoeken en
Het is vanwege geluidsnormen in principe niet toegestaan om windturbi-
te vergelijken, zijn er varianten ontwikkeld met verschillende zones waar
nes dicht bij woningen te plaatsen (tenzij de woning een ‘molenaarswoning’
windturbines kunnen staan. Deze varianten worden in de zomer onderzocht.
wordt). De oranje vlekken geven de afstand aan die je (ongeveer) moet aan-
Uit dit onderzoek leren we waar windturbines meer of minder impact hebben,
houden bij een geluidsnorm van 47 dB Lden. De precieze afstand die nodig
bijvoorbeeld op het gebied van geluid of op weidevogels.
is, verschilt per type turbine. Wanneer de keuze voor een type windturbine is gemaakt, wordt de afstand preciezer berekend.
Om na de zomer te onderbouwen wat het beste ontwerp voor het gebied is, worden er bij voorbaat geen richtingen uitgesloten. De varianten die on-
Hoogspanningsleidingen, buisleidingen en waterwingebied
derzocht worden zijn daarom breed. Ze kijken bijvoorbeeld ook buiten het
Verder mogen er geen turbines staan in het waterwingebied in de polder, op
zoekgebied dat door de gemeenteraden is meegegeven. Want alleen als je iets
buisleidingen onder de grond en nabij hoogspanningsleidingen.
onderzoekt, kun je onderbouwen waarom het wel of juist geen goede optie is. Na de zomer wordt er met behulp van deze en andere inzichten stap voor stap
Aandachtspunten: natuurgebieden en rust-/foerageergebieden
toegewerkt naar het beste ontwerp voor dit gebied. Dit gebeurt ook weer in
Daarnaast zijn er plekken in de polder waar windturbines alleen onder be-
gesprek met belanghebbenden. Alle belangen worden hier zo goed mogelijk
VARIANTEN WINDENERGIE
afgewogen. Tijdens de planMER-procedure worden de milieueffecten van de verschillende ruimtelijke varianten onderzocht. Met deze informatie kunnen we aan de slag met het maken van één ontwerp. We hoeven hierbij niet één variant te kiezen, maar mogen met de nieuwe informatie tot een nieuwe plaatsingszone komen. In het maken van één ontwerp spelen milieuaspecten mee, maar ook andere aspecten. Bijvoorbeeld de politieke afwegingen voor de 1 of 2 km afstand tot de kernen. Er zijn verschillende varianten gemaakt, met elk hun eigen uitgangspunt om te onderzoeken. Dit hoofdstuk beschrijft de vijf verschillende varianten die zijn ontwikkeld tijdens het ontwerpend onderzoek. Per variant worden kort de overwegingen beschreven, en eventueel een voorbeeld uitwerking ter illustratie toegelicht. Vervolgens wordt er per variant een samenvatting gegeven van de feedback van de bewoners (gebaseerd op de input van de online tool). ◼
Variant 1: basisvariant
◼
Variant 2: geluid
◼
Variant 3: landschap
◼
Variant 4: natuur
◼
Restruimte
Belemmeringen
Per variant zijn de plaatsingszones voor windenergie op kaart weergeven in twee groentinten. Deze geven aan waar de twee turbinetypes die in het MER onderzocht worden, geplaatst kunnen worden.
Aandachtspunten
15
16
H+N+S · DUURZAME POLDER
VARIANT 1 | BASISVARIANT
VARIANTEN WINDENERGIE
OVER DE VOORBEELDOPSTELLINGEN
VARIANT 1 | BASISVARIANT
Per variant (behalve voor variant 5 – restruimte) zijn 1 of 2 voorbeeldopstel-
De eerste variant houdt in ‘s-Hertogenbosch rekening met de politieke keu-
lingen van windturbines binnen de plaatsingszones gemaakt. Deze sluiten
ze om minstens 1 km afstand te houden tot de bestaande bebouwde kom (en
zoveel mogelijk aan bij het gedachtegoed van de betreffende variant. Ook
gerekend vanaf de grens van het in procedure zijnde bestemmingsplangebied
wordt er een aantal specifieke plaatsingsprincipes gehanteerd (bijvoorbeeld
“De Groote Wielen Noordoosthoek”). Voor gemeente Oss wordt ten minste 2
clusteren of spreiden) en wordt er gevarieerd met de grootte en het aantal
kilometer afstand gehouden van de bestaande bebouwde kom. Deze afstanden
windturbines. Waar mogelijk zijn belemmeringen zoals natuurgebieden ont-
zijn met de rode lijn aangegeven. Het beschikbare gebied voor windturbines
zien, ook als ze wel onderdeel uitmaken van de zoekruimtes. Op deze manier
binnen de 1 en 2 km grenzen is in groen aangegeven. De eerste variant onder-
wordt een breed pallet aan concrete mogelijkheden in beeld gebracht. Er is
zoekt de effecten van windturbines in deze groene zone.
geen volledigheid nagestreefd: ook andere opstellingen zijn mogelijk. Voor het aantal windturbines wordt bij alle opstellingen in eerste instantie telkens
De groene zone noemen we een plaatsingszone. Deze zone wordt bepaald
uitgegaan van de energie-opgave. Opstelling 1.3 laat een grotere opwek zien.
door de belemmeringen, aangevuld met andere uitgangspunten. In dit geval
Ook laat een aantal opstellingen juist minder windturbines zien, als conse-
is dat de politieke keuze om afstand tot de dorpen te houden.
quentie van de beschikbare ruimte en/of ruimtelijke principes in een bepaalde variant. Er wordt echter altijd gestreefd naar zo dicht mogelijk benaderen van de energie-opgave. Voor ’s-Hertogenbosch is hiervoor in een aantal gevallen uitgegaan van 8 windturbines van het grootste type, omdat de opwek hiervan ongeveer overeenkomt met 16 turbines (de formele opgave) van het kleinste type.
17
H+N+S · DUURZAME POLDER
18
VOORBEELDOPSTELLING 1.1
VARIANT 1 | FEEDBACK BEWONERS Veruit de meeste bewoners die via de online consultatie hebben gereageerd op de varianten, geven aan dat ze het zeer belangrijk vinden om afstand te houden tot de kernen in gemeente Oss en Den Bosch. Of dat de 1 km en 2 km afstand moet zijn die de politiek heeft meegegeven, daar zien we verschillende meningen. Iets meer dan de helft van de mensen geeft aan deze afstanden belangrijk te vinden om aan te houden. Iets minder dan de helft van de mensen geeft aan dit niet belangrijk te vinden. In de aanvullende opmerkingen pleit een groot aantal mensen ervoor de afstanden in Oss en Den Bosch gelijk te trekken (bedoeld wordt overal 2 kilometer); Bosschenaren begrijpen niet goed waarom voor hen 1 km wordt gehanteerd. Enkele bewoners vragen aandacht voor de positie van ’t Wild. Deze Osse kern ligt dicht bij de gemeentegrens en ligt daarom ook op de overgang van 1 naar 2 km. Men geeft aan dat het belangrijk is dat er ook 2 km afstand van ’t Wild wordt gehouden. Anderen geven aan niet aan afstanden van 1 en 2 km te hechten omdat ze niet goed zijn onderbouwd. Er zijn al afstanden gekozen, terwijl nog onbekend is welk type windturbine gekozen gaat worden en wat dit type vraagt. De afstand zou bepaald moeten worden op basis van geluidsoverlast en zicht. Kies voor de maximaal mogelijke afstand, geven mensen aan, staar niet blind op de 1 of 2 km.
Een aantal mensen geeft mee: als het meer dan 2 km kan zijn, ga daar dan voor. Anderen vragen zich juist af of de afstand van 2 km niet te beperkend is om tot een goed plan te komen.
Deze reactie is gebaseerd op de concept versie die is voorgelegd in de periode 30 mei – 11 juni 2023.
Uitgangspunt voor deze opstelling is dat voldaan wordt aan de energie-opgave met windturbines van het kleinste type (uit het MER onderzoek). Voor ’s-Hertogenbosch kunnen er op deze manier de gewenste 16 turbines geplaatst worden en voor Oss zijn 14 turbines nodig. Ruimtelijke principes voor de opstelling zijn clusteren en zoveel mogelijk plaatsing in lange regelmatige lijnen.
VARIANTEN WINDENERGIE
VOORBEELDOPSTELLING 1.2
VOORBEELDOPSTELLING 1.3
Uitgangspunt voor deze opstelling is dat voldaan wordt aan de energie-opgave met windturbines van het grootste type (uit het MER onderzoek). Voor ’s-Hertogenbosch kunnen er op deze manier de gewenste 16 turbines geplaatst worden en voor Oss zijn 7 turbines nodig. Ruimtelijke principe voor de opstelling is clusteren. We zien dat het voor Oss de turbines meer richting de Hertogswetering kunnen blijven, terwijl voor ’s-Hertogenbosch het gehele zoekgebied benut wordt.
Deze opstelling laat zien wat een royale energie-opwek is die binnen het zoekgebied gerealiseerd kan worden. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van het grootste type windturbines. In ’s-Hertogenbosch is de opstelling gelijk aan 1.2. In Oss zijn 15 turbines geprojecteerd, verspreid in het zoekgebied. Er zijn bij deze opstelling geen ruimtelijke principes toegepast.
19
H+N+S · DUURZAME POLDER
20
VARIANT 2 | GELUID
VARIANTEN WINDENERGIE
VARIANT 2 | GELUID De variant Geluid onderzoekt plaatsingszones die rekening houden met een strengere geluidsnorm. Dit wordt gedaan, omdat nog niet duidelijk is welke geluidsnormen in de toekomst van toepassing zijn. Door een strengere geluidsnorm te onderzoeken dan de geluidsnorm die als belemmering is aangehouden (47 dB Lden met 3 dB mitigatie) wordt inzichtelijk wat de potentiële effecten zijn bij een strengere geluidsnorm. Voor woningen in het buitengebied wordt daarom een afstand aangehouden die past bij een geluidsnorm van 45 dB Lden (met mitigatie). De afstand van 1 km van de bebouwde kom in de gemeente ’s-Hertogenbosch blijft behouden. Deze afstand wordt in deze variant ook voor de gemeente Oss aangehouden. De 1 km komt namelijk min of meer overeen met een geluidsnorm van 42 dB Lden (zonder mitigatie). In de Quickscan is deze berekend voor een ‘harde’ ondergrond. De contouren die passen bij een ‘zachte’ ondergrond worden op dit moment nog onderzocht. Hierdoor zal de variant nog wijzigen. Daarnaast wordt de mogelijkheid onderzocht om de plaatsingszones binnen bovenstaande belemmeringen en de hiervoor genoemde voorwaarden op een zo groot mogelijk afstand van zoveel mogelijk woningen te plaatsen.
21
22
H+N+S · DUURZAME POLDER
VARIANT 2 | FEEDBACK BEWONERS Variant 2 gaat uit van een strengere geluidsnorm. De meeste mensen geven aan het belangrijk te vinden om een strengere geluidsnorm te gebruiken. Of het een goed idee is om in de kernen rondom de polder een strengere norm te hanteren dan in de polder zelf zijn de meningen verdeeld. Een kleine meerderheid van de respondenten vindt dit niet belangrijk; iets minder dan de helft van de mensen vindt dit juist wel belangrijk. De redenatie daarbij is meestal dat mensen in de polder profiteren van de opbrengsten van de windturbines. Anderen wijzen erop dat dit niet altijd zo is en het dus ook niet zomaar gerechtvaardigd is om een andere norm te hanteren voor mensen die in de polder wonen. Daarnaast licht een aantal mensen toe dat ze in principe voor strengere geluidsnormen zijn, maar het belangrijker vinden dat de 1 en 2 km afstanden gehanteerd worden. Er zijn meer redenen dan geluid om deze afstanden te hanteren.
Deze reactie is gebaseerd op de concept versie die is voorgelegd in de periode 30 mei – 11 juni 2023.
23
VOORBEELDOPSTELLING 2.1
VOORBEELDOPSTELLING 2.2
Bij deze opstelling wordt uitgegaan van het kleinste type windturbines, binnen de plaatsingszones die volgen uit het anders omgaan met geluid. Ook worden de windturbines in deze opstelling zoveel mogelijk geclusterd in het westelijke deel van de polder en worden ‘op zichzelf staande’ individuele turbines vermeden. Dit leidt tot een opstelling met 13 turbines op het grondgebied van Oss en 17 op het grondgebied van ’s-Hertogenbosch.
Bij deze opstelling wordt uitgegaan van het grootste type windturbines, binnen de plaatsingszones die volgen uit het anders omgaan met geluid. Ook worden de windturbines in deze opstelling zoveel mogelijk geclusterd in het westelijke deel van de polder en worden ‘op zichzelf staande’ individuele turbines vermeden. Dit leidt tot een opstelling met 7 grote turbines op het grondgebied van Oss en 4 op het grondgebied van ’s-Hertogenbosch.
24
H+N+S · DUURZAME POLDER
VARIANT 3 | LANDSCHAP
VARIANTEN WINDENERGIE
VARIANT 3 | LANDSCHAP De variant Landschap onderzoekt wat de effecten zijn van plaatsingszones bij het plaatsen van windturbines in een regelmatige opstelling in de vorm van lange lijnen of een grid. De Commissie MER heeft geadviseerd om voor de variant Landschap vanuit het landschappelijke belang te redeneren. Om deze reden wordt onderzocht wat de mogelijkheden zijn om een landschappelijk optimale invulling te realiseren als windturbines dichter bij de woningen in het buitengebied komen te liggen. Deze variant sluit daarom niet uit dat molenaarswoningen nodig zijn. Op dit moment wordt onderzocht hoe binnen de variant gekomen kan worden tot een optimale plaatsingszone vanuit landschappelijk oogpunt. Hierbij wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met geluidcontouren rond woningen.
25
26
H+N+S · DUURZAME POLDER
VARIANT 3 | FEEDBACK BEWONERS Een groot deel van de mensen geeft aan het belangrijk te vinden dat de turbines zo compact mogelijk geplaatst worden in een klein gebied. Over het opstellen in lijnen zijn de meningen verdeeld. Een deel van de mensen vindt dit belangrijk, anderen geven aan dit niet of niet zo belangrijk te vinden. In de opmerkingen bij deze variant wordt toegelicht dat lijnen mooi zouden zijn, maar niet ten koste van alles. Als het rendement van de turbines negatief beïnvloedt bijvoorbeeld, of als het minder goed voor vogels zou zijn. De compactheid krijgt veelal prioriteit boven orde in de opstelling. Een deel van de respondenten waardeert deze variant. De grotere afstand tot de kernen en de visuele rust worden als belangrijkste argumenten benoemd. Anderen wijzen juist op de nadelen. Een kleiner gebied verkleind de ruimte om energie op te wekken en betekent dat de windmolens in of nabij bestaande natuurgebieden kunnen komen.
Deze reactie is gebaseerd op de concept versie die is voorgelegd in de periode 30 mei – 11 juni 2023.
27
VOORBEELDOPSTELLING 3.1
VOORBEELDOPSTELLING 3.2
Hier is een opstelling met maximale ‘orde’ te zien, waarbij gebruik gemaakt wordt van het kleinste type turbines. Het gaat om twee dubbele lijnopstellingen, op afstand van elkaar. Tussen de opstellingen ligt, ten noorden van de Hertogswetering, bestaand natuurgebied. De windturbines staan op een regelmatige onderlinge afstand. In Oss worden op deze manier 14 turbines geplaatst en in ’s-Hertogenbosch 16, waarmee voldaan wordt aan de energie-opgave. Consequentie van deze opstelling is dat een aantal woningen aangemerkt moet worden als zogenaamde molenaarswoning.
Hier is een andere opstelling met maximale ‘orde’ te zien, waarbij gebruik gemaakt wordt van het grootste type turbines. In dit geval gaat het om één dubbele lijnopstelling. De windturbines staan op een regelmatige onderlinge afstand. In Oss én ’s-Hertogenbosch worden op deze manier 7 turbines geplaatst. Consequentie van deze opstelling is dat een aantal woningen aangemerkt moet worden als zogenaamde molenaarswoning.
H+N+S · DUURZAME POLDER
28
VA R I A NT 4 | N AT U U R
VARIANTEN WINDENERGIE
VA R I A NT 4 | N AT U U R De variant Natuur onderzoekt wat de effecten zijn als de plaatsingszones beschermde natuurgebieden en gebieden waar veel weidevogels zitten vermijden. In het plangebied liggen twee soorten beschermde natuurgebieden: het Natuurnetwerk Brabant (inclusief ecologische verbindingszones) en een rust- en foerageergebied voor ganzen en smienten. Wat betreft windturbines in deze gebieden geldt vanuit de provinciale regelgeving een ‘nee, tenzij’ beleid. Daarnaast liggen er gebieden die onderdeel zijn van de Groenblauwe mantel. Ook zijn er twee kerngebieden voor weidevogels aan te wijzen. Deze zijn niet wettelijk beschermd, maar de soorten die er voorkomen zijn wel beschermd onder de Wet natuurbescherming. Dit komt omdat deze gebieden wettelijk en/of planologisch niet beschermd zijn. De gebieden tussen de kerngebieden voor weidevogels zijn uitgesloten, om vliegbewegingen mogelijk te maken. Ten slotte zijn er beschermde soorten die instandhoudingsdoelstellingen kennen vanuit Natura 2000-gebieden die het plangebied gebruiken om bijvoorbeeld te foerageren. Om rekening te houden met de vliegbewegingen van en naar Natura 2000-gebied de Rijntakken is het noordwestelijke deel van het plangebied uitgesloten in de variant Natuur.
29
H+N+S · DUURZAME POLDER
30
VARIANT 4 | FEEDBACK BEWONERS De meeste mensen geven aan het belangrijk te vinden om natuurgebieden
Deze variant laat in ieder geval zien dat er keuzes gemaakt moeten wor-
en beschermde soorten te ontzien. Tegelijkertijd vindt een deel van de men-
den en dat niet alle belangen zomaar te combineren zijn. Men pleit er ook
sen dat dit niet boven de gezondheid van mensen mag gaan. Het ontzien van
voor de natuurafweging te maken met het grotere plaatje in beeld: we
bewoners heeft daarom voor hen prioriteit. Anderen geven aan dat het een
hebben als land natuur- en energiedoelen te halen; niet per deelgebied.
geven en nemen is voor zowel mens als natuur; er dient een goede balans
Als de natuur lokaal kleiner wordt, maar elders groter is dat voor sommi-
gevonden te worden. Het beperken van recreatie om natuur te sparen wordt
ge mensen verdedigbaar.
gezien als een slimme maatregel om aan deze balans bij te dragen. Ook pleiten enkele mensen om niet te denken vanuit bestaande natuur, Mensen die een opstelling van windturbines nabij de Hertogswetering als
maar vanuit de potentiële volhoudbare, toekomstbestendige natuur. De
meest gewenste optie zien, geven aan te begrijpen dat dit ten koste van na-
opbrengsten van de windenergie zouden nieuwe kansen moeten opleve-
tuurgebied daar gaat. Ze wijzen er echter op dat een compacte opstelling
ren, ook voor de natuur.
daar de kans biedt natuurwaarden buiten dit gebied juist te behouden en te versterken, bijvoorbeeld weidevogelgebied. En dat de opwek van duurzame energie ook bijdraagt aan de natuur, ondanks dat het betekent dat er lokaal windturbines in natuurgebied geplaatst moeten worden. Mensen geven aan het een goed idee te vinden dat er nauwkeuriger gekeken wordt naar de natuurwaarden in de polder, bijvoorbeeld vliegroutes van vogels. Wellicht dat de windmolens ook iets opleveren voor de natuur, omdat je gebieden kunt maken waar nauwelijks nog mensen komen, zo geven enkele mensen aan.
Deze reactie is gebaseerd op de concept versie die is voorgelegd in de periode 30 mei – 11 juni 2023.
31
VOORBEELDOPSTELLING 4.1
VOORBEELDOPSTELLING 4.2
Uitgangspunt voor deze opstelling is invulling van de energie-opgave met het kleinste type windturbines binnen de plaatsingszones waar het minste nadelige effect op natuur verwacht wordt. Als ruimtelijk principe wordt aangesloten bij het gebied ten zuiden van de Hertogswetering, het ten opzichte van het midden van de polder iets meer besloten landschap op de overgang van zand naar klei. We zien hier twee door open ruimte gescheiden ‘windvelden’ voor Oss en s‘-Hertogenbosch.
Hier is, uitgaande van dezelfde principes als bij opstelling 4.1, getoond wat er mogelijk is wanneer gebruik gemaakt wordt van het grootste type windturbine. Er is in dit geval voor zoveel mogelijk open houden van het middengebied van de polder en een plaatsing met korte lijnopstellingen. Voor Oss en ’s-Hertogenbosch worden hierbij bovendien verschillende richtingen aangehouden.
H+N+S · DUURZAME POLDER
32
RESTRUIMTE TURBINE TYPE 1
De variant Restruimte onderzoekt plaatsingszones die nog niet in de andere varianten zijn onderzocht. Daarnaast wordt, net als bij een aantal andere varianten, onderzocht wat de milieueffecten zijn bij het toepassen van zogenaamde ‘molenaarswoningen’. Dit zijn woningen die dichter bij windturbines liggen. Hierbij moet wel worden aangetoond dat deze woningen een binding hebben met de windturbines. Deze variant zorgt er zo voor dat inzicht wordt verkregen in de effecten van windturbines op alle potentieel beschikbare plekken in het plangebied. Deze variant is daarom meer een theoretische exercitie, om bij het voorkeursalternatief een zo optimaal mogelijke keuze te kunnen maken. Voor deze variant zijn geen voorbeeldopstellingen ontwikkeld.
VARIANTEN WINDENERGIE
RESTRUIMTE TURBINE TYPE 2
33
H D +E N EL +G S E· BDI E U DU SR UZ IATM WEE R PK O ILNDGEERN
34
DE OEVERWAL
DE WEIDE
S TA D S R A N D O S S
S TA D S R A N D DEN BOSCH
OVERZICHT DEELGEBIEDEN
OVERGANG ZAND-KLEI
35
4. DEELGEBIEDSUITWERKINGEN OVERZICHT DEELGEBIEDEN In de Duurzame Polder wordt in de toekomst windenergie opgewekt, maar er wordt ook naar andere opgaven gekeken. Denk bijvoorbeeld aan het verbeteren van de waterkwaliteit, kansen voor landbouw, het versterken van de biodiversiteit of het verbeteren van de recreatieve mogelijkheden. In eerdere bijeenkomsten zijn allerlei ideeën hiervoor aangedragen door belanghebbenden in en rond de polder. Veel van deze ideeën staan eigenlijk los van de plek waar de windturbines precies komen. De ideeën kunnen gecombineerd worden met verschillende opstellingen. We gaan daarom apart in op deze ideeën. We delen een toekomstige, duurzame koers voor vijf verschillende deelgebieden in de polder, die elk hun eigen accent blijken te hebben. 1.
De weide
2.
Stadsrand Den Bosch
3.
Stadsrand Oss
4.
Overgang zand-klei
5.
De oeverwal
H+N+S · DUURZAME POLDER
36
D E E LG E B I E D 1 | D E W E I D E
DEELGEBIEDSUITWERKINGEN
DE WEIDE DEELGEBIED 1
BESCHRIJVING DEELGEBIED
landbouw. Boeren in het gebied werken samen met de gemeente Oss aan een
De weide beslaat het hele, voornamelijk agrarische middengebied. Midden
strategie voor verduurzaming, dit project heet de Uitvoeringsagenda Weste-
door de polder loopt de Hertogswetering.
lijke Polder. We zoeken waar het kan naar slimme combinaties in de plannen uit de Uitvoeringsagenda en de ideeën voor de Duurzame Polder.
Een duurzame koers voor dit gebied kan niet zonder een toekomstperspectief voor de agrarische sector. Het gebied is en blijft agrarische gebied, met
N AT U U R
een sterk accent op voedselproductie (voornamelijk melkveehouderij). In-
Ook al is het poldergebied voornamelijk agrarisch gebied, er zijn veel natuur-
tensieve samenwerking tussen boeren, terreinbeherende organisaties zoals
waarden te vinden. Rust, openheid en natte terreinomstandigheden vormen
Waterschap Aa en Maas, Brabants Landschap, Staatsbosbeheer, Natuurmo-
de basis hiervoor. Het gebied is bijvoorbeeld waardevol voor weidevogels.
numenten en belangengroepen kunnen helpen om toe te werken naar een
Behoud van de bestaande natuurwaarden is van belang. In ieder geval hoort
meer circulair landbouwgebied. Zo kan er gezamenlijk gewerkt worden aan
hierbij dat zoveel mogelijk van de verspreid gelegen gebieden met natuur-
perspectief voor de landbouw in combinatie met bijvoorbeeld het vergroten
waarden als grote, ononderbroken en onverstoord eenheid kunnen functio-
van de biodiversiteit.
neren. Hierbij wordt bijvoorbeeld gedacht aan het noordwesten van de polder rondom het waterwingebied van Brabant Water en het natuurterrein van
LANDBOUW
Staatsbosbeheer ten noorden van de Hertogswetering.
De landbouw in de Duurzame Polder bestaat voor het grootste deel uit melkveehouderij waarvan de blijvende veehouders de komende jaren verder inno-
Naast één groot, aaneengesloten gebied voor weidevogels is het voor sommi-
veren. Ze richten zich hierbij op schaalvergroting en efficiëntie of verbreding
ge weidevogelsoorten juist belangrijk verspreid door de polder plasdras-per-
en omschakeling. De kringlooplandbouw vormt het uitgangspunt voor verde-
celen te vinden. Een idee dat is geopperd tijdens één van de bijeenkomsten
re groei of verandering van de bedrijfsvoering en leidt mogelijk tot een meer
met belanghebbenden is om voor elke windturbine die geplaatst wordt extra
extensief landgebruik t.a.v. het aantal stuks vee per hectare. Daarnaast wordt
oppervlak voor weidevogels te realiseren, zodat de kansen voor weidevogels
ruimte gezocht hoe koppelkansen als energieopwekking, natuurontwikkeling
versterkt worden.
en -beheer en klimaatadaptatie leiden tot een duurzamer perspectief voor de
37
H+N+S · DUURZAME POLDER
38
De kleinere weteringen, waterlopen en sloten vormen samen een fijnmazige
niet door iedereen omarmd. Ook het waterschap heeft aangegeven hier geen
netwerk waar een extensief beheer kan leiden tot het ontstaan van ruigere
voorkeur aan te geven. Vanuit de belanghebbenden is het wel denkbaar om de
randen. Hier hebben bijvoorbeeld insecten baat bij. Kleine diertjes vormen
fiets- en wandelverbindingen aan de randen van de polder te versterken en zo
weer een broodnodige aanvulling op het dieet van de weidevogels. Aan-
verbinding te leggen met de kernen aan de randen van het gebied.
dachtspunt is het beschermen van weidevogels tegen roofdieren. L A N D S C H A P E N C U LT U U R H I S T O R I E De Hertogswetering en de Hoefgraaf vormen de doorgaande verbindingen
Het polderlandschap wordt gekenmerkt door zijn weidsheid, grootschalige
door de polder voor diersoorten die gebonden zijn aan natte natuur. Het
verkaveling, grote boerenerven als eilanden in de ruimte en het ontbreken
vinden van een evenwicht tussen enerzijds het faciliteren van soorten als de
van beplantingselementen als lanen, singels. De eendenkooien breken samen
otter en aan de andere kant het zo optimaal mogelijk inrichten van het gebied
met de erven de leegte van het polderland. De uitgesproken leegte en verge-
rondom de Hertogswetering voor de weidevogel, vormt nog een stevig dis-
zichten worden door de belanghebbenden zeer gewaardeerd. Het ligt niet voor
cussiepunt. Weidevogels zijn gebaat bij een open landschap, de otter gedijt
de hand in de polder nieuwe beplantingsstructuren toe te voegen. Het behou-
juist bij de aanwezigheid van een variatie aan natuurelementen zoals ruigte,
den en inpassing van de eendenkooien is een aandachtspunt. Wel kan aan de
dichte bosschages, poelen en moerassen.
randen van de polder, waar al meer lanen en bomenrijen aanwezig zijn, hier en daar een gat in een laan of bomenrij gevuld worden. Meer erfbeplanting is
W O N E N E N ( R E C R E AT I E V E ) B E L E V I N G
ook een idee.
Belanghebbenden geven aan dat ze weinig recreatieve kansen zien in het middengebied van de polder. De randen van de polder zijn veel aantrekkelijker
Vanuit cultuurhistorie zijn er ideeën en kansen de beleving van het landschap
voor de recreant. Wel wordt de wens geuit de onverharde wegen te behou-
te versterken. Zo zijn er plannen de fortificaties van de Zuidwaterlinie weer
den en zo het extensieve recreatienetwerk zo veel mogelijk intact te houden.
beleefbaar te maken. Daarnaast kan het verhaal van de Beerse Overlaat weer
Het idee van een fietspad langs de gehele Hertogswetering, dat in het begin
herkenbaar en beleefbaar worden gemaakt in het gebied. Letterlijk door bij-
van het ontwerpproces eens geopperd is, wordt vanuit verstoring van natuur
voorbeeld waterberging en plas-dras te concentreren langs de oude Beerse
DEELGEBIEDSUITWERKINGEN
39
IDEEËN VOOR DE UITWERKING VAN DE WEIDE
Innovatieve kringlooplandbouw De boeren in het gebied werken aan verduurzaming van de landbouw, zodat ook in de toekomst geboerd kan blijven worden. Samen met andere beheerders in de polder, zoals Brabant Water en natuurorganisaties combineren ze innovatieve landbouw met versterking van o.a. bodem- en waterkwaliteit en biodiversiteit.
Weidevogels Het is van belang zo veel mogelijk van de verspreid gelegen gebieden met natuurwaarden voor weidevogels als grote, ononderbroken en onverstoorde eenheden te kunnen laten functioneren. Bijvoorbeeld in het noordwesten van de polder en het natuurterrein van Staatsbosbeheer ten noorden van de Hertogswetering.
Natuur langs de Hertogswetering De Hertogswetering is een geschikte plek om natuurwaarden te versterken. Bijvoorbeeld voor de otter. De otter houdt van bosschages, poelen en moerassen. Aandachtspunt is dat weidevogels juist een open landschap nodig hebben. Openheid en meer groen moeten dus zorgvuldig afgestemd worden.
i i i i i
Fijnmazig netwerk van water en groen De kleinere weteringen en sloten vormen samen een fijnmazig ‘groenblauw’ netwerk. Door extensief beheer van de sloten en oevers, ontstaan er ruiger begroeide randen. Verhaal van Beerse Overlaat beleefbaar maken De Beerse Overlaat werd vroeger bij hoogwater als extra stroomgebied van de Maas gebruikt. Deze historie kan weer beleefbaar worden, bijvoorbeeld letterlijk door waterberging en plasdras te maken langs de oude Beerse Overlaat, of figuurlijk met wandelpaden die het oude stroomgebied volgen.
H+N+S · DUURZAME POLDER
40
Overlaat. Of meer figuurlijk door bijvoorbeeld een netwerk van kavel- en
FEEDBACK BEWONERS OP DE WEIDE
wandelpaden te creëren die het hele traject van de voormalige Overlaat ver-
Het versterken van de natuur langs de Hertogswetering is door de mensen
binden. Het weer betekenis geven van de oude hutten (schuilplekken in de tot
die hebben deelgenomen aan de online consultatie het vaakst benoemd als
halverwege de 20e eeuw lege polder) kan een andere verhaallijn worden in het
aansprekend idee voor dit deelgebied. Daarnaast springen zowel behoud als
beleefbaar maken van de Beerse Overlaat en de ontginningsgeschiedenis. De
uitbreiding van het weidevogelgebied eruit. Verder worden extensieve kring-
locatie van deze hutten wordt op de kaart aangegeven met een oranje ster.
looplandbouw en het versterken van het netwerk van sloten met natuurvriendelijke oevers relatief vaak gewaardeerd. De ideeën ter versterking van
W AT E R E N B O D E M
de cultuurhistorische waarden in de weide, zoals het zichtbaar maken van
Het principe ‘water en bodem sturend’ geldt door de hele polder. Dit betekent
het verhaal van de Beerse Overlaat en de historische hutten in het gebied zijn
dat de eigenschappen en grenzen van het water- en bodemsysteem worden
minder vaak geduid als aansprekend.
gerespecteerd. Verduurzaamd bodembeheer vormt de basis. Daarnaast moet de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater verbeteren. Uitspoeling en
Ter aanvulling wordt meegegeven dat het voorgestelde fijnmazige natuur-
afspoeling van mest en gewasbeschermingsmiddelen naar het water in de
netwerk niet te fijnmazig moet zijn. Het moet een robuuste maat en kwa-
polder moet zoveel mogelijk worden voorkomen. De provinciale reserverings-
liteit hebben. De structuur moet bestaande (en eventuele nieuwe) natuur
zones voor waterberging bieden aanleiding voor combinatie van meerdere
verbinden. Beheer is daarbij een belangrijk aandachtspunt voor succes. Het
doelen op gebied van water, natuur en ladnbouw.
zou helpen het beheer te zien als ‘ecosysteemdienst’, zodat boeren of andere grondeigenaren die er zorg voor dragen er een vergoeding voor ontvangen.
Uitputting van landbouwgronden moet worden voorkomen. Waar nodig moet
Enkele mensen pleiten voor meer versterking van landschap en biodiversiteit,
de bodem worden hersteld. Een ander bodembeheer voor gras- en gewasteel-
zoals heggen en struweel, met name voor insecten en kleine dieren.
ten is vaak noodzakelijk om meer organische stoffen in de bodem te krijgen en zo het bodemleven te verbeteren. Hiermee gaat ook het waterbufferend
Andere toegevoegde ideeën betreffen vooral recreatieve mogelijkheden. Veel
vermogen van de grond omhoog, waarmee effecten van klimaatverandering
mensen noemen dat het nu behoorlijk saai is voor fietsers en wandelaars.
zoals drogere zomers minder effect op de bedrijfsvoering van de agrariër en
Er wordt de suggestie gedaan een (onverhard) wandelpad te maken over de
het welbevinden van dieren en planten hebben.
DEELGEBIEDSUITWERKINGEN
dam tussen de Hertogswetering en de Roode Wetering. Wellicht zou ook de
WELKE IDEEËN VOOR DE WEIDE SPREKEN U HET MEESTE AAN?
ooit opgeblazen brug over de Hertogswetering hersteld kunnen worden, om
Overzicht van de resultaten van de online tool (juni 2023)
een nieuwe wandel- of fietsroute tussen Lith en Geffen te maken. De huidige noord-zuid fietsroutes worden als saai ervaren. Een aantal mensen geeft ook mee dat de fietsroute langs de (kaarsrechte) Maasdijk aan de polder kant ligt en eveneens vrij saai is. Een fietsroute buitendijks is recreatief interessanter. Er worden ook enkele suggesties gedaan om (kleinschalige) waterrecreatie mogelijk te maken, door kano steigers aan te leggen. Anderen geven juist mee om niet in dit deelgebied op recreatie te focussen. Het gebied onder windturbines is minder interessant voor recreatie; de randen van de polder zijn daar meer geschikt voor, zo geven ze aan. Waar sommige mensen aangeven dat er nog wel meer aandacht voor natuur en recreatie mag in dit gebied, geven anderen aan dat je het middengebied juist moet ontzien daarin. Er ligt al genoeg druk op boeren; het helpt de toekomst van de landbouw niet als er landbouwgronden verdwijnen. Tot slot wordt extra aandacht gevraagd voor de eendenkooien. In het verleden lagen er nog meer in het gebied, wellicht biedt dat aanknopingspunten voor de inrichting van de weide. De eendenkooien verwijzen naar het ruigere overstromingsgebied dat de polder ooit was; het bufferen van water wordt daarom ook genoemd als geschikte functie voor dit gebied.
41
H+N+S · DUURZAME POLDER
42
D E E L G E B I E D 2 | S TA D S R A N D D E N B O S C H
DEELGEBIEDSUITWERKINGEN
S TA D S R A N D D E N B O S C H DEELGEBIED 2
BESCHRIJVING DEELGEBIED
van collectieve landbouw (CSA, Herenboeren, etc.). Zulke landbouwvormen
Onderdeel van de stadsrand van Den Bosch is de Groote Wielen. Vanaf 2024
passen binnen de ontwikkelkoers van het ‘klimaatlandschap’. In gesprek met
komen er nog zo’n 2500 woningen bij in deze wijk. De nieuwe buurt is geïn-
belanghebbenden werd de optie genoemd dat boeren een actieve rol kunnen
spireerd op de landelijke omgeving. Buitenleven in een groene omgeving is
spelen in het maken van dit klimaatlandschap. Bijvoorbeeld met vormen van
een belangrijke kwaliteit.
extensieve landbouw, zoals strokenteelt of een voedselbos. Hierbij past ook een op de stad-landgerichte transformatie of verbreding van de activiteiten
De Blokkenweg vormt nu een harde overgang van de Groote Wielen naar de
op de boerderij-erven.
polder. In de gesprekken met bewoners en andere belanghebbenden komt naar voren dat het gewenst is hier een meer geleidelijke overgang te ont-
N AT U U R
wikkelen. Op de tekening zie je daarom een aantrekkelijk en toegankelijk
Binnen het klimaatlandschap kan er naast agrarische functies ook ruimte
‘klimaatlandschap’ waarin voedselproductie en natuur- en belevingswaarde
gegeven worden aan de versterking van biodiversiteit, recreatie en land-
samengaan. Hierbij hoort de aanleg van bos en het verrijken van bermen en
schappelijke kwaliteit. Hierbij is een aandachtspunt het behouden van de
oevers. Ook zou je in de stadsrand ruimte kunnen maken voor aanvullende
landschappelijke lijnen en slotenstructuur. Populierenlanen wisselen elkaar
functies op de huidige en misschien ook nieuwe erven, zoals recreatieve func-
af met natte plas-dras percelen in het noordelijke deel van het gebied. Langs
ties of wonen. Het nieuwe landschap helpt ook om het zicht op de windturbi-
de Hoefgraaf kan een natuurbufferstrook zorgen voor een natuurlijke verbin-
nes in de polder te verminderen.
ding voor verschillende doelsoorten (vogels maar ook zoogdieren, insecten, reptielen en planten). In het zuiden kan de overgang van de lintbebouwing
LANDBOUW
op de zandgronden naar het poldergebied aangezet worden door middel van
De verbinding tussen stad en land kan verder versterkt worden in dit gebied
karakteristieke bosjes en laanstructuren. Hierdoor liggen er ook kansen voor
door de ontwikkeling van een duurzaam productielandschap aangrenzend
een (recreatieve) verbinding met de Hooge Heide. Dit kan ook heel nuttig zijn
aan de nieuwe stadsrand. Met de toenemende vraag naar lokaal voedsel is
voor vleermuizen, die dan vanuit het bos in het zuiden door kunnen vliegen
er potentie voor nieuwe vormen van landbouw, zoals bijvoorbeeld vormen
naar het noorden.
43
H+N+S · DUURZAME POLDER
44
W O N E N E N ( R E C R E AT I E V E ) B E L E V I N G
W AT E R E N B O D E M
Met de ontwikkeling van de nieuwe stadsrand van Den Bosch wordt het ach-
In de huidige ontwikkeling van de Grote Wielen is er veel ruimte voor water
terliggende poldergebied een uitloopgebied voor bewoners van Rosmalen en
en wonen aan het water. De centrale rol die water in het gebied speelt kan
de Groote Wielen. Lokale recreatie in de vorm van ommetjes en struinpaden
dan ook doorgezet worden naar het landschappelijke gebied ten oosten van
zijn dan ook een wenselijke ontwikkelkoers op gebied van recreatie. Bewoners
de stadsrand. Het lagergelegen komgebied is deel van de Beerse Overlaat.
kunnen wandelen door het klimaatlandschap over vlonderpaden of klompen-
De beleving van deze cultuurhistorische overlaat kan worden versterkt door
paden, door een kleinschalig en toegankelijk landschap.
bijvoorbeeld delen te benutten voor waterberging. De plas-dras percelen die binnen het gebied van het klimaatlandschap liggen zijn geschikt voor retentie
L A N D S C H A P E N C U LT U U R H I S T O R I E De ontwikkeling van een ‘klimaatlandschap’ biedt de kans om de overgang van de woongebieden naar de polder te verzachten. De afschermende werking van bos- en beplanting ten opzichte van de windturbines is hiervoor een belangrijk argument. Het is daarbij belangrijk om bestaande landschappelijke waarden te waarborgen. Een van de kenmerkende kwaliteiten van het gebied is de fijnmazige verkaveling en slotenstructuur. Daarnaast werden de openheid en de doorzichten ook als waardevol in gesprekken met inwoners en andere belanghebbenden. In de bijeenkomsten met belanghebbenden werd genoemd dat het belangrijk en nuttig is om de uitwerking van dit gebied met een afvaardiging van bewoners van de Groote Wielen verder uit te werken.
van water en het verhogen van lokale natuurwaarden.
45
I D E E Ë N VO O R D E U IT W E R K I N G VA N D E S TA D S R A N D D E N B O S C H
Nieuwe vormen van landbouw De toenemende vraag naar lokaal voedsel biedt kansen voor andere vormen van landbouw, zo dicht bij de stad. Bijvoorbeeld vormen van collectieve landbouw. Klimaatlandschap met vlonder- en struinpaden Een ‘klimaatlandschap’ vormt een geleidelijke overgang van woonwijk naar polder. Met bos, bomenrijen en extensieve landbouw. Bewoners van Rosmalen en de Groote Wielen kunnen wandelen in het klimaatlandschap over nieuwe vlonder- en struinpaden.
i i i
Waterberging + EVZ en natuur aan de rand van de polder In aansluiting bij het waterrijke landschap in de Groote Wielen en om de historische Beerse Overlaat weer zichtbaar te maken.
H+N+S · DUURZAME POLDER
46
F E E D B AC K B E W O N E R S O P S TA D S R A N D D E N B O S C H
van de huidige afbakening ook mee te nemen. Ook hier zijn nieuwe ommetjes
Het ‘klimaatlandschap’ springt eruit in de waardering van mensen die on-
namelijk interessant, bijvoorbeeld als verbinding met het Kanaalpark.
line hebben gereageerd op de ideeën voor het deelgebied de stadsrand van Den Bosch. Enkele mensen geven daarbij mee dat er voldoende bos onderdeel
Enkele mensen vragen zich af of het wel nodig is om zoveel recreatief groen
moet zijn van dit klimaatlandschap, om het zicht op de windmolens te beper-
toe te voegen, het Kanaalpark is immers dichtbij. Er zou ook ruimte moeten
ken. Daarnaast wordt ook een meer geleidelijke overgang van Rosmalen en de
zijn voor landbouw in de stadsrand, zo geeft men aan. Hou hierbij rekening
Groote Wielen naar de polder als waardevolle kwaliteit gezien. Ook de nieu-
met de zware komklei; niet alle gewassen doen het goed hierop. Anderen
we ommetjes en struinpaden worden relatief vaak geduid als aansprekend.
geven aan dat ze de stadsrand juist vaak gebruiken om van de natuur te ge-
Stadslandbouw of andere aanvullende functies op erven nabij de stadsrand
nieten, en dus blij zouden zijn met veel mogelijkheden hier.
worden minder vaak als aansprekend benoemd. Als aanvullende ideeën worden o.a. vogelkijkhutten en een voedselbos genoemd. Op bepaalde plekken kunnen huidige wandelroutes aantrekkelijker gemaakt worden. Verder wordt de vraag opgeworpen of er in de nieuwe overgang van stad naar polder niet ook ruimte zou moeten zijn voor extra woningbouw, in het groen. Anderen geven juist aan erven niet verder te willen ontwikkelen, omdat er al zoveel gebouwd is de laatste jaren. Er wordt gevraagd om nabij de woongebieden te kiezen voor snelgroeiende bomen, zodat ze het zicht op de windturbines kunnen wegnemen. Vergeet hierbij, naast Rosmalen en de Groote Wielen, Kruisstraat en Heeseind niet. Ook wordt gepleit de stadsrand iets groter te zien, en delen aan de westkant
m ee
rg e en leid Ee e d o ge p n ‘ e lijk w he kli Gr e er t m oo ov kt g aa te erg (o eb tla W an .a ied n ie g . n v ds le ie an ch n van uw b a na R p i ar os o ’ bo d w de m s ive aa en rs rm po ale ex ite ee ld n er te it ns en aan i w e o Ru v a p im e la ter ga n w ve te Ni vo dbo ord n eu u t or w A w w) e at ra anv om e nd ul rb m , v len er et oo d gi je e ng s rb f en ijv unc st oo ti ru St rb es in ad ee op pa sl ld e de an rv r e n db cr en ea a ou tie an w, ru en de im ed sta te uc ds om at ie ze lf vo ve ed rb se ou l w te en
Ee n
DEELGEBIEDSUITWERKINGEN
W E L K E I D E E Ë N V O O R D E S TA D S R A N D D E N B O S C H S P R E K E N U
HET MEESTE AAN?
Overzicht van de resultaten van de online tool (juni 2023)
47
H+N+S · DUURZAME POLDER
48
D E E L G E B I E D 3 | S TA D S R A N D O S S
DEELGEBIEDSUITWERKINGEN
S TA D S R A N D O S S DEELGEBIED 3
BESCHRIJVING DEELGEBIED
De kleinschaligheid en toegankelijkheid van dit landschap kan verder worden
De stadsrand van Oss zal de komende jaren veranderen. De gemeente streeft
versterkt door de ontwikkelingen in het landbouwgebied. Door bijvoorbeeld
ernaar om de komende 15 jaar 8.500 woningen bij te bouwen, waaronder in
rechtstreekse verkoop van lokale producten, bijzondere activiteiten op het erf
de nieuwe woonwijk Amsteleind. Deze nieuwe wijk grenst aan de Duurzame
of participatie van omwonende binnen het agrarische bedrijf. Uiteraard voor
Polder. De verbinding met het open polderlandschap, de groene buffers (o.a.
zover dit past bij de bedrijfsvoering en dit haalbaar is voor de onderneming.
rondom Ussen en Heihoek) en het agrarische karakter zijn door bewoners
Daarnaast kunnen nieuwe teelten wellicht een kansrijk perspectief bieden
benoemd als belangrijke kwaliteiten om te behouden.
voor de lokale landbouw, zoals bijvoorbeeld het telen van biobased bouwmaterialen die vervolgens ingezet kunnen worden bij de woningbouwopgave in
Op de tekening zie je daarom een geleidelijke overgang van stad naar land.
de omgeving.
Met nieuwe groenstructuren en nabij de stad ook landbouw die inspeelt op de nabijheid van de omwonenden. Bestaande erven dichtbij de stad kunnen meer
N AT U U R
‘aangekleed’ worden met groen om aan te sluiten bij de nieuwe groenstructu-
Binnen de huidige en nieuwe stadsrand kan de natuuropgave met landbouw,
ren, zo is geopperd in bijeenkomsten met belanghebbenden. Ook een ‘water-
wonen, recreatie en bedrijvigheid verweven worden. Door bewoners benoem-
harmonica’, een natuurlijke waterzuivering, zou onderdeel van de stadsrand
de voorbeelden hiervan zijn het doortrekken van bestaande groenstructuren
kunnen zijn. Verder is een veilig netwerk voor fietsers en wandelaars belang-
naar Amsteleind en omgeving of een groene versterking langs Geffen. Het
rijk hier.
versterken van de samenhang tussen verschillende karakteristieke groenelementen (bossages, houtwallen, bomenrijen, hagen en heggen en kleine
LANDBOUW
extensief beheerde akker- en graslandpercelen) is daarbij een kansrijke ont-
Om de huidige agrarische identiteit binnen het gebied te behouden en toe-
wikkelkoers.
komstbestendig te maken, onderscheiden we verschillende kansen voor de landbouw binnen het deelgebied. Op de hoger gelegen, droge zandgronden in het zuiden van de stadsrand vindt de ontwikkeling van Amsteleind plaats.
49
H+N+S · DUURZAME POLDER
50
Richting de Hertogswetering en de westelijke grens van het gebied kan de na-
In het noorden wordt het landschap gekenmerkt door grootschalige verka-
tuurkwaliteit in het open landschap versterkt worden door o.a. natuurvrien-
veling op de lagergelegen kleigronden. Agrarische erven bevinden zich in het
delijke oevers, akkerranden en wegbermen.
grote open landschap met typerende slotenstructuur. Dit deel van het gebied is ook onderdeel van de Beerse Overlaat. Kansen voor ontwikkeling liggen hier
W O N E N E N ( R E C R E AT I E V E ) B E L E V I N G
bij het versterken van het aanwezige contrast tussen de verschillende cul-
Amsteleind wil straks een toekomstbestendige leefomgeving bieden aan een
tuurhistorische landschappen. Bijvoorbeeld door bestaande groenstructuren