1b Raadsvoorstel kadernota GR-KCV 2023.DOCX
Tekst van het document
Gemeenteraad
Aan de gemeenteraad Dienst/afdeling: MM-MO Onderwerp:
Kadernota 2023 GR-KCV
Wat adviseert het college te besluiten? 1.
Geen zienswijze te geven op de Kadernota 2023 Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer (GR-KCV) Brabant Noordoost, omdat de raad geen wensen en bedenkingen heeft bij deze kadernota.
Wat is de aanleiding voor dit advies? De GR Kleinschalig Collectief Vervoer (GR-KCV) Brabant Noordoost voert namens deelnemende gemeenten de taken uit betreffende het Wmo-vervoer. De kadernota geeft aan welke beleidsmatige en financiële uitgangspunten de GR hanteert voor de begroting 2023. Welk resultaat willen we bereiken? We bereiken duidelijkheid over de uitgangspunten die de GR-KCV Brabant Noordoost hanteert bij het opstellen van de begroting. De gemeenteraad kan mede richting geven aan de inhoudelijke en financiële koers van de Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant Noordoost door het indienen van een zienswijze. Welke argumenten zijn er voor dit advies? 1.1 De kadernota is gebaseerd op 95% van het vervoersvolume 2019 zoals opgenomen in de begroting 2022. Als gevolg van Covid-19 en de daarmee gepaard gaande RIVM-maatregelen is het doelgroepenvervoer in 2021 gemiddeld nog maar 66% ten opzichte van 2019. Normaal gesproken zou het jaar 2021 de basis vormen voor de uitgangspunten voor de begroting van 2023. De jaren 2021 en 2020 zijn echter niet representatief. De verwachting is dat het lang zal duren voordat het vervoer aantrekt. Daarom wordt voor 2023 voor het Wmo-vervoer een percentage van 95% ten opzichte van het normale vervoersvolume gehanteerd. De verwachting is nu dat het vervoer pas weer in 2025 op het normale niveau is.
1.2 De uitgangspunten in de nota spelen in op ontwikkelingen die van invloed zijn op het vervoer van de GR-KCV Brabant Noordoost. Afgezien van Covid-19 doen zich ontwikkelingen voor die van invloed zijn op de exploitatie en bedrijfsvoering van de GR-KCV Brabant Noordoost. Vóór Covid-19 was de belangrijkste ontwikkeling de aanzienlijke stijging in de vervoerskosten door onder andere de sterke toename van het vervoersvolume in de laatste maanden van 2019 en de eerste twee maanden van 2020. Daarnaast speelt de NEA-index ook een belangrijke rol is de prijsontwikkeling van het vervoer. Voor
Raadsadvies
Pagina 1 van 5
Gemeenteraad
2022 is de NEA-index berekend op 3,5%. Voor de jaren erna wordt gerekend met een gemiddelde stijging van 3,35% per jaar. Daarnaast liep de Samenwerkingsovereenkomst met de Provincie tot 11-2021. Vanaf deze datum draagt de Provincie per rato van het OV-vervoersvolume bij in de beheerkosten. In 2021 en 2022 heeft de GR-KCV gebruik gemaakt van de overgangsregeling en een deel van de projectsubsidie aangewend voor organisatiekosten. Deze overgangsregeling is vanaf 2023 niet meer mogelijk. Bovengenoemde ontwikkelingen betekenen voor de bijdragen van gemeenten een lichte daling van de exploitatiekosten en een stijging van de beheerkosten. Tot slot speelt de nota in op de ontwikkelingen rondom de VEP en de Code VVR. Dit heeft mogelijk een drukkende werking op de Regiotaxi 1.3 De kadernota is verder in lijn met bestaande (regionale) afspraken en ontwikkelingen. In de kadernota worden door de betrokken gemeenten uitgangspunten vastgelegd en verder uitgewerkt voor de begroting 2023 en het meerjarenperspectief 2024-2026. De uitgangspunten vloeien deels voort uit eerdere besluiten die het bestuur heeft genomen, deels uit gemaakte contractuele afspraken en worden deels bepaald op basis van het financieel economisch beleid van de GR-KCV.
Belangrijkste doel voor de komende jaren is het creëren van een optimaal, duurzaam en toekomstbestendig vervoerssysteem, waarin vervoer op langere termijn goed en betaalbaar aangeboden kan blijven aan mensen met een mobiliteitsbeperking in de regio Noordoost-Brabant. Met deze kadernota worden de gemeenten en de provincie in een vroeg stadium betrokken bij ontwikkelingen en financiële consequenties op de korte en middellange termijn. Wat zijn tegenargumenten of risico’s? 1.1 Een verdere stijging van het vervoersvolume leidt tot hogere kosten Voor de coronamaatregelen werd er een toenemend beroep gedaan op het Wmo-vervoer, de vervoerskosten laten in 2019 en begin 2020 een aanzienlijke stijging zien. Naar aanleiding van deze stijging, zou in 2020 en 2021 gezocht worden naar beheersmaatregelen om het gebruik van met Wmo-vervoer en de daarmee gepaard gaande vervoerskosten terug te dringen. Een van de mogelijkheden was het stimuleren van het OV-gebruik door middel van de ‘Voor Elkaar Pas’ en de ontwikkeling en stimulering van kleinschalige mobiliteitsoplossingen. De VEP is inmiddels ingevoerd. Wel laten de vervoerskosten zich moeilijk voorspellen gezien de laatste jaren niet representatief zijn geweest. 1.2 Provinciale bijdrage in beheerkosten gewijzigd Zoals eerder genoemd is de Samenwerkingsovereenkomst met de provincie op 1-1-2021 geëindigd.
De provincie heeft besloten vanaf 2021 haar bijdrage in de beheerkosten naar rato van het aandeel in het vervoersvolume (aantal OV-ritten ten opzichte van totaal) te verstrekken. Op basis van de afgelopen jaren zal deze bijdrage circa 10% van de beheerkosten zijn. Om de bijdrage in de beheerkosten geleidelijk af te bouwen heeft de GR-KCV voor 2021 en 2022 gebruik gemaakt van de aangeboden overgangsregeling. Een deel van de projectsubsidie mocht in die jaren aangewend worden voor de organisatiekosten. Hierdoor kon in deze jaren minder in projecten worden
Raadsadvies
Pagina 2 van 5
Gemeenteraad
geïnvesteerd. Deze overgangsregeling is vanaf 2023 niet meer mogelijk. De verandering in de bijdrage van de provincie heeft tot gevolg dat de financiële bijdrage vanaf 2023 voor de 6 gemeenten hoger wordt. Bijzonderheden Voor de coronacrisis zagen wij een consequente stijging van het gebruik van het Wmo-vervoer. Door de coronamaatregelen is het gebruik van het Wmo-vervoer teruggelopen. De verwachting was dat de Regiotaxi eind 2021 weer hersteld zou zijn naar het oude niveau. Dit is niet het geval. De verwachting is nu dat het vervoer pas weer op het normale niveau is in 2025. Waar moeten we rekening mee houden? a.
Financiën Organisatiekosten • De 6 gemeenten dragen zorg voor de kosten van het operationeel beheer van de Regiotaxi. • De organisatiekosten bedragen in 2023 € 461.699, een geringe verhoging ten opzichte van € 448.534 in 2022. Als index is 3% gehanteerd. • Vanaf 2023 is het aandeel van de provincie in de organisatiekosten naar rato aandeel OVritten. Naar verwachting zal deze bijdrage 10% zijn. Dat is in 2023 € 46.170. Als gevolg hiervan is de totaalbijdrage voor de gemeenten in de beheerkosten € 415.529 in 2022 (een stijging ten opzichte van € 361.172 in 2021). • De afrekensystematiek voor de beheerkosten - na aftrek van de provinciale bijdrage – vindt plaats op basis van het inwoneraantal per gemeente (peildatum 1-1-2021). • Vanaf 2023 stijgen de bijdragen van de gemeenten in de beheerkosten sneller als gevolg van de daling van de bijdrage van de provincie in deze kosten. Exploitatiekosten vervoer • De exploitatiekosten van het vervoer worden op basis van het daadwerkelijk gebruik verrekend met de gemeenten en provincie. • Voor de jaren 2024-2026 wordt gewerkt met een geschatte NEA-index van 3,35 %. Deze is gebaseerd op het gemiddelde van NEA-index 2019, 2020, 2021 en 2022, respectievelijk 2,2, 6,7, 1,0 en 3,5. • Vanaf 2023 stijgen de exploitatiekosten mee met de geschatte NEA-index.
Hieronder zijn de gegevens uit de Kadernota 2023 afgezet tegen de begroting van de gemeente Oss. Hieruit blijkt dat we voor komende jaren ieder jaar een budgettekort hebben. Op basis van de definitieve Begroting 2023 van de regiotaxi en het daadwerkelijk gerealiseerde vervoersvolume bepalen we of we deze cijfers verwerken in de aankomende programmabegroting.
Raadsadvies
Pagina 3 van 5
Gemeenteraad
Kosten gemeente Oss Peildatum 1-1-2021 92.526 2.903
Bruto exploitatiekosten gemeente 2022
2023
2024
2025
2026
1.472.566 206.661
1.440.243 203.199
1.526.804 215.533
1.617.453 228.465
1.668.935 236.119
Netto exploitatiekosten Aandeel beheerkosten
1.265.905 91.583
1.237.043 105.367
1.311.271 108.460
1.388.988 111.645
1.432.817 114.926
Totale kosten
1.357.488
1.342.410
1.419.730
1.500.633
1.547.743
Aantal inwoners Aantal klanten Bruto exploitatiekosten vervoer Eigen bijdrage klant
De kadernota van de GR-KCV wijkt af van de begroting van de gemeente Oss. Dit komt doordat de gemeente lagere bedragen heeft opgenomen door de onzekerheid van de coronamaatregelen. In 2021 hebben wij te maken gehad met lagere bedragen dan in de originele begroting zijn opgenomen. Vandaar is dit bedrag naar beneden bijgesteld. De gemeente houdt maandelijks controle op deze kosten. Aankomende zomerperiode is er een nieuwe begrotingsperiode waarin we weer wijzigingen kunnen maken, dan hebben we in ieder geval zicht op de kostenontwikkeling in de eerste maanden van 2022. Als het nodig is, is dan het moment om de begroting aan te passen.
2022
2023
2024
2025
2026
1.357.488
1.342.410
1.419.730
1.500.633
1.547.743
Begroting Oss 1.264.346
1.264.346
1.264.346
1.264.346
1.264.346
78.064
155.384
236.287
283.397
Kadernota
Verschil
93.142
b. Communicatie Wij informeren het Servicepunt Regiotaxi over het door uw raad genomen besluit. c. Uitvoering Regionaal Ambtelijk Overleg GR-KCV d. Overlegd met Regionaal Ambtelijk Overleg GR–KCV. Dagelijks bestuur GR–KCV. Financieel adviseur GR-KCV. Afdeling F&C Gemeente Oss. Bijlagen -
Kadernota GR-KCV 2023
Raadsadvies
Pagina 4 van 5
Gemeenteraad
-
Aanbiedingsbrief Kadernota GR-KCV 2023
-
Adoptievoorstel Kadernota GR-KCV 2023
Samenvatting De Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant Noordoost wil zo goed mogelijk vervoer bieden voor verschillende doelgroepen (OV-regiotaxivervoer, Wmo-vervoer). In de Kadernota 2023 worden de uitgangspunten voor de begroting 2023 en het meerjarenperspectief 2024-2026 gepresenteerd. Deze uitgangspunten vloeien deels voort uit eerdere besluiten die het bestuur heeft genomen, deels uit gemaakte contractuele afspraken en worden deels bepaald op basis van het financieel economisch beleid van de GR-KCV. Met deze kadernota worden de gemeenten en de provincie in een vroeg stadium betrokken bij ontwikkelingen en financiële consequenties op de korte en middellange termijn. Deelnemende gemeenten worden in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze kenbaar te maken over de Kadernota 2023.
Raadsadvies
Pagina 5 van 5