07 Antwoord op de artikel 41 vragen van FVD over voorzorgsprincipe Duurzame Polder en kosten
Tekst van het document
Leefomgeving, Wonen en Economie Raadhuislaan 2, Oss
Aan de fractie van Forum voor Democratie
Telefoon 14 0412 Fax [0412] 64 26 05 E-mail gemeente@oss.nl www.oss.nl
Postbus 5 5340 BA Oss
Wilt u bij uw reactie de datum van deze brief en ons kenmerk vermelden?
Datum
Ons kenmerk
30 oktober 2024
Behandeld door
Doorkiesnummer
Yacob Mijhad
0620323925
Onderwerp
artikel 41 vragen Voorzorgsprincipe Duurzame Polder & kosten
Geachte mevrouw Van Hattem, Op 1 oktober 2024 heeft u ons vragen gesteld over het project Duurzame Polder in relatie tot het voorzorgsprincipe en kosten. Wij beantwoorden uw vragen als volgt: Vraag 1. Waarom neemt projectgroep De Duurzame Polder gronden in hun zoekgebied die niet deel uitmaken van de gronden die in het bezit zijn van de leden van Het Windcollectief? Antwoord De plannen voor de Duurzame Polder worden door de gemeente Oss uitgewerkt in het kader van de Regionale Energie Strategie. De gemeente Oss schrijft het programma niet specifiek ten behoeve van het Windcollectief Oss-Den Bosch. Om die reden richt het zich dus niet alleen op gronden die ter beschikking staan van het Windcollectief. Het college is bovendien niet bekend met de grondposities van het Windcollectief. Na vaststelling van het programma kan eenieder met concrete plannen komen. Grondeigenaren die hun gronden niet ter beschikking willen stellen aan initiatiefnemers zijn daar niet toe verplicht. Vraag 2. Waarom heeft de gemeente Oss in samenwerking met projectgroep De Duurzame Polder de plannen rondom het zoekgebied van de Duurzame Polder niet gewijzigd?
Volgvel
Ons kenmerk
2
Antwoord Met het programma wordt geen concrete invulling gegeven aan specifieke gronden. Een wijziging van plannen is dus ook niet noodzakelijk. Vraag 3. Is het College bereid om de wens van de grondeigenaren die niet lid zijn van WindCollectief te respecteren? Antwoord Het college verplicht niemand lid te worden van het Windcollectief of overeenkomsten te sluiten met het Windcollectief of eventuele andere initiatiefnemers. Het college heeft ook geen kennis van de grondposities in de Duurzame Polder. Vraag 4. Hoe reageren melkkoeien in de weide op (laagfrequent) geluid en op slagschaduw van windturbines binnen een straal van 500 meter? Zijn er wetenschappelijke onderzoeken die aantonen dat melkkoeien GEEN last ondervinden van windturbines binnen een straal van 500 meter? Kan het college van burgemeesters en wethouders uitsluiten dat melkkoeien binnen een straal van 500 meter geen last gaan ondervinden van windturbines in (de nabije) toekomst? En kan het college motiveren waarom dit wel/niet kan worden uitgesloten? Antwoord Het college is niet bekend met specifieke studies van het effect van (laagfrequent) geluid en slagschaduw van windturbines op melkkoeien. Vraag 5.
Hoe reageren recreanten, agrariërs of andere individuen op de beoogde windturbines binnen een straal van 500 meter? Kan worden uitgesloten dat zij geen last krijgen van slagschaduw of van klachten door de invloed van laagfrequent geluid wanneer zij aan het recreëren of aan het werk zijn in de buurt van windmolens? Heeft het college bewijslast waarmee kan worden uitgesloten dat de eerder genoemde klachten ontstaan? En om welke bewijslast gaat dit dan?
Volgvel
Ons kenmerk
3
Antwoord Het college kan niet op voorhand de reactie van individuele recreanten, agrariërs of andere individuen voorspellen. Vraag 6. Kan het college minimaal 4 concrete voorbeelden noemen van melkveebedrijven die zich op minder dan 500 meter afstand bevinden van windturbines, waarbij geen gezondheidsproblemen op enig moment zijn opgetreden (geregistreerd en/of op een andere wijze kenbaar gemaakt door boeren en of betrokken omgeving, al dan niet met de kennis van nu en terugkijkend naar het verleden) in Nederland of België? Als het college geen concreet voorbeeld kan noemen, hoe kan het college dan uitsluiten dat er in de (nabije) toekomst geen gezondheidsschade door windturbines ontstaan bij mens en dier? Graag toelichting op uw antwoord. Antwoord Het college heeft hier geen onderzoek naar gedaan. Vraag 7. Mochten de windturbines toch geplaatst worden in de Lithse Polder en het College komt tot de conclusie dat er teveel gezondheidsrisico’s of andere gevaren kleven aan de windturbines, is het college dan bereid om de windturbines alsnog af te breken? Graag toelichting op uw antwoord. Antwoord Het college acht het niet waarschijnlijk dat de windturbines in de huidige zittingstermijn van de raad en het college gerealiseerd worden. Vraag 8.
Weet het college precies waar de coating van de beoogde windmolenwieken uit bestaat, en kan het college opsommen welke fijnstoffen zoals BPA zich bevinden in/op de windmolenwieken voor de Lithse Polder? Antwoord Nee. Dit is voor de vaststelling van het programma en het verlenen van de vergunning ook niet vereist.
Volgvel
Ons kenmerk
4
Vraag 9. Waar kunnen wij en de inwoners van Oss de beoogde windmolentypes voor de Lithse Polder vinden? (Producttype, productbeschrijving, productkenmerkten, serienummer etc) Antwoord Die informatie is in dit stadium van het project nog niet beschikbaar. Vraag 10. Wat zijn de gevolgen van mens en dier wanner er BPA of andere fijnstoffen in het water, in de akkers of in het veevoer komt? Wat zou de mogelijke gevolgschade kunnen zijn? Komt de gezondheid en veiligheid van (buiten)spelende kinderen en buiten spelende huisdieren in gevaar als zij blootgesteld worden aan een omgeving in of rondom een windmolenpark waar zich zwerfdeeltjes PFAS, BPA of andere eerdergenoemde fijnstoffen bevinden? Antwoord Het RIVM doet onderzoek naar luchtkwaliteit en gezondheid (https://www.rivm.nl/lucht). Fijnstof is een van de thema’s in dat onderzoek. Als zou blijken dat BPA of andere fijnstoffen die afkomstig zijn van windturbines schadelijk zijn en er wettelijke maatregelen worden getroffen, zal de eigenaar van een windpark zich aan die wettelijke maatregelen moeten houden. Voor zover dergelijke maatregelen raken aan bevoegdheden van het college, heeft dit mogelijk ook gevolgen voor het handelen van het college. Vraag 11. Wordt Bisfenol A (BPA) als risicofactor meegeteld in de MER inzake De Duurzame Polder (Lithse Polder).
Zo ja, welke fijnstoffen worden er nog meer precies meegenomen in de MER? Zo nee, waarom wordt Bisfenol A niet meegenomen in de MER? Antwoord Bisfenol A wordt beschreven in bijlage XI van het PlanMER. Verder geeft het planMER aan dat windturbines een niet significant effect hebben op de lokale luchtkwaliteit. De emissies van fijnstof liggen volgens het planMER onder de grenswaarde van 1,2 µg/m 3.
Volgvel
Ons kenmerk
5
Vraag 12. Wordt er een risico-analyse gemaakt voor melkveebedrijven in/rondom de Lithse Polder ivm de plaatsing van de beoogde windturbines? Waar kan de Oss inwoner deze risico-analyse vinden? Antwoord Nee. Vraag 13. Is het college bereid om de bouw van windturbines te staken, als blijkt dat er schadelijke stoffen zoals BPA en andere gezondheidsbelastende fijnstoffen zich in de wieken van de beoogde windmolens bevinden? Graag toelichting op uw antwoord indien ja/nee. Antwoord Zie het antwoord op vraag 7. Vraag 14. Hoe schadelijk zijn vrijgekomen BPA, NOx en PM10 voor weidevogels of voor beschermde diersoorten zoals de Kleine Zwaan die zich bevinden in de Lithse Polder? Antwoord Het planMER laat zien dat niet de verwachting is dat BPA, NOx en PM10 in significante hoeveelheden vrijkomen in de exploitatiefase van de windturbines. Vraag 15. Zijn er berekeningen gemaakt aan de hand van het aantal beoogde windturbines in de Lithse Polder en daaraan gekoppelde fijnstof wat vrijkomt? Zo ja, waar kan de Ossenaar die berekeningen vinden? Zo nee, waarom niet? Antwoord Nee. In deze fase van het project zijn dergelijke berekeningen niet te maken, bij gebrek aan concrete informatie over het aantal, het type en de plaatsing van de windturbines.
Volgvel
Ons kenmerk
6
Vraag 16. Is er rekening gehouden met de windrichting, omdat ook gebieden buiten de Lithse Polder getroffen zouden kunnen worden door de eerder genoemde stoffen BPA, NOx en PM10? Antwoord Zie het antwoord op vraag 15. Vraag 17. In hoeverre is het voorzorgsprincipe toegepast in de gebieden die grenzen aan de Lithse Polder? Om welke gebieden gaat het precies? Antwoord Het college houdt zich bij het uitwerken van de plannen aan de wettelijke grenzen. Waar dit wettelijke vereist is, zal het college het voorzorgsprincipe hanteren bij de vergunningverlening. Vraag 18. [deze vraag ontbreekt in de lijst van Forum van Democratie.] Vraag 19. Wat zijn de risico’s als er BPA, NOx en PM10 in de wateren in of rondom de Lithse Polder belandt? Zijn die risico’s in kaart gebracht? Antwoord Zie de antwoorden op de vragen 10, 11 en 14. Vraag 20. Is het college ermee bekend dat de wieken van windmolens niet recyclebaar zijn? Zo ja, wat is er volgens het college dan duurzaam de beoogde windmolens? Zo nee, wat gaat het college met deze kennis doen? Antwoord Het college verwijst naar de website https://windopzee.nl/faq/faq-materiaalgebruikrecycling/: 85%-90% van de windturbines kan al worden hergebruikt.
Volgvel
Ons kenmerk
7
Vraag 21. Wat gaat de gemeente doen indien boeren de waardevermindering van hun gronden en bedrijf met tot wel 30% zien dalen als gevolg van de plaatsing van windmolens? Antwoord Het college verwijst naar de wettelijke mogelijkheden voor nadeelcompensatie. Vraag 22. Wat vind de gemeente ervan dat kostbare juridische trajecten noodzakelijk zijn om de plaatsing van windmolens door te drukken en dat de Osse burger hiervoor als pinautomaat wordt gebruikt? Antwoord Het college herkent zich niet in deze vraagstelling. Het besluit tot uitwerking van de plannen van de Duurzame Polder is door een meerderheid van uw raad genomen. Via de wettelijke begrotingsprocessen wordt rekenschap afgelegd van de gemaakte kosten. Vraag 23. Welke (advies)bureaus zijn er tot op heden ingeschakeld om de gemeente te ondersteunen bij het verkrijgen van argumenten voor de plaatsing van windmolens in onze gemeente? Hoeveel hebben deze adviesbureaus inmiddels gekost aan adviezen m.b.t. Duurzame Polder? (Gelieve een overzicht per adviesbureau presenteren). Antwoord Het projectteam Duurzame Polder publiceert de verschillende onderzoeksrapporten die ten behoeve van het project zijn opgesteld op haar website (www.duurzamepolder.nl). Relevante rapporten worden ook steeds door ons college met uw raad gedeeld.
Op de eerste pagina’s van elk rapport staat door welk bureau het is opgesteld en (meestal) ook door welke medewerker. Het college verwijst naar die informatie. De voor het programma wettelijk vereiste rapporten (o.a. het MER) worden opgesteld door Witteveen+Bos. Het college kan overigens geen specifieke informatie geven over de contractuele afspraken met deze bureaus. De onderzoeksbureaus zijn ingehuurd door middel van een aanbestedingsprocedure en de exacte prijzen vormen bedrijfsgevoelige informatie. Voor de financiële verantwoording verwijst het college naar de daarvoor gebruikelijke processen.
Volgvel
Ons kenmerk
8
Vraag 24. Welke uitgaven/kosten heeft de gemeente inmiddels gemaakt bij het verkrijgen van argumenten voor de plaatsing van de beoogde windturbines in de Lithse Polder? Antwoord Het college is niet bezig met “het verkrijgen van argumenten voor de plaatsing van de beoogde windturbines”. Het college werkt – in opdracht van uw raad – een programma uit voor de Duurzame Polder. Dit programma wordt onderbouwd met de verschillende onderzoeksrapporten en het college gebruikt de uitkomsten van deze rapporten als input voor de besluitvorming. Vraag 25. Hoeveel geld is hiervan ten laste gekomen van de Osse en Nederlandse belastingbetaler? Antwoord In de periode van 2019 tot en met 2023 is ongeveer 1,7 miljoen euro uitgegeven voor het project Duurzame Polder. Voor zover mogelijk – op grond van de wet en op grond van in een latere fase te maken privaatrechtelijke afspraken – brengen de gemeente Oss en de gemeente ‘s-Hertogenbosch deze kosten ten laste van de initiatiefnemers bij de vergunningverlening. Kosten die niet kunnen worden doorbelast, worden op grond van de bestuursovereenkomst in gelijke delen gedragen door de beide gemeentes en de provincie. Het Ministerie van EZK heeft eenmalig 250 duizend euro bijgedragen. Vraag 26.
Hoeveel belastinggeld van de Osse en Nederlandse burger gaat het Osse college van Burgemeester en wethouders nog uitgeven om argumenten te verkrijgen gericht op het alsnog plaatsen van windmolens? Antwoord Op dit moment beschikt het project Duurzame Polder op grond van de bestuursovereenkomst over een voorfinanciering van in totaal 3 miljoen euro.
Volgvel
Ons kenmerk
9
Vraag 27. Hoeveel kosten zijn er inmiddels gemaakt voor het verkrijgen van alle risicoanalyses (waaronder de MER) voor de plaatsing van windmolens in de Lithse Polder? Antwoord Zie de beantwoording op de vragen 23 en 25. Vraag 28. Hoeveel kosten blijft het college van burgemeester en wethouders maken wanneer zij niet worden teruggefloten door de gemeenteraad op een traject waarvan burgers hebben aangegeven, en blijven aangeven, dat zij geen windmolens willen? Antwoord Het college maakt de voor het project noodzakelijke kosten en legt daar verantwoording over af. Uw raad controleert.
Met vriendelijke groet,
Wethouder C.P.W. van Geffen