04.09.24 opinienota circulaire economie
Tekst van het document
E-mail gemeente@oss.nl www.oss.nl
Aan alle raadsleden
Postbus 5 5340 BA Oss
Wilt u bij uw reactie de datum van deze brief en ons kenmerk vermelden?
Geachte raadsleden, Wat zijn de mogelijkheden?
Datum
Ons kenmerk
26-08-24
Behandeld door
Aantal bijlagen
Eva Verlouw
1
Onderwerp
Opinienota circulaire economie gemeente Oss
Welke vraag stellen we de raad? We vragen de raad opinie te vormen aan de hand van een aantal vragen over circulaire economie.
Wat is de aanleiding? De EU heeft vastgesteld om in 2050 klimaatneutraal te zijn, dit is vastgelegd in de Green Deal. De wetgeving vanuit de EU is gericht om deze ambitie te gaan halen. Zo heeft de EU in 2020 het actieplan voor de Circulaire economie vastgesteld. Maar denk bijvoorbeeld ook aan de SUP richtlijn (Single-use plastic) en de ‘Recht op reparatie’ richtlijn. Nederland heeft daarom de ambitie om in 2050 een circulaire economie te hebben en streeft naar de helft van het gebruik van niet biologische grondstoffen in 2030. Door deze wetgeving is de omslag naar een circulaire economie geen keuze. De transitie naar een circulaire economie heeft echter een enorme impact op onze lokale economie en onze ondernemers. We moeten gebruik gaan maken van andere grondstoffen en producten anders ontwerpen zodat de levensduur langer is, en ze makkelijker te repareren en beter te recyclen zijn. Zodat de producten ook weer als grondstof kunnen dienen voor nieuwe producten. Op dit moment hebben we geen vastgesteld beleid voor circulair dat antwoord geeft op de vraag: Wat willen we gaan doen op het gebied van circulaire economie om de opgave te halen? Omdat we de ambities en richting missen, zijn de projecten op het gebied van circulair nog los zand en bij gebrek aan een plan van aanpak gaan we Oss circulair 2050 niet halen.
Daarom schrijven we een beleidsnota circulaire economie, zodat we vaststellen welke richting we als Oss uit willen gaan. Later volgt er een uitvoeringsprogramma, zodat we de ambities praktische invulling geven. De beleidsnota circulaire economie gaat over een circulaire economie. Dit houdt in dat het gaat over de economie, oftewel de ondernemerskant. De consumentenkant wordt grotendeels belicht in de afvalnota. Daarover levert de opiniecommissie ruimte input naar aanleiding van de opinienota afval. Daarnaast volgt er nog een energievisie, die de lokale randvoorwaarden vaststelt voor de energietransitie en bepaalt welke vervolgstappen nodig zijn om daar invulling aan te gaan geven. Ook landbouw valt niet binnen de beleidsnota circulaire economie. Kringlooplandbouw komt aan bod in de landbouwvisie, die in 2021 is vastgesteld door de raad. En wordt nader uitgewerkt in de plannen omtrent de westelijke en oostelijke polder. Het streven is om in de toekomst een beleidsnota circulaire samenleving te gaan maken, waarin zowel de ondernemerskant als de consumentenkant belicht wordt. Ook circulaire landbouw krijgt hierin dan een plek. De beleidsnota circulaire economie draagt bij aan de doelstellingen van de Global Goals. Een beleidsnota circulaire economie past dus goed bij de ambities van de gemeente Oss. Het gaat de volgende Global Goals:
Thema’s circulaire economie Circulair inkopen Bij het inkopen van producten kan je vragen om bepaalde circulaire materialen. Daarom is het interessant om circulariteit op te nemen in uitvragen naar bedrijven. Niet alleen omdat je als organisatie zelf meer circulair wordt, maar ook bedrijven een impuls geeft om circulair te ondernemen. De gemeente Oss is een grote organisatie en koopt veel (lokaal) in. Denk aan de wegen, lantaarns en gebouwen die we in de openbare ruimte neerzetten. We kunnen als organisatie dus veel betekenen op het vlak van circulariteit. Op dit moment is circulariteit nog niet voldoende verankerd in onze inkoopvoorwaarden. Het MVOI (maatschappelijk verantwoord ondernemerschap en inkoop) biedt hiervoor mooie kansen, circulariteit is een van de thema’s. We kunnen daarbij kiezen of we hoog inzetten en een koplopersrol willen vervullen. Dat heeft als gevolg dat we extra middelen nodig hebben om dat mogelijk te maken. Denk aan extra budget voor projecten, maar ook extra capaciteit om ervoor te zorgen dat iedereen de kennis en kunde heeft binnen de organisatie om circulair in te kopen.
2
We kunnen ook inzetten op een volgersrol. Daarbij kijken we goed wat de koplopers zoals de gemeenten Eindhoven en Tilburg doen en leren van hun ervaringen. Ook dit zal zorgen voor extra kosten voor de uitvoering: denk aan bijvoorbeeld hogere kosten voor bepaalde materialen. Deze kosten kunnen zich overigens later weer terugverdienen omdat deze grondstoffen nog restwaarde opleveren. Dit geldt overigens niet voor alle circulaire materialen. Er zijn ook materialen die juist goedkoper zijn: denk aan gerecycled plastic, of houtisolatie i.p.v. glaswol. En ook hier geldt dat de organisatie voldoende kennis moet hebben van circulair inkopen. Daar gaat ook een deel van de extra kosten naartoe. De opgave om tot een circulaire economie te komen blijft hetzelfde: in 2050 hebben we als Oss een circulaire economie. Vraag: Wil de raad een koplopersrol of een volgersrol bij circulair inkopen? Circulair Bouw en circulaire hub De 45 grootste gemeenten in Nederland (G4 en G40), Rijksoverheid, adviesbureaus en grote bouwers hebben het manifest ‘het nieuwe normaal’ ondertekend 1. Dat is het manifest om circulair bouwen te versnellen. Bijna de helft van het grondstoffengebruik in Nederland is van de bouwsector en 10% van de CO2 uitstoot is afkomstig van de bouw.
In de gemeente Oss zijn bouwmaterialen de grootste materialenstroom.2 Dit ligt vooral aan de grote hoeveelheid bouw- en maakindustrie in onze gemeente. Het ligt dus voor de hand om deze materialenstroom aan te gaan pakken. Door circulair (biobased en hergebruikte materialen) te bouwen reduceer je bouwafval en dus grondstoffen en CO2-uitstoot. Met biobased materialen kan CO2-uitstoot voor langere tijd opslagen worden in een gebouwde omgeving. Voor het inzetten van gebruikte materialen is een circulaire hub interessant. Circulaire hubs zijn fysieke locaties waar meerdere bedrijven, onderwijs, maatschappelijke organisaties en gemeente gebruikte materialen opslaan en verwerken tot nieuwe producten. Dit reduceert het grondstoffengebruik, zorgt voor minder afval en minder logistieke bewegingen. In het rapport ‘Ruimte voor circulaire economie’ van het Planbureau van de Leefomgeving (PBL) spelen hubs een belangrijke rol. Amsterdam, Haarlem, Leiden, Rotterdam, Utrecht en Zaanstad hebben bijvoorbeeld een circulaire hub. Andere steden/regio’s als Tilburg, Eindhoven, Heerlen en de Achterhoek (Cirkelregio de Achterhoek) zijn bezig met het traject om een circulaire hub neer te gaan zetten. In Oss zijn er ondernemers die enthousiast zijn over een hub en zouden willen meewerken. We zijn met deze ondernemers in gesprek en gestart met het voorbereidende traject.
1 Het Nieuwe Normaal | Cirkelstad 2 Bijlage 1 Grondstoffenanalyse 13-8-24, Metabolic
3
We kunnen als gemeente inzetten op een hub, maar dit ook overlaten aan andere gemeenten. Vraag: Wil de raad een circulaire hub in Oss? Ruimte voor circulair ondernemen Voor circulair ondernemen is meer ruimte nodig. Dit kan oplopen tot 40% extra ruimtegebruik volgens het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Denk aan locaties voor opslag, recycling, maakplaatsen en reparatieplaatsen. Zwaardere milieucategorieën zijn binnen een circulaire economie van belang, voor hoogwaardige recycling. Dit zijn activiteiten die meer geur- en geluidsoverlast veroorzaken en die je niet graag in de achtertuin wil. Voor circulair ondernemen gelden o.a. de volgende uitgangpunten: •
De bedrijfsactiviteit moet voldoen aan de geldende gezondheids- en milieunormen. Gezonde leefomgeving is ook vanuit circulariteit een basisprincipe
•
Circulair ondernemerschap zet zich in op het herbruikbaar maken van grondstoffen. Denk bijvoorbeeld aan plastic, hout, keramiek, beton. Deze grondstoffen haal je uit een ander product. Vervolgens worden deze producten bewerkt en kunnen de aanwezige grondstoffen weer gebruikt worden in een ander product.
•
Circulariteit is niet één strategie, het gaat om het hele spectrum van ‘reduce’ tot en met ‘recycle’, ook wel de r- strategieën genoemd. Zie bijlage 2 voor een uitgebreide toelichting.3 Hoe meer we inzetten op hoogwaardig hergebruik, des te beter het is voor het grondstoffengebruik en de reductie van broeikasgassen. De laatste strategie ‘recover’ - het verbranden van materiaal om energie te winnen - is het minst wenselijk. Dit zorgt voor verlies van materialen en kan in sommige gevallen juist zorgen voor een hogere uitstoot van bijvoorbeeld stikstof i.p.v. een reductie.
•
Een laatste uitgangspunt is nabijheid, tenzij het niet anders kan. Met andere woorden; verwerking bij de bron om de hoeveelheid logistieke bewegingen te beperken. Want hoe meer bewegingen, des te meer uitstoot en verkeersdrukte.
Onze haven biedt mooie kansen voor circulair ondernemen. Niet alleen hebben we daar al de zwaarste milieucategorie, maar het biedt ook kansen voor trimodaal transport van goederen (weg-spoor-rivier). Dit gebied alleen zal echter niet genoeg zijn om aan de ruimtevraag te voldoen en de gemeente heeft geen (grond)posities in de haven. De Omgevingswet en het omgevingsplan bieden meer mogelijkheden om per gebied te sturen op circulair ondernemen. Dit kan een kans zijn om circulair ondernemen te bevorderen. Het gaat om het toestaan van bedrijven die een wezenlijke bijdrage leveren aan de circulaire economie en zorgvuldig en zuinig omgaan met (niet hernieuwbare) grondstoffen. Ook kijken
3 Zie bijlage 2, r-strategieën
4
we naar milieu verantwoord ondernemen en de uitstoot van (schadelijke) klimaat belastende gassen. Bedrijven die een recover strategie4 hanteren passen niet in deze visie. Dus bijvoorbeeld wel bedrijven toestaan die plastic verwerken tot nieuwe materialen. Of maakbedrijven die van restmateriaal nieuwe producten maken. Maar geen bedrijven toestaan die houtgestookt biogas produceren. Of een mestverwerkingsinstallatie. Vraag: Vindt de raad dat we ruimte moeten maken voor bedrijven die een circulair proces hebben – rekening houdend met de wenselijkheid van de r-strategieën- en overlast (geur/geluid) kunnen veroorzaken op bedrijventerreinen en specifiek de haven? En vindt de raad dat we actief moeten sturen op het promoten van circulair ondernemerschap op locaties met een zwaardere milieucategorie zoals de haven? Energie Overstappen op duurzame energiebronnen zoals wind en zon, in plaats van grondstoffen die opraken zoals gas is circulair. In de energievisie komt de taakstelling van de gemeente uitgebreid aan bod. In de beleidsnota circulaire economie willen we de ondernemerskant belichten. Het handhaven via de ODBN op de energiebesparingsplicht bij bedrijven is bijvoorbeeld een wettelijke taak. Daarnaast hebben we een kwalitatieve opgave om ons in te zetten voor energiebesparing bij bedrijven.
Het gaat hierbij om gebouwgebonden besparingen, dus geen energiebesparingen in het productieproces. Grotere energieoplossingen zoals bijvoorbeeld een energiehub, vragen om een organisatiegraad van bedrijventerreinen. Als gemeente kunnen we organisatie van bedrijventerreinen stimuleren. Dit doen we nu ook al, op bijvoorbeeld Moleneind en Elzenburg-de Geer. Op Moleneind loopt nu het Grote Oogst traject, waarbij we het terrein ook willen verduurzamen (energie, circulariteit, klimaatadaptatie, biodiversiteit). Op Elzenburg- de Geer is sinds kort gestart met parkmanagement. En Vorstengrafdonk heeft al parkmanagement. Een gezamenlijke energieoplossing voor bedrijven behoort niet tot onze kerntaken als gemeente, we krijgen er geen extra middelen voor vanuit de Rijksoverheid. Het is dus vooral de verantwoordelijkheid van de bedrijven zelf, die wel kan bijdragen aan onze totale opgave om energie te besparen en duurzame energie op te wekken. De gemeente kan wel faciliteren en meewerken via bijvoorbeeld soepel lopende vergunningstrajecten. Als de organisatiegraad gerealiseerd is, zouden we als gemeente gezamenlijke energieoplossingen kunnen stimuleren en ondersteunen. Dit kost wel extra geld en capaciteit.
Als de raad ervoor kiest om als gemeente actief de energieoplossingen op bedrijventerreinen te gaan stimuleren, betekent dit een aanvraag voor extra budget, zodat er extra capaciteit komt om dit te realiseren.
4 Zie bijlage 2, r-strategieën
5
Vraag: Is de raad het eens dat we voorlopig blijven inzetten op energiebesparing bij bedrijven, en daarnaast blijven inzetten op samenwerkingsvormen op bedrijventerreinen? Of wil de raad nu al extra investeren om energieoplossingen op bedrijventerreinen mogelijk te maken?
6
Communicatie Tijdens de week van de circulaire economie (11-16 maart) vond het event ‘Zaken doen met de gemeente’ plaats. Hierin hebben we de aanwezige ondernemers gevraagd naar hun mening d.m.v. stellingen. Dit waren ondernemers met een diverse achtergrond, van bouw tot dienstensector. De uitkomsten hiervan vindt u bijgaand.5 Deze resultaten zijn tevens gedeeld tijdens de podiumbijeenkomst circulaire economie op 14 maart. Het concept beleidsnota circulaire economie leggen we ter inspraak voor aan de Kracht van Oss Economic Board. Bijlagen: 1. Grondstoffenanalyse Metabolic 2. R-strategieën/R-ladder 3. Uitkomsten peiling 12 maart ondernemers
5 Zie bijlage 3, uitkomsten peiling 12 maart 2024 ondernemers
7
Samenvatting (korte inhoud) De gemeente Oss gaat aan de slag met een beleidsnota circulaire economie om de richting, ambities en doelen vast te leggen. Daarvoor vragen we input van de raad op een aantal thema’s.
8