CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Antwoord op de artikel 41 vragen van SP over Uitvoeringsagenda landbouwers in de oostelijke polder

Gemeenteraad 12 december 2024, gemeente OssBij agendapunt: Antwoord op schriftelijke vragen, artikel 41 vragen Reglement van Orde1.502 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Leefomgeving, Wonen en Economie Raadhuislaan 2, Oss Telefoon 14 0412

SP

Fax [0412] 64 26 05 E-mail gemeente@oss.nl

Adrie Geerts

www.oss.nl

Postbus 5 5340 BA Oss

Wilt u bij uw reactie de datum van deze brief en ons kenmerk vermelden?

Datum

Ons kenmerk

31-10-2024

Behandeld door

Doorkiesnummer

H. Koeslag

9087

Onderwerp

Aantal bijlagen

Artikel 41 vragen

-

Geachte heer Geerts, Op 14 oktober jl. stelde u schriftelijke vragen ten aanzien van de uitvoeringsagenda oostelijke polder, hieronder heb ik uw vragen beantwoord; 1.

Waarom wordt in de uitvoeringsagenda geen aandacht besteed aan het verminderen van de stikstofuitstoot (ammoniak) uit stallen? Antwoord: Er wordt wel degelijk aandacht besteed aan de uitstoot van stikstof, dit is vermeld bij opgave 1, “Terugdringen van emissies”. Het Bod voor de oostelijke polder zet in op mestvergisting, mestkringloop sluiten en meer eiwit van eigen land. -

Door mest te gaan vergisten (biogas) en de kringloop op gebiedsniveau te sluiten, komt er minder uitstoot vrij van ammoniak. Door tevens minder kunstmest aan te voeren wordt er ook minder CO2 uitgestoten.

-

Door zelf eiwitrijke gewassen te telen in plaats van ruwvoer te importeren, wordt de stikstofkringloop lokaal beheersbaar. Het verhoogt de stikstofefficiëntie doordat de gewassen stikstof uit de lucht binden, wat leidt tot vermindering van gebruik van kunstmest en waardoor de bodemkwaliteit verbetert.

2.

Bent u het eens met de SP dat juist in de oostelijke polder het belangrijk is om de stikstofuitstoot te verminderen omdat de natuur in Herperduin en de Maashorst zeer stikstofgevoelig is? Zo niet, waarom niet?

Volgvel

Ons kenmerk

2

Antwoord: Er wordt inderdaad gewerkt aan de vermindering van de uitstoot van stikstof, in antwoord op de vorige vraag gaven we daar al toelichting op hoe dat wordt aangepakt. 3.

Waarom wordt in de uitvoeringsagenda geen aandacht besteed aan het verminderen van de stikstofuitstoot (ammoniak) bij het toedienen van dierlijke mest op grasland emissiearme technieken, verdunnen met water, precisiebemesting enz.)? Antwoord: Dat wordt wel degelijk gedaan, er wordt gewerkt aan het sluiten van de mestkringloop. Dat kan worden gedaan door mest te vergisten (biogas) en na de vergisting nutriënten uit mest in te zetten voor bemesting (als kunstmestvervanger) en de organistische stof uit de mest te gebruiken als bodemverbeteraar. Met deze methode kunnen nauwkeurige doses worden toegediend op de bodem.

4.

Te hoge gehalten van nitraat en fosfaat in grond- en oppervlaktewater zijn een belangrijke oorzaak voor overmatige planten- en algengroei in oppervlaktewateren en voor extra kosten bij de productie van drinkwater. Bovendien is het een belangrijk knelpunt bij het voldoen aan de eisen van de Kaderrichtlijn Water in 2027. Het ligt dan ook voor de hand om in de uitvoeringsagenda aandacht te besteden aan de vermindering van afspoeling van fosfaat en nitraat naar het oppervlakte water en vermindering van de uitspoeling van nitraat naar het grondwater (met name een probleem op de zandgronden). Waarom wordt hieraan helemaal geen aandacht besteed in de uitvoeringsagenda? Antwoord: de waterkwaliteit in de polder voldoet reeds aan de normen voor KRW daar waar het gaat om gehalten van nitraat en fosfaat in de polder. De inzet van de boeren is om minder kunstmest te gebruiken en meer dierlijke mest. Het gebruik van dierlijke mest zorgt voor minder kans op uitspoeling en dus minder kans op vervuiling van het water, daarnaast is het beperken van kunstmest gunstig voor de CO2 uitstoot.

5.

Waarom wordt in de uitvoeringsagenda geen aandacht besteed aan het verminderen van beregening uit grondwater bij gewassen waar dit economisch meestal niet rendabel is (grasland; snijmaïs)? Antwoord: Deze type gewassen worden niet beregend met grondwater omdat dit economisch niet rendabel is. Er wordt enkel met grondwater beregend indien er onvoldoende oppervlaktewater beschikbaar is (met name op de zandgronden) of bij gewassen waar het vanuit de overheid verboden is om te beregenen met oppervlaktewater, zoals voor aardappels, i.v.m gevoeligheid voor ziektes.

Volgvel

Ons kenmerk

3

6.

In de uitvoeringsagenda wordt gesproken over ‘het telen van specifieke gewassen die bepaalde giftige stoffen in de bodem kunnen vangen’. In de uitvoeringsagenda wordt dit gezien als een nieuw verdienmodel. De SP heeft uitleg gevraagd middels technische vragen, maar hier geen antwoord op gekregen. De SP blijft benieuwd wat hier wordt bedoeld en hoe die giftige stoffen in de bodem zijn gekomen. Ook is de SP benieuwd naar wat er daarna met de (giftige?) gewassen gebeurt? Graag uitleg. En zijn er risico’s voor de winning van drinkwater, voor de omwonden of voor de biodiversiteit? Antwoord: Het betreft hier (zware) metalen die, ook van nature, voorkomen in de bodem. De precieze herkomst van deze stoffen is echter moeilijk vast te stellen, mede doordat deze van nature in de bodem voorkomen. Het Maaswater dat in de polder wordt ingelaten, evenals vervuiling vanuit de overstort (stedelijke vervuiling), levert echter regelmatig problemen op. De inzet is om bij te dragen aan het verminderen van deze vervuiling (veroorzaakt door anderen). Bepaalde gewassen nemen deze stoffen op en worden na de groeiperiode afgevoerd, wat helpt om de vervuiling te beheersen/ verminderen.

7.

De uitvoeringsagenda spreekt over het vervangen van kunstmest door dierlijke mest. Een goede maatregel om de CO2-uitstoot te verminderen omdat de productie van kunstmest veel energie kost. Maar voor de waterkwaliteit werkt het averechts. Tenzij het om een sterk bewerkte fractie gaat (‘renure’) of om spuiloog. Wordt dat hier ook bedoeld? Antwoord: er wordt inderdaad ingezet op de toepassing van dierlijke mest. De boeren willen de mestkringloop in de polder sluiten. Onderdeel van het project is de mest als fractie in te zetten om tot optimale bemesting te komen waarbij uitspoeling zoveel mogelijk wordt voorkomen.

8.

In de uitvoeringsagenda wordt gesproken over het belang van de oostelijke polder voor de voedselproductie. Dat klopt en dat wordt door de SP ook onderschreven en gewaardeerd. Zeker wanneer het gaat om aardappelen, groenten en fruit. De SP steunt dan ook de oproep om zuinig te zijn met landbouwgrond. Logisch gevolg zou zijn dat de landbouwers zichzelf de beperking gaan opleggen door geen lelies en andere nietvoedselgewassen te telen. Dit vermindert ook het gebruik van bestrijdingsmiddelen en zorgen van omwonenden. Is het college bereid om dit bij de betreffende agrariërs aan te kaarten? Antwoord: Het probleem wat u hier aanhaalt is door de boeren zelf geadresseerd bij de gemeente, zij zetten in op zorgvuldig duurzaam gebruik van landbouwgronden.

Volgvel

Ons kenmerk

4

Momenteel zien we onder andere dat stoppende boeren in de verleiding kunnen komen hun gronden te verkopen of te verpachten aan de lelieteelt of andere nietvoedselgewassen. Als gemeente delen we deze zorg. Momenteel werken we aan een plan dat moet voorkomen dat dergelijke gronden voor andere doeleinden worden gebruikt dan niet-voedselproductie, we doen dit mede op verzoek van de boeren. 9.

In de raadsinformatiebrief stelt u dat ‘deze agenda zich richt op het verbeteren van de bodem-, water- en luchtkwaliteit, met als doel om te voldoen aan Europese, nationale en provinciale doelen op het gebied van duurzaamheid, terwijl een economisch rendabel model voor agrariërs wordt nagestreefd’. Bent u het eens met de SP, gezien onze vragen 1 t/m 5 dat de Europese, nationale en provinciale doelen in de voorliggende uitvoeringsagenda onvoldoende tot uiting komen? Antwoord: We zetten in op verbetering voor bodem, water en luchtkwaliteit. De Europese, nationale en provinciale doelen op dit gebied zijn voor veel onderwerpen op dit moment echter (nog) niet concreet. Er zijn geen kwantitatieve waarden geformuleerd op bijvoorbeeld bedrijfs- of stalniveau. Met andere woorden, boeren weten niet waar ze aan toe zijn. Momenteel is er een beleidsvoornemen van het ministerie LVVN om in het kader van kringlooplandbouw te komen tot een set KPI’s (kritische prestatie indicatoren) waarmee op stal-, bedrijfs- en gebiedsniveau wordt gewerkt aan verbetering van de doelen. Boeren kunnen, anders dan specifieke -soms tegenstrijdige- regels te volgen, zelf maatregelen nemen om tot verbetering te komen van water, bodem en luchtkwaliteit. Dit past bij ons beleidsuitgangspunt dat we uitgaan van controleerbare doelvoorschriften en de transitie naar kringlooplandbouw.

10. Bent u bereid om het overleg met de betreffende agrariërs te heropenen om te komen tot een ambitieuzere en doelmatigere uitvoeringsagenda, waarbij meer rekening wordt gehouden met Europese, nationale en provinciale doelen? Zoals het grote maatschappelijke belang van een betere water- en luchtkwaliteit? Antwoord: Als gemeente werken we intensief samen met de boeren aan een economisch en ecologisch gezonde en duurzame hoogproductieve kringlooplandbouw. Overigens constateren we dat al veel boeren in onze polder maatregelen nemen door bijvoorbeeld deel te nemen aan initiatieven als Bodem-UP of met innovatieve ideeën komen die leiden tot verbetering van bodem, water en luchtkwaliteit.

Volgvel

Ons kenmerk

5

11. In de uitvoeringsagenda wordt gevraagd om menskracht en ondersteuning. Gaat u dit leveren voor de voorliggende, weinig ambitieuze uitvoeringsagenda? Antwoord: Als gemeente vervullen we de rol de transitie van de landbouw te faciliteren. We ondersteunen de uitvoeringsagenda door waar nodig regels aan te passen (indien deze dat doel belemmeren) en nieuwe instrumenten te ontwikkelen die noodzakelijk zijn om kringlooplandbouw te bevorderen.

Ik hoop u zo voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet,

Sidney van den Bergh Wethouder van de gemeente Oss

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=fb17ffac-adcd-4898-9d27-24430af6055a