01 Antwoord op de artikel 41 vragen van FVD over bescherm onze kinderen.DOCX
Tekst van het document
Maatschappelijke Ontwikkeling Raadhuislaan 2, Oss
Fractie FvD gemeenteraad Oss Ter attentie van dhr. N. Raadgever en mevr. M. van Hattem
Telefoon 14 0412 Fax [0412] 64 26 05 E-mail gemeente@oss.nl
P/a Raadhuislaan 2
www.oss.nl
5341 GM Oss
Postbus 5 5340 BA Oss
Wilt u bij uw reactie de datum van deze brief en ons kenmerk vermelden?
Datum
Ons kenmerk
17 april 2023
Behandeld door
Doorkiesnummer
M. Verhoef
140412
Onderwerp
Beantwoording artikel 41-vragen van 23 maart 2023
Geachte heer Raadgever en mevrouw van Hattem, Op 23 maart 2023 stelde u artikel 41-vragen over De week van de lentekriebels. Met deze brief beantwoorden wij uw vragen. Voor we de vragen beantwoorden, is het van belang te weten dat sinds 2012 seksualiteit en daarmee respectvol leren omgaan één van de verplichte kerndoelen is van het primair onderwijs.1 Scholen zijn vrij in de wijze waarop zij dat doen. Dit in samenspraak met de leraren en met ouders van de school via de medezeggenschapsraden. Dit betekent dat er geen sprake is van ‘ongevraagdheid’ zoals u in uw brief stelt. U maakt in de inleiding van uw brief onderscheid tussen ‘vorming’ en ‘voorlichting’ en dat ‘vorming’ geen taak is van de school of leerkracht. Wij begrijpen dat de woorden verschillende betekenissen en gevoelswaarden hebben, toch is ‘vorming’ uitdrukkelijk een taak van het onderwijs. Artikel 23 van de Grondwet bijvoorbeeld die onderwijs en de vrijheid van onderwijs regelt, gebruikt de term ‘algemeen vormend lager onderwijs’.2 Ook de kerndoelen van het onderwijs zijn bedoeld voor de ‘brede vorming van kinderen’.3
1
Zie P.1 en P.19 artikel 38 in:
https://www.slo.nl/publish/pages/17358/kerndoelen-primaironderwijs2006-overzicht_1.pdf 2
https://wetten.overheid.nl/BWBR0001840/2023-02-22#Hoofdstuk1_Artikel23
3
Zie p.4 preambule in
https://www.slo.nl/publish/pages/17358/kerndoelen-primaironderwijs2006-overzicht_1.pdf
Volgvel
Ons kenmerk
2
Een ander punt waar we vooraf even bij stil willen blijven staan is uw constatering dat er ouders zijn die zich gepasseerd voelen ‘omdat aan hen niet de vraag is gesteld bij wie de verantwoordelijkheid ligt als het gaat om de seksuele ontwikkeling van het kind’. We gaven zojuist aan dat scholen naast ouders ook een verantwoordelijkheid hebben in de seksuele opvoeding en dat zij vrij zijn in de wijze waarop ze dat doen. Als ouders zich gepasseerd voelen en vinden dat de school zich te veel met de opvoeding bemoeit, is dat uiteraard vervelend. Het is echter aan de school om met de ouders hierover in gesprek te gaan. Ouders kunnen ook terecht bij de medezeggenschapsraad die elke school heeft. De gemeente heeft hier geen rol in en mag zich wettelijk niet met de onderwijsinhoud en schoolprogramma’s bemoeien. Dan de beantwoording van uw vragen. • Is de wethouder ook van mening dat het beschreven lesmateriaal veel te expliciet is voor kinderen op de basisschool? Zo ja, welke interventies gaat de wethouder nemen? Antwoord: Wij hebben geen mening daarover. We vertrouwen experts, kennisinstituten en leerkrachten die dagdagelijks met deze vraag bezig zijn en weten wat bij elke leeftijd passend lesmateriaal is.
• Is de wethouder het ermee eens dat de school een te grote invloed kan uitoefenen middels het aangeboden lesmateriaal op de seksuele vorming van kinderen? Antwoord: Wat is ‘te grote invloed uit kunnen oefenen’? Daar is geen eenduidig antwoord op mogelijk. Scholen hebben een taak in de seksuele vorming van kinderen (kerndoel) en maken met ouders en leerkrachten afspraken hierover hoe dit het beste te doen is passend bij de school en passend bij de leeftijd van de kinderen. • Vindt de wethouder dat seksuele vorming van kinderen onder de verantwoordelijkheid valt van ouders en niet (zozeer) van school? Antwoord: Het is geen ‘of-of’ maar ‘en-en’. En ouders zijn wettelijk primair verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen. En seksuele vorming is één van de kerndoelen van het primair onderwijs waardoor scholen ook een verantwoordelijkheid hebben. Zij moeten daar aandacht aan besteden maar zijn vrij in de wijze waarop ze dit doen in samenspraak met leerkrachten en ouders. • Is de wethouder bereid om een signaal af te geven richting Den Haag waarin hij aangeeft dat seksuele vorming van kinderen op de basisschool een te groot onderdeel vormt op de lessen op de basisschool? Antwoord: Het is geen taak en verantwoordelijkheid van de gemeente om dit te doen.
Volgvel
Ons kenmerk
3
• Is de wethouder het ermee eens dat ouders die zich niet kunnen vinden in het lesmateriaal van de Rutgers Stichting, gehoord dienen te worden zodat hun bezwaren in beeld komen? En dat er iets met de bezwaren van ouders moet worden gedaan? Antwoord: Mits gebaseerd op feiten en met wederzijds respect kunnen ouders met bezwaren met de school in gesprek gaan, mede via de medezeggenschapsraad van de school. Ook kunnen zij rechtstreeks vragen stellen aan en meldingen doen bij de Rutgers Stichting. De Rutgers Stichting is een professionele organisatie die openstaat voor kritiek en tegenspraak.4 • Is de wethouder het ermee eens dat de nadruk vooral moet liggen op taal, rekenen en “kind zijn” binnen het onderwijs? Antwoord: Wij doen geen uitspraken over hoe onderwijsprogramma’s er uit moeten zien, waar nadruk en prioriteit op moet liggen en hoe kinderen zich ‘kind moeten voelen’. Scholen hebben in Nederland de taak aan de hand van kerndoelen kinderen en jongeren in brede zin te vormen. • Is de wethouder het ermee eens dat lessen die gericht zijn op seksualisering eraan bijdragen dat de privacy en het gevoel van veiligheid van het kind hiermee ernstig in het geding komen? Antwoord: ‘Seksualisering’ is iets anders is dan seksuele vorming en voorlichting. We gaan er vanuit dat u dit laatste, vorming en voorlichting, bedoelt.
Nee, wij zijn het er niet mee eens dat de lespraktijk op Nederlandse scholen rondom seksuele vorming en voorlichting leidt tot ernstige privacy- en veiligheidsproblemen van kinderen en jongeren. Gelet op het feit dat het Nederlands onderwijs al een decennialange traditie kent van seksuele voorlichting en – vorming (al van voordat het in 2012 een formeel kerndoel werd) en er in die periode geen signalen bekend zijn van privacy- en veiligheidsproblemen, denken we dat deze praktijk bijdraagt aan de bewustwording van kinderen en jongeren en dat dit hen weerbaarder maakt. Met vriendelijke groet,
Ing. J.P.J. Hooiveld Wethouder Onderwijs
4
https://rutgers.nl/nieuws/roerige-lentekriebelsweek-levert-vooral-veel-waardevolle-gesprekken-op/