Bijlage 2 KSO Fryslân hoofdrapportage eindversie
Tekst van het document
Bovenstaande betekent dat, ondanks een vrij laag actueel leegstandspercentage het perspectief voor winkelgebieden niet zonder meer rooskleurig is. Een toename van het aantal winkelmeters kan de komende jaren niet verwacht worden. De situatie zal volop in beweging blijven. Daarom is juist de komende jaren een goede monitoring, bijvoorbeeld via het periodiek onderzoeken van koopstromen, belangrijk. Minstens zo belangrijk is een actueel en dynamisch detailhandelsbeleid. Scherpe, misschien soms pijnlijke, keuzes die inspelen op actuele situaties om ook in de toekomst sterke winkelgebieden over te houden zijn noodzakelijk. Het belang van leefbaarheid en werkgelegenheid is groot.
Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024
99 van 119
Het is zeer gewenst dat gemeenten hun detailhandelsbeleid minimaal elke vijf jaar evalueren. Variabelen die daarbij periodiek tegen het licht moeten worden gehouden zijn onder andere passantenaantallen, leegstandspercentages en aanbodontwikkeling, bezoekerswaardering, parkeerintensiteit en ontwikkeling van zelfstandig ondernemerschap. 2. Aantrekkingskracht kleinere winkelgebieden loopt terug, risico op negatieve spiraal Hoewel het een logische beweging lijkt dat het detailhandelsaanbod terugloopt in lijn met marktontwikkelingen, en tegelijkertijd de leegstand op een gezond niveau ligt, is er wel een onderliggend risico. Dat risico is dat met name de kleinere en middelgrote gebieden met een teruglopend aanbod hun aantrekkingskracht zien afnemen. Omzet in een winkelgebied is een resultante van het aantal inwoners/bezoekers en de mate waarin deze graag naar een winkelgebied komen om daar te besteden. Een verzwakt aanbod zorgt voor minder bestedingen, wat op zichzelf kan leiden tot een slechtere situatie voor de zittende winkeliers. Een negatieve spiraal ligt daarbij op de loer. We zien op dit moment al dat in de kleinere kernen dagelijkse voorzieningen zoals de slager en de bakker verdwijnen; enkel de supermarkt resteert dan nog. Middelgrote kernen verliezen hun onderscheidende en recreatieve aanbod en worden meer gezien als boodschappencentra.
Het effect is dan dat lokale inwoners ófwel hun niet-dagelijkse aankopen elders gaan doen (fysieke afvloeiing) ofwel nog meer online winkelen. Onder aan de streep komt de leefbaarheid steeds meer onder druk te staan. Het is dan ook zaak om scherpe keuzes te maken, zodat gezonde en sterke winkelgebieden overblijven, die ook de komende jaren perspectief hebben. In onderstaande gaan we hier dieper op in. 3. Durf te kiezen voor levensvatbare centra Een versplintering van detailhandel in te kleine en weinig onderscheidende centra biedt geen goed perspectief voor de toekomst. Kleine winkelgebieden zonder veel toeristische toevloeiing krijgen het de komende jaren zwaar. Het is daarom zaak om te bekijken welke gebieden perspectief hebben en daarvoor te kiezen. Dat kan betekenen dat winkelaanbod (zowel zelfstandig als supermarkten) in sommige kleine kernen verdwijnt, maar dat een nabijgelegen grotere kern wel perspectief houdt, door het grotere verzorgingsgebied. Een relatief extreem voorbeeld is de voormalige gemeente De Marne (nu onderdeel van gemeente Het Hogeland) in de provincie Groningen. Daar heeft de gemeente ervoor gekozen de winkelvoorzieningen in één plaats (Leens) te versterken om een levensvatbaar cluster te houden. De omliggende dorpen hebben inmiddels niet of nauwelijks winkelvoorzieningen meer.
Deze keuze is pijnlijk, maar het eindresultaat is wel dat deze relatief dunbevolkte regio een gezond cluster heeft met een sterk toekomstperspectief. Voor de provincie Fryslân, met haar fijnmazige netwerk aan kleine steden en dorpen betekent dit maatwerk. Sommige kleine dorpen kunnen, door een grote toeristische toevloeiing, nog prima een goed functionerend winkelgebied behouden; voor andere dorpen is het perspectief lager. Dat clustering in grotere centrumgebieden positieve effecten heeft, laat het functioneren van bijvoorbeeld Burgum in Tytsjerksteradiel en Surhuisterveen in Achtkarspelen zien. Sturen op het concentreren in compacte en aantrekkelijke centra loont, zeker in combinatie met aantrekkelijke horeca.
Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024
100 van 119