CConstaterende datOpsterland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Beleidsnotitie 'Doarpen oan set' - Dorpenbeleid 2025 (oud)

Raadsvergadering 24 maart 2025, gemeente OpsterlandBij agendapunt: Dorpenbeleid Opsterland 2025 (H)8.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Doarpen oan set Dorpenbeleid Opsterland 2025

Inhoud Inleiding 3 Hoofdstuk 1 4 Hoofdstuk 2: Raakvlakken met andere domeinen 6 Hoofdstuk 3: Huidige situatie 10 Hoofdstuk 4: Stand van zaken 17 Hoofdstuk 5: Gewenste situatie 18 Hoofdstuk 6: Financiëring 23 Nawoord 24 Bijlage 1: De dorpen en buurtschappen van Opsterland 25 Bijlage 2: Dorpsfoto 26 Bijlage 3: Werkproces ambtelijke en bestuurlijke overleggen met Plaatselijke Belangen 27 Bijlage 4: Werkproces behandeling dorpsvisies 28 Bijlage 5: Evaluatie indicatoren 29

Inleiding Het verhaal van persona Jan: Jan (51 jaar) woont samen met zijn vrouw en drie kinderen in Wijnjewoude. Hij werkt als leerkracht aan het VMBO in Drachten. Jan is zeer gemotiveerd om zijn steentje bij te dragen aan de ontwikkeling van zijn dorp. Hij maakt zich zorgen over de krapte op de woningmarkt. Kunnen zijn kinderen straks ook nog in het dorp wonen? Kunnen ze hier zelf hun oude dag nog doorbrengen? Deze vragen motiveerden hem om zitting te nemen in het bestuur van Plaatselijk Belang. Jan voelt zich sterk verbonden met zijn dorp en is actief in Plaatselijk Belang om positieve veranderingen teweeg te brengen. Jan is een pragmatische denker die graag concrete oplossingen zoekt voor de uitdagingen waarmee zijn dorp wordt geconfronteerd. Ondanks de vele verantwoordelijkheden en uitdagingen waarmee hij wordt geconfronteerd binnen Plaatselijk Belang, blijft Jan kalm en geduldig, en streeft hij naar effectieve samenwerking met de gemeente en de inwoners uit het dorp. Hij staat open voor nieuwe ideeën en initiatieven en is bereid om zichzelf voortdurend te ontwikkelen om zijn rol in het bestuur van Plaatselijk Belang zo goed mogelijk te vervullen. Tegelijkertijd is hij overweldigd door de verantwoordelijkheden die daarbij komen kijken.

Jan ervaart soms stress vanwege de vele vergaderingen, veel leeswerk en de complexiteit van de onderwerpen waar Plaatselijk Belang mee te maken heeft. Hij zou graag meer ondersteuning en begeleiding krijgen bij het uitvoeren van zijn bestuurstaken, vooral op gebieden waar hij minder ervaring mee heeft, zoals het schrijven van projectplannen, het aanvragen van subsidies en vergunningen. Het verhaal van Jan staat symbool voor het geweldige werk van vrijwilligers in dorpsverenigingen en stichtingen. Het laat zien hoe waardevol het is om de Mienskip actief te betrekken bij gemeentelijke plannen, terwijl we ervoor zorgen dat vrijwilligers hun taken met plezier kunnen blijven doen. Vrijwilligers zoals Jan zijn de ruggengraat van de Mienskip, en met de juiste balans willen we ervoor zorgen dat de vrijwilligers hun inzet met energie en motivatie blijven doen.

3

Hoofdstuk 1 1.1

Aanleiding voor het Dorpenbeleid

Het Dorpenbeleid is opgesteld vanuit de ambities van het coalitieakkoord. Het college wil zichtbaaren benaderbaar zijn, actief verbindingen zoeken met de dorpen, en inwoners aanmoedigen om meer initiatieven te starten ter verbetering van hun leefomgeving. De gemeente en de inwoners dragen samen de verantwoordelijkheid voor de leefbaarheid in de dorpen, ieder met hun eigen rol en verantwoordelijkheden. Maar de samenleving verandert. De vergrijzing neemt toe, wat invloed heeft op de leefbaarheid in de dorpen. Voorzieningen kunnen onder druk komen te staan, het aantal vrijwilligers neemt af, en het beroep op mantelzorgers en burenhulp neemt toe. Inwoners willen steeds vaker meedenken, meedoen en meebeslissen bij overheidsplannen. Daarnaast hecht de gemeente veel waarde aan zelfredzame dorpen. Deze maatschappelijke ontwikkelingen brengen uitdagingen met zich mee. De centrale vraag voor het Dorpenbeleid is: hoe behouden en borgen wij de organisatiekracht van de dorpen? Het Dorpenbeleid gaat over de samenwerking tussen de gemeente en de dorpen en de samenwerking tussen de organisaties in de dorpen zelf. In Opsterland noemen wij dit ‘Dorpenparticipatie’. Het doel is om bij te dragen aan het op peil houden van de organisatiekracht van de dorpen.

1.2

Totstandkoming

Externe participatie

Wij hebben de beleidsnota op participatieve wijze ontwikkeld. In november 2023 organiseerden wij twee netwerkbijeenkomsten met de Plaatselijke Belangen en de dorpshuisbesturen. Tijdens deze bijeenkomsten evalueerden wij de huidige werkwijze van samenwerking tussen de gemeente en de dorpen en de instrumenten die we daarvoor inzetten.

4

Doarpspetearen

Ten behoeve van de totstandkoming van dit beleid organiseerden wij in maart 2024 vier Doarpspetearen met de inwoners van Lippenhuizen, Ureterp, Beetsterzwaag en Luxwoude. Wij spraken met de inwoners aan de hand van een zogenaamde Dorpsfoto over de veranderende bevolkingssamenstelling en de impact daarvan op de leefbaarheid in de dorpen. Ruim honderd inwoners en de Plaatselijke Belangen namen deel.

Dorpsfoto’s

De Dorpsfoto is een feitenblad dat een beeld geeft van de huidige situatie van een dorp. De Dorpsfoto omvat feiten en cijfers over onder andere de demografische bevolkingsgegevens, de zorgconsumptie, het voorzieningenniveau, de bestaande woningvoorraad inclusief bijbehorende energielabels, het aantal meldingen openbare ruimte, de contouren van het binnen- en buitenstedelijk gebied en de bedrijvigheid binnen het dorp. De Dorpsfoto’s hielpen om het bewustzijn van inwoners over de veranderende samenleving en de impact daarvan op de dorpen te vergroten.

Interne participatie

Beleidsambtenaren van het ruimtelijke en sociale domein waren actief betrokken via een projectteam en expertisegesprekken. Het college van B&W nam twee keer deel aan dit proces, waarbij ze standpunten innamen bij inhoudelijke stellingen. De gemeenteraad werd betrokken door middel van een informatiebijeenkomst, een lezing van Anke Siegers over een nieuwe route voor participatie en een discussienota. De Plaatselijke Belangen hebben gereageerd op de conceptversie van het Dorpenbeleid, waarna de opmerkingen zijn afgewogen en verwerkt in de definitieve nota.

1.3

Uitgangspunten van het beleid

Deze paragraaf beschrijft de uitgangspunten van het Dorpenbeleid, waarbij de nadruk ligt op samenwerking, communicatie, ondersteuning en evaluatie. De uitgangspunten zijn niet nieuw maar uit de praktijk ontstaan. Met deze beleidsnotitie willen wij deze formaliseren. Hieronder worden de vier geformuleerde uitgangspunten verder toegelicht.

Wij werken samen

Wij gaan uit van gelijkwaardigheid en wederzijds vertrouwen, ieder met hun eigen rol en verantwoordelijkheden.

Wij informeren en communiceren

Door Plaatselijke Belangen vroegtijdig te informeren, kunnen ze hun rol als serieuze gesprekspartner van de gemeente effectief vervullen. Wij vragen ook van de Plaatselijke Belangen om de gemeente actief te informeren over wat er in het dorp speelt.

Wij ondersteunen en faciliteren

Door dorpen te voorzien van advies, informatie en financiële steun, dragen wij bij aan de organisatiekracht binnen de dorpen.

Wij evalueren en monitoren

Wij behouden het goede en passen aan waar nodig om onze uitgangspunten en doelstellingen te bereiken.

5

Hoofdstuk 2: Raakvlakken met andere domeinen Het Dorpenbeleid staat niet op zichzelf, maar is nauw verweven met het fysieke en sociale domein welke beide veel raakvlakken hebben met de dorpen om hun doelen te bereiken. De raakvlakken en de toegevoegde waarde van het Dorpenbeleid hierop worden toegelicht. De onderstaande beleidsnota’s blijven, ook na toekomstige actualisaties, sterk verbonden met het Dorpenbeleid.

2.1

Raakvlakken met het fysiek domein

Omgevingsvisie

De Omgevingswet bekijkt de omgeving waarin wij wonen, werken en leven als één geheel. Door het bundelen van allerlei landelijke wetten en regels over die omgeving ontstaat meer overzicht. De bredere kijk op de omgeving wordt beschreven in de Omgevingsvisie Opsterland. De visie beschrijft de gewenste ontwikkeling van de gemeente en vormt het kader voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het Dorpenbeleid beschrijft hoe wij lokale belangen en behoeften integreren in het bredere kader van de omgevingsvisie. Dit draagt bij aan een evenwichtige en duurzame ontwikkeling van de dorpen.

Regionale Woondeal Zuidoost Fryslân 2023

De Regionale Woondeal Zuidoost Fryslân 2023 is een afspraak tussen het Rijk, de provincie en de vijf gemeenten in de regio Zuidoost Fryslân (Heerenveen, Smallingerland, Weststellingwerf, Ooststellingwerf en Opsterland). In de Regionale Woondeal Zuidoost Fryslân 2023 is afgesproken dat de gemeente Opsterland in de periode 2022 tot en met 2030 minimaal 530 woningen bouwt, waarvan 30% sociale huurwoningen en 40% betaalbare koopwoningen. Het Dorpenbeleid draagt bij aan de Regionale Woondeal door in samenwerking met de dorpen geschikte locaties in kaart te brengen binnen het bestaande stedelijke gebied voor nieuwe woningbouwprojecten. Hierbij houden we rekening met de sociale infrastructuur en de voorkeuren van de Mienskip.

6

Woonvisie gemeente Opsterland, volkshuisvestingsprogramma

Een Woonvisie geeft uitwerking aan de hoofdlijnen van beleid over Wonen zoals dat in de Omgevingsvisie is vastgelegd. De gemeente gaat 1.000 woningen bouwen in de periode 2022 tot en met 2035. Deze worden gerealiseerd in een vijftaluitbreidingsgebieden bij Gorredijk, Ureterp, Bakkeveen, Langezwaag en Terwispel. Daarnaast blijft de mogelijkheid om in alle dorpen binnen het bestaand stedelijk gebied woningen te bouwen. Het Dorpenbeleid draagt bij aan de woonvisie door de Mienskip actief te betrekken bij deuitvoering en planning van huisvestingsbeleid. Door de dorpen te betrekken, identificeren wij geschikte locaties voor nieuwe woningbouwprojecten, rekening houdend met de sociale infrastructuur en voorkeuren van de Mienskip.

Beeldkwaliteitsplan openbare ruimte

In het Beeldkwaliteitsplan Openbare Ruimte 2021-2025 zijn de gewenste onderhoudsniveaus voor de openbare ruimte vastgesteld. Het plan stelt de kaders voor de technische- en verzorgende staat van het openbare groen, de verharding en de civiele kunstwerken. Uitgangspunt is dat de gemeente zorgt voor een stabiele basis die veilig en toegankelijk is. Het beleidskader biedt ruimte voor initiatieven vanuit de dorpen om zelf te zorgen voor een ‘plus’. Vanuit het Dorpenbeleid streven wij aan de ene kant ernaar om door communicatie draagvlak te creërenvoor de gemeentelijke manier van het onderhouden van de openbare ruimte. Aan de andere kant willen wij een beter inzicht krijgen in hoe de inwoners de kwaliteit van hun leefomgeving ervaren en hen stimuleren om zelf de ruimte te nemen om deze ruimte nog mooier te maken.

Gemeentelijk verkeer en vervoersplan (GVVP)

Verkeersveiligheid en een goede bereikbaarheid van dorpen en voorzieningen draagt bij aan het welzijn van mensen. Het GVVP beschrijft de hoofdlijnen van het verkeers- en vervoersbeleid van de gemeente Opsterland.

Het Dorpenbeleid biedt een platform om een beter inzicht te krijgen in hoe inwoners de bereikbaarheid en verkeersveiligheid in de dorpen ervaren. Dit helpt bij het signaleren van knelpunten en de wensen vanuit het dorp. Tegelijk biedt het kansen om draagvlak te creëren voor de gemeentelijke (on) mogelijkheden om ervaren problemen op te lossen.

Detailhandelsvisie

De detailhandelsvisie is een toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen en vragen vanuit de markt, primair gericht op de dorpen Beetsterzwaag, Gorredijk en Ureterp. Deze dorpen hebben specifieke winkelgebieden. De gemeente Opsterland wil ondernemerschap stimuleren en initiatieven ondersteunen om de leefbaarheid en vitaliteit van de dorpen te behouden. Met het Dorpenbeleid stimuleren wij Plaatselijke Belangen en lokale ondernemers om meer samen te werken. Samenwerking creëert een gevoel van gedeelde verantwoordelijkheid voor het behoud en de ontwikkeling van de detailhandelssector in de dorpen.

Energietransitie

De gemeente Opsterland wil in 2035 energieneutraal zijn. Belangrijke pijlers zijn het ruimte bieden aan alternatieve manieren om energie op te wekken, zoals zonne-energie en groen gas via monomestvergisters, en de Warmtetransitie Visie. Zonnevelden beïnvloeden bijvoorbeeld de omgeving en dragen bij aan duurzame energieopwekking. Wij betrekken omwonenden vroegtijdig bij keuzes over locatie, inpassing, schaal en financiële participatie. Wij stimuleren en faciliteren energiecoöperaties/energiewerkgroepen bij energie bespaar- en duurzaamheidsacties. Plaatselijke Belangen, buurtverenigingen, lokale energiecoöperaties en woningbouwcorporaties spelen hierbij een belangrijke rol. Door actief te communiceren over de programma’s met de dorpen informeren wij inwoners over de spelregels van participatie met betrekking tot de energietransitie.

Erfgoed van Opsterland

Erfgoed is overal aanwezig in de Opsterlandse dorpen. De beleidsdocumenten Cultureel erfgoed, Religieus erfgoed , Monumenten, Begraafplaatsen en Beeldende kunst beschrijven de ambities gericht op het behouden, het beschermen en het versterken van ons Cultureel erfgoed. Cultureel erfgoed een plek geven lukt niet zonder de Mienskip. Draagvlak en samenwerken is de sleutel. Het dorpenbeleid draagt hieraan bij door hierover actief te communiceren met de dorpen.

2.2

Raakvlakken met het sociaal domein

Fries Integraal zorgakkoord (Friza)

Het Friza beschrijft de afspraken tussen verschillende partijen in Friesland over hoe ze willen samenwerken om goede zorg te bieden aan mensen die dat nodig hebben. Het gaat niet alleen om medische zorg, maar ook om andere vormen van ondersteuning, zoals hulp bij het huishouden, thuiszorg, en geestelijke gezondheidszorg. Het akkoord legt vast hoe deze zorg wordt georganiseerd, wie daarbij betrokken zijn en hoe ze samenwerken om ervoor te zorgen dat de zorg houdbaar blijft. Door goede communicatie en samenwerking met de dorpen dragen wij bij aan draagvlak voor de veranderingen in zorg en ondersteuning.

Woonzorgvisie

De woonzorgvisie geeft inzicht in de opgave die wij hebben op gebied van wonen en zorg. De woonzorgvisie legt de basis voor het creëren van een optimaal woonen zorgklimaat voor mensen die zorg nodig hebben. Het Dorpenbeleid draagt bij aan de Woonzorgvisie door dorpen actief te betrekken bij gemeentelijke plannen en beleidsvorming. Om zo te zorgen voor een lokale infrastructuur die de kwaliteit van leven, zelfstandigheid en veiligheid van onze inwoners bevordert.

7

Welzijnsbeleid

Deze beleidsnotitie vormt de basis voor de ontwikkeling van beleid ten bate van de versterking van de sociale basis in de gemeente Opsterland. De sociale basis legt de fundamenten voor een inclusieve en ondersteunende Mienskip, waarin iedereen kan meedoen en zich gewaardeerd voelt. Vanuit het Dorpenbeleid ondersteunen en versterken wij de georganiseerde infrastructuur in de dorpen, wat bijdraagt aan de sociale basis. Het dorpenbeleid is sterk verbonden met het welzijnsbeleid. Vanuit het welzijnsbeleid investeren we in het versterken van de sociale basis in de dorpen. De dorpsorganisaties (verenigingen en stichtingen) vormen de infrastructuur van deze sociale basis. De ondersteuning van de vrijwillige besturen borgen we binnen het Dorpenbeleid.

Preventieagenda

De Preventie Agenda Opsterland 2021- 2030 biedt een kader waarmee de gemeente in de komende jaren keuzes kan maken voor inzet en ondersteuning van inwoners, volop gebruikmakend van de krêft van de Mienskip. Vanuit het Dorpenbeleid stimuleren wij de samenwerking tussen de organisaties in de dorpen zodat preventieve activiteiten effectiever worden uitgevoerd.

Kadernota ‘Samen voor toekomstbestendige dorpshuizen’

In de kadernota ‘Samen voor toekomstbestendige dorpshuizen’ staat onze intentie om samen met de besturen van dorpshuizen deze belangrijke ontmoetingsplekken te behouden. Gezien de ontwikkelingen binnen het sociaal domein, waarbij preventie en het gebruik van algemene voorzieningen centraal staan, is een sterke sociale infrastructuur in de dorpen van essentieel belang. Het Dorpenbeleid richt zich op het ondersteunen en faciliteren van het bestuurlijk kader, waardoor dorpshuizen kunnen blijven functioneren en een centrale rol blijven spelen in de dorpen.

8

Afsprakenkader sport 2022-2026

Het afsprakenkader sport richt zich op: • Sportstimulering • Het ondersteunen van sportverenigingen • Het voorzien in sportaccommodaties Met het Dorpenbeleid stimuleren wij Plaatselijke Belangen om (meer) samen te werken met sportverenigingen en dragen we bij aan het ondersteunen van de georganiseerde infrastructuur in de dorpen. Samenwerking creëert een gevoel van gedeelde verantwoordelijkheid voor het behoud van sport en bewegen in de dorpen.

2.3

Raakvlakken met domein overstijgend beleid

Inclusieagenda (nog niet vastgesteld)

De Lokale Inclusie Agenda is een actieplan om ervoor te zorgen dat iedereen dezelfde kansen en mogelijkheden heeft in de samenleving. Inclusie betekent dat iedereen de vrijheid heeft om naar behoefte en vermogen vorm te geven aan diens leven binnen de maatschappij. Iedereen moet zich gezien, gehoord en welkom voelen, zichzelf kunnen zijn en erbij horen. De agenda kijkt naar verschillende gebieden zoals onderwijs, werk, wonen en toegankelijkheid. Met het Dorpenbeleid stimuleren wij de besturen van verenigingen en stichtingen om ondervertegenwoordigde groepen actief te benaderen voor participatie in het bestuur of onderliggende werkgroepen.

Inwonersparticipatie

Participatie omvat enerzijds de wijze waarop de gemeente inwoners wil betrekken bij beleidsontwikkeling en projecten (inwonersparticipatie) en anderzijds de wijze waarop de gemeente zelf kan bijdragen aan initiatieven vanuit de samenleving (overheidsparticipatie).

Door actief te communiceren met de dorpen zorgen wij ervoor dat inwoners bekend zijn met de wijze waarop zij kunnen participeren.

Integraal Veiligheidsbeleid

Het integraal veiligheidsbeleid 2024-2027 bevat de ambities en doelstellingen waarmee de gemeente de regie voert op veiligheid. De komende beleidsperiode heeft de gemeente Opsterland vier veiligheidsthema’s geprioriteerd: • Ondermijning • Digitale veiligheid • Zorg en veiligheid • Jeugd en veiligheid Het Dorpenbeleid draagt bij door actief te communiceren over het veiligheidsbeleid en door veiligheidskwesties vanuit de dorpen door te geven aan het bestuur en de gemeentelijke organisatie. Daarnaast meten we het veiligheidsgevoel van de inwoners met de vierjaarlijkse Dorpsspiegels.

9

Hoofdstuk 3: Huidige situatie Het Dorpenbeleid in Opsterland borduurt voort op monitoring, analyse en evaluatie van de huidige situatie. Hierbij kijken wij naar bestaande instrumenten, uitdagingen en kansen om een samenhangend beleid te ontwikkelen, dat nauw aansluit bij de specifieke behoeften van de Mienskip en de gemeente. In dit hoofdstuk beschrijven wij de georganiseerde infrastructuur in de dorpen en de gemeentelijke organisatie, evenals de instrumenten die we nu al inzetten voor een goede samenwerking met de dorpen. Daarnaast citeren wij opmerkingen die zijn gemaakt tijdens de bijeenkomsten met de Plaatselijke Belangen, de dorpshuisbesturen en vier Doarpspetearen over verschillende onderwerpen.

3.1

Georganiseerde infrastructuur van het dorp

Onder de georganiseerde infrastructuur verstaan wij in deze nota de Plaatselijke Belangen, besturen van bijvoorbeeld dorpshuizen, sport- en cultuurverenigingen, dorpssteunpunten, kerken, scholen, energiewerkgroepen en coöperaties, bedrijven en zorg- en welzijnsaanbieders in de dorpen. Wij beschrijven de rol van de Plaatselijke Belangen uitgebreider, omdat zij onze eerste gesprekspartner zijn in het Dorpenbeleid.

3.1.1 Plaatselijke Belang

Plaatselijke Belangen zijn verenigingen die zich inzetten voor de belangen van hun dorp. Het zijn autonome verenigingen waarbij de leden zelf hun bestuurders kiezen. Ze zijn ontstaan als informele groepen van inwoners die zich verenigden om problemen in hun omgeving aan te pakken, zoals infrastructuur, sociale voorzieningen, of milieukwesties. De bestuurders vervullen hun taken geheel op vrijwillige basis, gedreven door betrokkenheid bij het welzijn en de ontwikkeling van het dorp. De gemeente Opsterland telt zestien dorpen, eenentwintig buurtschappen en vijftien Plaatselijke Belangen1. Taken en verantwoordelijkheden Geen enkel Plaatselijk Belang is gelijk. Ieder Plaatselijk Belang heeft zijn eigen

10

rol- en taakopvatting. Sommige richten zich voornamelijk op belangenbehartiging en laten de stem van de gemeenschap horen in gesprekken met de gemeente en andere belanghebbenden. Andere Plaatselijke Belangen nemen een meer proactieve rol aan door zelf activiteiten en evenementen te organiseren die de sociale cohesie bevorderen en de leefbaarheid van het dorp versterken. Daarnaast houden sommige Plaatselijke Belangen zich intensief bezig met het ontwikkelen van een dorpsvisie en het opstellen van uitvoeringsplannen om deze visie te realiseren. In meerdere dorpen fungeren Plaatselijke Belangen als een paraplu waaronder verschillende werkgroepen actief zijn op specifieke onderwerpen. Plaatselijk Belang voert dan bijvoorbeeld het penningmeesterschap uit en treedt op als penvoerder om subsidies en fondsen aan te vragen. Bevoegdheden De Plaatselijke Belangen beheren de dorpsbudgetten. Ze bepalen zelf hoe ze dit beheren. In sommige dorpen besluiten de besturen waar ze een financiële bijdrage aan geven, andere dorpen hebben een beoordelingscommissie ingesteld, en in sommige dorpen stemmen de leden tijdens de Algemene Ledenvergadering (ALV) over waar het budget voor wordt ingezet. Via een kort inhoudelijk en financieel verslag leggen de Plaatselijke Belangen jaarlijks verantwoording af aan de gemeente over de bestedingen uit het dorpsbudget.

Overlegstructuur De overlegstructuur van Plaatselijke Belangen omvat doorgaans: • Algemene ledenvergadering: het hoogste besluitvormende orgaan waar alle leden samenkomen om belangrijke beslissingen te nemen. • Bestuursvergaderingen: regelmatige bijeenkomsten van het bestuur om operationele zaken en beleidslijnen te bespreken. • Werk- of projectgroepen: gevormd voor specifieke taken of projecten • Informatiebijeenkomsten: incidentele bijeenkomsten om de inwoners op de hoogte te houden en betrokkenheid te vergroten. • Samenwerking met andere belanghebbenden: overleg met andere (dorps) organisaties en instanties om samenwerking te bevorderen.

3.1.2 Samenwerking tussen gemeente en Plaatselijke Belangen

Bij de samenwerking met de Plaatselijke Belangen is het voor de gemeente belangrijk om in vertrouwen beleidsonderwerpen en ontwikkelingen met elkaar te bespreken, ieder vanuit zijn eigen rol en verantwoordelijkheid. Dit beleid bevestigt het belang van transparantie, participatie en wederzijdse beïnvloeding in de communicatie tussen gemeente en inwoners in de dorpen. Wij zien de Plaatselijke Belangen als een belangrijke vertegenwoordiging van een dorp en daarom informeren en betrekken wij hen tijdig bij ontwikkelingen en beleidsvoornemens die impact hebben op het dorp. Wij erkennen daarmee de belangrijke positie van de Plaatselijke Belangen. De Plaatselijke Belangen zijn echter niet per se altijd een representatieve vertegenwoordiging van de inwoners uit een dorp. Zo zijn bijvoorbeeld huurders maar ook jongeren vaak ondervertegenwoordigd in de Plaatselijke Belangen. Iedereen is overigens uitgenodigd om lid te worden van de Plaatselijk Belang in het eigen dorp. Wij maken samen met Plaatselijk Belang afspraken over hoe, wanneer en op welke wijze er behoefte is aan contact. Elk dorp heeft andere behoeftes en maatwerk is hierbij onmisbaar. Die afspraken kunnen we ook met elkaar aanpassen, als de tijd of de situatie daarom vraagt.

Wat hoorden wij van de dorpen? “As Pleatslik Belang steane wy midden yn it doarp. Wy hawwe in ferbinende funksje tusken gemeente en ynwenners. Wy wolle graach fan it begjin oant it ein belutsen wêze. Mar pas wol op, freegje net te folle. Wy binne frijwilligers en moatte alles yn ús frije tiid dwaan.”

3.1.3 Andere stakeholders in de dorpen

Vanuit aanpalende beleidsterreinen werken wij samen met diverse stakeholders, waaronder dorpshuizen, sport- en culturele verenigingen, dorpssteunpunten, scholen, zorg- en welzijnsinstellingen, en bedrijven. Samen vormen zij de georganiseerde infrastructuur binnen de dorpen. Dorpshuizen: Dorpshuizen zijn belangrijke ontmoetingsplaatsen in onze dorpen. Ze dragen door hun activiteiten bij aan de sociale samenhang, waar ze soms de enige voorziening zijn. Het zijn openbare ontmoetingsplekken waar mensen elkaar op een laagdrempelige manier kunnen ontmoeten, ongeacht leeftijd, achtergrond of religie. Dorpshuizen dragen bij aan verschillende beleidsdoelen en -ambities van de gemeente, zoals het voorkomen van eenzaamheid en het signaleren van sociale problematiek. Sport- en culturele verenigingen: Deze verenigingen bieden een breed scala aan activiteiten die mensen van alle leeftijden en achtergronden samenbrengen. Ze bevorderen sociale integratie, gezondheid en welzijn binnen dorpsgemeenschappen en bieden een platform voor talentontwikkeling en het delen van culturele tradities. Dorpssteunpunten: Veel dorpen hebben een actief dorpssteunpunt waar inwoners terecht kunnen voor verschillende hulpvragen en ondersteuning. Ze bieden hulp bij dagelijkse taken, informeren over activiteiten en verenigingen, en organiseren zelfs activiteiten om ontmoetingen te stimuleren.

Kerken: Kerken fungeren niet alleen als religieuze centra, maar vaak ook als sociale ontmoetingspunten binnen dorpen. Ze organiseren activiteiten zoals kerkdiensten, gemeenschapsbijeenkomsten, liefdadigheidsevenementen en educatieve programma’s.

11

Door deze activiteiten bevorderen kerken een gevoel van verbondenheid en solidariteit tussen inwoners en bieden ze een plek voor zingeving en spirituele ontwikkeling.

bij aan de georganiseerde infrastructuur in dorpen met ondernemers- en winkeliersverenigingen. Door actief te zijn in de dorpen, dragen bedrijven bij aan de algemene welvaart en het gevoel van trots onder de inwoners.

Scholen: Scholen zijn niet alleen plekken waar kinderen onderwijs krijgen, maar ze fungeren ook als centra voor betrokkenheid bij de Mienskip. Ouders komen samen tijdens ouderavonden, schoolvoorstellingen en sportevenementen. Scholen organiseren vaak ook activiteiten die openstaan voor de bredere gemeenschap, zoals kerstmarkten, Koningsspelen of lezingen. Door deze evenementen brengen scholen mensen samen en versterken ze de sociale basis in de dorpen.

Al deze stakeholders dragen bij aan het versterken van de sociale basis binnen dorpen door het creëren van gemeenschappelijke ruimtes, het bevorderen van sociale interactie en betrokkenheid, en het ondersteunen van lokale initiatieven en activiteiten. Ze vormen de bouwstenen van een levendige en veerkrachtige Mienskip. Wij nodigen deze organisaties afhankelijk van het thema ook uit voor de netwerkbijeenkomsten die we organiseren.

Zorg en welzijnsaanbieders: Zorg- en welzijnsaanbieders zijn niet alleen belangrijk voor het leveren van gezondheidszorg en individuele ondersteuning, maar ook als ontmoetingsplekken in dorpen. Hier kunnen mensen samenkomen voor afspraken, therapieën en groepsactiviteiten, wat kansen biedt voor het delen van ervaringen, het opbouwen van relaties en het bieden van steun aan elkaar. Daarnaast organiseren ze vaak educatieve programma’s, workshops en sociale evenementen om de gemeenschap te versterken en het algemene welzijn te bevorderen.

“Het vrijwilligerswerk professionaliseert en vraagt steeds meer kennis en kunde van de vrijwilligersorganisaties. Met name op het gebied van fondsenwerving, vergunningverlening en wet- en regelgeving. Het zou mooi zijn als de gemeente hier meer ondersteuning in kan bieden.”

Energiecoöperaties en werkgroepen Energiecoöperaties en werkgroepen zijn actief bezig met verduurzaming in de gemeente Opsterland. Ze bieden advies, organiseren bespaartips en projecten voor de opwekking van duurzame energie. Door deel te nemen aan energiecoöperaties worden inwoners actief betrokken bij de verduurzaming van hun eigen omgeving, wat het draagvlak voor duurzame initiatieven vergroot en gemeenschapsbetrokkenheid stimuleert. Bedrijven: Bedrijven spelen niet alleen een rol in het bieden van werkgelegenheid, maar ook in het ondersteunen van de lokale economie. Ze sponsoren lokale evenementen, leveren producten en diensten aan de gemeenschap en dragen

12

3.2 Georganiseerde infrastructuur binnen de gemeentelijke organisatie

Binnen de gemeentelijke organisatie streven wij naar een goede samenwerking met de dorpen. Wij willen benaderbaar en zichtbaar zijn in de dorpen. Dit doen we onder meer door de inzet van het Dorpenteam, vakinhoudelijke medewerkers en de Dorpswethouders. Samen zijn zij het eerste aanspreekpunt voor de dorpen. 3.2.1 Dorpenteam Het Dorpenteam is ingesteld om de samenwerking tussen de dorpen en de gemeente te onderhouden en waar mogelijk te versterken. Het Dorpenteam bestaat uit beleidsmedewerkers en een dorpencoördinator. Hieronder staan de verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden van het Dorpenteam, evenals de overlegstructuur met Plaatselijke Belangen:

Verantwoordelijkheden • Fungeren als schakelfunctie tussen dorpen, ambtelijke organisatie en bestuur. • Borging van participatie met Plaatselijke Belangen bij beleidsvorming en andere relevante zaken. • Zorgen voor gestroomlijnde informatie- en communicatiestromen vanuit de gemeente naar Plaatselijke Belangen en andere dorpsorganisaties. Taken • Eerste aanspreekpunt zijn voor Plaatselijke Belangen. • Communiceren en informeren van Plaatselijke Belangen over beleidsontwikkelingen en uitvoeringsplannen die het dorp beïnvloeden. • Informeren van de ambtelijke organisatie en bestuur over ontwikkelingen in de dorpen. • Verspreiden van ingediende dorpsvisies binnen relevante vakafdelingen en zorgen voor een integrale reactie. • Geven van advies en ondersteuning aan Plaatselijke Belangen voor een beter woon- en leefklimaat. • Zorgen voor verbinding met vakinhoudelijke afdelingen voor informatie over beleid, wetten en regels. • Beoordelen van subsidieaanvragen en adviseren over subsidiemogelijkheden. • Ondersteunen van verbinding en samenwerking in de dorpen. • Organiseren van netwerkbijeenkomsten voor kennisdeling. Bevoegdheden • Accorderen van subsidieaanvragen voor de dorpsbudgetten en de regeling Foar ús doarp. Overlegstructuur met Plaatselijke Belangen • Afspraken over frequentie van overleggen worden gemaakt op basis van behoeften en maatwerk.

• Minimaal één overleg per jaar en bezoek van de dorpencoördinator aan de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering van de Plaatselijke Belangen.

Wat hoorden wij uit de dorpen? “Het Dorpenteam is laagdrempelig en goed bereikbaar. De medewerkers zijn voor ons duidelijke aanspreekpunten en zorgen voor korte lijnen”

3.2.2 Dorpswethouder In het coalitieakkoord 2022-2026 heeft het college gesteld meer zichtbaar en benaderbaar te willen zijn, en om mensen te inspireren om meer betrokken te zijn bij hun leefomgeving. Het college wil actief de verbinding met de dorpen zoeken en inwoners aanmoedigen om meer initiatieven te starten ter verbetering van hun leefomgeving. Om dit te bereiken heeft iedere wethouder een aantal dorpen onder zijn hoede. Hieronder staan de taken, verantwoordelijkheden, bevoegdheden en overlegstructuur van de Dorpswethouder: Taken en Verantwoordelijkheden • Eerste bestuurlijke aanspreekpunt zijn voor Plaatselijke Belangen en andere organisaties in het toegewezen dorp. • Investeren in en onderhouden van een goede relatie met de Plaatselijke Belangen. • Bijwonen van bijzondere gebeurtenissen in de dorpen op uitnodiging. • Periodiek overleg voeren met Plaatselijke Belangen, afhankelijk van de behoefte. Bevoegdheden Heeft geen specifieke bevoegdheden en neemt geen besluiten. Dit is de verantwoordelijkheid van de inhoudelijke portefeuillehouder en/of het voltallige college van B&W. Overlegstructuur • Aansluiten bij de jaarlijkse Algemene Ledenvergaderingen van Plaatselijke Belangen.

13

3.2.3 Andere stakeholders binnen de gemeentelijke organisatie Binnen de gemeentelijke organisatie werken verschillende afdelingen en domeinen ook samen met de dorpen. Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste stakeholders binnen de gemeentelijke organisatie en hun rol in de samenwerking met de dorpen: Sociaal Domein We investeren in de sociale basis binnen de dorpen. De verenigingen en stichtingen in de dorpen vormen de basis van de sociale basis. Het sociaal domein helpt deze basis door verenigingsondersteuners en opbouwwerkers in te zetten. Zij helpen bij initiatieven die de sociale samenhang en het welzijn van de inwoners verbeteren, zoals het organiseren van activiteiten en zorg- en participatieprojecten.” Ruimtelijk Domein Maakt plannen voor ruimtelijke ordening, bouwprojecten en infrastructuurverbeteringen. Verstrekt bouwvergunningen en werkt aan het verbeteren van de lokale infrastructuur. Adviseert en ondersteunt dorpen bij ruimtelijke initiatieven. Beheer Openbare Ruimte Adviseert en ondersteunt dorpen bij initiatieven in de openbare ruimte en informeert over beheeren uitvoeringsprogramma’s. Economische Zaken, Recreatie en Toerisme Stimuleert lokale economische groei en werkgelegenheid, ondersteunt ondernemerschap, bevordert lokale bedrijvigheid en werkt aan het aantrekken van toerisme.

Duurzaamheid en Energie Richt zich op milieubeleid, duurzaamheid en energietransitie. Samen met dorpen worden duurzame initiatieven bevorderd, energiebesparing gestimuleerd en milieuproblemen aangepakt.

14

Communicatie Informeert inwoners over ontwikkelingen en besluitvorming, bevordert transparantie in de communicatie tussen gemeente en dorpen. Juridische Zaken Zorgt ervoor dat de samenwerking binnen wettelijke kaders plaatsvindt en biedt ondersteuning bij het opstellen van juridische documenten. Financiën Betrokken bij het budgetteren van middelen voor dorpsprojecten en monitoren van financiële aspecten van de samenwerking. Door deze integrale aanpak kunnen vraagstukken uit de dorpen op diverse terreinen worden aangepakt, waarbij de belangen van de dorpen centraal staan.

3.3

De instrumenten die wij inzetten

Om de samenwerking tussen ons en de dorpen te bevorderen, maken wij gebruik van diverse instrumenten. Hieronder volgt een samenvatting van de instrumenten die worden gebruikt om de samenwerking tussen de gemeente en de dorpen te bevorderen Dorpsbudgetten en subsidieregeling ‘Foar ús doarp’ Financiële ondersteuning vanuit de gemeente in de vorm subsidieregelingen is een belangrijk instrument om lokale initiatieven te stimuleren en te ondersteunen. Sinds 2014 worden dorpen daarom gefaciliteerd met dorpsbudgetten, die zij naar eigen inzicht kunnen inzetten om de leefbaarheid en sociale samenhang te bevorderen. De Plaatselijke belangen beheren de dorpsbudgetten. Daarnaast is er sinds 2023 de subsidieregeling ‘Foar ús doarp’, waarop alle (dorps)organisaties een beroep kunnen doen voor leefbaarheidsinitiatieven.

Wat hoorden wij vanuit de dorpen? “Door zelf te beschikken over een dorpsbudget voelen we ons als Plaatselijk Belang serieus genomen. We willen dit dan ook zeker behouden. Door de inflatie is het beschikbare budget niet altijd meer toereikend. We krijgen meer aanvragen dan we kunnen honoreren. Het zou mooi zijn als het budget verhoogd wordt”. “De regeling ‘Foar ús doarp’ is een mooie aanvulling op het dorpsbudget. De regeling staat alleen bijdragen aan incidentele activiteiten toe. Dit terwijl terugkerende evenementen (die onderdeel zijn van ons cultureel erfgoed), zoals bijvoorbeeld dorpsfeesten en koningsdagvieringen, met stijgende kosten te maken hebben. Denk bijvoorbeeld alleen al aan het verzekeren van praalwagens tijdens versierde optochten. Het zou mooi zijn als we hiervoor ook een beroep kunnen doen op deze regeling”.

De BuitenBeter app De BuitenBeter app is een gebruiksvriendelijke app die inwoners in staat stelt om snel en eenvoudig meldingen te maken van problemen of situaties in de openbare ruimte die verbetering behoeven. Deze problemen kunnen variëren van kapotte straatverlichting tot zwerfafval, van losliggende stoeptegels tot beschadigde verkeersborden. Met de app kunnen inwoners eenvoudig een foto van de situatie maken, de locatie aangeven en een korte beschrijving toevoegen van het probleem. Vervolgens wordt deze melding direct doorgestuurd naar de verantwoordelijke medewerkers binnen de gemeente, zodat zij snel actie kunnen ondernemen om het probleem op te lossen. Ook meldingen die via de telefoon, Whatsapp of website binnenkomen, worden geregistreerd in BuitenBeter. De app is daarmee tegelijk een monitoringsinstrument om inzicht te krijgen in wat er speelt in de dorpen.

Initiatieven in de openbare ruimte Dit digitale formulier op de website van de gemeente stelt inwoners in staat om hun ideeën voor een eigen bijdrage (in welke vorm dan ook) voor verbetering of aanpassing in de openbare ruimte van hun straat of dorp kenbaar te maken. Het omvat een breed scala aan projecten en acties die bewoners of Plaatselijke Belangen zelf willen aanjagen om de kwaliteit en het gebruik van de openbare ruimte te verbeteren. Door middel van dit formulier kunnen inwoners hun suggesties indienen, zoals het aanleggen van nieuwe groenvoorzieningen, het verbeteren van fietspaden, het plaatsen van bankjes of het organiseren van buurtactiviteiten. Dorpsspiegels Om de leefbaarheid in de dorpen te monitoren, worden sinds 2006 elke vier jaar Dorpsspiegels uitgevoerd. Dit zijn enquêtes waarin inwoners vragen beantwoorden over diverse aspecten van de leefbaarheid, zoals veiligheid, tevredenheid over voorzieningen, en het algemene woongenot. De Dorpsspiegels laten zien wat er leeft in de dorpen in Opsterland. Voelen inwoners zich veilig? Zijn ze tevreden over de voorzieningen in hun dorp? Is het er prettig wonen? Daarnaast wordt er aandacht besteed aan de bevolkingssamenstelling, gezondheid, de fysieke omgeving en de relatie met de gemeente.

Wat hoorden wij van de dorpen? “De respondenten fan de doarpsspegels binne gjin represientatyf ôfspegeling fan de ynwenners. Jongerein berikst net mei in enkête. Folje de doarpsspegels oan troch mei minsken yn petear te gean op de plakken dêr’t se binne. Belûk ús hjirby. Wy tinke graach mei!”

15

Dorpsvisies Een dorpsvisie is een plan waarin dorpsbewoners aangeven wat zij willen op het gebied van leefbaarheid van het dorp en de directe omgeving. De gemeente schrijft de visie niet, maar dorpsbewoners zelf. Niet alle dorpen hebben al een eigen dorpsvisie. Hoewel dorpsvisies niet verplicht zijn, adviseren wij Plaatselijke Belangen ten zeerste om er een op te stellen. De dorpsvisie dient als richtlijn voor toekomstige beslissingen, zowel voor dorpsbewoners als voor de gemeente. De vorm en inhoud van de visie zijn vrij. Het is een plan van en voor het dorp, waarbij wij het belangrijk vinden dat inwoners actief deelnemen en meedenken. Wij faciliteren dit door het delen van voorbeelden uit andere dorpen, informatie en kennis over nieuwe ontwikkelingen. Om te voorkomen dat een dorpsvisie in de spreekwoordelijke lade terecht komt, hebben wij een werkproces vastgesteld voor de behandeling ervan. Nieuwsbrief “Nijs út en foar de doarpen” De nieuwsbrief houdt Plaatselijke Belangen en andere (dorps)organisaties elke twee maanden op de hoogte van ontwikkelingen en beleidsplannen. Door Plaatselijke Belangen tijdig te informeren, kunnen ze effectief optreden als serieuze gesprekspartner van de gemeente.

Naast het verstrekken van informatie heeft de nieuwsbrief als doel om goede voorbeelden en nieuwtjes uit de dorpen te delen, zodat dorpen van elkaar kunnen leren en elkaar kunnen inspireren.

16

Hoofdstuk 4: Stand van zaken Tijdens de netwerkbijeenkomsten met de Plaatselijke Belangen en dorpshuisbesturen hebben wij de huidige situatie geëvalueerd. Daarnaast hebben wij met het bestuur en collega’s van de verschillende vakafdelingen hun ervaringen in de samenwerking met dorpen geëvalueerd. Wij kunnen daaruit concluderen dat er veel goed gaat en dat er ook verbeteringen mogelijk zijn in de relatie en samenwerking tussen de gemeente en de dorpen. In onderstaande tabel beschrijven wat er goed gaat, wat er beter kan en waar wij kansen en uitdagingen zien. Wij willen het goede behouden en verbeteren waar kan.

•

Wat gaat er goed

•

• • • • • • •

Plaatselijke Belangen weten het dorpenteam en de dorpswethouder goed te vinden. Plaatselijke Belangen geven aan tevreden te zijn over de samenwerking met het dorpenteam. Het dorpenteam wordt steeds vaker betrokken door de vakafdelingen. Dit bevordert de integraliteit. De subsidieregeling ‘Dorpsbudgetten’ werkt stimulerend en de dorpen maken er goed gebruik van. De tweemaandelijkse nieuwsbrief wordt gewaardeerd en zorgt voor gestroomlijnde communicatie naar de dorpen. De Doarpspetearen op basis van de dorpsfoto’s zijn zowel door de dorpen als de gemeente zeer goed ervaren. Het vertrouwen van de Plaatselijke Belangen in de gemeente is de afgelopen twee jaar gegroeid.

Wat kan beter •

• • • •

Niet alle collega’s vinden het vanzelfsprekend om Plaatselijke Belangen in een vroeg stadium te betrekken bij beleidsontwikkelingen/ ruimtelijke plannen. Dit geldt andersom ook. De informatie vanuit de gemeente kan (nog) gestroomlijnder. Er is soms disbalans tussen het betrekken van de dorpen en het overbevragen van de vrijwillige besturen. Plaatselijke Belangen zijn niet altijd een representatieve vertegenwoordiging van de dorpen. Er zijn niet altijd duidelijke afspraken over waarover Plaatselijke Belangen wel en niet geïnformeerd/betrokken worden. De subsidieregeling ‘Foar ús doarp’ is nog niet bekend bij alle (dorps) organisaties.

Kansen • • •

Flexibiliteit bieden in de frequentie en wijze van contactmomenten tussen bestuur, ambtelijke organisatie en Plaatselijke Belangen. Het maken van heldere afspraken aan de voorkant over de mate van het betrekken van Plaatselijke Belangen bij beleidsvoornemens en uitvoeringsplannen (dorpenparticipatie). Meer verbinding en samenwerking realiseren tussen de verschillende organisaties binnen de dorpen en de dorpen onderling.

Uitdagingen • •

Het op peil houden van de organisatiekracht van de vrijwillige besturen. Rol en taakafbakening van het Dorpenteam: dorpenparticipatie mag niet afhankelijk zijn van het Dorpenteam.

Nu de dorpen het Dorpenteam en de Dorpswethouders steeds beter weten te vinden, wordt de noodzaak van ambtelijk en bestuurlijk overleg minder gevoeld. Het organiseren van de contactmomenten kan efficiënter.

17

Hoofdstuk 5: Gewenste situatie In dit hoofdstuk schetsen wij de gewenste situatie ten aanzien van de relatie en samenwerking met de dorpen in 2030. Wij beschrijven wat we willen bereiken, welke instrumenten we daarvoor inzetten en wie waarvoor verantwoordelijk is.

5.1 Doelstellingen •

We werken door middel van een overleg en samenwerkingsstructuur samen met de Plaatselijke Belangen (zie bijlage 3).

•

Alle medewerkers van de gemeente, die actief zijn binnen de dorpen, informeren of betrekken Plaatselijke Belangen vroegtijdig over beleidsontwikkeling of uitvoeringsplannen die impact hebben op de leefbaarheid in de dorpen. Bij plannen die een grote impact hebben op de leefbaarheid van de dorpen betrekken we de Plaatselijke Belangen bij het inrichten van het participatieproces.

•

De participatieladder (zie afbeelding hieronder) gebruiken wij standaard als middel om de mate van dorpenparticipatie per onderwerp te bepalen zodat de dorpen voorafgaand weten wat de spelregels van de participatie zijn. De instrumenten en spelregels vloeien voort uit de participatienota, deze is hierin leidend.

•

Tien van de vijftien Plaatselijke Belangen hebben een dorpsvisie opgesteld die met inwonersparticipatie tot stand is gekomen.

•

Plaatselijke Belangen en andere dorpsorganisaties weten waar ze terecht kunnen voor advies en ondersteuning met betrekking tot bestuurlijke en organisatorische taken.

•

Plaatselijke Belangen, het bestuur en de ambtelijke organisatie bekend met wat er speelt binnen de dorpen en de gemeente en informeren we elkaar over en weer tijdig en adequaat.

18

•

Plaatselijke Belangen, het bestuur en de ambtelijke organisatie tevreden over de onderlinge samenwerking.

•

Wij werken volgens de uitgangspunten van het Dorpenbeleid.

Belangrijke waarden waar wij aan hechten zijn dat de organisatiekracht van de Plaatselijke Belangen op peil blijft, zodat de vrijwilligers hun taken met plezier kunnen blijven doen. Daarnaast is het belangrijk dat de Plaatselijke Belangen niet alleen acteren, maar samenwerken met andere dorpsorganisaties om de leefbaarheid in de dorpen te behouden of te versterken. Ook is het van belang dat Plaatselijke Belangen aandacht hebben voor de diversiteit van de bestuursleden, waardoor ze een representatieve afspiegeling van het dorp zijn.

5.2 Wat gaan wij ervoor doen Uitgangspunt

Aan welke doelen draagt dit bij Welke maatregelen zetten wij in

Wie is eigenaar?

Wij werken samen

In 2030 zijn de Plaatselijke Belangen, bestuur en ambtelijke organisatie tevreden over de onderlinge samenwerking.

Wij continueren de inzet van de het Dorpenteam en de dorpswethouder als ambtelijke en bestuurlijke aanspreekpunten voor de Plaatselijke Belangen.

Gemeente

Alle medewerkers van de gemeente, die actief zijn binnen de dorpen, informeren of betrekken Plaatselijke Belangen in 2030 vroegtijdig over beleidsontwikkeling of uitvoeringsplannen die impact hebben op de leefbaarheid in de dorpen.

Wij betrekken de Plaatselijke Belangen vroegtijdig bij beleidsontwikkeling en gemeentelijke plannen die van belang zijn voor de leefbaarheid van de dorpen. Bij plannen die een grote impact hebben op de leefbaarheid van de dorpen betrekken we de Plaatselijke Belangen bij het inrichten van het participatieproces.

Gemeente

Wij gebruiken de participatieladder om vooraf heldere afspraken te maken over mate waarop dorpen kunnen participeren. De instrumenten en spelregels vloeien voort uit de participatienota, deze is hierin leidend. Afhankelijk van het onderwerp betrekken wij ook andere (dorps)organisaties, zoals de dorpshuizen, kerken, sport- en culturele verenigingen, de dorpssteunpunten, scholen, zorg- en welzijnsinstellingen en bedrijven. Wij adviseren dorpen om een eigen dorpsvisie te ontwikkelen aan te bieden aan het college.

19

Uitgangspunt

Aan welke doelen draagt dit bij Welke maatregelen zetten wij in

Wie is eigenaar

Wij werken samen

Twee derde van de dorpen heeft in 2030 een actuele dorpsvisie, die met inwonersparticipatie tot stand is gekomen.

Gemeente en Plaatselijke Belangen

Deze behandelen wij op basis van het door het college vastgesteld werkproces. Concrete acties nemen wij op in de onze uitvoeringsprogramma’s en we monitoren samen met Plaatselijke Belang de voortgang. Wij organiseren als pilot een dorpsschouw in de dorpen die daaraan behoefte hebben om te horen en te zien wade ervaren kwaliteit van de openbare ruimte te bespreken.

Wij informeren en communiceren

Alle medewerkers van de gemeente, die actief zijn binnen de dorpen, informeren of betrekken Plaatselijke Belangen in 2030 vroegtijdig over beleidsontwikkeling of uitvoeringsplannen die impact hebben op de leefbaarheid in de dorpen.

We voeren jaarlijks zowel ambtelijk als bestuurlijk overleg met Gemeente en de ieder Plaatselijk Belang. (zie bijlage 3) De balans tussen het Plaatselijke Belangen betrekken van Plaatselijke Belangen bij gemeentelijke projecten en beleid en het overvragen van de vrijwillige besturen is een vast agendapunt binnen overleggen.

In 2030 kennen de Plaatselijke Belangen en andere dorpsorganisaties hun dorpswethouder en de medewerkers van het dorpenteam en wij kennen de dorpen door en door.

De dorpswethouder en een vertegenwoordiging van het dorpenteam zijn aanwezig bij de Algemene Ledenvergadering en bezoeken op uitnodiging bijzondere gebeurtenissen in de dorpen.

Gemeente

Wij informeren de Plaatselijke Belangen en andere dorpsorganisaties proactief over relevante zaken via de nieuwsbrief ‘Nijs út en foar de doarpen’.

Gemeente

Wij organiseren ieder jaar een netwerkbijeenkomst voor de Plaatselijke Belangen om kennis en ervaring met elkaar uit te wisselen.

20

Uitgangspunt

Aan welk doel draagt dit bij

Welke maatregelen zetten wij in

Wie is eigenaar

Wij ondersteunen en faciliteren

In 2030 is de organisatiekracht van Plaatselijke Belangen op peil.

Wij blijven de dorpen financieel faciliteren door middel van de dorpsbudgetten. Wij verhogen deze bijdrage naar € 3000 per dorp + € 1 per inwoner. Wij verruimen de criteria van de regeling zodat ook terugkerende activiteiten in aanmerking komen.

Gemeente

De Plaatselijke Belangen en andere dorpenorganisaties weten waar ze terecht kunnen voor advies en ondersteuning ten aanzien van bestuurlijke- en organisatorische taken.

Wij continueren de subsidieregeling ‘Foar ús doarp’. Wij verruimen de criteria van de regeling zodat ook terugkerende activiteiten en het verzekeren van praalwagens tijdens optochten in aanmerking komen voor een subsidie. Wij bieden advies en ondersteuning aan besturen ten aanzien van organisatorische vraagstukken. Enerzijds doen we dit vanuit de bestaande capaciteit, kennis en expertise binnen de ambtelijke organisatie. Anderzijds door meer samen te werken met ketenpartners als Doarpswurk, Sport Fryslân en bijvoorbeeld Katalis

21

Uitgangspunt

Aan welk doel draagt dit bij

Welke maatregelen zetten wij in

Wie is eigenaar

Wij evalueren en monitoren

In 2030 zijn de Plaatselijke Belangen, bestuur en ambtelijke organisatie tevreden over de onderlinge samenwerking.

Wij evalueren de methodiek van de dorpsspiegels op representativiteit en onderwerpen en passen het onderzoek aan op basis van de uitkomsten.

Gemeente

Wij blijven de leefbaarheid van onze dorpen monitoren door het uitvoeren van de vierjaarlijkse Dorpsspiegels. Iedere vier jaar organiseren wij in samenwerking met de Plaatselijke Belangen, in elk dorp een ‘Doarpspetear’. Ten behoeve van de Doarpspetearen faciliteren wij de dorpen met een dorpsfoto (feiten en cijfers over het dorp). Wij gaan dit Dorpenbeleid na drie jaar tussentijds monitoren, analyseren en evalueren en na vijf jaar actualiseren.

22

Hoofdstuk 6: Financiëring Dit hoofdstuk beschrijft de financiële behoefte van het Dorpenbeleid. De tabel hieronder toont de jaarlijkse kosten voor verschillende maatregelen, zoals de inzet van het Dorpenteam, dorpsbudgetten en netwerkbijeenkomsten. De bedragen in de tabel zijn x € 1000. (en houdt geen rekening met inflatie/ indexatie). Maatregelen

Kosten 2024

2025

2026

2027

2028

2029

Inzet Dorpenteam 2 FTE -> 3 fte

180

180 80

180 80

180

180

180

Tijdelijke inzet 1,5 FTE – 0 FTE

150

-

-

-

-

-

Regeling Dorpsbudgetten

68

75

75

75

75

75

Regeling Foar ús doarp

50

50

50

50

50

50

Dorpsspiegels

-

-

30

-

-

-

Dorpsfoto’s

-

-

20

-

-

-

Netwerkbijeenkomsten en werkbudget 25

25

25

25

25

25

Totaal

410

460

330

330

330

473

NB: in 2024 waren de werkelijke personele kosten hoger vanwege externe inhuur. Die meerkosten komen te vervallen. De niet-rode bedragen in de bovenstaande tabel vallen onder het reguliere budget.

23

Nawoord Persona: Jan zijn verhaal, zes jaar later Jan zit nog steeds in het bestuur van Plaatselijk Belang Wijnjewoude. Sinds vorig jaar heeft hij het voorzitterschap overgenomen. Ze hebben de afgelopen jaren veel bereikt als Plaatselijk Belang. Er zijn nieuwe woningen gebouwd, de dorpsvisie is geactualiseerd en ze hebben met behulp van fondsen en subsidies verschillende projecten uit de visie kunnen realiseren. Jan ervaart de combinatie van werk, gezin en zijn verantwoordelijkheid binnen het bestuur van Plaatselijke Belang soms nog steeds als veel en belastend, maar voelt zich hierbij goed ondersteund door de gemeente. Bij de totstandkoming van de dorpsvisie kregen ze ondersteuning van Doarpswurk en het opbouwwerk heeft ze geholpen bij het werven van fondsen en subsidies. Door middel van de tweemaandelijkse nieuwsbrieven van de gemeente weet Plaatselijk Belang welke ontwikkelingen en uitvoeringsactiviteiten er op de planning staan in Wijnjewoude en op welke wijze Plaatselijk Belang hier wel of niet invloed op uit kan oefenen. Natuurlijk gaat er ook nog wel eens iets niet goed. Wanneer dit zo is bespreekt hij dit tijdens de overlegmomenten met het Dorpenteam en de Dorpswethouder. Daarnaast heeft hij veel geleerd van collega-bestuurders van andere Plaatselijke Belangen tijdens de netwerkbijeenkomsten die de gemeente jaarlijks organiseert.

Door kennis en ervaringen uit te wisselen met collega-bestuurders weet hij nu beter hoe het zit met relevante wet- en regelgeving met betrekking tot vergunningverlening en na een aantal tips van buurdorp Hemrik is het gelukt twee jongere inwoners uit het dorp te werven voor het bestuur. Zij draaien nu een jaar mee in het bestuur. Jan heeft het gevoel dat hij over twee jaar zijn functie als voorzitter met een gerust gevoel kan overdragen

24

Bijlage 1: De dorpen en buurtschappen van Opsterland De gemeente Opsterland heeft zestien dorpen en eenentwintig buurtschappen waar in totaal ruim 30.000 mensen wonen. De dorpen spelen een belangrijke rol in allerlei beleid van de gemeente om de leefbaarheid in brede zin te versterken. De dorpen en buurtschappen worden vertegenwoordigd door vijftien Plaatselijke Belangen. De vertegenwoordiging ziet er als volgt uit: Plaatselijk Belang Bakkeveen: Bakkeveen en Allardsoog Plaatselijk Belang Beetsterzwaag: Beetsterzwaag, Olterterp, Heidehuizen en Ald Beets Plaatselijk Belang Frieschepalen: Frieschepalen Plaatselijk Belang Gorredijk: Gorredijk, Easterein en Kortezwaag Plaatselijk Belang Hemrik: Hemrik, Hemrikerverlaat en Sparjebird Plaatselijk Belang Jonkerslân: Jonkerslân Plaatselijk Belang Langezwaag: Langezwaag, Wijngaarden, en Nieuwe Vaart Plaatselijk Belang Lippenhuizen: Lippenhuizen, Welgelegen en Vosseburen Plaatselijk Belang Luxwoude: Luxwoude Plaatselijk Belang Nij Beets: Nij Beets Plaatselijk Belang Siegerswoude: Siegerswoude en Foarwurk Plaatselijk Belang Terwispel: Terwispel Plaatselijk Belang Tijnje: Tijnje, Ulesprong en Haneburen Plaatselijk Belang Ureterp: Ureterp, Ureterp aan de Vaart en Selmien Plaatselijk Belang Wijnjewoude: Wijnjewoude, Klein Groningen, Petersburg, de Stripe en Wijnjeterpverlaat

25

Bijlage 2: Dorpsfoto Aanleiding van het instrument

De dorpsfoto worden ontwikkeld ten behoeve van het opstellen van de WoonZorgvisie. Te behoeve van de doarpspetearen zijn de dorpsfoto’s van vier dorpen (Lippenhuizen, Luxwoude, Beetsterzwaag en Ureterp) al beschikbaar. De dorpsfoto’s van de andere elf dorpen volgen in het voorjaar van 2025. De dorpsfoto omvat feiten en cijfers over: • Aantal inwoners • Leeftijdsopbouw • Gemiddeld inkomen per huishouding • Aantal indicaties Jeugdwet, WLZ en Wmo • Aantal en typen woningen • Energie labels van de woningen • Aanwezige voorzieningen • Bedrijvigheid • Overzicht meldingen openbare ruimte Afhankelijk van het doel en onderwerp kan de dorpsfoto worden uitgebreid / aangevuld met specifieke data.

Doel van het instrument

Het doel van de dorpsfoto is tweeledig. Enerzijds om als gemeente zelf inzicht te krijgen om zo beleidsmaatregelen beter af te stemmen op de werkelijke situatie in de dorpen. Anderzijds helpen de Dorpsfoto’s om het bewustzijn van inwoners over de veranderende samenleving en de impact daarvan op de dorpen te vergroten.

26

Wanneer zet je het instrument in?

De dorpsfoto kan op verschillende momenten worden ingezet: • • • •

Bij het opstellen van nieuwe beleidsplannen of het evalueren van bestaand beleid. Wanneer er signalen zijn van veranderingen of problemen binnen een dorp. Iedere vier jaar als aanvulling op de dorpsfoto’s om trends en ontwikkelingen te monitoren. Bij specifieke projecten waarbij gedetailleerde lokale informatie noodzakelijk is.

Bijlage 3: Werkproces ambtelijke en bestuurlijke overleggen met Plaatselijke Belangen Ieder jaar vindt er een cyclus plaats voor de ambtelijke en bestuurlijke overleggen met de Plaatselijke Belangen. Uitgangspunt daarbij is dat wij minimaal één keer per jaar een ambtelijk en bestuurlijk gesprek hebben met ieder Plaatselijk Belang. Elke twee jaar is er een bestuurlijk overleg met het hele college van B&W. In de jaren daartussen heeft de dorpswethouder samen met een vertegenwoordiging van het Dorpenteam een vergadering met de Plaatselijke Belangen van zijn of haar dorpen. Deze vergaderingen zijn in de dorpen zelf. Daarnaast is het voltallige college aanwezig op de jaarlijkse netwerkbijeenkomsten. Wat

Wanneer

Wie

Plannen van ambtelijke bestuurlijke overleggen

3 maanden voor het overleg

Bestuurssecretariaat/Dorpenteam

Uitnodigen PB voor AO/BO

2 maanden voor het overleg

Dorpenteam

Interne verspreiding van de planning naar collega’s en 2 maanden voor het overleg op Joost

Dorpenteam

Check of alle afgesproken acties uit vorig AO/ BO zijn nagekomen

Uiterlijk een maand voorafgaand aan het overleg

Dorpenteam

Aanleveren van de bespreekpunten

Uiterlijk een maand voorafgaand aan het overleg

Plaatselijke Belangen

Uitzetten van de vragen/bespreekpunten bij de desbe- Uiterlijk 3 weken voorafgaand aan het overleg treffende afdeling/collega

Dorpenteam

Eventuele reminder

Uiterlijk 2 weken voorafgaand aan het overleg

Dorpenteam

Aanleveren agenda’s met annotatie aan bestuurssecretariaat

Uiterlijk 1 week voorafgaand aan het overleg

Dorpenteam

Agenda’s met annotatie bij college / dorpswethouder

Uiterlijk de vrijdag voorafgaand aan het overleg

Bestuurssecretariaat

Archiveren definitieve verslagen voorgaande jaar

Binnen 2 weken na afloop van het overleg

Dorpenteam

Verspreiden conceptverslagen + uitzetten afgesproken Binnen twee weken na overleg acties naar desbetreffende collega’s en teammanagers

Dorpenteam

Actielijst totaal beschikbaar voor college t.b.v. PFO’s

Dorpenteam

Binnen 2 weken na het laatste BO

27

Bijlage 4: Werkproces behandeling dorpsvisies

28

Bijlage 5: Evaluatie indicatoren Samenwerking

• • •

•

•

• • •

• • •

Plaatselijke Belangen en gemeente zijn tevreden over de samenwerking. Aantal PB’s wat aangeeft tevreden te zijn over de samenwerking Spelregels over mate van dorpenparticipatie zijn bekend bij de Plaatselijke Belangen Aantal PB’s die de spelregels kennen De participatieladder wordt per onderwerp standaard gebruikt bij het inrichten van een (dorpen) participatieproces. Aantal keren dat de Participatieladder is ingezet De dorpen kennen hun Dorpswethouder en de Dorpswethouder weet wat er speelt in zijn dorpen. De medewerkers van het Dorpenteam zijn bekend bij alle Plaatselijke Belangen.

Twee derde van de dorpen heeft een actuele dorpsvisie. De dorpsvisies zijn met participatie van de inwoners tot stand gekomen. De Plaatselijke Belangen hebben een integrale reactie ontvangen op hun dorpsvisie waarin staat welke punten uit de visie de gemeente wel of niet oppakt/aan meewerkt De acties uit de dorpsvisies waarbij de gemeente een rol heeft nemen wij op in onze uitvoeringsagenda’s

Evaluatie en monitoring • •

Van alle dorpen is een dorpsfoto gemaakt De dorpsspiegels zijn in 2026 uitgevoerd in alle dorpen

Informatie en communicatie • • • •

Ieder jaar vindt er minimaal één ambtelijk en één bestuurlijk overleg plaats Vakafdelingen maken gebruik van de tweemaandelijkse nieuwsbrief “Nijs út en foar de doarpen” om de dorpen te informeren over ontwikkelingen en uitvoeringsplannen. Het informeren over of betrekken van Plaatselijke Belangen in een vroegtijdig stadium Bij gemeentelijke plannen die impact hebben op de leefbaarheid in de dorpen zit in het DNA van al onze medewerkers.

Ondersteuning en facilitering • • • •

Plaatselijke Belangen weten waar ze terecht kunnen voor advies en ondersteuning bij organisatorische vraagstukken. De Plaatselijke Belangen zijn zich bewust van de meerwaarde van inclusiviteit binnen het bestuur De Plaatselijke Belangen zijn gefaciliteerd met de dorpsspiegels, de dorpsfoto’s en een Doarpspetear. Deze worden gebruikt door Plaatselijke Belangen voor het ontwikkelen of actualiseren van een dorpsvisie.

29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Opsterland&id=8d45be22-5fe4-4424-a228-d574c1d0e04f