B5 Bijlage 2 Koersdocument Aldeboarn – De Deelen in een notendop
Tekst van het document
koersdocument in een notendop
Aldeboarn De Deelen
een integrale gebiedsvisie 2030-2050 gebiedscommissie Aldeboarn De Deelen, 13 december 2023
KOERSDOCUMENT NOTENDOP
Aldeboarn De Deelen
het gebied
Kenmerkend voor AldeboarnDe Deelen (ADD) is het open veenweidelandschap. De landbouw, hoofdzakelijk melkveehouderij, heeft het karakter van dit landschap in belangrijke mate bepaald. ADD is een gebied met kwaliteit. Om maar een paar dingen te noemen: het petgatenlandschap van Natura 2000-gebied De Deelen in het zuiden; het middeleeuwse Aldeboarn met haar beschermde dorpsgezicht en rijke cultuurhistorie; het bloemrijke, weidse weidevogellandschap; de oude statige boerderijen langs de vroegere rivierloop van de Boarn; de typische wederopbouw boerderijen, de spinnenkop molentjes en het water van de Wijde Ee in het noorden. ADD heeft ook volop potentie wat betreft recreatie & toerisme en als een aantrekkelijke woon – en werkomgeving. Daarbij heeft ADD een actieve gemeenschap: er is energie om het gebied vitaal en leefbaar te houden en de inwoners zijn zich ervan bewust dat ADD voor uitdagingen staat. de Boarn en de Weaze in Aldeboarn, rechts: situatieschets ADD
4
k
l
e
i
v
e
e
n
Plangebied ADD Stroomrug Boarn
Historische waterloop
Verdwenen waterloop
Bebouwing voor 1940
Bebouwing na 1940
Wegen voor 1940
Wegen na 1940
Overheersende kavelrichting
Historisch dijktracé
Cultuurhistorisch object
6
Woonplaats rond 1000 na Chr.
k
l
e
i
o
p
v
e
e
n
links: cultuurhistorische quickscan ADD, boven: bodemkaart ADD
7
het waarom van
a
l
d
e
b
o
a
Vanuit het Veenweideprogramma 2021-2030 (VP21-30) en het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) zijn er voor veenweiden meerdere opgaven geformuleerd, zoals het verminderen van de bodemdaling, de CO2- en stikstofuitstoot, het versterken van natuur en biodiversiteit en het realiseren van een robuust klimaatbestendig watersysteem. Deze opgaven hebben gevolgen voor de agrarische bedrijven. Vandaar dat in het VP 2130 terecht ook het behoud van toekomstperspectief voor de landbouw als opgave is neergelegd. Je kunt de veranderingen waar ADD voor staat zien als een bedreiging. Immers: er zullen agrarische bedrijven verdwijnen en het verdienvermogen van de landbouw – een belangrijke economische en maatschappelijke drager van het gebied - komt onder druk te staan. Daarmee bestaat de kans dat de leefbaarheid achteruitgaat en dat ADD aan vitaliteit inboet. Een andere insteek is dat je de opgaven ziet als een uitdaging en dat je, door gericht te werken aan een nieuwe balans, vooruitgang mogelijk probeert te maken. Vanuit deze motivatie is dit koersdocument, deze visie op de ontwikkeling van ADD, voortgekomen. Een nieuwe balans (economisch, ecologisch en sociaal-maatschappelijk) kan volgens ons alleen ontstaan door opgaven en maatschappelijke ontwikkelingen in samenhang met elkaar te bekijken en op te pakken. Kortom door een integrale aanpak.
Dus betrekken we in ADD ook andere maatschappelijke opgaven in ons gebiedsproces, zoals de nationale en regionale woningbouwopgave; de Regionale Energie Strategie c.q. de opgave om in 2050 energieneutraal te zijn; het verbeteren van de waterkwaliteit (de KRW-opgave), van natuur, biodiversiteit etc. In ADD willen we deze optelsom van opgaven (en daarmee potentiële financieringsbronnen!) aangrijpen als een kans om ‘ons huis’ weer klaar te maken voor de toekomst.
8
a
r
n
d
e
d
e
e
l
e
Tegelijkertijd vormt een integrale aanpak een uitdaging voor de overheden. Het vraagt om een nieuwe manier van doen: namelijk om alle opgaven in samenhang met elkaar te bekijken en ontwikkelen. Top-down en bottom-up moeten vanuit een gezamenlijk gevoelde verantwoordelijkheid een hechte samenwerking aangaan. Alleen dan lukt het om bovenstaande ambitie te realiseren en de transitie in ADD c.q. het landelijk gebied tot een succes te maken. Het koersdocument Aldeboarn – De Deelen 2030–2050, waarvan dit ‘koersdocument in een notendop’ is afgeleid, is opgesteld onder verantwoordelijkheid van de gebiedscommissie Aldeboarn - De Deelen. Het is een visie op de ontwikkeling van ADD richting 2050, inclusief richtlijnen waarbinnen de gebiedscommissie de ontwikkelingen voor zich ziet. Ook qua organisatie, financiën, de benodigde instrumenten en borging. ‘Het echte werk’ moet nog beginnen, namelijk dat gebied en overheden samen toewerken naar het uiteindelijke gebiedsplan en de uitvoering daarvan. Met het Koersdocument Aldeboarn–De Deelen 2030 – 2050 legt de gebiedscommissie het fundament voor dit proces. dd
een koersdocument
Eind 2016 zijn boeren en burgers in ADD samen een gebiedsproces gestart vanuit het besef dat het veranderingsproces alleen succesvol wordt als we het samen doen, met draagvlak van de (belanghebbenden in de) streek en met oog voor maatwerk. Het motto was (en is nog steeds): we willen zelf mede aan het stuur zitten, vanuit de ambitie om de vitaliteit, kwaliteit en identiteit van ADD te versterken. Want wij staan er als gebiedspartijen niet alleen voor. Provincie en Wetterskip Fryslân, en de gemeenten Heerenveen, Smallingerland en Opsterland zien de meerwaarde van een integrale aanpak. Provincie en waterschap hebben de totstandkoming van dit koersdocument gefaciliteerd en zijn betrokken geweest bij het ontwikkelen van de inhoud ervan. Fragmenten van de visie zijn besproken in de gebiedscommissie vergaderingen en met de drie gemeenten. We beschouwen het dan ook als een document dat bij de overheden op draagvlak kan rekenen.
n
9
v
i
t
a
a
l
e
n
l
e
bijeenkomsten van boeren, team en gebiedscommissie ADD met bestuurders
10
uitgangspunten koersdocument
e
f
b
a
a
r
p
l
a
t
t
e
l
a
n
d
visie
i
n
t
e
g
r
a
a
l
De ontwikkeling van het landelijk gebied werd lang (en wordt nog steeds) gedicteerd door een scheiding van functies en bevoegdheden. Zoals gezegd willen wij opereren vanuit verwevenheid, vanuit een integrale kijk op alle functies die in een gebied samenkomen. Dat veronderstelt dat alle betrokken partijen bereid zijn om open te staan voor nieuwe manieren van doen en om zich buiten de gebaande paden te begeven- ook wat betreft bestaand beleid. Wij vragen dat omdat het o.i. cruciaal is met het oog op toekomstige brede welvaart in ADD. In dit koersdocument in een notendop maken we dit zo concreet mogelijk hoe we dit voor ons zien. Voor de diverse opgaven en doelen bieden we richtlijnen. Streven is om een doorkijk te geven naar 2050. Dat is ook een wens van de boeren in ADD, die gewoon zijn in generaties te denken. Het koersdocument bevat 3 hoofdpunten: • • •
Het realiseren van opgaven / doelen gericht op de groenblauwe functies. Het bieden van perspectief aan de landbouw. Het benoemen van opgaven / ambities in andere domeinen die mogelijk nieuwe bronnen van vitaliteit en leefbaarheid opleveren.
archeologische excursie: overblijfselen van middeleeuwse huiskopjes en de oude loop van de Boarn, ADD-Noord
12
o
n
t
w
i
k
k
e
l
e
n
Unlân fan Jelsma / Botmar Parels in ADD met hoge biodiversiteit, hydrologische buffering. Waardering en beleving. Bouwen aan een open weidevogellandschap Aanpassen en overstappen. Mogelijkheden voor peilverhoging met flexibel peilbeheer, in combinatie met extensief weidevogelbeheer. Behoud en versterken Veenweidelandschap Aangepaste melkveehouderij met peilverhoging en flexibel peilbeheer (HAKLAM). Kansen voor andere doelen. Kleilandschap Boarn en andere delen Grotendeels continueren van gangbare landbouw; Aandacht voor basiskwaliteit. Versterken van het veenderijen laagveenlandschap Overstappen en aanpassen. Mogelijkheden voor peilverhoging in combinatie met extensief graslandgebruik, lokaal verder vernatten Versterking van de natuur in De Deelen.
natuur en landschap ADD: visie op eigenschappen en potenties
13
groenblauwe functies
g
14
e
b
In het VP 21-30 en het NPLG/FPLG zijn doelen gesteld met betrekking tot klimaat, natuur, water, bodem en landbouw. Concreet voor ADD betekent dit:
i
e
d
s
k
•
er vindt verhoging van de waterpeilen plaats om de uitstoot van CO2 te reduceren en bodemdaling nagenoeg te stoppen
•
de waterpeilen worden niet overal evenveel verhoogd. Er is sprake van differentiatie. We gaan in beginsel uit van slootwaterpeilverhoging die leidt tot een gemiddelde grondwaterstand van -40 cm onder maaiveld, conform het VP 21-30
•
differentiatie houdt in dat waar gezien de bodemopbouw weinig CO2-winst te realiseren is, een grotere drooglegging mogelijk blijft en daarmee (meer) reguliere landbouw
•
in sommige delen is sprake van een vaste peilopzet, in andere delen van flexibel peilbeheer volgens de methode HAKLAM (hoog als het kan, lager als het moet)
•
door gebieden in te richten voor waterberging en / of het verbreden van sloten wordt de afhankelijkheid van wateraanvoer in droge periodes verminderd
•
het watersysteem wordt zo ingericht dat het is afgestemd op klimaatverandering (extreem natte of droge perioden - klimaatscenario 2050). De aan- en afvoer van water wordt geoptimaliseerd; er worden extra sloten en greppels aangelegd etc.
•
de kwaliteit van het water wordt verbeterd, zodat er aan de doelen van de Kader Richtlijn Water (KRW) en andere ecologische richtwaarden wordt voldaan
w
a
l
i
t
e
•
er vindt reductie van stikstofuitstoot plaats (hoeveel is op het moment van schrijven nog niet bekend)
•
de kwaliteit van de natuurgebieden wordt verbeterd door, waar mogelijk, de hydrologische omstandigheden te verbeteren en overgangszones te creëren
•
het areaal aan agrarische gronden en sloten met een ‘ecologische basiskwaliteit’ zal worden vergroot. Er wordt ingezet op verbetering van de bodemkwaliteit. Een gezonde bodem draagt bij aan het bodemleven, de vochthuishouding van de bodem en de kwaliteit van het grasland.
•
afronding van het Natuur Netwerk Nederland (NNN) wordt gerealiseerd
•
landschappelijke kwaliteiten en cultuurhistorische elementen (verkavelingsrichtingen, historische waterwegen en boerderijen, oud greppel- en grasland, middeleeuwse huiskopjes e.d.) vormen een belangrijk vertrekpunt voor de ontwikkeling van het gebiedsplan. Openheid wordt gehandhaafd en, waar relevant voor weidevogels, versterkt
•
de landbouw is de belangrijkste drager van het landschap en zal dat blijven. Natuurinclusieve landbouw wordt gestimuleerd door ons in te zetten voor 1) het sturen op Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s) en boeren op basis daarvan te belonen, 2) op langjarige beheerovereenkomsten, 3) afwaardering, al dan niet gekoppeld aan een kwalitatieve verplichting, 4) beleidswijzigingen van de overheid, de banken, de zuivelaars etc.
i
t
e
n
inrichting van een overgangszone rondom De Deelen kan de natuur in De Deelen versterken. Het fourageergebied van de Zwarte Stern ligt, zoals de kaart laat zien, deels buiten De Deelen
15
rechtsboven: Swettewei, ADD-Noord midden links: Soarremoarre, ADD-Noord midden rechts: ontwikkelstrategie Aanvalsplan Grutto, ADD-Noord rechts: petgaten De Deelen, ADD-Zuid
16
linksboven: onderhoud van de sloten rechtsboven: Unlân fan Jelsma, ADD-Noord midden links: waterssyteem Poppenhuizen, ADD-Noord rechts:: watersysteem De Mieden-Gersloot, ADD-Zuid
17
perspectief voor de landbouw
c
18
o
m
p
e
n
s
a
t
i
De landbouw heeft na de Tweede Wereldoorlog al twee grote transities meegemaakt: in het kader van de wederopbouw, onder het motto: Nooit Meer Honger, en de grootschalige ruilverkavelingen in de jaren ‘60-80 (in ADD t/m 1988). Beide waren gericht op economische groei en het maximaliseren van de productie. De transitie waar we nu voorstaan, is gericht op een resultaat dat minder tastbaar is: herstel van de balans tussen productie en de draagkracht van het ecosysteem c.q. de planeet. In ADD komen de gevolgen van de groen-blauwe veranderingen vooral bij de landbouw terecht. Dat stelt ons voor de uitdaging om ervoor te zorgen dat er op bedrijfsniveau voldoende perspectief blijft om een goede boterham te verdienen. Wij voorzien dat de gangbare landbouw extensiever zal worden; dat het aantal bedrijven zal gaan afnemen, naar verwachting met zo’n 20%. Daardoor zullen de bedrijven die overblijven extensiever kunnen boeren met minder vee per hectare. Dit vraagt een omschakeling van de landbouw. Concreet betekent dit in ADD het volgende: •
boeren zullen in hun bedrijfsvoering rekening moeten gaan houden met hogere waterpeilen. Om de mogelijke inkomens- en vermogensschade als gevolg daarvan te compenseren wordt de Compensatie Systematiek Veenweide (CSV) ontwikkeld
•
bedrijven die willen stoppen of verplaatsen worden aangekocht (door de provincie); de grond die vrijkomt wordt ingezet als (compensatie)grond voor bedrijven die willen of moeten extensiveren
e
s
y
•
s
t
e
m
landbouwgrond blijft landbouwgrond, tenzij er tijdens het gebiedsproces overeengekomen wordt dat het beter is om de functie te veranderen
•
boeren kunnen groenblauwe diensten leveren (weidevogelbeheer c.q. agrarisch natuurbeheer) en partners zijn bij verbetering van de natuurwaarden. Streven is dat deze ecosysteem-diensten beter en langduriger vergoed worden en dat er dubbeldoelgronden1 ontwikkeld worden
•
om de bedrijvigheid en het verdienvermogen in ADD overeind te houden, zetten wij ons ervoor in dat het inkomen uit andere dan landbouwkundige activiteiten, toe kan nemen
•
bij de landinrichting is er aandacht voor verbetering van de landbouwstructuur, zodat boeren waar mogelijk een huiskavel van voldoende grootte en bruikbaarheid houden of krijgen
•
boeren worden ondersteund bij de veranderingen door middel advies over andere bedrijfsstrategieën en inkomstenbronnen (Adviesregeling ADD en It Nije Buorkjen)
•
beleid, instrumenten en regelingen moeten ervoor zorgen dat er nieuw perspectief ontstaat en dat (nieuwe typen) verdiensten ook ten goede komen aan de landbouw en het gebied.
a
t
i
e
k
Op basis van een watersysteemplan wordt m.b.v. de CSV per bedrijf een schadeberekening gemaakt. Deze geeft de eigenaar/gebruiker inzicht in de bedrijfseconomische effecten van het plan, inclusief een mogelijke compensatie in grond, geld of een combinatie van beide. De uitkomsten van de berekeningen en gesprekken met de eigenaren/gebruikers leiden tot een ruilscenario en een nieuw perspectief op gebiedsniveau. Het ‘wiel van veenweide’ symboliseert dat een dergelijk proces zich een aantal maal kan herhalen totdat er een plan ligt dat realistisch is, qua doelbereik, kosten, gronddruk en draagvlak.
1. Gronden die naast een productiedoel ook een of meer maatschappelijke doelen dienen
19
20
linksboven: wederopbouwboerderij, ADD-Noord rechtsboven: De Mieden-Gersloot, ADD-Zuid midden links: landbouw in ADD in cijfers midden rechts: bijeenkomst pilot bodemvruchtbaarheid, ADD linksonder: bodemonderzoek, ADD
rechts: meetgegevens grondwaterstand bij twee verschillende bedrijven in ADD-Noord. Bij eenzelfde peilverhoging en dezelfde hoeveelheid regenval verschilt de grondwaterstand. Dit komt waarschijnlijk door een verschil in bodem. midden: veldbezoeken, ADD-Zuid linksonder: weidevogelkern Soarremoarre, ADD-Noord
21
nieuwe vitaliteit
e
c
o
n
o
i
s
Als gevolg van de ontwikkelingen zal de economische balans in ADD (de landbouw is momenteel de belangrijkste economische drager) veranderen. Het is dus zaak om actief in te zetten op het ontwikkelen van nieuwe bronnen van vitaliteit, anders zal het gebied verarmen. Doordat agrarische bedrijven gaan stoppen en/ of verplaatsen, zal er agrarische bebouwing vrijkomen. Een nieuwe invulling van deze leegkomende boerenerven (via rood voor rood en/of nieuw te ontwikkelen rood en groen regelingen) kan een belangrijke bijdrage leveren aan het behoud van de leefbaarheid en sociale cohesie in ADD. Wat ons betreft gelden er voor nieuwe initiatieven de volgende voorwaarden: • • • •
ruimtelijk-functionele initiatieven mogen geen afbreuk doen aan de gebiedskwaliteiten en moeten deze waar mogelijk versterken of ondersteunen het moet primair gaan om kleinschalige invullingen passend bij de schaal van het gebied herinvulling van bestaande bebouwing prioriteit nieuwe ontwikkelingen moeten passen in de ruimtelijkfunctionele structuur van ADD en moeten waar mogelijk een kwalitatieve aanvulling zijn.
Wij zien kansen op het gebied van ‘rode’ ontwikkelingen (bebouwing), energie en recreatie & toerisme. •
22
m
rood: vrijkomende agrarische bouwpercelen lenen zich uitstekend voor (her)ontwikkeling van woningbouw en aanverwante functies (bedrijvigheid, voorzieningen, zorg). Uitbreiding van het aantal woningen en het type woning zal vraaggericht zijn (de doelgroepen zijn voornamelijk starters en senioren) en in overeenstemming met de aard en omvang van de locatie. Hierbij worden de gebiedskwaliteiten niet aangetast.
energiewinning op het erf: zon op het dak zon op het verhardingsvlak kleine windmolen warmteterugwinning uit melk biomassa uit hakhout
c
h
e
d
r
a
g
e
r
s
Nieuwe bouwlocaties staan onderaan op de prioriteringsladder. Er wordt verkend of er mogelijkheden zijn voor woonvormen die appelleren aan de gebiedskwaliteiten. Grotere nieuwbouwlocaties zouden moeten aansluiten op Aldeboarn, waarbij we locaties zuidelijk van de N392 niet uitsluiten. We willen onderzoeken hoe rode ontwikkelingen zo ingezet kunnen worden dat er in ADD (ook collectief) aan verdiend kan worden. •
recreatie & toerisme: Wij zien ruimte voor uitbreiding van het aantal verblijfseenheden, passend bij de gebiedskwaliteiten en de schaal en omvang van ADD. Deze kunnen gecombineerd worden met (vrijkomende) agrarische bedrijven. Daarnaast is het van belang het aantal voorzieningen te vergroten en het landschap te ontsluiten door uitbreiding van recreatieve routes (pad, pontverbinding etc.).
•
energie: ADD wil energieneutraal en zelfvoorzienend worden. De energievraag zal verminderen, bv. doordat er bedrijven stoppen. In de vraag die overblijft kan voorzien worden door duurzame bronnen in te zetten, zoals energie uit zon, wind, aquathermie of biomassa. Er is verbinding gezocht met de Enerzjy Koöperaasje Aldeboarn (EKA) etc. Er wordt verkend hoe energie zo ingezet kan worden dat er in ADD (ook collectief) aan verdiend wordt.
lichte robot voor bewerking en oogst
(collectieve) netwerkaansluiting, zonnefietspad
CO2 opslag via natte teelten: veenmos, kroos, cranberries, lisdoddes, riet, biomassa
lage, drijvende zonnepanelen
23
24
linksboven: meubelmakerij De Schrijn, Langbroek rechtsboven: Hofstede aan de Dreef, Zundert links: Wikkelhouse onder: Jinswâlde, ADD-Noord rechtsonder: fierljeppen linkerpagina: linksboven: café Moeke de Bruin, Aldeboarn rechtsboven: boerderij Eben Haezer, Staphorst midden: natuurhuisje, Weesp linksonder: Sodumerdyk, ADD-Noord rechtsonder: Artfarm De Reigerhof, Heerhugowaard
van visie naar uitvoering
b
26
o
t
t
o
Onze gebiedscommissie heeft van Gedeputeerde Staten opdracht gekregen om een ontwerp integraal gebiedsplan te ontwikkelen. In het proces dat moet leiden tot de uitvoering van dat plan lopen verschillende processen naast elkaar, elk met hun eigen tijdspad en/of benodigde instrumenten. Bijvoorbeeld de vaststelling van de ontwerp CSV door de verschillende overheden, de programmalijn recreatie & toerisme, het herinrichtingsplan voor ADD-Zuid, het ontwikkelen van het Aanvalsplan Grutto in ADD-Noord etc. Om de vaart erin te houden willen we waar mogelijk, vooruitlopend op het integrale gebieds- en inrichtingsplan al no regret maatregelen voor deelplannen uitvoeren. Als alle maatregelen zouden moeten wachten op het inrichtingsplan kan er mogelijk onvoldoende tempo gemaakt worden in het gebiedsproces. Alles wat consequenties heeft voor grond en/of grondgebruik moet echter wel in één keer worden afgehandeld. Het gebiedsproces en uiteindelijk het realiseren van het gebiedsplan zal veel geld vragen. Geld voor de inzet van de CSV, voor de inrichting van een watersysteemplan etc. Uitgangspunt is dat het geld er komt. Daarvoor is de overheid aan zet. Cruciaal voor het slagen van het proces is draagvlak vanuit het gebied. Het is een enorme uitdaging om het proces beheersbaar en het tempo erin te houden. Dat zal niet slagen in de huidige werkstructuur.
Nu het gebiedsproces op weg gaat naar uitvoering moeten ook de werkwijze en de werkorganisatie tegen het licht worden gehouden. Regie en sturing zijn vanwege het integrale karakter van groot belang. Wat betreft de inhoudelijke sturing van de gebiedsontwikkeling ligt het voor de hand de kracht en input vanuit het gebied te blijven inzetten - zoals tot nu toe in nauwe samenwerking met de overheden.
m
u
p
+
t
o
p
d
o
w
n
Op verschillende momenten zullen zich ontwikkelingen aandienen, die vragen om een adequaat faciliterende projectorganisatie. Om dat te kunnen waarborgen is het van belang dat gemeenten, waterschap, provincie en gebied alle vier een volwaardige plek en rol hebben in de projectorganisatie. Daarnaast is het belangrijk om materiedeskundigen in te zetten, op het gebied van groenblauwe functies, landbouw, rood, recreatie & toerisme, energie, landschap - en cultuurhistorie. En er is instrumentele, financiële en juridische deskundigheid nodig. De projectorganisatie opereert onder verantwoordelijkheid van de Gebiedscommissie ADD. De gebiedscommissie levert plannen en programma’s en adviseert de bestuursorganen. De verhouding ten opzichte van andere organisaties die in ADD actief zijn, zoals het Plaatselijke Belang, de EKA, de DOM Meidwaan yn Boarn etc. moet onder de loep worden genomen.
27
colofon
tekst
Lenneke Büller, Joline Dijkstra beeldresearch, redactie en samenstelling
Lenneke Büller vormgeving
Frank den Oudsten drukwerk
Grafische Groep Van der Eems © 2024 | Skiere Skuorre
herkomst Illustraties Altenburg & Wymenga: p.13, 15, 16, 21 Boerderij Eben Haezer: p.24 Anniek Boswijk: p.27 Lenneke Büller: p.4, 20, 24 Daniel Hartog: p.16, 17, 21 Binne-Louw Katsma: p.10 Frank den Oudsten: p.3, 5, 16, 17, 20, 24 PARK Zuid-Holland: p.23, 24, 25 Schoenmakers: p.25 Stichting Artfarm Kunst en Welzijn: p.24 Veenweideprogramma Provincie Fryslân: p.6, 10, 19 Wetterskyp Fryslân: p.10, 17, 20, 21 Jeroen Wiersma: p.7, kaart binnenzijde omslag Yvonne Witte: p.25 www.boerderijrecreatie.nl: p.25 www.deschrijn.nl: p.25 www.natuurhuisje.nl: p.24 Wij hebben ons best gedaan om alle rechthebbenden mbt. beeldmateriaal in deze uitgave te achterhalen. Eenieder die meent dat zijn/haar materiaal zonder voorafgaande toestemming is gebruikt, verzoeken wij om zich tot ons te wenden.
het gebiedsproces Aldeboarn-De Deelen is onderdeel van het Veenweideprogramma van Provinsje en Wetterskip Fryslân