B1 Bijlage 3 240403 Bericht Leefbaarheid eindconlusie DEF
Tekst van het document
Eindrapport monomestvergister Wijnjewoude - werkgroep Leefbaarheid De werkgroep Leefbaarheid, die op initiatief van de gemeente is ingesteld, heeft onderzocht of het mogelijk is om een mono-mestvergister op de voormalige RWZI te realiseren, zonder overlast voor de bewoners in de omgeving. De werkgroep is grondig te werk gegaan. Voor de belangrijkste onderwerpen geur, geluid en veiligheid hebben gespecialiseerde bureaus rapporten op gesteld. Zij onderzochten of de vergister, die WEN van plan is te plaatsen, overlast zou kunnen geven. En waar nodig heeft de werkgroep een second opinion gevraagd van ingenieurs bureau Arcadis. Alle acht door de omwonenden aangegeven potentiële overlastpunten zijn door de werkgroep onderzocht. In onderstaande overzicht is de conclusie per overlastpunt weergegeven.
Potentiële overlast punten mestvergister Wijnjewoude Geur De monomestvergister verspreidt geen waarneembare geur. Tijdens de veldexcursies bleek al dat digistaat nauwelijks geurt. Eventuele lucht die vrij komt bij het overpompen, wordt bovendien opgevangen en gezuiverd. Toepassing van digestaat in de landbouw leidt tot flinke vermindering van geuroverlast, in vergelijking met gangbare landbouw. Geluid Alle motoren die geluid zouden kunnen geven zijn extra geïsoleerd. De geluidbelasting is veel minder dat wettelijk vereist, waardoor er geen sprake kan zijn van overlast Licht Buiten de bedrijfsuren (7-19 uur) wordt geen licht gebruikt. De verlichting wordt met kappen afgeschermd. Landschappelijke De installatie wordt ruim 3 meter lager dan het bos naast de inpassing RWZI. Zicht op de installatie kan op termijn voor een groot deel worden weggenomen door een groene singel van bomen en struiken naast de al bestaande bomen te planten. Veiligheid De kans op een incident op het terrein is miniem. Buiten het terrein is er helemaal geen risico op incidenten. Gezondheid De vergistingstemperatuur is hoog. Er zijn geen risico’s op het gebied van gezondheid voor mensen. Vervoersbewegingen/ De toename van verkeersbewegingen door de vergister ten verkeer opzichte van de reeds aanwezige verkeersbewegingen op de Weinterp en Opperhaudmare is zeer klein en alleen tijdens de bedrijfsuren.
Er worden per dag maximaal 10 vrachten aangevoerd en 10 afgevoerd. WEN heeft toegezegd dat er geen mest wordt aangevoerd door Klein Groningen en over de Tolleane vanaf de brug bij Klein Groningen. Waarde onroerend Omdat er geen overlast is van de mestvergister, is het goed onwaarschijnlijk dat er een effect op de waarde van onroerend goed is.
Om overlast te voorkomen heeft WEN op aangeven van werkgroep Leefbaarheid een aantal aanpassingen in het ontwerp en bedrijfsvoering van de vergister door laten voeren. Er wordt daardoor aan veel strengere voorwaarden voldaan dan wettelijk verplicht. Voorbeelden daarvan zijn; - extra geluidsisolatie van de motoren voor de aandrijving van het roerwerk - uitsluiten van vervoer door Klein Groningen - extra biobed voor het zuiveren van pomplucht - aanpassing van de plaatsing van de vergister en de randapparatuur op het terrein zodat het aanzicht vanaf de weg het mooist is - inwoners betrekken bij de landschappelijke inpassing - beperken van de bedrijfsduur tussen 7 en 19 uur - bereidheid om een privaatrechtelijke overeenkomst te sluiten De werkgroep verzoekt de gemeente om, wanneer de mestvergister daadwerkelijk gerealiseerd wordt, actief mee te denken over de verkeersveiligheid in de omgeving. Aan WEN doet de werkgroep de aanbeveling om een privaatrechtelijke overeenkomst te sluiten, waarin de spelregels voor de exploitatie van de vergister worden afgesproken. De werkgroep denkt daarbij met name aan afspraken over geluid, verkeer en licht. Dat geeft zekerheid dat de bovenwettelijke afspraken ook worden nageleefd. De werkgroep concludeert dat de samenwerking met WEN veel voor de omgeving heeft opgeleverd. Het volledige eindrapport is te vinden op www.wijnjewoude.net/groengas.