B07 Bijlage 1 Brief instemmingsbesluit prov. beschikking groengasinstallatie WEN
Tekst van het document
Zaaknummer: Z2024-00004515
1/3
Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing t.a.v. mevrouw J. Poortinga J.W. de Visserwei 10 9001 ZE GROU
Uw kenmerk:
Uw brief van:
Ons kenmerk:
Behandeld door:
Telefoon:
Bijlagen:
2024-FUMO-0091535
14-10-2025
Z2024-00004515
Aize Kramer
(0512) 386 222
-
Onderwerp: instemmingsbesluit voorgenomen beschikking op vergunningaanvraag groengasinstallatie Tolleane 3A te Wijnjewoude
Beetsterzwaag, 28 oktober 2025 Verzonden op: 28 oktober 2025
Geachte mevrouw Poortinga, Op 14 oktober 2025 ontvingen wij het verzoek om formeel in te stemmen met de voorgenomen (definitieve) beschikking van het college van Gedeputeerde Staten van Fryslân (kenmerk 2024FUMO-0091535) voor de realisatie van een groengasinstallatie op het perceel Tolleane 3A te Wijnjewoude door Coöperatie Wijnjewoude Energie Neutraal U.A. te Wijnjewoude. Met deze brief geven wij invulling aan het verzoek. Besluit In onze vergadering van 28 oktober 2025 hebben wij op grond van artikel 16.16 lid 1 Omgevingswet jo artikel 4.20 lid 2 van het Omgevingsbesluit besloten om in te stemmen met de voorgenomen (definitieve) beschikking van het college van Gedeputeerde Staten van Fryslân (kenmerk 2024FUMO-0091535) voor de realisatie van een groengasinstallatie op het perceel Tolleane 3A te Wijnjewoude. Overwegingen Bij brief van 8 juli 2025 (kenmerk Z2024-00004515) hebben wij op verzoek advies (ex artikel 16.15 lid 1 Omgevingswet jo artikel 4.20 lid 1 van het Omgevingsbesluit) uitgebracht op basis van de door u aangeleverde BOPA-motivering en bijbehorende stukken bij de aanvraag voor de omgevingsvergunning.
In ons advies hebben wij, los van de inhoudelijke opmerkingen over de stukken in de bijlage bij de betreffende brief, verzocht om bij de afweging van de vergunningaanvraag rekening te houden met en de nodige aandacht te besteden aan de gevoeligheid van de realisatie van de groengasinstallatie in de naaste omgeving daarvan. Daarbij is aangegeven dat het van belang is om bij de afweging van de vergunningaanvraag extra aandacht te besteden aan het zoveel mogelijk beperken dan wel het vermijden van overlast van de installatie naar de naaste omgeving daarvan (qua verkeersveiligheid, geurhinder, geluidshinder en landschappelijke impact). Een en ander door expliciet aan te geven hoe de belangen van de omgeving, een goed c.q. aanvaardbaar woon- en leefklimaat, gewaarborgd kunnen worden. Ook is verzocht om extra aandacht te besteden aan het veiligheidsaspect qua gezondheid en milieu, omdat men zich hierover in de omgeving van de voorgenomen locatie zorgen maakt.
Zaaknummer: Z2024-00004515
2/3
Er is op voldoende wijze invulling gegeven aan ons advies van 8 juli 2025 Uit de stukken is ons gebleken dat op voldoende wijze invulling is gegeven aan onze aanbevelingen en opmerkingen die in een aparte bijlage bij onze adviesbrief van 8 juli waren opgenomen. Er is met de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. In ons advies van 8 juli 2025 hebben wij eveneens de nodige aanbevelingen gedaan om de ETFAL (evenwichtige toedeling van functie aan locaties) nader te onderbouwen dan wel te verduidelijken. Uit de aan ons overlegde voorgenomen beschikking en bijbehorende stukken is ons gebleken dat op voldoende wijze invulling is gegeven aan deze aanbevelingen en opmerkingen. Zo wordt er op basis van het vele onderzoek dat is gedaan geconcludeerd dat de milieueffecten van het project overwegend beperkt van omvang, lokaal van aard en binnen de wettelijke normen blijven. Voor stikstofdepositie is op basis van AERIUS-berekeningen geconcludeerd dat de bijdrage van het project op nabijgelegen Natura 2000-gebieden nihil is. Er worden dan ook geen significante effecten op beschermde natuurgebieden verwacht. Voor geur en geluid zijn effecten gemodelleerd op basis van worst-case scenario’s en de verwachte belasting blijft binnen de daarvoor geldende grenswaarden.
De verkeersdruk neemt licht toe en wordt gespreid over vier regionale aanvoerroutes, waarbij overlast in het nabijgelegen buurtschap Klein Groningen zoveel als mogelijk wordt vermeden. Met betrekking tot klimaat draagt het project bij aan de vervanging van fossiel aardgas door middel van groen gas. Voor de landschappelijke inpassing is rekening gehouden met ecologische waarden en de wensen vanuit het dorp. Ook is in de stukken uitvoerig ingegaan op het op 25 september 2025 uitgebrachte definitieve advies van de Commissie mer. Er wordt geconcludeerd dat gezien de aard, omvang, locatie en voorzieningen van het project, in combinatie met de voorschriften gesteld in de voorgenomen beschikking, dat er als gevolg van dit project geen sprake zal zijn van ontoelaatbare gevolgen voor het milieu als bedoeld in artikel 16.53, lid 2 van de Omgevingswet. Er is in voldoende mate aandacht gegeven en zorg gedragen voor de gevoeligheid in en effecten op de omgeving van de voorgenomen (ruimtelijke) ontwikkeling In de aan ons ter instemming voorgelegde voorgenomen (definitieve) beschikking worden de nodige en noodzakelijke voorwaarden aan de vergunninghouder opgelegd om voor de omgeving een goed c.q. aanvaardbaar woon- en leefklimaat te kunnen waarborgen. Een en ander op zodanige wijze dat gesproken kan worden van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Zo zijn er bijzondere voorwaarden opgenomen met betrekking tot de verkeersafwikkeling, beperking van geluidhinder, beperking van geurhinder en de landschappelijke inpassing. Qua veiligheid/gezondheid is er voorzien in het voorschrijven van de nodige monitoringssystemen. Daarmee is naar onze mening voldoende voorzien in onze oproep om in voldoende mate rekening te houden met en de nodige aandacht te besteden aan de gevoeligheid van de realisatie van de groengasinstallatie in de naaste omgeving van de beoogde locatie. Gelet op bovenstaande zien wij in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties geen belemmeringen om in te kunnen stemmen met de per 14 oktober 2025 aan ons voorgelegde voorgenomen (definitieve) beschikking (kenmerk 2024-FUMO-0091535). Betaling leges Ingevolge artikel 13.2a van de Omgevingswet vragen wij een vergoeding voor het verlenen van onze instemming. Met toepassing van onze legesverordening gaat het om een vergoeding ten bedrage van € 3.434,-. Dit bedrag is opgebouwd uit € 3.084,- op basis van artikel 2.51 sub b Jo artikel 2.34 sub b lid 3 van de tarieventabel (een zware buitenplanse omgevingsplanactiviteit) vermeerderd met het bedrag aan kosten voor de welstandsadvisering door Hûs en Hiem, te weten € 350,- . Het bedrag van € 3.434,- zal u worden opgelegd door de heffingsambtenaar.
Voor het betalen van de leges ontvangt u binnenkort een factuur die u door de heffingsambtenaar zal worden toegezonden.
Zaaknummer: Z2024-00004515
Onze legesverordening is te raadplegen via de volgende link: https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR734094 Er op vertrouwende u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd, Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders, De gemeentesecretaris,
de burgemeester,
Sandra van ’t Hooge
Andries Bouwman
3/3