CConstaterende datOpsterland
Koppel je AI →
Document · PDF

B01 Bijlage 2 Herijking subsidieactiviteiten t.o.v. sekswerkers

Raadsvergadering 2 maart 2026, gemeente OpsterlandBij agendapunt: Ingekomen stukken van het college (B-lijst)7.706 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleidskader sekswerk

Bezoekadres Oldehoofsterkerkhof 2 8911 DH Leeuwarden Postadres Postbus 21000 8900 JA Leeuwarden (058) 233 83 88 secretariaat@sdfryslan.nl

Provinciaal beleidskader sekswerk Deel 2 van 3: Herijking subsidieactiviteiten ter ondersteuning van sekswerkers

Beleidskader sekswerk

1. Aanleiding In 2024 heeft SDF van de Friese gemeenten de opdracht gekregen om: -

Een handreiking voor het formuleren van prostitutiebeleid voor de gemeenten vorm te geven, waaronder een model-APV en handhavingsarrangement (ism het RIEC); Een inrichtingsplan voor een pilot bestuurlijk toezicht en handhaving op prostitutie te maken (ism het RIEC); De subsidieactiviteiten voor de ondersteuning aan sekswerkers te herzien.

Bovengenoemde onderdelen vormen één geheel en zijn inhoudelijk afgestemd op elkaar. Daarnaast zijn de stukken inhoudelijk uitgelijnd met landelijke ontwikkelingen en het Fries mensenhandelbeleid, vastgesteld door de Friese gemeenten in 2023. De aanleiding van de herijking van de ondersteuning aan sekswerkers is meerledig. -

-

-

-

Allereerst is de afgelopen jaren een afname van de bezetting van vergunde prostitutieplekken en een toename van niet-vergunde prostitutie zichtbaar. Deze beweging is versneld door de coronapandemie en is landelijk zichtbaar. De doelgroep is mede hierdoor moeilijker vindbaar geworden voor hulpverlening en er is minder zicht op werkomstandigheden van de sekswerkers. Een andere reden voor herijking is dat het ondersteuningsaanbod aan sekswerkers in Friesland is ontstaan vanuit historische groei zonder dat gemeenten vanuit hun opdracht gevende rol hun visie op het ondersteuningsaanbod hebben geconcretiseerd tot een opdracht aan zorgaanbieders die subsidie op deze activiteiten aanvragen. Voor de Friese gemeenten is het de afgelopen jaren zoeken geweest naar het juiste momentum van de herijking. Er is landelijk lange tijd gewerkt aan de Wet Regulering Sekswerk (Wrs), maar is de Wrs ook meerdere malen controversieel verklaard. Ook nu ligt dit proces weer stil. Inmiddels luidt het VNG advies aan gemeenten dan ook om zelf het beleid sekswerk op te stellen of te actualiseren. Ten slotte wordt de ondersteuning aan sekswerkers door twee grote zorgaanbieders in Friesland uitgevoerd. De samenwerking en taakverdeling tussen deze partijen is vanuit de historie gegroeid en verliep al langere tijd stroef.

Dit gegeven in combinatie met de overige aanleidingen stond de verdere doorontwikkeling van het ondersteuningsaanbod aan sekswerkers in de weg.

In het proces van herijking heeft een vertegenwoordiging van vier Friese gemeenten onder leiding van SDF gewerkt aan een visie op de ondersteuning aan sekswerkers. Daarin zijn bovengenoemde aanleidingen meegenomen, evenals afstemming met het werkveld en sekswerkers zelf. De visie vormt de basis voor de opdrachtomschrijving voor de subsidies in de periode 2027-2032. In 2032 dient de ondersteuning aan sekswerkers opnieuw geëvalueerd te worden door de accounthouder van SDF. 2. Ondersteuning aan sekswerkers tot nog toe Sinds de opheffing van het bordeelverbod in 2000 wordt in Friesland ondersteuning geboden aan sekswerkers. Deze ondersteuning wordt door diverse partijen geboden. Fier biedt prostitutiemaatschappelijk werk en het uitstapprogramma aan. Daaronder valt onder andere (online) kenbaar maken van het aanbod, toeleiding naar individuele hulp (al dan niet om uit te stappen), contactrondes in de vergunde sector, het signaleren van misstanden (en bieden van gespecialiseerde hulp in het geval van mensenhandel, en het aansluiten bij prostitutiecontroles -bij wijze van pilot tot nog toe). Sinds 2016 is het Leger des Heils betrokken om het laagdrempelige steunpunt Xenia op de Weaze in Leeuwarden mede vorm te geven. Doelen van dit fysieke steunpunt zijn laagdrempelig contact maken 3

Beleidskader sekswerk

met de doelgroep, het bieden van een luisterend oor, praktische hulp en ondersteuning en toeleiding naar andere hulp. Fier, de GGD en een boekhouder houden eveneens spreekuur op het steunpunt Xenia. De GGD biedt gezondheidszorg, waaronder een medisch spreekuur, anticonceptie advies en SOAtesten. Daarnaast signaleren de sociaal verpleegkundigen van de GGD misstanden en leiden zij toe naar hulpverlening. De ondersteuning aan sekswerkers die de GGD biedt, valt buiten de regionale subsidie ‘ondersteuning sekswerkers’ maar onder de (eveneens regionale) Algemene Seksuele Gezondheidsregeling. De GGD, Fier en het Leger des Heils werken samen in het signaleren van misstanden en het doorverwijzen naar elkaars aanbod en/of overige hulpverlening. De activiteiten ter ondersteuning van sekswerkers geboden door Fier en het Leger des Heils, worden gefinancierd uit de DUUP (Decentrale Uitkering Uitstapprogramma’s Prostituees) en DUVO (Decentrale Uitkering Vrouwen Opvang). Sociaal Domein Fryslan is namens de Friese gemeenten als accounthouder verantwoordelijk voor de subsidie bedoeld voor de ondersteuning aan sekswerkers. Ter indicatie, de vastgestelde subsidiebedragen voor 2024 zijn als volgt. De Rijksbijdrage in de vorm DUUP bedraagt €223.380,- per jaar.

De totale uitgaven aan de ondersteuning aan sekswerkers was in 2024 €297.860,De overschrijding van de DUUP was in 2024 daarmee €74.480,- en dit is opgehaald bij de Friese gemeenten. Dit bedrag valt onder de gemeentelijke bijdrage aan de DUVO. Vanaf 2027 zal het bedrag van de huur voor Xenia opgehaald worden bij de Friese gemeenten. De huur bedroeg in 2024 €19.250,- en wordt jaarlijks binnen de geldende huurnormen geïndexeerd. Tot nog toe betaalde gemeente Leeuwarden deze huur. Gezien het regionale karakter van het steunpunt Xenia en de herijking die deze regionale functie zal versterken, is het navolgbaar dat de huur van Xenia meegenomen wordt in de bijdrage van alle gemeenten aan de DUVO per 2027. Gezien de financiële druk op de gemeenten is als uitgangspunt genomen dat de herijking van de subsidieactiviteiten niet leidt tot een ophoging van het subsidiebedrag. 2.1 Behoefteonderzoek sekswerkers In alle jaren dat ondersteuning aan sekswerkers geboden wordt, zijn de sekswerkers nooit zelf bevraagd op hun wensen en behoeften op ondersteuning door SDF. Daarom heeft SDF een behoefteonderzoek onder sekswerkers uitgevoerd. In bijlage 1 zijn de procesbeschrijving van het behoefteonderzoek en de resultaten van de vragenlijsten opgenomen. In bijlage 2 de rapportage over de focusgroep bijeenkomst van de NHL Stenden. NB: de doelgroep sekswerkers is, zoals eerder beschreven, zeer divers.

Mensen in kwetsbare en/of afhankelijke posities zullen niet in staat zijn geweest mee te doen aan het onderzoek. Ook mensen die al teleurgesteld of wantrouwend ten opzichte van de overheid zijn, zullen wellicht minder geneigd zijn mee te werken aan een onderzoek. Het behoefteonderzoek pretendeert daarmee dus niet alle sekswerkers bereikt te hebben, of dat het gevalideerde data biedt over ‘dé sekswerker in Friesland’. Tegelijkertijd biedt het wel enig inzicht in wat een deel van de sekswerkers in Friesland nodig heeft en wat hun ervaringen met het bestaande aanbod zijn, zodat het beleid meer aansluiting kan vinden bij (een deel van) de doelgroep waarvoor het beleid bedoeld is. Vanuit de vragenlijsten (n=28) en de focusgroep (n=21) kunnen de volgende conclusies en aanbevelingen geformuleerd worden: Steunpunt

4

Beleidskader sekswerk

Er is behoefte aan een fysiek steunpunt. Xenia op de Weaze is bekend, heeft een centrale ligging en is goed vindbaar. Gelijktijdig wordt benoemd dat het pand van Xenia onvoldoende veilig ervaren wordt (toegankelijkheid pand, buurt waarin pand gevestigd is, privacy). Een deel van de respondenten (n=7) noemt dat op meerdere plekken in de provincie een steunpunt hebben wenselijk is. Volgens 5 respondenten kan dit ook tot contact met nieuwe/nog onbekende sekswerkers leiden. Het aanbod op het steunpunt wordt als laagdrempelig en relatief compleet ervaren. Het bieden van multidisciplinaire ondersteuning, geboden door professionals die gespecialiseerd zijn in de hulpverlening aan sekswerkers, heeft de voorkeur boven het ondersteuningsaanbod bij de reguliere (niet op sekswerk gespecialiseerde) hulpverlening. Onze aanbeveling is om minimaal één fysiek steunpunt te behouden en het aanbod op dit steunpunt uit te breiden met onder andere juridische hulpverlening, meer aanwezigheid van de GGD en het (vaker/meer) faciliteren van laagdrempelig sociaal contact tussen sekswerkers onderling. Contact met elkaar Sekswerkers geven aan behoefte te hebben aan contact met andere sekswerkers. De herkenning, het uitwisselen van ervaringen, leren van elkaar en het ervaren van een omgeving zonder stigma worden veelvuldig genoemd als belangrijke behoeften.

De focusgroepmiddag werd zeer gewaardeerd in deze elementen. Onze aanbeveling is om frequenter groepsbijeenkomsten voor en met sekswerkers te organiseren en te onderzoeken op welke wijze sociale contacten tussen sekswerkers het beste gefaciliteerd kunnen worden vanuit het steunpunt. Informatievoorziening Er is behoefte aan duidelijkere en beter vindbare informatie over sekswerkbeleid vanuit de gemeenten (bijvoorbeeld op de gemeentesites). Datzelfde geldt voor het aanbod ter ondersteuning van sekswerkers. De bekendheid kan online en offline vergroot worden. Taal en toon zijn essentieel in het bereiken en enthousiasmeren van de doelgroep. Onze aanbeveling is om wet- en regelgeving rondom sekswerk op B1 niveau duidelijk vindbaar op de gemeentewebsite te plaatsen. Het wordt gewenst dat deze informatie ook in andere talen beschikbaar gesteld wordt, zoals in het Spaans en Engels. Voorwaarde voor informatieverstrekking rondom sekswerk is dat dit transparant en zonder te stigmatiseren gedaan wordt. Uitstappen Met betrekking tot het uitstapprogramma wordt aangegeven dat de informatie die hierover geboden wordt, voldoende is. De sekswerkers die gereageerd hebben geven aan geen verdere informatie hierover nodig te hebben. Kanttekening hierbij is dat dit deel van de doelgroep sekswerkers aangeeft vrijwillig te werken en het werk leuk te vinden.

Één persoon geeft aan geen ander werk te kunnen vinden vanwege taalproblemen. Klankbordgroep Zes sekswerkers hebben aangegeven interesse te hebben om vaker samen te komen, bijvoorbeeld in de vorm van een klankbordgroep, en input te leveren op gewenst aanbod van ondersteuning of bijvoorbeeld het (door)ontwikkelen van beleid. Onze aanbeveling is om te onderzoeken of het opstarten van een klankbordgroep voldoende zinvol is en hoe deze het beste vormgegeven kan worden. Bij concrete vragen die voorgelegd worden vanuit de gemeenten aan de sekswerkers moet een passende vergoeding van deelnemers/respondenten plaatsvinden. 2.2 Verbetering samenwerking tussen zorgaanbieders In de projectperiode om te komen tot dit nieuwe beleidskader, hebben er intensieve ambtelijke en bestuurlijke gesprekken plaatsgevonden tussen het Leger des Heils, Fier en SDF. Uitgangspunt van deze gesprekken was de wens om beide partijen aan boord te houden, gezien de tevredenheid over de werkzaamheden en de expertise van beide partijen. In de gesprekken zijn visies, taken en taakverdeling uitvoerig aan de orde geweest en zijn partijen tot een nieuwe taakverdeling gekomen, waardoor de expertise van beide partijen optimaal benut wordt en elkaar aanvult. Alle partijen zijn tevreden met de nieuwe afspraken en kijken vol vertrouwen uit naar de verdere samenwerking.

5

Beleidskader sekswerk

Daarbij geeft deze herijkte visie en opdrachtbeschrijving houvast voor de doorontwikkeling de komende jaren. 3. Herijkte visie op ondersteuning aan sekswerkers Visie op sekswerk Sekswerk is een legaal beroep in Nederland. Binnen de groep sekswerkers zijn allerlei subgroepen te onderscheiden. Het gaat om Nederlandse en buitenlandse sekswerkers, sekswerkers die als zzp-er werken en zelf hun administratie op orde moeten hebben, sekswerkers die onder een uitbater werken, maar ook buitenlandse sekswerkers die met hun werk in Nederland hun kinderen in land van herkomst financieel ondersteunen, tot aan slachtoffers van mensenhandel aan toe. Er bestaan vele gradaties aan de mate van vrijwilligheid binnen het sekswerk. Vanwege de aard van het werk (intiem fysiek contact, weinig zicht of sociale controle op werkomstandigheden, mogelijke samenhang met criminogene netwerken) kan het werk een bepaalde kwetsbaarheid met zich mee brengen. Doel van de ondersteuning aan sekswerkers is sekswerkers empoweren en deze kwetsbaarheden (te helpen) terugdringen. Daarin is het eigen perspectief en perceptie van de sekswerker op diens werk leidend en wordt deze in de ondersteuning gerespecteerd. Tenzij er sprake is van uitbuiting, misleiding, mensenhandel of andere strafbare feiten.

Visie op ondersteuning aan sekswerkers Binnen het brede palet aan sekswerkers zoals beschreven, willen de Friese gemeenten een aantal zaken in de ondersteuning prioriteren. 1. Signaleren van mensenhandel en andere misstanden Mensenhandel en prostitutie zijn twee verschillende begrippen en kunnen absoluut niet gelijk gesteld worden aan elkaar. Zoals eerder geschetst, vallen er binnen de doelgroep sekswerkers vele subdoelgroepen te onderscheiden: het betreft een brede range van assertieve vrijwillig werkende sekswerkers tot slachtoffers van mensenhandel, en allerlei nuances daar tussen in. In Nederland is prostitutie een legaal beroep en aan een aantal regels gebonden. Prostitutie, vergund of onvergund, staat nadrukkelijk niet gelijk aan seksuele uitbuiting als vorm van mensenhandel. Seksuele uitbuiting kan zich wel in de prostitutiesector afspelen. Mensenhandel is ‘het werven, vervoeren, overbrengen, opnemen of huisvesten van een persoon, met gebruik van dwang en met het doel die persoon uit te buiten’. Deze definitie beschrijft mensenhandel zoals die strafbaar gesteld is in artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht. De definitie van mensenhandel is opgebouwd uit drie elementen: Een HANDELING die met gebruik van bepaalde DWANGMIDDELEN wordt uitgevoerd met als DOEL uitbuiting.

Alle vormen van mensenhandel grijpen diep in op de vrijheid van slachtoffers en berokkenen hen ernstige schade. Het gaat om meerderjarige en minderjarige slachtoffers. Om slachtoffers te beschermen en deze ondermijnende criminaliteit te stoppen, is en blijft het dringend nodig om mensenhandel gericht en integraal aan te pakken en op te zoeken. Wanneer hier niet actief op wordt ingezet, is het risico namelijk groot dat mensenhandel niet zichtbaar wordt, daders hierdoor hun gang kunnen gaan en slachtoffers ernstig beschadigd (blijven) raken. In Friesland is in 2022 regionaal mensenhandelbeleid vastgesteld door de Friese gemeenten. Het prostitutiemaatschappelijk werk heeft een belangrijke taak in het signaleren van misstanden en mensenhandel. Immers, de prostitutiemaatschappelijk werkers komen in de vergunde seksinrichtingen, draaien spreekuren en leggen online contact met de sekswerkers. Daarbij zien zij regelmatig een andere doelgroep dan bijvoorbeeld de politie. De samenwerking met de zorgcoördinator mensenhandel Friesland, de ketenregisseur mensenhandel en politie zijn goed.

6

Beleidskader sekswerk

In de afgelopen twee jaar hebben politie en het prostitutiemaatschappelijk werk een pilot gedraaid waarbij de maatschappelijk werkers aansloten bij de politiecontroles in de prostitutie. Beide partijen ervaren een meerwaarde binnen de pilot. Door direct op eventuele hulpvragen in te kunnen spelen en laagdrempelig contact te houden met de aangetroffen sekswerkers, wordt er aan contactopbouw gedaan, komen hulpvragen in zicht en kan hulpverlening ondersteunen in het toewerken naar aangifte van mensenhandel in voorkomende gevallen. Deze gezamenlijke aanpak moet bestendigd worden, waarbij het prostitutiemaatschappelijk werk ook aan gaat sluiten bij de mogelijke pilot toezicht en handhaving van de Friese gemeenten. Op afroep zou het prostitutiemaatschappelijk werk ook ingezet kunnen moeten worden door de gemeentelijke poule van toezichthouders bij vervolgcontroles. 2. Kwetsbare sekswerkers Voor een deel van de sekswerkers geldt dat zij zich door hun persoonlijke omstandigheden genoodzaakt zien dit werk uit te voeren, maar liever ander werk zouden willen doen. Het werk kan emotioneel en lichamelijk zwaar zijn. De werkomstandigheden kunnen onveilig voelen of zijn. Daarnaast blijkt uit velerlei landelijk en internationaal onderzoek, dat het stigma op sekswerk bij mannen en LHBTIQ+ mensen groter is.

In het ondersteuningsaanbod moet specifieke aandacht geschonken worden aan het bereiken van deze doelgroepen. 3. Laagdrempelige outreachende groepsbijeenkomsten en zelfhulporganisatie bevorderen Uit het uitgevoerde behoefteonderzoek onder sekswerkers blijkt dat er een grote behoefte is aan een fysieke ontmoetingsplek waar men zich welkom voelt en waar geen stigma heerst. De huidige vorm van Xenia voldoet in basis aan deze wens, maar volgens de bevraagde sekswerkers kan dit verbeterd worden. Zo is er een duidelijke behoefte aan laagdrempelig peer-to-peer contact. Men wil graag ervaringen uitwisselen en van elkaar leren. Daarnaast wordt genoemd dat men meer in groepsbijeenkomsten voorgelicht zou willen worden over onder andere veilig werken en veilige werkomstandigheden creëren en juridische vraagstukken (rechten en plichten). Onderzocht dient te worden of het een meerwaarde heeft om op meerdere plekken in de provincie een spreekuur of bijeenkomsten te organiseren. De wens hiertoe werd door een enkele sekswerker geuit. 4. Klankbordgroep Zes sekswerkers hebben aangegeven graag op regelmatige basis bijeen te willen komen en vaker input te willen leveren. Naast de behoefte onder punt 2. beschreven, hebben ze aangegeven mee te willen denken met gemeenten over het ondersteuningsaanbod en indien gewenst op specifieke vragen vanuit gemeente(n).

In diverse gemeenten zijn de afgelopen jaren soortgelijke initiatieven gestart, zoals in Amsterdam en in Tilburg. De ervaringen van beider gemeenten zijn positief. De klankbordgroepen aldaar dragen bij aan destigmatisering van sekswerk, het verbeteren van bejegening van de doelgroep, meer inzage en input op wat er leeft binnen de community, en de klankbordgroep kan om advies worden gevraagd bij beleidsontwikkeling en/of -evaluatie. Het prostitutiemaatschappelijk werk dient minder vóór, maar meer mét de doelgroep te werken, ook in aansluiting op punt 2. Het faciliteren van de klankbordgroep moet daar onderdeel van zijn. SDF zal namens de Friese gemeenten in het najaar contact zoeken met de sekswerkers die dit wilden en bespreken op welke wijze een klankbordgroep vormgegeven kan worden. Vanuit de projectgroep wordt gedacht aan een aantal maal per jaar bijeenkomen, gefaciliteerd door de accounthouder PMW vanuit SDF. 4. Samenwerking buiten de sekswerkketen: generalisme en specialisme

7

Beleidskader sekswerk

Het prostitutiemaatschappelijk werk is een specialistische vorm van hulpverlening. Door stigma rondom sekswerk geven de meeste sekswerkers weinig openheid van zaken, zeker tegenover hulpverlening of overheid. Het vraagt kennis over de community en het werk, en een nietveroordelende benadering om betekenisvol contact op te bouwen met de doelgroep. Tegelijkertijd is helder door de aantallen advertenties waarin seksuele diensten worden aangeboden: sekswerk is overal. Daarom is het belangrijk om kennis en kunde met betrekking tot bejegening in (lokale) nuldeen eerstelijns ondersteuning of hulpverlening in te brengen. Het is van belang dat ook gebiedsteammedewerkers in gesprek durven te gaan met inwoners die sekswerk verrichten en ondersteuningsvragen hebben. Gebiedsteammedewerkers dienen daarbij ook te kunnen signaleren op hulpvragen en misstanden, en deze bespreekbaar te maken. Wanneer specifieke hulp nodig is op bijvoorbeeld willen uitstappen, veilig werken of veiligheidsvraagstukken en mensenhandel, dient het prostitutiemaatschappelijk werk betrokken te worden. Het prostitutiemaatschappelijk werk dient proactief contact te zoeken en te onderhouden met de gebiedsteams, diverse afdelingen binnen gemeenten (zoals burgerzaken, participatie), eerstelijns zorgaanbieders en de maatschappelijke opvang om hun expertise te delen. 5.

Uitstapprogramma In Friesland worden sekswerkers ondersteund als ze willen stoppen met het werk. De ondersteuning bestaat uit praktische en psychosociale hulpverlening. De praktische ondersteuning kan bestaan uit het ondersteunen bij het vinden van ander werk of dagbesteding en huisvesting. De psychosociale begeleiding bestaat uit het losmaken van het werk, het opbouwen van een ander netwerk en verwerken van mogelijke negatieve ervaringen in het werk. Uit de subsidieverantwoordingen van de afgelopen jaren blijkt dat er elk jaar een aantal (2-6) sekswerkers zijn die willen stoppen met het sekswerk, maar dit vanwege praktische obstakels niet kunnen. Hierbij gaat het vooral om het niet (volledig) recht op voorzieningen hebben, geen ander werk kunnen vinden en geen woonruimte (buiten het netwerk) kunnen vinden. Het vinden van onderdak is lastig, de wachttijden voor sociale woningbouw zijn lang en particulier huren is vaak te duur. Het aanvragen van een uitkering (kan lang duren en sekswerkers ervaren soms stigma) of regelen van vervangend inkomen door het vinden van ander werk kan moeilijk zijn. Hulpverleners ziet verschillende sekswerkers met een laag verstandelijke beperking, persoonlijkheidsproblematiek of een verslaving. Hierdoor kan het moeilijk zijn om daadwerkelijk uit te stappen, terwijl de wens om te stoppen met sekswerk wel regelmatig geuit wordt.

Ook andere factoren spelen een rol. Zoals het niet spreken van de taal en geen tijd hebben voor taallessen, omdat hierdoor inkomsten misgelopen worden. Geen ‘vrije’ dagen op kunnen nemen om zaken te regelen zonder dit direct in de portemonnee te voelen. De druk van familie in het land van herkomst die het inkomen nodig hebben. De schaamte over het sekswerk. Geen CV kunnen aanleveren bij uitzendbureaus. Geen sociaal netwerk buiten ‘het wereldje’ hebben. Door deze omstandigheden niet kunnen stoppen met sekswerk terwijl dit wel de wens is, is schrijnend. Praktische belemmeringen zouden geen doorslaggevende rol mogen spelen in het al dan niet verrichten van sekswerk, indien iemand dit niet langer wil. Friese gemeenten dienen maatwerk te leveren voor deze doelgroep. Dit gebeurt nu nog onvoldoende. Het prostitutiemaatschappelijk werk reikt onvoldoende uit naar gemeenten om maatwerk te verkennen en gemeenten zijn onvoldoende bekend of vertrouwd met de doelgroep. Een specifiek knelpunt is huisvesting. Dit is een landelijk probleem. De doelgroep uitstappende sekswerkers zijn meegenomen in de Friese Urgentieverordening, waarbij ze aanspraak kunnen

8

Beleidskader sekswerk

maken op een urgentieverklaring bij de woningbouwverenigingen. Er zijn echter veel doelgroepen die dezelfde aanspraak kunnen maken. De uitwerking voor deze specifieke doelgroep zal door SDF opgevolgd worden. Doelen van ondersteuning aan sekswerkers Bovengenoemde prioriteiten resulteren in de volgende doelen van de ondersteuning aan sekswerkers: -

Het bieden van of toeleiden naar laagdrempelige, praktische, financiële, juridische, materiele of psychosociale hulp aan sekswerkers in Friesland; Empoweren van sekswerkers door middel van voorlichting (door professionals of peers) over rechten en plichten, werkomstandigheden en veiligheid, mogelijkheden voor gezondheidszorg, toegang tot hulp en ondersteuning, participatie in de Nederlandse maatschappij; Het faciliteren van contact tussen sekswerkers onderling en zelforganisatie stimuleren; Faciliteren en ondersteunen van peer-to-peer voorlichting; Signaleren van ernstigere psychische problematiek en toeleiden naar behandeling; Sekswerkers die aangeven te willen stoppen met sekswerk, ondersteunen in het maken van een duurzaam toekomstplan; Signaleren van misstanden in de prostitutiebranche; Melden van signalen mensenhandel bij de zorgcoördinator mensenhandel Friesland.

5. Uitwerking herijkte visie in opdrachtomschrijving Vanuit het behoefteonderzoek en de herijkte visie op ondersteuning aan sekswerkers zijn een aantal aanbevelingen opgemaakt die nog nader onderzocht dan wel uitgewerkt moeten worden. Het subsidiejaar 2026 is een overgangsjaar waarin nadere gesprekken en een aantal zaken eventueel beproefd kunnen worden. De opdracht voor de definitieve werkzaamheden rondom ondersteuning sekswerkers gaat in 2027 van kracht. De accounthouder SDF evalueert de voortgang elk jaar en in 2030 zal in bredere context geëvalueerd worden of de opdracht nog overeenkomt met de actualiteiten in het werkveld. Om aanspraak te kunnen maken op subsidie voor activiteiten rondom ondersteuning sekswerkers in Friesland, dienen in ieder geval de volgende activiteiten uitgevoerd te worden: -

Laagdrempelig inloopspreekuur houden op fysiek steunpunt; Laagdrempelige contactrondes langs de vergunde bordelen/clubs in Friesland; Online outreach naar sekswerkers werkzaam in de niet-vergunde sector, om de mogelijkheden voor ondersteuning kenbaar te maken; Bieden van laagdrempelige praktische en psychosociale ondersteuning aan sekswerkers; Proactief kenbaar maken van het ondersteuningsaanbod wat zich gespecialiseerd heeft op sekswerkers en indien dit niet passend is, actief toeleiden naar overig passend aanbod; Alert zijn op signalen van misstanden zoals uitbuiting en mensenhandel; Organiseren en/of faciliteren van sociale contactmomenten tussen sekswerkers; Vindplaatsgericht werken, dus ook op cruiseplekken, vakantieparken en hotels; Aansluiten bij prostitutiecontroles van Team Mensenhandel en Migratie van de politie; Samenwerking met politie, GGD, gemeenten(en andere (gespecialiseerde) zorgaanbieders (zoals bijvoorbeeld GGZ, VNN, Wender, Limor). Participatie in ‘prostitutieoverleggen’ met onder andere gemeenten, SDF, GGD, het fysieke steunpunt en de organisaties die ondersteuning aan sekswerkers in Friesland bieden; (Pro-)actief samenwerken met en voorlichten van gebiedsteams; Voorlichting verstrekken aan onderwijsorganisaties en bijv.

afdelingen binnen gemeenten die regelmatig met sekswerkers in contact kunnen komen om zo stigmatisering te doen afnemen; Meewerken aan transparante en makkelijk vindbare informatie over het ondersteuningsaanbod in Friesland, zowel offline als online; Blijven inzetten op een goede ketensamenwerking om de best passende zorg aan de doelgroep te leveren; Aansluiten bij relevante ontwikkelingen in het veld en proactief meedenken over verdere beleidsontwikkeling.

9

Beleidskader sekswerk

Naast deze activiteiten zijn er ook een aantal aanbevelingen die verder uitgewerkt moeten worden, zowel in praktische zin als in financieel opzicht. Dit zijn: -

Op meerdere plaatsen in Friesland een fysieke locatie voor een steunpunt sekswerkers. Het openstellen van meerdere fysieke steunpunten is financieel niet haalbaar. Wel kan op meerdere locaties in Friesland een dagdeel een inloop gehouden worden. Daarbij kan gedacht worden aan reeds bestaande locaties van gebiedsteams waarbij de professionals voor sekswerkers aansluiten. Ook heeft het Leger des Heils in de andere Noordelijke provincies beschikking over een mobiele huiskamer (bus), waarmee het spreekuur naar locaties waar veel signalen van sekswerk zijn, kan afreizen. Beiden kunnen geschikte opties zijn, maar de praktijk moet leren wat het beste werkt. Deze ontwikkeling moet zorgvuldig doorgesproken en afgewogen worden met de professionals. De effecten en opbrengsten worden opgevolgd en geëvalueerd in het accounthouderschap SDF.

-

Steunpunt Xenia fungeert nu vooral als plaats waar men enkel iets ‘komt halen’. De huidige fysieke locatie belemmert in een volledige doorontwikkeling van het steunpunt, maar gewenst is dat het steunpunt een ontmoetingsplaats wordt voor en van sekswerkers zelf. Door het uitbreiden van multidisciplinair aanbod binnen het steunpunt kan de aantrekkingskracht vergroot worden. Onderzocht moet worden wat een haalbare frequentie is voor de GGD om haar diensten op Xenia aan te bieden, hoe vaak een juridisch spreekuur plaats kan vinden en of een goede uitwisseling plaats kan vinden met gebiedsteams, zodat een gebiedsteammedewerker ook aanwezig is op Xenia. Meer inzetten op organiseren of faciliteren van sociale bijeenkomsten, zodat sekswerkers ook meer/vaker met elkaar in contact kunnen komen. Tevens inzetten op het faciliteren van training en voorlichting, wat leidt tot meer peer-to-peer support en ten slotte kan het steunpunt een belangrijke facilitator worden van een te starten klankbordgroep.

-

Starten van een klankbordgroep Uit het behoefteonderzoek is gebleken dat meerdere sekswerkers graag willen meedenken over beleid en ontwikkelingen die sekswerkers raken. Burgerparticipatie en ervaringskennis is zeer van belang; niemand kent het werk beter dan diegene die het werk uitvoert. Daarom willen wij graag gebruik maken van de kennis en kunde, in de vorm van een klankbordgroep. De vormgeving, frequentie van bijeenkomen, onderwerpen waarover meegedacht kan worden en de vergoeding van participanten moet nader uitgewerkt worden. Een klankbordgroep kan zowel positieve invloed hebben op de sociale contacten en uitbreiden van het peer-to-peer contact, als op het gemeentelijk beleid en bijdragen aan destigmatisatie rondom sekswerk. Het voorstel is om in het najaar 2025 met de aangemelde sekswerkers te verkennen of we tot een werkbare vorm kunnen komen. Circa vier keer per jaar kan een bijeenkomst vanuit de accounthouder SDF worden gefaciliteerd/bijgewoond, waar de ontwikkelingen in de community besproken worden, het ondersteuningsaanbod geëvalueerd wordt en zaken zoals communicatie, houding en taal aangekaart kunnen worden, zodat de samenleving actief aan de slag kan met het stigma wat nog altijd heerst.

-

Uitstapprogramma Een uitstapprogramma voor sekswerkers bestaat uit vier fasen, die terugkomen in de te subsidiëren activiteiten. De vier fases zijn achtereenvolgens: contactfase, oriëntatiefase, uitvoeringsfase en nazorgfase. De praktijk leert dat deze fases elkaar niet lineair opvolgen en dat geen gestandaardiseerd traject met vastgestelde tijdspaden vastgelegd kan worden. De term ‘uitstapprogramma’ doet echter denken dat dit wel zo is: vaste patronen, tijdspaden en in een rechtlijnige curve de sekswereld uit. Het stigma en de verborgenheid rondom sekswerk in combinatie met persoonlijke omstandigheden maakt stoppen met sekswerk enorm complex. Bij elk uitstaptraject spelen andere variabelen een rol, waardoor maatwerk noodzakelijk is. Vanuit SDF wordt onderzocht welke best practices bestaan bij regio’s die wel meer gestandaardiseerde trajecten aanbieden (voorbeeld Amsterdam die baangaranties biedt na een werkervaringstraject). Samen met de professionals en eventuele klankbordgroep wordt onderzocht of aspecten daarvan overgenomen kunnen worden. Ook wordt onderzocht of de

10

Beleidskader sekswerk

prostitutiemaatschappelijk werkers geïnformeerd kunnen (blijven) worden over de diverse maatwerktrajecten die gemeenten aanbieden, zodat een sekswerker met een uitstapwens beter geholpen kan worden en een reële kans op (duurzaam) uitstappen heeft. Dit vraagt een Sluitende aanpak in de keten om uitstappen mogelijk te maken en belemmeringen hierin te voorkomen. Gemeenten zullen meer maatwerk moeten bieden. Daarnaast moet het duidelijk waar de regionale (financiële) ondersteuning stopt en de lokale verantwoordelijkheid begint. Het doel van een ‘uitstapprogramma’ is het creëren van een zo goed mogelijke kans voor een sekswerker die dat wil, om een leven buiten het sekswerk op te bouwen. Wij achten maatwerkoplossingen vanuit gemeenten daar de best passende interventie voor. Bijlagen 1. Procesbeschrijving behoefteonderzoek en resultaten vragenlijsten 2. Rapportage focusgroep NHL Stenden

11

Beleidskader sekswerk

Bijlage 1: Procesbeschrijving behoefteonderzoek en resultaten vragenlijsten Aanleiding Het project sekswerkbeleid bestaat uit drie onderdelen, waaronder één de herziening van de activiteiten rondom ondersteuning aan sekswerkers is. De aanleiding van deze herziening is meerledig. Enerzijds is het ondersteuningsaanbod aan sekswerkers in Friesland ontstaan vanuit historische groei zonder dat gemeenten vanuit hun opdracht gevende rol hun visie op het ondersteuningsaanbod hebben geconcretiseerd tot een opdracht aan professionals die subsidie op deze activiteiten aanvragen. Anderzijds bestond in de praktijk wel ondersteuningsaanbod waar gebruik van werd gemaakt, maar doordat de tijden en wereld zijn veranderd, leek het huidige aanbod niet meer goed bij de sekswerkers te passen. Ten slotte wordt de ondersteuning aan sekswerkers door twee grote professionals in Friesland uitgevoerd, maar stond de samenwerking tussen deze twee de verdere doorontwikkeling van het ondersteuningsaanbod in de weg. Deze aspecten zijn behandeld en meegenomen in de herziening, zodat een gedegen visie en opdracht beschreven kunnen worden. De doelgroep waarvoor de ondersteuning beoogt is, is daarmee echter niet gehoord of gezien. Daarom heeft SDF een behoefteonderzoek onder sekswerkers uitgevoerd.

Behoefteonderzoek In eerste instantie is vanuit SDF onderzocht of professioneel praktijkonderzoek door een onafhankelijke partij verricht kon worden. In de verdere uitwerking van de verkennende gesprekken bleek dit financieel niet haalbaar. Het project moet vanuit bestaande capaciteit en middelen gedraaid worden, terwijl ook het tijdspad waarbinnen de herziening gereed moet zijn niet veel ruimte toelaat. Daarom is samen met de projectgroep, bestaande uit beleidsambtenaren van vijf Friese gemeenten en twee medewerkers vanuit SDF besloten om zelf een behoefteonderzoek op te zetten. De doelgroep die we willen benaderen, is zeer divers en moeilijk benaderbaar. Er heerst veel stigma en taboe rondom sekswerk. Veel sekswerkers hebben een of meerdere negatieve ervaringen met instanties. Het vaststellen van de beoogde doelgroep en vooral ook de reikwijdte van het onderzoek is samen met de projectgroep uitgewerkt. De verwachting is niet dat we met dit onderzoek alle sekswerkers bereiken, of dat we gevalideerde data kunnen uitbrengen over ‘dé sekswerker in Friesland’. Dit omdat mensen in kwetsbare en/of afhankelijke posities minder snel geneigd of in staat zijn om de vragen te beantwoorden dan de meer zelfredzame mensen. Ook mensen die al teleurgesteld of wantrouwend ten opzichte van de gemeente zijn, zullen wellicht minder geneigd zijn mee te werken aan een onderzoek.

Toch verwachten we dat de informatie ons kan helpen goede inzichten te verkrijgen in wat sekswerkers in Friesland nodig hebben en wat hun ervaringen met het bestaande aanbod zijn, zodat het beleid meer aansluiting kan vinden bij de doelgroep waarvoor het beleid bedoeld is. Het behoefteonderzoek bestaat uit een vragenlijst die anoniem ingevuld kan worden en een bijeenkomst voor sekswerkers, waar onder andere gesprekken gevoerd worden over het huidige aanbod en de wensen voor toekomstig aanbod. Vragenlijst sekswerkers SDF heeft een vragenlijst uitgewerkt in het Nederlands en Engels. Deze lijst is ook in het Spaans vertaald en was bovendien via een QR-code online toegankelijk. Via de prostitutie maatschappelijk werkers, de GGD en steunpunt Xenia zijn de vragenlijsten verspreid onder sekswerkers. De vragenlijst heeft ongeveer 5 weken uitgestaan. De vragenlijst bestaat uit 33 vragen, ingedeeld naar een categorie vragen welke een beeld schetsen over het beroep van de respondent en of de respondent hulp- en/of ondersteuningsvragen heeft (gehad); een categorie over de bekendheid en het aanbod van achtereenvolgens de GGD, Xenia en de prostitutiemaatschappelijk werkers (Fier). In totaal zijn 28 vragenlijsten ingevuld. De antwoorden en gegevens vanuit de vragenlijsten zijn opgenomen in een Excel bestand, waarna ze geanalyseerd zijn.

12

Beleidskader sekswerk

Samenvatting resultaten vragenlijsten Respondenten Van de 28 ingevulde vragenlijsten zijn de meeste ingevuld in het Spaans (16), daarna in het Nederlands (10) en Engels (2). Het merendeel van de respondenten is vrouw (24). De respondenten zijn zowel in stedelijk gebied als in de dorpen werkzaam. De grootste groep respondenten (19) werkt in een club, bordeel of als escort, maar ook respondenten die thuiswerken of geen vaste werklocatie hebben, hebben gereageerd. De meeste respondenten zijn meerdere jaren werkzaam als sekswerker, waarbij het grootste deel tussen de 6-15 jaar aangeeft. Hulpvraag en aanbod Vier respondenten hebben niks ingevuld bij de vraag of zij weleens hulp/ondersteuning nodig hebben gehad. Alle andere respondenten hebben aangegeven wel hulp nodig gehad te hebben. Hulp bij administratie & inkomen en lichamelijke gezondheidszorg zijn het meest aangegeven, gevolgd door hulp bij contact met instanties; persoonlijke omstandigheden; geestelijke gezondheidszorg; en huisvesting. Ook ondersteuning bij juridische vragen en ondersteuning bij wensen en de toekomst is nodig geweest. Het merendeel van de respondenten geeft aan dat het hulpaanbod gemakkelijk te vinden en laagdrempelig toegankelijk is. Hulp werd vooral gevonden via de GGD (11), Fier (4) en Xenia (3).

Daarnaast zijn ook de politie, geestelijke gezondheidszorg, online platforms en Bureau Zelfstandigen Friesland genoemd als vindplaats voor ondersteuning. Twee respondenten geven aan de hulp niet gevonden te hebben. En hoewel aangegeven is dat steunpunt Xenia toegankelijk is, wordt ook genoemd dat niet altijd de juiste antwoorden op de hulpvraag verkregen wordt. Er is beperkt gereageerd op de vraag welke ondersteuning gemist wordt. Uit de antwoorden die wel gegeven zijn, blijkt contact met andere sekswerkers; een veilige verblijfslocatie; hulp bij de taal en bij wijziging van werk nodig te zijn. Respondenten geven verder aan dat ‘echte’ hulp nodig is, gratis SOA testen voor alle leeftijden beschikbaar moeten zijn, dat de inlooptijden ruimer maar ook multidisciplinair moeten zijn en ook dat ondersteuning online of via social media mogelijk moet zijn. Beeldvorming sekswerk Eén respondent geeft aan met discriminatie te maken gehad te hebben bij de niet op sekswerk gespecialiseerde hulpverleners. Vijf respondenten geven aan dat gemeenten het stigma rondom sekswerk moeten aanpakken en dat gemeenten zelf moet stoppen met discriminatie van sekswerkers. Daarbij wordt twee keer expliciet de thuiswerkende sekswerker genoemd: die zou dezelfde rechten moeten hebben als een niet-thuiswerkende sekswerker, zodat bijv.

een urgentieverklaring ontvangen kan worden als diegene wil stoppen met sekswerk. Ook de regels en wetgeving rondom sekswerk moet gemakkelijker en duidelijker vindbaar op de website van de gemeente. Regels rondom vergunningen moeten transparanter en makkelijker en het moet controleerbaar zijn welke sekswerker een vergunning heeft, zonder dat daarbij de privacy in het geding komt. Op de vraag hoe nieuwe sekswerkers het beste bereikt kunnen worden, wordt vooral benoemd dat persoonlijke benadering en het bezoeken van plaatsen waar gewerkt wordt, werkt. Ook wordt concreet de online informatie over regelgeving en ondersteuningsaanbod, maar ook de vindbaarheid van deze informatie genoemd. Ten slotte wordt ook hierbij genoemd dat het maatschappelijk gesprek gevoerd moet worden, omdat sekswerkers een hoge drempel voelen. Steunpunt Xenia Het grootste deel van de respondenten is bekend met steunpunt Xenia en het ondersteuningsaanbod daar. De meesten hebben wel eens gebruik gemaakt van hulp, waarbij vooral gebruik gemaakt werd van de lichamelijke gezondheidszorg (GGD) en ondersteuning rondom vergunningen en belastingen. Daarbij wordt aangekaart dat de hulpverleners bij Xenia laagdrempelig, aardig, open en zonder vooroordelen zijn. Ook is de hulp anoniem. De gezelligheid en het complete aanbod worden eveneens genoemd als reden om Xenia te bezoeken.

Op de vraag of één steunpunt in de provincie voldoende is, is afwisselend gereageerd. Sommige respondenten vinden dat er ook steunpunten moeten zijn op andere locaties waar sekswerkers zijn, terwijl andere respondenten aangeven dat één punt voldoende is. De Weaze als locatie wordt over het algemeen goed bevonden, omdat het centraal gelegen en dichtbij het vergunde gebied in Leeuwarden is. Andere geven echter ook aan dat de locatie onveilig voelt en dat er weinig privacy is, omdat direct duidelijk is waarom je daar bent. Xenia zelf (het pand) is

13

Beleidskader sekswerk

niet goed toegankelijk, door o.a. een steile trap. Ook de beschikbaarheid van de GGD met maar 1 dagdeel per week is genoemd. GGD De GGD is bij bijna alle respondenten bekend (22) en 19 respondenten hebben aangegeven gebruik te maken van het ondersteuningsaanbod van de GGD. Op de vraag wat de GGD meer zou kunnen doen aan ondersteuning, wordt vooral het vaker testen en vaccineren genoemd. Prostitutie maatschappelijk werk Niet alle respondenten (8) zijn bekend met de prostitutiemaatschappelijk werkers die speciaal voor sekswerkers ingezet worden. Van de 28 respondenten hebben 11 wel eens hulp of ondersteuning van de PMW-ers ontvangen. Daarbij ging het met name om hulp bij administratie, Kamer van Koophandel, informatie rondom een baanwissel, huisvesting, medische en financiële vragen. Ook heeft één respondent een melding gemaakt van vermoeden van mensenhandel bij een collega. De redenen die gegeven worden om met een hulpvraag naar een PMW-er te stappen in plaats van een sociaal wijkteam, zijn divers. Uit alle reacties blijkt echter wel vooral het stigma rondom sekswerk, de kennis over sekswerk en de kwetsbaarheid van de doelgroep een grote rol te spelen. Van de PMW-ers wordt aangegeven dat zij met zekerheid begripvol reageren en meer kennis hebben over sekswerk. Ook de combinatie met de medische ondersteuning (GGD) en de nabijheid worden genoemd.

Drie respondenten hebben aangegeven dat zij de bereikbaarheid van de PMW-ers onvoldoende vinden. Deze drie hebben aangegeven als escort of ‘anders’ te werken, waarbij het aannemelijk lijkt dat zij niet vanzelfsprekend in contact komen met het steunpunt op de Weaze of één van de andere locaties waar de PMW-ers standaard langsgaan. De meeste respondenten zijn tevreden over de PMW-ers en het merendeel geeft aan geen redenen te weten om niet bij hen aan te kloppen voor hulp. Eén respondent heeft echter een andere ervaring en geeft aan dat er te lang te veel nadruk gelegd werd op het controleren van de vrijwilligheid om de starten met sekswerk, waardoor de respondent zich niet meer welkom voelde bij de hulpverlening. Stoppen met sekswerk De helft van de respondenten is ooit gestopt met sekswerk. De meest genoemde reden voor het stoppen zijn gezondheidsproblemen, zwangerschap en persoonlijke omstandigheden. Eén van de respondenten heeft aangegeven ooit gestopt te zijn, maar ook weer begonnen te zijn met het werk omdat niet rondgekomen kon worden. Vijf respondenten geven aan niet gestopt te zijn, waarbij één aangeeft dat het vinden van een andere baan moeilijk is in verband met de taal en één respondent het werk juist heel leuk vindt.

Een groot deel van de respondenten (17) in dit onderzoek geeft aan dat zij geen behoefte hebben aan meer informatie of ondersteuning rondom stoppen met werk. Bevindingen Het huidige ondersteuningsaanbod voor sekswerkers is grotendeels bekend en er wordt gebruik gemaakt van alle verschillende diensten. De vragenlijst splitst de ondersteuning op tussen GGD, Xenia en de PMW-ers. Uit een aantal antwoorden blijkt dat niet altijd duidelijk is welke ondersteuning waar hoort. De GGD is overduidelijk voor gezondheid gerelateerde ondersteuning. De scheiding tussen het steunpunt Xenia en de gespecialiseerde PMW-ers is minder duidelijk. Bij de GGD wordt vooral gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot testen en vaccineren, maar ook voor vragen rondom gezondheid, zwangerschap en anticonceptie. Als de GGD meer zou kunnen doen, wordt vooral aangegeven dat meer testen en vaccineren welkom is, alsmede een grotere bereikbaarheid. Uit de antwoorden blijkt dat huisvesting een onderwerp is waarop hulp/ondersteuning benodigd is. Dit blijkt ook uit de subsidierapportages, waarbij blijkt dat het gebrek aan passende huisvesting buiten het werk om een grote belemmering vormt voor het stoppen met sekswerk. Uit de antwoorden blijkt daarentegen ook dat de meerderheid van de respondenten geen behoefte heeft aan meer informatie over stoppen met sekswerk.

Eén van de respondenten heeft aangegeven tevreden te zijn met het werk en dit leuk te vinden. Daarbij is aangegeven dat te veel wantrouwen vanuit de hulpverlening over de vrijwilligheid en/of redenen om te starten met het werk juist averechts werkt; de respondent voelde zich niet meer welkom.

14

Beleidskader sekswerk

Bijlage 2: Observatieverslag NHL Stenden focusgroepbijeenkomst

Uitwerking observatie-opdracht sekswerkers voor Sociaal Domein Fryslan Aanleiding SDF heeft van de Friese gemeenten in december 2024 de opdracht gekregen om de subsidies voor de ondersteuning aan sekswerkers in Friesland, te herzien. De visie op en het doel van de subsidieactiviteiten vanuit de Friese gemeenten stelt dat sekswerk legaal is in Nederland en veel diversiteit kent: van zelfstandige Nederlandse en buitenlandse sekswerkers tot slachtoffers van mensenhandel. De mate van vrijwilligheid varieert sterk. Door de aard van het werk bestaan er kwetsbaarheden, zoals risico op uitbuiting en beperkte sociale controle. De ondersteuning richt zich op empowerment en het verminderen van deze kwetsbaarheden, waarbij het perspectief van de sekswerker centraal staat, behalve in gevallen van aantoonbare dwang of strafbare feiten. De ondersteuning voor sekswerkers in Friesland richt zich op laagdrempelige hulp en empowerment. Dit omvat het bieden van praktische, financiële, juridische en psychosociale steun, het geven van voorlichting over rechten, plichten, gezondheid en participatie, en het signaleren van psychische problemen of misstanden. Sekswerkers die willen stoppen krijgen hulp bij het maken van een duurzaam toekomstplan, inclusief huisvesting, inkomen, netwerk en werktoeleiding.

Daarnaast worden misstanden en signalen van mensenhandel actief gemeld bij de gemeente en de zorgcoördinator mensenhandel. Een ambtelijke (beleids)projectgroep houdt zich bezig met de herijking van de subsidieactiviteiten en is verantwoordelijk voor de beleidsontwikkeling. Vanuit de projectgroep zijn vragenlijsten (papier en digitaal) verspreid onder de sekswerkers in Friesland. De ervaring leert landelijk echter, dat een deel van de doelgroep hiermee niet bereikt wordt. Vanuit de projectgroep is de wens ontstaan om de doelgroep zelf te bevragen naar hun ervaringen met bestaand aanbod en wensen voor (nieuwe/verbeterde) ondersteuning. NHL Stenden is als onafhankelijke partij benaderd om een observatie te verrichten tijdens een ontmoetingsmoment georganiseerd op 25 juni jl. op de locatie van Xenia op de Weaze in Leeuwarden. Sekswerkers zijn uitgenodigd om daar de vragenlijsten in te vullen en in een informele setting is het 15

Beleidskader sekswerk

gelukt om in gesprek te komen met de mensen. Hierbij is gebruik gemaakt van de ondersteuning vanuit een ervaringsdeskundige. Voorbereiding op de observatie NHL Stenden hanteert een design based approach, zowel binnen het onderwijs als binnen het doen van onderzoek. Daarbij is een mensgerichte en participatieve insteek een belangrijk uitgangspunt en voor de voorbereiding is input gevraagd van een ervaringsdeskundige die naast sekswerker ook als deskundige op het gebied van belangenbehartiging voor sekswerkers werkt.

Sekswerkers zien zichzelf overwegend als professionals die serieus genomen willen worden als beroepsgroep, maar ervaren voortdurend spanning door stigma, juridische onzekerheid en maatschappelijke beeldvorming. Binnen de community zelf bestaan zowel trots en solidariteit, als verschillen en ambivalentie: sommige sekswerkers identificeren zich sterk met de beroepsgroep en collectieve strijd, anderen zien het vooral als individueel of tijdelijk werk. Vanuit de belangenorganisaties van sekswerkers worden de schaduwkanten van het werk zoals mensenhandel en uitbuiting gezien, echter dit wordt benoemd als criminaliteit en hebben in de kern niets met het beroep sekswerk te maken. Gezien de diverse samenstelling van sekswerkers, het stigma dat gevoeld wordt en een aarzeling tot het vertrouwen van mensen, is gezocht om voor de observatie een juiste werkvorm en toon te vinden. Er werd sterk geadviseerd om de nadruk op het beroep te leggen en meer indirect over hulpverlening te praten. Omdat de sekswerkers in en uit zouden lopen en tussen het werk door een moment moesten vinden, is gekozen voor een flexibele manier om informatie op te halen, op indirecte en directe wijze. Indirect door middel van posters op de muur waar mensen antwoord op vragen konden geven en direct door in gesprek te gaan of door in te gaan op de vragen bij het invullen van de vragenlijsten.

Het is gelukt om vanuit verbinding en vertrouwen in contact te komen. Er zijn tussen de 20 en 30 vrouwen gesproken, met het vermoeden van twee transvrouwen. Observaties Hieronder zal een vertaling gegeven worden van wat gezien en geconstateerd is: • De informatie die vanuit de ervaringsdeskundige/sekswerker gegeven is en de kennis die zij gaf over belangenbehartiging, had een sterk empowerend effect. De verbinding die zij kon maken verlaagde drempels en de aanwezige hulp- en dienstverleners waren verbaasd hoe ze opeens andere vrouwen voor zich zagen. • De behoefte aan sociale ontmoeting en het gevoel van een echte huiskamer zoals die middag, werd erg gewaardeerd. De behoefte om dit vaker te doen of misschien zelfs wel altijd deze open sfeer te hanteren, werd meermaals herhaald. Er trad bij zowel de sekswerkers als de professionals een ontspanning op, met een positief effect op het contact. Om goed ingang te blijven houden bij de sekswerkers, is meer investeren op sociale ontmoeting aan te bevelen en minder een nadruk te leggen op het functionele. De dienstverlening wordt gewaardeerd,

16

Beleidskader sekswerk

echter het gezien worden gewoon als mens en daarna pas als iemand die misschien hulp nodig heeft, geeft erkenning aan het feit dat sekswerk een beroep is. • De sekswerkers waardeerden erg dat er moeite gedaan werd om hun input op te halen en voelden zich door de aanpak serieus genomen. Ter plekke stimuleerden vrouwen de nog wat onzekere vrouwen om hun bijdrage te leveren. • Er werd meermaals aangegeven dat er behoefte is aan ondersteuning die hen in hun beroep verder kan bekwamen. Dit waren o.a. de volgende zaken: -

Workshop/training omgaan met lastige klanten, werken aan weerbaarheid. Gezondheid, waar moet je op letten en dus in het verlengde van het spreekuur van de GGD

-

meer verdieping geven. Daarbij kan de behoefte nog meer bij de sekswerkers opgehaald worden. Kennis rondom ondernemerschap, financiën/boekhouding, juridisch. Het viel op dat hier erg veel behoefte aan is.

• Verschillende mensen gaven aan meer behoefte aan lotgenotencontact te hebben en door Xenia meer als een echt laagdrempelig punt in te richten, zou dit nog beter gefaciliteerd kunnen worden. Ook is er potentie in de groep zelf om mee te denken en mee te helpen om dit samen te organiseren. Er zijn vrouwen die al een soort van informele buddy-rol hebben en andere (met name jongere) vrouwen steunen, opvangen en kennis overdragen. • De aanwezige kennis van de hulpverleners rondom het inrichten van een andere aanpak, meer outreachend, meer verbindend en participatief werken aan een meer effectieve vorm van ondersteuning, kan verbeterd worden. De aanwezige professionals zijn erg betrokken en hebben vanuit hulpverleningsperspectief zeker kennis in huis. Gezien dat wat hierboven door de sekswerkers wordt aangegeven, is het relevant om de vraag te stellen of het huidige aanbod nog voldoende aansluit. Het vraagt een stap verder maken in de professionalisering dat sekswerkers een beroep is met ook kwetsbare kanten, zodat de sekswerkers anders benaderd worden. Investeren in een training/sessie van de professionals waarin zij echt kunnen loskomen van het bestaande denkkader, kan helpen om duurzaam aan te kunnen sluiten bij wat de doelgroep echt nodig heeft.

• Naar aanleiding van de inbreng van de aanwezige ervaringsdeskundige was zichtbaar dat op deze manier benaderd worden, mensen goed deed. Ze werden gezien, erkend en benaderd op een manier dat ter plekke mensen meer rechtop gingen zitten. Op deze manier empoweren haalt mensen uit het gevoel van schaamte en stigma. • Klankbordgroep. In navolging van andere regio’s/gemeenten zou het effectief kunnen zijn als ook in Friesland de aangeboorde energie en betrokkenheid vanuit de doelgroep wordt benut. Mensen hebben tijdens de bijeenkomst concrete punten aangedragen waar bij het formuleren maar ook het effectueren van beleid voordeel mee gedaan kan worden. Leeuwarden, 30 augustus 2025

17

Beleidskader sekswerk

Ellen de Bruin Projectleider Sociale Innovatie en docent onderzoeker verbonden aan de Academie Gezondheid en Welzijn NHL Stenden

Bronnen: Van der Ploeg, J, Lünnemann, M, De Wildt, R (2024) Hulp- en dienstverlening voor sekswerkers in Utrecht, Verweij-Jonker Instituut Tegen Stigma op het Werk (2022), Sekswerkers Alliantie Destigmatisering www.sekswerkgoedgeregeld.nl

18

Beleidskader sekswerk

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Opsterland&id=bed462ef-baa8-4071-99ae-b39aa1592f24