RV en Verordening Bedrijveninvesteringzone Oosterwolde (BizO) 2026-2031
Tekst van het document
Raadsvoorstel Commissievergadering Titel Portefeuillehouder/Teamleider Extern zaak ID (zaakcode)
: Ruimte & Economie : Verlening BizO winkelgebied Oosterwolde : Jan van Weperen/ Walter Buijs : n.v.t
Datum collegevergadering 11 maart 2025
Voorgesteld besluit De huidige bedrijveninvesteringszone voor het winkelgebied Oosterwolde (BizO) met 5 jaar te verlengen onder de voorwaarde dat uit een nog houden draagvlakmeting blijkt, dat er conform de wet Bedrijveninvesteringszone voldoende steun is bij de ondernemers; Daarvoor de volgende maatregelen te nemen; 1.
De Verordening Bedrijveninvesteringszone Oosterwolde (BizO) 2026- 2031 vast te stellen;
Openbaar Ja, passief via openbaar verslag
Inleiding Op 20 oktober 2020 heeft de raad besloten om Verordening Bedrijveninvesteringszone (BIZ) vast te stellen. Binnen dit vastgestelde gebied heeft de gemeente Ooststellingwerf de bevoegdheid om de BIZ bijdrage te heffen van vastgoed eigenaren en gebruikers. De BIZ bijdrage wordt na aftrek van perceptiekosten als subsidie verstrekt aan de stichting BizO. Daarnaast verstrekt de gemeente een aanvullende subsidie. De subsidies worden gebruikt om de samenwerking in het centrum van Oosterwolde verder vorm te geven en gezamenlijk met eigenaren en gebruikers in te zetten op een sterk regionaal voorzieningenniveau. Afspraken hierover zijn in een uitvoeringsovereenkomst vastgelegd. Het bestuur van Stichting BizO heeft in de afgelopen maanden de wens uitgesproken om de huidige bedrijveninvesteringszone met vijf jaar te verlengen.
Argumenten 1.1 Voldoende draagvlak volgens proefpeiling In de afgelopen maanden is er een proefpeiling gehouden onder deelnemers (gebruikers en eigenaren) in het Biz- gebied. Uit deze informele proefpeiling is gebleken dat het merendeel van deelnemers in het huidige Biz- gebied vóór een verlenging van de huidige BizO is. 1.2 Concrete resultaten Biznessplan 2021-2025 De afgelopen jaren is door alle betrokken partijen hard gewerkt om tot een bloeiend winkelgebied in Oosterwolde te komen. Naast de stevige structuur die is neergezet heeft samenwerking geleid tot het verbeteren van de leefbaarheid en gezelligheid in het centrum. Door daarnaast actief te acteren is de leegstand tot een minimum beperkt. We hebben sprongen gemaakt, maar er zijn nog hordes te nemen.
Gezien de resultaten van de afgelopen Biz-periode vertrouwen we erop dat we met de huidige voortzetting van de Biz een verdere groei en verbetering van Winkelhart Oosterwolde kunnen realiseren. 1.3 Ambities en doelstellingen Als Winkelhart kunnen we op diverse punten echter nog flinke groei behalen. Om ons Winkelhart te kunnen verbeteren is groei in horeca noodzakelijk. Dit zal namelijk ook de gewenste groei in verlenging van de verblijfsduur bewerkstelligen. Ook moeten we blijven inzetten op vergroening van het centrum om klimaatadaptatie en hittestress te voorkomen. Anderzijds is dat ook gelijk een kans om de winkelstraat aantrekkelijker te maken en het bezoekgedrag aangenamer te maken. Hierdoor blijkt dat een consument langer blijft in een groener winkelgebied en daar ook meer besteedt. Conclusie is dat we de op de goede weg zijn. We hebben sprongen gemaakt, maar er zijn nog veel hordes te nemen. Gezien de resultaten van de afgelopen Biz-periode vertrouwen we erop dat we met de huidige voortzetting van de Biz een verdere groei en verbetering van Winkelhart Oosterwolde kunnen realiseren.
Kanttekeningen 1.1 Verordening vaststellen onder voorbehoud draagvlak Voor een goed verloop van draagvlakmeting hebben zowel gemeente als de Stichting BizO er belang bij dat de kiesdrempel van 51% wordt gehaald. De draagvlakmeting zal conform de Wet Bedrijveninvesteringszone worden uitgevoerd. Bij een negatieve uitslag komen alle uitspraken te vervallen. 1.2 Stichting BizO en uitvoeringsovereenkomst Het college zal de verdere uitvoering van de statuten van de Stichting BizO en de uitvoeringsovereenkomst langs de vereisten van de wet leggen.
Financiële toelichting Aan bijdrage van de gebruikers en eigenaren wordt naar verwachting conform het Businessplan €68.000 per jaar opgebracht. Deze bijdragen worden als subsidie betaald aan de Stichting BizO. Voorstel van Stichting BizO is om de tarieven voor de BIZ-bijdrage vanaf 2026 met 15 % te verhogen. Op basis daarvan begroot de stichting een BIZ-bijdrage van circa € 68.000 en een aanvullende gemeente subsidie van € 37.000. Zowel de BIZ-bijdrage als de subsidie zijn als structurele baten en lasten verwerkt in de begroting. De begroting wordt waar nodig aangepast aan de daadwerkelijke bijdragen van eigenaren en gebruikers. Sustainable Development Goals (SDG’s) De Sustainable Development Goals (SDG’s) zijn de 17 ontwikkelingsdoelen die zijn opgesteld door de Verenigde Naties om te werken richting een duurzame toekomst. Als Global Goals-gemeente zetten wij ons actief in voor de implementatie van de SDG's op lokaal niveau. Samenwerking met ondernemers in het centrum en het blijvend versterken van het regionale voorzieningenniveau draagt in ieder geval bij aan de SDG's 3,8,9,11 en 13.
• • • • •
Goede gezondheid en welzijn: Zorgen voor een gezond leven, een gevarieerd aanbod in het centrum en een fijne plek om te verblijven; Waardig werk en economische groei: Bevorderen van economische groei en werkgelegenheid en het bieden van diversiteit als het gaat om aanbod winkels; Industrie, innovatie en infrastructuur: Veerkrachtige infrastructuur bouwen en behouden, het bevorderen van de leefbaarheid in het centrum; Klimaatactie: Maatregelen nemen om klimaatverandering en haar impact te bestrijden door toepassing van groen in de winkelstraat; Duurzaamheid: Het bevorderen van duurzame praktijken in alle aspecten van het leven, van energiegebruik tot landbouw en industrie, om de planeet te beschermen voor toekomstige generaties
Inwonersparticipatie Bij positief besluit door de gemeenteraad zal de formele draagvlakmeting starten. De eigenaren en gebruikers van de bedrijfspanden worden schriftelijk uitgenodigd om te stemmen over de invoering van de BizO. Na stemming stelt het college bij besluit vast of er voldoende steun is. De raad zal hier middels een mededeling in meegenomen worden.
Samenvatting voor de Openbare besluitenlijst Het bestuur van Stichting BizO heeft in de afgelopen maanden de wens uitgesproken om de huidige bedrijveninvesteringszone met vijf jaar te verlengen. De raad heeft besloten, indien er voldoende draagvlak is om hieraan mee te werken.
Vervolg Bekendmaking vinden plaats op de gebruikelijke wijzen. Het college zal via een draagvlakmeting vaststellen of er BizO met 5 jaar verlengd kan worden. Planning & communicatie Uitslag van de draagvlakmeting wordt gedeeld met alle gebruikers, eigenaren en de gemeenteraad. Evaluatie De verordening geldt voor een beperkte tijd, namelijk vijf jaar. Als daarna de voorzetting van deze regeling gewenst is, dan zal hierover een voorstel aan u worden voorgelegd. Ook dan is wederom een draagvlakmeting vereist.
Extern zaak ID (zaakcode) : De raad van de gemeente Ooststellingwerf; nr. gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van ; 11 maart 2025 gelet op Artikel 1 van de Wet op bedrijveninvesteringszones; overwegende dat, • De raad de huidige Biz- verordening kan verlengen; • Het verzoek komt van de eigenaren/ gebruikers.
Besluit vast te stellen;
VERORDENING BEDRIJVENINVESTERINGSZONE OOSTERWOLDE (BizO) 2026-2031
Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: bedrijveninvesteringszone: het op de bij deze verordening behorende kaart aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven; college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente; uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en Stichting BizO op gesloten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet; Wet op de bedrijveninvesteringszones. Stichting: stichting BIZO
Hoofdstuk II Belastingbepalingen Artikel 2 Belastbaar feit en aard van de belasting 1. Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen. 2. De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone.
Artikel 3 Voorwerp van de belasting 1 . Voorwerp van de belasting is een onroerende zaak.
2 . Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 4 Belastingplicht 1 De BIZ-bijdrage wordt geheven van: a b
2
de gebruiker, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaak gebruikt; de eigenaar, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft van een in de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaak.
Voor de toepassing van dit artikel wordt: a
b
c
gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie die onroerende zaak ter beschikking is gesteld; als eigenaar aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.
Artikel 5 Maatstaf van heffing 1 De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde zoals deze geldt voor het kalenderjaar. 2
Indien met betrekking tot de onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.
Artikel 6 Vrijstellingen 1 In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a
voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken;
b
glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond;
c
onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard;
d
één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928, met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen;
e
natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden;
f
openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken;
g
waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige wen als woning;
h
werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;
i
werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken;
j
onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst van de gemeente;
k
straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen;
l
plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht;
m begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van
zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
n
onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs;
o
onroerende zaken die worden beheerd door een vereniging of stichting die geen onderneming drijft, voor zover die objecten bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs, voor club- en buurthuiswerk, voor de beoefening van sport, kunst of cultuur, of voor andere activiteiten van sociale of culturele aard;
p
onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst ter zake van brandweerzorg, rampenbeheersing, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening in de regio en de handhaving van de openbare orde en veiligheid.
2 In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de BIZ-bijdrage van de gebruiker buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 7 Tarief BIZ-bijdrage Het tarief van de BIZ-bijdrage bedraagt: a voor de gebruiker, bij een waarde van:
b
i niet meer dan € 100.000:
€ 172,50
ii meer dan € 100.000, maar niet meer dan € 200.000:
€ 287,50
iii meer dan € 200.000, maar niet meer dan € 300.000:
€ 431,25
iv meer dan € 300.000, maar niet meer dan € 400.000:
€ 575,00
v meer dan € 400.000, maar niet meer dan € 500.000:
€ 690,00
vi meer dan € 500.000:
€ 862,50.
voor de eigenaar, bij een waarde van: i niet meer dan € 100.000:
€ 172,50
ii meer dan € 100.000, maar niet meer dan € 200.000:
€ 287,50
iii meer dan € 200.000, maar niet meer dan € 300.000:
€ 431,25
iv meer dan € 300.000, maar niet meer dan € 400.000:
€ 575,00
v meer dan € 400.000, maar niet meer dan € 500.000:
€ 690,00
vi meer dan € 500.000:
€ 862,50.
Artikel 8 Wijze van heffing De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven. Artikel 9 Termijnen van betaling 1 In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 worden de aanslagen betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de volgende termijnen telkens een maand later. 2 Indien voor de betaling van de verschuldigde heffingen een machtiging voor automatische incasso is afgegeven, gelden dezelfde termijnen als genoemd in het eerste lid. 3 De machtiging voor automatische incasso zoals genoemd in het derde lid, wordt geacht niet te zijn verleend indien gedurende de looptijd van de automatische incasso twee termijnen worden gestorneerd, dan wel de incassomachtiging door de belastingschuldige of de rekeninghouder tussentijds wordt ingetrokken. In dat geval treedt het tweede lid met onmiddellijke ingang in werking. 4 De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel 10 looptijd belastingheffing De BIZ-bijdrage wordt ingesteld voor een periode van 5 jaar.
Hoofdstuk III subsidiebepalingen Artikel 11 Buiten toepassing algemene subsidieverordening Op de subsidie op grond van deze verordening is de geldende Algemene Subsidieverordening Ooststellingwerf (ASVO) niet van toepassing. Artikel 12 Aanwijzing [vereniging/stichting] Stichting BIZO wordt aangewezen als de stichting bedoeld in artikel 7 van de wet, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt verplicht moeten worden verricht. Artikel 13 Subsidieverlening 1 De subsidie wordt jaarlijks door het college verleend aan de stichting voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst. De subsidie wordt verleend op een daartoe gedane aanvraag, die vergezeld moet gaan van de in de uitvoeringsovereenkomst genoemde stukken. 2
De subsidie wordt bepaald op de jaarlijks ontvangen BIZ-bijdragen verminderd met de perceptiekosten voor de heffing en invordering van de BIZ-bijdragen zoals opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst.
Artikel 14 Subsidieverplichtingen Naast de in artikel 4:37 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde verplichtingen kunnen aan de vereniging ook andere doelgebonden verplichtingen worden opgelegd. Deze verplichtingen zijn opgenomen in de met de vereniging gesloten uitvoeringsovereenkomst. Artikel 15 Subsidievaststelling 1 De vereniging is verplicht om binnen 5 maanden na afloop van het subsidiejaar de in de uitvoeringsovereenkomst opgenomen stukken te overleggen. 2
De subsidie wordt vastgesteld uiterlijk 3 maanden na ontvangst van de in het voorgaande lid genoemde stukken.
Artikel 16 Melding van relevante wijzigingen De vereniging stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte van: - meer dan ondergeschikte veranderingen in haar financiële situatie, - een wijziging van de statuten, en - verandering of beëindiging van activiteiten.
Hoofdstuk IV Slotbepalingen Artikel 17 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026. Artikel 18 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: VERORDENING BEDRIJVENINVESTERINGSZONE OOSTERWOLDE (BizO) 2026-2031
Besloten in de openbare vergadering van 22 april 2025.
, griffier.
, voorzitter.