Nr. 889 Mededeling aan de Raad - Beantwoording aanvullende vragen fractie Ter Heide over de Blughut
Tekst van het document
Beantwoording vragen Ter Heide - Blughut Van
:
Burgemeester en wethouders
Datum B&W
:
1 juni 2021
Onderwerp
:
Beantwoording aanvullende vragen fractie Ter Heide over de Blughut
Portefeuillehouder
:
Fimke Hijlkema
Domein
:
Ruimte
Fractie Ter Heide heeft ons op 11 mei 2021 aanvullende schriftelijke vragen gesteld over het Blughut terrein. Hierbij ontvangt u onze beantwoording. 1. Het antwoord op vraag 1 is onbevredigend en nauwelijks te geloven. Heeft het college hier inderdaad geen herinnering meer aan? We hebben getracht de feiten van negen jaar geleden te achterhalen, hier is echter geen schriftelijke vastlegging van teruggevonden dus deze informatie - de reden hiertoe - is ons helaas onbekend. 2. Wie zijn de partijen genoemd bij het antwoord op vraag 2? En wanneer is ‘toen’? Om welk belang gaat het hier? U heeft in de ontwikkelovereenkomst kunnen zien wie deze partijen zijn. ‘Toen’ was ten tijde van het sluiten van de ontwikkelovereenkomst. Het belang waarop in onze beantwoording van 6 april jl. gedoeld wordt is het onderhandelingsperspectief en het kader van ‘betrouwbare overheid’ 3. Was Plaatselijk Belang Oldeberkoop partij bij de onderhandelingen aanwezig? Deze vraag komt voort uit de verwijzing bij het antwoord op vraag 4 naar het antwoord op vraag 2. Zie hiervoor het bovenstaande antwoord (vraag 2), de raad heeft inzage gehad in de ontwikkelovereenkomst waarin betrokken partijen worden genoemd. 4.
Houdt het college vol dat de verkoop heeft plaatsgevonden voor een marktconforme prijs? De verkoop past binnen het kader van de Nota Grondprijzen waarbij er - voor het eerst gebruik is gemaakt van de residuele grondprijsberekening. 5. Heeft de raad ooit besproken of besloten dat in dit geval voor het eerst de residuele waarde zou worden toegepast en wat de gevolgen voor de verkoopprijs zouden zijn? Nee, het betreft hier uitvoering en bevoegdheid van het college passend binnen het - door de raad vastgestelde - kader van de Nota Grondprijzen.
6. Waarom is er ondanks diverse verzoeken daartoe van mijn kant nog steeds geen duidelijke mededeling gekomen over het verloop van het gesprek van de wethouder met Zethoven? (De mail hierover die via de griffie naar mij is gestuurd is nietszeggend.) We hebben mondeling verslag gedaan van de uitkomsten van het gesprek met de ontwikkelaar, ook na de vraag van de heer Ter Heide om nogmaals de vraag naar openbaarheid voor te leggen aan de ontwikkelaar, is er nogmaals contact geweest met de ontwikkelaar over de openbaarheid. Wij hebben nimmer toegezegd met een schriftelijke mededeling te komen over de gevoerde telefoongesprekken. Deze zijn overigens ook niet schriftelijk vastgelegd. 7. Is het antwoord op vraag 8 geen bevestiging van mijn conclusie dat er feiten zijn die om welke reden dan ook niet in de openbaarheid mogen komen? Nee, dit is niet het geval. Zoals u weet is vanuit het onderhandelingsperspectief en in het kader van ‘betrouwbare overheid’ gekozen om de overeenkomst niet zomaar in de openbaarheid te brengen.