Bijlage - Thema-avond Financiën Jeugdhulp
Tekst van het document
Oplegger Thema-avond Jeugdzorg 17 september 2024
Inleiding In deze bijlage wordt een toelichting gegeven over de oorzaken van het financiële tekort en wordt op hoofdlijnen beschreven welke acties er worden uitgezet om de kosten binnen de jeugdhulp in de gemeente Ooststellingwerf te beïnvloeden en verminderen. Deze bijlage behoort bij de Thema-avond Financiën Jeugdzorg van 17 september 2024. Aanleiding De inzet van jeugdhulp laten al enige jaren een forse stijging zien in de gemeente Ooststellingwerf, zowel in complexiteit als in intensiteit. Hierdoor nemen de kosten ook fors toe, zoals te zien in tabel 1. Zoals op 15 februari 2024 aan u medegedeeld, kenden we in 2023 een overschrijding van jeugdhulplasten van €1,6 miljoen. Ten opzichte van de prognose (september 2023) is dit een afwijking van € 1,35 miljoen.
Analyse Grip krijgen op de jeugdkosten In de rapportage Grip krijgen op de jeugdkosten, gedateerd 7 maart 2024, hebben wij u meegenomen in de uitkomsten van een analyse naar de jeugdhulpkosten over de 2019-2022. Uit deze analyse kwam dat een belangrijke reden van de stijging van de jeugdhulplasten is dat jeugdigen in onze gemeente lang in zorg blijven. Dat betekent jaarlijks instroom, en weinig uitstroom. Het aandeel van de nieuwe instroom in het totaal aantal jeugdigen met jeugdzorg in onze gemeente is afgenomen van bijna 50% in 2019 naar 35% in 2022. Dit betekent dat het uitblijven van de uitstroom zorgt voor een stijging van de jeugdzorgkosten. Er is een landelijke trend dat sinds 2015 de trajectduur van jeugdhulp is toegenomen. Dit zien wij dus ook in onze gemeente. Aangezien de gemeente Ooststellingwerf niet uniek is in het tekort bij jeugdzorgkosten, is er eerst gekeken welke verklaringen er landelijk worden gegeven en daarna gekeken of deze voor de gemeente Ooststellingwerf relevant zijn: 1. Landelijke beweging van residentiële zorg naar andere vormen van (niet residentiële) ondersteuning. Dit gaat voor de gemeente Ooststellingwerf niet op: er is juist een toename van residentiële zorg. 2. Moeilijk om te sturen op andere verwijzers dan de gemeente zelf.
Het is een gegeven dat het moeilijk is om grip te krijgen op de andere verwijzers dan de gemeente, terwijl de gemeente wel aan de lat staat voor de financiering van alle jeugdhulp. Er zijn een aantal partijen die mogen verwijzen naar jeugdhulp, waaronder de huisarts, medisch specialist, jeugdarts en rechter. Landelijk gezien is de huisarts overigens de grootste verwijzer naar jeugdzorg. In onze
gemeente komen de meeste hulpvragen echter binnen via de gemeente en in gevolg doet de gemeente jaarlijks de meeste verwijzingen naar jeugdzorg (resulterend in het grootste aandeel in de kosten, zoals hier te zien). Wij zullen u later laten zien waarom in onze gemeente de huisarts niet de grootste verwijzer is. 3. Mate van effectiviteit van de geboden hulp. Een groot deel van de trajecten in onze gemeente wordt verlengd. Vooral duurzame trajecten, die in 70% van de gevallen wordt verlengd. Deze groep loopt het risico om langdurig afhankelijk te zijn van jeugdhulp (terwijl Jeugdwet als doel heeft om jeugdigen en/of ouder(s) zo snel mogelijk zelfredzaam te maken, gericht op eigen kracht). Ook blijkt een kwart van de cliënten in de jaren 2019-2022 meer dan 3 voorzieningen toegekend te hebben gekregen. Het hoge aantal voorzieningen dat per persoon wordt afgegeven lijkt daarmee weinig resultaat op te leveren. Conclusie was dat de effectiviteit van jeugdhulp en daarmee samenhangend de langdurige behandeltijd de grootste oorzaak lijkt te zijn van de stijging van jeugdzorgkosten in Ooststellingwerf. Op basis van deze analyse zijn begin 2024 een aantal maatregelen opgesteld om meer grip te krijgen op jeugdzorgkosten. Hiervan heeft u in de rapportage van 7 maart 2024 kennis kunnen nemen.
Stand van zaken 2024 Naar aanleiding van het tekort op de jeugdhulp bij de jaarrekening 2023 is de begroting 2024 bijgesteld bij de voorjaarsrapportage met 2,3 miljoen. Met de genomen maatregelen verwachten we een besparing te kunnen realiseren, oplopend naar €1,2 miljoen euro in 2027. Deze besparing is gebaseerd op een aantal uitgangspunten en is gericht op een andere manier van werken, en vraagt daarom tijd om ze goed te implementeren. Belangrijk om te vermelden is dat er in de prognose nog geen rekening is gehouden met de nieuwe inkoopsystematiek Specialistische Jeugdhulp en de conversie van de oude naar de nieuwe systematiek. Aangezien de oude en de nieuwe systematiek niet één op één overeenkomen, is er een onzekerheid rondom de prognose. In 2024 houden we om die reden een monitor+ met de nieuwe inkoop maandelijks bij.