CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage B Mededeling aan de Raad Meicirculaire 2024

Raadsvergadering 9 juli 2024, gemeente OoststellingwerfBij agendapunt: Kaderbrief 2025-20281.534 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage B bij de mededeling aan de raad “meicirculaire 2024” 1. Toelichting structurele effecten meicirculaire 2024 2024

2025

2026

2027

2028

60.211 61.982 1.771

60.436 63.197 2.761

55.705 59.668 3.963

56.199 60.172 3.973

56.729 60.829 4.100

Correctie incidentele baten AU

-219

0

0

0

0

Structureel gevolg baten AU

1.552

2.761

3.963

3.973

4.100

340 0 313 0 60 324 48 467

1.255 0 0 791 62 233 49 371

2.366 978 0 0 59 220 46 294

2.356 975 0 0 61 207 46 328

2.312 976 0 0 63 231 46 472

1.552

2.761

3.963

3.973

4.100

bedra gen x € 1.000

Decembercirculaire 2023 Meicirculaire 2024

a b c d e f g h

Analyse structurele baten Loon- en prijsontwikkeling Opschalingskorting BCF Besparingsverlies jeugd Aanpak schulden Participatie Werkdrukverlaging jeugdbescherming Overige- en hoeveelheidsverschillen

De toelichting van de incidentele baten bij de meicirculaire 2024 staat verderop (punt 2). 1a. Loon- en prijsontwikkeling (inclusief volume-accres) In 2023 zijn het kabinet en de gemeenten overeengekomen dat het gemeentefonds vanaf 2027 wordt geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). De volumeontwikkeling wordt gebaseerd op een 8-jaars (historisch) gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp. De verwachting is dat de accressystematiek hierdoor minder schommelt. Dit voorjaar is afgesproken dat deze systematiek al vanaf 2024 ingaat. Omdat dit nadeliger uitpakt voor gemeenten, worden ze hiervoor gecompenseerd, afgezien van een eenmalige korting van € 675 miljoen in 2025. In de meicirculaire 2024 is de nieuwe financieringssystematiek vervroegd van 2027 naar 2024. Het betekent dat de koppeling van het accres aan de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp) per 2024 al is ingevoerd. Het volume-accres wordt vanaf 2024 gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bbp. Dit heeft tot gevolg dat de tranches voor de jaren 2024 en 2025 lager zijn dan in de Miljoenennota 2024. Ook zijn de tranches voor de jaren 2024 en 2025 structureel opgenomen in plaats van incidenteel. Hierdoor is het volume accres voor de jaren 2024 en 2025 lager dan in de septembercirculaire 2023 en vanaf 2026 en verder hoger.

In de Kaderbrief 2025-2028 hebben we aangegeven dat we het volledige bedrag wat wordt ontvangen voor loon- en prijsontwikkeling willen reserveren voor de indexaties (conform de uitgangspunten) die in de begroting 2025 moeten worden verwerkt. De loon- en prijsontwikkeling voor 2024 e.v. vanuit de meicirculaire is € 2,3 miljoen. Dit is ook verwerkt bij onderdeel 3. Compensaties. Bij het opstellen van de begroting 2025 komt er duidelijkheid op de daadwerkelijke indexaties die moeten worden doorgevoerd. Bij de analyse van de begroting wordt hier dan uitleg over gegeven. Onze huidige inschatting is dat het bedrag voldoende is voor de indexaties. 1

1b. Opschalingskorting Sinds 2015 is er een korting toegepast op het gemeentefonds als gevolg van de opschalingskorting. De korting loopt op tot € 975 miljoen in 2026. Deze korting is indertijd opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden kunnen besparen. Tot 2019 is de stand van de opschalingskorting € 300 miljoen. Voor de periode 2020-2025 is dit bevroren. In de meicirculaire 2024 is de oploop van de opschalingskorting vanaf 2026, een structurele uitname van € 675 miljoen, geschrapt. Dit betekent een structureel voordeel van € 978.000 voor ons. 1c. BTW compensatiefonds (BCF) Gemeenten kunnen de btw die ze moeten betalen declareren bij het Rijk via het Btwcompensatiefonds. Dit fonds kent echter een plafond. Declareren de gezamenlijke gemeenten méér dan er in het Btw-compensatiefonds beschikbaar is, dan moet het gemeentefonds bijpassen. Blijft er geld over, dan vloeit dit terug naar het gemeentefonds. Bij de septembercirculaire 2023 is er al een voorschot van € 359 miljoen uitbetaald. De definitieve afrekening over 2023 is € 573 miljoen onder het plafond. Dus nu wordt het resterende deel toegevoegd aan het gemeentefonds. Dit betekent voor Ooststellingwerf € 313.000. 1d.

Besparingsverlies jeugd In de meicirculaire 2024 is opgenomen dat de geraamde extra besparing van het Rijk van € 500 miljoen voor 2025 komt te vervallen, omdat de maatregelen die tot besparing moeten leiden nog niet zijn gerealiseerd. Dit levert voor 2025 een voordeel op van € 791.000. In de kaderbrief 2025 hebben wij reeds de besparing (lagere lasten) als gevolg van de hervormingsagenda laten vervallen. 1e. Aanpak schulden en armoede Vanuit de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden, die in juli 2022 aan de Tweede Kamer is gepresenteerd, heeft het kabinet via het gemeentefonds € 40 miljoen aan structurele middelen beschikbaar gesteld voor betere dienstverlening. Deze middelen zijn in 2023 incidenteel aan gemeenten toegekend. Vanaf 2024 gebeurt dit structureel, zodat gemeenten beter in staat zijn om strategisch en doelgericht te handelen en hun activiteiten uit te breiden. Denk aan verdubbeling van het gebruik van schuldhulpverlening en bevordering van activiteiten om armoede onder kinderen te bestrijden. Wij stellen u voor dit ook weer beschikbaar te stellen, zie ook onderdeel 3. Compensaties. 1f. Participatie Zoals gebruikelijk is bij de meicirculaire de integratie-uitkering Participatie aangepast. Naast de loon- en prijsbijstelling zijn er mutaties als gevolg van tegemoetkoming sociaal ontwikkelbedrijven, beschut werk en de bijdrage voor de WSW is geëxtrapoleerd. 1g.

Werkdrukverlaging jeugdbescherming In oktober 2023 hebben het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) en de VNG een bestuurlijk akkoord gesloten over het verlagen van de werkdruk in de uitvoering van de jeugdbescherming en jeugdreclassering door de gecertificeerde instellingen (GI’s). Hiervoor is € 60 miljoen benodigd. In het bestuurlijk akkoord is afgesproken dat het ministerie van JenV vanaf 2024 structureel jaarlijks € 30 miljoen bijdraagt aan deze werkdrukverlaging. Het bestuurlijk akkoord is van kracht, tot het moment dat een wettelijke regeling voor het Toekomstscenario of een wettelijke regeling voor een landelijk tarief voor maatregelen van jeugdbescherming en jeugdreclassering in werking treedt, al dan niet als onderdeel van een wettelijke regeling ter implementatie van de Hervormingsagenda. Met het bestuurlijk akkoord 2

zijn afspraken gemaakt hoe gemeenten en GI’s aan de hand van het inlooppad stapsgewijs toewerken naar het landelijk tarief. Met dit inlooppad wordt het landelijk tarief en de daarbij passende werkdruk zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 1 januari 2026 gerealiseerd. Wij stellen u voor dit ook weer beschikbaar te stellen, zie ook onderdeel 3. Compensaties. 1g. Overige- en hoeveelheidsverschillen De maatstaven zijn geactualiseerd naar de laatst bekende gegevens. Dit leidt dan tot hoeveelheidsverschillen. En daarnaast zijn er kleine overige verschillen. 2. Incidentele baten meicirculaire 2024

a b

bedra gen x € 1.000

2024

2025

2026

2027

2028

Incidentele baten Omgevingswet Uitvoeringskosten Lbv

212 7

0 0

0 0

0 0

0 0

219

0

0

0

0

2a. Omgevingswet In 2024 ontvangen de gemeenten € 71,5 miljoen voor de uitvoeringskosten van de Omgevingswet. Met deze middelen kunnen de gemeenten ervoor zorgen dat ze aangesloten, geoefend en ingeregeld zijn en voldoen aan de in de Omgevingswet gestelde eisen. Een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten in kaart worden gebracht, volgt nog. Op de aanvullende post bij het ministerie van Financiën staat nog een reservering van in totaal ruim € 80 miljoen in 2025 voor gemeenten. Deze middelen zullen naar verwachting in een volgende circulaire worden toegevoegd aan het gemeentefonds. De gemeenten ontvangen een uitkering op basis van een vast bedrag (15% van het totaal), het aantal inwoners (60%) en landoppervlak (25%). Wij stellen u voor dit bedrag toe te voegen aan de reeds beschikbare middelen voor de Omgevingswet, zie ook onderdeel 3. Compensatie. 2b. Uitvoeringskosten Landelijke beëindigingsregeling veehouderij locaties (Lbv) Sinds 3 juli 2023 zijn de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) en de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties met piekbelasting (Lbv-plus) opengesteld, waarmee ondernemers subsidie kunnen ontvangen om hun veehouderijlocatie(s) te beëindigen. De doelstelling van deze subsidieregelingen is om de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden te verminderen.

De subsidieregelingen brengen werkzaamheden voor gemeenten, als het bevoegd gezag, met zich mee. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) wil deze gemeenten daarin ondersteunen. In totaal is een bedrag van € 7 miljoen beschikbaar voor deze decentralisatie uitkering. De gemeenten kunnen de middelen beleids- en bestedingsvrij inzetten. Deze bijdrage wordt beschikbaar gesteld op basis van door Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) tot en met 2 februari 2024 verleende (positieve) beschikkingen (€ 7.000 per locatie). Wij stellen u voor dit bedrag weer voor dit doel beschikbaar te stellen, zie ook onderdeel 3. Compensatie.

3

3. Voorgestelde compensatie

a b c d e

bedra gen x € 1.000

2024

2025

2026

2027

2028

Compensatie Loon- en prijsontwikkeling Aanpak schulden Werkdrukverlaging jeugdbescherming Omgevingswet Uitvoeringskosten Lbv

0 -60 -48 -212 -7

-2.300 -62 -49 0 0

-2.300 -59 -46 0 0

-2.300 -61 -46 0 0

-2.300 -63 -46 0 0

-327

-2.411

-2.405

-2.407

-2.409

-108 -219 -327

-2.411 0 -2.411

-2.405 0 -2.405

-2.407 0 -2.407

-2.409 0 -2.409

Uitgesplitst naar structureel en incidenteel Compensatie structureel Compensatie incidenteel

3a. Loon- en prijsontwikkeling Zie het gestelde onder 1a. 3b. Aanpak schulden en armoede Zie het gestelde onder 1e. 3c. Werkdrukverlaging jeugdbescherming Zie het gestelde onder 1g. 3d. Omgevingswet Zie het gestelde onder 2a. 3e. Uitvoeringskosten Lbv Zie het gestelde onder 2b.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=bdfb5695-3cde-43c4-9455-50ce292b5b46